Bijlage 1 Protocol accountantscontrole 2025
Tekst van het document
Protocol voor de accountantscontrole t.b.v. de jaarrekening 2025 van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht 1. Inleiding De gemeenteraad heeft Verstegen accountants en belastingadviseurs opdracht verstrekt de accountantscontrole als bedoeld in art 213 Gemeentewet (GW) voor de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht uit te voeren. Object van controle is de jaarrekening 2025 en daarmede tevens het fnanciile beheer over het jaar 2025 zoals uitgeoefend door of namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hendrik-Ido- Ambacht. 1.1 Doelstelling Het controleprotocol heeft als doel nadere aanwijzingen te geven aan de accountant over de reikwijdte van de accountantscontrole, de daarvoor geldende normstellingen en de te hanteren goedkeurings- en rapporteringtoleranties en de door de raad gewenste specifeke aandachtspunten voor de controle van de jaarrekening 2025 van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht. 1.2 Wettelijke kader De gemeenteraad stelt in het laatste kwartaal van 2025 de meest recente verordening vast zoals beschreven in art 213 GW voor de controle op het fnancieel beheer en op de inrichting van de fnanciile organisatie van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht. Tevens wordt het normenkader 2025 tijdens deze raadsvergadering vastgesteld. De accountant stelt de getrouwheid van de jaarrekening, inclusief de rechtmatigheidsverantwoording als onderdeel van de jaarrekening, vast.
In de controleverklaring wordt geen afzonderlijk oordeel meer gegeven over het aspect van de rechtmatigheid. Het college van B&W neemt de rechtmatigheidsverantwoording op in de jaarrekening. De accountant zal toetsen of de jaarrekening getrouw is, en toetst daarbij dus ook of de rechtmatigheidsverantwoording een getrouwe weergave geeft. De controle van de jaarrekening door de accountant is gericht op het afgeven van een oordeel over: De getrouwe weergave van de in de jaarrekening gepresenteerde baten en lasten en de activa en passiva; De getrouwheid van de door het college afgegeven rechtmatigheidsverantwoording; 2. Algemene uitgangspunten voor de controle (getrouwheid én rechtmatigheid) In art. 213 GW zijn de voorschriften opgenomen waarop de controle van de accountant zich dient te rechten. De regels die bij of krachtens Algemene maatregel van bestuur worden gesteld op grond van artikel 213, lid 6 GW evenals de Nadere voorschriften Controle en overige standaarden (NV COS) zijn bepalend voor de uit te voeren werkzaamheden.
3. Te hanteren goedkeurings- en rapporteringstoleranties De goedkeurings- en rapporteringstoleranties voor het controlejaar zijn overeenkomstig de minimumeisen zoals in het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO) is opgenomen. 4. Rechtmatigheid In het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO) wordt het begrip rechtmatigheid nader gedefnieerd als “het voldoen aan wet- en regelgeving relevant voor het fnanciile beheer en verantwoording”. Deze normering ligt vast in het Besluit begroting en verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV), de verordeningen van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht, specifeke controleprotocollen en andere relevante externe en interne wet- en regelgeving. In het Intern Controleplan rechtmatigheid is het normenkader rechtmatigheid en het daaronder liggende toetsingskader opgenomen. 5. Overige attentiepunten voor de controle van de jaarrekening - Grondexploitatie en investeringen De Volgerlanden 6. Controleaanpak en wijze van rapportering door de accountant In de opdrachtbevestiging van de accountant zijn de controleaanpak en de wijze van rapportering door de accountant opgenomen. 6.1 Verslag uit bevindingen Overeenkomstig de Gemeentewet wordt omtrent de controle een verslag van bevindingen uitgebracht aan de raad en in afschrift aan het College van Burgemeester en Wethouders.
In het verslag van bevindingen wordt gerapporteerd over de opzet en uitvoering van het fnanciile beheer en of de beheersorganisatie een getrouw en rechtmatig fnancieel beheer en een rechtmatige verantwoording daarover waarborgen. 6.2 Uitgangspunten voor de rapportagevorm Gesignaleerde onrechtmatigheden worden toegelicht, gespecifceerd naar de aard van het criterium (begrotingscriterium, voorwaardencriterium, etc.). Fouten of onzekerheden die de rapporteringstolerantie als bedoeld in paragraaf 3 van dit controleprotocol overschrijden, worden weergegeven in een apart overzicht bij het verslag van bevindingen. De accountant rapporteert ook over eventuele bevindingen met betrekking tot de betrouwbaarheid en de continuïteit van de door de gemeente gehanteerde geautomatiseerde informatieverzorging. 6.3 Controleverklaring van de onafhankelijke accountant In de controleverklaring wordt op een gestandaardiseerde wijze, zoals wettelijk voorgeschreven, de uitkomst van de accountantscontrole
weergegeven, zowel ten aanzien van de getrouwheid als de rechtmatigheid. Deze controleverklaring is bestemd voor de gemeenteraad, zodat deze de door het college van burgemeester en wethouders opgestelde jaarrekening kan vaststellen.
Bijlagen Protocol voor de accountantscontrole t.b.v. de jaarrekening 2025 van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht Toelichtingen bij de paragrafen. 2. Algemene uitgangspunten voor de controle (getrouwheid én rechtmatigheid) Zoals in art 213 GW is voorgeschreven zal de accountantscontrole van de in artikel 197 GW bedoelde jaarrekening uitgevoerd worden door de accountant. De accountantsverklaring geeft op grond van de uitgevoerde controle aan of: De jaarrekening een getrouw beeld geeft van zowel de baten en lasten als de grootte en samenstelling van het vermogen; De baten en lasten, alsmede de balansmutaties met betrekking tot specifeke uitkeringen als bedoeld in artikel 17 van de Financiileverhoudingswet rechtmatig tot stand zijn gekomen; De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels, bedoeld in artikel 186 en Het jaarverslag met de jaarrekening verenigbaar is. De getrouwheid van de door het college afgegeven rechtmatigheidsverantwoording; De bijlage bij de jaarrekening met verantwoordingsinformatie over specifeke uitkeringen, bedoeld in artikel 58a van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (SiSa).
Bij de controle zullen de nadere regels die bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden gesteld op grond van artikel 213, lid 6 GW evenals de Nadere voorschriften Controle en overige standaarden (NV COS) bepalend zijn voor de uit te voeren werkzaamheden. Onder rechtmatigheid wordt begrepen de defnitie volgens het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO) dat de in de rekening verantwoorde lasten, baten en balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen, dat wil zeggen “in overeenstemming zijn met de begroting en met de van toepassing zijnde wettelijke regelingen, waaronder gemeentelijke verordeningen”. Collegebesluiten omtrent bedrijfsvoering worden niet in de rechtmatigheidscontrole betrokken. 3. Te hanteren goedkeurings- en rapporteringstoleranties De accountant accepteert in de controle bepaalde toleranties en richt de controle daarop in. De accountant controleert niet ieder document of iedere fnanciile handeling, maar richt de controle zodanig in dat voldoende zekerheid
wordt verkregen over het getrouwe beeld van de jaarrekening en de rechtmatigheid van de verantwoorde baten en lasten en balansmutaties en fnanciile beheershandelingen met een belang groter dan de vastgestelde goedkeuringstolerantie1. De accountant richt de controle in op het ontdekken van belangrijke fouten en baseert zich daarbij op risicoanalyse, vastgestelde toleranties en statische deelwaarnemingen en extrapolaties. De accountant stemt zijn werkzaamheden af op de administratieve organisatie en door het college genomen maatregelen van interne controle. De defnitie van de goedkeuringstolerantie is: De goedkeuringstolerantie is de som van de afwijkingen in de jaarrekening en onzekerheden in de uitvoering van de controle. In het Besluit accountantscontrole decentrale overheden zijn minimumeisen voor de tijdens de controle te hanteren goedkeuringstoleranties voorgeschreven. Provinciale Staten en Gemeenteraden mogen de goedkeuringstoleranties scherper vaststellen dan deze minimumeisen. Dit moet dan wel worden toegelicht in de controleverklaring.
Goedkeuringstoleranties en strekking controleverklaringen volgens Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO): Goedkeuringstolerantie Materialiteit Goedkeure Beperking Oordeelonthoudin nd g/ Afkeurend Afwijkingen in de ≤ 2% >2% − ≤ > 4% jaarrekening en 4% onzekerheden in de uitvoering van de controle De percentages hebben betrekking op de omvangsbasis. De omvangsbasis is gelijk aan de totale lasten van de gemeente exclusief de toevoegingen aan de reserves. Naast de kwantitatieve benadering zal de accountant ook een kwalitatieve beoordeling hanteren (professional judgement). De weging van fouten en onzekerheden vindt ook plaats op basis van professional judgement. Voor de verantwoordingsgrens voor de rechtmatigheidsverklaring in de jaarrekening wordt 2% van de totale lasten, exclusief de toevoegingen aan de reserves aangehouden. 4. Rechtmatigheidsverantwoording 4.1 Begrip rechtmatigheid
1 Door de toepassing van een risicoanalyse kan het zo zijn dat niet alle transacties die groter zijn dan de vastgestelde goedkeuringstolerantie individueel worden gecontroleerd. Ook kunnen andere gegevensgerichte werkzaamheden dan deelwaarnemingen worden toegepast. Met name door toepassing van cijferanalyse (verbandcontroles) kan het aantal deelnemingen worden beperkt.
Sinds 1 januari 2023 is de Wet versterking decentrale rekenkamers van kracht, wat betekent dat er een rechtmatigheidsverantwoording moet worden afgegeven. Hiermee wordt door het college van burgemeester en wethouders verantwoording afgelegd over de naleving van regels die relevant zijn voor de fnanciile situatie van de gemeente. Concreet wordt onder rechtmatigheid begrepen de defnitie volgens het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO) dat “de in de rekening verantwoorde lasten, baten en balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen”, dat wil zeggen “in overeenstemming zijn met de begroting en met de van toepassing zijnde wettelijke regelingen, waaronder de gemeentelijke verordeningen”. In het kader van de rechtmatigheidscontrole kunnen 9 rechtmatigheidscriteria worden onderkend: het begrotingscriterium, het voorwaardencriterium, het misbruik en oneigenlijk gebruik criterium, het calculatiecriterium, het valuteringscriterium, het adresseringscriterium, het volledigheidscriterium, het aanvaardbaarheidscriterium en het leveringscriterium. In het kader van het getrouwheidsonderzoek wordt al aandacht besteed aan de meeste van deze criteria. Voor de oordeelsvorming over de rechtmatigheid van het fnancieel beheer zal extra aandacht besteed moeten worden aan het begrotingscriterium, het voorwaardencriterium en het misbruik en oneigenlijk gebruik criterium.
4.2 Rechtmatigheidscriteria In de kadernota van de commissie BBV over deze rechtmatigheidscriteria onder meer het volgende opgenomen. 4.2.1 Begroteringscriterium Financiile beheershandelingen, die ten grondslag liggen aan de baten en lasten, alsmede de balansposten, dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s (begrotingscriterium). Uitgangspunt is het niveau waarop de raad de budgetten in de begroting en bij investeringen geautoriseerd heeft. In de begroting zijn de bedragen voor de lasten en baten vermeld die door de raad zijn vastgesteld. Dit houdt in dat de fnanciile beheershandelingen dienen te passen binnen de begroting, waarbij het juiste programma (ervan uitgaande dat de raad de begrotingsbedragen op programmaniveau heeft vastgesteld), de juiste investering, het toereikend zijn van het begrotingsbedrag, alsmede het begrotingsjaar van belang zijn. Als blijkt dat de gerealiseerde bedragen hoger zijn dan de, ook na de laatste begrotingswijziging, geraamde bedragen dan is er sprake van onrechtmatige uitgaven (begrotingsonrechtmatigheid) aangezien deze lasten buiten het budgetrecht van de raad tot stand zijn gekomen.
Voor de afsluitende oordeelsvorming is van belang in hoeverre de begrotingsoverschrijding past binnen het door de gemeenteraad geformuleerde beleid en/of wordt gecompenseerd door aan de lasten gerelateerde hogere inkomsten. Deze begrotingsoverschrijdingen zullen in het jaarverslag afzonderlijk worden verantwoord. Het bepalen òf respectievelijk welke begrotingsoverschrijdingen al dan niet verwijtbaar zijn, is voorbehouden aan de raad. 4.2.2 Voorwaardencriterium Besteding en inning van gelden door een gemeente zijn aan bepaalde voorwaarden verbonden waarop door de accountant moet worden getoetst. Deze voorwaarden liggen vast in wetten en regels van hogere overheden en de (eigen) gemeentelijke regelgeving. De gestelde voorwaarden hebben in het algemeen betrekking op: - De omschrijving van de doelgroep respectievelijk het project; - De hefng- en/of declaratiegrondslag; - Normbedragen (denk aan hoogte en duur); - De bevoegdheden; - Het voeren van een administratie; - Het verkrijgen en bewaren van bewijsstukken; - Aan te houden termijnen besluitvorming, betaling, declaratie e.d. De precieze invulling verschilt per wet, respectievelijk regeling, respectievelijk verordening. Voor alle geldstromen dient ondubbelzinnig vast te staan welke voorwaarden erop van toepassing zijn. De door hogere overheden gestelde voorwaarden liggen volledig vast.
Dit geldt echter niet voor de voorwaarden in de gemeentelijke regelgeving. Omdat er (nog) geen generieke criteria zijn vastgesteld, dient de accountant over zowel de generieke als de specifeke criteria in overleg te treden met de raad. De raad is op gemeentelijk niveau kadersteller en wordt geacht de norm te stellen waaraan het college moet worden getoetst. Een gemeenteraad dient dan ook op grond van een overzicht van alle voor de betrefende gemeente geldende wet- en regelgeving het voorwaardencriterium te operationaliseren. Concreet betekent dit dat door de gemeenteraad limitatief moet zijn bepaald aan welke in wet- en regelgeving vastgelegde, voor de gemeente relevante, voorwaarden de accountant moet toetsen. 4.2.3 M&O-criterium Gemeenten zullen een beleid ter voorkoming en bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik moeten hebben. In het jaarverslag en/of de toelichting op de jaarrekening verantwoordt het college zich over de opzet, de uitvoering en de resultaten van het M&O-beleid. Als een gemeente geen toereikend M&O-beleid voert, kan dit gevolgen hebben voor het accountantsoordeel. Als bij een toereikend M&O-beleid, dat in voldoende mate is uitgevoerd, toch een
belangrijke (materiile) onzekerheid – die inherent is aan de regeling – blijft bestaan met betrekking tot de rechtmatigheid van de uitgaven of ontvangsten en deze niet verder kan worden gereduceerd, dient de accountant te beoordelen of deze onzekerheid in de toelichting bij de jaarrekening adequaat wordt weergegeven. 4.3 Nadere uitwerking rechtmatigheidscriteria De drie nieuwe criteria worden door de raad van de gemeente Hendrik-IdoAmbacht in dit controleprotocol nader uitgewerkt als volgt: Begrotingscriterium Begrotingsrechtmatigheid houdt in dat fnanciile beheershandelingen passen binnen de begroting. Voor de begrotingsrechtmatigheid is de wetgever uitgegaan van het programmaniveau als de norm. Bij de gemeente Hendrik-IdoAmbacht heeft de gemeenteraad de autorisatie op programmaniveau vastgesteld. Voorwaardencriterium De controlecriteria voor de verschillende verordeningen en besluiten zijn overeenkomstig het advies van de VNG van 15 oktober 2004: de “hoogte”, de “duur” en doelgroep/ object, tenzij jegens derden aanvullende voorwaarden met directe fnanciile consequenties in de verordeningen zijn opgenomen. M&O criterium In 2023 is de Nota M&O beleid opgesteld en vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders. 4.4.
Reikwijdte accountantscontrole rechtmatigheidstoetsing De accountantscontrole op rechtmatigheid voor het kalenderjaar 2025 is limitatief gericht op: De naleving van wettelijke kaders. Dit uitsluitend voor zover deze directe fnanciile beheershandelingen betrefen of kunnen betrefen; de naleving van de volgende kaders: de begroting, fnanciile verordening conform artikel 212 GW, de controleverordening in overeenstemming met artikel 213 GW; en de overige kaders zoals verordeningen. Dit laatste voor zover van toepassing en uitsluitend voor zover deze directe fnanciile beheershandelingen betrefen of kunnen betrefen. Ten aanzien van het voorwaardencriterium vindt voor de interne regelgeving uitsluitend een toets plaats naar de hoogte, duur en doelgroep/object van fnanciile beheershandelingen, tenzij jegens derden (bijvoorbeeld in toekenningsbeschikkingen) aanvullende voorwaarden met directe fnanciile consequenties zijn opgenomen.2 2 Dergelijke jegens derden geformuleerde (fnnnniilee voorwnnrden zijn immers ook nl relevnnt voor de nnnountnntsnontrole inznke de getrouwheid vnn de jnnrrekening
Als bij de accountantscontrole materiile fnanciile onrechtmatige handelingen worden geconstateerd worden deze in de rapportage en oordeelsweging uitsluitend betrokken voor zover het door de raad of hogere overheden vastgestelde regels betreft. 4.5 Afspraken m.b.t. rechtmatigheidstoetsing Over 2025 zal de accountant de naleving van het normenkader rechtmatigheid en het daaronder liggende toetsingskader beoordelen.