CConstaterende datHelmond
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag - raad 10.11.2022

Gemeenteraad 10 november 2022, gemeente HelmondBij agendapunt: Verslag en besluitenlijst65.318 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 7

11 alinea's met “debat”: 2 3 7 70 187 208 210 211 217 222 272

Kunnen we daar ook gewoon als een raad over spreken, van wat de raad daartoe wil en ook de mogelijkheden zijn, net als ook mevrouw Yahia, die noemde een positieve verhalen, anderen noemde weer wat negatieve verhalen, dat we alle, gewoon heel breed kunnen bespreken. In plaats van dat het elke keer is, nu gaan we daar acteren, daar acteren en dan kunnen we daar ook als stad en als omgeving er …

Mevrouw Blanksma-van den Heuvel: Ik vind het een mooie suggestie, de heer Rieter. Natuurlijk gaan we dat gewoon met elkaar doen. En dan zal ik ook, en kunnen we misschien dan nog beter uitleggen wat is nou de rol van de burgemeester, wanneer is het echt crisis en maak ik bepaalde bevoegdheden, maak ik daar gebruik van, en wat is dan uw positie als raad. Wat kan dan de inwoner van mij verwachten en wat is een langdurige vestiging van een vluchtelingenlocatie en wat is dan uw positie in de raad en hoe gaan we daar dan mee om. En hoe gaan we dan met de omgeving om. Kijk, bijvoorbeeld de vijf weken opvang van de crisisopvang die er nu is, waar er nu al bijna twee weken van voorbij zijn, daar heeft denk ik het verzoek van de veiligheidsregio en mijn besluit, heeft daar misschien zes dagen tussen gezeten. Dat is crisis. Want dan is er in een keer iets, dan moet iets gebeuren. En daarvoor heb ik dan dus bevoegdheden, maar dat wil niet zeggen dat we niet moeten blijven praten en elkaar daarin moeten blijven steunen. Want ik doe het niet omdat ik denk, dat is leuk en ik sluit iedereen buiten. Dat is absoluut niet zo. Dan is het ook echt wel crisis. En u hebt altijd het recht om mij ter verantwoording te roepen als ik bepaalde bevoegdheden gebruikt heb in crisis om daar met mij het gesprek over aan te gaan. Dus ik vind dit uitstekend om dat te doen.

Kunnen we nu doen maar dan zeg ik volgens mij heb ik, is er een breder debat over dit onderwerp misschien wel passend. En ik zou dat best willen entameren. Plaatsvervangend voorzitter: De heer Heller heeft ook een vraag aan u, burgemeester. De heer Heller: Ja, dank u wel voorzitter. Burgemeester, ik zou het heel fijn vinden als u in zou kunnen gaan op mijn opmerking in mijn bijdrage over de plannen die er liggen voor de Gulberg. We hebben te maken over een opvang of een bewoning voor langere termijn op een gebied waar de gemeente Helmond ook deels eigenaar van is. Kunt u me iets aangeven in hoeverre de gemeente Helmond al bezig is met het garanderen, of in ieder geval in kaart brengen van de risico's die dat eventueel voor de veiligheid met zich meebrengt. Want dit is best wel een geïsoleerde locatie, dus de kans is heel groot dat de mensen die daar gehuisvest worden, dat die eerder de neiging hebben om richting Helmond te trekken en dan bijvoorbeeld naar Geldrop of Nuenen.

Mevrouw Blanksma-van den Heuvel: Prima, dat kan ik doen, maar dan doe ik dat uit de positie die ik heb als vicevoorzitter van de metropoolregio, want de Gulberg is van de metropoolregio, zo zou je het kunnen zeggen en de Gulberg, of de MRE is op dit moment een locatie-onderzoek bezig om te kijken of er 5,9 hectare afgezonderd zou kunnen worden van de Gulberg om, voor de mogelijkheid van vijf of tien jaar flexwoningen te zetten, om de vluchtelingencrisis enige lucht en adem te kunnen geven. En dat onderzoek, dat vindt plaats en daar zijn, daar moeten dan ook de risico's en de mogelijkheden. Het vindt plaats op het grondgebied van Nuenen en Nuenen is daarin de lead en niet Helmond. En als vicevoorzitter van de MRE hebben wij als, in het DB besloten om dat onderzoek in ieder geval al in gang te zetten om daar alle plussen en minnen te hebben en ik neem aan, en ik zal dat ook meenemen als DB lid van de MRE, dat de omgeving daar een hele belangrijke rol in speelt. En de veiligheid natuurlijk ook. Plaatsvervangend voorzitter: De heer Heller. De heer Heller: Ja, dan, uw antwoord sluit aan op de volgende vraag die ik had. Want nogmaals, de kans is natuurlijk heel groot dat een heel groot gedeelte van de impact van die locatie dus voor rekening komt van Helmond omdat daar ook de dichtstbijzijnde voorzieningen zijn.

Dus wij zullen dat kritisch volgen en dat heeft niks te maken met de aard van de bewoning maar wel met de veiligheid van de stad. Mevrouw Blanksma-van den Heuvel: Nou, daar heeft u mijn steun mee. Weet wel, de Gulberg is een gebied van 350 hectare en ik heb het hier over 5,9 hectare. Dus dan weet je wel, het is niet dat het totale

bestemming Gulberg, dat dat voor vluchtelingen is. Maar wij komen daar echt met elkaar over te spreken en dan zal dat ook in nauw overleg zijn met wethouder Van den Waardenburg. Ja? Plaatsvervangend voorzitter: De heer Van Aert. De heer Van Aert: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een vraagje aan de burgemeester. Zoals het nu voorligt, dan komt de staatssecretaris dadelijk met die nieuwe wet, dat we verplicht worden om asielzoekers te huisvesten. Kijkt Helmond al naar locaties waar eventueel het mogelijk is? Of kunt u daar iets meer van zeggen? Mevrouw Blanksma-van den Heuvel: Ja, kan ik iets van zeggen omdat ik ook de laatste weken bij de Veiligheidsberaad ben geweest. Er komt een Spreidingswet, zoals we dat zeggen. Een Spreidingswet dat iedereen zijn taak moet hebben in deze vluchtelingencrisis. Dat is politiek ook best een moeilijk verhaal geweest, heeft u allemaal kunnen horen en kunnen zien. Het is vooral, kijk, als we kijken wat we al doen als Helmond, we hebben dus AMV’ers die we opvangen, wij doen dat buitengewoon goed, met complimenten aan het onderwijs, met complimenten aan iedereen, aan de stad, aan de vrijwilligers die dit kunnen maken.

Daar hebben wij binnen het COA hele hoge ogen bij gegooid en het kan best zijn dat wij zeggen, misschien nog een locatie voor AMV’ers, die zoektocht zou kunnen vinden en dan, als wij een bijdrage leveren aan de vluchtelingencrisis zoals wij dat op dit moment doen, denk ik niet zo snel dat wij aangewezen worden als gemeente die in die Spreidingswet verplicht worden om dit te doen. Het zou mij mijn eer te na zijn, maar de heb ik u voor nodig en daar heb ik wethouders en college voor nodig, om te kijken, ik hoef niet aangewezen te worden, wij nemen een shared part van de vluchtelingencrisis. We hoeven ook niet meer te doen, we hoeven ook niet minder te doen dan wat we kunnen dragen met elkaar. En ik weet ook heel goed dat ook Helmonders het moeilijk hebben en daarin die balans te vinden, volgens mij ben ik daar ook begonnen in mijn bijdrage, is en blijft een eeuwige zoektocht met elkaar, maar dat we dat wel heel zorgvuldig doen. Dus als die Spreidingswet komt en wij doen al wat we doen en we zetten daar hier en daar nog een stapje meer bij, dan worden wij denk ik niet zo snel aangewezen als een verplichte locatie ergens door de staatssecretaris. Plaatsvervangend voorzitter: De heer Rieter.

De heer Rieter: Ja, heel kort voorzitter, laten we dan ook maar in ogenschouw nemen dat die Spreidingswet, wat ik net al zeg, dat debat dan ook zo snel mogelijk gaan voeren met de raad en het liefste dat ook bij het presidium neerleggen, dus bij het eerstvolgende presidium. Dat is in ieder geval mijn verzoek. Mevrouw Blanksma-van den Heuvel: Ja graag, gaan we doen. Plaatsvervangend voorzitter: De heer Manders. De heer Manders: Dank je wel, ik vind het fijn dat de burgemeester hier zo op antwoordt want ik denk ook dat het een verkeerd signaal is als we nu, als Helmond, die bal wel pakken na al die gemeentes die juist niets doen. De hele wet is juist bedoeld dat we eerlijk spreiden. En wij zijn al heel druk bezig. Als we nu ook alweer proactief gaan werken, dan is dat alleen maar een signaal aan gemeentes die niets doen, oh kijk we kunnen achteroverleunen want gemeentes als Helmond die doen het wel. En dat was nou juist de bedoeling van deze wet om dat eerlijk te spreiden. Dus heel fijn dat u dit antwoord heeft gegeven. Dank u wel. Mevrouw Blanksma-van den Heuvel: Ja, binnen de veiligheidsregio ben ik daar natuurlijk ook druk mee bezig en wij zijn wel aan het kijken hoe we vanuit de crisisnoodopvang in onze regio ook echt kunnen werken aan gewoon structureel vluchtelingsplan. Omdat je ziet, wat je nu ziet, die groep die hier is, die heeft al in drie

maanden zes locaties gehad. En dan sjouw je van bus, met de bus, van locatie naar locatie en dat vind ik ook onmenselijk. We zijn met 21 gemeentes aan het kijken hoe je van crisisnoodopvang gewoon naar die structureel, dat je niet iedere dag alles als een soort crisis ziet, maar dat je gewoon levert en daarin rust voor iedereen heeft. Zowel voor de omgeving, voor de samenleving, als voor de vluchtelingen zelf. Plaatsvervangend voorzitter: Ik zie geen vragen meer. Dank je, oh de heer Van de Burg. De heer Van de Brug: Dank je wel, voorzitter. Dank je wel. Nee, geen vragen over vluchtelingen, want zijn de afgelopen dagen kaartjes verschenen en daar staat in dat wij al heel veel doen als Helmond. Dus heel goed. Maar ik had nog een andere vraag, is even de revue gepasseerd al, de bereikbaarheid. Want daar heeft u al op geantwoord, met name toen het over boa’s ging, maar dat blijft een zorg. Want die boa’s werken gewoon overdag en zelfs misschien wel in het weekend, maar het tussenstuk dan ben je aangewezen op 0900nummer van de politie en dat is toch wel een hele barrière. Dus die bereikbaarheid, en als ik het goed heb dan heeft GroenLinks daar recent nog vragen over gesteld, dat blijft een zorg van aandacht. Zeker voor onze Helmonders. Mevrouw Blanksma-van den Heuvel: Heb ik ook bevestigd, dat blijft een zorgpunt, blijft altijd een aandachtspunt.

Maar als ik kijk, om half elf halen we echt de boa's van de straat. Dus boa's zijn minder beschermd dan politie, dus we gaan ze ook niet in de nacht neerzetten en ook niet in risicovolle situaties. Dus dat blijft ook een samenspel tussen politie en de boa's. En ook de bereikbaarheid van politie is af en toe ook een punt van zorg en weet wel dat in mijn veiligheidsoverleg dit echt telkens een onderwerp van gesprek is. Plaatsvervangend voorzitter: Dank je wel, burgemeester. De voorzitter: Nou gaat het volgende, ik zou wethouder Dortmans willen vragen haar bijdrage aan te vangen. Wethouder Dortmans. Mevrouw Dortmans: Dank u wel voorzitter, en ook van mijn kant hartelijk dank voor de inbreng van de zijde van u, raad. In juni van dit jaar begon het college vol energie en ambitie aan een nieuwe bestuursperiode. En ons doel is helder, wij gaan voor een inclusief, duurzaam en levendig Helmond. En in de vorige coalitieperiodes is daar ook al een belangrijke basis voor gelegd, voor de ontwikkeling van onze stad. En er staan hele mooie dingen te gebeuren, maar tegelijkertijd leven we nu in onzekere tijden.

En ook onrustige tijden en het college voelt de verantwoordelijkheid om als gemeentebestuur samen met u, raad, ook onze inwoners, ondernemers en organisaties de schouders te zetten onder die middellange en langere termijn doelstellingen, maar zeker ook als het gaat over die uitdagingen waar we nu allemaal mee geconfronteerd worden. Om het leven van Helmonders waar nodig te verbeteren stuurt het college op brede welvaart. En daarmee stellen we inwoners en de samenleving als geheel in staat om zich positief te ontwikkelen. Welvaart gaat niet alleen over geld, het gaat ook over sociale samenhang, gezondheid en een goede leefomgeving. En daar moet het beleid van de gemeente aan bijdragen en daar doen wij allemaal ons best voor. En een aantal van u heeft daar ook aandacht voor gevraagd vandaag. Ik richt mij dan nu specifiek op een aantal vragen en opmerkingen die zijn gesteld die betrekking hebben op mijn portefeuille. Als het gaat over de ontwikkeling van jongeren, dan voel ik met u, raad, een enorme verantwoordelijkheid voor onze kinderen en jongeren hier in de stad. En een aantal fracties, waaronder die van de SP, Lokaal sterk en het CDA heeft er ook heel nadrukkelijk aandacht voor gevraagd. En de huidige uitdagingen hebben een onvoorstelbare weerslag op onze jongeren en op de toekomst van onze jongeren.

Je moet je maar eens voorstellen om op dit moment 15 jaar oud te zijn en van de ene situatie in de ene crisis in de andere te mogen rollen en dan ook nog voor jezelf een perspectief te zien. Wat betekent dit later allemaal voor mij? Heb ik later nog wel een huis? Hoe zit het

met mijn studie? Hoe zit het nou met het klimaat? En helaas blijkt op dit moment ook, en dat hebben wij uit een lokale monitor mogen oppikken, dat 37 procent van de Helmondse jongeren met een of meer psychische problemen kampt. Daar heeft corona natuurlijk een belangrijke bijdrage aan geleverd, en dan corona als ziekte niet specifiek, maar de maatregelen die getroffen zijn om het virus te bestrijden. Maar dit is nogal een percentage, dus hier hebben we met z'n allen een hele belangrijke opgave. Dus ik onderstreep ook nog maar eens het belang en van de inzet van effectievere preventie. En we werken op dit moment aan de herziening van een preventief jongerenaanbod. En daarvoor maken we gebruik van data op wijkniveau om daarna een passend aanbod voor kinderen en jongeren hier in Helmond in de afzonderlijke wijken te kunnen ontwikkelen. Dit doen we overigens als gemeente niet alleen, dat doen we samen met heel veel partners in de stad, met de inwoners, maar ook met jongeren zelf.

Want ik heb in de afgelopen bestuursperiode zelf mogen ervaren in het kader van Jeugdvriendelijke Stad dat jongeren en kinderen zelf, gebeurt hier van alles geloof ik … ‘…’ (Buiten microfoon) Mevrouw Dortmans: Waar was ik nu? Ik was aan het vertellen dat ik op basis van de ervaringen van de vorige bestuursperiode ook heb geleerd, in het kader van Jeugdvriendelijke Stad, hoe waardevol voorbeelden en suggesties en inbreng van kinderen en jongeren zelf is. Dus dat willen we ook heel graag in deze bestuursperiode verder vormgeven. Maar daarnaast willen we ook generatieproblematiek zo vroeg mogelijk doorbreken om kinderen gezond en kansrijk te laten opgroeien. En dat begint met goede voorlichting en ondersteuning voor en tijdens de zwangerschap. En de fractie van het CDA onder andere heeft ook heel expliciet gevraagd hoe zit het nou met opvoedondersteuning. Maakt dat ook deel uit van dat preventieve jongerenprogramma? En daar kan ik bevestigend op antwoorden. We hebben op dit moment overigens al best wat programma’s lopen, dan gaat het over pre- en postnatale huisbezoeken, het gaat over opvoedondersteuningstrajecten, maar wat ik al zei, we zijn bezig om nu op wijkniveau een analyse te maken en dan ook wijkgericht te kunnen inspelen op datgene waar behoefte aan is. De fractie van Forum voor Democratie heeft ook aandacht gevraagd voor risicojongeren, noem ik het maar even.

En recent was daar ook aandacht voor bij RTL Nieuws naar aanleiding van cijfers, onder andere over Helmond West. En we waren enige tijd geleden, en wij in dit geval is dan de burgemeester en ik zelf, wij waren enige tijd geleden al gestart met een programma rond risicojongeren en daar willen we volop op blijven inzetten. Want het is heel erg belangrijk om die jongeren perspectief te bieden zodat ze ook niet dat pad van de criminaliteit op gaan. En daar doen we met, ook weer heel veel anderen in de stad, ons uiterste best voor. Helaas is er geen garantie dat dat ook in alle gevallen lukt, maar hoe eerder we erbij zijn hoe beter, dat is in ieder geval ons motto. En volgend jaar wil ik het preventief jongerenprogramma, inclusief die aanpak risicojeugd, ook aan u, raad, aanbieden om daar samen met elkaar het gesprek over te kunnen voeren. Op het gebied van onderwijs, want ik ben eigenlijk heel blij dat ook veel van u aandacht heeft gevraagd en waardering heeft uitgesproken voor het onderwijs en de kinderopvang hier in Helmond. En wij werken inderdaad, zoals de fracties van Lokaal sterk en DENK ook specifiek hebben genoemd, verder aan onze Helmondse Educatieve Agenda. En kansengelijkheid is daarin ook een hele belangrijke rode draad. Dus daar blijven we ons actief op inzetten. En de samenwerking tussen kinderopvang, onderwijs en de gemeente is erg goed, kan ik zeggen.

Ik spreek weleens wethouders die zeggen, goh ik word eigenlijk alleen maar aangesproken als het gaat over onderwijshuisvesting en dan kan ik altijd met heel veel trots zeggen dat dat hier in Helmond toch echt een ander verhaal is. En dan gaat het over de langere lijnen, dat is die Helmondse Educatieve Agenda, maar als ik ook zie wat we de afgelopen jaren voor elkaar hebben gekregen met kinderopvang en onderwijs, eerst in het licht van corona, later de opvang van kinderen en jongeren uit Oekraïne, en nu het breder beeld van nieuwkomersonderwijs, dan ben ik alleen maar ongelooflijk trots op onze kinderenopvang en onderwijs hier.

Een aantal van u heeft ook aandacht gevraagd voor geletterdheid en ik moet eerlijk zeggen dat ik geletterdheid een ongelooflijk mooie term vind. Want wij hebben het in algemene zin vaak over laaggeletterdheid, maar ik weet dat van de personen die het betreft, dat die eigenlijk een ontzettende hekel hebben aan die term. Dus volgens mij was het de heer Vervoort die met die term geletterdheid kwam, waarmee precies hetzelfde wordt gezegd maar het wel een hele andere duiding krijgt. Dus het zou zomaar kunnen dat we die voortaan standaard overnemen. U, raad heeft afgelopen maart een Stadsplan Basisvaardigheden vastgesteld waarbij we inzetten op preventie, specifiek ook de NT1-doelgroep, de aanpak voor mensen met Nederlands als eerste taal, een moeilijke doelgroep om te bereiken, dat zeg ik er wel bij. En daarnaast willen we ook inzetten op digitale vaardigheden met het project Digitaal Leven. Laten Leven. We beginnen daarmee met een wijkgerichte aanpak in Helmond Noord en ik heb u, raad, in maart ook beloofd u daar periodiek van op de hoogte te stellen. En dat zal ik zeker ook doen. De fractie van D66, bij monde van de heer Stevens, die hield een warm pleidooi voor het mbo-onderwijs. Dat kan ik alleen maar van harte onderstrepen. En hoe mooi zou het zijn als Helmond inderdaad de mbo-onderwijsstad van Nederland wordt. Ik zeg er alleen bij, we doen het eigenlijk al heel erg goed.

Want ROC Ter AA is ook dit jaar weer tot beste ROC uitgeroepen voor Zuid-Nederland, dus voor Brabant en Limburg, en komt landelijk ook op een zesde plaats terug. Dus dat is een fantastische prestatie. Maar ik wil best met het ROC Ter AA hier spreken over die mooie ambitie om dan ook nog eens mbo-stad van Nederland te worden. We weten allemaal dat onze minister van Onderwijs, Robbert Dijkgraaf, heel specifiek ook aandacht vraagt voor het mbo-onderwijs. En in mijn ogen terecht. De fractie van de VVD heeft een vraag gesteld over het Integraal Huisvestingsplan en dan ook de bouwkosten, of de doorrekening voor het Jan van Brabant. In de begroting nu zijn de investeringsbedragen voor het IHP geraamd op het prijspeil van 2019 en gebaseerd op de zogeheten VNG, Vereniging Nederlandse Gemeenten-normen. Het investeringsbedrag voor het Jan van Brabant is gebaseerd op prijspeil 2021, toen het raadsbesluit is genomen, en net als bij andere bouwprojecten zullen de daadwerkelijke investeringen zeer waarschijnlijk hoger zijn als het gaat om de inflatie en de stijging van bouwkosten. De daadwerkelijke investeringskosten voor het Jan van Brabant die zullen na aanbesteding bekend worden en dan ook ter besluitvorming aan de raad worden voorgelegd. En voor het Jan van Brabant hebben we in ieder geval in de planning dat in 2025 die aanbestedingsprocedure zal lopen.

Dus daarna kunnen wij erover verder met u van gedachten wisselen. Weet overigens dat we intensief met het Jan van Brabant in gesprek zijn over de locatie, over het aantal vierkante meters, het type gebouw et cetera. Het opstellen van … De voorzitter: De heer Van de Brug. De heer Van de Brug: Ja, dank u wel voor het antwoord, wethouder. Ik had eigenlijk nog wel een vervolgvraag op, want op het moment dat we dan pas geconfronteerd worden dat er fikse overschrijdingen zijn, in ieder geval meer dan we begroot hebben, dan staan we op dat moment voor een dilemma. Het zou eigenlijk makkelijker zijn als we al voortijdig dat een keer door gaan rekenen, zodat we niet onverhoopt voor verrassingen komen te staan, te zijner tijd geconfronteerd worden dat we dan niet genoeg financiële middelen hebben. Dus dat willen wij als fractie eigenlijk meegeven. De voorzitter: Wethouder Dortmans. Mevrouw Dortmans: Ja, terecht punt. En wat ik al zei, het is, op dit moment zijn het onzekere tijden, we hebben een goede planning met het Jan van Brabant ook vastgesteld, waarin die aanbesteding voor 2025 staat. We weten ook helemaal niet wat dan de situatie is. Maar het is zeker een punt waar we heel alert op zijn en we hebben de ambitie om voor het Jan van Brabant een prachtige nieuwe school te realiseren. En daar gaan we ook nog steeds voor.

Als het gaat over het opstellen van een nieuw integraal huisvestingsplan, ik

verwacht dat we u, raad, daarover in de tweede helft van volgend jaar kunnen informeren. Het vraagt namelijk ook voldoende tijd om daarover met het onderwijs het goede overleg te voeren hier, hier in Helmond. Het onderwijs heeft daarin ook bepaalde wensen en die willen we ook zeker de ruimte geven voordat we daarmee, of met die wensen, ook richting u, raad, komen. In reactie op de fracties van het CDA en DENK over taalachterstanden en daarbij dan specifiek de rol van de bibliotheek, het klopt. Als het gaat over taalachterstand dan is de inzet van de bibliotheek, hoe goed ook, niet voldoende om die allemaal weg te nemen. Maar we hebben ook een gemeentelijk Onderwijsachterstandenbeleid en daarnaast ook Voor- en Vroegschoolse Educatie, het zogeheten VVE-beleid. Laatst mocht ik overigens de start van BoekStart-coach ook op een van onze consultatiebureaus inluiden. We doen op allerlei mogelijke manieren ons best om ouders en kinderen op zo vroeg mogelijke leeftijd in contact te brengen met taal en taalvaardigheid, ter voorkoming van taalachterstand. Het is overigens wel zo dat helaas Nederland, dan heb ik het niet over Helmond, maar Nederland scoort helaas steeds slechter op internationale vergelijkingen als het gaat over lees- en taalvaardigheid. Wat dat betreft hebben we in Nederland breed echt nog een enorme opgave te doen.

Het nieuwe beleidsplan Onderwijsachterstandenbeleid en Voor- en Vroegschoolse Educatie zal volgend jaar aan u, raad, worden voorgelegd. En de suggestie van de fractie van DENK voor extra lessen en huiswerkbegeleiding in dat beleidsplan zullen we zeker meenemen. Dan hebben de fracties van CDA en DENK specifiek ook aandacht gevraagd voor het schoolontbijt, en daar ontspon zich ook een discussie over in de raad, dus ik probeer dat in die zin wat samen te vatten. Als het gaat over de structurele aanpak voor schoolontbijt, zoals we die ook in het Ambitieakkoord hebben opgenomen, dan gaan we inderdaad eerst het onderzoek doen om een duidelijk beeld te krijgen van wat is de reden waarom kinderen geen ontbijt hebben als ze op school komen. In welke wijken, waar is daar specifiek sprake van en dan ook nog eens misschien precies op welke scholen. En dat vraagt nog even tijd en dat zullen we ook in samenspraak met het onderwijs verder vormgeven. Het is daarbij ook belangrijk te realiseren dat dat moet gaan om een aanpak die scholen zo min mogelijk belast. Dat is ook het signaal dat wij heel nadrukkelijk hebben gekregen. En ik zeg er ook alvast bij, ook de gemeente heeft niet de capaciteit om dit zelf te organiseren. Dus wij zoeken nadrukkelijk ook een organisatie, een partner, die dat voor ons kan doen. Voor ons en het onderwijs.

Binnen de ruimte die er nu is in het Koopkrachtfonds is er absoluut nog wel gelegenheid om voor een acute situatie nu iets te kunnen betekenen. Dus dat zijn we van harte toebereid, want ik begrijp dat de Praktijkschool al een plan zou hebben klaarliggen. Ik ben altijd bereid om met scholen te praten die al nu een concreet plan hebben liggen en ook zeggen het is nu echt nodig. En er werd ook nog gerefereerd aan landelijke middelen die beschikbaar zijn gesteld. Het klopt dat het kabinet 5 miljoen euro beschikbaar heeft gesteld voor 500 scholen in heel Nederland om gedurende vier maanden schoolontbijt aan te bieden. Ook als onderdeel nu van de acute situatie waar we ons in bevinden. Scholen moeten daar wel zelf een aanvraag voor indienen. Dat is niet iets wat via de gemeente loopt en het gaat via het Jeugdeducatiefonds. De fractie van het CDA heeft ook aandacht gevraagd voor in- en ontspanning voor jongeren en dat biedt mij een beetje de gelegenheid om te vertellen wat we hier op het gebied van verlengde schooldag doen in Helmond. Want we hebben nu al de verlengde schooldag op negen scholen in een aantal van onze wijken.

Het doel is dat leerlingen op scholen met een hogere achterstandsscore, ongeacht de omstandigheden waarin ze opgroeien, in staat worden gesteld om in brede zin hun talenten te ontplooien en vaardigheden te ontwikkelen ter bevordering van kansengelijkheid in het onderwijs. Het is een lopend project met maatschappelijke partners als de LEV, Jibb+ en Cultuurcontact. En voor de subsidieregeling School en Omgeving heeft de gemeente Helmond ook een aanvraag ingediend bij de rijksoverheid om verlengde schooldag nog verder te kunnen uitrollen en ontwikkelen. En eind december horen we of we inderdaad een subsidie van 100.000 euro daarvoor mogen ontvangen. De fractie van de PvdA heeft aandacht gevraagd voor het artikel dat recent verschenen is over … De voorzitter: Ik zie een interruptie van mevrouw Brouwers.

Mevrouw Brouwers: Ja sorry, ik had een heel kort vraagje over die verlengde schooldag. Want nu is dat in samenwerking met LEVgroep en Jibb en de cultuur, is er ook zicht op eventuele verenigingen te kunnen betrekken bij die verlengde schooldag? Als het verder wordt uitgerold en ontwikkeld. De voorzitter: Wethouder Dortmans. Mevrouw Dortmans: Kijk, als er nog aanvullend aanbod is om die verlengde schooldag, of ook wel Rijke Schooldag, zo wordt hij ook wel genoemd om dat nog verder vorm te geven sta ik daar uiteraard voor open. Tegelijkertijd weten we inmiddels, we hebben hier een pilot gehad met deze partijen en dat is goed verlopen, dus een goede formule zou ik zeker ook de kans geven om verder uit te rollen. Maar ik sta zeker open voor uitbreiding van het aantal verenigingen dat er een bijdrage aan wil leveren. Zeker. Het onderzoek van het speciaal onderwijs zelf, dat zeg ik er wel even bij, naar gebruikmaking van het speciaal onderwijs in de regio, en de stijging daarvan ook, ja dat artikel hebben we denk ik allemaal kunnen lezen in de krant. Ik weet ook dat vertegenwoordigers van het speciaal onderwijs gesprekken voeren met onder andere ASML, naar aanleiding van die eerste bevindingen. Maar ze zeggen er zelf ook terecht bij, dit vergt ook nog nader onderzoek.

Want houdt dat nu verband met de kenmerken van deze regio, het feit dat veel medewerkers vanuit andere landen bij ASML en andere bedrijven komen werken, het is echt nog te vroeg om daar meer over te zeggen. Maar in de uitwerking van de visie schaalsprong 2040, of beter nog kwaliteitssprong, nemen wij ook zeker elementen mee als onderwijs, gezondheid als we te maken krijgen met die groei van onze stad en die groei van onze regio. De fractie van 50PLUS heeft aandacht gevraagd voor een motie over de gezonde Helmonder. En dat ging inderdaad over het betrekken van de Food Tech-sector bij het lokaal preventieakkoord. En met excuses dat we u daarover niet eerder hebben geïnformeerd, kan ik wel goed nieuws brengen. Want wij hebben inmiddels, Food Tech Brainport gaat ons lokaal preventieakkoord medeondertekenen, wordt ook uitgenodigd voor de jaarlijkse bijeenkomst in december, dus aan het einde van het jaar. En we gaan ook proberen om nog meer food-gerelateerde bedrijven en ondernemingen betrokken te krijgen bij het lokaal preventieakkoord. Onder andere de Deftige Aap en de Cacaofabriek hebben dat inmiddels al gedaan, maar wat ons betreft kan die groep nog veel groter worden. Tot slot het thema Andere Overheid, zoals ook door een aantal van u fracties is genoemd.

En dan hoop ik dat ik volledig ben, maar in ieder geval de fracties van Helder Helmond, de SP, GroenLinks, Forum voor Democratie en DENK. Het college voelt zich verantwoordelijk voor de inwoners, ondernemers en organisaties, daar begon ik mijn bijdrage al mee. En zeker deze roerige tijden geven voldoende aanleiding om kritisch te kijken naar hoe we er als overheid voorstaan als het gaat over normen als eerlijk, betrouwbaar en menselijk. En daarbij gaat het wat mij betreft om een paar dingen. Hoe verwordt onze eigen organisatie tot een meer mensgerichte organisatie waarbij de gemeente naast de inwoners gaat staan en mensen dit ook als zodanig ervaren. Want we kunnen het soms wel zeggen en willen, maar het is vooral heel belangrijk hoe mensen het ook dan ervaren. Het college ziet participatie, ook door een aantal van u genoemd als belangrijk onderdeel van Andere Overheid en volgende week spreekt u, raad, over participatie. Dus dan komen we daarover verder met elkaar in gesprek. Om een voorbeeld te noemen wat we op dit moment al doen, we werken samen met het Instituut voor Publieke Waarden en een heleboel andere partners in de stad, bijvoorbeeld ook diegenen die aangesloten zijn bij Van Eiges, de beweging, om tot een gezamenlijke visie en werkwijze te komen volgens de bedoeling in het sociaal domein. En we starten als eerste in de wijk Helmond West met een nieuwe aanpak.

En parallel kijken we ook nog steeds hoe we onze eigen organisatie qua dienstverlening kunnen verbeteren. De fractie van Helder Helmond vroeger ook van uitbreiding klantcontactcentrum, daarmee hopen wij dat mensen ons eerder te spreken krijgen en het contact met de gemeente wordt verbeterd ten opzichte van de huidige situatie. Dus dat in reactie op de fractie van Helder Helmond. Dan kom ik nog kort bij twee adviezen op ingediende moties. Allereerst de motie Huis van het Recht, van de fracties van SP en Partij van de Arbeid. Het Huis van het Recht in Heerlen is een

van de pilots van het ministerie van Veiligheid en Justitie om de rechtspraak dichter bij inwoners te krijgen en onlangs heeft onze burgemeester daarover ook al een verkennend gesprek gehad met de president van de rechtbank Oost-Brabant. En kern is dat maatschappelijke organisaties worden betrokken bij de rechtspraak. En dan kun je denken aan schuldhulpverlening, GGZ, woningbouwcorporaties, reclassering enzovoort. En de wijkrechtbank behandelt voornamelijk dan lichtere zaken en de inbreng van de juridische component op de reeds bestaande samenwerking in het sociaal domein zien wij als zeer waardevol en ondersteunen wij van harte. Dus binnen dat programma Andere Overheid zou ik heel graag dit voorstel mee willen nemen. Dus in die zin kan het college deze motie ook van harte ondersteunen of omarmen, zogezegd. Dan de motie van de Fractie Mì Hellemonders over de leefbaarheidsmonitor. Ik kan u eigenlijk geruststellen. We hebben al een lokale monitor die al heel veel informatie geeft over wijkniveau, op wijkniveau hier in Helmond en daarnaast hebben we ook nog de Telos-monitor die langs drie kapitalen een beeld geeft over Helmond in vergelijking met andere steden. Dus dan kunnen we ook nog eens goed kijken hoe doen we het in vergelijking met anderen en daarnaast wordt steeds meer gebruik gemaakt van de Brede Welvaartsmonitor van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Dus als ik, dit gezegd hebbende, uw motie zo mag ondersteunen dat u niet nog een monitor gaan oprichten maar gebruik maken van die kennis die er allemaal al is, dan kunnen wij het thema leefbaarheid, naast veiligheid, van harte benadrukken. En dan zouden wij als college deze motie ook kunnen omarmen. Maar niet nog een aparte monitor erbij, dat zou niet onze wens zijn. En daarmee kom ik aan het einde van mijn bijdrage. De voorzitter: Ik kijk even aan de zijde van de gemeenteraad of er nog vragen zijn aan de wethouder. Zo niet, dan dank ik de wethouder voor haar bijdrage. Oh, de heer Rieter heeft nog een vraag. De heer Rieter: Korte vraag, u ging net in op participatie. In de bijdrage noemde ik ook de inwonersbegroting, die motie hebben we vorig jaar ingediend bij de begroting en ik had al gezegd en waren nu elf inwoners die op de hooravond hun zegje hebben gedaan dus ik had dus de vraag, kunnen wij in ieder geval met die inwonersbegroting volgend jaar wel aan de slag? Mevrouw Dortmans: Wat ik weet is dat het voorstel van de inwonersbegroting ook onderdeel is geweest van de gesprekken die gevoerd zijn om te komen tot dat participatiebeleid en ik zou willen voorstellen aan de fractie van Helder Helmond om dit volgende week bij de bespreking van het participatiebeleid nog aan de orde te stellen. Maar ik weet dat het in ieder geval nadrukkelijk aan de orde is geweest.

De heer Rieter: Oké, dank je wel. Heb ik nog een andere vraag. En dat is twee initiatieven, dus je hebt de schoolontbijt, is al genoemd, en de bibliotheek op scholen, het zijn beide positieve initiatieven die dan op scholen worden gedaan. Bij het schoolontbijt zie je echt dat een selectief aantal scholen worden gekozen en bij de bibliotheek alle scholen. Ons lijkt dan, je pakt dan beleid, je gaat of alles bij alle scholen doen of je kiest dan waar het juist wel of niet nodig is. Graag daar een reactie op. De voorzitter: Wethouder. Mevrouw Dortmans: Ja, dank u wel voorzitter. Terecht dat u ook daarop terugkomt. Het is zo dat, toen wij in het Ambitieakkoord hebben opgenomen dat elke school een biep zou moeten krijgen, waren er al heel veel scholen die al een biep hadden. En met schoolontbijt moeten we starten. Dat is het verschil. Dus we hebben de ambitie uitgesproken om op elke school een bieb te krijgen, wetende dat er al heel veel biebs op scholen zijn, dus daar hoeven we niet helemaal opnieuw te beginnen. En dat is anders voor het schoolontbijt, en dat maakt het verschil.

De voorzitter: Oké. Ja, mevrouw Janssen. Mevrouw Janssen-Jansen: Ja, daar heb ik dan nog een vraag over, want de scholen die al de schoolbibliotheek hadden, die betalen uit het potje van 15 euro 50, 7,50 aan de bibliotheek voor hun steunpunt. En de vraag is dus, gaat u dat dan op den duur dan ook financieren? Want dan houden zij ook die 15 euro gewoon over om dat uit te kunnen geven aan andere culturele dingen. De voorzitter: Mevrouw Dortmans. Mevrouw Dortmans: Dank u wel, voorzitter. Ik ga daarover graag het gesprek met het onderwijs aan hier in Helmond, op welke wijze we dat verder vorm kunnen geven. De voorzitter: Oké, dank je wel. Ik kijk nog een keertje. Nee? Dan is het precies zeven uur, het is een minuut over zeven. Ik schors de vergadering een uur voor een dinerpauze. Schorsing De voorzitter: Dames en heren van de gemeenteraad, ik zou graag de vergadering willen heropenen. Neemt u allen uw plaatsen in. Het is acht uur, twee minuten over acht, dat hadden we ook afgesproken, een uur pauze. Ik zie nog dat de VVD aan het eten is, denk ik. Nee, die is er voltallig niet. Kan iemand even de VVD halen? Dat is de enige partij. ‘…’ (Buiten microfoon) De voorzitter: Nou, ik kan u zeggen dat wij niet een dessert hebben gehad. Het was lekker, maar misschien de VVD wel. Ze zijn onderweg? De VVD, nette mensen komen altijd een beetje te laat.

Oké, ik heropen de vergadering en ik zou wethouder De Vries willen vragen om zijn bijdrage aan te vangen. Wethouder De Vries, aan u het woord. De heer De Vries: Dank je wel, voorzitter. En ik was altijd gewend om het voorgerecht voor de schorsing te zijn, nu ben ik het toetje. Ik hoop dat het net zo lekker smaakt. Voorzitter, we leven in bijzondere tijden en ik heb het deze middag en avond ook al vaker horen zeggen. En bijzondere tijden vragen om bijzondere, en soms zelfs onorthodoxe, maatregelen. Want als iemand mij een jaar geleden had gezegd dat we in Helmond 10 miljoen euro zouden uittrekken om dat de inwoners, ondernemers en maatschappelijke instellingen door de winter heen te helpen, dan had ik wel degelijk met mijn wenkbrauwen gefronst. En toch vragen wij vandaag uw toestemming om dat enorme bedrag te mogen uitgeven. We vragen u zelfs om daar komende maandag al mee te mogen te beginnen. En ik kan me niet herinneren dat we zoiets in Helmond ooit eerder gedaan hebben. Maar we zien wel dat het keihard nodig is. En dat mensen financieel kopje onder gaan, door het ijs dreigen te zakken, of welke andere metafoor je ook hiervoor wilt gebruiken. Gelukkig hebben we als gemeente de financiële positie om dat te kunnen doen. Maar eigenlijk is het te gek voor woorden dat we dit moeten doen.

Het is immers de verantwoordelijkheid van het Rijk om te zorgen dat mensen redelijkerwijs rond kunnen komen. En helaas zien we dat de rijksmaatregelen voor veel mensen of tekortschieten of te laat komen. En dan vind ik dat we een grote verantwoordelijkheid hebben om, zoals we ook in ons Ambitieakkoord hebben opgeschreven, naast de mensen, naast de ondernemers en naast de vele maatschappelijke organisaties in onze stad te gaan staan. In het volle besef dat ook wij als gemeente niet alle problemen op kunnen lossen. Ik ben dan ook heel tevreden met de brede steun die ik hier vanmiddag voor het Koopkrachtfonds gevoeld heb. Voorzitter, ik loop even langs de vragen en moties in relatie tot dat

Koopkrachtfonds. De SP roept op om morgen te beginnen. Dat lukt bijna. En ik hoop dat u aanstaande maandag snel genoeg vindt, want dan wordt het grootste deel van de regelingen opengesteld en start de communicatiecampagne. En ik maak overigens graag van deze gelegenheid gebruik om te zeggen dat ik heel trots ben op onze ambtelijke organisatie. En ik heb dat hier meer horen zeggen. Het is ongekend hoe zij dit pakket in een hele korte tijd hebben uitgewerkt en de uitvoering hebben voorbereid. En dat is echt een heel dik compliment waard. Ook de samenwerking met de partners in de stad, waar de SP naar verwijst, is iets om trots op te zijn. Zonder hen hadden we dit pakket niet zo snel kunnen neerleggen en zonder hen kunnen we het ook niet zo snel uitvoeren. En via deze weg wil ik ook hen hartelijk bedanken voor hun bijdragen. Ik heb begrip voor de opmerking van DENK, dat het jammer is dat we religieuze instellingen als moskeeën en kerken niet als partner betrokken hebben. Als belangrijke vindplaats had het niet misstaan om ze aan de voorkant mee te laten denken. We zullen hier een volgende keer alerter op zijn. De moties van DENK en Lokaal sterk over uitbreiding van maatregelen om armoede te bestrijden wat betreft de dierenartskosten en een witgoedregeling, die kunnen wij omarmen.

En ik zal in kaart laten brengen hoe we dit zouden kunnen doen, wat de financiële consequenties zijn zodat u dus als raad af kunt wegen in relatie tot het totale armoedebeleid en de beschikbare middelen. Diverse fracties vragen aandacht voor mensen met een middeninkomen. Zij vallen buiten veel regelingen en dreigen nu in financiële problemen te komen. En ik deel deze zorgen volledig. Precies om die reden hebben we in het Koopkrachtfonds ook een regeling opgenomen voor mensen tot 150 procent van het sociaal minimum en in de communicatiecampagne die we volgende week starten is hier ook nadrukkelijk aandacht voor. En ook is vanaf volgend jaar de grens voor het aanvragen van een inkomensverklaring omhoog bijgesteld. Het CDA vraagt aandacht voor de armoedeval voor mensen met inkomens net boven het minimum. En ik heb net al gezegd, dat we zeker aandacht hebben voor die middeninkomens, en daarbij denken we zoveel mogelijk in oplossingen en niet in harde inkomensgrenzen. Maatwerk dus waar nodig. Verder vraagt DENK of het mogelijk is om informatie over de regelingen uit het Koopkrachtfonds in andere talen beschikbaar te stellen. We doen dit al bij de bestaande folder over armoede, de digitale versie is in meerdere talen te raadplegen.

En daarnaast zetten we wat betreft het Koopkrachtfonds samen met de partners in de stad, in op zoveel mogelijk direct contact met de inwoners om hen te helpen bij de aanvragen en het invullen daarvan. Hierbij wordt ook gewerkt met anderstalige vrijwilligers. Het is mogelijk om flyers en dergelijke in andere talen beschikbaar te stellen, dus qua uitvoering zie ik geen belemmering in deze motie of oproep en ik laat het oordeel over de wenselijkheid hiervan aan u als raad. Met een kleine winstwaarschuwing, als u, raad, deze motie aanneemt dan hebben we de flyers deze maandag, die deze maandag bij de start van de campagne gebruikt worden, dan zijn die nog niet vertaald maar we zullen dan wel zo snel mogelijk werk van maken. De VVD vraagt om, naast de kortetermijnmaatregelen, ook maatregelen te nemen die een blijvend effect hebben. En dat doen we zeker. Naast de kortetermijnpleisters die we nu plakken, zoals ik het weleens eerder genoemd heb, hadden we al de aanpak van energiearmoede waarbij we inwoners helpen met het besparen van energie. En die aanpak zetten we versneld voort en daarvoor hebben we ook middelen in het Koopkrachtfonds opgenomen. Heel belangrijk, want energie die je niet gebruikt hoef je ook niet te betalen. En dat kan de heer Guldenaar denk ik beamen, nogmaals dank voor de douchetimer. Het goede voorbeeld, ja.

De VVD vraagt in een amendement om in 2023 geen precariobelasting te heffen om ondernemers tegemoet te komen. We hebben dat vooralsnog bewust niet gedaan. Juist omdat we in overleg met onze ondernemers willen kijken op welke manier het beschikbare budget van 1 miljoen euro in het Koopkrachtfonds willen inzetten. In aanvulling op de rijksmaatregelen die nog steeds niet helemaal scherp zijn. Het niet innen van de precariobelasting is in de praktijk, in mijn ogen, vooral een symbolische tegemoetkoming aangezien het slechts gaat om een beperkt aantal ondernemers, met name in de horeca. Ik adviseer u, raad, dan ook om in afwachting van die nadere gesprekken met de ondernemers deze motie aan te houden. Mì Hellemonders vraagt aandacht voor mensen met een beperking. Kunnen zij ook een beroep doen op het Koopkrachtfonds? En daar hebben we over nagedacht. In de praktijk

valt een groot deel van de mensen met een beperking binnen de groep met een inkomen tot 150 procent van het sociaal minimum en daarmee kunnen zij dus ook gewoon een beroep doen op de regelingen. Voorzitter, er zijn nog diverse andere vragen gesteld rondom het minimabeleid. DENK vraagt of te Helmondpas straks de inkomensverklaring gaat vervangen. Het is de bedoeling dat de inkomensverklaring straks onderdeel uitmaakt van die Helmondpas en ik hoop dat we de pas uiteindelijk breder kunnen maken dan alleen een vervanging van de inkomensverklaring. Maar daar gaan we dus volgend jaar mee aan de slag. Op verzoek van de PvdA ben ik nagegaan of wij bij eigen medewerkers een stijging zien van het aantal mensen dat te maken heeft met loonbeslag. Binnen de gemeentelijke organisatie is het aantal medewerkers met loonbeslag laag en stabiel op dit moment en we zien op dit moment daarin ook geen stijgende trend. Maar uiteraard blijven we dat de komende tijd ook heel goed in de gaten houden. En verder vroeg de PvdA of er bij maatschappelijke organisaties waar wij een subsidierelatie mee hebben, of we daar ook aandacht kunnen vragen voor het ondersteunen van medewerkers die in de financiële problemen dreigen te komen. Uiteraard doen wij dat en ik weet bijvoorbeeld dat er bij Senzer ook al op verschillende manieren extra aandacht voor is.

Tot slot vroeg de PvdA ook of iets zoals het Tilburgse ondersteuningsfonds bruikbaar kan zijn in Helmond. En ik ken niet alle ins en outs van dat fonds. Ik ben bereid, zeker bereid daarnaar te kijken en daarbij geef ik wel meteen aan dat we in Helmond al heel veel hebben op het gebied van ondersteuning. Het moet dus wel iets toevoegen op het al bestaande aanbod. Tot slot, voorzitter, op het gebied van vergunningverlening en handhaving, is een amendement van Helder Helmond, over de leges voor bouwvergunningen. En ik begrijp de vraag die in het amendement wordt gesteld of eigenlijk de correctie die daarin wordt gedaan heel goed. Tot en met 2021 kon iedereen nog niet-onherroepelijke omgevingsvergunningen kosteloos inzien. In 2022 is dat licht gewijzigd en in uw amendement vraagt u eigenlijk om dat terug te draaien naar de situatie van voor 2022. Wij kunnen daarin meegaan, want wij vinden het belangrijk dat inwoners geen kosten hoeven maken als ze willen weten welk plan hun buurman heeft ingediend voor een uitbouw of wat een ontwikkelaar van plan is met een leeg veldje in de buurt. Zodat je kunt bepalen of je het daarmee eens bent n of je bezwaar wilt maken. En daarvoor moet het niet uitmaken hoe groot je portemonnee is. Tot zover. De voorzitter: Dank je wel, wethouder. Het is rustig in de raad dus ik zou, ja de heer Rieter. Nee, dat is geen after dinner. De heer Rieter.

De heer Rieter: Dank u wel voorzitter, ik heb een vraag en volgens mij hoort dat wij uw portefeuille. Ik heb het net ook de heer ‘…’ gevraagd, de eeuwigdurende grafrust, excuus. Hoe ziet u, kunt u uw visie daarover geven? Want het staat natuurlijk wel nadrukkelijk in de begroting. De heer De Vries: Ik kan daar ongetwijfeld heel veel van vertellen wat ik daar zelf van vind, maar het zit in de portefeuille van mevrouw Van den Waardenburg, dus die zal daar nog op terugkomen. De voorzitter: Ja? Oké, dank je wel, wethouder De Vries. Dan zou ik wethouder Van den Waardenburg willen vragen om haar bijdrage aan te vangen. Wethouder Van den Waardenburg. Mevrouw Van den Waardenburg: Dank u, voorzitter. Voorzitter, dit najaar sprak ik een jonge vrouw van 28 jaar, we waren allebei aanwezig bij de oplevering van een appartementencomplex hier in het centrum. En ze ging op zichzelf wonen. Voor het eerst, op haar achtentwintigste. En ik vroeg haar waar ze eigenlijk tot op heden had gewoond en ze gaf aan, bij haar ouders. Voor mij gaf dat wederom de onderstreping hoe belangrijk het is om in te blijven zetten op woningbouw en ook de temporisering daarvan.

Want als je op je achtentwintigste nog steeds bij je ouders woont, zal vast heel gezellig zijn geweest, maar om al je toekomstdromen dan in de ijskast of in de koelkast te moeten zetten en je wooncarrière pas op je achtentwintigste begint, dat vind ik toch erg. En het sterkt mij in het idee dat wij als college, u als raad, ook

samen met de organisaties er alles aan moeten doen om het tempo in de woningbouw te behouden. En ik ben heel erg blij dat het hier in de raad ook eigenlijk breed gedeeld wordt. Er zijn ook heel veel vragen over woningbouw gesteld en dat onderstreept nogmaals hoe belangrijk het thema is. Maar dat tempo houden met elkaar, dat gaat niet vanzelf. We zien het om ons heen, oplopende bouwkosten, stijgende rentes, krapte op de arbeidsmarkt en uitspraken over stikstof. Als Helmond zeilen we scherp aan de wind maar het piept en kraakt in de woningmarkt en het wordt er niet makkelijker op. Dit terwijl onze woningbouwopgave, GroenLinks hintte er al aan, ook in deze Brainport-regio gewoon groot is. In de begroting worden middelen opgenomen voor de woningbouwversnelling en we kijken ook hoe wij onze processen als Helmond blijvend kunnen verbeteren en kijken daar waar wij als gemeente invloed op hebben, waar we kunnen versnellen. En als het gaat om deze woningbouwontwikkelingen is het van belang om alle belangen zo goed mogelijk af te wegen. Daarbij proberen we als gemeente mee te denken met initiatiefnemers, ook omdat we zo snel mogelijk de juiste woningen willen realiseren. Daar kunt u als raad op aan. Wel zien we dat de wind draait en bedreigingen voor de bouw steeds groter worden.

Ook voor ontwikkelaars en corporaties wordt het steeds lastiger om projecten te bouwen en hebben we met z’n allen heel veel ambities. Ik som er enkele op, vandaag kwam er nog eentje bij over opvang hemelwater. Bijvoorbeeld de omvang van het pand, of de oppervlakte van een appartement, uiterlijk van het pand, parkeerplaatsen, duurzaamheid, vergroening. Allemaal hele terechte punten, maar we stapelen met elkaar veel ambities. En als we ervoor willen zorgen dat in de toekomst iedereen die dat wil hier in Helmond een plek kan vinden, dan blijft het echt alle hens aan dek. En dat doen we samen. En nogmaals, daarom is het ook goed om hier te voelen dat er veel aandacht voor is. En dan ga ik over op te vragen en de moties. Over een specifieke casus over de woningbouwopgave voor de komende jaren zult u als raad in 2023 worden meegenomen. Dan gaan we een nieuwe woonvisie met elkaar opstellen. Totdat deze nieuwe kaders zijn vastgesteld zetten we natuurlijk constant in op die goede mix van sociale huur, middenhuur, koop. En zo hebben we ook voor inbreiding en verdichting rondom het centrum. En toch even kort ingaan op de opmerking van het CDA en 50PLUS zijnde, denk aan onze jongeren, denk ook aan de ouderen. Dat klopt, uiteraard doen we dat en ook voor deze doelgroepen, of deze groepen, is gewoon de urgentie om vol door te stromen of in te stromen. Dan de regulering van de woningbouw.

We willen in Helmond betaalbaar ontwikkelen ten behoeve van onze inwoners en niet ten behoeve van diegenen die snel geld willen verdienen. Precies zoals de SP het zei, een huis is om in te wonen. Daarom staan in de begroting middelen gereserveerd om hierop te reguleren. Denk bijvoorbeeld aan de zelfbewoningsplicht, die we al hebben voor nieuwbouwwoningen, maar ook de opkoopbescherming zijn we op dit moment aan het bekijken en we komen daar bij u op terug. Hiermee willen we onze woningmarkt toegankelijk houden voor iedereen. Dan de motie van de SP over de exploitatietermijn. De SP roept op voor de exploitatietermijn voor sociale huurwoningen van beleggers te verlengen naar dertig jaar. Als college kunnen we daar positief over adviseren. Uiteraard is het mooi als beleggers ook instappen op de markt van de sociale huur. Want iedere voordeur is een voordeur. Maar we willen juist niet dat partijen, we willen juist dat partijen dan meerjarig investeren en deze woning niet na tien jaar verkopen omdat er dan fikse onderhoudskosten bijvoorbeeld bijkomen. En je wilt ook de sociale huurwoning dan ook meerjarig behouden. Vandaar dat we positief kunnen adviseren en willen onderzoeken, ook in aansluiting bijvoorbeeld wat Eindhoven nu doet, dat we de exploitatietermijn voor beleggershuurwoningen kunnen verlengen naar die dertig jaar. Dan de motie van Helder Helmond.

Helder Helmond roept op tot inzet van meer betaalbare woningen en dat is, nogmaals, ons als college echt uit het hart gegrepen. Daarom zijn de volgende woningbouwplannen reeds in ontwikkeling of komen eraan, en ik doe een greep uit de vele projecten die er lopen, bijvoorbeeld op de sociale huur de Kerstraat Zuid, Weverspoort, Vondellaan, Van der Weidenstraat, Torenstraat, Lindberghplein. Middenhuur, Stationskwartier, Oranjekade, Hazenwinkel, Zuidkade, allemaal projecten waar ingezet wordt op die middenhuur. Sociale koop, Hazenwinkel en Rijpelberg ’t Lobke. Middeldure koop, weer een aantal opsommingen, Hazenwinkel, Liverdonk, Boerderij Hulsbosch en Helmond West en de Veste. Om u een beeld

te geven dat we juist heel erg in die mix willen bouwen, dat we overal aandacht voor hebben. U verzoekt in de motie om een anterieure overeenkomst met particuliere partijen duidelijke afspraken te maken over de realisatie van betaalbare woningen. Ik kan u meegeven dat doen we al, maar goed dat u daar het belang nogmaals onderstreept. Punt 3 van het dictum kunnen wij ons ook in vinden, maar punt 2 zou ik je toch willen ontraden. Het realiseren van woningen van 215.000 is niet haalbaar gelet op alle bedreigingen en alle ambities die ik zojuist heb genoemd. Indien we enkel inzetten op deze bedragen, dan vrezen wij echt dat de woningmarkt op slot komt te staan en dat er niet veel meer wordt gebouwd. Dus hoe sympathiek ook, echt werkelijk hoe sympathiek ook, maar we willen deze ontraden tenzij u beslispunt 2 uit de motie anders formuleert of verwijderd. Of u kunt hem ook bijvoorbeeld aanhouden en we komen nog bij u terug met de woonvisie. En dan gaan we het ook uitgebreid, integraal hebben over waar bouw je nou voor, wat is de doelgroep en hoe ga je daar nou op inzetten? De voorzitter: De heer Boetzkes heeft een vraag. De heer Boetzkes: Ja, voorzitter dank u wel. Ik zou graag willen dat u dat iets meer duidt, wat u hiermee bedoelt. In onze motie, in dat tweede punt, we noemen niet de woningen van 215 specifiek maar juist die categorie tussen 215 en 255.

Juist dat gat wat er nu ontstaat in die woningmarkt, waar we goed in aan het zetten zijn op die sociale huur, en u somt er een heel aantal van op, die ook heel terecht worden opgevolgd en de markt zichzelf wel lijkt te bedruipen in de woningen van 355 en meer, is het juist dit gat waar wij zien dat nu behoefte aan is. En helemaal als ik dan kijk naar een andere motie die gaat over startersleningen, dat het juist om deze bedragen gaat, zijn het juist deze woningen waar nu een tekort aan is. En om daar specifiek in te verwijzen naar onze motie is ook omdat we daar zien dat die noodzaak ligt. De voorzitter: Wethouder Van den Waardenburg. Mevrouw Van den Waardenburg: Ja, ik begrijp uw oproep maar wij zien ook gewoon dat, wat ik u ook zei, de bouwkosten zijn hoog, het aantal medewerkers op de bouw is gewoon niet al te veel. We hebben natuurlijk onzekerheid op de markt als het gaat om de stikstof. Je ziet gewoon dat woningen die liggen tussen dat bedrag, volgens mij, ik heb de motie ook niet bij de hand, maar 215, 255 heeft u er volgens mij in opgenomen, als je je daar alleen specifiek op gaat richten, dan is dat een veel te krappe markt.

Ik snap wel dat u zegt, zet daar extra op in, wij zetten daar ook op in, maar alsjeblieft, laat Helmond zich niet beperken tot vooral de bouw van dat soort woningen, want op dit moment wordt dat nagenoeg niet gebouwd omdat het gewoon heel moeilijk is. De voorzitter: De heer Boetzkes. De heer Boetzkes: Dank u wel voorzitter, ik wil het dan toch nog even verduidelijken. Wij roepen zeker niet op om alleen maar in te zetten op deze prijsklasse. Maar als we kijken naar de cijfers zoals die nu voor ons liggen, dat sinds 2005 de huizenprijzen in Helmond met 43 procent zijn gestegen, dan is dat echt niet de inflatie geweest. Dan is dat omdat er heel veel dure woningen zijn gebouwd. Dus die markt, die redt het aan de bovenkant, gelukkig sturen wij goed op die onderkant, en dat middenstuk wordt vergeten. Dus niet alleen het middenstuk, maar daar extra aandacht, dat is ook wat wij vragen in de motie. Ik kan me haast niet voorstellen dat daar een bezwaar tegen is. Dus als u dat wilt toelichten, dan kan ik overwegen daar iets in aan te passen. De voorzitter: Wethouder Van den Waardenburg.

Mevrouw Van den Waardenburg: Ja, ik wil nogmaals het beeld nuanceren dat er alleen maar dure woningen zijn gebouwd. Volgens mij heb ik net voldoende plannen opgenoemd waar echt op allerlei segmenten op is ingezet. Wij hebben al aandacht voor die middengroep, dat is een moeilijke middengroep, dat onderken ik ook. Alleen om daar nu specifiek alleen op te richten, zou ik zeggen, laten we dat ook integraal meenemen bij de woonvisie, dat we daar ook met elkaar spreken over wat voor facetten, wat voor groepen en categorieën zet je in. Dus ik zou het, we doen het al, er is al aandacht voor, dan is in die zin misschien ook puntje 2 overbodig te noemen. Als u zegt, ik zou dat zeker willen meegeven aan de woonvisie, dan gaan we dat meenemen in ieder geval richting volgend jaar. De voorzitter: De heer Boetzkes. De heer Boetzkes: Voorzitter, dank je wel. Nogmaals, en u valt ook elke keer in herhaling, ik snap dat we iets aan de onderkant doen, die discussie hoeven wij niet te voeren, daar zijn we het met elkaar eens. We zijn het volgens mij ook met mekaar eens dat het aan de bovenkant wel goed komt, de cijfers laten dat ook zien. Wat ik graag wil begrijpen is wat u weerhoudt op dat tweede punt. Het is juist dit waar wij deze motie voor oproepen, ik ben nogmaals bereid om te overwegen daar iets in aan te passen. Maar duidt mij dan wat daarin aangepast moet worden.

Het is juist deze groep waar die starters in zitten, het zijn juist die starters die 215, misschien 250 met z’n tweeën kunnen lenen, krap aan en misschien met een starterslening, die stap kunnen maken. Dus oproepen, en dat is wat de motie doet, om daar aandacht voor te hebben. Ik begrijp niet zo goed waarom ik dat niet zou kunnen. De voorzitter: We vallen in herhaling. Wethouder Van Waardenburg nog een keer een reactie en dan moet u het daarmee doen. Mevrouw Van den Waardenburg: Ik heb zojuist wat projecten genoemd waar die sociale koop wel inzit tot 220, maar ik geef u gewoon mee, dat is gewoon een hele moeilijke soort bouw om dat op dit moment te realiseren. Maar we hebben er al aandacht voor. Goed dat u dat onderstreept, maar wij willen niet als college of als gemeente in die zin belet worden om ook andersoortige woningen te bouwen. Juist die mix is heel belangrijk. Dat is vooral het punt. De heer Boetzkes: Voorzitter, sorry dat ik er toch op terugkom maar ik stel een redelijk concrete vraag of ik iets aan moet passen en vervolgens wordt gezegd dat er aandacht aan is. Ik zie dat er aandacht aan is, ik zie dat die aandacht beperkt is, wij roepen op om daar iets mee te doen en volgens mij is daar geen enkel bezwaar tegen. De voorzitter: De vraag is duidelijk. De heer Boetzkes: Ja, ik heb hem inmiddels drie keer moeten stellen, voorzitter.

Mevrouw Van den Waardenburg: Ik heb de motie even niet bij de hand. Ik weet niet of er straks nog een schorsing is wat volgens mij is de volgorde iets anders, maar wij zouden kunnen kijken … De voorzitter: Hier is de motie, we kunnen gewoon meteen even tot zaken komen als dat erin zit. Mevrouw Van den Waardenburg: Nogmaals, die anterieure overeenkomsten met particuliere partijen, daar afspraken over te maken, dat doen wij al, daar hebben we het ook al eerder over gehad, dat juist bij vijftig woningen of meer we ook kijken of we dan bijvoorbeeld 30 procent sociale huur kan worden toegevoegd. In

ieder geval niet kijken, dat leggen we op. En dan aan te sturen op de realisatie van een lage middenhuur en lage middeldure koop. En dat aan te sturen, daar zit het ‘m in. Dus dat we dat aanmoedigen, prima, maar dat aan te sturen op, daar zit nogal een dwingende redeneringen achter dat we daar alleen maar voor zouden moeten gaan bouwen. De voorzitter: Dus u zegt aansturen moet aanmoedigen zijn. Dat is concreet. De heer Boetzkes: En ik ben bereid dat aan te passen, dus ik zal dat zo overnemen. De voorzitter: Dit was het toch, wethouder? Mevrouw Van den Waardenburg: Voor wat betreft de motie van Helder Helmond wel, maar ik had … De voorzitter: Nee, nee, nee, aansturen op aanmoedigen, ja? Oké, dank je wel. Mevrouw Van den Waardenburg: Dan de starterslening, voorzitter, want wat we ook in deze begroting hebben opgenomen is de Volkshuisvestings- en woonfonds, een dekking waar wij veel uit bekostigen, bijvoorbeeld ook als het gaat om de realisatie van sociale huurwoningen en startersleningen. En de motie van de Partij van de Arbeid heeft daarop een motie ingediend waarin zij aangeven, ga mee met de verruiming van de starterslening, iets wat zij volgens mij landelijk ook zien. En we zien ook dat gewon de markt van woningen al gemiddeld naar 3 ton gaat, dus eigenlijk zou de starterslening daarop mee moeten groeien.

En als college kunnen we daar positief op reageren, ook omdat wij starters de kans willen geven om hun wooncarrière te beginnen en vandaar ook dat wij positief reageren op die motie van de Partij van de Arbeid. Dan enkele vragen van de Partij van de Arbeid, vraag namelijk wat de woningcorporaties doen aan verlagen van de woonlasten. Eentje is bijvoorbeeld, als het gaat om voorlichting van energiebesparing doen woningcorporaties op dit moment. De tweede is, gaat om de energiebesparende voorzieningen en die is van belang want die staat namelijk in het Nationale Prestatieafspraken, dat is iets wat de VNG, Aedes, dat is overkoepeling van de corporaties en het Rijk met elkaar hebben gemaakt. Dus dat zijn de Nationale Prestatieafspraken en daar staat in, dat isolatiemaatregelen aan de woning niet mogen worden doorbelast aan de huurder. Dus die worden gratis toegevoegd. Daarnaast staat in die Nationale Prestatieafspraak ook dat woningen waar iemand woont met een inkomen rondom het 120 procent sociaal minimum en een huur hoger dan 550, daar is een wettelijke verplichting opgelegd om eenmalig huurverlaging te krijgen tot een bepaald bedrag. Dus beide volgen uit de Nationale Prestatieafspraken en worden in die zin ook bindend richting onze eigen corporaties.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12130489/2