Technische vragen PvdA Actualisatie beleidsregel kamerbewoning Opiniecommissie 8 juni
Tekst van het document
Technische vragen Actualisatie beleidsregel kamerbewoning Opiniecommissie 8 juni Door de PvdA fractie zijn technische vragen gesteld m.b.t. het opiniestuk Actualisatie beleidsregel kamerbewoning, dat vandaag in de Opiniecommissie besproken wordt. Bijgaand treft u vragen en antwoorden aan. Ten aanzien van punt 4 van de Opiniecommissie van morgenavond 8 juni “Actualisatie beleidsregel kamerbewoning” Helmond heeft de PvdA-fractie enige vragen. Oorspronkelijk wilden wij die morgen in de vergadering inbrengen, maar omdat ze eigenlijk toch wel vrij technisch van aard zijn bieden we ze u hierbij alvast aan:
Als achtergrondinformatie een vraag over de huidige regeling uit 2016: daarin staat dat de regeling alleen gaat om locaties die al de bestemming “wonen” hebben. In de regeling staat onder andere dat “kamerverhuur nagenoeg altijd in strijd is met het bestemmingsplan, ook binnen een woonbestemming”, maar ook “Kamerverhuur wordt binnen de bestemming “Wonen” in beginsel in de hele stad toegestaan, behalve…..” en dan volgt een opmerking over het spreidingsbeleid. En ook staat er “Voor reguliere kamerverhuur wordt de grens gesteld op maximaal één huishouden en één persoon”. Wij vragen ons af wat de juridische borging voor deze regeling is? Want hoe kan een hoofdbewoner weten dat hij/zij niet bijv. twee kamers mag verhuren aan bijv. een studentenstel? In bestemmingsplannen staat daarover niets. Niet in de regels en niet in de definities. Antwoord: De reikwijdte van de beleidsregel voor kamerbewoning is inderdaad beperkt tot (enkel) bestaande panden met een woonbestemming. Het bestemmingsplan bepaalt veelal dat in een woning maximaal één huishouden mag worden gehuisvest. Bij kamerbewoning gaat het er juist om dat de kamerbewoners géén gezamenlijk huishouden voeren.
Om een voor de functie Wonen bestemd pand alsnog voor kamerbewoning (lees: de huisvesting van meerdere huishoudens) te mogen gebruiken, is daarom een omgevingsvergunning vereist om af te mogen wijken van het bestemmingsplan. In de beleidsregel voor kamerbewoning staat een ook nadere omschrijving van het begrip huishouden. De gedachte achter de spreidingsfilosofie begrijpen wij wel, maar hoe is dat juridisch geborgd? Is dat niet een inperking op het eigendomsrecht? Antwoord: De spreidingsgedachte is ingegeven door het belang van een verantwoorde ruimtelijke inpassing van een initiatief voor kamerbewoning, met behoud van de leefbaarheid in een buurt of straat. Die spreidingsgedachte is (ook) juridisch verankerd in de beleidsregel voor kamerbewoning. Hierin staat dat binnen 100 meter rondom een vergund kamerbewoningspand niet een tweede kamerbewoningspand mag worden gevestigd. Het eigendomsrecht is geen absoluut recht. De overheid mag in het belang van de ruimtelijke ordening de uitoefening van het eigendomsrecht nader reguleren, bijvoorbeeld met een bestemmingsplan of met de bevoegdheid om onder bepaalde voorwaarden van een bestemmingsplan af te wijken (zoals de spreidingsvoorwaarde). Zo bepaalt een bestemmingsplan bijvoorbeeld dat je in een woning uitsluitend mag wonen en hier geen winkel mag beginnen.
En bepaalt een bestemmingsplan dat je niet zomaar in elk pand kamers mag gaan verhuren. Van ontneming van eigendom is geen sprake. Die nadere regulering van overheidswege is in dit geval, in het belang van een goede ruimtelijke ordening, dus gerechtvaardigd. Ook overigens voldoet deze nadere regulering aan de eisen die de leer van de beperkingen van grondrechten (bij wet voorzien, dringende maatschappelijke behoefte,
proportioneel en noodzakelijk, kenbaar/voorzienbaar en toegankelijk) hieraan stelt. Er is daarmee geen sprake van een onrechtmatige inmenging in het eigendomsrecht. Wij nemen aan dat deze beleidsregel een College-bevoegdheid is? Antwoord: Dat is juist, de bevoegdheid om af te wijken van het geldende bestemmingsplan ten behoeve van het gebruik van een pand voor kamerbewoning berust exclusief bij het college van burgemeester en wethouders. Zoals ook aangegeven in het commissieformat leggen we ter verkenning van uw gedachten over de geactualiseerde regels voor kamerbewoning de notitie en presentatie aan u voor.