RV 2026-004 (geamendeerd) Kaders Stedenbouwkundige Ontwikkelvisie Nieuw Brandevoort
Tekst van het document
Raadsvoorstel Raadsvergadering
2026-004 geamendeerd 27 januari 2026
Onderwerp Portefeuillehouder College besluit Zaaknummer
Kaders uitwerking Nieuw Brandevoort G.L.C.C. van den Waardenburg 25 november 2025 52766098
Gemeenteraad
Aan de gemeenteraad, Het college stelt u voor: 1. De Stedenbouwkundige ontwikkelvisie Nieuw Brandevoort vast te stellen inclusief bijlage 2. De kaders voor de GREX vast te stellen, opgenomen in de adviesnotitie Kaders voor de GREX Nieuw Brandevoort 3. Het participatieplan voor Nieuw Brandevoort vast te stellen 4. Opdracht te geven voor verdere uitwerking bestaande uit: • Structuurplan voor het gehele plangebied • Stijl en identiteitsbeeld voor het gehele plangebied • Stedenbouwkundig plan voor de versnellingslocatie • Nieuwe GREX voor Nieuw Brandevoort Samenvatting Nieuw Brandevoort is een belangrijke gebiedsontwikkeling voor de woningbouwopgave van Helmond (Schaalsprong Helmond) en de Brainportregio. Met de combinatie van de stedenbouwkundige ontwikkelvisie, kaders voor de GREX en het participatieplan ligt er een goede basis om uitwerking te geven aan de verdere planvorming van een toekomstbestendige, inclusieve woonwijk voor Helmond met ruimte voor een werklocatie. De stedenbouwkundige ontwikkelvisie concretiseert de kaders uit het raadsbesluit nieuwe koers (van 2 juli 2024) naar een onderbouwde ambitie voor de hoofdstructuren en kernkwaliteiten (leefbaarheid, groen, water, mobiliteit, duurzaamheid en energie) van het gebied. Het vormt daarmee de basis voor de verdere technische, stedenbouwkundige en architectonische uitwerking.
Voor de uitwerking van deze gebiedsontwikkeling werken we van grof naar fijn. Een door de raad vastgestelde basis is noodzakelijk voor de volgende stap: het uitwerken van een GREX en het uitwerken van het plan volgens 3 vervolgstappen die deels parallel lopen: 1) opstellen structuurplan; 2) opstellen van een stijl- en identiteitsbeeld voor het totale plangebied en 3) een stedenbouwkundig plan voor een eerste deelgebied (de versnellingslocatie). Het participatieplan maakt inzichtelijk op welke wijze de raad, onze ontwikkelende partners, systeempartners, bewoners en omwonenden betrokken worden bij deze drie vervolgstappen. Het functioneert daarmee als een kader voor het proces van de gebiedsontwikkeling. Voorgaande besluitvorming Hieronder is chronologisch weergegeven op welke momenten u bent geïnformeerd via raadsinformatiebrieven, welke bijeenkomsten met de opiniecommissie en raad zijn geweest en welk raadsbesluit eerder is genomen met betrekking tot de gebiedsontwikkeling Nieuw Brandevoort: • Raadsinformatiebrief 130 (Nieuwe Koers Brainport Smart District (BSD)) d.d. 6 oktober 2023; • Raadsinformatiebrief 20 (Proces nieuwe koers BSD) d.d. 6 februari 2024; • Raadsbesluit vaststelling Nieuw Koers d.d. 2 juli 2024; • Opiniecommissie ambitiedocument Nieuw Brandevoort d.d. 3 juni 2025; • Opiniecommissie voorkeursvariant ontwikkelvisie Nieuw Brandevoort d.d.
23 september 2025 • Raadsinformatiebrief 145 Themasessie Nieuw Brandevoort d.d. 2 oktober 2025 • Themasessie gemeenteraad Nieuw Brandevoort d.d. 28 oktober 2025
Gemeenteraad van Helmond
Blz. 1 van 11
Waarom Op 2 juli 2024 heeft u aan het college opdracht gegeven om voor deze gebiedsontwikkeling een nieuwe koers uit te werken voor een duurzame, circulaire en klimaatadaptieve wijk. Daarbij heeft u voor verschillende inhoudelijke aspecten (draaiknoppen) richting meegegeven voor het op te stellen stedenbouwkundig plan. Het gaat daarbij onder meer om het aantal woningen, betaalbaarheid woningen, mobiliteit & parkeren, voorzieningen, innovatie, groen & landschap en de opzet, structuur en uitstraling van de wijk. Op basis van deze draaiknoppen is het college aan de slag gegaan en heeft zij deze uitgewerkt en vertaald naar ontwerpprincipes. Uit deze vertaling bleek dat bepaalde draaiknoppen niet eenvoudig te verenigen zijn. De door de gemeenteraad meegegeven uitgangspunten verenigen zich niet met het strak financieel kader. Om die reden zijn we een verkenning gestart naar een invulling van het gebied met meer woningen, passend in de schaalsprong van Helmond en met oog voor de menselijke maat. In plaats van 2.500 woningen als denkrichting is dit gewijzigd naar een denkrichting van 2.500 tot maximaal 5.000 woningen. Ook mede ingegeven doordat een deel van de 30 ha bedrijventerrein uit het oude Masterplan Brandevoort 2 nu beschikbaar komt voor woningbouw. Door toepassing van de verdeling uit de woonvisie valt 70 % van de woningen in de categorie betaalbaar.
Dit betekent dat je met dezelfde bebouwingsdichtheid een hoger woningaantal in hetzelfde volume kwijt kunt. Via het principe van omgekeerd ontwerpen, starten vanuit de kwaliteit van het gebied, is een nieuw uitgangspunt voor het aantal woningen gedestilleerd die rekening houdt met het financieel kader én recht doet aan de meegegeven uitgangspunten voor de inhoudelijke aspecten. Dit uitgangspunt van ca 4000 woningen volgt uit de keuze om hoogte accenten van 12 lagen los te laten en het inzicht dat met maximaal 6 lagen het niet mogelijk is om 5000 woningen op een passende manier uit te werken in het plangebied. Met deze uitgangspunten kan het gebied in een volgende stap stedenbouwkundig en architectonisch worden uitgewerkt met oog voor de menselijke maat en is er ruimte voor een dorpse sfeer, ook bij verdichting. Deze nieuwe uitgangspunten zijn samengebracht in Stedenbouwkundige ontwikkelvisie Nieuw Brandevoort. Deze ontwikkelvisie is daardoor een herijking van de kaders uit het raadsbesluit van 2 juli 2024. Het vormt daarmee een tussenstap, op weg naar het door u vast te stellen structuurplan, een stijl- en identiteitsbeeld voor het gehele plangebied én een stedenbouwkundig plan voor het eerste deelgebied.
Met het vaststellen van deze Stedenbouwkundige ontwikkelvisie Nieuw Brandevoort maakt u het mogelijk om met de herijkte kaders voortvarend verder te gaan met de uitwerking van de planvorming, inclusief een nieuwe GREX voor het plangebied. Dit is daarmee een belangrijke stap in het hele planproces waarbij het vizier is gericht op start van realisatie in (naar verwachting) 2027 van het eerste deelgebied. Tegelijkertijd houdt u grip op de uitwerking van deze ontwikkelvisie in de 3 verschillende deelstappen (structuurplan en stijl-/identiteitsbeeld voor het totale plangebied en stedenbouwkundig plan eerste deelgebied). Het uitstellen van de besluitvorming over voorliggende visie en kaders zou betekenen dat deze pas kunnen worden voorgelegd aan de raad na de verkiezingen. Dit leidt tot vertraging van circa 1 jaar voor de bouw van de eerste woningen. Deze vertraging heeft ook financiële gevolgen voor de gebiedsontwikkeling in verband met de rentelast over de actuele boekwaarde. Argumenten 1.1 De Stedenbouwkundige ontwikkelvisie is een ruimtelijke vertaling van het raadsbesluit Nieuwe koers en geeft een kader voor verdere planuitwerking Met de stedenbouwkundige ontwikkelvisie zetten we een eerste stap in de uitvoering van het raadsbesluit Nieuwe Koers voor de ontwikkeling van Nieuw Brandevoort, echter een stedenbouwkundig plan zoals voorgesteld in het raadsbesluit ligt nog niet voor.
Dat is pas een volgende stap. Voor de ontwikkelvisie zijn we gestart met een analyse van het plangebied en het toe te passen beleid. Deze is uitgewerkt in het Ambitiedocument, die daarom als bijlage is toegevoegd aan de ontwikkelvisie. Op basis van deze analyse is in de stedenbouwkundige ontwikkelvisie een ambitiekader voor de gebiedsontwikkeling geformuleerd met 10 ambities. Deze ambities zijn uitgewerkt in ontwerpprincipes en systeemkeuzes voor verschillende thema’s. Deze ontwerpprincipes en systeemkeuzes geven richting aan de ruimtelijke hoofstructuren van het gebied, de mogelijkheden in dichtheden en diversiteit van de toekomstige wijk. De ontwikkelvisie laat zien hoe de kaders uit het raadsbesluit zich vertalen naar ruimtelijke hoofdstructuren en kernkwaliteiten. Tegelijkertijd laat de visie ruimte om bij de verdere uitwerking op zoek te gaan naar de beste invulling hiervan.
Gemeenteraad van Helmond
Blz. 2 van 11
1.2 De totstandkoming van deze ontwikkelingsvisie is zorgvuldig afgestemd en is gaandeweg geoptimaliseerd Gedurende het proces van de totstandkoming van de ontwikkelingsvisie is de gemeenteraad op verschillende momenten geraadpleegd: • twee contactmomenten met de opiniecommissie: 3 juni 2025 en 23 september 2025 waarin respectievelijk het ambitiedocument en de concept visie voor reactie is voorgelegd. • diverse participatiemomenten met betrokkenen en belangstellenden, waarin het proces en de concept visie besproken is, en gelegenheid was om stil te staan bij de individuele en/of maatschappelijke positie van de gesprekspartners. • themasessie met de raad: 28 oktober 2025. Tijdens deze bijeenkomst is het principe van omgekeerd ontwerpen toegelicht, inclusief een financiële doorkijk van voorgestelde ontwerpprincipes, uitwerkingen en systeemkeuzes. Naar aanleiding van deze bijeenkomsten zijn onderdelen uit de stedenbouwkundige ontwikkelingsvisie aangepast. Zo zijn de hoogteaccenten met 12 lagen uit de ontwikkelingsvisie weggenomen. Is op basis van het zoeken naar een optimum voor het aantal woningen tussen de 2.500 en 5.000 woningen, het scenario van 5.000 woningen verlaten en is 4000 woningen als uitgangspunt genomen voor de verdere planuitwerking. Ook is de ambitie voor parkeren is aangepast conform het Helmonds parkeerbeleid.
1.3 De stedenbouwkundige ontwikkelvisie is getoetst op integrale haalbaarheid Een gebiedsontwikkeling van deze omvang werk je in stapjes uit. Dat begint heel abstract en wordt steeds een beetje concreter. Dit noemen we “werken van grof naar fijn”. Een belangrijk onderdeel bij het werken van grof naar fijn is dat je de haalbaarheid continu in het oog houdt. Dit helpt om versnelling te realiseren in de uitwerking, omdat je zo voorkomt dat er teveel ambities gestapeld worden in het begin en je er bij de uitwerking niet meer uitkomt. Om die reden zijn de hoofdstructuren en daaruit volgende systemen voor bijvoorbeeld water, groen, Natuur Netwerk Brabant, en mobiliteit op hoofdlijnen getoetst op integrale haalbaarheid. Dit blijven we doen bij iedere verdere stap in de uitwerking. 1.4 De stedenbouwkundige ontwikkelvisie is tot stand gekomen in nauwe samenwerking met onze partners De gemeente werkt niet alleen aan de ontwikkeling van deze nieuwe woonwijk, maar doet dit samen met gecontracteerde partners. Zo werkte de ontwikkelpartner inhoudelijk mee en zijn de woningcorporaties woCom, Compaen en Woonbedrijf inhoudelijk betrokken bij de totstandkoming van de stedenbouwkundige ontwikkelvisie. Onze partners hebben hun commitment aan het document ook bestuurlijk uitgesproken.
1.5 Uitwerking van de stedenbouwkundige ontwikkelvisie is geënt op vigerend beleid De stedenbouwkundige ontwikkelvisie en het ambitiedocument zijn tot stand gekomen samen met een breed en integraal projectteam. Vanuit alle disciplines is het toe te passen beleid aangeleverd als startpunt voor deze documenten, waaronder (niet limitatief): de gemeentelijke woonvisie, het doelgroepenonderzoek, ontwikkelperspectief, Mobiliteitsvisie Helmond 2040 en de uitgangspunten van de beleidsregel parkeernormen Helmond 2024, Natuur en landschapsvisie en het Programma van Eisen Klimaatadaptatie. 1.6 De stedenbouwkundige ontwikkelvisie is een eerste uitwerking van de omgevingswet en actuele landelijke en provinciale richtlijnen en kaders Naast het beleid is het voor de uitvoerbaarheid en toekomstbestendigheid van deze gebiedsontwikkeling van belang dat ook de omgevingswet en actuele kaders en richtlijnen goed in de basis verwerkt zijn. Bijvoorbeeld de landelijke richtlijn “water en bodem sturend” stelt harde randvoorwaarden voor de ontwikkeling van woningen in laaggelegen gebieden. Voor de provinciale regeling over de in het plangebied aanwezige Natuur Netwerk Brabant geldt dit ook, en bepaalt of de provincie in de planologische procedure medewerking verleent aan deze ontwikkeling.
Om voor de uiteindelijke plannen zo soepel mogelijk tot vaststelling te komen met het bevoegd gezag, zijn ook deze onderdelen in de visie verwerkt en komen ze in iedere vervolgstap steeds concreter aan de orde. 1.7 De stedenbouwkundige ontwikkelvisie legt een kwalitatieve basis voor een inclusieve wijk De ontwikkelvisie legt de basis voor een wijk voor iedereen, met gemengde buurten, diverse woningtypes voor ieders budget en een compact centrum op loopafstand van het station. De vier kernkwaliteiten vormen de basis: groene leefstraten, een centraal gelegen Beekdalpark, een groen raamwerk dat aansluit op de bestaande beek en het Natuur Netwerk Brabant, en een zorgvuldige aansluiting op de omgeving. De 70% betaalbare woningen gaan samen met openbaar groen nabij de woning. Voorzieningen in het hart van de wijk, ontmoetingsplekken, speelruimtes en buurtpleinen versterken de sociale cohesie en dragen bij aan een gezonde leefomgeving. Water en groen spelen een hoofdrol, onder meer met wadi’s en een robuuste groenblauwe structuur. Het groene raamwerk borgt de samenhang en geeft ruimte aan een menselijke maat en variatie bij de verdere uitwerking, bijvoorbeeld via het kleurrijke bouwblok of het organische grid voor speelsheid in het stratenpatroon in combinatie met een functionele verkeersafwikkeling. Gemeenteraad van Helmond
Blz. 3 van 11
Slim en meervoudig ruimtegebruik wordt toegepast door bestaande groenblauwe structuren te benutten en recreatie te koppelen aan waterberging, terwijl hindercontouren rond spoor en N270 worden ingezet voor bezoekersparkeren. De Medevoort wordt onderdeel van de hindercontour voor de werklocatie waardoor hier een volwaardig bedrijventerrein voor de maakindustrie kan worden gerealiseerd. De bebouwingsdichtheid sluit aan bij de dichtheden van Brandevoort aan de zuidzijde van het spoor en varieert met een hogere dichtheid nabij het station en een lagere dichtheid naar de randen van het plangebied. Tot slot sluit de wijk optimaal aan op het omliggende landschap, met goede wandel- en fietsverbindingen die de bereikbaarheid en leefkwaliteit verder versterken. Naast het sociale hart, wordt met de voorzieningen nadrukkelijk verbinding gezocht met de bestaande Veste, zodat deze gebiedsontwikkeling bijdraagt aan de leefbaarheid aan beide zijden van het spoor. 1.8 De basiskwaliteiten uit de visie sluiten aan bij de ambitie voor Helmond als stad voor het gezin De wijk wordt ook een fijne plek voor gezinnen doordat kinderen veilig op straat kunnen spelen en bewoners elkaar gemakkelijk kunnen ontmoeten. De leefomgeving is verkeersveilig ingericht: auto's kunnen overal komen waar dat nodig is, maar parkeren gebeurt vooral op daarvoor bestemde plekken, niet in de hele straat.
Gezinnen kunnen meestal één auto bij of dichtbij de woning kwijt. Bezoekers parkeren aan de randen van de wijk, op maximaal zo’n 400 meter lopen. In de leefstraten is bovendien ruimte voor voorzieningen zoals laden en lossen en plekken voor mindervaliden, waardoor de wijk praktisch en toegankelijk blijft voor ieder gezin. De ontsluitingsstructuur zorgt voor een goede verkeersafwikkeling, zowel voor de wijk Nieuw Brandevoort als voor de bestaande wijk Brandevoort. De nabijheid van het station nodigt uit tot gebruik van het openbaar vervoer. 1.9 De basiskwaliteiten borgen een toekomstbestendige uitwerking voor deze langjarige gebiedsontwikkeling De ontwikkeling van Nieuw Brandevoort omvat een totale doorlooptijd van circa 18 jaar voordat de laatste woningen in het plangebied zijn gerealiseerd. Dit doen we in stapjes met deelgebieden van ca 500 woningen tegelijk, die zorgen voor een continue stroom van woningbouw met een divers aanbod van woningtypen. Het groene raamwerk zorgt voor de samenhang van de deelgebieden bij deze gefaseerde ontwikkeling. Het abstractieniveau van de stedenbouwkundige ontwikkelvisie sluit aan bij deze planningshorizon, en vormt een onderbouwde basis die ruimte biedt voor flexibiliteit. Dit is belangrijk om bij toekomstige deelgebieden in te spelen op actuele en bijgestelde (wettelijke) kaders en richtlijnen.
Met de stedenbouwkundige ontwikkelvisie leggen we de kernkwaliteiten (leefstraten, beekdalpark, groen raamwerk, aansluiting op de omgeving), richting voor de hoofdstructuren, het principe van het organische grid en slim meervoudig ruimtegebruik voor (groen/water/speel- ontmoet- en parkeervoorzieningen en hindercontouren) vast. Maar dit is nog abstract en moet nog worden uitgewerkt. In de uitwerking krijgt het concreter vorm en worden bijvoorbeeld de hoofstructuren in bij het structuurplan na de technische uitwerking ook ‘vastgeklikt’ op de kadastrale ondergrond. Nu kunnen de vlekken nog wat verschuiven omwille van deze technische uitwerking. Een ander voorbeeld is dat we het vervormde grid als principe hebben opgenomen in de visie. Daarmee combineren we het efficiëntie van het grid met de speelsheid van de landschappelijke structuren in het plangebied. In de stedenbouwkundige uitwerking verbuigen we het gridpatroon zodat er knikken in de straten ontstaan. Dit kan doordat de straten zelf geknikt worden, of doordat we speels omgaan met het naar voren of naar achteren schuiven van de voorgevel, zoals in de Veste ook is gedaan op verschillende plekken. De lijnen in de visie zijn dus geen plankaart; dat komt vanaf volgend jaar.
1.10 De locatie Nieuw Brandevoort is uitermate geschikt voor het toevoegen van 30% sociale woningbouw In de woonvisie is opgenomen dat we in Helmond minimaal 30% sociale huurwoningen willen realiseren in nieuwbouwplannen. De locatie Nieuw Brandevoort is hiervoor uitermate geschikt als uitleglocatie van Helmond. Het plangebied is nog volop flexibel in inrichting en programmering, waardoor verschillende woningtypes en prijsklassen gecombineerd kunnen worden. Mocht ervoor gekozen worden om hier minder dan 30% toe te voegen, dan zal dit op een andere plek in Helmond moeten worden gecompenseerd. Daarbij geldt dat binnenstedelijke ontwikkeling in de regel meer geld kost en moeilijker te realiseren is dan woningbouw op een uitleglocatie. Daarnaast is er al veel sociale woningbouw aanwezig in het centrum van Helmond, zodat spreiding gewenst is, en is het toevoegen van 30% sociale woningbouw een vereiste voor het verkrijgen van subsidies. Tot slot is voor het aanpassen van de reeds verleende WBI subsidie, als ook de aanvraag voor nieuwe subsidies (Beethovenmiddelen, toekomstige WBItranches, etc) een verdeling van 30% sociaal, 40% betaalbaar en 30% vrije sector een harde randvoorwaarde. Dit betekent dat afwijkingen van deze verhoudingen het project uitsluiten voor dergelijke subsidies. In deze fase van de gebiedsontwikkeling is dat niet opportuun.
Gemeenteraad van Helmond
Blz. 4 van 11
1.11 Nieuw Brandevoort is geschikt voor de realisatie van ca 7 ha bedrijventerrein conform de gemeentelijke visie Bedrijventerreinen Binnen Nieuw Brandevoort ontwikkelen we ten noorden van de Medevoort een volwaardige werklocatie voor de hoogwaardige maakindustrie, eventueel gekoppeld aan de Automotive Campus en ingebed in het Brainportnetwerk. Dit werken we uit aan de hand van de landelijke en provinciale richtlijn “Werklandschap van de toekomst”. Hiermee realiseren we een fijne en gezonde werklocatie voor iedereen en trekken we het groene en duurzame karakter van de totale ontwikkeling door in de werklocatie. 2.1 De kaders borgen belangrijke uitgangspunten uit de stedenbouwkundige ontwikkelvisie De kaders volgen uit de stedenbouwkundige ontwikkelvisie zoals beargumenteerd onder 1. Hiermee worden belangrijke uitgangspunten verankerd voor de verdere uitwerking en kan deze uitwerking verder worden getrechterd van grof naar fijn. 2.2 De kaders laten ruimte voor uitwerking Er is een financiële doorrekening op hoofdlijnen gemaakt van de stedenbouwkundige ontwikkelvisie. Hierin werd duidelijk dat er een balans gevonden moet worden tussen vigerend beleid, de verschillende gebiedsambities zoals opgenomen in de stedenbouwkundige ontwikkelvisie en het te verwachten financieel resultaat.
De kaders zoals nu opgesteld laten ruimte om bij de verdere uitwerking opzoek te gaan naar het optimum hierin. 2.3 De kaders zijn noodzakelijk om een volgende stap te zetten: het opstellen van een grondexploitatie (feitelijk is dit een aanpassing op de bestaande grondexploitatie Brandevoort 2) Om een grondexploitatie voor de gebiedsontwikkeling Nieuw Brandevoort op te stellen zijn kaders nodig waarbinnen deze grondexploitatie kan worden uitgewerkt. Het is niet mogelijk om voor verschillende varianten een grondexploitatie te openen. Grondexploitaties zijn projecten met een begin en einddatum en starten vanaf het moment van het vaststellen van het raadsbesluit met daarin de vaststelling van het grondexploitatiecomplex inclusief grondexploitatiebegroting. Dit kan enkel voor een project/plan met voldoende uitwerking. Er moet namelijk een beste inschatting gemaakt worden van de te verwachten kosten en opbrengsten. Zolang geen keuzes worden gemaakt en het plan dus niet duidelijk is, kan geen grondexploitatie worden geopend. Daarom moeten de kaders eerst door de raad worden vastgesteld, waarna de uitwerking volgt. Na uitwerking volgt het grondexploitatiecomplex inclusief grondexploitatiebegroting welke eveneens ter besluitvorming worden voorgelegd aan de raad.
3.1 Het participatieplan geeft uitvoering aan het gemeentelijke participatiebeleid Het participatieplan is opgesteld volgens het vastgestelde gemeentelijke beleidskader participatie en functioneert kaderstellend voor het proces van de verdere planvorming. Het plan is gebaseerd op een zorgvuldige analyse van alle relevante stakeholders, zodat participatie effectief en zorgvuldig kan plaatsvinden. 3.2 Het participatieplan is uitgewerkt conform het beleidskader projectmatig werken Het participatieplan is opgesteld volgens het beleidskader voor projectmatig werken en houdt rekening met de langjarige doorlooptijd van de gebiedsontwikkeling, waarbij niet alle fasen vanaf het begin voorspelbaar zijn. Daarom richt het plan zich nu op de eerstvolgende stappen en deelprojecten, zoals het structuurplan, het stijl- en identiteitsbeeld, en het stedenbouwkundig plan voor de versnellingslocatie. Het participatieplan legt een stevige basis voor een verdere verfijning van het participatieproces bij de uitwerking in concrete projectplannen voor de verschillende deeltrajecten. 3.3 Het participatieplan maakt inzichtelijk hoe de omgeving, partners en bestuur in de komende fase worden betrokken bij de ontwikkeling van Nieuw Brandevoort Het participatieplan laat zien hoe omgeving, partners en bestuur in de komende fase worden betrokken bij de ontwikkeling van Nieuw Brandevoort.
Het biedt duidelijkheid over de rollen, verwachtingen en momenten waarop partijen invloed kunnen uitoefenen, en versterkt daarmee het vertrouwen tussen de gemeente en de samenleving rondom dit project. 3.4 Participatie draagt bij aan de kwaliteit en uitvoerbaarheid van de gebiedsontwikkeling Het planvormingsproces van de gebiedsontwikkeling verloopt van grof naar fijn, waarbij elke volgende stap steeds concreter wordt. Het zorgvuldig betrekken van stakeholders biedt daarbij kansen voor de uitwerking van de wijk. Inzichten van (systeem)partners dragen bijvoorbeeld bij aan de technische uitwerking die de uitvoerbaarheid ten goede kan komen. Betrokkenheid van (toekomstige) bewoners uit Helmond kunnen een bijdrage leveren aan het versterken van de herkenbaarheid en uitstraling van de wijk en daarmee aan de kwaliteit van de wijk. Ook ondernemers en maatschappelijke partijen worden betrokken om de verbinding van voorzieningen met de bestaande wijk Brandevoort concreet te maken en de toegevoegde waarde van deze uitbreiding voor Brandevoort Gemeenteraad van Helmond
Blz. 5 van 11
en de binnenstad van Helmond te versterken. Tijdens een themasessie gaven raadsleden expliciet aan dat ondernemers hierbij actief moeten worden betrokken; dit is meegenomen in het participatieplan. Tenslotte heeft de gemeenteraad, als belangrijke stakeholder voor de besluitvorming en een prominente rol in dit plan. 4.1 De vervolgstappen zijn conform beleid De volgende stappen in de gebiedsontwikkeling worden uitgevoerd in lijn met het geldende beleid en zijn afgestemd op de principes van projectmatig werken. Het op te stellen structuurplan, samen met het stijl- en identiteitsbeeld, vormen het kaderstellende en integrale eisenpakket voor de totale gebiedsontwikkeling. Dit waarborgt een samenhangend en toekomstbestendig plan. Tegelijkertijd wordt de GREX uitgewerkt op basis van de vastgestelde kaders en de hoofdlijnen van deze planuitwerking. Op deze wijze worden de ruimtelijke, functionele en financiële aspecten zorgvuldig op elkaar afgestemd. Deze aanpak koppelt de ontwikkeling van een inclusieve en kwalitatieve wijk aan de financiële uitvoerbaarheid van het project. 4.2 Parallel traject met de versnellingslocatie geeft uitvoering aan versnellingsambitie Traditioneel worden eerst de kaders vastgesteld (structuurplan en stijl en identiteit) en pas daarna wordt het plan voor het eerste deelgebied uitgewerkt.
Als tijdens de uitwerking van het deelgebied blijkt dat de gestelde kaders niet haalbaar zijn, dienen deze alsnog aangepast te worden. Een parallel traject van beide plannen zorgt voor versnelling omdat processen niet achtereenvolgend, maar gelijktijdig worden doorlopen. Bovendien kunnen inzichten bij de uitwerking van het eerste deelgebied al direct worden meegenomen in het structuurplan en stijl- en identiteitsbeeld. Dit voorkomt dat de kaders achteraf moeten worden bijgesteld. 4.3 Parallel traject draagt bij aan onderbouwing haalbaarheid kaders Parallelle trajecten ondersteunen de onderbouwing van de haalbaarheid van de kaders doordat gebiedsbrede uitgangspunten direct worden getest aan de hand van een specifieke casus. Het gedetailleerde plan van de versnellingslocatie fungeert als voorbeeld, waardoor een realistische inschatting kan worden gemaakt van de gevolgen van keuzes voor het structuurplan. Op deze manier wordt voorkomen dat in het structuurplan onverenigbare ambities worden samengevoegd, en ontstaat er een uitvoerbaar en samenhangend kader voor de totale gebiedsontwikkeling. Kanttekeningen en risico’s 1.1 De visie is nog op een hoog abstractieniveau waardoor nog niet alles uitgewerkt is De ontwikkelvisie bevindt zich nog op een relatief hoog abstractieniveau.
Dit laat voldoende ruimte om deze verder te concretiseren tijdens de opstelling van het structuurplan en het stijl- en identiteitsbeeld. Dit biedt de gelegenheid om als gemeenteraad waar nodig bij te sturen. De raad zal actief worden betrokken bij de voortgang, zodat de ontwikkeling van de visie breed wordt ondersteund en het planvormingsproces zorgvuldig kan verlopen. 1.2 De visie gaat niet in op stijl en identiteit voor de wijk De ontwikkelvisie behandelt nog niet de stijl en identiteit van de wijk. Er is besloten om in een afzonderlijk traject de stijl en identiteit als basis voor alle deelgebieden te ontwikkelen. In het participatieplan is dit traject ook opgenomen, zodat bewoners en stakeholders kunnen meedenken over de uitstraling en herkenbaarheid van de wijk, ook in aansluiting op de bestaande wijk Brandevoort. Bij de uitwerking van dit aparte traject is het kader “Lokaal en typisch Helmonds” uit het raadsbesluit Nieuwe Koers het uitgangspunt. 2.1 In de verdere uitwerking kunnen planaanpassingen naar voren komen t.b.v. het gewenste resultaat Zoals vermeld, zijn zowel de ontwikkelvisie als de financiële analyse op hoofdlijnen opgesteld. In de volgende fases zal het plan verder worden uitgewerkt. Dit kan resulteren in aanpassingen om het beoogde resultaat te realiseren. Deze aanpassingen zullen vervolgens aan de raad worden gepresenteerd voor besluitvorming.
3.1 In het participatieplan is geen planning opgenomen Het participatieplan bevat geen gedetailleerde planning, maar beschrijft de aanpak voor de drie deelprojecten die in 2026 centraal staan. Ook bij de uitwerking van deze projecten wordt gewerkt van grof naar fijn in een iteratief proces. Het participatieplan fungeert als kader voor de uitvoering van participatie in deze projectfasen. In de projectplannen, die door het college worden vastgesteld, wordt dit kader vervolgens vertaald naar concrete planningen en werkvormen, zodat participatie doelgericht en gestructureerd kan plaatsvinden. 3.2 Het participatieplan gaat niet in op de voorbereidingsfase, en daarop volgende fasen voor het project Het participatieplan gaat nog niet in op de voorbereidingsfase en de daaropvolgende fasen van het project. Door te werken van grof naar fijn op basis van voortschrijdend inzicht, wordt na de vaststelling van het structuurplan, het stijl- en identiteitsbeeld en de GREX de raad opnieuw betrokken met een kaderstellende participatieaanpak voor de Gemeenteraad van Helmond
Blz. 6 van 11
volgende fase. Op deze manier kan participatie stapsgewijs worden verdiept en afgestemd op de voortgang van het project. 4.1 Het parallelle traject van structuurplan, stijl en identiteitsbeeld en het stedenbouwkundig plan versnellingslocatie vermengt kaders en uitwerking Het parallelle traject van structuurplan, stijl- en identiteitsbeeld en stedenbouwkundig plan voor de versnellingslocatie combineert het vaststellen van kaders met de concrete uitwerking ervan. Waar traditioneel eerst de kaders worden vastgesteld en daarna pas de uitwerking volgt, lopen deze stappen nu gelijktijdig, waardoor versnelling mogelijk is zonder in te boeten op zorgvuldigheid. Tijdens de opiniecommissie van 3 juni 2024 is benadrukt dat versnelling hand in hand moet gaan met zorgvuldige afwegingen. Voor een gedegen uitwerking is daarom expertise ingeroepen op het gebied van “Parallelle planning Woningbouwversnelling”. Op basis van deze parallelle planscan wordt een projectplan uitgewerkt, dat door het college zal worden vastgesteld waarin ook de samenhang tussen de deelprojecten duidelijk wordt geborgd. Financiën Zolang de raad de nieuwe grondexploitatie voor Nieuw Brandevoort nog niet heeft vastgesteld moeten we volgens de BBV voorschriften de balanswaardering van de grondexploitatie blijven baseren op het oude plan Brandevoort 2.
De BBV schrijft ook voor dat we deze balanswaardering jaarlijks bij de jaarrekening moeten herzien en aanpassen op basis van het nieuwe prijspeil en de nieuwe parameters voor de toekomst. De laatste keer heeft dit plaatsgevonden bij de jaarrekening 2024. De balanswaardering voor de bestaande grondexploitatie Brandevoort 2 (Zuid = onder het spoor en Noord = boven het spoor samen) is bij de jaarrekening 2024 bepaald op een bedrag van € 0,1 miljoen negatief. Voor dit negatieve bedrag is een voorziening getroffen (feitelijk betekent dat geld apart gezet). Voor Zuid was dit een positief resultaat van € 4,4 miljoen en voor Noord was dit een negatief resultaat van € 4,5 miljoen. Bij het vaststellen van de nieuwe grondexploitatie voor Nieuw Brandevoort wordt voorgesteld de bestaande grondexploitatie Brandevoort 2 te splitsen in 2 nieuwe grondexploitaties: 1 grondexploitatie voor het afmaken van het laatste deel van Brandevoort Zuid en 1 grondexploitatie voor het nieuwe plan van Nieuw Brandevoort. Alsdan worden deze resultaten van deze 2 grondexploitaties niet meer samengevoegd tot 1 verwacht eindresultaat (zoals nu nog het geval is) maar hebben beide grondexploitaties ieder hun eigen resultaat.
De grondexploitatie voor Brandevoort Zuid (onder het spoor) heeft zoals gezegd een verwacht positief eindresultaat van € 4,4 miljoen en die winst wordt in de komende jaren geleidelijk genomen naar gelang de voortgang van de grondeverkopen en de laatste nog te maken kosten (Percentage of Completion Methode). De huidige grondexploitatie voor Brandevoort Noord (boven het spoor) heeft zoals gezegd een verwacht negatief eindresultaat van € 4,5 miljoen. In de presentatie in de commissie is eerder gesproken over een maximaal negatief eindresultaat van € 35 miljoen. Dit betekent dat, als de nieuwe grondexploitatie voor Nieuw Brandevoort ook inderdaad op een verwacht negatief eindresultaat van € 35 miljoen uitkomt, deze grondexploitatie circa € 30 miljoen meer negatief wordt. Verliezen moeten volgens de BBV voorschriften direct worden genomen. Feitelijk moet alsdan de voorziening voor verwachte verliezen op grondexploitaties direct worden opgehoogd van € 0,1 miljoen (stand jaarrekening 2024) naar € 35 miljoen. Samengevat betekent bovenstaande per saldo een negatiever eindresultaat van afgerond ruim € 30 miljoen: • Verliezen moeten direct worden genomen (geld wordt direct apart gezet) dus een bijstelling van de voorziening van € 0,1 miljoen (stand jaarrekening 2024) naar € 35 miljoen. Dit bedrag zal moeten worden onttrokken aan de reserve grondbedrijf.
• De winst op het zuidelijk gedeelte van € 4,4 miljoen zal in de komende jaren worden genomen en jaarlijks worden toegevoegd aan de reserve grondbedrijf. Bij de jaarrekening 2024 is in de risico analyse van het weerstandsvermogen van het grondbedrijf rekening gehouden met een mogelijke onttrekking aan de reserve van € 30 miljoen vanwege de nieuwe plannen voor Brandevoort. Dus als volgend jaar bij het vaststellen van de nieuwe grondexploitatie voor Nieuw Brandevoort blijkt dat het verwacht eindresultaat van de nieuwe grondexploitatie voor Nieuw Brandevoort ook inderdaad op een negatief resultaat van € 35 miljoen uitkomt dan zijn daar in de reserve grondbedrijf in principe voldoende middelen voor beschikbaar. Bovenstaande is zoals gezegd gebaseerd op de balanswaardering van de bestaande grondexploitatie Brandevoort 2 bij de jaarrekening 2024. Omdat de nieuwe grondexploitatie pas volgend jaar (2026) kan worden geopend moet straks bij de jaarrekening 2025 de balanswaardering van Brandevoort 2 ook weer gebaseerd blijven op het oude Gemeenteraad van Helmond
Blz. 7 van 11
plan. Dat wordt dan bij de jaarrekening 2025 aangepast op basis van het nieuwe prijspeil en de nieuwe parameters voor de toekomst. Dat zal waarschijnlijk betekenen dat de balanswaardering leidt tot andere verwachte eindresultaten dan hierboven genoemd. Dat kan zowel positief als negatief zijn, daar is op dit moment nog niets van te zeggen. Dit zal daarmee dus ook een effect hebben op de reserve grondbedrijf. Uitgangspunt blijft om per saldo voldoende middelen beschikbaar te houden in de reserve om uiteindelijk vast te kunnen blijven houden aan het eerdergenoemde verwachte eindresultaat van € 35 miljoen negatief. Participatie De stukken zijn in co creatie met onze partners opgesteld. Met de bewoners in het plangebied is doorlopend contact. Voor belangstellenden is er conform het beleidskader participatie in deze fase gebruik gemaakt van de participatieniveaus informeren en consulteren. Informeren richt zich op de kaders waarmee de opdracht voor het ambitiedocument gegeven zijn en het eindproduct. Bij de consultatie is het net opgehaald; “welke thema’s spelen bij de ontwikkeling van Nieuw Brandevoort”. Deze input is verwerkt in het eindproduct.
Het proces bestond uit de volgende participatie-onderdelen: Activiteit Doorlopend informeren en raadplegen van HoA-partner en de betrokken woningcorporaties woCom, Woonbedrijf en Compaen Doorlopend contact met bewoners van het plangebied (Pioniersvereniging, bewoners bestaande boerderijen en bewoners Telkesveld) Informeren van belanghebbenden, waaronder Natuur Platform Helmond Onderzoek naar woonwensen verhuisgeneigden Helmond uit april 2024 Informatieavond Nieuw Brandevoort nav raadsbesluit nieuwe koers 18-09-2024
Participatie-niveau Informeren en consulteren
Commissie Ruimtelijke Kwaliteit december 2024 Informatieavond Ambitiedocument 21-05-2025 Opiniecommissie 03-06-2025 Informatieavond Varianten visie 4-9-2025 Opiniecommissie 23-09-2025 Themasessie Nieuw Brandevoort 28-10-2025
Informeren Informeren en consulteren Consulteren Informeren en consulteren Consulteren Informeren
Informeren en consulteren Infomeren Consulteren Informeren
Voor de participatie bij de vervolgstappen na dit raadsbesluit verwijzen we u naar het participatieplan dat als bijlage 4 van dit raadsvoorstel is opgenomen. Communicatie Het besluit zal op de gebruikelijke wijze worden gepubliceerd. Daarnaast zullen de volgende acties voor communicatie worden uitgevoerd: • Partners, zoals de ontwikkelpartner en woningcorporaties, ontvangen een terugkoppeling van het raadsbesluit en worden vooraf uitgenodigd om de vergadering live bij te wonen of via een stream te volgen. • Via de nieuwsbrief van Nieuw Brandevoort wordt een bericht verspreid met een link naar de raadstukken zodra deze online staan, inclusief een uitnodiging om de vergadering live of via stream te volgen. • Bewoners van het plangebied worden persoonlijk uitgenodigd voor een gesprek over het raadsbesluit, zodat zij de gelegenheid krijgen hun vragen en reacties te delen. • Bij een positief raadsbesluit: • wordt een informatiebijeenkomst georganiseerd waarin de inhoud van het besluit, de stedenbouwkundige ontwikkelvisie en het participatieplan worden toegelicht. • worden gesprekken ingepland met maatschappelijke belangengroepen over de inhoud van het besluit, de stedenbouwkundige ontwikkelvisie en het participatieplan waarbij gelegenheid is om dieper in te gaan op de maatschappelijke belangen die door deze partijen vertegenwoordigd worden.
• worden gesprekken ingepland met onze systeempartners over de inhoud van het raadsbesluit het besluit, de stedenbouwkundige ontwikkelvisie en het participatieplan. Op basis hiervan wordt het meewerken aan deze gebiedsontwikkeling verder uitgewerkt. • wordt het positieve raadsbesluit gedeeld via LinkedIn om een breed publiek te informeren over de voortgang van het project Uitvoering en tijdspad Na dit besluit worden tegelijkertijd die samenhangende deelprojecten opgestart: • een structuurplan opgesteld als technische en landschappelijke uitwerking van de Stedenbouwkundige Gemeenteraad van Helmond
Blz. 8 van 11
ontwikkelvisie, • uitwerking van het stijl en identiteitsbeeld voor Nieuw Brandevoort • een stedenbouwkundig plan voor het eerste deelgebied met 500 woningen (de “versnellingslocatie”) Het vast te stellen participatieplan richt zich op de participatie van deze deelprojecten. Vervolgens starten we de voorbereidingen van de planologische procedure op om versneld te kunnen starten met de realisatie van de versnellingslocatie. Procesinformatie en overige raadsinformatie Geleerde lessen uit vorige plannen Uit de ontwikkeling van de bestaande wijk Brandevoort (en het huidig functioneren van de wijk) als ook uit de eerder ter hand genomen ontwikkeling van BSD kunnen lessen worden getrokken die input vormen voor de verdere planuitwerking van Nieuw Brandevoort. Deze lessen kunnen worden samengebracht in een aantal thema’s: • De bestaande wijk Brandevoort is binnen de woongebieden (van de Veste) erg versteend, waardoor er weinig ruimte is voor opvang van neerslag, groen en ontmoetingsplekken. Op diverse plekken is dit inmiddels wel aangepakt. Voor de wijk Nieuw Brandevoort is in de ontwikkelvisie aanzienlijk meer straatgroen voorzien dan bestaand Brandevoort. • De bestaande wijk Brandevoort biedt veel ruimte voor auto’s in het openbaar gebied. Hierdoor is er minder ruimte voor groen en zijn de straten niet altijd fijne speelplekken voor kinderen.
In Nieuw Brandevoort is het principe van leefstraten een kernkwaliteit van de wijk. • Het creëren van een veilige omgeving voor kinderen om te spelen is essentieel voor leefbare wijken. • De gebiedsontwikkeling van Nieuw Brandevoort wordt aangestuurd vanuit de eigen organisatie, in tegenstelling tot BSD waar dit op afstand gebeurde. • Werken van grof naar fijn betekent dat de haalbaarheid van plannen op elk abstractieniveau getoetst wordt. Dit voorkomt dat bepaalde keuzes pas in een ver stadium van de planuitwerking onhaalbaar blijken. Ook kunnen onverenigbare uitgangspunten tijdig worden bijgesteld op basis van voortschrijdend inzicht. • Experimenten kosten tijd en brengen risico’s met zich mee; daarom wordt bij Nieuw Brandevoort vooral gebruikgemaakt van bewezen toepassingen en innovatie via samenwerking, zoals de City Deal en parallel plannen in het woningbouwversnellingsprogramma. • Hoewel de ontwikkeling kansrijk is voor subsidies, wordt in de financiële doorrekening alleen rekening gehouden met subsidies die definitief zijn toegewezen. Deze lessen zijn vertrekpunt voor de verdere planvorming van Nieuw Brandevoort. Daarnaast nemen we bij de planuitwerkingen zoals voorgesteld onder beslispunt 4 ook de te trekken lessen uit het nog lopende Rekenkameronderzoek.
Waarom was een nieuwe koers überhaupt noodzakelijk voor dit plangebied? Nadat het duidelijk werd dat de ontwikkeling van Brainport Smart District niet mogelijk was, is er gekeken naar het bestaande Masterplan Brandevoort 2 als alternatief plan. Hieruit zijn de volgende overwegingen voortgekomen om dit plan niet als alternatief plan te gebruiken: • In het masterplan is 30 ha bedrijfskavels opgenomen. De actuele behoefte van Helmond en de regio vraagt om een andere verhouding tussen wonen en werken in het programma, en daarmee ook een aangepaste hoofdstructuur. • Het masterplan hanteert een andere segmentering dan de vastgestelde woonvisie. Het één op één overnemen van de 30/40/30 verhouding uit de woonvisie zou een aanzienlijke negatieve impact hebben op het financiële resultaat voor dit gebied. • Het planologisch kader is verouderd: er is een uitwerkingsplan vastgesteld. Om woningen te kunnen realiseren, moeten de plannen voldoen aan de hedendaagse eisen van de Omgevingswet. Het masterplan kwam daar onvoldoende aan tegemoet. • Er zijn twee permanente woningbouwinitiatieven uit de plannen van BSD in het gebied gerealiseerd. Deze moeten worden ingepast. Deze overwegingen vragen een nieuwe planstructuur die leidt tot een financieel verantwoord plan dat volgens de omgevingswet uitvoerbaar is.
Vanuit de context dat het plangebied aanvankelijk deel uitmaakte van het Masterplan Brandevoort 2 is in het raadsbesluit Nieuwe Koers van 2 juli 2024 het kader “Lokaal en typisch Helmonds” opgenomen. In de stedenbouwkundige ontwikkelvisie is dit kader vertaald naar een integrale kwalitatieve aansluiting op de omgeving. Bij de vervolgstap stijl en identiteitsbeeld wordt dit kader verder uitgewerkt naar een samenhangend stedenbouwkundig, landschappelijk en architectonisch concept voor het gebied. Gemeenteraad van Helmond
Blz. 9 van 11
Proces omgekeerd ontwerpen voor Nieuw Brandevoort Bij de uitwerking van het ambitiedocument werd geconstateerd dat de kaders uit het raadsbesluit over financiën en het woningaantal onvoldoende verenigbaar zijn. Naar aanleiding daarvan zijn scenario’s opgenomen waarlangs een hogere mate van verstedelijking kan worden verkend. In de opiniecommissie van 3 juni 2025 is aangegeven dat in deze verkenning kwaliteit en leefbaarheid boven kwantiteit gaat. Dit bestuurlijke proces is bepalend geweest voor de wijze waarop de stedenbouwkundige ontwikkelvisie en de daaruit volgende kaders voor de GREX zijn uitgewerkt. Het proces wat we hebben doorlopen wordt ook wel het ‘omgekeerd ontwerpen’ genoemd. Een traditioneel proces begin met een programma van eisen met een vast aantal woningen waar je voorzieningen bij uitwerkt en kijkt wat er nodig is wat betreft ontsluiting en verkeer en voeg je tot slot zoveel mogelijk kwaliteit toe. Vanuit het uitgangspunt om kwaliteit en leefbaarheid voorop te stellen hebben we dit omgedraaid. We zijn begonnen met de gewenste kwaliteit voor dit gebied ook in termen van gezondheid passend bij de Omgevingswet en zijn dat gaan trechteren naar wat daar bij hoort wat betreft mobiliteit, voorzieningen en hoe zich dat vertaalt naar uiteindelijk onderaan een definitief woningbouwaantal. Dit proces is in visueel gemaakt in onderstaande afbeelding.
Afbeelding 1: visualisatie “omgekeerd ontwerpen”
Burgemeester en wethouders van Helmond
burgemeester
gemeentesecretaris
Bijlagen 1. Stedenbouwkundige ontwikkelvisie Nieuw Brandevoort (52766106) 2. Ambitiedocument Nieuw Brandevoort (52766107) 3. Adviesnotitie Kaders voor de GREX Nieuw Brandevoort (52789663) 4. Participatieplan Nieuw Brandevoort (52776194) 5. Versnellingslocatie (52789700)
Gemeenteraad van Helmond
Blz. 10 van 11
Raadsbesluit Vergadering
2026-004 geamendeerd 27 januari 2026
Gemeenteraad
De raad van de gemeente Helmond; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 25 november 2025; gelet op de bepalingen van de Gemeentewet; besluit: 1. Om de Stedenbouwkundige ontwikkelvisie Nieuw Brandevoort vast te stellen inclusief bijlage, met uitzondering van blz. 29 ten aanzien van de beoogde stratenstructuur (het “grid”). Waarbij de verdere analyse met Kernkwaliteiten en Ontwerpprincipes wel worden aangehouden, maar alle verwijzingen naar het grid alleen als schematische indicatie worden beschouwd. 2. Om het schema op blz. 14 als basis te nemen voor de ontwikkeling van een meer op het bestaande Brandevoort lijkende stedenbouwkundige structuur met diverse duidelijk onderscheidende en verzelfstandigde buurten, met geborgenheid en eigen identiteiten, zonder (buiten de al aanwezige buurt-ontsluitende hoofdwegen) buurt-overstijgende doorgaande (woon-)straten. 3. De kaders voor de GREX vast te stellen, opgenomen in de adviesnotitie Kaders voor de GREX Nieuw Brandevoort 4. Het participatieplan voor Nieuw Brandevoort vast te stellen 5. Opdracht te geven voor verdere uitwerking bestaande uit: • Structuurplan voor het gehele plangebied • Stijl en identiteitsbeeld voor het gehele plangebied • Stedenbouwkundig plan voor de versnellingslocatie • Nieuwe GREX voor Nieuw Brandevoort Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 27 januari 2026.
De raad voornoemd, de voorzitter,
de griffier,{{esl:Signer2:capture:size(300,70)}}
{{esl:Signer1:capture:size(300,70)}}
{{esl:Signer2:SignerName:size(200,20)}}
{{esl:Signer1:SignerName:size(200,20)}}
{{esl:Signer2:SigningDate:size(200,20)}}
{{esl:Signer1:SigningDate:size(200,20)}}
Gemeenteraad van Helmond
Blz. 11 van 11