RV 065 Bovenregionale samenwerking MRE inz Maeierijstad- Venlo- Weert
Tekst van het document
Raadsvoorstel Raadsvergadering Onderwerp Portefeuillehouder College besluit Zaaknummer
65 7 oktober 2025
Bovenregionale samenwerking M.V. de Kort 19 augustus 2025 52460742
Gemeenteraad
Aan de gemeenteraad, Het college stelt u voor: De zienswijzen op: a. de gemeenschappelijke regeling “zonder meer” MRE – gemeente Meierijstad, b. de gemeenschappelijke regeling “zonder meer” MRE – gemeente Venlo, c. de gemeenschappelijke regeling “zonder meer” MRE – gemeente Weert, d. de concept Samenwerkingsagenda MRE-Meierijstad, e. de concept Samenwerkingsagenda MRE-Venlo en f. de concept Samenwerkingsagenda MRE-Weert conform bijgevoegde concept zienswijzebrief, in te dienen bij het Dagelijks Bestuur van de MRE Samenvatting De (economische) groei legt in de hele Brainportregio druk op wonen, werklocaties, voorzieningen, talent en bereikbaarheid. Op 3 juli 2024 heeft het AB MRE zich positief uitgesproken over het aangaan van bovenregionale samenwerkingen met de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert om de doelen uit het Samenwerkingsakkoord en de Brainport Agenda te realiseren. De gesprekken tussen MRE en voornoemde gemeenten hebben geleid tot de voorliggende samenwerkingsafspraken die zijn vervat in drie “gemeenschappelijke regelingen zonder meer” en drie samenwerkingsagenda’s. Deze liggen in een parallel proces ter besluitvorming voor bij MRE (en de daarin deelnemende gemeenten) en de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert.
Op 17 juli 2025 heeft het DB-MRE u de drie concept gemeenschappelijke regelingen en daaraan gekoppelde samenwerkingsagenda’s tussen DB-MRE en de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert aangeboden. Aan u is gevraagd om uiterlijk 31 oktober 2025 een zienswijze kenbaar te maken. Uw zienswijze wordt betrokken bij de formele besluitvorming over de samenwerkingsagenda’s die in het Algemeen Bestuur van 17 december 2025 is voorzien en de formele besluitvorming over de regelingen in het Dagelijks Bestuur op 8 december 2025. Voorgaande besluitvorming Het AB MRE heeft voor de verkenning van de bovenregionale samenwerking ingestemd met de volgende kaderstellende uitgangspunten: • Samenwerking moet passen binnen de doelen van het samenwerkingsakkoord MRE en/of Brainport Agenda. • Een samenwerking mag niet ten koste gaan van de bestaande afspraken van gemeenten binnen de Metropoolregio Eindhoven (binnen het samenwerkingsakkoord) en met het Rijk en de provincie. Daarom worden portefeuillehouderoverleggen betrokken als het hun thema betreft, en gemeenten indien het een samenwerking met hun buurgemeente betreft. • Een samenwerking is een wederzijdse afspraak en werkt alleen als het voor beide partijen voordelen oplevert. Uitgangspunt is dat de beoogde partners ook zelf inzet en/of middelen leveren ten behoeve van het specifieke samenwerkingsprogramma met die partner(s).
• Bij een samenwerking moet de inhoud leidend zijn waarbij governance/organisatie volgend en ondersteunend is. Een lichte organisatievorm ligt voor de hand. • Gezien het voorgaande uitgangspunt is het uitbreiden van de MRE met een 22e of 23e gemeente, of het aangaan van een gemeenschappelijke regeling, niet opportuun.
Gemeenteraad van Helmond
Blz. 1 van 6
Het AB MRE heeft aan het DB MRE opdracht gegeven om samenwerkingsovereenkomsten uit te werken met de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert, rekening houdend met de uitgangspunten. Het AB MRE heeft aangegeven dat de samenwerkingsovereenkomsten ter instemming voorgelegd worden aan het AB MRE, waarbij nader wordt bezien in hoeverre de gemeenteraden moeten worden betrokken gelet op de vastgestelde kaders. Daarnaast werd aangegeven dat ook gekeken werd naar samenwerking met Belgisch Limburg en de Antwerpse Kempen, alsook in een 2e fase samenwerking met andere gemeente zoals Tilburg, ’s-Hertogenbosch en Oss. Op 30 oktober 2024 en 18 december 2024 is het AB MRE geïnformeerd over de voortgang in het proces. Op 19 februari 2025 heeft AB MRE kennisgenomen van het advies van de Raadstafel21 dat bij veel gemeenten er behoefte was een zienswijzeprocedure in te lassen op het moment als er formele besluiten komen. Vanuit het AB MRE is tevens gevraagd de juridische grondslag voor het aangaan van samenwerkingsovereenkomsten na te gaan. Op 14 april 2025 heeft het DB MRE ingestemd met de conclusie uit een nadere verkenning dat de meest geëigende juridische grondslag voor de samenwerking tussen de GR MRE, als openbaar lichaam, en een andere gemeente, een ‘regeling zonder meer’ is onder de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr).
Ook de colleges van de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert hebben ingestemd met die conclusie. Daarmee is voldaan aan het verzoek van het Algemeen Bestuur en de Raadstafel21 om te zorgen voor een duidelijke en goed onderbouwde juridische basis voor de afspraken. Op 16 juni 2025 heeft het DB MRE ingestemd om de samenwerkingsagenda’s en de regelingen voor een zienswijzenprocedure voor te leggen aan de raden. Waarom Aan u is gevraagd om uiterlijk 31 oktober 2025 een zienswijze kenbaar te maken. Uw zienswijze wordt betrokken bij de formele besluitvorming over de samenwerkingsagenda’s die in het Algemeen Bestuur van 17 december 2025 is voorzien en de formele besluitvorming over de regelingen in het Dagelijks Bestuur op 8 december 2025. Argumenten 1.1 Door samenwerking met Weert, Meierijstad en Venlo versterken we de regio door gezamenlijke uitdagingen aan te pakken en kansen te benutten; Daarmee maken we de slagvaardigheid van de regio sterker en bieden we meer ruimte om kansen te verzilveren. 1.2 De juridische grondslag “regeling zonder meer” onder de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) sluit het beste aan op de drie concept Samenwerkingsagenda’s. Geen van de drie voorliggende concept-samenwerkingsagenda’s bevat afspraken die vragen om overdracht van taken of het oprichten van een bedrijfsvoering organisatie of een gemeenschappelijk orgaan.
De publiekrechtelijke samenwerkingsvorm die hierop aansluit is de zogenaamde “regeling zonder meer” onder de Wgr. Dit is het lichtste instrument uit deze wet. Het DB MRE is op grond van art 17.2-e GR MRE bevoegd een gemeenschappelijke regeling tussen het openbaar lichaam MRE en andere openbare lichamen (zoals gemeenten) vast te stellen, voor zover het collegebevoegdheden betreft. Daarvan is hier in alle drie de gevallen sprake. 1.3 Het geven van een zienswijze op het aangaan van een gemeenschappelijke regeling tussen DB MRE en een gemeente is een collegebevoegdheid. Op grond van art 26.2 GR MRE dient het DB MRE, alvorens te besluiten tot het aangaan van een gemeenschappelijke regeling, de colleges van de 21 deelnemende gemeenten in de gelegenheid te stellen schriftelijk wensen en bedenkingen ter kennis te brengen van het Dagelijks Bestuur. Deze verplichte “wensen en bedenkingen” procedure maakt nu onderdeel uit van de zienswijzenprocedure voor de raden (op grond van art 25.3 GR MRE), waartoe het Dagelijks Bestuur op 16 juni 2025 heeft besloten. Bijgevolg gaat de zienswijze uit van de raad. Gemeenteraad van Helmond
Blz. 2 van 6
1.4 Raden van de MRE-gemeenten worden gevraagd om zienswijze te geven bij de samenwerkingsagenda’s en de regelingen. De Raadstafel21 heeft het Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur gedurende het proces geadviseerd om de raden te betrekken in het proces en een zienswijzenprocedure in te lassen op het moment dat er formele besluiten komen. Het Dagelijks Bestuur heeft op 16 juni 2025 besloten om de samenwerkingsagenda’s en de regelingen voor een zienswijzenprocedure voor te leggen aan de raden. Daarmee wordt invulling gegeven aan art 25.3 GR MRE, om voor “andere dossiers” deze zogenaamde “voorhangprocedure” te volgen. Alhoewel het geven van een zienswijze op het aangaan van een gemeenschappelijke regeling door het DB-MRE in dit geval formeel enkel een collegebevoegdheid is, worden de raden vanwege de samenhang tussen regeling en samenwerkingsagenda door toepassing van artikel 25 ook in de gelegenheid gesteld aspecten in te brengen die zij voor de besluitvorming door het Dagelijks Bestuur over de regelingen en door het Algemeen Bestuur over de samenwerkingsagenda’s van belang achten. 1.5 De samenwerkingsagenda’s tussen MRE en respectievelijk Meierijstad, Venlo en Weert dragen bij aan vermindering van de druk (wonen, werklocaties, bereikbaarheid) op de Brainportregio Eindhoven.
Het economisch succes zorgt binnen de hele Brainportregio, bestaande uit de 21 MRE-gemeenten, voor druk op wonen, werklocaties en op bereikbaarheid. De in MRE-verband met 21 gemeenten afgesproken maatregelen leiden op korte termijn nog niet tot vermindering van deze druk. Een druk die inmiddels ook voelbaar is buiten de grenzen van onze eigen regio. De gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert hebben alle drie groeiambities, die de druk op onze regio mede kunnen verlichten. Het is nadrukkelijk niet zo dat hierdoor het aantal gemeenten binnen de MRE-samenwerking wordt uitgebreid. Deze blijft bestaan uit 21 gemeenten. Meierijstad, Venlo en Weert gaan -zoals al vanaf het begin in het Algemeen Bestuur MRE is besproken- geen onderdeel uitmaken van de MRE-samenwerking en krijgen dus geen zitting in het AB, DB of de MRE-Portefeuillehoudersoverleggen 1.6 Door gebruik te maken van de in de Brainportregio opgebouwde expertise en analysemethodieken met betrekking tot talent en voorzieningen (dit laatste geldt niet voor Venlo) vergroot de potentie voor synergie. Binnen de MRE-samenwerking hebben we een verkenning uitgevoerd naar basis-, regionale en topvoorzieningen. Op basis daarvan werken we binnen de MRE-samenwerking aan een voorzieningenstrategie/-aanpak. Weert en Meierijstad gaan een soortgelijke verkenning uitvoeren.
Als (samenwerkende) gemeenten hebben we maar een beperkte formele taak op het thema talent. Wel kunnen we met Meierijstad, Venlo als Weert de dialoog met de voor een gemeente relevante kennisinstellingen faciliteren. We doen dit met behulp van Brainport Development. Door een complementaire benadering van talent/onderwijs, waarbij meer dan voorheen in deze gemeenten ook het bedrijfsleven (stageplaatsen) wordt betrokken, zetten we in op vergroting van het arbeidsmarkpotentieel voor de Brainportregio. 1.7 Door het indienen van een zienswijze worden belangrijke aandachtspunten voor Helmond en de Peelgemeenten gezamenlijk nogmaals benoemd. Helmond en diverse andere Peelgemeenten vervullen een sleutelrol binnen de bovenregionale samenwerking met Venlo, Weert en Meierijstad. De gemaakte afspraken binnen deze verbanden hebben directe impact op zowel onze regio als op de gemeente Helmond. In de huidige samenwerkingsagenda’s en regelingen zijn nog diverse punten opgenomen die van strategisch belang zijn voor Helmond en de Peel, en die daarom nadrukkelijk onder de aandacht dienen te worden gebracht. Om de gezamenlijke kracht en belangen van de Peelregio te bundelen en te versterken, is voor deze zienswijzebrief actief de samenwerking binnen de Peelregio opgezocht. Kanttekeningen en risico’s 1.1 De MRE-samenwerking heeft een gesloten huishouding. De MRE is verlengd lokaal bestuur.
In het MRE-samenwerkingsakkoord en de daaruit voortkomende werkprogramma’s zijn de thema’s en opgaven waarin de 21 gemeenten in MRE-verband samenwerken limitatief vastgelegd. Daaruit volgt dat de samenwerkingsafspraken met Meierijstad, Venlo en Weert zich primair focussen op de thema’s werklocaties, wonen en bereikbaarheid. 1.2 MRE heeft beperkte capaciteit. Het geven van opvolging aan de bovenregionale samenwerkingsafspraken ligt primair bij de MRE-werkorganisatie. De primaire taak van de MRE-werkorganisatie is en blijft het faciliteren van de samenwerking tussen de 21 gemeenten. Dat betekent dat de capaciteitsinzet vanuit MRE voor deze bovenregionale samenwerkingen lean & mean is. De MRE-directeur stuurt hierop. Gemeenteraad van Helmond
Blz. 3 van 6
Dat geldt ook voor de capaciteitsinzet van de MRE-gemeenten. Voor het merendeel zal deze beperkt zijn. De meest belanghebbende ‘buurgemeenten’ uit het MRE-gebied zullen door de MRE-werkorganisatie het meest intensief worden betrokken, maar ook hiervoor zullen zoveel mogelijk bestaande overlegmomenten worden benut. Meierijstad, Venlo en Weert staan zelf aan de lat voor de realisatie van hun groeiambities en hun aandeel in de realisatie van de samenwerkingsagenda’s. Hiervoor wordt vanuit de MRE geen ambtelijke capaciteit beschikbaar gesteld. Bij de uitvoering en verdere concretisering van de drie Samenwerkingsagenda’s wordt waar mogelijk gebruik gemaakt van bestaande overlegmomenten en -tafels. Denk bijvoorbeeld aan de NOVEX-tafels Stedelijk Brabant en De Peel, of aan het al bestaande mobiliteitsoverleg van gemeenten aan de A2-Zuid, inclusief Weert (en Nederweert). De hierboven geschetste capaciteitsbeschrijving dient nog formeel te worden vastgelegd. Dit punt is daarom nadrukkelijk opgenomen in de zienswijze. Indien zich in de toekomst onverhoopt capaciteitsknelpunten voordoen aan de zijde van MRE, ligt het voor de hand dat de recent ingestelde Regiegroep Uitvoeringskracht zich hierover zal buigen en passende maatregelen zal overwegen.
1.3 De samenwerkingsagenda’s zijn nog algemeen en/of procesmatig van karakter De afspraken over woningen en werklocaties zijn grotendeels procesmatig. Er zijn nog geen concrete afspraken gemaakt over welke segmenten op welke termijn in de respectievelijke gemeenten zullen worden gerealiseerd. 1.4 Er zijn meer gemeenten in de invloedsfeer aan de Brainportregio In lijn met eerdere besluitvorming in het AB-MRE is prioriteit gegeven aan het komen tot samenwerkingsagenda’s met Meierijstad, Venlo en Weert. Financiën Er zijn geen directe financiële consequenties voor de gemeente (zoals verhoging van de inwonerbijdrage) verbonden aan het aangaan van de samenwerking door MRE met de gemeenten Meierijstad, Venlo en Weert. Participatie Er is geen participatiemogelijkheid voorzien in de totstandkoming van de samenwerkingsagenda’s. Ze bevatten geen nieuw beleid. Communicatie De zienswijzebrief wordt na besluitvorming door uw raad verstuurd aan het Dagelijks Bestuur van de GR MRE. Communicatie over de bovenregionale samenwerking wordt verzorgd door de MRE organisatie. Uitvoering en tijdspad De volgende planning en uitvoering is voorzien: Actie Dagelijks Bestuur (vrijgave zienswijzen)
Datum ma. 16 juni 2025
Algemeen Bestuur (informeren)
wo. 2 juli 2025
Zienswijzeperiode
Vanaf ma. 18 augustus t/m vrij. 31 oktober 2025
Portefeuillehoudersoverleg - Economie - Mobiliteit - Ruimte en wonen Laatste aanpassingen voorstel DB / AB
Meierijstad: 18 sept. 2025 in de raad; Weert: 24 sept. 2025 in de raad; Venlo: 22 okt. 2025 in de raad. Data: do. 20 november 2025 wo. 26 november 2025 do. 27 november 2025 Na poho t/m vrij. 28 november 2025
Dagelijks Bestuur
ma. 8 december 2025
Algemeen Bestuur
wo. 17 december 2025
Gemeenteraad van Helmond
Blz. 4 van 6
Tekenmomenten Publicatie
do. 18 en/of vrijdag 19 december 2025 Direct aansluitend
De verantwoording over de voortgang vindt binnen de MRE-samenwerking plaats via de bestuursrapportages en jaarverslagen van de MRE. De samenwerkingsagenda’s hebben een looptijd van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2029. Uiterlijk in 2028 worden de bovenregionale samenwerkingen tussen MRE en Meierijstad, Venlo en Weert geëvalueerd. Procesinformatie en overige raadsinformatie Het DB MRE heeft op 16 juni 2025 de leden van het AB, colleges en raden, RT21, en andere betrokkenen en belanghebbenden, geïnformeerd over de stand van zaken. Informatie uit die brief is ook verwerkt in dit raadsvoorstel. https://static.metropoolregioeindhoven.nl/assets/bovenregionale-samenwerking-16-juni-2025/Brief-Conceptsamenwerkingsagendas-MRE-met-Weert-Meierijstad-en-Venlo.pdf Burgemeester en wethouders van Helmond
burgemeester Bijlagen
gemeentesecretaris
1. Zienswijze bovenregionale samenwerking (DJUMA doc 52610630) 2. Aanbiedingsbrief zienswijzenprocedure bovenregionale samenwerking MRE met Weert, Meierijstad en Venlo (DJUMA doc.52647080) 3. Gemeenschappelijke regeling “zonder meer” MRE – gemeente Meierijstad (DJUMA doc 52647072) 4. Gemeenschappelijke regeling “zonder meer” MRE – gemeente Venlo (DJUMA doc 52647073) 5. Gemeenschappelijke regeling “zonder meer” MRE – gemeente Weert (DJUMA doc 52647074) 6. Concept Samenwerkingsagenda MRE-Meierijstad (DJUMA doc 52647078) 7. Concept Samenwerkingsagenda MRE-Venlo (DJUMA doc 52647079) 8. Concept Samenwerkingsagenda MRE-Weert(DJUMA doc 52647080)
Gemeenteraad van Helmond
Blz. 5 van 6
Raadsbesluit Vergadering
65 7 oktober 2025
Gemeenteraad
De raad van de gemeente Helmond; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 19 augustus 2025; gelet op de bepalingen van de Gemeentewet;
besluit: De zienswijzen op: a. de gemeenschappelijke regeling “zonder meer” MRE – gemeente Meierijstad, b. de gemeenschappelijke regeling “zonder meer” MRE – gemeente Venlo, c. de gemeenschappelijke regeling “zonder meer” MRE – gemeente Weert, d. de concept Samenwerkingsagenda MRE-Meierijstad, e. de concept Samenwerkingsagenda MRE-Venlo en f. de concept Samenwerkingsagenda MRE-Weert conform bijgevoegde concept zienswijzebrief, in te dienen bij het Dagelijks Bestuur van de MRE
Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 7 oktober 2025. De raad voornoemd, de voorzitter,
de griffier,
Sjoerd Potters
Garrelt de Graaf
09-10-2025
08-10-2025
Gemeenteraad van Helmond
Blz. 6 van 6