CConstaterende datHelmond
Koppel je AI →
Document · PDF

RV 061 Toekomst theater Het Speelhuis in relatie tot De Cacaofabriek

Gemeenteraad 28 september 2021, gemeente HelmondBij agendapunt: 15. Toekomst theater Het Speelhuis in relatie tot De Cacaofabriek5.527 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Vergadering

61 28 september 2021

Onderwerp Portefeuillehouder Afdeling College besluit Commissie Zaaknummer

Toekomst theater Het Speelhuis in relatie tot De Cacaofabriek A. Harijgens AOG, BJO, COM, FIN 20 juli 2021 adviescommissie 16 september 2021 50506571

Gemeenteraad

Aan de gemeenteraad,

Beslispunten 1. In te stemmen met verzelfstandiging van theater Het Speelhuis, onder voorbehoud van goedkeuring van de personele component die valt onder de respectievelijke bevoegdheden van de Ondernemingsraad en/of het Lokaal Overleg; 2. In te stemmen met uitvoering van deze verzelfstandiging door fusie met Stichting De Nederlandsche Cacaofabriek, in de vorm van een concern-constructie; 3. In te stemmen met het opzetten van een horecaconstructie, in de vorm van een separate Horeca BV, onder voorwaarde dat er geen oneerlijke concurrentie ontstaat met Helmondse horeca en er geen subsidie vloeit naar de Horeca BV 4. In te stemmen met het op peil brengen van de bedrijfsvoering van Het Speelhuis en De Cacaofabriek naar een situatie waarbij sprake is van financieel gezond en toekomstbestendig cultureel ondernemerschap 5. In te stemmen met de incidentele meerkosten voor personele inzet en expertise van € 130.000 in 2021 en €150.000 in 2022 en dit te verwerken in de tweede bestuursrapportage 2021 en de programmabegroting 20222025, 6. In te stemmen met het financiële ingroeimodel, waarbij het voordeel in drie jaar oploopt naar € 319.000 structureel en dit te verwerken in de programmabegroting 2022-2025. Inleiding De discussie over de toekomst van theater Het Speelhuis is niet nieuw.

Als een van de laatste theaters in het land is Het Speelhuis onderdeel van de gemeentelijke organisatie. Tijdens de gemeentelijke reorganisatie kreeg Het Speelhuis de opdracht om een meer zelfstandige positie te ontwikkelen en zich te oriënteren op de mogelijkheden van cultureel ondernemerschap. Dit leidde ertoe dat het college op 9 april 2019 de opdracht gaf om een onderzoek te laten uitvoeren naar mogelijke toekomstige organisatievormen. Het bureau Courante kreeg de opdracht de volgende onderzoeksvraag uit te werken: Welk organisatorisch construct geven theater Het Speelhuis en De Cacaofabriek optimale ruimte voor (financieel gezond en toekomstbestendig) ondernemerschap Door Courante zijn vijf scenario’s onderzocht in relatie De Cacaofabriek: Scenario 1: Handhaven huidige structuur (wel doorontwikkeling naar optimaal ondernemerschap) Scenario 2: Beide onderdeel gemeentelijke organisatie Scenario 3: Fusie tot één verzelfstandigde organisatie (volledige fusie) Scenario 4: Fusie door middel van concern-constructie (minder vergaande vorm van fusie) Scenario 5: Beide zelfstandige stichtingen Opiniecommissie Op 10 juni werd het onderwerp besproken in de Opiniecommissie. De bijeenkomst leverde waardevolle inzichten op. De algemene teneur was een positieve grondhouding ten opzichte van de voorkeursscenario’s van het college.

Wel werd door vrijwel alle partijen het belang van goede voorwaarden die moeten worden meegegeven aan de nieuwe organisatie, met name gericht op (blijvende) toegankelijkheid, betaalbaarheid en maatschappelijke verantwoordelijkheid. Ook werd duidelijk dat de toekomstige constructie van de horeca zo moet worden ingericht dat

Gemeenteraad van Helmond

Blz. 1 van 11

een eerlijk speelveld ontstaat ten opzichte van de horeca in de stad. Dit betekent dat er geen subsidiegeld richting de horeca BV mag vloeien en er geen oneerlijke concurrentie mag zijn. Onderzoeksrapport Courante Het onderzoek van Bureau Courante heeft als doel een dusdanig inzicht te bieden dat de gemeenteraad een beslissing kan nemen over mogelijke scenario’s voor de toekomst. Verzelfstandiging is in dit onderzoek één van de onderzochte scenario’s. Samenvattend heeft het onderzoek van Courante de volgende conclusies: 

Geen toekomstbestendige situatie Ongeacht de manier waarop Het Speelhuis en de Cacaofabriek in de toekomst (ten opzichte van elkaar) worden georganiseerd, is het belangrijk te bekijken hoe toekomstbestendig de huidige inrichting en werkwijze is. Het onderzoek heeft als conclusie dat dit voor beide organisaties momenteel onvoldoende het geval is. Dit heeft vooral te maken met een (te) optimistisch beeld bij de start van (met name) de Cacaofabriek in 2014. Destijds werd er vanuit gegaan dat de Cacaofabriek wel zou kunnen draaien op een beperkt aantal professionele krachten, en vooral met vrijwilligers. Met een minimale subsidie tot gevolg. Kijkend naar de ambities (toen al) om van de Cacaofabriek de nieuwe culturele hotspot van Helmond te maken én de positieve wijze waarop die ambitie de afgelopen jaren is waargemaakt, moet worden geconcludeerd dat de huidige situatie – hoe dan ook – niet langer houdbaar is. De huidige situatie is in die zin onhoudbaar (bij met name De Cacaofabriek) omdat met te weinig mensen en middelen gewerkt wordt aan een grote opgave. Er kan niet voldaan worden aan de voorwaarden van good governance en de fair practice code, die uitgaat van eerlijke betalingen en een gezonde balans tussen betaalde krachten en vrijwilligers.

Verzelfstandiging Verzelfstandiging is één van de onderzochte scenario’s in het onderzoek. De conclusie uit het onderzoeksrapport is dat verzelfstandiging het cultureel ondernemerschap zal stimuleren, dat een verdergaande samenwerking met De Cacaofabriek daardoor mogelijk wordt en daarmee een slagvaardige organisatie ontstaat die een grotere meerwaarde kan hebben voor de inwoners van Helmond en de regio. Om ambities te bereiken, cultureel Helmond naar een hoger plan te tillen en mee te tellen binnen Brainport zijn slagvaardige culturele instellingen nodig. Onderzoeksbureau Courante adviseert daarom in haar rapport over te gaan tot verzelfstandiging.

Onderzochte varianten Het onderzoek van Bureau Courante omvat een vijftal varianten, van beide organisaties als volledig gemeentelijke afdelingen tot een volledige fusie. Courante adviseert om te opteren voor variant 4: fusie door middel van een concern construct. Dit is ook de voorkeur van het bestuur van Stichting De Nederlandsche Cacaofabriek.

Beoogd effect Overall beoogd effect is een bloeiend cultureel klimaat in Helmond, waarbij de Cacaofabriek en Het Speelhuis binnen eigentijdse en verantwoorde randvoorwaarden én binnen de door de gemeente Helmond te stellen kaders hun bijdrage kunnen leveren aan de verdere ontwikkeling van de stad.

Argumenten Bij beslispunt 1: Verzelfstandiging Het Speelhuis In het volgende zijn afzonderlijk de afwegingen voor gemeente/stad en voor de instelling weergegeven. 1.1

Verzelfstandiging geeft een impuls aan het cultureel ondernemerschap o Instelling: Met verzelfstandiging krijgt Het Speelhuis meer grip op de bedrijfsvoering, ruimte voor cultureel ondernemerschap en kan daardoor daadkrachtiger en innovatiever te werk gaan. Uiteindelijk heeft dit een positief effect op het culturele klimaat van de stad en daarmee op het vestigingsklimaat. o Gemeente / stad: De stad en de bezoekers krijgen een meer gevarieerd en actueel aanbod.

Gemeenteraad van Helmond

Blz. 2 van 11

1.2

Meer bestuurlijke slagkracht en meer heldere rolverdeling tussen gemeente en instelling Instelling: Zowel gemeente als instelling kunnen zich meer richten op hun core-business. Voor het theater betekent dit dat zij zich volledig kan richten op het uitvoeren van de theaterfunctie. Ze geven invulling aan de door de gemeente bepaalde koers. De identiteit van Het Speelhuis is meer eenduidig. Partners in de stad hoeven zich niet meer af te vragen of ze te maken hebben met de gemeente of met Het Speelhuis. o Gemeente / stad: Ook de gemeente kan zich meer richten op haar kerntaak en dat is het bepalen van de culturele koers. Nu is het zo dat podiumkunsten geen onderdeel uitmaken van gemeentelijk cultuurbeleid. Het theater bepaalt haar eigen koers. Bij verzelfstandiging wordt de rolverdeling meer helder en wordt aan beide zijdes de slagkracht groter. De verhouding tussen gemeente en theater verzakelijkt. De gemeente geeft sturing door middel van prestatieafspraken (met randvoorwaarden), waarmee de sturing meer concreet en meer bewust wordt. Voorbeelden van deze randvoorwaarden zijn betaalbaarheid en een goed en evenwichtig programma, met aanbod voor jong en oud en met oog voor diverse culturele achtergronden. Daarnaast wordt jaarlijks (net zoals door de andere culturele instellingen) de inhoudelijke en financiële verantwoording aan het college voorgelegd.

Door de randvoorwaarden die de gemeente meegeeft, blijft voor inwoners van Helmond gewaarborgd dat er voldoende lokaal en amateuraanbod is, de kaartjes betaalbaar blijven voor zoveel mogelijk doelgroepen en het aanbod divers en evenwichtig blijft, naar genre en doelgroep. o

1.3 o

o

1.4 o o

1.5

Meer culturele impact Instelling: Een meer onafhankelijke positie maakt dat Het Speelhuis ruimer kan programmeren. Men kan sneller inspringen op actualiteit. Daarnaast kan er nu minder snel op actuele ontwikkelingen worden ingesprongen. Spontaan aanbod vraagt een snelle beslissing en geen beslisboom. Door verzelfstandiging is het theater meer vrij om nieuwe wegen te bewandelen en worden cross-overs met zorg en welzijn en het onderwijs gemakkelijker, is er ruimte voor maatschappelijke debatten en soms ook meer spraakmakende en potentieel schurende voorstellingen. Gemeente / stad: Uiteindelijk zal het aanbod meer gevarieerd zijn en daarmee aansprekender zijn voor meer doelgroepen en zal het publieksbereik groter worden. Overall zal het een positieve impuls geven aan het culturele, stedelijke klimaat. Met verzelfstandiging is een nieuwe relatie met De Cacaofabriek mogelijk Instelling: Door verzelfstandiging is een nauwere samenwerking met De Cacaofabriek mogelijk. Regionaal gezien zijn beide instellingen nu relatief klein. Bij een verdergaande vorm van samenwerking ontstaat er massa en slagkracht en kunnen zij gezamenlijk een serieuze speler zijn in de Brainportregio en De Peel. Gemeente / stad: Dit heeft weer een positief effect op het woon- en vestigingsklimaat en het imago van Helmond. De inwoners merken een verruimd aanbod, met cross-overs met maatschappelijke onderwerpen.

Door de grotere schaal zullen ook grotere projecten en activiteiten ontstaan, zullen de (externe) financieringsmogelijkheden toenemen, waardoor er ook meer en ander aanbod zal zijn. Voorwaarden en statuten geven zekerheid en richting In de statuten worden bepalingen opgenomen met betrekking tot fundamentele wijzigingen aangaande de governance. Statutair wordt hierin bepaald wat de rol van de gemeente wordt. Zonder toestemming van de gemeente kan onder andere de gekozen rechtsvorm, het concern-construct en de horeca-constructie niet gewijzigd worden. Ook zal worden opgenomen dat, in het geval van risicovolle investeringen en wijziging in uitvoering van de horeca (andere horeca uitbater, andere constructie) goedkeuring vereist is. Bij een subsidierelatie is het normaal dat er randvoorwaarden (in juridische termen: verplichtingen) worden meegegeven. Enerzijds dwingt het de gemeente om na te denken over doelen, op meerdere niveaus. Anderzijds geeft het de instelling richting en houvast. De instelling weet wat de gemeente belangrijk vindt voor de stad en haar inwoners en kan de programmering en het aanbod hierop aanpassen. In het geval van de culturele instellingen gaat dit om het volgende:  Balans in programmering. Naast professioneel aanbod is er ruimte voor amateurkunst / lokaal aanbod en maatschappelijk aanbod.

Bij verzelfstandiging zijn commercieel aanbod en verhuringen mogelijk, maar dit mag niet ten kosten gaan van de kerntaak. Aan de instelling wordt gevraagd om vernieuwend, actueel en divers te programmeren, rekening houdend met bijvoorbeeld jonge doelgroepen en uiteenlopende culturele achtergronden.  De prijs van kaartjes voor voorstellingen wijkt niet af (in de zin van substantieel duurder) van de prijsstelling van vergelijkbare theaters.

Gemeenteraad van Helmond

Blz. 3 van 11

Tarieven van verhuringen blijven voor amateurkunst en maatschappelijk organisaties betaalbaar voor zoveel mogelijk doelgroepen, met gereduceerd tarief.  Naast culturele randvoorwaarden zijn ook maatschappelijke voorwaarden mogelijk, met betrekking tot educatie en samenwerking met partijen in en buiten de stad. In bijlage 1 is een voorzet voor een kader opgenomen, dat kan basis kan gaan gelden voor de latere verplichtingen bij de subsidie aan de nieuwe organisatie. In fase 2 wordt dit verder uitgewerkt. 1.6 o o

1.7 o o

1.8 o

o

1.9

Meer grip op bedrijfsvoering Instelling: Het Speelhuis krijgt meer grip op de bedrijfsvoering en kan eigen keuzes maken en efficiencyvoordelen behalen. Gemeente / stad: De gemeente blijft hoe dan ook financieel betrokken bij Het Speelhuis. Echter is de financiering niet meer input, maar output gericht. Dit betekent dat in het geval van verzelfstandiging middels de financiering gestuurd kan worden op een bepaalde vorm van output. De gemeente maakt prestatieafspraken, maar Het Speelhuis kan eigen keuzes maken rondom de invulling hiervan. Middels de vereiste controleverklaring (en jaarlijkse verantwoording aan het college) borgen we de doelmatigheid en rechtmatigheid van deze financiering, tevens beheersen we hiermee het risico op (financieel) mismanagement. Meer flexibele mogelijkheden voor personele inzet Instelling: Een theater vraagt om een andere soort personele inzet en expertise dan een gemeentelijke afdeling. Het vraagt om maatwerk en flexibiliteit. Dit sluit niet goed aan bij het gemeentelijk personeelsbeleid en het arbeidsrecht dat hierop van toepassing is. Gemeente: Anderzijds is het ook aan de kant van de gemeente een minder handige situatie, waarbij uitzonderingen op het HR21 systeem moeten worden gemaakt en expertise gevraagd wordt t.a.v. theaterfuncties, die niet behoren tot de normale expertise bij afdeling AOG.

Beter passende technische mogelijkheden Instelling: De gemeentelijke systemen en applicaties sluiten niet goed aan bij de behoefte van een theater. Een theater vraagt veelal om andere techniek, bijvoorbeeld als het gaat om financiële administratie, een boekingssysteem, of andere software applicaties. Bij verzelfstandiging kan het theater eigen keuzes maken die aansluiten bij de behoeften. De gemeente hoeft zich niet meer te verdiepen in technieken, specifiek op theater gebied, die niet tot de normale expertise behoren van de ambtenaren (inkoop, ICT etc). Traject OR en het LO nodig Theater Het Speelhuis is onderdeel van de gemeentelijke organisatie. Een groot deel van de medewerkers is ambtenaar. De Ondernemingsraad en het Lokaal Overleg (bonden) hebben hier uiteraard een belangrijke rol. Concreet kom het er op neer dan de gemeenteraad instemt met verzelfstandiging van theater Het Speelhuis, onder voorbehoud van goedkeuring van de personele component die valt onder de respectievelijke bevoegdheden van de Ondernemingsraad en/of het Lokaal Overleg Wel zijn zowel de OR als het LO intussen over het tot nu toe gelopen proces geïnformeerd en is hen gevraagd nu al schriftelijk vragen te stellen.

Bij beslispunt 2: Fusie door concern-construct 2.1

Fusie dmv een concern-constructie geeft forse impact op cultureel ondernemerschap Ten opzichte van de andere onderzocht varianten geeft deze variant de grootste impact op het cultureel ondernemerschap. In de concernvariant is Het Speelhuis verzelfstandigd, is gefuseerd met De Cacaofabriek en vormen samen één organisatie. Onafhankelijk blijven het relatief kleine instellingen. Samen ontstaat er massa en slagkracht en kunnen zij een serieuze speler zijn in de Brainportregio en De Peel. Daarnaast zijn nieuwe verdienmodellen mogelijk. Dit alles heeft weer een positief effect op het woon- en vestigingsklimaat en het imago van Helmond. o De variant heeft vele synergievoordelen en geeft (t.o.v. de andere varianten) de meeste efficiency voordelen. o

Gemeenteraad van Helmond

Blz. 4 van 11

o

Door (in tegenstelling tot volledige fusie) vanuit twee merken te blijven opereren (net zoals nu), behouden beide instellingen hun eigenheid, hun karakter en daarmee ook hun aantrekkelijke positie die ze in de afgelopen jaren hebben opgebouwd.

2.2

Horeca als aparte entiteit Het concern-construct houdt in dat de horecafunctie in Het Speelhuis een aparte entiteit krijgt, in een Horeca BV. Het onderwerp wordt in dit voorstel separaat behandeld. Hier wordt het ook benoemd, als argument. Binnen het concern construct is het mogelijk om de horeca volledig separaat te organiseren, waardoor de financiële stromen helder en inzichtelijk zijn en oneerlijke concurrentie wordt vermeden.

2.3

Impact op cultureel klimaat Mede door het toegenomen cultureel ondernemerschap zal ook het culturele klimaat in Helmond een enorme impuls krijgen. Extra inkomsten zullen ten goede komen aan de programmering en daarmee aan de inwoners van Helmond. Met artistieke vrijheid van verzelfstandiging vallen dillema’s (als zijnde gemeentelijke afdeling en programmering vanuit die rol) weg, is een ruimere programmering mogelijk en kunnen gemakkelijker nieuwe doelgroepen worden aangesproken. Het zal ook een positief effect hebben op een meer inclusieve programmering. Uiteindelijk zal een bredere programmering, af en toe gedurfde of schurende programma’s nieuwe bezoekers aantrekken, zowel van buiten als binnen de stadsgrenzen. Hoewel ook de varianten uitgaande van volledig fusie en twee onafhankelijke stichtingen een positieve impact zullen hebben op het cultureel klimaat, is het de verwachting dat dit het meest optimaal zal zijn bij de concernvariant. Artistieke vrijheid, cultureel ondernemerschap en het behouden van het eigen gezicht, worden hier gecombineerd.

2.4

Behoud eigen karakter Veel van de bezoekers komen voor het unieke karakter van Het Speelhuis of De Cacaofabriek. Met een concern-construct wordt dit in stand gehouden en behouden de instellingen hun aantrekkingskracht. Tegelijk wordt dit gecombineerd met synergie- en efficiencyvoordelen.

2.5

Financieel gunstig Met een concern-construct heeft de fusie organisatie grip op de bedrijfsvoering en ontstaan efficiencyvoordelen. Dit vertaalt zich ook in de financiële vraag aan de gemeente. Deze variant heeft, ten opzicht van ook onderzochte varianten, de minst verstrekkende gevolgen. De meerkosten zijn niet het gevolg van de verzelfstandiging en de voorgestelde variant, maar zijn terug te leiden naar het op peil brengen van de bedrijfsvoering.

Bij beslispunt 3: - Horeca constructie Voorgesteld wordt de horeca onder te brengen bij een separate Horeca BV. Aan de exploitatie van het horeca deel worden voorwaarden verbonden. In deze variant ligt het voor de hand dat de horeca een aparte BV is, maar wel in beheer van het totale concern Het Speelhuis (onderdeel van de concern-constructie). Behalve horeca in eigen beheer kan ook gekozen worden voor een pacht constructie. Dit heeft als voordeel dat een eventueel bedrijfsrisico bij de verpachter ligt en er zekere inkomsten zijn uit de pacht. Het nadeel is echter dat er irritaties over en weer kunnen ontstaan doordat de belangen niet hetzelfde zijn. Er is daarnaast geen eenduidige sturing en de opbrengsten uit de horeca zijn beperkt. De kwaliteit en continuïteit zijn in mindere mate gegarandeerd. De voorwaarden aan de exploitatie van de horeca bij Het Speelhuis worden verbonden houden in: o De horeca is altijd complementair aan de theaterfunctie. Het primaat ligt altijd bij de theaterfunctie. Met andere woorden, er worden geen theatervoorstellingen geschrapt om meer congressen binnen te halen. o De gemeentelijke financiële bijdrage is alleen voor de exploitatie van Het Speelhuis en meer specifiek voor de theaterfunctie. Andersom geldt dat eventuele winst van de horeca BV (voor een deel) terugvloeit naar het theater (dit laatste is lastiger vorm te geven bij verpachting).

o In het toekomstige exploitatieplan van Het Speelhuis wordt geborgd dat een toekomstig horeca-concept passend en ondersteund is en blijft aan de statuur en de culturele functie van het theater. Passende horeca ademt de sfeer van theater-hospitality en is ondersteunend aan aantrekkelijke theater-totaalbeleving. o In de voorwaarden wordt daarnaast ook opgenomen dat in het geval van fundamentele wijzigingen aangaande de governance (zoals ander organisatorisch of horeca construct, andere horecaondernemer) er Gemeenteraad van Helmond

Blz. 5 van 11

vooraf overleg plaats moet vinden met het college van burgemeester en wethouders. Het uiteindelijke voornemen wordt vooraf ter goedkeuring aan het college voorgelegd. Omdat vastgelegd wordt dat zonder voorafgaande goedkeuring van het college van burgemeester en wethouders geen fundamentele wijzigingen (zoals een ander organisatorisch of horeca construct, andere horecaondernemer) kunnen plaats vinden. Hiermee heeft de gemeente invloed op de horeca-situatie, ook in het geval van wijzigingen.

3.1

Transparante constructie met een transparante (en controleerbare) administratie Er wordt een volledig transparante en separate administratie gevoerd, met strikt gescheiden geldstromen, administratie en jaarrekening. Er wordt een juridische scheiding gemaakt tussen subsidiabele en nietsubsidiabele activiteiten.

3.2 

Theater-hospitality is een voorwaarde voor succes In deze variant kan een balans worden gevonden, die leidt tot goede hospitality en een aantrekkelijke theater-totaalbeleving. Horeca bij een culturele voorziening is een service naar het publiek en het draagt bij aan de attractiviteit van het programma. In eigen beheer heeft het theater maximale flexibiliteit en de mogelijkheid voor maatwerk. Theater-hospitality is een specifieke vaardigheid. Daarnaast kan (een deel van) de winst ten goede komen aan de theaterfunctie.

3.3

Bijdrage aan een volwaardig stedelijk, cultureel klimaat Juist omdat een balans kan worden gevonden tussen de theaterfunctie en de horeca, ontstaat een dusdanig klimaat dat een positieve bijdrage wordt geleverd aan een volwaardige positie van Helmond in de Brainsportregio en De Peel.

3.4

Geen risico van paracommercie en Wet Markt en Overheid Wel is goede afstemming nodig met de horeca in Helmond. Er zal gezamenlijk gewerkt worden aan een gedragscode. Afhankelijk van de wijze waarop invulling gegeven wordt aan de horeca exploitatie is mogelijk aanpassing van het bestemmingsplan nodig, zodat Horeca I mogelijk wordt. Dit zal in fase 2 van het project zijn beslag krijgen.

Bij beslispunt 4: 4.1

Op peil brengen bedrijfsvoering naar een toekomstbestendige situatie

Huidige situatie is onhoudbaar Ongeacht de manier waarop Het Speelhuis en de Cacaofabriek in de toekomst (ten opzichte van elkaar) worden georganiseerd, is het belangrijk te bekijken hoe toekomstbestendig de huidige inrichting en werkwijze is. Geconcludeerd moet worden dat dit op dit moment onvoldoende het geval is. Dit heeft vooral te maken met een (te) optimistisch beeld bij de start van (met name) de Cacaofabriek in 2014. Destijds werd er vanuit gegaan dat de Cacaofabriek wel zou kunnen draaien op een beperkt aantal professionele krachten, en vooral met vrijwilligers. Met een minimale subsidie tot gevolg. Kijkend naar de ambities (toen al) om van de Cacaofabriek de nieuwe culturele hotspot van Helmond te maken én de positieve wijze waarop die ambitie de afgelopen jaren is waargemaakt, moet worden geconcludeerd dat de huidige situatie – hoe dan ook – niet langer houdbaar is.

4.2

Cacaofabriek kan niet voldoen aan wet- en regelgeving Concreet voldoet de Cacaofabriek op dit moment niet aan de Fair Practice Code, waarin door het Rijk is voorgeschreven dat eerlijke financiering en salariëring van de culturele sector moet plaatsvinden. Voor beide organisaties geldt dat met een gedeelde directeur, personeel en ‘leads’ (programmering) niet aan de Governance Code Cultuur kan worden voldaan. En tot slot hebben we de afgelopen jaren meerdere situaties gezien waarin het ondernemerschap van met name Het Speelhuis dreigde te conflicteren met de voorschriften van de Wet Markt en Overheid (dat oneerlijke concurrentie vanuit de overheid tegengaat). Alvorens te spreken over de toekomstige organisatievorm is het belangrijk om vast te stellen dat het hierboven genoemde ‘achterstallig onderhoud’, in het kader van wet- en regelgeving, hoe dan ook reparatie/bijwerking verdient. Met de daarbij behorende financiële consequenties die voor rekening van de gemeente komen – en die volledig losstaan van een keuze voor het toekomstperspectief.

Gemeenteraad van Helmond

Blz. 6 van 11

4.3

Benchmark Door het onderzoeksbureau Courante is een benchmark verricht. Vergeleken met instellingen als ECI Cultuurfabriek in Roermond en Willem Twee in Den Bosch heeft De Cacaofabriek meer bezoekers. De Cacaofabriek heeft 6,6fte, ECI 20,7fte en Willem Twee 11,1 fte. De exploitatie subsidie (niveau 2018 en zonder huisvestingslasten) bedraagt afgerond: Cacaofabriek: € 453.000,-, ECI: € 993.000,- en Willem Twee: € 702.000,-. De verschillen zijn aanzienlijk en niet in verhouding. Een andere vergelijking kan binnen Helmond worden gemaakt. Na aftrek van de huur (die terugvloeit naar de gemeente) is de subsidie 2021 aan de drie basisinstellingen als volgt: Bibliotheek: € 1.668.905,-, Kunstkwartier: € 957.419,- en De Cacaofabriek: € 472.540,-.

Bij beslispunt 5 en 6: Financieel 5.1

Incidentele kosten door ingroei en proceskosten In haar rapport benadrukt Courante dat het hoe dan ook noodzakelijk is om te investeren in de bedrijfsvoering van beide organisaties, waarmee zij kunnen voldoen aan de wet- en regelgeving binnen de culturele sector. Tot deze investering van € 570.000 structureel is besloten in de Voorjaarsnota 2021. Ten opzichte van deze investering brengen de verschillende scenario's financiële consequenties met zich mee. Dit zijn enerzijds voordelen die ontstaan door verzelfstandiging en door de concernsamenwerking tussen Het Speelhuis en de Cacaofabriek. Anderzijds gaat het om nadelen, zoals structurele frictiekosten en aanvullende ambtelijke inzet. Per saldo leidt het voorgestelde scenario tot een structureel voordeel van € 319.000. De inschatting is dat dit voordeel na een ingroei van 3 jaar volledig gerealiseerd kan worden. De incidentele kosten kunnen grotendeels worden gedekt uit dit voordeel. Echter niet volledig. Op pagina 8 en 9 van dit voorstel worden de financiële gevolgen nader uitgewerkt.

Kanttekeningen Bij beslispunt 1 – verzelfstandiging 1.1

Zorgvuldigheid nodig Verzelfstandiging is een complex proces. Zorgvuldigheid gaat in deze voor snelheid, zeker daar waar het gaat om de rechtspositie van het personeel van Het Speelhuis. Het adviestraject met de OR en het LO dient zorgvuldig te worden doorlopen. Conform haar bevoegdheid in deze besluit de gemeenteraad daarom alleen over verzelfstandiging, met voorbehoud van goedkeuring ten aanzien van de personele component door OR en LO. Het proces van verzelfstandiging en vervolgens de fusie in concernverband vraagt specifieke expertise, met name op personeels-, juridisch en financieel vlak.

1.2

Veranderende invloed van de gemeente Verzelfstandiging zal van invloed zijn op de rolverdeling tussen gemeente en Het Speelhuis. De indruk kan ontstaan dat er de invloed van gemeente afneemt. Echter dit is een misverstand. Zowel de gemeente als Het Speelhuis kunnen beter sturen. De gemeente bepaalt de koers, middels het cultuurbeleid en geeft bij de subsidie specifieke voorwaarden / verplichtingen mee, zoals het programmeren van lokaal aanbod of inclusief programmering, het bereiken van specifieke doelgroepen en het beschikbaar stellen van voorzieningen voor bijvoorbeeld het onderwijs of amateurkunstgezelschappen. Om deze reden is als apart beslispunt opgenomen dat randvoorwaarden (verplichtingen) worden meegegeven bij verzelfstandiging.

Bij beslispunt 2 – voorkeur voor concern-variant 2.1

Terugvalscenario Mocht uiteindelijk blijken dat een fusie met een concern-variant niet datgene brengt, wat het college voor ogen heeft, dan kan worden besloten om de instellingen weer te ontvlechten. Hoewel ontvlechting eenvoudiger is dan bij een volledige fusie, zal het geen simpele operatie zijn. Met een ongewijzigde situatie of een constructie met twee onafhankelijke stichtingen, is deze beweging eenvoudiger. Echter het weegt niet op

Gemeenteraad van Helmond

Blz. 7 van 11

tegen de voordelen die de concernvariant met zich mee brengt. De impact van het cultureel ondernemerschap is dusdanig substantieel meer, dat dit nadeel minder belangrijk wordt geacht. 2.2

Spanningsveld met de horeca Een culturele organisatie en een commerciële horeca vormen niet in ieders optiek een logische combinatie. Door het onderbrengen van de horeca in een aparte entiteit vermindert dit spanningsveld. Zie hiervoor ook de afwegingen en randvoorwaarden bij beslispunt 3.

Bij beslispunt 3 – horecaconstructie 3.1

Goede afstemming met horeca blijft nodig In de voorgestelde variant wordt wel commercieel geëxploiteerd, maar altijd ondergeschikt aan de theaterfunctie. Desondanks kan er spanning met de horeca zijn, echter deze zal veel minder zijn dan bij andere scenario’s die uitgaan van een Horeca BV doordat er voorwaarden zijn verbonden. Landelijk gezien wordt de horeca van veel theaters op deze wijze geëxploiteerd. Juridisch en administratief wordt een strikte scheiding doorgevoerd en er vloeit geen subsidie naar het horecadeel.

3.2

Bij ontbreken voorwaarden is er geen invloed op een (toekomstig) horecaconcept Essentieel is dat de horeca complementair is en blijft aan de primaire horecafunctie. Wanneer dat er geen voorwaarden worden verbonden aan een toekomstige horecaconstructie bestaat het risico dat de verpachting (op termijn) niet passend is bij de culturele locatie. Daardoor kan, in theorie, de verpachting worden doorverkocht aan een horecaondernemer met en horecaconcept dat niet passend is bij een culturele voorziening. Echter dit is eenvoudig te voorkomen door heldere afspraken, die juridisch bindend worden vastgelegd. In de beginjaren zal er nauw worden overlegd tussen gemeente en de nieuwe stichting. Ook zal geregeld afstemmingsoverleg plaatsvinden met de horecabelangenverenigingen. In de statuten en de voorwaarden bij de subsidiebeschikking wordt opgenomen dat in geval van fundamentele wijzigingen ten aanzien van de horeca (wijze van organisatorisch inrichten, keuze uitbater) er altijd voorafgaand overleg is met het college en dat het voorstel eerst ter goedkeuring wordt voorgelegd aan het college.

Bij beslispunt 4 – op peil brengen bedrijfsvoering 4.1

Zonder impuls huidige niveau niet houdbaar Geen reparatie van ‘achterstallig onderhoud’ en dus geen impuls betekent meer dan dat er geen positief effect is op het cultureel ondernemerschap. Doordat niet voldaan kan worden aan bijvoorbeeld de fair practice code, Wet Overheid en marktwezen en andere regelgeving, zal de dienstverlening worden ingeperkt. Daarnaast loopt met name het personeel van de Cacaofabriek al jaren op hun spreekwoordelijke tenen. Met slechts zeven personeelsleden wordt ontzettend veel werk verricht, wat eigenlijk een niet reële opgave is.

Financiën In haar rapport benadrukt Courante dat het hoe dan ook noodzakelijk is om te investeren in de bedrijfsvoering van beide organisaties, waarmee zij kunnen voldoen aan de wet- en regelgeving binnen de culturele sector. Tot deze investering van € 570.000 structureel is besloten in de Voorjaarsnota 2021. Elk scenario brengt financiële consequenties met zich mee. In het voorgestelde scenario betreffen dit met name voordelen die ontstaan door verzelfstandiging, zoals meer ruimte voor cultureel ondernemerschap, en synergievoordelen binnen het concern, zoals een gedeelde directeur. Courante becijferde dit voordeel op € 505.000 ten opzichte van de situatie waarin de bedrijfsvoering op peil gebracht is. Anderzijds brengt de verzelfstandiging ook structurele frictiekosten voor de gemeente met zich mee, een voorbeeld hiervan is de overhead. Een deel van de overhead die toegerekend kan worden aan Het Speelhuis is versplinterd Gemeenteraad van Helmond

Blz. 8 van 11

over de organisatie. Dit budget kan niet zomaar overgeheveld worden naar het te vormen concern, dit leidt tot meerkosten. Aanvullend hierop zal bij een veranderde relatie tussen Speelhuis en gemeente, zal bij afdeling Ondernemen en Ontwikkelen een accountbeheerder Speelhuis nodig zijn. De cijfers van 2019 hebben de basis gevormd voor het onderzoek. Tot slot zijn er enkele reken- en afrondingsverschillen tussen de gemeentelijke boekhouding en de cijfers zoals gehanteerd in het rapport. De hierboven benoemde voor- en nadelen zijn structureel en leiden per saldo tot een voordeel van € 319.000. dit is in onderstaande tabel samengevat: Omschrijving Synergievoordelen voorgesteld scenario Frictiekosten overhead Ambtelijke inzet Reken- en afrondingsverschillen

Financieel effect € 505.000 € 148.000 € 10.000 € 28.000

Totaal

€ 319.000

Incidentele kosten Op dit moment is Het Speelhuis een gemeentelijke afdeling en als zodanig zetten veel medewerkers in overheadfuncties zich in voor deze afdeling. Een voorbeeld hiervan is de inzet vanuit financiën of AOG. Deze inzet is ongeveer € 75.000 waard en wanneer Het Speelhuis verzelfstandigd maakt dit onderdeel uit van de subsidie die zij ontvangen, waarmee zij betreffende expertise zelf kunnen aantrekken. Het is echter niet mogelijk om deze besparing direct te realiseren binnen de gemeentelijke organisatie. Hierom wordt voor deze € 75.000 een gefaseerde ingroei van 3 jaar voorgesteld. Aanvullend daarop vraagt de ontvlechting van Het Speelhuis uit de gemeente veel inzet en expertise. De kosten hiervan bedragen naar schatting € 130.000 en € 150.000 in respectievelijk 2021 en 2022. Tot slot is het niet realistisch om te verwachten dat de hierboven genoemde voordelen direct realiseerbaar zijn. Een uitzondering hierop is de functie van directeur, omdat beide organisaties op dit moment deze functie maar voor 0,5FTE ingevuld hebben. Voor de andere synergievoordelen houden we rekening met een ingroei van 3 jaar. Deze incidentele kosten zijn in onderstaande tabel samengevat: Omschrijving Ingroei besparing overhead Inzet en expertise Ingroei synergievoordelen

2021

Totaal

€ 130.000

€ 130.000

2022 € 75.000 € 150.000 € 130.000

2023 € 40.000

€ 355.000

€ 105.000

€ 65.000

Gecombineerd leiden de structurele synergievoordelen en de incidentele meerkosten in 2021 en 2022 tot meerkosten van respectievelijk € 130.000 en € 45.000, in 2023 ontstaat er een voordeel van € 205.000 en vanaf 2024 een structureel voordeel van € 319.000. De meerkosten 2021 nemen we mee in de tweede bestuursrapportage, de consequenties voor 2022 en verder verwerken we in de programmabegroting. De financiële gevolgen zijn samengevat in de volgende tabel: Synergievoordeel 2021 2022 2023 2024

€ 319.000 € 319.000 € 319.000

Meerkoste n € 130.000 € 355.000 € 105.000

Saldo

Verwerking P&C-document

€ 130.000 € 36.000 € 214.000 € 319.000

Tweede bestuursrapportage 2021 Programmabegroting 2022-2025 Programmabegroting 2022-2025 Programmabegroting 2022-2025

Communicatie Het besluit wordt teruggekoppeld aan de beide instellingen. Na besluitvorming door de gemeenteraad start het traject richting Ondernemingsraad en het Lokaal Overleg.

Gemeenteraad van Helmond

Blz. 9 van 11

Vervolg Na raadsbesluit zal het traject richting Ondernemingsraad en het Lokaal Overleg worden opgestart. Pas als dit traject is doorlopen kan verzelfstandiging definitief worden gemaakt. Doel is om verzelfstandiging te realiseren per 1 januari 2023.

Burgemeester en wethouders van Helmond burgemeester mevr. P.J.M.G. Blanksma – van den Heuvel

secretaris H.J. de Ruiter

Bijlagen 1. Bijlage 1: Gemeentelijk kader Concept randvoorwaarden tbv Speelhuis 2. Notitie ‘Motivatie verzelfstandiging Het Speelhuis en samengaan met De Cacaofabriek’ door J. Otten en M. vd Berg

Gemeenteraad van Helmond

Blz. 10 van 11

Raadsbesluit Vergadering

61 28 september 2021

Gemeenteraad

De raad van de gemeente Helmond; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 20 juli 2021; gelet op de bepalingen van de Gemeentewet;

besluit: 1.

In te stemmen met verzelfstandiging van theater Het Speelhuis, onder voorbehoud van goedkeuring van de personele component die valt onder de respectievelijke bevoegdheden van de Ondernemingsraad en/of het Lokaal Overleg; 2. In te stemmen met uitvoering van deze verzelfstandiging door fusie met Stichting De Nederlandsche Cacaofabriek, in de vorm van een concern-constructie; 3. In te stemmen met het opzetten van een horecaconstructie, in de vorm van een separate Horeca BV, onder voorwaarde dat er geen oneerlijke concurrentie ontstaat met Helmondse horeca en er geen subsidie vloeit naar de Horeca BV 4. In te stemmen met het op peil brengen van de bedrijfsvoering van Het Speelhuis en De Cacaofabriek naar een situatie waarbij sprake is van financieel gezond en toekomstbestendig cultureel ondernemerschap 5. In te stemmen met de incidentele meerkosten voor personele inzet en expertise van € 130.000 in 2021 en €150.000 in 2022 en dit te verwerken in de tweede bestuursrapportage 2021 en de programmabegroting 2022-2025, 6. In te stemmen met het financiële ingroeimodel, waarbij het voordeel in drie jaar oploopt naar € 310.000 structureel en dit te verwerken in de programmabegroting 2022-2025.

Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 28 september 2021. De raad voornoemd, de voorzitter,

Gemeenteraad van Helmond

de griffier,

Blz. 11 van 11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10556485/1