CConstaterende datHelmond
Koppel je AI →
Document · PDF

RV 001 Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Helmond 2023 - Raadsvoorstel

Gemeenteraad 11 juli 2023, gemeente HelmondBij agendapunt: Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Helmond 20231.858 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Vergadering

1 11 juli 2023

Onderwerp Afdeling Fractievoorzittersoverleg Zaaknummer

Vaststelling Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Helmond 2023 AOG, S&B/JT, Raadsgriffie 6 juni 2023 51110764

Gemeenteraad

Aan de gemeenteraad,

Voorstel 1. De Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Helmond 2023 vast te stellen conform bijgaand raadsbesluit en aansluitend op de gebruikelijke wijze bekendmaken. 2. De Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Helmond 2019 in te trekken. 3. Ervan kennisnemen dat aan het Fractievoorzittersoverleg een voorstel wordt voorgelegd over de wijze waarop de verrekening plaatsvindt voor reiskosten over de periode 1 januari 2019 tot de inwerkingtreding van de onder 1. genoemde verordening (terugwerkende kracht). 4. € 90.000 extra budget ter beschikking te stellen voor de geschatte extra kosten. Mocht deze schatting structureel niet toereikend zijn, dan wordt dit bij de begroting aangepast op basis van de ervaringscijfers.

Inleiding Op een aantal onderdelen dient de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden te worden aangepast. Op 1 januari 2019 is het landelijke ‘Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers’ (hierna: rechtspositiebesluit) aangepast. Het rechtspositiebesluit - dat een uitwerking is van artikel 95 en 96 Gemeentewet - stelt nadere regels die ook betrekking hebben op vergoedingen voor raads- en commissieleden. De huidige verordening is op een aantal onderdelen nog steeds actueel, maar voor 5 onderdelen is er wijziging nodig: • binnengemeentelijke reis- en verblijfskosten • toelagen voor raadsleden in een bijzondere commissie • scholing voor raads- en commissieleden • verzekering raadsleden voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden • vergadervergoeding burgercommissieleden. Gelet op het grote aantal wijzigingen, is er gekozen voor een integrale herziening in de vorm van een nieuwe verordening. Hieronder volgt een korte toelichting op de wijzigingen. Binnengemeentelijke reis- en verblijfskosten (artikel 3) De nu geldende verordening regelt alleen iets voor reis- en verblijfkosten voor buiten de gemeente (artikel 2). Het binnengemeentelijke deel is in 2019 ten onrechte achterwege gelaten en wordt nu geregeld via artikel 3 (nieuw). Deze omissie rechtvaardigt de verrekening van de binnengemeentelijke reis- en verblijfkosten met terugwerkende kracht.

Binnengemeentelijke reiskosten (woon-werkverkeer) betreft de kosten die raads- en commissieleden maken i.v.m. het bijwonen van raads- en commissievergaderingen en andere reiskosten gemaakt voor de uitoefening van de functie (rechtspositiebesluit artikel 3.1.7 voor raadsleden, respectievelijk artikel 3.4.3 voor commissieleden). Uit beide bepalingen volgt dat raadsleden en commissieleden “ten laste van de gemeente aanspraak maken op een vergoeding”. De rijkswetgever laat gemeenten geen ruimte om hiervan af te wijken. Uit de artikelen 95 en 96 Gemeentewet volgt dat vergoedingen en tegemoetkomingen in de kosten bij verordening moeten worden geregeld. Teneinde de hier aan de orde zijnde reiskosten te regelen, ligt het voor de hand om een extra bepaling toe te voegen (zie artikel 3) aan de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden. De reis- en verblijfskosten voor periode van 1 januari 2019 tot de datum van inwerkingtreding van de nieuwe verordening zullen met terugwerkende kracht worden verrekend. Toelagen voor raadsleden in een onderzoekscommissie en bijzondere commissie (artikel 4) Dit artikel betreft de toelage voor de raadsleden die lid zijn van zogenaamde ‘zware commissies’. Het is verplicht een dergelijk artikel in de rechtspositieverordening op te nemen. Met zware commissies wordt gedoeld op de onderzoekscommissie (enquêtecommissie ex.

artikel 155a Gemeentewet) ) en b.v. de vertrouwenscommissie, zoals deze in de Gemeentewet specifiek zijn omschreven. Ook andere bijzondere commissies (b.v. een onderzoekscommissie die niet de status heeft van art. 155a Gemeentewet of voorheen een rekenkamercommissie) Gemeenteraad van Helmond

Blz. 1 van 3

met een met een zodanig belang, belasting en tijdsbeslag die niet redelijkerwijs tot het reguliere werk van een raadslid geacht kunnen worden, kunnen ingesteld worden. Ook daarvoor dient een toelage te worden bepaald. Voor de hoogte van de toelage voor het werk in deze bijzondere commissies wordt aangesloten bij de toelage voor de vertrouwenscommissie waarvoor in het rechtspositiebesluit een maximum bedrag is bepaald. Gelet op de zwaarte van een onderzoekscommissie, wordt voorgesteld daarvoor een hogere vergoeding te verstrekken dan voor de andere commissies. Voor deze onderzoekscommissie geldt dat per jaar maximaal driemaal de maandelijkse vergoeding voor de (reguliere) werkzaamheden (artikel 3.1.1, eerste lid, rechtspositiebesluit) wordt vergoed. Verzekering raadsleden voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden (artikel 5) Raadsleden zijn vaak een significant deel van de werkweek voor de gemeenteraad bezig en kunnen daardoor vaak in hun hoofdfunctie minder pensioen opbouwen. Raadsleden hebben bovendien niet allemaal een hoofdfunctie in loondienst.

In artikelen 3.1.9 Rechtspositiebesluit decentrale politieke is daarom de grondslag gecreëerd om bij verordening te bepalen dat de raadsleden een bedrag per jaar ontvangen ter hoogte van één maandbedrag van hun vergoeding voor de werkzaamheden, waarmee zij voorzieningen kunnen treffen ter zake van arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden. Dit is geen verplicht bestedingsdoel. De gemeenteraad kan zelf beslissen of ze een dergelijke regeling wil treffen. De hoogte van het bedrag dat daarvoor beschikbaar gesteld moet worden ligt vast in het landelijke Rechtspositiebesluit. Scholing voor raads- en commissieleden (artikel 6) Voor raads- en commissieleden is in artikel 3.3.3 van het rechtspositiebesluit expliciet bepaald dat de kosten voor niet-partijpolitiek georiënteerde functionele scholing, zoals deelname aan congressen en opleidingen, ten laste kunnen worden gebracht van de gemeente. Partijpolitieke scholing komt niet voor vergoeding door de gemeente in aanmerking. De inhoud van de scholing is bepalend of deze al dan niet partijpolitiek georiënteerd is. Wanneer scholing verzorgd wordt door een politieke partij betekent dat niet automatisch dat die scholing partijpolitiek georiënteerd is. Om in aanmerking te komen voor vergoeding van de scholingskosten, moet gemotiveerd worden dat het gaat om functiegerichte scholing.

Scholing is functiegericht als zij beoogt de voor de functie benodigde vakkennis en vaardigheden te verwerven dan wel actueel te houden. Scholing is partijpolitiek georiënteerd als zij geheel of gedeeltelijk tot doel heeft betrokkene op te leiden in het gedachtegoed van de desbetreffende partij. Overigens kan de gemeente ook zelf dit soort scholing (laten) verzorgen. Vanaf 2022 maken de raads- en commissieleden ook gebruik van de Helmond Academie. Ook deze lasten komen ten laste van de gemeente. De raad kan de hoogte van de tegemoetkoming bepalen. De hoogte van de bedragen kunnen op basis van een evaluatie bijgesteld worden. Het beoordelen van en/of fiatteren van scholingsaanvragen wordt bij de griffier neergelegd (artikel 6, vierde lid). Mocht er verschil van mening zijn over de beoordeling, kan het verzoek bij het Fractievoorzittersoverleg neergelegd worden. Vergadervergoeding burgercommissieleden (artikel 9, tweede lid) De betaling van de vaste vergoeding aan commissieleden is thans geregeld in artikel 5 van de (nog) geldende verordening en komt terug in artikel 9, eerste lid van de nieuwe verordening. Voorgesteld wordt een tweede lid toe te voegen omdat er discussie is ontstaan over het al dan niet 2 keer kunnen ontvangen van de vergadervergoeding voor dezelfde commissieavond. Dat speelt indien een burgercommissielid deelneemt aan beide (parallelle) vergaderingen.

Tot op heden is er nooit 2 keer een vergoeding betaalt als een burgercommissielid ‘oversteekt’. Het vraagstuk is overigens ook niet eerder aan de orde geweest in Helmond. Gelezen artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit - ‘Aan een commissielid wordt per bijgewoonde vergadering van de commissie ten laste van de gemeente een vergoeding toegekend die…’ - is de vraag of je 2 keer een vergoeding zou moeten betalen als het burgercommissielid 2 vergaderingen (gedeeltelijk) bijwoont. Wij hebben hierover 3 adviezen ingewonnen (bijlagen 3.a t/m c.); advies 3.c van Capra Advocaten, naar aanleiding van de technische vragen van de VVD. Op basis van deze adviezen wordt in het tweede lid een nadere regeling voorgesteld waardoor voor het deelnemen door een commissielid aan één of meer vergaderingen die op dezelfde dag en tegelijkertijd worden gehouden, 1 keer een vergoeding wordt verstrekt, omdat dit beschouwd wordt als het bijwonen van één vergadering. Dat lijkt een eerlijkere regeling, omdat er anders verschil ontstaat tussen iemand die de hele avond of een groot deel van de avond vergadert in slechts 1 commissie en iemand die van de ene naar de andere commissie overstapt om een stuk te behandelen en mogelijk veel minder tijd vergadert. De tekst voor artikel 9, tweede lid, die Capra voorstelt, hebben we overgenomen in de verordeningstekst.

Financiën De invoering van het nieuwe rechtspositiebesluit en daarmee samenhangend de vaststelling van deze verordening, leiden tot extra kosten, waarvan deels een globale inschatting is gemaakt. Te noemen: • Binnengemeentelijk reis- en verblijfskosten: volgens een globale berekening (zie bijlage) maximaal € 17.000,- per jaar; Gemeenteraad van Helmond

Blz. 2 van 3

•

Toelage raadslid onderzoekscommissie en bijzondere commissie: p.m. (niet vooraf in te schatten, waarschijnlijk ook geen jaarlijkse kosten); • Jaarlijks extra maandvergoeding voor raadsleden t.b.v. bijvoorbeeld een verzekering voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden: € 60.000,- per jaar; • Niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raads- en commissieleden: afhankelijk van het aantal verzoeken maar maximaal € 82.500,- per jaar (37 raadsleden en maximaal 36 burgercommissieleden). Een voorzichtige inschatting van het totaal is dat het om € 7.500,- (binnengemeentelijke reis- en verblijfskosten), € 60.000,- (extra maandvergoeding raadsleden) en € 25.000,- (scholing) gaat, totaal € 92.500 structureel extra budget. Ondanks dat de regelgeving door het Rijk aangedragen is, worden hiervoor geen extra middelen beschikbaar gesteld aan de gemeenten. Een deel van de extra kosten zal mogelijk binnen het bestaande budget kunnen worden opgevangen. Hiervan is nu nog geen goede inschatting te maken. Bijraming geschiedt zonodig bij de 2e Bestuursrapportage 2023. De ervaringscijfers worden verwerkt in de begroting voor 2024 e.v.. Communicatie Raadsleden en commissieleden worden geïnformeerd. De vastgestelde verordening wordt op de gebruikelijke wijze elektronisch bekendgemaakt in het Gemeenteblad.

Vervolg De salarisadministratie en/of financiële administratie zal zorgdragen voor de verrekening van de vastgestelde vergoeding over de periode vanaf 1 januari 2019. Daarbij zullen we de eventuele fiscale consequenties voor reeds door raads- en commissieleden gedane aangiften communiceren. Daarnaast wordt de uitbetaling van de vergoeding- vanaf de inwerkingtreding van deze verordening ter hand genomen. Voor declaraties komt er een digitaal formulier.

Het Fractievoorzittersoverleg voorzitter mevr. P.J.M.G. Blanksma – van den Heuvel

secretaris/griffier drs. G.J. De Graaf

Bijlagen: - Bijlage 1 - Globale berekening binnengemeentelijke reiskosten - Bijlage 2 - Niet overgenomen bepalingen VNG Modelverordening - Bijlage 3.a. t/m c. - Adviezen inzake 2 vergadervergoedingen voor bijwonen 2 vergaderingen op 1 avond - Bijlage 4 - Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers

Gemeenteraad van Helmond

Blz. 3 van 3

Raadsbesluit Vergadering

1 11 juli 2023

Gemeenteraad

De raad van de gemeente Helmond; gezien het advies van het Fractievoorzittersoverleg d.d. 6 juni 2023 gelet op de artikel 95, eerst en tweede lid, 96, eerste en tweede lid, 97, 98 en 99 van de Gemeentewet en het bepaalde in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers besluit:

1. De Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Helmond 2023 vast te stellen conform bijgaand besluit en aansluitend op de gebruikelijke wijze bekendmaken.

2. De Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Helmond 2019 in te trekken. 3. Ervan kennisnemen dat aan het Fractievoorzittersoverleg een voorstel wordt voorgelegd over de wijze waarop de verrekening plaatsvindt voor reiskosten over de periode 1 januari 2019 tot de inwerkingtreding van de onder 1. genoemde verordening (terugwerkende kracht). 4. € 92.500 extra budget ter beschikking te stellen voor de geschatte extra kosten. Mocht deze schatting structureel niet toereikend zijn, dan wordt dit bij de begroting aangepast op basis van de ervaringscijfers.

Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 11 juli 2023. De raad voornoemd, de voorzitter,

Gemeenteraad van Helmond

de griffier,

Blz. 4 van 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12848877/1