CConstaterende datHelmond
Koppel je AI →
Document · PDF

RN 2026-055 Beantwoording technische vragen Jaarverantwoording 2025

Gemeenteraad 7 juli 2026, gemeente HelmondBij agendapunt: Vaststellen Jaarverantwoording 20257.475 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Jaarverantwoording 2025 Technische vragen en antwoorden Hieronder treft u de technische vragen en antwoorden van de Jaarverantwoording 2025. *Budgettair kader en financiële ontwikkelingen* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

1

Auditcomité Op pagina 6 Het verschil tussen de tweede bestuursrapportage en het uiteindelijke jaarrekeningresultaat is aanzienlijk. Kunt u toelichten welke inzichten of ontwikkelingen gedurende het jaar hebben geleid tot deze afwijking en in hoeverre deze al zichtbaar had kunnen zijn bij het opstellen van de twee bestuursrapportage Antwoord: De ontwikkelingen die tot deze afwijking hebben geleid worden toegelicht in de betreffende programma’s en thema’s onder de paragraaf “Wat heeft het gekost’. Een samenvatting hiervan vindt u onder hoofdstuk 2.2. Dat deze ontwikkelingen nog niet zichtbaar waren bij de 2e Berap komt deels door ontwikkelingen als gevolg van derden, die bij de 2e Berap nog niet in te schatten waren. Denk hierbij aan de open einde regelingen (W.M.O. en Jeugd) en de september- en decembercirculaire gemeentefonds van het rijk. Ook zijn er in de periode na het opstellen van de 2e Berap nog besluiten genomen waarvan de financiële gevolgen zichtbaar zijn in de jaarrekening (o.a. voordelen op anterieure overeenkomsten, verantwoording middelen regeling CDOKE). Maar we constateren achteraf ook dat er afwijkingen in de jaarrekening zijn opgenomen die we al eerder hadden kunnen en moeten voorzien. Bijv. doordat de uitvoering van plannen vertraging heeft opgelopen.

Daar waar de uitvoering gestart is en nog doorloopt in 2026 wordt voorgesteld deze middelen door te schuiven naar 2026. Uw raad is nader geïnformeerd over het jaarrekeningresultaat in RIB 2026-065 d.d. 13 april 2026. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

2

Auditcomité Op pagina 8 Vraag: Welke afwijkingen bij de Financiele Samenvatting (hoofdstuk 2) zijn het gevolg van tijdelijke factoren en welke hebben een structureel effect op de meerjarenbegroting? Antwoord: In de raadsinformatiebrief 2026-065 d.d. 13 april jl. is aangegeven dat er momenteel een gedetailleerde meerjarige analyse wordt uitgevoerd op de jaarrekeningresultaten over de jaren 2023-2025. Doel van de analyse is meer inzicht in hoe het resultaat is opgebouwd: welk deel is incidenteel en welk deel is structureel. Deze analyse is nog niet gereed, de resultaten hiervan worden richting de 2e Berap 2026 en/of begroting 2027 meegenomen. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

3

Op pagina 9 Vraag: Binnen het sociaal domein wordt een positief resultaat gerealiseerd van circa €9,5 miljoen. Hoe is dit resultaat opgebouwd naar onderliggende posten en in hoeverre is dit het gevolg van lagere uitgaven, verschuivingen in tijd of niet gerealiseerde uitgaven en welk deel hiervan leidt tot doorwerking of inhaaleffecten in toekomstige jaren?

Auditcomité

1

Antwoord: De grootste afwijkingen staan op HP675 Specialistische Ondersteuning (3 mljn.), HP603 Bijzondere Bijstand (1,2 mljn.) en HP409 Specialistische Ondersteuning (5,1 mljn.). Onder de betreffende hoofdproducten is een nadere toelichting gegeven in programma 1. Het betreft met name incidentele meevallers o.a. door incidentele compensatie van het Rijk vanwege tekorten op jeugdzorg in de voorgaande jaren. Daarnaast was er een onderbesteding van het rijksbudget voor Beschermd Wonen en heeft het inzetten van de SPUK's IZA en GALA bijgedragen aan het voordelig resultaat. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

4

Auditcomité Op pagina 10 Vraag: De lasten voor specialistische ondersteuning laten een voordeel zien van circa €4,7 miljoen. In hoeverre is dit het gevolg van lagere zorgvraag versus niet geleverde zorg en hoe wordt dit onderscheid gemaakt? Antwoord: Dit betreft HP409. De ingezette ombuigingen hebben vanaf 2025 meer opgeleverd dan begroot. Dit komt door meer sturing aan de voorkant waardoor de zorgkosten zijn gestabiliseerd. De realisatie is daarmee nagenoeg gelijk aan 2024. Het voordeel wat is behaald in 2025 komt o.a. door incidentele bijdragen. . Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

5

Auditcomité Op pagina 10 Vraag: In hoeverre leidt het voordeel op specialistische ondersteuning tot een inhaaleffect in toekomstige jaren, bijvoorbeeld door uitgestelde zorg of opschaling van hulp? Antwoord: Dit betreft HP409. Het is niet de verwachting dat dit gaat leiden tot extra kosten in de toekomst. Het voordeel wat is behaald in 2025 komt o.a. door incidentele bijdragen en dat de ombuigingen die zijn ingezet, meer hebben opgeleverd dan begroot. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

6

Auditcomité Op pagina 11 Vraag: Het voordeel op de exploitatie van gemeentelijke eigendommen wordt deels verklaard door lagere kosten en/of hogere opbrengsten. In hoeverre is dit resultaat beïnvloed door incidentele factoren en welk deel kan als structureel worden beschouwd in relatie tot de meerjarenraming? Antwoord: Het voordelig saldo op HP890 Exploitatie gemeentelijke eigendommen van € 1.956 miljoen heeft inclusief een onttrekking van € 742.000 aan de egalisatiereserve onderhoud gemeentelijke gebouwen nagenoeg een volledig incidenteel karakter. De oorzaken van deze afwijking zijn toegelicht op pagina 11 en pagina 62 en 63 van de jaarverantwoording 2025. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

7

Auditcomité Op pagina 11 Vraag: In hoeverre is het resultaat op gemeentelijke eigendommen beïnvloed door het uitstellen van onderhoud of investeringen en welk effect heeft dit op de toekomstige lastenontwikkeling? Antwoord: Het voordelig saldo op HP890 Exploitatie gemeentelijke eigendommen van € 1.956 miljoen inclusief een onttrekking van € 742.000 aan de egalisatiereserve onderhoud gemeentelijke gebouwen is niet beïnvloed door

2

het uitstellen van onderhoud of investeringen. De oorzaken van deze afwijking zijn toegelicht op pagina 11 en pagina 62 en 63 van de jaarverantwoording 2025. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

8

Op pagina 13 Auditcomité Vraag: Er wordt een voordeel gerealiseerd op bestuursondersteuning doordat beschikbare middelen niet zijn ingezet. Kunt u toelichten waarom deze middelen structureel in de begroting zijn opgenomen, terwijl uitvoering (deels) uitblijft en op basis waarvan wordt bepaald of deze middelen nog noodzakelijk zijn? Welke concrete plannen liggen hieronder? Antwoord: In de begroting van 2025 staat in hoofdstuk 3 op bladzijde 15 onder het kopje “personele strategie” en hoofdstuk 5.5.4 op bladzijde 148 beschreven waarom deze middelen structureel in de begroting zijn opgenomen. Daarnaast is besloten te wachten op de vorming van een nieuw college, en een besluit over de daarbij gewenste bestuursondersteuning. Bij het eerstvolgende P&C-moment zal een besluit over de (her)bestemming van deze middelen worden voorgelegd. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

9

Auditcomité Op pagina 18 Vraag: Verstrekte investeringssubsidies aan FTB zijn als activum op de balans opgenomen. Op basis van welke systematiek worden deze bedragen afgeschreven of afgeboekt en over welke termijn gebeurt dit? Antwoord: De investeringssubsidies zijn als 'bijdragen aan derden' op de gemeentelijke balans geactiveerd. Afschrijving gebeurt in 10 jaar; dat is dezelfde termijn als waarin FTB de betreffende machines afschrijft. Dit is een afwijking van het door de raad vastgestelde Investeringsbeleid, waartoe de raad destijds expliciet besloten heeft (zie raadsbesluit d.d. 8 januari 2019) Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

10

Op pagina 18 Auditcomité Vraag: In hoeverre is het risico aanwezig dat deze geactiveerde investeringssubsidies in de toekomst (deels) moeten worden afgewaardeerd en welke concrete criteria of signalen worden hiervoor gehanteerd? Antwoord: Op 10 september 2024 heeft de gemeenteraad de visie op de doorontwikkeling van FTB vastgesteld en kennisgenomen van een meerjarig uitvoeringsplan. In dat plan hebben de, bij FTB, gevestigde bedrijven aangegeven dat ze FTB willen herpositioneren als thematisch georganiseerd businesspark met een sterke focus op communityvorming. De betrokken partners binnen Food Tech Brainport richten zich voortaan op het faciliteren van samenwerking, kennisdeling en innovatie op het park, in plaats van zelf technologieprojecten te initiëren of beheren. Dit betekent dat ze de aan de stichting gekoppelde BV willen opheffen en dat de stichting zelf stopt met de actieve ontwikkeling van de technologieën waarin de afgelopen jaren is geïnvesteerd, in samenwerking met de gemeente Helmond en de Provincie Noord-Brabant. Voor het opheffen van de BV moeten de technologieën/machines verkocht worden door FTB. In de destijds afgegeven subsidiebeschikkingen is aangegeven dat FTB de gemeente dient te informeren als zij technologieën willen vervreemden en dat de gemeente dan aangeeft wat de consequenties daarvan zijn.

Bij verkoop van machines door FTB, zal er ook een afwaardering moeten plaatsvinden van de geactiveerde subsidies op de balans van de gemeente. Onlangs heeft FTB een formeel verzoek gedaan voor de verkoop van technologieën.

3

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

11

Op pagina 18 Auditcomité Vraag: Er wordt gesproken over mogelijke frictiekosten bij FTB voor de gemeente. Waar bestaan deze kosten concreet uit, in welke situaties kunnen deze zich voordoen en wat is de verwachte financiële bandbreedte hiervan? Antwoord: De stichting Food Tech Brainport heeft een negatief eigen vermogen. Dit is te wijten aan onder meer een aanloopverlies dat nog stamt uit 2019 en oplopende brandstofkosten de afgelopen jaren. Het negatief eigen vermogen bedraagt € 200.000. De stichting zoekt samen met ondernemers en gemeente naar een oplossing. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

12

Op pagina 18 Auditcomité Vraag: Kunt u toelichten welke financiële risico’s en verplichtingen uit het verleden verbonden zijn aan de huidige organisatorische inrichting en in hoeverre deze (direct of indirect) kunnen leiden tot aanvullende financiële verplichtingen voor de gemeente? Antwoord: De huidige organisatie van FTB bestaat uit een stichting en een BV. Op 10 september 2024 heeft de gemeenteraad de visie op de doorontwikkeling van FTB vastgesteld en kennisgenomen van een meerjarig uitvoeringsplan. In dat plan hebben de, bij FTB, gevestigde bedrijven aangegeven dat ze de BV willen opheffen, zodat de organisatie alleen uit een stichting bestaat. Om de BV te kunnen opheffen wil FTB technologieën verkopen die zijn aangeschaft met subsidies van de gemeente Helmond en de provincie Noord-Brabant. Omdat de technologieën ook als bijdragen aan derden zijn geactiveerd op de balans van de gemeente, moeten er afboekingen plaatsvinden bij verkoop. Het risico is dat de technologieën minder opbrengen dan de boekwaarde op de balans. In het raadsvoorstel van 10 september 2024 over het vaststellen van de visie op de doorontwikkeling van FTB, is aangegeven dat er mogelijk sprake zou zijn van frictiekosten voor de gemeente Helmond.

Daarin is ook aangegeven dat FTB de gemeente dient te informeren over eventuele vervreemding van technologieën en dat de gemeente dan aangeeft wat de consequenties daarvan zijn. Dat is namelijk als zodanig opgenomen in de subsidiebeschikkingen die in het verleden zijn afgegeven. Een formeel verzoek van FTB voor de verkoop van technologieën is onlangs ontvangen en daarover moet nog besluitvorming plaatsvinden. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

13

Auditcomité Op pagina 18 Vraag: In hoeverre heeft de gekozen organisatorische inrichting bijgedragen aan het aantrekken van externe financiering (zoals subsidies en private bijdragen) en welke voorwaarden of verplichtingen zijn hieraan verbonden die mogelijk financiële risico’s voor de gemeente of FTB met zich meebrengen? Antwoord: Voor het verstrekken van investeringssubsidies aan FTB heeft de gemeente een voorwaarde van cofinanciering gesteld. In dit geval houdt dit in dat FTB eenzelfde bedrag aan co-financiering moet ophalen als dat de investeringssubsidie bedraagt. Bij het niet realiseren van deze voorwaarden kan dit financiele consequenties hebben voor FTB ten aan zien van het definitief vaststellen van de investeringssubsidies.

4

*Beleidsprogramma's* *Programma 1: Meedoen, rondkomen, vooruitkomen* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

14

Auditcomité Op pagina 24 Vraag: “De thema's Passende Zorg en Leefstijl en Arbeidsmarkt zijn in 2025 minder intensief opgepakt.” Wat is de belangrijkste reden hiervoor: een gebrek aan capaciteit of een lagere vraag vanuit inwoners? Antwoord: De voornaamste reden hiervoor ligt niet in een lagere vraag vanuit inwoners, maar in de omstandigheden rondom de uitvoering en doorontwikkeling van deze thema’s. Binnen de pijler Passende Zorg en Leefstijl zijn in 2025 twee transformatieplannen (IZA) opgesteld. Deze plannen zijn echter door de zorgverzekeraar afgekeurd. Naar aanleiding van de ontvangen feedback is in 2026 gestart met het versterken van de inhoudelijke en organisatorische basis, zodat deze pijler structureel en duurzaam kan worden ingericht. Daarbij ligt de nadruk op het beter verbinden van het medisch domein met het sociaal domein. Binnen de pijler Arbeidsmarkt is in 2025 ingezet op de ontwikkeling van een digitaal platform ter ondersteuning van informele zorgverleners, waaronder mantelzorgers. Met de uitvoering van dit project zijn de beschikbare middelen ingezet. Daarnaast is afgesproken om het thema Arbeidsmarkt waar mogelijk integraal mee te nemen binnen de overige pijlers. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

15

Op pagina 24 Auditcomité Vraag: “De thema's Passende Zorg en Leefstijl en Arbeidsmarkt zijn in 2025 minder intensief opgepakt.” Kan het college aangeven wat de impact op inwoners is geweest doordat deze thema’s minder intensief zijn opgepakt? Antwoord: Er is in 2025 bewust voor gekozen om de beschikbare capaciteit en middelen te concentreren op de pijlers Eigen regie en zingeving en Leefomgeving. Binnen deze pijlers zijn concrete initiatieven en projecten gerealiseerd die direct ten goede komen aan inwoners. Door gerichte keuzes te maken in de inzet van capaciteit en budgetten, kon op deze thema’s meer voortgang en samenhang worden gerealiseerd. Deze focus is noodzakelijk om daadwerkelijk resultaat te kunnen behalen, in plaats van de beschikbare middelen te versnipperen over alle thema’s.Hoewel de thema’s Passende Zorg en Leefstijl en Arbeidsmarkt daardoor minder intensief zijn opgepakt, zijn binnen deze thema’s wel voorbereidende stappen gezet om vanaf 2026 verdere uitvoering mogelijk te maken. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

16

Auditcomité Op pagina 24 Vraag: “De projecten die vallen onder Leefomgeving krijgen in 2026 verdere opvolging.” Welke thema’s vallen onder deze projecten? Antwoord: Het doel van het thema Leefomgeving binnen Peel Duurzaam Gezond is “Een structurele integrale samenwerking tussen ruimtelijk domein en zorg- en welzijnsdomein(en), zodat de leefomgeving de gezondheid van inwoners ondersteunt en stimuleert en daarmee zorgvraag voorkomt”. Hiermee willen we de volgende ambitie realiseren: “We creëren samen een gezonde leefomgeving die gezond gedrag bevordert en eigen- en samenredzaamheid van inwoners versterkt, door het ruimtelijk domein in verbinding te brengen met het sociale en zorgdomein.” In 2026 gaan we in en met de 6 Peelgemeenten aan de slag op de volgende actielijnen: 1. Creëren van (bestuurlijk) draagvlak voor de gezonde leefomgeving

5

2. 3. 4. 5.

Nr.

Versterken, ondersteunen en stimuleren van de samenwerking tussen het sociaal domein en ruimtelijk domein op het gebied van de gezonde leefomgeving Gezondheid afwegen en borgen op de gemeentelijke intaketafels (beoordeling bouwinitiatieven) Zorgprofessionals ondersteunen bij het inzetten van gezonde leefomgeving in de praktijk Samenwerking MRE-tafel Vitale Groene Leefomgeving (samen met IZA-regio Eindhoven – de Kempen) Technische vraag:

Gesteld door:

17

Auditcomité Op pagina 26 Vraag: “Bij verlenging van de overeenkomst wordt de opdracht van STH nader aangescherpt. Uw raad wordt hierover eind van dit jaar geïnformeerd” De opdracht aan de Sociale Teams wordt aangescherpt. a) Zijn daarbij ook de kritische signalen van inwoners meegenomen, b) zo ja, hoe zijn de KPI’s hier concreet op aangepast? c) zo niet, op basis waarvan is de opdracht aangescherpt? Antwoord: Eind 2024 is de opdracht van STH geëvalueerd en besloot het college om de overeenkomst met STH te verlengen met de jaren 2026 en 2027. Hierover werd de raad geïnformeerd met RIB 172. In deze RIB staat ook het voornemen een voorstel uit te werken om de uitvoering van de opdracht beter in balans te brengen met de KPI's die zijn afgesproken. De uitwerking hiervan is het balansplan, zoals in RIB 60 naar de raad gecommuniceerd. Na bespreking (zowel intern als met STH) van de jaarrapportages 2025 wordt de raad middels een RIB geïnformeerd, net zoals bij eerdere jaarrapportages van STH. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

18

Auditcomité Op pagina 27: Vraag: “Het voordeel op de lasten wordt met name veroorzaakt doordat bij de 2e Berap besloten is om het subsidieplafond centraal te boeken.” Dit lijkt op een boekhoudkundige verplaatsing van de lasten, echter kun jullie toelichten wat de impact is om het subsidieplafond centraal te boeken? Antwoord: De reden is dat de subsidies die voorheen apart (op verschillende kostenplaatsen en specificaties) geboekt werden vanaf 2025 samengevoegd zijn in 2 plafonds, jeugd en volwassenen. Dit naar aanleiding van het impactgedreven subsidiëren. De realisatie is in 2025 niet overal goed geboekt omdat deze wijziging pas laat in het jaar was doorgevoerd terwijl de subsidies toen al grotendeels waren betaald. Dit is in 2026 opgelost doordat de juiste codering nu tijdig met de betaling meegegeven is. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

19

Auditcomité Op pagina 28: Vraag: “Het saldo wordt voornamelijk veroorzaakt doordat er meer onderhoudskosten voor deze accommodaties gemaakt zijn waarbij de dekking op een ander hoofdproduct verantwoord wordt.” Binnen welk hoofdproduct deze dekking dan feitelijk een onderschrijding laat zien? Antwoord: Het onderhoud aan onze eigen gemeentelijke gebouwen komt ten laste van de exploitatiebegroting. Het begrote onderhoudsbudget in 2025 voor alle gemeentelijke gebouwen in alle programma's is circa € 4,256 miljoen. De werkelijke onderhoudskosten in 2025 voor alle gemeentelijke gebouwen in alle programma's zijn ongeveer € 4,998 miljoen. Het verschil van ongeveer € 742.000 is via HP890 Exploitatie gemeentelijke eigendommen aan de egalisatiereserve onderhoud gemeentelijke gebouwen (vastgoed) onttrokken. De hogere onderhoudskosten voor de accommodaties die vallen onder HP642 Basisvoorzieningen Accommodaties zijn hierin ook meegenomen.

6

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

20

Auditcomité Op pagina 28 Vraag: Dit hoofdproduct heeft een voordelig saldo van € 3,038 miljoen. Dit wordt met name veroorzaakt doordat de/ bijdragen voor Veilig Thuis en bijdragen derden (DVO Eindhoven, Centrum voor Seksueel Geweld) abusievelijk op diverse andere hoofdproducten zijn verantwoord. Ook hier de vraag, binnen welk hoofdproduct is dit dan verantwoord en hoe wordt herhaling van deze vergissingen voorkomen, immers dit maakt het vergelijken van cijfers niet makkelijker? Antwoord: Deze kosten hadden geboekt moeten worden op HP409. De aandachtspunten vanuit de jaarrekening 2025 worden opgepakt in 2026 zodat herhaling wordt voorkomen. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

21

Auditcomité Op pagina 32 Vraag: “ De afwijking op de lasten is te verklaren doordat er ca. € 300.000 minder is uitgegeven op de bijzondere bijstand. Ook is er € 300.000 minder uitgegeven op de Collectieve Aanvullende Verzekering (CAV). Dit voordeel is te verklaren doordat er nog steeds onvoldoende bekendheid van de bijstandsregelingen is bij zowel de inwoners als de partners in de stad”. • Betreft dit een structurele onderbesteding, • zo ja, hoe wordt hier in de toekomst mee omgegaan? Immers het is de bedoeling dat gelden uiteindelijk bij de inwoners komt, die er ook recht op hebben? Antwoord: We gaan er niet vanuit, dat het hier gaat om een structurele onderbesteding. Een oorzaak van deze afwijking komt o.a. door onbekendheid van de regelingen voor bijzondere bijstand bij de burger. In 2026 komt er een nieuwe aanbesteding voor de CAV waarbij verwacht wordt dat de kosten voor de CAV hoger gaan uitvallen. Ook is er vanaf 2026 rekening gehouden met een ombuiging op dit hoofdproduct. De verwachting is dan ook, dat er vanaf 2026 geen sprake meer is van onderbesteding op dit budget. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

22

Op pagina 39 Auditcomité Vraag: “De hogere lasten, ter hoogte van € 562.000 (zie saldo baten), worden met name veroorzaakt doordat de vaststellingen van de subsidies 2024 voor Onderwijsachterstandenbeleid (OAB) hoger zijn dan begroot. Dit komt doordat de kindaantallen zijn gestegen. Deze kosten worden gedekt vanuit de SPUK Onderwijsachterstandenbeleid wat grotendeels het voordeel aan de batenkant verklaart”; Kan dit nader verklaard worden; De hogere lasten worden veroorzaakt doordat de subsidies 2024 hoger zijn dan begroot; Welke lasten zijn hoger?; En kent de gemeente dus meer subsidies toe?; of ontvangen wij subsidies van het Rijk?. Antwoord: Dit betreft VVE. Vroege voorschoolse Educatie onderdeel van het OAB Onderwijs Achterstanden beleid welke een SPUK-middel is. Wij subsidiëren VVE als wettelijke taak, op basis van het aantal kinderen. De kinderopvang maakt vooraf, op basis van voorgaande jaren, een inschatting van het verwachte aantal kinderen. Op basis hiervan wordt de subsidie verleend.

7

Na afloop van het subsidiejaar geeft de kinderopvang het daadwerkelijke aantal kinderen door. Op basis daarvan stellen wij de subsidie definitief vast. Wanneer het aantal kinderen lager uitvalt dan verwacht, wordt de subsidie lager vastgesteld. Wanneer er meer kinderen deelnemen dan vooraf geraamd, vindt er een nabetaling vanuit de gemeente plaats. VVE valt volledig onder de OAB-regeling. In 2024 waren de kindaantallen hoger dan verwacht, waardoor deze extra kosten in 2025 zijn verwerkt. De hogere lasten betreffen VVE. Dit is een wettelijke taak. Er zijn geen aparte subsidies voor peuteropvang en VVE; beide vallen onder de OAB-regeling en maken onderdeel uit van dezelfde regeling. De subsidie hiervoor ontvangen wij vanuit het Rijk en bekostigen wij via de SPUK-middelen. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

23

Auditcomité Op pagina 45: Vraag: “In 2025 is er een aanvullende aanvraag gedaan van ca. € 1,024 miljoen voor Oekraïne middelen omdat het aantal bedden hoger lag dan in de oorspronkelijke aanvraag was opgenomen. Dit saldo is abusievelijk op dit hoofdproduct geraamd. De ramingen van de saldi op de baten- en lastenkant zijn hierdoor te hoog opgenomen.” Wat is hier nu de financiële impact van? Deze vergissing in de budgettering laat dus een positief resultaat zien tov de begroting. Echter op welk hoofdproduct zien we de daadwerkelijk kosten en daarmee dus het negatieve resultaat op de begroting? Immers de kosten zijn alsnog gemaakt, mogen wij aannemen? Antwoord: Er is geen financiele impact. De daadwerkelijke kosten zijn over meerdere hoofdproducten verantwoord. Het uiteindelijke resultaat is meegegaan in het voorstel tot resultaatbestemming. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

24

Op pagina 52: Auditcomité Vraag: Nog niet afgerond: Voor fase1 zijn er in 2025 twee natuurgrasvelden en een kunstgrasveld gerealiseerd. Tevens heeft er een gezamenlijke open dag op Campus De Braak plaatsgevonden en is het voormalig stadion gesloopt. Is de kwalificatie Nog niet afgerond wel correct in deze? Immers de geel gearceerde activiteiten hebben wel degelijk plaats gevonden en afgerond? Antwoord: Fase 1 is wel afgerond, Fase 2B nog niet. Echter valt dit qua verantwoording onder één onderwerp. Vandaar nog niet afgerond.

*Programma 2: Duurzaam en leefbaar* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

25

Op pagina 61 Toelichting afwijking hoofdproduct 825 Ruimtelijke ordening algemeen

Auditcomité

Vraag: “Dit hoofdproduct heeft een voordelig saldo van € 307.000. Dit wordt veroorzaakt doordat de lasten € 391.000 lager zijn dan begroot en de baten € 84.000 lager zijn dan begroot. In de meicirculaire is door het Rijk incidenteel € 326.000 beschikbaar gesteld voor de invoering van de omgevingswet. Hoewel deze financiële ruimte deels is ingezet voor hogere kosten voor noodzakelijke inhuur en software, blijft er per saldo een overschot over door de vertraagde uitvoering van de geplande opdrachten.

8

” Is op basis van het deel gebeid van ’t Hout, namelijk “De Bergen” wel een inschatting te maken of het gebudgeteerde bedrag voldoende zou zijn om hiermee geheel ’t Hout in kaart te brengen? En hoeveel zou dat dan geschat bedragen? Antwoord: Het bedrag van € 80.000 dat wordt overgeheveld naar 2026 via de resultaatbestemming, is specifiek en volledig geoormerkt voor datamigratie. Het gaat hier om het uitfaseren van oude milieu-informatiesystemen en het overzetten van data naar nieuwe softwareapplicaties (ICT-kosten). De opdrachten hiervoor zijn al in 2025 verstrekt aan leveranciers en de projectleider, maar de facturatie vindt plaats in 2026. Dit budget staat dus los van de uren en de complexiteit die nodig zijn voor de inhoudelijke en stedenbouwkundige opstelling van het omgevingsplan voor 't Hout. Voor het opstellen van de wijzigingen in het omgevingsplan voor 't Hout zijn in 2026 reguliere budgetten en ambtelijke capaciteit beschikbaar. Hiervoor zijn geen extra middelen nodig; de afronding past binnen de planning van de reguliere inzet voor 2026.

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

26

Auditcomité Op pagina 62: Toelichting afwijking hoofdproduct 850 Volkshuisvesting Vraag: “Omdat sinds 2024 de eis in onze subsidieregeling is opgenomen dat binnen twee jaar gestart moet worden met de bouw, en er via de Beethoven-deal (MRE) ook subsidie kan worden aangevraagd met hogere bedragen per woning, zijn woningcorporaties tot op heden terughoudend geweest met het aanvragen van de Helmondse subsidie?” Heeft de gemeente Helmond wel zicht op het aantal subsidie aanvragen via de Beethoven-deal zijn gedaan, en zo ja hoeveel? Antwoord: Ja de gemeente Helmond heeft zicht op het aantal subsidieaanvragen via de Beethoven-deal. De aanvraag van deze subsidies loopt via de gemeente. De eerste tranche kon in oktober 2025 aangevraagd worden en begin 2026 zijn de beschikkingen ontvangen. Vanuit deze eerste tranche is er voor 4 projecten in totaal € 2.064.375 beschikt. Het gaat om de projecten: Ons Francien, Ons Oostende, Van Meelstraat en Dorpsplein Mierlo-Hout. Hiervoor is vanuit de gemeente 25% cofinanciering nodig: €668.125. Deze is beschikbaar in de reserve woningbouw. Voor de tweede tranche zijn in maart 2026 twee aanvragen gedaan voor het Ensemble en Floriskwartier. Hierover zijn nog geen beschikkingen ontvangen. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

27

Auditcomité Op pagina 62 Toelichting afwijking hoofdproduct 890 Exploitatie gemeentelijke eigendommen Vraag: “Ook hebben we een aantal overhoeken verkocht voor een bedrag van € 76.000, waarmee géén rekening gehouden was. Deze gronden hadden géén boekwaarde.” Wat zijn overhoeken? Antwoord: Een overhoek (reststrook) is een strook gemeentegrond met geen of relatief weinig functionele waarde voor wat betreft het publieke gebruik, welke mogelijk in aanmerking komt voor vergroting van het direct aangrenzende huisperceel. Veelal zijn deze reststroken in gebruik als openbaar groen en worden onderhouden door de gemeente. In andere gevallen worden deze reststroken ongeregistreerd gebruikt door particulieren, bijvoorbeeld als tuin. De reststroken vormen geen verkeersgeleiding en kunnen worden afgestoten zonder dat er afbreuk wordt gedaan aan de kwaliteit van de openbare ruimte. Reststroken passend binnen bovenstaande definitie die dus geen beleidsdoel dienen, kunnen in beginsel worden verkocht of verhuurd.

9

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

28

Auditcomité Op pagina 72 Vraag: “Niet behaald en stopgezet: • Hackshield: In 2025 is besloten te stoppen met de inzet van Hackshield. Aanleiding hiervoor waren meerdere knelpunten in de uitvoering. In 2026 kijken we samen met betrokken partners hoe het beschikbare budget kan worden herbestemd. Kan hier nog een extra toelichting op worden gegeven welke knelpunten dit bevatten, immers digitale criminaliteit is een hard nekkig probleem waar zeker op moet worden ingezet? Antwoord: De betreffende game vertoonde technische problemen wanneer spelers gelijktijdig actief waren, wat de inzet in groepsverband heeft bemoeilijkt. Verder werd de game onvoldoende vernieuwd, waardoor de aantrekkingskracht voor de doelgroep afnam en het gebruik terugliep. Daarmee bleek het in de praktijk onvoldoende effectief. Met het herbestemmen van het budget wordt gekeken naar een alternatief aanbod dat beter aansluit bij de belevingswereld van kinderen en effectief bijdraagt aan digitale weerbaarheid. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

29

Auditcomité Op pagina 73 Vraag: Door een gerichte herijking van de werkwijze en een efficiëntere inzet van middelen bij met name inbraakvrije wijk en wijkversterkingsplan, zijn de daadwerkelijke kosten lager uitgevallen dan gebudgetteerd. Dit betreft dan ook een structurele besparing? Dus ook geldig voor de begroting van 2026 en verder? Antwoord: Vanaf 2026 is rekening gehouden met een ombuiging ten aanzien van de inbraakvrije wijk. Afhankelijk van de beleidsmatige keuzes in het nieuwe IVP en het daaruitvoortvloeiende uitvoeringsplan, betreft dit een structurele besparing. De efficiëntere inzet van middelen bij wijkversterkingsplan, heeft geleid tot vooral een onderbesteding op incidentele middelen. Voor 2026 zijn er geen incidentele middelen meer ter beschikking en zullen de structurele middelen naar verwachting volledig benut worden. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

30

3.2.5 Mobiliteit JK vd Zanden Op pagina 84-85 Vraag: De bijdrage aan de MRE in verband met de mobiliteitstransitie van Helmond over de komende 10 jaar bedraagt € 4.700.000 Wat draagt Helmond concreet bij binnen MRE-verband? Ik denk hier met name aan Smart Mobility (Automotive Campus) en de schaalsprong van Helmond (mobiliteitsvisie 2040). De MRE helpt Helmond met regionale bereikbaarheid, slimme mobiliteit, fietsroutes, hubs en OV-versterking. Maar richt de MRE zich ook op het autowegennet en de regionale doorstroming met name de randen zoals de N279, N270 en A67? Antwoord: In de Beethoven deal zijn er afspraken gemaakt over de financiering van de Brainporthubs, regionale hubs, fiets, openbaar vervoer en de gedragsaanpak. De afspraken over automobiliteit, zijnde N279 en N270 zijn vormgegeven via het Bereikbaarheidsakkoord onder leiding van de provincie Noord-Brabant. De bijdrage van Helmond aan de MRE is in het kader van de mobiliteitstransitie is gebaseerd op de regionaal vastgestelde bekostigingssystematiek, waarbij de gemeente bijdraagt aan regionale projecten (evenredige bijdrage door alle 21-gemeenten) of slechts voor haar eigen projecten (route-gebonden) aangevuld met financiering vanuit Provincie en Rijk. Het gaat hier dus puur over de financiering van projecten binnen, maar ook buiten Helmond

10

(niveau van de 21-gemeenten). Deze projecten dragen o.a. bij aan de schaalsprong van Helmond, waarbij de cofinanciering zorgt dat Helmond als gemeente minder financieel hoeft bij te dragen, dan als Helmond deze maatregel alleen zou oppakken/ financieren. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

31

Auditcomité Op pagina 87 Verkeersluwe Kanaaldijk Vraag: Ik begrijp dat het plan om de Kanaaldijk N.W. autoluw te maken voorlopig nog niet wordt uitgevoerd, maar dat er eerst een onderzoek zal plaats vinden naar de verkeersstructuur. Wat is de status van dit onderzoek? Wordt dit onderzoek intern uitgevoerd of wordt dit uitbesteed aan een extern bureau? Antwoord: Voor dit onderzoek wordt gebruik gemaakt van zowel interne expertise als van externe adviseurs. Als onderdeel van het onderzoek zijn er in december ‘25, gemeente brede verkeerstellingen uitgevoerd. Deze tellingen zijn gedaan door een extern bureau. De verwerking en interpretatie van de telgegevens is gedaan door het projectteam dat bestaat uit interne en externe adviseurs. Middels een RIB is de Raad over de resultaten van deze verkeerstellingen geïnformeerd in april 2026 Zoals benoemd in de commissievergadering op 25 november 2025 zal de doorlooptijd van het totale onderzoek om te komen tot een advies over een toekomst vaste verkeerstructuur voor Helmond, circa 1 jaar in beslag nemen. Op dit moment staat deze planning uit november 2025 nog steeds overeind.

*Programma 3: Economisch vitaal en aantrekkelijk* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

32

Auditcomité Op pagina 93 Food Tech Brainport (FTB) Vraag: Ik begrijp dat FTB eigenlijk drie werelden probeert te verbinden: de Peel/agrofood, Brainport/hightech en Helmondse maakindustrie (Industrial food processing technology). FTB is echter nog beperkt in schaal. Wat doet FTB om niet meer afhankelijk te zijn van subsidies maar economisch zelfdragend te worden? Vrijwel elke succesvolle campus heeft een of meer grote bedrijven waarbij aangehaakt kan worden zoals Brainport (ASML) en de High Tech Campus (Philips). Welke bedrijven heeft FTB op het oog? Antwoord: FTB is een plek waar het bedrijfsleven samen met het onderwijs en andere partners werkt aan innovatie in de voedselverwerkende industrie. Op 10 september 2024 is de visie op de doorontwikkeling van FTB vastgesteld door uw raad. In het ter kennisname bijgevoegde plan van aanpak dat door de bewoners (lees: gevestigde bedrijven) is opgesteld, geven zij aan hoe zij zich willen committeren aan de toekomst van FTB. De kern daarvan is dat FTB een kleine en slanke organisatie is zonder eigen personeel in dienst, waardoor flexibiliteit in de bedrijfsvoering wordt behouden en vaste kosten worden geminimaliseerd. De organisatie wordt gedragen door ondernemers en zij leveren op verschillende manieren een bijdrage.

Bijvoorbeeld door het inzetten van uren, het beschikbaar stellen van ruimtes en faciliteiten en door financiële bijdragen, bijvoorbeeld voor de inrichting van de panden. De kracht zit niet zozeer in de aanhaking bij een groot bedrijf, maar in de samenwerking tussen en met de gevestigde bedrijven. Subsidies zijn faciliterend voor het deel dat niet door het bedrijfsleven zelf gefinancierd kan worden (onrendabele top). Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

33

Op pagina 94 Automotive Campus Met de overname van de campus door de provincie en de gemeente gaat de bestuurlijke en politieke koers richting publiek eigendom en publieke regie.

Auditcomité

11

Vraag: Wat zijn de risico’s? Ik denk hierbij bijvoorbeeld aan de risico’s van het vastgoed die worden overgenomen, onze gemeente medeverantwoordelijk wordt voor de exploitatie en mogelijk langdurig moet bijspringen. Onze gemeente heeft echter een beperkt financieel draagvlak. Moet er m.a.w. hierover geen debat worden gevoerd in de raad? Antwoord: Gelet op de door de gemeenteraad bekrachtigde geheimhouding op dit dossier, kunnen er op dit moment geen nadere mededelingen worden gedaan.Debatten over dit onderwerp vinden plaats onder geheimhouding conform artikel 87 Gemeentewet. In Q3 2026 is de verwachting dat er diverse aspecten actief openbaar zullen worden gemaakt en dan kan er ook in de openheid een publiek debat in de gemeenteraad worden gevoerd.

*Programma 4 Bestuur en organisatie* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

34

Op pagina 133 Vraag: Per 1 januari 2028 worden de pensioenverplichtingen van de wethouders overgedragen aan het ABP. Met het oog op deze collectieve waardeoverdracht is de pensioenvoorziening opgehoogd.

Auditcomité

1. De overdrachtswaarde zal moeten worden vastgesteld op de juiste actuariële waarde van de pensioenverplichtingen. Zijn alle pensioenrechten van de wethouders duidelijk in beeld zodat de overdrachtswaarde kan worden berekend? 2. Is de gemeente voorbereid op het liquiditeitsbeslag in 2027 omdat de pensioenen per 1 januari 2028 moeten worden af gefinancierd met een koopsom? Antwoord: 1. Ja die zijn in beeld. De berekening van de overdrachtswaarde per 1-1-2028 is door de accountant berekend. 2. Ja hier houden we rekening mee in de liquiditeitsprognose.

*Verplichte paragrafen* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

35

Op pagina 194 Vraag: “hierbij moet echter een belangrijke kantekening geplaatst worde …” pas op blz 199 wordt teruggekomen op die kantekening; misschien is het voor de leesbaarheid handig om hier al een tipje van de sluier op te lichten. Antwoord: Toegevoegd (nieuwe grondexploitatie Brandevoort 2)

Auditcomité

Nr.

Gesteld door:

Technische vraag:

36

Op pagina 197 Vraag: hier staat: “… om de verwachte slechtere tekorten op Nieuw Brandevoort …” dit klinkt als slecht nederlands; beter lijkt mij: “… om de verwachte hogere tekorten…” Antwoord: Is aangepast.

12

Auditcomité

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

37

Op pagina198 Vraag: plaatje gronduitgifte woningbouw; Er staat niet bij wat de getallen betekenen; gaat het hier om woningaantallen? Antwoord: In de tekst voorafgaand aan de figuur is toegevoegd dat het om woningaantallen gaat.

Auditcomité

*Overzicht baten en lasten* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

38

Op pagina 210 Vraag: Bij HP960 staat bij overige belastingen dat de lasten hoger zijn dan de baten; Hoe kan dit? Over welke belastingen gaat dit? Belastingen waarbij de lasten hoger zijn dan de baten zouden we snel af moeten schaffen Antwoord: Zie toelichting op afwijking hoofdproduct 960 – Overige belastingen op pagina 136 en 137.

Auditcomité

Nr.

Gesteld door:

Technische vraag:

39

Op pagina 210 Vraag: bij mutaties reserves (Duurzaam en Leefbaar) staat in de laatste kolom een “N” moet dfat niet een “V” zijn? Antwoord: Ja, het moet een ‘V’ zijn. We zullen het aanpassen in het boekwerk.

Auditcomité

Nr.

Gesteld door:

Technische vraag:

40

Op pagina 211 Vraag: Op de derde regel van de tabel staat “Totaal saldo lasten” moet dat niet “Totaal saldo baten”zijn? Antwoord: Ja, het moet een ‘Totaal saldo baten’ zijn. We zullen het aanpassen in het boekwerk.

Auditcomité

*Balans en de toelichting* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

41

Op pagina 225 Vraag: Wat is de omvang van de kredietfaciliteit rekening-courant die de gemeente heeft bij de bank? Antwoord: We hebben een kredietlimiet van €10.000.000 bij de bank.

Auditcomité

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

42

Op pagina 225 Vraag: In hoeverre wordt gedurende het jaar gebruikgemaakt van deze kredietfaciliteit en is dit incidenteel of structureel?

Auditcomité

13

Antwoord: We hebben in 2025 ongeveer twee weken gebruik gemaakt van de kredietlimiet. Dit gebeurt incidenteel. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

43

Op pagina 225 Auditcomité Vraag: Hoe verhoudt het gebruik van deze kredietfaciliteit zich tot het uitgangspunt van schatkistbankieren? Antwoord: We gebruiken de kredietlimiet zodra we negatief lopen. Dit betekent dat we ook geen gelden hebben gestald bij de schatkist. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

44

Auditcomité Op pagina 228 Vraag: De gemeente heeft geen inzicht in de berekening van eigen bijdragen door het CAK. Hoe wordt vastgesteld dat deze baten juist en volledig zijn? Antwoord: We onderscheiden 3 soorten/varianten:voor de WMO voorziening: 1. Er is geen eigen bijdrage van toepassing. Bijvoorbeeld bij een rolstoel verstrekking. 2. Er is een abonnementstarief van toepassing: Bijvoorbeeld voor hulp bij het huishouden. 3. Inkomensafhankelijke bijdrage is van toepassing. Bij beschermd wonen met zorg in natura. Bij nummer 1 en 2 hebben we wel inzicht. Bij nummer 3 niet. Hierbij is geen zicht op juistheid en volledigheid. Dit in kader van de privacy. Dit is landelijk geregeld. We krijgen als gemeente Helmond alleen inzage of iemand wel of niet betaald Wij vertrouwen hier op de controles van de accountant van het CAK. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

45

Auditcomité Op pagina 228 Vraag: Hoe wordt in dit geval invulling gegeven aan de rechtmatigheids verantwoording? Antwoord: Gezien het antwoord op de vorige vraag (in kader van de privacy) kunnen we dus geen eigenstandige invulling geven aan de rechtmatigheidstoets. Wij vertrouwen hier op de controles van de accountant van het CAK. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

46

Auditcomité Op pagina 228 Vraag: Welke concrete controles of afspraken zijn er om de betrouwbaarheid van de door het CAK aangeleverde bedragen te borgen? Antwoord: Zie vraag 44: Bij nummer 1 is hier geen sprake van. Bij nummer 2 is het een abonnementstarief dat landelijk geldt. Deze worden o.a. toegekend op basis door de aanvraag die de inwoner bij de gemeente Helmond heeft ingediend. De gemeente helmond kan hier geen controles op uitvoeren in kader van de betrouwbaarheid. Bij nummer 3 worden de eigen bijdragen bepaald o.a. op basis van inkomens die het CAK mag inzien bij de belastingdienst. De gemeente helmond kan hier geen eigen controles op uitvoeren in kader van de betrouwbaarheid. Wel wordt er 2 maandelijks een controle verricht tussen de bestanden van het CAK en van de gemeente Helmond.

14

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

47

Auditcomité Op pagina 238 Vraag: Het saldo dubieuze debiteuren is toegenomen met €1,1 miljoen. In hoeverre sluit de huidige omvang van deze voorziening nog aan bij het werkelijke incassorisico, en op basis van welke onderliggende analyse wordt dit bepaald? Antwoord: Analyse wordt gemaakt op basis van ouderdom van openstaande vorderingen. Omvang sluit aan bij het werkelijke incassorisico omdat we bijna iedere vordering incasseren. Een voorziening blijft uiteraard een schatting omdat je te maken krijgt met onvoorziene omstandigheden (faillissementen). Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

48

Auditcomité Op pagina 238 Vraag: Waarom zien we nauwelijks afboekingen of afwikkelingen terug in deze post? Antwoord: Het saldo op deze post is met name opgebouwd uitposten rond de afwikkeling van faillissementen (denk de afgelopen jaren ondermeer aan GroupCard (isolatieregeling) en Workbrands (meubilair Huis voor de Stad). De afwikkeling van een faillissement kan jaren duren. Pas na de definitieve afwikkeling van het faillissement zult u in de eerstvolgende jaarrekening mutaties zien. Daarnaast zijn er vorderingen op specifieke debiteuren, waarmee onder andere betalingsregelingen getroffen worden. Die kunnen een lange looptijd hebben. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

49

Op pagina 238 Vraag: Wat is de gemiddelde looptijd van openstaande (dubieuze) vorderingen?

Auditcomité

Antwoord: Zie het antwoord op vraag 48. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

50

Auditcomité Op pagina 238 Vraag: In hoeverre worden actieve incassotrajecten ingezet om achterstallige vorderingen te innen? Antwoord: Voor iedere vordering wordt een incassotraject ingezet. Debiteuren ontvangen een kosteloze herinnering een WIK-brief en eventueel een e-mail. Wij benaderen debiteuren ook telefonisch om de vordering te voldoen. Als betaling uitblijft dienen wij de vordering in bij Zuyd Groep gerechtsdeurwaarders. Wij treffen ook betalingsregeling met debiteuren die worden gemonitord. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

51

Auditcomité Op pagina 238 Vraag: Welk deel van deze vorderingen wordt naar verwachting niet meer geïncasseerd? Antwoord: Naar verwachting wordt maar een klein deel van de vorderingen niet meer geïncasserd. Het betreft grotendeels vorderingen waarvan de vervaldatum pas net is verstreken en vorderingen waarvoor een betalingsregeling is getroffen.

15

Onze vorderingen op faillissementen zijn ingediend bij de curatoren. De afwikkeling van faillissementen duurt meestal meerdere jaren. De ervaring leert ons dat deze posten vrijwel helemaal als oninbaar moeten worden afgeschreven.

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

52

Op pagina 239 Auditcomité Vraag: Hoe kan het dat de liquide middelen als volledig beschikbaar worden gepresenteerd, terwijl er sprake is van een negatief banksaldo? Antwoord: Het negatieve saldo van de liquide middelen is opgenomen in de nog te verwerken reclassificaties, waarmee we het saldo overzetten naar de passivazijde van de balans. Deze reclassificaties zijn door ons aangeleverd bij de accountant voorafgaand aan de accountantscontrole en na goedkeuring zullen deze definitief worden verwerkt in de balans. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

53

Op pagina 239 Vraag: Er staat een bedrag van €34.000 aan contanten op de balans. Waar bestaat dit concreet uit? Antwoord: Dit bestaat per peildatum jaarrekening concreet uit de kassen van: - Stadswinkel, €23.000 - Museum, €6.000 - Speelhuis, €5.000

Auditcomité

Nr.

Gesteld door:

Technische vraag:

54

Op pagina 239 Auditcomité Vraag: Welke norm hanteert de gemeente voor de omvang van contant geld in kas? Antwoord: De norm is om niet boven het verzekeringsbedrag uit te komen. Het verzekeringsbedrag voor gemeente Helmond is €25.000 Die norm betreft alleen de stadswinkel. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

55

Auditcomité Op pagina 239 Vraag: Welke functies of processen binnen de gemeente maken het noodzakelijk om contant geld aan te houden? Antwoord: Contant geld is een wettelijk betaalmiddel. Hiermee accommoderen wij alle inwoners/bezoekers.Dit betreft met name de processen rond Dienstverlening, het Museum en het Speelhuis. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

56

Op pagina 244 Vraag: Bij meerdere reserves zien we geen mutaties. Welke concrete plannen of verplichtingen liggen hier nog onder? Antwoord:

16

Auditcomité

Op 16 december 2025 heeft de gemeenteraad de nieuwe note reserves en voorzienignen 2025-2028 vastgesteld. In bijlage 2 van deze nota is een lijst toegevoegd van alle reserves en voorzieningen. Per reserve en voorziening wordt o.a. aangegeven wat het doel is, wat de voeding is en de einddatum.

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

57

Auditcomité Op pagina 244 Vraag: Waarom worden deze reserves aangehouden als er meerdere jaren geen gebruik van wordt gemaakt? Antwoord: Diit is mede afhankelijk van het doel van de reserve. Afspraak in de nota reserves en voorzieningen is dat een bestemmingsreserve welke 3 jaar niet aangewend wordt, vrij valt. Maar hier zijn uitzonderingen op. Zoals de egalisatiereserves en de reserves die een een einddatum langer dan 3 jaar hebben of voor onbepaalde tijd zijn ingesteld. De regels hiervoor zijn uitgewertk in paragraaf 4.3.3. van de nota reserves en voorzieningen 20252028. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

58

Op pagina 244 Auditcomité Vraag: Wordt periodiek beoordeeld of deze reserves kunnen vrijvallen, en zo ja wanneer heeft dat voor het laatst plaatsgevonden? Antwoord: Ja. Minimaal één keer per jaar wordt deze beoordeeld of deze reserves nog voldoen aan de voorwaarden uit de door uw raad vastgestelde nota reserves en voorzieningen. Dit kan zowel bij de 2e Berap als bij de jaarrekening. De laatste keer dat dit heeft plaatsgevonden was bij de vaststellng van de nota reserves en voorzieningen 2025-2028. De financiële gevolgen zijn meegenomen in de 2e Berap 2025 en de begroting 2026. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

59

Auditcomité Op pagina 244 Vraag: De bestemmingsreserve “Saldo begroting 2020”: hoe is deze ontstaan en welk doel dient deze momenteel nog? Antwoord: In de reserve ‘saldo begroting 2020’ is de incidentele ruimte gestort, die vanuit de begroting 2020-2023 nog beschikbaar was. Bij de begroting 2026 (op pagina 21) is besloten om deze reserve vrij te laten vallen als dekking voor de begroting in 2026 en op te heffen. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

60

Op pagina 247 Auditcomité Vraag: Waarom wordt €1.157.000 toegevoegd aan een voorziening afval in plaats van dit te verwerken in de tarieven van de afvalstoffenheffing en welke inhoudelijke afweging ligt hieraan ten grondslag? Antwoord: De tarieven van de afvalstoffenheffing worden jaarlijks bij de begroting vastgesteld. Eventuele overschotten of tekorten aan het einde van het boekjaar worden verrekend met de voorziening, zodat van inwoners verkregen middelen die specifiek bestemd zijn voor afvalinzameling en -verwerking behouden blijven voor dit doel. Het is praktisch gezien niet mogelijk om de tarieven voor het afgelopen jaar met terugwerkende kracht aan te

17

passen. In de eerstvolgende begroting worden de tarieven opnieuw vastgesteld. Daarbij wordt de stand van de voorziening op dat moment ook meegewogen.

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

61

Auditcomité Op pagina 247 Vraag: Hoe verhoudt deze keuze zich tot het uitgangspunt van kostendekkende tarieven? Antwoord: Het uitgangspunt blijft dat de tarieven 100% kostendekkend zijn. Dit uitgangspunt geldt echter op begrotingsbasis. Eventuele overschotten en tekorten die bij de realisatie ontstaan, worden verrekend met de voorziening. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

62

Auditcomité Op pagina 247 Vraag: Over welke periode is deze voorziening bedoeld om schommelingen in de afvalkosten op te vangen en hoe wordt bepaald wanneer deze weer wordt afgebouwd? Antwoord: Bij de vaststelling van de Nota reserves en voorzieningen is voor deze voorziening geen einddatum bepaald. Eventuele onttrekkingen vallen onder de bevoegdheid van de raad en worden verwerkt in de begroting. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

63

Auditcomité Op pagina 247 Vraag: Hoe wordt geborgd dat inwoners hierdoor niet structureel meer betalen dan de werkelijke kosten? Antwoord: Het uitgangspunt is 100% kostendekkendheid op begrotingsbasis, waarbij zowel de baten als de lasten in de begroting en de stand van de voorziening realistisch worden geraamd bij de berekening van de tarieven.Er kunnen in individuele jaren overschotten of tekorten zijn, maar meerjarig kunnen de inwoners op deze manier niet structureel teveel betalen.

18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17133925/1