RN 2026-038 Antwoorden op Technische vragen 1e Berap 2026
Tekst van het document
1e Berap 2026 Technische vragen Hieronder treft u de technische vragen van de 1e Berap 2026 zoals gesteld door de fracties:
*Programma 1 Meedoen, Rondkomen, Vooruitkomen* Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 6 1. Fractie: VVD Vraag: Sturen op afbouw top 25 duurste indicaties; wat wordt hier concreet mee bedoeld en kan dit onderbouwd worden met voorbeelden van deze indicaties die het college klaarblijkelijk wil afbouwen? En waarom wordt gekozen voor het afbouwen van de duurste indicaties i.p.v. van andere wegingsfactoren om iets af te bouwen? Antwoord: Er is een analyse gemaakt van de top 25 duurste indicaties voor jeugdcasussen. Periodiek monitoren we deze top 25 en bekijken of de (dure) inzet nog steeds nodig is en onderzoeken waar en wanneer de inzet van zorg afgebouwd/afgeschaald kan worden. Het primaire doel is niet direct afbouwen van dure zorg maar bijsturen op deze zorg waar dat mogelijk is.
Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 7: Fractie: Mì Vraag: Vliegende brigade. 80 Aanmeldingen begroot en pas 10 gerealiseerd dit Hellemonders lopende schooljaar. Wat is de reden hiervan en welke concrete acties worden ondernomen om een inhaalslag te maken? Omschrijving in kopje 'vliegende brigade’, pagina 7 is wel heel algemeen. Dus concrete voorbeelden aub. Antwoord: De achterblijvende instroom bij de Vliegende Brigade komt vooral doordat de werkwijze en mogelijkheden nog onvoldoende bekend waren bij VVE-aanbieders en ouders. Daarnaast bleek sprake van drempels rondom toestemming van ouders en waren formulieren niet altijd gebruiksvriendelijk. 2.
Om de instroom te vergroten zijn inmiddels diverse concrete acties ingezet. Zo bezoekt de Vliegende Brigade opnieuw alle VVE-locaties, sluit zij aan bij VVE-netwerken en wijkoverleggen en is in maart 2026 een nieuwsbrief verspreid met praktijkvoorbeelden en een Q&A. Daarnaast worden afspraken gemaakt om de Vliegende Brigade zichtbaarder aanwezig te laten zijn op locaties voor ouders, worden formulieren vereenvoudigd en zijn samenwerkingsafspraken gemaakt met aanbieders die al een interne zorgcoördinator hebben. In kwartaal 2 van 2026 vindt een tussentijdse evaluatie plaats om de effecten van deze maatregelen te beoordelen.
Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 7 3. Fractie: VVD Vraag: Juridisch gezien hadden we eerder moeten aankondigen dat subsidies voor 2026 worden verlaagd; betekent dit dat er subsidies zijn verstrekt aan partners die geen recht hadden op deze subsidies? En kan het college toelichten over de aard van deze subsidiepartners? Antwoord: Nee, er zijn geen subsidies verstrekt aan organisaties die daar geen recht op hadden. Het gaat hier niet om onrechtmatige subsidieverstrekking, maar om de mogelijkheid om het subsidiebeleid aan te passen. Daarbij kan bijvoorbeeld het eigen vermogen van organisaties zwaarder meewegen bij de beoordeling van subsidieaanvragen. Voor dergelijke wijzigingen moeten subsidieregelingen tijdig worden aangepast. Daarnaast moeten subsidiepartners op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) voldoende tijd krijgen om zich voor te
1
bereiden op een lagere subsidie of een afbouwregeling. Omdat deze beleidsaanpassing niet tijdig in 2025 is voorbereid, kon deze nog niet worden toegepast op de subsidieaanvragen voor 2026. Het betreft hierbij onder meer organisaties zoals vrijwilligersorganisaties, sportverenigingen, wijkhuizen en speeltuinorganisaties.
Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 7 4. Fractie: Helder Vraag: Zijn er consequenties dat we juridisch te laat met het informeren van onze Helmond subsidie partners zijn? Zo ja, welke financiële consequenties zijn dat dan? Antwoord: Nee, er zijn geen directe juridische of financiële consequenties in de zin van claims of onrechtmatige subsidieverstrekking. De consequentie is vooral dat deze mogelijke ombuiging nog niet kon worden doorgevoerd voor het subsidiejaar 2026, omdat subsidiepartners conform de Algemene wet bestuursrecht (Awb) tijdig geïnformeerd moeten worden over beleidswijzigingen en eventuele afbouw van subsidies. Hierdoor kan de beoogde besparing voor 2026 nog niet worden gerealiseerd en schuift een eventuele financiële opbrengst door naar een later moment.
Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 7 5. Fractie: Helder Vraag: Rechtmatigheid in de zorg. Wat zijn de financiële gevolgen van de Helmond oorspronkelijke beraamde besparing in dit project? Antwoord: In 2026 is voor deze businesscase een ombuiging begroot van € 782.000 en vanaf 2027 structureel € 1.482.000. Binnen het project zijn diverse maatregelen doorgevoerd, zoals het inrichten van een meldpunt voor oneerlijk gebruik van zorggeld, het aanstellen van een toezichthouder, het aanscherpen van eisen bij de inkoop van Wmo-begeleiding individueel en het ontwikkelen van een dashboard voor monitoring. Deze maatregelen dragen bij aan een meer rechtmatige, doelmatige en kwalitatief betere besteding van zorggelden. De financiële effecten van de afzonderlijke maatregelen zijn niet één op één toe te rekenen aan deze businesscase. De besparingen worden gerealiseerd binnen de totale uitgaven aan jeugdzorg en Wmo.
*Programma 2 Duurzaam en Leefbaar* Nr. 6.
Technische vraag: Op pagina 12 Stedelijke vernieuwing (centrum en wijken): Vraag: Graag concrete voorbeelden waardoor vertraging is opgelopen en wanneer dit opnieuw terugkomt in de raad. Dus niet later dit jaar, maar meer concreet!!
Gesteld door: Fractie: Mì Hellemonders
Antwoord: De parkeergarage en de bovenbouw kregen we niet goed op elkaar afgestemd. Daardoor moesten maatregelen genomen worden, zoals overspanningen in de draagconstructie, het uitbreiden van de parkeerbak en aanpassing van de opgangen. Hierdoor werd de parkeergarage steeds duurder, terwijl het aantal parkeerplaatsen afnam. Op een gegeven moment is er voor gekozen opnieuw te beginnen met een ander ontwerp. De huidige lijn zorgt er voor dat wel een goede afstemming mogelijk is, met een betere, efficiëntere parkeergarage. We werken dit momenteel uit, en zijn hierover in gesprek met de ontwikkelaar. De verwachting is dat we hiermee, mede afhankelijk van de onderhandelingen met de ontwikkelaar, in oktober of november naar de raad komen.
2
Nr. 7.
Technische vraag: Op pagina 12. Onderdeel klimaatadaptie Vraag: Was er ontoereikend budget of te laat ingeschreven.
Gesteld door: Fractie: Mì Hellemonders
Antwoord: In de begroting 2026 zijn geen middelen voorzien voor het uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie, inclusief middelen voor het "NK tegelwippen". Aanvullende middelen voor het uitvoeringsprogramma worden aangevraagd via de 1e BERAP. Besluitvorming over de 1e BERAP sluit niet aan bij de uitvoeringsplanning van het "NK tegelwippen" waardoor dit project geen doorgang kan vinden in 2026.
Nr. 8.
Technische vraag: Op pagina 17. Aanpak van netcongestie (kabels en leidingen) Vraag: 2x 1fte extra. Is daar een dekking voor gerealiseerd?
Gesteld door: Fractie: Mì Hellemonders
Antwoord: Ja. Reeds in de begroting 2025 was een incidenteel bedrag opgenomen voor een Aanjaagteam Netcongestie. In 2025 is dit bedrag niet uitgegeven. Deze middelen worden nu incidenteel hiervoor ingezet, mits de gemeenteraad instemt met de jaarverantwoording en de resultaatbestemmingen. De noodzakelijke middelen voor 2027 en verder worden onderdeel van de begrotingsvoorbereiding 2027.
Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 17 9. Fractie: VVD Vraag: De verwachting is, dat de nog aanwezige ruimte op de andere deelnetten van Helmond-zuid in de loop van dit jaar ook op is. Dat betekent dat alle aanvragen, grooten kleinverbruikers, op de wachtrij komen te staan en er pas weer stroom toegekend kan worden als er ruimte op het net is.” Helmond-zuid is een rekbaar begrip, echter dienen wij hierbij ook aan te nemen dat Nieuw-Brandevoort ook onder Helmond-zuid valt? Wat is de financiële impact van het feit dat het net ook op is voor Nieuw Brandevoort? Antwoord: Nieuw-Brandevoort valt ook onder station Helmond-zuid, maar een ander netdeel. Voor dit netdeel heeft Enexis nog geen aansluitpauze afgekondigd. Gemeenten gaan vanaf 1 oktober de toekomstige woningbouwen onderwijshuisvestingsprojecten aanleveren via het proces ‘eerder aanvragen' dat nu landelijk wordt uitgewerkt. Vanaf 1 oktober gaat de netbeheerder berekenen hoeveel van deze aanvragen toegekend kunnen worden op basis van de beschikbare capaciteit, het moment waarop stroom gevraagd wordt en het moment waarop er weer ruimte komt vanuit, bijvoorbeeld, congestieverzachters (krijgen de hoogste prioriteit), netverzwaringen of andere (tijdelijke) maatregelen. Het is daarom nu nog niet te voorspellen wat de financiële impact is voor Nieuw-Brandevoort.
Dit najaar verwachten we meer duidelijkheid te krijgen van Enexis. We gaan een aantal scenario's in beeld brengen voor het energiesysteem in Nieuw-Brandevoort, waarmee we ook meer zicht krijgen op de bandbreedte van eventuele financiële consequenties.
3
*Programma 3 Economisch vitaal en aantrekkelijk* Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 25: Automotive Campus 10. Fractie: Mì Vraag: Extra kosten i.v.m. o.a. het verwerven van de externe bv. Zijn deze kosten Hellemonders concreet of zijn dit prognoses en kunnen dus nog afwijken? Gaat over een groot bedrag van 550.000 euro. Antwoord: Wij hebben geprobeerd de voorbereidingskosten die wij voorzien in verband met de beoogde verwerving van CSM en het gezamenlijke met de provincie uit te werken Businessplan zo goed mogelijk in te schatten. Deze kosten kunnen in de praktijk afwijken van de nu aangevraagde budgetten. Dit bedrag bevat nadrukkelijk niet de Koopprijs voor de aandelen. Hiervoor wordt op korte termijn een raadsvoorstel aan u voorgelegd. Van belang is dat we op een adequate manier de beoogde overname en doorontwikkeling voorbereiden, aangezien de financiële belangen in verband met deze transactie groot zijn. Wij streven er daarbij nadrukkelijk naar binnen de budgetten te blijven die in deze berap zijn opgenomen. Overigens hebben wij geconstateerd dat per abuis een gedateerde tekst stond opgenomen in de aan u toegezonden berap.
De toelichting die moet worden opgenomen ter onderbouwing van het gevraagde budget luidt als volgt: “Op 11 februari 2026 bent u met Raadsinformatiebrief 24 geïnformeerd over onze intentie om gezamenlijk met de provincie over te gaan tot het aankopen van Campus Sui Moveo, de BV waar het aanwezige vastgoed op de Automotive Campus in is ondergebracht. Dit traject brengt voor de gemeente substantiële kosten met zich mee die niet kunnen worden opgevangen binnen de regulier voor de Automotive Campus beschikbare budgetten. Het gaat om kosten gemoeid met een uitgebreid due diligence onderzoek, dat erop gericht is om alle juridische, fiscale, financiële en bouwtechnische aspecten van Campus Sui Moveo tegen het licht houden. Op deze manier verkrijgen wij een gedetailleerd beeld van de BV en het vastgoed en van de risico’s die met de overname samenhangen. Due diligence wordt standaard toegepast bij dit type transacties, en is tegelijkertijd kostbaar. Het is van groot belang om dit onderzoek grondig uit te voeren, nu het over te nemen vastgoed een waarde vertegenwoordigt die vele malen hoger ligt dan deze onderzoekskosten. Ook vanuit onze juridische positie is dit onderzoek belangrijk, omdat we daarmee invulling geven aan de onderzoeksplicht die op kopende partijen rust.
Ook de kosten die verband houden met het transactieproces waren niet in de Automotive-budgetten voor 2026 opgenomen; denk aan de totstandkoming van de intentieovereenkomst, de koopovereenkomst, en diverse akten die daarbij horen. Tevens zetten wij adviseurs in om een toekomstig businessplan voor de Automotive Campus te maken; hoe gaan we de campus gezamenlijk met de provincie verder ontwikkelen en wat is daarvoor nodig? Daarbij gaat het onder meer om het uitwerken van een Samenwerkingsovereenkomst (SOK) tussen gemeente en provincie die regelt welke verwachtingen en verplichtingen wij ten opzichte van de provincie hebben. Tot slot vraagt de aanstaande overname ook aanzienlijk meer van de bestaande Stichting Automotive Campus. Zij gingen aanvankelijk uit van een doorontwikkeling richting een Campus BV (als onderdeel PPS), maar moeten zich nu verhouden tot een volledig publiek eigenaarschap van de Automotive Campus. Wij zetten hen in als belangrijke partner en vooruitgeschoven post op de campus om er met ons voor te zorgen dat we tot een zo soepele mogelijke transitie kunnen komen. Om die reden stellen wij ook voor het plafond van de begrotingssubsidie ten behoeve van SACH op te hogen met € 242.000 (tot € 500.000).
In de totale aanvraag voor aanvullend budget van € 550.000 (zie de afzonderlijke tabel waarin de voorgestelde begrotingswijzigingen zijn opgenomen) is deze verhoging financieel verwerkt.”
4
*Programma 4 Bestuur en organisatie* Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 27. Programma 4: Lopende maatregelen. Efficiënter inzetten Huis voor de 11. Fractie: Mì stad. Hellemonders Vraag: Klopt het dat de besparing niet wordt gehaald van 247.000 euro en daarbovenop nog een bedrag van externe vergaderlocaties van 103.000 euro? Wat is de reden dat nog vaak uitgeweken wordt naar externe locaties en dat daarvoor nog geen plan was gemaakt. De noodzaak van vergaderen binnen het Huis voor de Stad is dus niet overal bekend...??? Antwoord: Nee, dat klopt niet. Door minder gebruik te maken van externe vergaderlocaties kan wel een besparing worden gerealiseerd, maar daarmee wordt de oorspronkelijke taakstelling van €247.000,- niet volledig gehaald. De uitgaven aan externe vergaderlocaties was in 2025 circa €103.000,-. Dat is minder dan vooraf op gerekend. Wanneer volledig zou worden gestopt met extern vergaderen, is dat daarmee ook het maximale directe besparingspotentieel. De reden dat nog gebruik wordt gemaakt van externe locaties is dat met name dinsdag en donderdag populaire vergaderdagen zijn, waardoor de beschikbare vergaderruimtes in het Huis voor de Stad soms onvoldoende capaciteit bieden. Daarnaast is bij grotere bijeenkomsten of overleggen met externe partners een externe locatie soms praktischer of noodzakelijk.
Om het gebruik van externe locaties verder terug te dringen, wordt gestuurd op het vaker plannen van vergaderingen op woensdag en vrijdag. Op deze dagen is meer ruimte beschikbaar binnen het Huis voor de Stad. Daarmee verwachten we een besparing te realiseren, maar niet de volledige oorspronkelijke taakstelling.
Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 27 12. Fractie: VVD Vraag: Echter door het sterk stijgende aantal afhalers (98,8%) is een tweede afhaalbalie vereist, wat extra inzet van personeel vraagt. We werken daarom aan een duurzame, toekomstbestendige oplossing binnen dit beleidsterrein, dan wel aan een alternatief scenario binnen het programma. Betekent dit dat er al reeds gekozen is voor een tweede afhaalbalie, of wordt er eerst gekeken naar een alternatief scenario? En wat zou dat scenario behelzen? Antwoord: Er is nog geen definitief besluit genomen over een structurele tweede afhaalbalie. Wel is per 1 januari 2026 tijdelijk een tweede afhaalbalie ingericht om de sterk toegenomen afhaalstroom op te vangen. Deze tijdelijke oplossing, waarbij twee afhaalbalies in één spreekkamer zijn geplaatst, is niet optimaal. De privacy is beperkter, al blijft deze binnen de geldende kaders, en de inrichting is minder efficiënt voor de bezoekersstromen. De tijdelijke situatie wordt gebruikt om verschillende toekomstscenario’s te onderzoeken en de financiële en personele gevolgen daarvan in beeld te brengen. Daarbij wordt onder andere gekeken naar varianten van afhalen en (thuis)bezorging, in samenhang met de totale dienstverlening en de verwachte groei van het aantal aanvragen.
5
Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 28 wordt gesproken dat de frequentie van het aantal verkiezingen toeneemt. 13. Fractie: Mì Vraag: Over welke verkiezingen hebben we het dan, naast de verkiezingen van 1e en Hellemonders 2e Kamer en die van Provinciale Staten??? Bij een aftredend kabinet is dit natuurlijk het geval echter is dit, gelukkig, nog erg vaak voorkomend fenomeen. Antwoord: De toename in frequentie van verkiezingen (in de breedste zin van het woord) is een verwachting die is gebaseerd op historie, maatschappelijke ontwikkelingen en aankomende wetgeving. Sinds 2002 hebben er 32 verkiezingen plaatsgevonden, verdeeld over 29 verkiezingsdagen. In deze periode waren er 2 geplande Tweede Kamerverkiezingen, en 5 vervroegde Tweede Kamerverkiezingen waarvan de laatste twee in 2023 en 2025 opeenvolgend waren. Lokaal is er een toename aan, of interesse in, houden van referenda. Een wetgeving die zowel lokaal als nationaal referenda bindend maakt is lopend (InitiatiefvoorstelVan Nispen Opneming in de Grondwet van bepalingen inzake het correctief referendum (36.468) - Eerste Kamer der Staten-Generaal). Dit samen creëert de verwachting bij alle betrokkenen is dat zowel lokaal als nationaal het aantal verkiezingen zal toenemen. Aan alle betrokkenen wordt door de Kiesraad dan ook geadviseerd (n.a.v.
een motie van de Tweede Kamer) om permanent gereed te zijn voor verkiezingen én verkorting van de voorbereidingsperiode. (Advies Kiesraad: Snellere tussentijdse verkiezingen vragen om permanente gereedheid | Kiesraad.nl).
*Bijsturingsmogelijkheden* Nr.
Technische vraag: 14. Op pagina 37. Bijsturingsmogelijkheden. Vraag: De zittende coalitie is gestart met 7 wethouders en inmiddels zijn er 2 vertrokken, welke functie(s) niet meer opgevuld zijn. Volgens de Gemeentewet zou Helmond dan 7 tot 8 wethouders kunnen krijgen, en bij deeltijdoptie wellicht nog meer, echter met een maximaal aantal fte's. Antwoord: De constatering is juist. Maar er wordt geen vraag gesteld.
Gesteld door: Fractie: Mì Hellemonders
*Kredieten* Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 40 15. Fractie: VVD Vraag: Ten aanzien van het Voorbereidingskrediet Kasteel-Traversebrug wordt het effect kapitaallasten getoond van € 84.K Echter bij de vervanging camerasysteem wordt er geen bedrag vermeldt. Kunt u toelichten waar hierbij het verschil zit, waarom de ene aanvraag wel een effect kapitaallasten vertoont en de ander niet? Antwoord: In de kolom effect kapitaallasten worden de kapitaallasten gemeld die een effect hebben op de meerjarige begroting en waar geen dekking voor is. Voor de vervanging camerasysteem is dekking via beschikbare exploitatiebudgetten en is er dus geen wijziging op de meerjarenbegroting.
6
*Bijlages Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 52 16. Fractie: VVD Vraag: Er worden inmiddels een drietal jaarringen speelvoorzieningen gepresenteerd. Waarom zijn deze gelden niet ingezet? Betreft dit een ambtelijk capaciteitsprobleem of een gebrek van aanvragen door de diverse wijkraden of andere organisaties? Antwoord: Jaarlijks worden er in het IVP middelen beschikbaar gesteld voor de vervanging van speelvoorzieningen. Deze worden vervolgens per jaar als aparte kredieten gepresenteerd. Als gevolg van tekort aan capaciteit en omdat participatie meer tijd in beslag neemt, duurt het soms langer voordat het krediet volledig kan worden uitgenut. Deze middelen blijven beschikbaar voor het vervangen van speelvoorzieningen. Het krediet speelvoorzieningen 2024 wordt in deze berap afgesloten.
Nr.
Technische vraag: Gesteld door: 17. Op pagina 54 Fractie: VVD Vraag: Ook bij rioleringszorg staan een viertal jaarringen kredieten gevoteerd. Betreft dit een opbouw van een grotere voorziening, of zijn de kosten niet nodig voor de rioleringszorg? Graag een toelichting op deze kredieten. Deze vragen kunnen ook gesteld worden naar aanleiding van Wegen Regulier, graag ook hierbij een toelichting. Antwoord: Conform het vastgesteld WRP worden er jaarlijks in het IVP-middelen beschikbaar gesteld voor de vervanging van riolering en deze worden gedekt uit de spaarvoorziening riolering. Deze middelen zijn nog steeds nodig voor het vervangen van het riool. Het voorbereiden en uitvoeren van rioleringsprojecten duur meestal meerdere jaren. Als gevolg van langere benodigde voorbereidingstijd door bijvoorbeeld onderzoeken en integrale projectaanpak kan het wat langer duren voordat kredieten volledig worden benut. Het krediet wegen 2024 is volledig gebruikt voor investeringsprojecten zoals herinrichtingen, reconstructies van wegen en overige verhardingen. Dit wordt in deze Berap afgesloten. De diverse investeringsprojecten onder de kredieten van 2025 en 2026 zijn of in voorbereiding, reeds aanbesteed of in uitvoering. Krediet Wegen 2025 wordt in 2026 volledig gebruikt.
Als gevolg van langere benodigde voorbereidingstijd door bijvoorbeeld onderzoeken en integrale projectaanpak kan het wat langer duren voordat kredieten volledig worden uitgenut. Mogelijk is dat het geval voor het krediet van 2026. In de loop van dit jaar ontstaat daarover meer duidelijkheid.
7
De volgende vragen zijn na de deadline (op maandag18 mei 2026) ontvangen. Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 12 18. Fractie: Vraag: Over de groennorm: "Deze uitwerking wordt opgepakt als de basiskwaliteit GroenLinksnatuur opgesteld is en de specifieke gebouwbewonende diersoorten inzichtelijk zijn PvdA gemaakt voor de gehele gemeente". Wordt hiermee bedoeld dat de uitwerking van de groennorm vertraging heeft? En wat betekent dit voor de woningbouw of verduurzaming van woningen? Antwoord: Op dit moment wordt parallel gewerkt aan de Groennorm én aan de Basiskwaliteit Natuur (BKN). Groennorm en BKN gebruiken namelijk deels dezelfde toetscriteria. Tegelijkertijd wordt per (woningbouw)project ook het aspect groen en BKN getoetst, zodat Groennorm en BKN ook werkendeweg hun toepassing krijgen. Dit geeft geen vertraging op de woningbouw in Helmond. Het inzichtelijk maken van de gebouwbewonende soorten heeft betrekking op het Soortmanagement Plan (SMP) Helmond. Totdat het SMP Helmond er is, kan de verduurzaming van woningen doorgaan op basis van de landelijke regeling Natuurvriendelijk Isoleren (NVI) en de provinciale regeling Pré-SMP die binnenkort wordt vastgesteld.
Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 13 19. Fractie: Vraag: Energietransitie over vertraging bij de conceptaanvraag voor de GroenLinksomgevingsvergunning voor de isolatie-aanpak. Hangen de groennorm en het inzichtelijk maken van de specifieke diersoorten (zie p.12) ook samen met de drukte bij PvdA ecologische bureaus? Er wordt gesteld dat dit geen vertraging oplevert voor de isolatieaanpak. Voor welke dingen levert dit wel vertraging op? Antwoord: De aanvraag omgevingsvergunning voor de isolatie-aanpak en de groennorm/basiskwaliteit natuur hebben geen relatie met elkaar. De drukte bij ecologische bureaus is grotendeels het gevolg van de benodigde ecologische onderzoeken voor de isolatie-aanpak, die op dit moment bij alle gemeenten in Nederland wordt uitgerold of lopend is. Wij kunnen nu nog vooruit met de landelijke criteria voor natuurvriendelijk isoleren (NVI) en hoeven nog geen omgevingsvergunning te hebben. Zodra het % te isoleren woningen in een bepaald gebied de norm van NVI overschrijdt, moeten we een omgevingsvergunning hebben. Voor zover wij kunnen overzien, ontstaat er geen vertraging op andere thema's als gevolg van drukte bij de ecologische adviesbureaus.
Nr.
Technische vraag: Gesteld door: Op pagina 13 en 17 20. Fractie: Vraag: Over de lokale aanpak netcongestie - de gemeente wil over naar een regionale GroenLinksaanpak om de netcongestie aan te pakken en heeft hiervoor extra capaciteit nodig. Is PvdA dit, gezien de huidige geopolitieke situatie, voldoende om zoveel mogelijk te kunnen elektrificeren voor de winter 2026-2027? Antwoord: De verwachting is dat de netcongestie in Brainport de aankomende jaren zal toenemen en dat we met onze regionale partners en de netbeheerders alle zeilen moeten bijzetten om de gevolgen daarvan te dempen. Dit vraagt actie op alle mogelijke sporen die we kunnen bewandelen zoals sneller bouwen aan netverzwaringen, maatregelen om transportcapaciteit vrij te krijgen, netbewuste nieuwbouw en ook kijken naar de mogelijkheden voor bestaande bouw. Die laatste zit op twee onderdelen: aanpassingen gedrag van inwoners om pieken te kunnen spreiden. Maar ook het aanpassen van de strategie voor het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving. Hierover komt in het Warmteprogramma meer duidelijkheid.
8
Nr. 21.
Technische vraag: Op pagina 6 (Uitvoeringskosten Senzer) Vraag: Hoe komt het dat, na het naar de verwachting forse positieve resultaat over 2026, de verwachtingen voor 2027 en vooral voor 2028 zo negatief zijn?
Gesteld door: Fractie: CDA
Antwoord: Het gaat hier over het realiseren van de ombuiging bij Senzer, die vanaf 2026 is ingeboekt en vanaf 2028 oploopt naar 1,6 mljn per jaar. Het blijft onzeker of de beoogde ombuiging daadwerkelijk wordt gerealiseerd. Mede daarom hebben wij in onze zienswijze van de begroting aan het Dagelijks Bestuur van Senzer gevraagd de bekostigingssystematiek te evalueren. De uitkomsten hiervan, samen met de keuzes van het nieuwe bestuur, zijn van belang voor de toekomstige financiële ontwikkelingen. Nr. 22.
Technische vraag: Op pagina 6 (Uitvoeringskosten Senzer) Vraag: Bestaat het risico dat na overheveling van (een deel van het) positieve resultaat over 2026 naar de deelnemende gemeenten, er na 2027 en 2028 weer vanuit de gemeenten extra zal moeten worden bijgelegd?
Gesteld door: Fractie: CDA
Antwoord: Een dergelijk risico kan nooit volledig worden uitgesloten. Tegelijkertijd beschikt Senzer over voldoende weerstandsvermogen om onvoorziene financiële tegenvallers op te vangen. Op basis van de huidige inzichten is het niet de verwachting dat na 2027 of 2028 een aanvullende bijdrage van de deelnemende gemeenten wordt gevraagd.
Nr. 23.
Technische vraag: Op pagina 6 (Doorbraakmethode) Vraag: In hoeveel gevallen is de doorbraakmethode daadwerkelijk toegepast? (Bedoeld is dat via de doorbraakmethode tot een bepaalde toekenning is gekomen die zonder de doorbraak methode niet (op die manier mogelijk) zou zijn geweest
Gesteld door: Fractie: CDA
Antwoord: Als er iets wordt toegekend via het doorbraakbudget, is dat een toekenning die niet volgens de (vaste) wet- en regelgeving kan plaatsvinden. De afgelopen maanden is er beperkt beroep gedaan op het doorbraakbudget. Intern wordt onderzocht, hoe we de effecten beter kunnen meten; extern wordt onderzocht hoe we het doorbraakbudget en de preventieve werking daarvan op de juiste wijze kunnen inzetten.
9