CConstaterende datHelmond
Koppel je AI →
Document · PDF

RN 066 Erfgoedvererordening Helmond 2025 met aanpassingen

Gemeenteraad 7 oktober 2025, gemeente HelmondBij agendapunt: Erfgoedverordening Helmond 20253.834 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Erfgoedverordening Helmond 2025

Besluit van de raad van de gemeente Helmond tot vaststelling van de Erfgoedverordening Helmond 2025 De raad van de gemeente Helmond; Gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van [datum en nummer]; gelet op artikel 3.16 van de Erfgoedwet, artikel 149 van de Gemeentewet en de Omgevingswet; besluit vast te stellen de Erfgoedverordening Helmond 2025

1. Algemeen Artikel 1 Definities In deze verordening en de daarop berustende voorschriften wordt, tenzij anders is bepaald, verstaan onder: Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Helmond: de op basis van artikel 17.9 van de Omgevingswet artikel 15 door de gemeenteraad ingestelde commissie, die als taak heeft burgemeester en wethouders op verzoek of uit eigen beweging te adviseren over het bereiken en in stand houden van een goede omgevingskwaliteit en dat wat daarmee verband houdt of daaraan kan bijdragen. Archeologisch monument: terrein dat deel uitmaakt van cultureel erfgoed vanwege de daar aanwezige overblijfselen, voorwerpen of andere sporen van menselijke aanwezigheid in het verleden en dat overeenkomstig de bepalingen van deze verordening als beschermd gemeentelijk archeologisch monument is aangewezen. Archeologisch onderzoek: onderzoek naar het bodemarchief, dat wordt verricht volgens de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) door of namens een dienst of instelling die over certificering beschikt. Archeologische vondst: overblijfsel, voorwerp of ander spoor van menseljke aanwezigheid in het verleden afkomstig van een archeologisch monument. Bouwhistorisch onderzoek: onderzoek, in een schriftelijke rapportage vastgelegd, naar de bouwgeschiedenis en de bouwhistorische kwaliteit van een monument.

Cultureel erfgoed: uit het verleden geërfde materiele en immateriële bronnen, in de loop van de tijd tot stand gebracht door de mens of ontstaan uit de wisselwerking tussen mens en omgeving, die mensen, onafhankelijk van het bezit ervan, identificeren als een weerspiegeling en uitdrukking van zich voortdurend ontwikkelende waarden, overtuigingen, kennis en tradities, en die aan hen en toekomstige generaties een referentiekader bieden. Cultuurgoed: roerende zaak die deel uit maakt van cultureel erfgoed. Gemeentelijke archeologische beleidskaart: kaart waarop de overeenkomstig deze verordening aangewezen gebieden met archeologische waarden en verwachtingen zijn geregistreerd. Gemeentelijk beschermd beeldbepalend object: een overeenkomstig deze verordening als beschermd beeldbepalend object aangewezen onroerende beeldbepalende zaak die zichtbaar is in de openbare ruimte. Gemeentelijk beschermd cultuurgoed: cultuurgoed als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet dat als zodanig is aangewezen op grond van artikel 21, eerste lid. Gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht: groepen van onroerende zaken, als bedoeld in de bijlage bij artikel 1.1 van de Omgevingswet, die van algemeen belang zijn wegens hun schoonheid, 1

Erfgoedverordening Helmond 2025 hun onderlinge ruimtelijke of structurele samenhang, wetenschappelijke of cultuurhistorische waarde en in welke groepen zich meestal één of meer monumenten bevinden en die als zodanig zijn aangewezen op grond van artikel 4, eerste lid. Gemeentelijk beschermde verzameling: verzameling als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet die als zodanig is aangewezen op grond van artikel 21, tweede lid. Gemeentelijk erfgoedregister: het register waar in het in overeenstemming met deze verordening aangewezen en beschermd erfgoed is geregistreerd. Gemeentelijk monument: onroerend of roerend monument, als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet, dat overeenkomstig de bepalingen van deze verordening als beschermd gemeentelijk monument is aangewezen. Kerkelijk monument: onroerend monument, dat eigendom is van een parochie, een kerkgenootschap, een kerkelijke gemeente, of van een kerkelijke instelling en dat uitsluitend of voor een overwegend deel wordt gebruikt voor de uitoefening van de godsdienst. Minister: minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Normaal onderhoud: noodzakelijke reguliere werkzaamheden die gericht zijn op het behoud van monumentale waarde Omgevingsvergunning: vergunning als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet voor een activiteit met betrekking tot een gemeentelijk monument of een gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht. Rijksmonument: onroerend monument dat is inschreven in het rijksmonumentenregister als bedoeld in artikel 3.3 van de Erfgoedwet. Verzameling: cultuurgoederen die uit cultuurhistorisch of wetenschappelijk oogpunt bij elkaar horen Artikel 2 Gemeentelijk erfgoedregister 1. Burgemeester en wethouders houden een door eenieder te raadplegen gemeentelijk erfgoedregister bij van krachtens deze verordening aangewezen gemeentelijk cultureel erfgoed inclusief de locaties waaraan krachtens artikel 4.2, eerste lid, van de Omgevingswet in het omgevingsplan de functie cultureel erfgoed is toebedeeld. 2. Het gemeentelijk erfgoedregister bevat a. gegevens over de inschrijving en ter identificatie van het aangewezen gemeentelijk cultureel erfgoed. b.

gegevens over door burgemeester en wethouders van de minister ontvangen afschriften van de inschrijving van een rijksmonument in het rijksmonumentenregister als bedoeld in artikel 3.3, verijfde lid, van de Erfgoedwet en instructies als bedoeld in artikel 2.34, vierde lid, van de Omgevingswet betreffende een locatie met functie-aanduiding rijksbeschermd stads- en dorpsgezicht. c. gegevens over door burgemeester en wethouders van gedeputeerde staten ontvangen instructies als bedoeld in artikel 2.33, eerste lid, van de Omgevingswet betreffende een locatie met functie-aanduiding provincieel monument, provinciaal archeologisch monument of provinciaal beschermd stads- en dorpsgezicht. 3. Burgemeester en wethouders kunnen ten aanzien van het gemeentelijk cultureel erfgoed wijzigingen aanbrengen in het gemeentelijk erfgoedregister.

2. Aanwijzing gemeentelijk monument Artikel 3 De aanwijzing tot beschermd gemeentelijk monument 1. Burgemeester en wethouders kunnen besluiten een monument of een archeologisch monument dat van bijzonder belang is voor de gemeente vanwege zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde aan te wijzen als gemeentelijk monument. 2. Dit artikel is niet van toepassing op rijksmonumenten. 2

Erfgoedverordening Helmond 2025 Artikel 4 Voornemen tot aanwijzing 1. Een voornemen om toepassing te geven aan artikel 3, eerste lid, wordt door burgemeester en wethouders schriftelijk bekend gemaakt aan alle zakelijk gerechtigden op de onroerende zaak die vermeld staan in de openbare registers, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Kadasterwet, met uitzondering van hypotheekhouders. 2. Voordat een kerkelijk monument wordt aangewezen, voeren burgemeester en wethouders overleg met de eigenaar. 3. Voordat over de aanwijzing als bedoeld in artikel 3, lid 1 een besluit wordt genomen wordt een redengevende beschrijving opgesteld. 4. Indien dit door burgemeester en wethouders noodzakelijk wordt geacht, wordt voorafgaand aan de aanwijzing een bouwhistorisch onderzoek opgesteld. Artikel 5 Voorbescherming 1. Met ingang van de datum waarop de eigenaar van een monument de kennisgeving van het voornemen tot aanwijzing als beschermd gemeentelijk monument ontvangt tot het moment dat de registratie als bedoeld in artikel 2 plaatsheeft of vaststaat dat het monument niet wordt aangewezen, zijn de artikelen 11 tot en met 14 onder paragraaf 3 van overeenkomstige toepassing. 2. De voorbescherming vervalt op het moment van inschrijving van de aanwijzing in het gemeentelijk erfgoedregister. Artikel 6 gemeentelijke adviescommissie 1.

Burgemeester en wethouders vragen over het voornemen om toepassing te geven aan artikel 3, eerste lid, advies aan de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Helmond zoals bedoeld in artikel 17.9 van de Omgevingswet en Verordening op de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Helmond 2023. 2. De Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Helmond betrekt in ieder geval de leden die deskundig zijn op het gebied van de monumentenzorg bij het advies. 3. De Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit brengt binnen acht weken na ontvangst van de adviesaanvraag schriftelijk en gemotiveerd verslag uit. Artikel 7 Beslistermijn en inhoud aanwijzingsbesluit 1. Op een voornemen tot aanwijzing dient te worden besloten binnen 26 weken na de dag dat het voornemen tot aanwijzing bekend is gemaakt. 2. De aanwijzing bevalt in ieder geval de plaatselijke aanduiding van het gemeentelijk monument, de datum van aanwijzing, de kadastrale aanduiding en een redengevende omschrijving van het gemeentelijke monument of het archeologisch monument. Artikel 8 Mededeling en registratie aanwijzingsbesluit 1. De aanwijzing als bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt schriftelijk bekend gemaakt aan alle zakelijk gerechtigden op de onroerende zaak die vermeld staan in de openbare registers, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Kadasterwet, met uitzondering van hypotheekhouders. 2.

Indien om aanwijzing is verzocht wordt deze schriftelijk bekend gemaakt aan de verzoeker. 3. Burgemeester en wethouders verwerken de aanwijzing in het gemeentelijk erfgoedregister. Artikel 9 Aanwijzing als voorlopig gemeentelijk monument 1. In een spoedeisend geval kunnen burgemeester en wethouders een monument of een archeologisch monument aanwijzen als voorlopig gemeentelijk monument. In afwijking van artikel 6 wordt in dat geval aan de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Helmond advies gevraagd over de vastgestelde aanwijzing als voorlopig gemeentelijk monument of archeologisch monument. 3

Erfgoedverordening Helmond 2025 2. Een aanwijzing als voorlopig gemeentelijk monument of archeologisch monument vervalt na 26 weken of zoveel eerder als burgemeester en wethouders een besluit hebben genomen over de aanwijzing als bedoeld in artikel 3, eerste lid. 3. Paragraaf 3 is van overeenkomstige toepassing vanaf het moment dat zakelijk gerechtigden schriftelijk in kennis worden gesteld van het besluit van burgemeester en wethouders tot aanwijzing van het monument als voorlopig gemeentelijk monument. 4. Artikel 8 is van overeenkomstige toepassing op deze aanwijzing. Artikel 10 Wijziging of intrekken van de aanwijzing 1. Het college kan ten aanzien van gemeentelijke monumenten en voorlopige gemeentelijke monumenten wijzigingen aanbrengen in het gemeentelijk erfgoedregister. 2. Als de wijziging ziet op het schrappen uit het register is hoofdstuk 2 van overeenkomstige toepassing, tenzij het monument of het archeologisch monument waarop de aanwijzing betrekking heeft als zodanig is tenietgegaan. 3. Een aanwijzing vervalt met ingang van de dag waarop het gemeentelijke monument of het gemeentelijke archeologisch monument waarop de aanwijzing betrekking heeft is ingeschreven in het rijksmonumentenregister of een provinciaal erfgoedregister als bedoeld in artikel 3.17, derde lid, van de Erfgoedwet of een omgevingsverordening als bedoeld in artikel 2.6 van de Omgevingswet.

Het vervallen van de aanwijzing wordt direct bijgehouden in het gemeentelijk erfgoedregister.

3. Bescherming gemeentelijk monument Artikel 11 Instandhoudingsbepalingen gemeentelijk monument Het is verboden een beschermd gemeentelijk monument te beschadigen of te vernielen, of daar aan onderhoud te onthouden dat voor de instandhouding daarvan noodzakelijk is. Artikel 12 Omgevingsvergunning gemeentelijk monument 1. Het is verboden zonder omgevingsvergunning van burgemeester en wethouders een gemeentelijk monument: a. te slopen, te verstoren, te verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen, of b. te herstellen, te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op: a. de uitvoering van normaal onderhoud, voor zover detaillering, profilering, vormgeving, materiaalsoort en kleur van het monument niet wijzigen. b. alleen inpandige veranderingen van een onderdeel van het monument dat, naar oordeel van burgemeester en wethouders, uit het oogpunt van monumentenzorg geen waarde heeft. c. Het binnen een monument dat als begraafplaats in gebruik is met inachtneming van de monumentale waarden: I plaatsen van grafmonumenten, met inbegrip van het tijdelijk verwijderen daarvan en het bijwerken van het opschrift. II doen van begravingen of asbijzettingen. III ruimen van graven waarvan het grafmonument niet is beschermd als gemeentelijk monument. 3.

Burgemeester en wethouders kunnen in het belang van de monumentenzorg nadere regels stellen met betrekking tot de uitvoering van werkzaamheden aan een gemeentelijk monument. Deze regels kunnen mede inhouden een vrijstelling van het verbod, bedoeld in het eerste lid, of een plicht tot het melden van handelingen bedoeld in het tweede lid van dit artikel. 4

Erfgoedverordening Helmond 2025

4. Zo nodig kunnen burgemeester en wethouders nadere gegevens eisen, om te bepalen of de

belangen van het monument voldoende worden gewaarborgd. 5. Burgemeester en wethouders zenden direct een afschrift van de ontvankelijke aanvraag om omgevingsvergunning aan de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit. 6. De termijn waarbinnen advies door de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit wordt uitgebracht bedraagt twee weken vanaf het moment dat het plan in haar vergadering is behandeld. Artikel 13 Weigeringsgronden 1. De vergunning kan slechts worden verleend indien het belang van de monumentenzorg zich daartegen niet verzet. 2. Een omgevingsvergunning voor een kerkelijk monument als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet wordt niet verleend zonder overeenstemming met de eigenaar. Artikel 14 Intrekken van de vergunning De vergunning kan door het bevoegd gezag worden ingetrokken indien: a. blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is verleend; b. blijkt dat de vergunninghouder de voorschriften verbonden aan de vergunning niet naleeft; c. de omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zodanig zijn gewijzigd, dat het belang van het beschermde gemeentelijk monument zwaarder dient te wegen.

4. Aanwijzing en bescherming als gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht Artikel 15 Aanwijzing als gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht 1. De gemeenteraad kan, op voorstel van burgemeester en wethouders stads- of dorpsgezichten aanwijzen als gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht. 2. Burgemeester en wethouders vragen over het voornemen tot aanwijzing van een gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezichten advies aan de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Helmond. Artikel 6, tweede en derde lid, is overeenkomstig van toepassing. 3. De gemeenteraad beslist binnen 26 weken na verzending van het voorstel, bedoeld in het tweede lid. 4. Een aangewezen gemeentelijke stads- of dorpsgezicht wordt direct opgenomen in het gemeentelijk erfgoedregister. 5. De gemeenteraad stelt ter bescherming van een op grond van het eerste lid aangewezen gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht een omgevingsplan als bedoeld in artikel 2.4 van de Omgevingswet vast. 6. Bij het besluit tot aanwijzing van een beschermd stads- of dorpsgezicht kan hiertoe een termijn worden gesteld. 7. Dit artikel is niet van toepassing op een beschermd stads- of dorpsgezicht dat via instructies de functie-aanduiding rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht heeft, of dat is aangewezen op grond van artikel 2.34, vierde lid, van de Omgevingswet.

Artikel 16 Wijziging, intrekking en vervallen van de aanwijzing als gemeentelijk beschermd stadsof dorpsgezicht 1. De gemeenteraad kan, op voorstel van burgemeester en wethouders, een besluit tot aanwijzing als bedoeld in artikel 15, eerste lid, wijzigen of intrekken. Artikel 15, tweede en derde lid, is hierop van overeenkomstige toepassing, tenzij het een aanpassing van ondergeschikte betekenis betreft of het stads- of dorpsgezicht waarop aanwijzing betrekking heeft als zodanig is tenietgegaan.

5

Erfgoedverordening Helmond 2025 2. Een aanwijzing vervalt met ingang van de dag waarop het stads- of dorpsgezicht waarop de aanwijzing betrekking heeft wordt aangewezen als beschermd stads- of dorpsgezicht op grond van een instructie als bedoeld in artikel 2.33, eerste lid, of artikel 2.34, vierde lid, van de Omgevingswet. 3. Burgemeester en wethouders verwerken de wijziging, intrekking of het vervallen van een aanwijzing direct in het gemeentelijk erfgoedregister. Artikel 17 Verbodsbepaling en aanvraag omgevingsvergunning 1. Het is in een gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht verboden om zonder omgevingsvergunning een bouwwerk te slopen. 2. De omgevingsvergunning kan in ieder geval worden geweigerd als naar het oordeel van burgemeester en wethouders niet aannemelijk is dat op korte termijn op de plaats van het te slopen bouwwerk een ander bouwwerk kan of zal worden gebouwd. 3. De omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien het belang van de monumentenzorg zich daartegen niet verzet. 4. Het eerste lid is niet van toepassing op het slopen ingevolge een verplichting als bedoeld in de artikelen 13, 13a of 13b van de Woningwet of ingevolge een verplichting zoals gesteld in een maatwerkvoorschrift op grond van artikel 3.5 van het Besluit bouwwerken leefomgeving.

5. Aanwijzing en bescherming als gemeentelijk beschermd beeldbepalend object Artikel 18 Aanwijzing als gemeentelijk beschermd beeldbepalend object 1. Burgemeester en wethouders kunnen besluiten een onroerende zaak aan te wijzen als beschermd beeldbepalend object. 2. Burgemeester en wethouders vragen over het voornemen tot aanwijzing van gemeentelijke beschermde beeldbepalende objecten advies aan de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Helmond. Artikel 6, tweede en derde lid, zijn van overeenkomstige toepassing. 3. Burgemeester en wethouders beslissen binnen 26 weken na verzending van het voorstel, bedoeld in het tweede lid. 4. Een aangewezen gemeentelijk beeldbepalend object wordt direct opgenomen in het gemeentelijk erfgoedregister. Artikel 19 Wijziging, intrekking en vervallen van de aanwijzing als gemeentelijk beschermd beeldbepalend object 1. Burgemeester en wethouders kunnen een besluit tot aanwijzing als bedoeld in artikel 18, eerste lid, wijzigen of intrekken. Artikel 18 , tweede en derde lid, is hierop van overeenkomstige toepassing, tenzij het een aanpassing van ondergeschikte betekenis betreft of het beeldbepalend object waarop aanwijzing betrekking heeft als zodanig is tenietgegaan. 2. Burgemeester en wethouders verwerken de wijziging, intrekking of het vervallen van een aanwijzing direct in het gemeentelijk erfgoedregister.

Artikel 20 Verbodsbepaling en aanvraag omgevingsvergunning 1. Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een gemeentelijk beschermd beeldbepalend object geheel of gedeeltelijk te slopen. 2. De omgevingsvergunning kan in ieder geval worden geweigerd als naar het oordeel van burgemeester en wethouders niet aannemelijk is dat op korte termijn op de plaats van het te slopen bouwwerk een ander bouwwerk kan of zal worden gebouwd. 6

Erfgoedverordening Helmond 2025 3. De vergunning kan slechts worden verleend indien het belang van de monumentenzorg zich daartegen niet verzet. 4. Het eerste lid is niet van toepassing op het slopen ingevolge een verplichting als bedoeld in de artikelen 13, 13a of 13b van de Woningwet of ingevolge een verplichting zoals gesteld in een maatwerkvoorschrift op grond van artikel 3.5 van het Besluit bouwwerken leefomgeving.

6. Aanwijzing gemeentelijk beschermd cultuurgoed of gemeentelijk beschermde verzameling Artikel 21 Aanwijzing als gemeentelijk beschermd cultuurgoed of gemeentelijk beschermde verzameling 1. Burgemeester en wethouders kunnen besluiten een cultuurgoed dat van bijzondere cultuurhistorische of wetenschappelijke betekenis of uitzonderlijke schoonheid is en dat als onvervangbaar en onmisbaar behoort te worden behouden voor het gemeentelijk cultuurbezit en dat in eigendom is van de gemeente of dat aan de zorg van de gemeente is toevertrouwd aan te wijzen als gemeentelijk beschermd cultuurgoed. 2. Burgemeester en wethouders kunnen besluiten een verzameling van bijzondere cultuurhistorische of wetenschappelijke betekenis, die als geheel of door een of meer van de cultuurgoederen die een wezenlijk onderdeel van de verzameling zijn, als onvervangbaar en onmisbaar behoort te worden behouden voor het gemeentelijk cultuurbezit en die in eigendom is van de gemeente of die aan de zorg van de gemeente is toevertrouwd aan te wijzen als gemeentelijk beschermde verzameling. 3. Voor de aanwijzing van een cultuurgoed of een verzameling die aan de zorg van de gemeente is toevertrouwd is toestemming van de eigenaar vereist. 4.

Over het voornemen van een aanwijzing, bedoeld in het eerste of tweede lid, alsmede over de vervreemding van een gemeentelijk beschermd cultuurgoed of een gemeentelijk beschermde verzameling of over het afstand doen van de zorg daarvoor vragen burgemeester en wethouders advies aan een commissie als bedoeld in artikel 4.18 van de Erfgoedwet. 5. Dit artikel is niet van toepassing op: a. door de minister beschermde cultuurgoederen en beschermde verzamelingen als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet, en b. cultureel erfgoed dat is aangewezen op grond van een provinciale erfgoedverordening als bedoeld in artikel 3.17, eerste lid, van de Erfgoedwet. 6. Burgemeester en wethouders verwerken de aanwijzing van een beschermd cultuurgoed of een beschermde verzameling direct in het gemeentelijk erfgoedregister. Artikel 22 Wijziging, intrekking en vervallen van de aanwijzing als gemeentelijk beschermd cultuurgoed of gemeentelijk beschermde verzameling 1. Burgemeester en wethouders kunnen een besluit tot aanwijzing als bedoeld in artikel 21, eerste of tweede lid, wijzigen of intrekken. Artikel 21, vierde lid, is hierop van overeenkomstige toepassing, tenzij het een aanpassing van ondergeschikte betekenis betreft of het gemeentelijk beschermd cultuurgoed of de gemeentelijk beschermde verzameling waarop de aanwijzing betrekking heeft als zodanig is tenietgegaan. 2.

Een aanwijzing vervalt met ingang van de dag waarop het gemeentelijk beschermd cultuurgoed of de gemeentelijk beschermde verzameling waarop de aanwijzing betrekking heeft wordt aangewezen als: a. door de minister beschermd cultuurgoed of beschermde verzameling als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet, of

7

Erfgoedverordening Helmond 2025 b. beschermd cultureel erfgoed op grond van een provinciale erfgoedverordening als bedoeld in artikel 3.17, eerste lid, van de Erfgoedwet. 3. Burgemeester en wethouders verwerken de wijziging, intrekking of het vervallen van een aanwijzing direct in het gemeentelijk erfgoedregister.

7. Archeologie Artikel 23 Gemeentelijke archeologische beleidskaart 1. De gemeenteraad kan gebieden, waarvan het algemeen belang wegens hun betekenis voor de archeologische monumentenzorg vermoed wordt, op grond van historische gegevens, door archeologische vondsten, landschapshistorisch onderzoek of door ander onderzoek aannemelijk gemaakt, aanwijzen als gebied met archeologische waarde of verwachting. 2. Burgemeester en wethouders registreren de gebieden met archeologische waarde of verwachting op de gemeentelijke archeologische beleidskaart. 3. Deze kaart bevat: a. de plaatselijke aanduiding; b. de datum van aanwijzing; c. de gebiedsbegrenzing, en d. een beschrijving van het gebied met de motivatie voor de archeologische en cultuurhistorische waarden. 4. De gemeenteraad kan regels opstellen over de mate van verstoring die per categorie, van de op de gemeentelijke archeologische beleidskaart aangegeven verwachtingen is toegestaan. 5. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om de gemeentelijke archeologische beleidskaart te wijzigen, indien op basis van archeologisch onderzoek is gebleken dat ter plaatse een andere verwachtingswaarde op archeologische vondsten is, dan in eerdere instantie werd aangenomen. Artikel 24 Vangnet archeologie 1.

Het is verboden de bodem te verstoren in een archeologisch monument of een gebied waar aantoonbaar archeologische vondsten of waarden worden verwacht als in het daar vigerende omgevingsplan niet is voldaan aan artikel 5.130 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, tenzij: a. voor de activiteit een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, eerste of tweede lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of artikel 5.1, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet is verleend; b. het de verstoring betreft van een archeologisch monument, waarde of verwachting die is aangegeven op de gemeentelijke archeologische waardenkaart, de provinciale archeologische waardenkaart of de landelijke indicatieve kaart van archeologische waarden en het verrichten van de activiteiten geen strijd oplevert met door burgemeester en wethouders vastgestelde regels over de toegestane mate van verstoring; c. de activiteit plaatsvindt op basis van een deugdelijke beschrijving van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening wordt gehouden en onevenredige schade voor archeologische waarden wordt voorkomen, of; d. met een vooronderzoek is aangetoond dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn en dat dit onderzoek door burgemeester en wethouders is beoordeeld en akkoord bevonden. 2.

Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over het verrichten van archeologisch onderzoek.

8

Erfgoedverordening Helmond 2025

8. Overige bepalingen Artikel 25 Strafbepaling Overtreding van het bepaalde in de artikelen 11 en 12, eerste lid wordt gestraft met een geldboete van de tweede categorie of hechtenis van ten hoogste drie maanden. Artikel 26 Toezichthouders Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de bij besluit van college van burgemeester en wethouders aangewezen personen of instanties.

9. Slotbepalingen Artikel 27 Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na bekendmaking. 2. De beschermde gemeentelijke monumenten, aangewezen en geregistreerd op de monumentenlijst op grond van de Monumentenverordening Helmond 2009, worden geacht aangewezen en geregistreerd te zijn overeenkomstig de bepalingen van deze verordening. 3. Aanvragen om vergunning die zijn ingediend vóór de inwerkingtreding van deze verordening, worden afgehandeld met inachtneming van de Monumentenverordening Helmond 2009. Artikel 28 Intrekken oude verordening De Erfgoedverordening Helmond 2011, vastgesteld op 1 maart 2011, wordt ingetrokken op het moment dat de Erfgoedverordening Helmond 2025 in werking treedt. Artikel 29 Overgangsrecht 1. Een krachtens Erfgoedverordening Helmond 2011 aangewezen en geregistreerd gemeentelijke monument, worden geacht aangewezen en geregistreerd te zijn overeenkomstig de bepalingen van deze verordening. 2. Aanvragen en bezwaren die zijn ingediend voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze verordening worden afgehandeld met inachtneming van de Erfgoedverordening Helmond 2011. Artikel 30 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Erfgoedverordening Helmond 2025. Aldus vastgesteld in zijn openbare raadsvergadering van 7 oktober 2025. De raad voornoemd, De voorzitter,

de griffier,

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16030331/2