CConstaterende datHelmond
Koppel je AI →
Document · PDF

RN 061 Concept Statutenwijziging stichting Aloysius Onderwijs Jeugdzorg - schone versie

Gemeenteraad 11 juli 2023, gemeente HelmondBij agendapunt: Statutenwijziging Aloysius Stichting5.709 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

CONCEPT VERSIE: 18 APRIL 2023

STATUTENWIJZIGING ALOYSIUS STICHTING ONDERWIJS JEUGDZORG

Vandaag, ___________, verscheen voor mij, mr. Hendrikus Antonius Kersten, notaris te Eindhoven: + te dezen handelende als schriftelijk gemachtigde van de te Voorhout gevestigde en aan de Leidsevaart 2 te Voorhout (postcode 2215 RE) kantoorhoudende stichting Aloysius Stichting Onderwijs Jeugdzorg, ingeschreven in het handelsregister onder dossiernummer 28079229 en als zodanig gemelde stichting te dezen vertegenwoordigende, hierna te noemen: "de stichting". De verschenen persoon, handelend als gemeld, verklaarde: a. bij akte op twaalf juni negentienhonderdachtennegentig (12-06-1998) werd opgericht de stichting; b. de statuten van de stichting zijn laatstelijk gewijzigd bij akte op dertig augustus tweeduizend twaalf (30-08-2012) verleden voor mr. H.L.J. Kamps, notaris te Leiden; c. op +____________ tijdens een gecombineerde vergadering van het bestuur en de raad van toezicht is besloten tot wijziging van de statuten van de stichting, in welke vergadering de verschenen persoon werd gemachtigd deze akte te ondertekenen; d. in de hiervoor genoemde vergadering heeft de raad van toezicht haar goedkeuring gegeven voor de wijziging van de statuten; e. hiervan blijkt uit de aan deze akte te hechten notulen van die vergadering. f.

op +____________ heeft de gemeente Helmond goedkeuring verleend voor de wijziging van de statuten zoals bedoeld in artikel 16 lid 2 van de statuten, zoals blijkt uit een aan deze akte te hechten schrijven. Ter uitvoering van het vorenstaande verklaarde de verschenen persoon, handelend als gemeld, de statuten geheel te wijzigen en opnieuw vast te stellen als volgt: STATUTEN Naam en Zetel Artikel 1 1. De Stichting draagt de naam: Aloysius Stichting Onderwijs Jeugdzorg. De verkorte naam van de stichting luidt: Aloysius Stichting. 2. Zij is gevestigd in de gemeente Teylingen. Doel Artikel 2 1. De stichting heeft tot doel het geven van openbaar en bijzonder onderwijs in afzonderlijke scholen voor openbaar en bijzonder onderwijs. 2. De stichting heeft tot doel het ontwikkelen, stimuleren en bevorderen van onderwijs dat wordt gegeven met respect voor en rekening houdend met de diversiteit van levensbeschouwingen in de samenleving. Dit betekent dat rekening wordt gehouden met de godsdienstige en maatschappelijke waarden zoals die leven in de Nederlandse samenleving.

22300786.01 HKE

-1-

CONCEPT VERSIE: 18 APRIL 2023

3.

Het onderwijs aan de leerlingen wordt gegeven met eerbiediging van de in lid 2 genoemde opvattingen. 4. De scholen zijn toegankelijk voor alle leerlingen zonder onderscheid naar godsdienst of levensbeschouwing. 5. De stichting tracht dit onderwijsdoel te verwezenlijken onder meer door het oprichten, in stand houden en beheren van scholen en scholengemeenschappen en het verzorgen van cursussen, zowel nationaal als internationaal, op basis van de volgende wetten: WPO, Wet op het Primair Onderwijs; WEC, Wet op de Expertise Centra; WVO, Wet op het Voorgezet Onderwijs, alsmede andere vormen van onderwijs die ter vervanging of aanvulling daarvan mochten worden ingevoerd en samen te werken met instanties en instituten die soortgelijke activiteiten verzorgen en ontplooien. Organen Artikel 3 1. De stichting kent als organen: a. het College van Bestuur; en b. de Raad van Toezicht. 2. De stichting kent buiten het College van Bestuur en de Raad van Toezicht geen andere organen die namens de stichting kunnen handelen of zeggenschap in de zin van (gedeelde) bestuursmacht kunnen uitoefenen, behoudens natuurlijke personen die daartoe op basis van een uitdrukkelijke volmacht door het College van Bestuur of de Raad van Toezicht worden aangewezen. 3. De Raad van Toezicht en het College van Bestuur dragen zorg voor een goede onderlinge verdeling van taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden.

4. De Raad van Toezicht en het College van Bestuur zijn verantwoordelijk voor de ontwikkeling, naleving en handhaving van de regels van goed onderwijsbestuur. 5. Het College van Bestuur draagt er zorg voor dat de Raad van Toezicht beschikt over de informatie die vereist is voor de uitoefening van het intern toezicht. 6. Het College van Bestuur is de drager van het bevoegd gezag zoals bedoeld in de onderwijswetgeving. College van Bestuur: samenstelling en benoeming Artikel 4 1. Het College van Bestuur bestaat uit één (1) of meer leden. Alleen natuurlijke personen zijn benoembaar tot lid van het College van Bestuur. Het aantal leden van het College van Bestuur wordt vastgesteld door de Raad van Toezicht. 2. De leden van het College van Bestuur worden benoemd door de Raad van Toezicht. De Raad van Toezicht stelt een benoemingsprocedure voor het College van Bestuur op. De benoeming van de leden van het College van Bestuur geschiedt op basis van vooraf door de Raad van Toezicht opgemaakte en openbaar gemaakte (competentie)profielen. De medezeggenschapsraad wordt vooraf in de gelegenheid gesteld om advies uit te brengen over de vaststelling van de competentieprofielen van de leden van het College

22300786.01 HKE

-2-

CONCEPT

van Bestuur. Tot lid van het College van Bestuur kunnen slechts worden benoemd zij, die doel en grondslag van de stichting onderschrijven en verklaren loyaal mee te zulten werken aan de doelstelling van de stichting. 4. Een voormalig lid van de Raad van Toezicht in het primaire onderwijs is gedurende een periode van vier (4) jaar na het einde van zijn toezichthoudende functie niet benoembaar tot lid van het College van Bestuur. 5. De leden van het College van Bestuur worden benoemd voor de duur van hun arbeidsovereenkomst. De vaststelling van het salaris en de regeling van de overige arbeidsvoorwaarden van de leden van het College van Bestuur geschiedt door de Raad van Toezicht met inachtneming van de ter zake door de Rijksoverheid uitgevaardigde richtlijnen. 6. Voor zover het College van Bestuur uit meerdere personen bestaat, wordt duidelijk omschreven wie welke taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden heeft. De Raad van Toezicht benoemt het enige lid, dan wel voor zover het College van Bestuur uit meerdere personen bestaat één (1) van de leden van het College van Bestuur, in de functie van voorzitter van het College van Bestuur. 7. In vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien. Ingeval van één (1) of meer vacatures in het College van Bestuur, behoudt het resterend deel van het College van Bestuur zijn bevoegdheden. 8.

De leden van het College van Bestuur worden periodiek beoordeeld door de Raad van Toezicht. De wijze waarop deze beoordeling plaatsvindt, zal nader worden uitgewerkt in een bestuursreglement. College van Bestuur: schorsing en ontslag, defungeren, belet en ontstentenis Artikel 5 1. De Leden van het College van Bestuur worden geschorst en/of ontslagen door de Raad van Toezicht. 2. Indien een lid van het College van Bestuur is geschorst, dient de Raad van Toezicht binnen drie (3) maanden na ingang van de schorsing te besluiten tot ontslag dan wel tot opheffing of verlenging van de schorsing. Bij gebreke van een besluit als bedoeld in de vorige zin, vervalt de schorsing. Een besluit tot verlenging van de schorsing kan slechts eenmaal worden genomen en de schorsing kan daarbij ten hoogste worden verlengd voor drie (3) maanden, ingaande op de dag waarop de Raad van Toezicht het besluit tot verlenging neemt. 3. Het lid van het College van Bestuur dat is geschorst, wordt in de gelegenheid gesteld zich in de vergadering van de Raad van Toezicht te verantwoorden en zich daarbij door een raadsman te laten bijstaan. Een besluit tot ontslag wordt niet genomen dan nadat het lid van het College van Bestuur over wiens ontslag wordt besloten vooraf de gelegenheid is geboden om te worden gehoord. 4. Een lid van het College van Bestuur defungeert: a.

door het verlies van het vrije beheer of de vrije beschikking over zijn vermogen; b. door zijn aftreden; c. door ontslag hem verleend door de Raad van Toezicht; 3.

VERSIE: 18 APRIL 2023

22300786.01 HKE

-3-

CONCEPT VERSIE: 18 APRIL 2023

d. e.

door ontslag op grond van artikel 2:298 Burgerlijk Wetboek; door het aanvaarden van een benoeming van een bestuurs- of toezichtfunctie bij een organisatie gelijk of gelijksoortig aan de sector van de stichting; f. door beëindiging van de arbeidsovereenkomst tussen hem en de stichting; g. door zijn overlijden. 5. Ingeval van ontstentenis of belet van één (1) of meer leden van het College van Bestuur, berust het bestuur tijdelijk bij de overblijvende leden of het overblijvende lid van het College van Bestuur. Ingeval van ontstentenis of belet van alle leden van het College van Bestuur berust het bestuur tijdelijk bij één (1) of meer door de Raad van Toezicht al dan niet uit zijn midden aan te wijzen personen, onverminderd de verplichting voor de Raad van Toezicht zo spoedig mogelijk in het bestuur te voorzien. College van Bestuur; taken en bevoegdheden Artikel 6 1. Het College van Bestuur is belast met het besturen van de stichting, onder toezicht van de Raad van Toezicht. Aan het College van Bestuur komen in de stichting alle taken en bevoegdheden toe, die tot het bevoegd gezag behoren en die niet door de wet of de statuten aan andere organen zijn opgedragen. Bij de vervulling van deze taak richt het College van Bestuur zich naar het belang van de onder de stichting ressorterende scholen, haar stakeholders en naar het belang van de samenleving. 2.

Het College van Bestuur is bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen. 3. Het College van Bestuur is eveneens bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheid voor een schuld van een derde verbindt. 4. Voorafgaande goedkeuring van de Raad van Toezicht is verder vereist voor bestuursbesluiten inzake: a. het vaststellen van het strategische meerjarenplan casu quo beleidsplan (Koersplan) inclusief bestuursvisie en meerjarenplanning; b. het vaststellen van de (meerjaren)begroting; c. het aangaan van verplichtingen (waaronder subsidie- of investeringsverplichtingen) en het doen van bestedingen en/of investeringen die niet zijn voorzien in de begroting en een te bepalen bedrag te boven gaan; d. de vaststelling van de jaarrekening en het jaarverslag, met dien verstande dat deze goedkeuring niet wordt verleend voordat de Raad van Toezicht kennis heeft genomen van de bevindingen van de accountant; e. het vaststellen van het Treasurystatuut; f. het aanvragen van faillissement of surséance van betaling; g.

het opheffen, samenvoegen, splitsen of de overdracht van een onder het bestuur van de stichting staande school, alsmede het stichten van een nieuwe school, dan wel het aanvaarden van het bestuur over een school; h. de wijziging van de grondslag van een onder het bevoegd gezag van de stichting

22300786.01 HKE

-4-

CONCEPT VERSIE: 18 APRIL 2023

staande school; juridische fusie of juridische (af)splitsing; het wijzigen van de statuten en het ontbinden van de stichting, waaronder begrepen de bestemming van het batig saldo; De Raad van Toezicht is bevoegd ook andere besluiten dan die in de voorgaande leden zijn genoemd aan zijn goedkeuring te onderwerpen; die andere besluiten dienen duidelijk te worden omschreven en schriftelijk aan het College van Bestuur te worden medegedeeld. 5. Het College van Bestuur kan de besluiten zoals bedoeld in artikel 10 en 11 van de Wet medezeggenschap op scholen slechts nemen na de instemming respectievelijk het advies van de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad te hebben verkregen. 6. Een lid van het College van Bestuur mag niet middellijk of onmiddellijk deelnemen aan levering of aanneming ten behoeve van de stichting en de onder haar ressorterende scholen, anders dan in de uitoefening van zijn bestuursfunctie. College van Bestuur: vertegenwoordiging Artikel 7 1. Het College van Bestuur vertegenwoordigt de stichting. Deze vertegenwoordigingsbevoegdheid komt mede toe aan twee (2) gezamenlijk handelende leden van het College van Bestuur of aan de voorzitter van het College van Bestuur zelfstandig. 2.

Het College van Bestuur kan volmacht verlenen aan één (1) of meer leden van het College van Bestuur en ook aan derden om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen. College van Bestuur: vergadering en besluitvorming Artikel 8 1. Indien het College van Bestuur uit meerdere personen bestaat kan het College van Bestuur in een vergadering besluiten nemen indien de meerderheid van de in functie zijnde leden van het College van Bestuur aanwezig of vertegenwoordigd is. 2. Zolang in een vergadering alle in functie zijnde leden van het College van Bestuur aanwezig zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, ook al zijn de door statuten of reglementen gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in acht genomen. 3. Het College van Bestuur kan met algemene stemmen ook buiten vergadering besluiten nemen. Van een aldus genomen besluit wordt door de aangewezen notulist een relaas opgemaakt, dat na medeondertekening door de voorzitter als notulen wordt bewaard. 4. Ieder lid van het College van Bestuur heeft het recht tot het uitbrengen van één (1) stem. Voor zover deze statuten geen grotere meerderheid voorschrijven worden bestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Bij staking van stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. 5.

Alle stemmingen in een vergadering geschieden mondeling, tenzij één (1) of meer bestuurders vóór de stemming een schriftelijke stemming verlangen. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes. i. j.

22300786.01 HKE

-5-

CONCEPT

Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht. Een lid van het College van Bestuur neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming indien hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting. Wanneer hierdoor geen besluit kan worden genomen, wordt het besluit genomen door de Raad van Toezicht. 7. Indien het College van Bestuur uit slechts één (1) persoon bestaat worden alle naar het oordeel van het betreffende lid van het College van Bestuur belangrijke besluiten schriftelijk vastgelegd en periodiek ter kennisneming toegestuurd aan de Raad van Toezicht. Raad van Toezicht; samenstelling en benoeming Artikel 9 1. De Raad van Toezicht bestaat uit een door de Raad van Toezicht vast te stellen aantal van ten minste drie (3) en ten hoogste vijf (5) natuurlijke personen. De Raad van Toezicht kiest uit zijn midden een voorzitter en vicevoorzitter. 2. De Raad van Toezicht benoemt zijn leden met inachtneming van het in de volgende leden van dit artikel bepaalde. Voor een besluit tot benoeming is een twee derde meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen vereist in een vergadering waarin alle leden van de Raad van Toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

Is een vergadering waarin een besluit tot benoeming aan de orde is, niet voltallig (inclusief volmacht) dan zal een nieuwe vergadering worden bijeengeroepen te houden niet eerder dan twee (2) en niet later dan vier (4) weken na de bedoelde vergadering, waarin het besluit kan worden genomen met een meerderheid van twee derde van de uitgebrachte stemmen, doch ongeacht het aantal aanwezigen of vertegenwoordigden. 3. Eén van de leden van de Raad van Toezicht wordt benoemd op voordracht van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad met inachtneming van het in lid 4 bepaalde. Uitnodiging tot het doen van een voordracht geschiedt schriftelijk door de Raad van Toezicht, met vermelding van de termijn, die maximaal zes (6) weken bedraagt. Is bij het verstrijken van deze termijn geen voordracht ontvangen, dan is de Raad bevoegd om zonder voordracht tot benoeming over te gaan. 4. Bij de samenstelling van de Raad van Toezicht wordt gelet op diverse facetten die de aandacht van de Raad van Toezicht vragen, waarbij de Raad van Toezicht in ieder geval wordt samengesteld op basis van algemeen toezichthoudende kwaliteiten, affiniteit met de doelstelling van de stichting en de spreiding van deskundigheden en achtergrond.

De aandachtspunten met betrekking tot de van een lid van de Raad van Toezicht gevraagde deskundigheid en achtergrond worden in algemene zin vastgesteld door de Raad van Toezicht in vooraf openbaar gemaakte profielschetsen. Bij de vaststelling van de competentieprofielen wordt de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad om advies gevraagd. 5. De werving en selectie van leden van de Raad van Toezicht geschiedt bij voorkeur via een open procedure. 6. De leden van de Raad van Toezicht kunnen geen deel uitmaken van het College van 6.

VERSIE: 18 APRIL 2023

22300786.01 HKE

-6-

CONCEPT

Bestuur en tevens niet in dienst zijn van de stichting. De leden van de Raad van Toezicht worden benoemd voor een periode van vier (4) jaar. Zij treden af volgens een door de Raad van Toezicht op te maken rooster. Een volgens het rooster aftredend lid van de Raad van Toezicht is onmiddellijk, doch ten hoogste eenmaal, herbenoembaar. Vacatures worden zo spoedig mogelijk vervuld. Na vervulling van een tussentijdse vacature wordt het rooster van aftreden aangepast. 8. De leden van de Raad van Toezicht ontvangen een beloning voor hun werkzaamheden conform de adviesrichtlijnen van de Vereniging van Toezichthouders in Onderwijsinstellingen, dan wel conform richtlijnen vanuit de Raad of overheid, in verband waarmee de Raad van Toezicht een regeling vaststelt. De hoofdlijnen van de regeling worden openbaar gemaakt en jaarlijks verantwoord in de jaarrekening van de stichting. Raad van Toezicht: schorsing, ontslag en defungeren en ontstentenis Artikel 10 1. De Leden van de Raad van Toezicht worden geschorst en ontslagen door de Raad van Toezicht. Voor een besluit tot schorsing of ontslag geldt het hiervoor in artikel 9 lid 2 vermelde vereiste. 2. Indien een lid van de Raad van Toezicht is geschorst, dient binnen drie (3) maanden na ingang van de schorsing te worden besloten tot ontslag van het lid van de Raad van Toezicht dan wel tot opheffing of verlenging van de schorsing.

Bij gebreke van een besluit als bedoeld in de vorige zin, vervalt de schorsing. Een besluit tot verlenging van de schorsing kan slechts eenmaal worden genomen en de schorsing kan daarbij ten hoogste worden verlengd voor drie (3) maanden, ingaande op de dag waarop het besluit tot verlenging is genomen. 3. Een lid van de Raad van Toezicht dat is geschorst, wordt in de gelegenheid gesteld zich jegens de Raad van Toezicht te verantwoorden en zich daarbij door een raadsman te laten bijstaan. Een besluit tot ontslag wordt niet genomen dan nadat het lid van de Raad van Toezicht over wiens ontslag wordt besloten vooraf de gelegenheid is geboden om te worden gehoord. 4. Een lid van de Raad van Toezicht defungeert: a. door het verlies van het vrije beheer over zijn vermogen; b. door zijn aftreden; c. door ontslag hem verleend door de Raad van Toezicht; d. door zijn overlijden; e. door zijn indiensttreding bij de stichting. 5. In geval van ontstentenis of belet van één (1) of meer leden van de Raad van Toezicht nemen de overblijvende leden, of neemt het overblijvende lid, de volledige taken van de Raad van Toezicht waar. Een niet voltallige Raad van Toezicht blijft volledig bevoegd.

In geval van ontstentenis of belet van alle leden van de Raad van Toezicht wordt het toezicht tijdelijk uitgeoefend door een medewerker van de Stichting of een persoon buiten de Stichting die daartoe door de Raad van Toezicht steeds moet zijn aangewezen. In het geval alle leden van de Raad van Toezicht komen te ontbreken en de Raad van 7.

VERSIE: 18 APRIL 2023

22300786.01 HKE

-7-

CONCEPT VERSIE: 18 APRIL 2023

Toezicht niet een persoon heeft aangewezen als bedoeld in de vorige volzin, is het College van Bestuur gehouden om binnen één (1) maand tot de benoeming van één (1) nieuw lid van de Raad van Toezicht, een medewerker van de Stichting of een persoon buiten de Stichting tot lid van de Raad van Toezicht te benoemen. Onder belet van een lid van de Raad van Toezicht wordt in deze statuten in ieder geval verstaan de omstandigheid dat: a. het lid van de Raad van Toezicht gedurende een periode van meer dan één (1) maand onbereikbaar is door ziekte of andere oorzaken; of b. het lid van de Raad van Toezicht is geschorst. Raad van toezicht: taken en bevoegdheden Artikel 11 1. De Raad van Toezicht heeft tot taak integraal toezicht te houden op de verwezenlijking van de doelstelling van de stichting, het beleid van het College van Bestuur en op de algemene gang van zaken in de stichting en de onder het bestuur van de stichting staande schoten. 2. De Raad van Toezicht staat het College van Bestuur met raad terzijde, fungeert als klankbord en kan het College van Bestuur gevraagd en ongevraagd adviseren. 3. De Raad van Toezicht vervult de werkgeversrol voor het College van Bestuur.

Hij is belast met de benoeming, de schorsing en/of het ontslag van de leden van het College van Bestuur, alsmede met de vaststelling van de bezoldiging, de vaststelling van de rechtspositie van de leden van het College van Bestuur en de jaarlijkse evaluatie van het functioneren van de leden van het College van Bestuur. Voor een besluit tot benoeming, schorsing of ontslag van leden van het College van Bestuur is een twee derde meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen vereist in een voltallige vergadering van de Raad van Toezicht. Indien in deze vergadering niet alle leden van de Raad van Toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn, zal een nieuwe vergadering worden bijeengeroepen te houden niet eerder dan twee (2) en niet later dan vier (4) weken na de bedoelde vergadering, waarin het besluit kan worden genomen met een meerderheid van twee derde van de uitgebrachte stemmen, doch ongeacht het aantal aanwezigen of vertegenwoordigden. 4. Bij de vervulling van zijn taak richt de Raad van Toezicht zich naar het belang van de stichting en de onder het bestuur van de stichting staande scholen. Een lid van de Raad van Toezicht neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming indien hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de Stichting en de met haar verbonden onderneming.

Wanneer hierdoor geen besluit van de Raad van Toezicht zou kunnen worden genomen, wordt het besluit genomen door de Raad van Toezicht onder schriftelijke vastlegging van de overwegingen die aan het besluit ten grondslag liggen. 5. De Raad van Toezicht zal met inachtneming van deze statuten een reglement opstellen, waarin de verdeling van zijn taak over de verschillende leden wordt geregeld. Ook overigens zal de Raad van Toezicht zijn werkzaamheden en al wat zijn functioneren betreft nader bij dit reglement regelen.

22300786.01 HKE

-8-

CONCEPT VERSIE: 18 APRIL 2023

6.

De taken en bevoegdheden van de Raad van Toezicht zijn zodanig dat de Raad van Toezicht een deugdelijk en onafhankelijk intern toezicht kan uitoefenen. De Raad van Toezicht houdt in ieder geval toezicht op het functioneren van het College van Bestuur en het naleven door het College van Bestuur van de voor de stichting geldende wettelijke verplichtingen, de code voor goed bestuur als bedoeld in de wet en eventuele afwijkingen van die code. 7. De Raad van Toezicht ziet toe op de rechtmatige verwerving en de doelmatige en rechtmatige bestemming en aanwending van financiële middelen van de stichting. 8. De Raad van Toezicht is ten minste belast met (het toezicht op): a. het personeelsbeleid van de stichting in de brede zin in het licht van de hiervoor relevante bepalingen van de WPO, WEC en WVO in het bijzonder ten aanzien van de leden van het College van Bestuur en de directie; b. het jaarlijks afleggen van verantwoording over de uitvoering van de taken en de uitoefening van zijn bevoegdheden in het jaarverslag, en wel met name met betrekking tot de taken zoals bedoeld in de leden 4 en 5 van dit artikel, het goedkeuren van de begroting en het jaarverslag en het (strategisch) meerjarenplan en het aanwijzen van de accountant als bedoeld in artikel 2:393 lid 1 Burgerlijk Wetboek; c.

het al dan niet verlenen van een goedkeuring voor de wijziging van de statuten van de stichting, voor een juridische fusie of splitsing of voor een besluit tot ontbinding van de stichting. 9. Het College van Bestuur verstrekt de Raad van Toezicht gevraagd en ongevraagd tijdig alle relevante informatie omtrent alle onderwerpen de stichting betreffende die voor een goed functioneren van de Raad van Toezicht naar het oordeel van de Raad van Toezicht nodig of dienstig zijn. De Raad van Toezicht kan ter zake nadere regels stellen. Raad van toezicht: vergadering, werkwijze en besluitvorming Artikel 12 1. De Raad van Toezicht vergadert ten minste viermaal per jaar en voorts zo dikwijls de voorzitter of twee (2) of meer leden van de Raad van Toezicht dit wenselijk acht(en). 2. De oproeping tot de vergadering van de Raad van Toezicht geschiedt schriftelijk daaronder mede begrepen per e-mail of fax aan ieder lid van de Raad van Toezicht, door het College van Bestuur in opdracht van degene(n) die het houden van de vergadering heeft of hebben verlangd. De bijeenroeping vermeldt de plaats en het tijdstip van de vergadering en de in de vergadering te behandelen onderwerpen. 3. De termijn van oproeping bedraagt ten minste zeven (7) dagen, de dag van oproeping en die van vergadering niet meegerekend. De voorzitter van de Raad van Toezicht kan de termijn van oproeping verkorten. 4.

De vergaderingen worden geleid door de voorzitter of bij diens ontstentenis of afwezigheid door de vicevoorzitter of een plaatsvervanger, die dan ad hoc door de vergadering en alleen voor die vergadering wordt benoemd. De voorzitter van de vergadering wijst een notulist aan. 5. De leden van het College van Bestuur wonen de vergadering van de Raad van Toezicht bij en hebben een adviserende stem. Ten minste één (1) keer per jaar vergadert de

22300786.01 HKE

-9-

CONCEPT VERSIE: 18 APRIL 2023

Raad van Toezicht in afwezigheid van het College van Bestuur. In deze vergadering komen het onderlinge functioneren van de Raad van Toezicht en het College van Bestuur aan de orde, alsmede het functioneren van het College van Bestuur en de individuele leden van het College van Bestuur. De voorzitter doet van de uitkomst hiervan verslag aan (de individuele leden van) het College van Bestuur. 6. Een lid van de Raad van Toezicht kan zich ter vergadering door een schriftelijk daaronder mede begrepen per e-mail of fax - gevolmachtigd ander lid van de Raad van Toezicht doen vertegenwoordigen. 7. In de vergadering van de Raad van Toezicht heeft ieder lid recht op het uitbrengen van één (1) stem. Voor zover de statuten geen grotere meerderheid voorschrijven worden alle besluiten van de Raad van Toezicht genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Bij staking van de stemmen heeft de voorzitter van de Raad van Toezicht een doorslaggevende stem. 8. Geldige besluiten kunnen slechts warden genomen, indien alle leden van de Raad van Toezicht met inachtneming van het hiervoor bepaalde zijn opgeroepen en meer dan de helft van alle leden van de Raad van Toezicht ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd is.

Indien de voorschriften omtrent de oproeping niet in acht zijn genomen, kunnen niettemin geldige besluiten worden genomen met algemene stemmen in een vergadering, waarin alle leden van de Raad van Toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn. 9. Besluiten van de Raad van Toezicht kunnen ook buiten de vergadering tot stand komen, mits dit schriftelijk daaronder mede begrepen per e-mail of fax geschiedt en alle leden van de Raad van Toezicht zich voor het desbetreffende voorstel uitspreken. Zodanige besluiten worden aan de notulen toegevoegd. 10. De overige regeling van de werkwijze en besluitvorming van de Raad van Toezicht zal in het reglement van de Raad van Toezicht worden vastgelegd. Verplichtingen leden College van Bestuur en Raad van Toezicht Artikel 13 De leden van het College van Bestuur en de Raad van Toezicht houden zich aan de in de maatschappij algemeen aanvaarde ethische, zakelijke en wettelijke normen en waarden en voldoen aan de in de Code Goed Bestuur Aloysius Stichting verder uitgewerkte gedragscode. Geldmiddelen Artikel 14 De financiële middelen met behulp waarvan de stichting haar doelstelling wil realiseren zijn: a. gelden verstrekt op basis van bekostigingsregelingen door de overheid; b. revenuen van het stichtingskapitaal; c. subsidies; d.

giften, legaten en erfstellingen (welke laatste uitsluitend onder het voorrecht van boedelbeschrijving worden aanvaard); e. al hetgeen verder op wettige wijze wordt verkregen. Boekjaar en jaarstukken Artikel 15 1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar.

22300786.01 HKE

- 10 -

CONCEPT VERSIE: 18 APRIL 2023

2.

Het College van Bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting zodanige aantekeningen te houden, dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend. 3. Het College van Bestuur stelt jaarlijks, vóór een door de Raad van Toezicht te bepalen tijdstip, echter uiterlijk voor het einde van het lopende boekjaar, een begroting op voor het komende boekjaar en legt deze ter goedkeuring voor aan de Raad van Toezicht. 4. De hoofdlijnen van het meerjarig financieel beleid voor de school zoals bedoeld in artikel 11 van de Wet medezeggenschap op scholen kunnen slechts worden vastgesteld of gewijzigd nadat het College van Bestuur hieromtrent advies heeft ingewonnen bij de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad. 5. Het College van Bestuur is verplicht jaarlijks binnen vijf (5) maanden na afloop van het boekjaar een jaarverslag onder meer bevattende de balans en de staat van baten en lasten van de stichting op te maken, op papier te stellen en uiterlijk binnen zes (6) maanden na afloop van het boekjaar vast te stellen. Het jaarverslag behoeft de goedkeuring van de Raad van Toezicht. Daartoe worden de vastgestelde stukken binnen één (1) maand na de vaststelling aan de Raad van Toezicht toegezonden.

Ten blijke van de vaststelling en goedkeuring dient het jaarverslag door alle leden van het College van Bestuur en alle leden van de Raad van Toezicht te worden ondertekend. Ontbreekt de handtekening van één (1) van hen, dan wordt daarvan onder opgave van reden melding gedaan. Het College van Bestuur dient de balans en de staat van baten en lasten te doen onderzoeken door een door de raad van toezicht benoemde registeraccountant, accountants-administratieconsulent dan wel een andere deskundige in de zin van artikel 2:393 Burgerlijk Wetboek. Deze deskundige brengt omtrent zijn onderzoek gelijkelijk verslag uit aan de Raad van Toezicht en het College van Bestuur en geeft de uitslag van zijn onderzoek weer in een verklaring omtrent de getrouwheid van de in dit lid bedoelde stukken. Hij brengt zijn verslag ter kennis van de Raad van Toezicht. 6. Het College van Bestuur is verplicht de in de vorige leden van dit artikel bedoelde bescheiden gedurende de in de wet vastgestelde termijnen te bewaren. 7. Het College van Bestuur geeft in het jaarverslag aan in welke mate de voor dat jaar gestelde doelstellingen zijn gehaald, welke activiteiten door hem zijn ontplooid en welke maatregelen zijn genomen om de beoogde missie en doelstellingen te bereiken.

Daarbij geeft het College van Bestuur aan op grond van welke door hem vastgestelde criteria en indicatoren de toetsing plaatsvindt (ontwikkeling van een model van zelfevaluatie). 8. De Raad van Toezicht is bevoegd de leden van het College van Bestuur decharge te verlenen voor hun bestuur, voor zover daarvan uit de vastgestelde stukken blijkt of anderszins aan hem bekend is gemaakt. Statutenwijziging, juridische fusie en splitsing Artikel 16 1. Het College van Bestuur is, na voorafgaande goedkeuring van de Raad van Toezicht,

22300786.01 HKE

- 11 -

CONCEPT

bevoegd deze statuten te wijzigen. Voor zover er een openbare school onder het bevoegd gezag van de stichting valt, dient het voorstel tot statutenwijziging ter goedkeuring te worden voorgelegd aan de gemeente waarin die openbare school is gevestigd. De gemeente kan zijn goedkeuringsrecht slechts onthouden indien de voorgenomen statutenwijziging ertoe leidt dat de wettelijk vereiste invloed van de gemeente voor zover het openbaar onderwijs betreft niet langer verzekerd is. 3. Het besluit tot goedkeuring behoeft een meerderheid van twee derde van de geldig uitgebrachte stemmen in een voltallige vergadering van de Raad van Toezicht. Is een vergadering waarin een besluit tot statutenwijziging aan de orde is, niet voltallig (inclusief volmacht), dan zal een nieuwe vergadering worden bijeengeroepen, te houden niet eerder dan twee (2) en niet later dan vier (4) weken na de bedoelde vergadering, waarin het besluit kan worden genomen met een meerderheid van twee derde van de uitgebrachte stemmen, doch ongeacht het aantal aanwezigen of vertegenwoordigden. 4. Bij de oproeping tot de vergadering, waarin een voorstel tot goedkeuring van de statutenwijziging zal worden gedaan, dient zulks steeds te worden vermeld. Tevens dient een afschrift van het voorstel, bevattende de woordelijke tekst van de voorgestelde wijziging, bij de oproeping te worden gevoegd.

De termijn van de oproeping bedraagt in dit geval ten minste tien (10) dagen. 5. Het voorstel tot statutenwijziging treedt eerst in werking nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. Ieder lid van het College van Bestuur is afzonderlijk bevoegd gemelde notariële akte te (doen) verlijden. Het College van Bestuur is verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en een volledige doorlopende tekst van de gewijzigde statuten neer te leggen bij het door de Kamer van Koophandel gehouden register. 6. Mutatis mutandis geldt het bepaalde in dit artikel voor het besluit tot juridische fusie of juridische (af)splitsing. Ontbinding en vereffening Artikel 17 1. Met betrekking tot het besluit tot ontbinding van de stichting is het bepaalde in artikel 16 van deze statuten van overeenkomstige toepassing. 2. De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan, voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. 3. De vereffening geschiedt door een door het College van Bestuur met goedkeuring van de Raad van Toezicht aan te wijzen (rechts)persoon. 4. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht. 5. Bij het besluit tot ontbinding wordt, als onderdeel hiervan, de bestemming van het overschot na vereffening vastgesteld.

De bestemming is zoveel mogelijk in overeenstemming met het doel van de stichting, met dien verstande dat het overschot besteed wordt aan: a. een algemeen nut beogende instelling met een soortgelijke doelstelling; of 2.

VERSIE: 18 APRIL 2023

22300786.01 HKE

- 12 -

b.

CONCEPT VERSIE: 18 APRIL 2023

6.

een buitenlandse instelling die uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het algemeen nut beoogt en die een soortgelijke doelstelling heeft. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden stichting-gedurende de in de wet vastgestelde termijn berusten onder degene die daartoe door de vereffenaar(s) is aangewezen.

Slot De verschenen persoon is mij, notaris, bekend. WAARVAN AKTE is verleden te Eindhoven op de datum in het hoofd van deze akte vermeld. Na zakelijke opgave en toelichting van de inhoud van deze akte aan de verschenen persoon, heeft deze verklaard tijdig voor het verlijden van deze akte van de inhoud hiervan te hebben kennisgenomen en op volledige voorlezing van deze akte geen prijs te stellen. Vervolgens is deze akte na beperkte voorlezing door de verschenen persoon en mij, notaris, ondertekend.

22300786.01 HKE

- 13 -

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12784671/1