RN 052B Bijlage 2 MRE Programmabegroting 2025
Tekst van het document
PROGRAMMABEGROTING 2025 METROPOOLREGIO EINDHOVEN
Inhoudsopgave OVERZICHT METROPOOLREGIO EINDHOVEN
2
KERNGEGEVENS
3
LEESWIJZER
4
ALGEMEEN
5
PROGRAMMA’S EN THEMA’S
7
Regionale strategie en samenwerking, incl. Landgoed Gulbergen Ruimte en wonen Mobiliteit, incl. GGA Energietransitie Economie, incl. Investeringsfondsen en bijdrage Brainport Development Landelijk gebied Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe) Overhead PARAGRAFEN
17
Weerstandsvermogen en risicomanagement Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid Onderhoud kapitaalgoederen FINANCIËLE BEGROTING 2025
17 19 20 21 22 22 23
Overzicht baten en lasten Toelichting op het overzicht baten en lasten Herkomst en besteding van middelen Oorsprong begrote baten Meerjarenramingen 2025-2028 ▪ ▪
7 9 10 11 12 14 15 16
Programma’s Balans
23 23 26 28 29 29 30
Staat van materiele vaste activa Staat van reserves Staat van voorzieningen Incidentele baten en lasten 2024-2027 Inwonerbijdrage Formatie
30 30 31 31 31 32
OVERZICHT GEMEENTELIJKE BIJDRAGEN
33
▪ ▪
Bijdrage per gemeente RHCe: kostenopbouw per gemeente
33 34
1
Overzicht Metropoolregio Eindhoven
Gemeenschappelijke Regeling Bij besluit van 12 mei 1993 is de Gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsverband Regio Eindhoven door Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant goedgekeurd. Deze regeling is gewijzigd op basis van de reacties van de gemeenten en de op 21 december 2004 door de Tweede Kamer aangenomen Wijzigingswet Wgr-plus, die op 1 januari 2006 in werking is getreden. In 2010 hebben alle 21 aan het SRE deelnemende gemeenten een gelijkluidend besluit genomen over de derde wijziging van de Gemeenschappelijke regeling van het SRE. Vanaf 25 februari 2015 heeft de bestuurlijke samenwerking in de regio vorm gekregen in de Metropoolregio Eindhoven. Vanaf deze datum is dan ook de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven in werking getreden. Op 15 december 2021 heeft een technische aanpassing op deze regeling plaatsgevonden, welke op 1 januari 2022 van kracht is geworden. Deelnemende gemeenten
21
Algemeen bestuur
21 leden
Dagelijks Bestuur
J.R.V.A. Dijsselbloem P.J.M.G. Blanksma-van den Heuvel J.C.R. Keijzers-Verschelling G.T. Buter G.A.G.H. Wouters, directeur
Adviseurs Dagelijks Bestuur
S.P.M.F. Steenbakkers S.C.A. Luijten A.P. d’Haens M.M. Kuijken S. van de Goor-Gelens
2
Kerngegevens
3
Leeswijzer Hierbij treft u de Programmabegroting 2025 aan van de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven. Het betreft de derde begroting in de bestuursperiode 2023-2026. In deze begroting zijn 3 programma’s onderscheiden: 1.
Metropoolregio Eindhoven, bestaande uit de thema’s: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Regionale strategie en samenwerking, incl. Landgoed Gulbergen Ruimte en wonen Mobiliteit , incl. GGA Energietransitie Economie, inclusief Investeringsfondsen en bijdrage Brainport Development Landelijk gebied
2.
Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe)
3.
Overhead
De programmabegroting 2025 bestaat uit een overzicht van de programma’s, de financiële begroting en (voorgeschreven) paragrafen. In deze paragrafen worden een aantal aspecten van de financiële huishouding toegelicht, zoals weerstandsvermogen, financiering en bedrijfsvoering. Tevens wordt informatie gegeven over de verbonden partijen en grondbeleid. Deze primaire begroting 2025 wordt aangeboden aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten voor het geven van een zienswijze hierop. De bestuurlijke behandeling van deze begroting is voorzien voor de vergadering van de Algemeen Bestuur van woensdag 3 juli 2024.
4
Algemeen Programmabegroting 2025 Metropoolregio Eindhoven Met deze begroting 2025 van de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven wordt uitvoering gegeven aan de derde jaarschijf van het Samenwerkingsakkoord 2023-2026. Dit samenwerkingsakkoord, waarop de 21 gemeenteraden een zienswijze kenbaar hebben gemaakt, is op 1 maart 2023 door het Algemeen Bestuur vastgesteld. In deze begroting kijken we vooruit wat we, de 21 samenwerkende gemeenten, in 2025 gaan doen om de ambities van onze missie te realiseren. Hierbij betrekken we ook het Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe) en Landgoed Gulbergen als onderdeel van de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven. Begroting 2025 De Begroting 2025 ziet er samengevat als volgt uit:
5
Indexering gemeentelijke inwonerbijdrage Lonen en prijzen stijgen ieder jaar, er is sprake van inflatie. Goederen en diensten worden duurder, de kosten van personeel stijgen door bijvoorbeeld een nieuwe CAO en hogere (pensioen)premies. Om dezelfde werkzaamheden op hetzelfde niveau te kunnen blijven uitvoeren, dienen inkomsten en uitgaven met elkaar in evenwicht te blijven. Voor de Metropoolregio Eindhoven betekent dit dat de inwonerbijdragen voor Regionale opgaven, Brainport Development en het RHCe jaarlijks worden geïndexeerd conform een vastgestelde systematiek. Deze (financiële) uitgangspunten worden in de vorm van de kadernota aan het Algemeen Bestuur voorgelegd. Op 20 december 2023 heeft het Algemeen Bestuur de Kadernota Begrotingsjaar 2025 vastgesteld waarin de indexering inwonerbijdrage is vastgesteld op 6,38% ten opzichte van het begrotingsjaar 2024. Aantal inwoners Het aantal inwoners in de regio Zuidoost Brabant waarmee in deze Begroting 2025 rekening wordt gehouden, is bepaald op 809.180. Dit op basis van de aantallen per 1 januari 2024 zoals gepubliceerd door het CBS. Ten opzichte van de begroting 2024 is er sprake van een stijging met 5.934 inwoners. Verloop inwonerbijdrage 2021-2025 Onderstaande tabel geeft een overzicht van de inwonerbijdrage over de laatste 5 jaren:
6
PROGRAMMA’S EN THEMA’S Regionale strategie en samenwerking incl. Landgoed Gulbergen Regionale strategie en samenwerking Wat willen we samen bereiken? Het in goede banen leiden van de groei van de economie waardoor meer inwoners in de regio profiteren van de groei in welvaart én welzijn. We richten onze samenwerking daarbij primair op een gezamenlijke aanpak van de urgente opgaven in de fysieke leefomgeving en het verbeteren van de kwaliteit van die leefomgeving. We versterken de nationale mainportfunctie en organiseren de daartoe vereiste randvoorwaarden. Daarbinnen investeren we in het ondersteunen van de intergemeentelijke samenwerking. Dit doen we vanuit het versterken van eigenaarschap en medeverantwoordelijkheid door het in positie brengen en houden van de gemeente(raden). Wat gaan we samen doen? Doorontwikkelen en positioneren regio ▪ Investeren op bovenregionale positionering en versterken van regionale slagvaardigheid door versterken netwerk naar: omliggende regio’s, Provincie Noord-Brabant, Rijk (o.a. ministeries BZK, LNV) en VNG. ▪ Borging realisatie 3e pijler strategische agenda Brainport. ▪ Versterken strategische samenhang stad-land-regio. Regionale aanpak Brede welvaart ▪ Strategische verkenning van gezamenlijk beeld brede impact schaalsprong op brede welvaart voor de regio.
▪ Borging perspectief brede welvaart voor beleidsontwikkeling op korte én lange termijn binnen de vijf programma’s. ▪ Jaarlijkse duiding per thema op basis van de brede-welvaartsindicatoren van de Regionale Monitor Brede Welvaart van het CBS. Versterken samenwerking, participatie en communicatie ▪ Versterken van de regionale samenwerking en eigenaarschap. ▪ Samenwerkingsakkoord: integrale coördinatie en afstemming. ▪ Kennisdeling, informatiedeling en verkenning lange termijn. Activiteiten 2025 Doorontwikkelen en positioneren regio ▪ Integrale afstemming vanuit de fysieke agenda met de Brainportagenda. ▪ Coördinatie omgevingsdagen, afstemming inbreng BO-MIRT, inzet Smartwayz e.d. Regionale aanpak Brede welvaart ▪ Participatie in nationaal netwerk Brede Welvaart door inbreng casus "schaalsprong" met partners: CBS, PBL, Pon-Telos, Provincie NB, SCP. Versterken samenwerking, participatie en communicatie ▪ Tussentijdse monitoring en bijsturing programmadoelen samenwerkingsakkoord. ▪ Coördinatie realisatie werkprogramma's.
7
▪
Kennisprogramma door Masterclasses, strategische verkenningen (met oog op agenda 2026 e.v.), bijeenkomsten, informatiedeling.
Landgoed Gulbergen Wat willen we bereiken? ▪
Prenazorg - milieutechnisch verantwoord beheren van de stortplaats, totdat het moment dat deze kan worden overgedragen aan de Provincie voor eeuwigdurende nazorg. De stortplaats kan worden overgedragen aan de Provincie als het Nazorgplan gereed is. Dan kan de eindinspectie door de Provincie worden ingezet, waarna overdracht kan gaan plaatsvinden.
▪
Ontwikkelen van het landgoed – tot een aantrekkelijk toeristisch en recreatief gebied met een sterke groene geleding en duurzame uitstraling, met aandacht voor het hoge ijkpunt van de stortplaats in de regio en passend binnen de Brainport-ambitie van de regio.
Wat gaan we daarvoor doen in 2025? Vanuit strategische overwegingen heeft de Metropoolregio Eindhoven eind 2020 de erfpacht met Attero beëindigd. Hierdoor is de Metropoolregio Eindhoven weer volledig eigenaar van het Landgoed en is het mogelijk dit gebied integraal te gaan ontwikkelen. Samen met de gemeenten Geldrop-Mierlo en Nuenen c.a. zijn kaders en randvoorwaarden voor de ontwikkeling van het gebied in kaart gebracht en vertaald in een aantal mogelijke ontwikkelrichtingen van het gebied. Deze Ruimtelijke Verkenning is via een breed communicatie- en burgerparticipatieproces gedeeld met iedereen die daar belangstelling voor had. De op- en aanmerkingen die er in dit participatietraject zijn gemaakt, zijn verwerkt in een Participatieverslag. Op basis van dit verslag is de Visie herijkt. Deze Ruimtelijke Visie is door het Algemeen Bestuur vastgesteld. Door het uitvoeren van de Ontwikkelstrategie is er een keuze gemaakt voor de wijze waarop het gebied verder zal kunnen worden ontwikkeld. Wat mag dat kosten? Regionale strategie en samenwerking
Landgoed Gulbergen
8
Ruimte en wonen Wat willen we samen bereiken? We groeien door naar de eerste economie van Nederland. Dat betekent dat we verder moeten kijken dan de komende vier jaar, en zelfs verder dan de komende tien jaar. De balans tussen de schaalsprong, een aantrekkelijke leefomgeving en brede welvaart vragen om een langetermijnperspectief (2040) op de doorontwikkeling van de regio. Maar, we willen ook nu al een duurzame regio zijn met een stabiele sociale basis en economie waarbij we welzijn en kwaliteit van de fysieke leefomgeving in het oog houden. Daarbij benutten we Europese en rijksregelingen (zoals de Regiodeal) voor een versterking van het voorzieningenniveau en de brede welvaart. Om dit duurzaam te faciliteren is een schaalsprong nodig. Dat brengt grote ruimtelijke opgaven met zich mee, bijvoorbeeld op gebied van wonen, werklocaties en netcapaciteit. Daarnaast kent de regio al grote bestaande ruimtelijke opgaven zoals de transitie van de landbouw, water en bodem en druk vanuit defensie. Ruimte is een integrerend thema dat deze opgaven bij elkaar brengt. De Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant is de verstedelijkingsvisie die hierbij ons kader vormt, naast de andere ruimtelijke doelen. Het geheel van ruimtelijke opgaven moet bijdragen aan het duurzaam versterken van de brede welvaart in onze regio.
Wat gaan we samen doen? Doorontwikkeling regionale ontwikkelstrategie 2023-2030 ▪ Doorontwikkeling integraal regionale ontwikkelstrategie 2023-2040. Ruimtelijke inpassing (puzzel) van majeure opgaven, zoals de energietransitie, circulaire economie en klimaatadaptatie en de ruimtelijke stad-land relaties. Versnelling woningbouw ▪ Regie woondeal in relatie tot regionale ontwikkelstrategie ▪ Strategische koers, programmering en prioriteren, slagkracht , instrumentarium en inrichting organisatie samenwerking Activiteiten 2025 Doorontwikkeling regionale ontwikkelstrategie 2023-2030 ▪ Realisatie en uitvoering regionale ruimtelijke strategie MRE ▪ Betrekken van de gemeenteraden bij de Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant ▪ Uitwerken dorpenstrategie met subregio’s ▪ Uitwerken aanpak (H)OV-knopen ▪ Het borgen van de samenhang tussen de ontwikkelstrategie en andere ruimtelijke opgaven ▪ Het borgen van de ontwikkelstrategie bij andere overheidslagen (Rijk en Provincie) ▪ Bovenregionale verkenning ruimtelijke opgaven (wonen, mobiliteit, werklocaties) Versnelling woningbouw en mobiliteit vanuit bestaande plannen ▪ Realisatie en uitvoering woondeal MRE ▪ Aanjagen en versnelling woningbouwprogramma's ▪ Eenduidig databeheer, monitoring en bijsturing regionale woondeal
9
Wat mag dat kosten?
Mobiliteit incl. GGA Wat willen we samen bereiken? In 2030 staan er minder structurele files. Het percentage reizigers en ondernemers (vervoerders en verladers) dat de reistijd acceptabel en in voldoende mate voorspelbaar vindt, is in 2030 toegenomen. De ketenmobiliteit is in 2030 versterkt. We zetten in op schone, gezonde en veilige mobiliteit. We verleiden inwoners tot het gebruik van OV ook in de spits. Een goede bereikbaarheid van en binnen de gehele regio is voorwaardelijk voor de ontwikkeling van de regio. Nu en in de toekomst. De afgelopen jaren is gewerkt aan diverse mobiliteitsaanpakken: Bereikbaarheidsagenda en akkoord (2016), Korte Termijn Maatregelen-pakket A2/N2 (2021), MIRT-Onderzoek Brainport (2020) en Brainportdeal (2022). De realisatie hiervan is soms ingehaald door de praktijk en nieuwe keuzes. Op korte termijn is er behoefte aan een nieuw overzicht van maatregelen met bijbehorende afspraken tot 2030 met doorkijk naar 2040. Daarvoor wordt samen met de provincie een meerjarig multimodaal mobiliteitspakket (MMMP) opgesteld. Dit pakket geeft inzicht in de programma’s en projecten waar we samen met het Rijk, met de provincie, maar ook als gezamenlijke gemeenten in willen investeren. Wat gaan we samen doen? Regionale strategie mobiliteit ▪ Als verdieping op de regionale ontwikkelstrategie hebben we een regionale mobiliteitsvisie met bijbehorend afweegkader.
▪ Agenderen van de regionale strategische opgaven op de MIRT-tafel met het Rijk en Omgevingsdag met de provincie, zodat we de intraregionale en (inter)nationale bereikbaarheid van de regio kunnen blijven verbeteren. Doorontwikkeling mobiliteitsaanpak 2023-2030 ▪ Aanvullen en aanscherpen meerjarig multimodaal mobiliteitspakket en hier uitvoeringsafspraken over maken met de provincie in een jaarprogramma Regionaal Mobiliteitsprogramma (RMP), ▪ Programmatisch werken door monitoren, bijsturen, beheer Bereikbaarheidsmiddelen en regionale financiering/middelen Brainportdeal. Schone, gezonde en veilige mobiliteit ▪ Versterken (inter-) nationale en regionale bereikbaarheid van de regio door te investeren in het HWN, OWN, HUBs, fietsnetwerk en openbaar vervoer. ▪ Uitwerken thematische strategische beleidskaders die bijdragen aan de ambitie van de regio. ▪ Coördinatie op het realiseren van de programma’s en projecten uit het MMMP.
10
Activiteiten 2025 Regionale strategie mobiliteit ▪ Actueel houden regionale mobiliteitsvisie, indien nodig wordt deze bijgesteld. ▪ Nader onderzoeken mobiliteitsopgaven van de regio als doorontwikkeling van de bereikbaarheid van de regio als geheel. ▪ Agenderen regionale opgaven bij provincie en Rijk. Doorontwikkeling mobiliteitsaanpak 2023-2030 ▪ Opleveren RMP voor Omgevingsdag december 2025. Schone, gezonde en veilige mobiliteit ▪ Uitdragen visie regionale mobiliteit 2040. ▪ Realiseren projecten uit de Bereikbaarheidsagenda/akkoord, Korte Termijn Aanpak Brainport, het jaarprogramma Brainport Bereikbaar 2025 en regionale verkeersveiligheidsprojecten zoals opgenomen in het RMP 2025. Wat mag dat kosten?
Energietransitie Wat willen we samen bereiken? Onze regio wil uiterlijk in 2050 klimaatneutraal zijn. Dat is de stip op de horizon in de Metropoolregio Eindhoven. In 2030 zijn we al een heel eind op weg. Als tussenstap zullen we uiterlijk in 2030 minimaal 55% minder CO2 uitstoten dan in 1990, zoals ook landelijk is afgesproken. Daarbij is het belangrijk dat we een robuust en betrouwbaar energiesysteem hebben. We zetten in op energiebesparing en gaan stap voor stap over op duurzame energie. We wekken zoveel mogelijk duurzame energie op in onze regio. Wat gaan we samen doen? Toekomstig energiesysteem (programmalijn Energiesysteem) ▪ Toekomstbestendig afgestemd vraag-aanbod energiesysteem in 2050. Een betere benutting van de capaciteit van het bestaande energienetwerk in onze regio dan in 2022 het geval is, doordat energievraag- en aanbod beter op elkaar aansluiten en door netuitbreidingen. ▪ Pilots op het gebied van energietransitie i.s.m. partijen als Brainport Development en Innovatiehuis De Peel. Duurzame opwek energie (programmalijn Grootschalige opwek) ▪ Realisatie zonne- en windparken conform de afgesproken ambitie in de Regionale Energiestrategie (RES) MRE. ▪ Realisatie zon op bedrijfsdaken en ‘restruimtes’ als taluds, op parkeergarages of bij vliegvelden. ▪ Alle gemeenten hebben beleid op het gebied van lokaal eigendom bij grootschalige wind- en zonprojecten.
▪ Doorontwikkeling van een monitor voor de RES-ambities. 11
Verduurzaming gebouwde omgeving (programmalijn Gebouwde omgeving en Warmte) ▪ Realisatie projecten uit het Samenwerkings- en uitvoeringsprogramma RES op het gebied van besparing, warmte en verduurzaming van energiegebruik. ▪ Gemeenten hebben hun beleid met elkaar afgestemd met betrekking tot het gebruik van duurzame warmtebronnen. Activiteiten 2025 Toekomstig energiesysteem (programmalijn Energiesysteem) ▪ Regionale afstemming vraag - aanbod energie in relatie tot regionale ontwikkelstrategie. ▪ Regionaal strategische inbreng organiseren voor het Provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (PMIEK). ▪ Samen met de partners afstemmen over oplossingen, zoals uitbreidingen van het elektriciteitsnetwerk. ▪ Inbreng leveren voor systeemstudies voor de langere termijn. ▪ Informatie-uitwisseling organiseren tussen gemeenten over pilot(s) en subsidiemogelijkheden. ▪ Onderhouden en benutten netwerk met provincie, Rijk en Europa. Duurzame opwek energie (programmalijn Grootschalige opwek) ▪ Coördinatie RES-proces, monitoring en bijsturing. ▪ Opstellen Voortgangsrapportage RES 2025. ▪ Monitoring van het gemeentelijk beleid op het gebied van lokaal eigendom bij grootschalige wind- en zonprojecten. ▪ Deelname aan Brabantbreed Bestuurlijk Overleg Energie en landelijk RES-beraad.
Verduurzaming gebouwde omgeving (programmalijn Gebouwde omgeving en Warmte) ▪ Zorgen voor kennisdeling. ▪ Coördinatie, monitoring en bijsturing realisatie projecten/coalities. ▪ Zorgen voor afstemming beleid m.b.t. het gebruik van duurzame warmtebronnen. Wat mag dat kosten?
Economie incl. Investeringsfondsen en bijdrage Brainport Development Wat willen we samen bereiken? We zoeken de balans tussen wat nodig is om de mainportstatus verder door te ontwikkelen en dat wat lokaal en subregionaal gewenst is vanuit een duurzame, gezonde en inclusieve samenleving. We leggen een stevige basis neer voor brede welvaart in onze regio. Binnen de Triple Helixsamenwerking geven we als overheid vorm aan de doorontwikkeling als mainport. Een onderdeel daarvan is ook de ruimtelijke impact van de economische ontwikkelingen rondom bedrijventerreinen. Nieuwe bedrijventerreinen zijn nodig voor de ruimtelijke puzzel en om de ruimte op de beste plekken te benutten voor de functies die daar het beste passen. Maak ruimte voor water en groen op bedrijventerreinen voor het welbevinden van de werknemers. Daarbij mogen we
12
de bestaande terreinen niet uit het oog verliezen. We borgen vanuit het thema Economie de sociale samenhang in de regio middels een aanpak op (top- en basis-)voorzieningen, om zo de schaalsprong op een verantwoorde manier te laten plaatsvinden. Wat gaan we samen doen? Doorontwikkeling mainport ▪ Eén regionale economische agenda, door samenhang te creëren tussen de lokale en subregionale economische agenda’s met de Strategische Agenda Brainport. ▪ De economische weerbaarheid van de regio op langere termijn versterken zodat ook de ecosystemen van de toekomst zich kunnen ontwikkelen. Versterken vestigingsklimaat ▪ Beschikbaar houden en maken van kwalitatief hoogwaardige bedrijventerreinen voor de diverse economische sectoren in de regio. ▪ Regiodeal "brede welvaart"- kwaliteit van wonen, werken en voorzieningen via investeringen die ten goede komen aan de sociale samenhang in de regio. ▪ Bredere impact schaalsprong op voorzieningenniveau regio (voorbeeld toepassing van de “Utrechtse Barcode"). Toekomstbestendig en robuust economisch ecosysteem ▪ Stimuleringsfonds: Innovatieve projecten tot uitvoering brengen die ons innovatieve ecosysteem versterken en/of een bijdrage leveren aan onze regionale opgaven.
▪ Overheidsinbreng organiseren in de triple-helix samenwerking Brainportagenda, Aandeelhouder Stichting Brainport ▪ Stimuleren en faciliteren nieuwe economische dragers in het landelijk gebied voor een evenwichtige groei van de regio. ▪ Vertegenwoordiging in de raad van deelnemers Leisure Ontwikkelfonds. Activiteiten 2025 Doorontwikkeling mainport ▪ Organiseren doorlopend proces om tot inhoudelijke afstemming te komen en de gezamenlijke koers te bepalen over de ontwikkeling van de Strategische Agenda Brainport. Versterken vestigingsklimaat ▪ Coördinatie en regionale afstemming programmering bedrijventerreinen. ▪ Uitvoering en fondsmanagement van de mogelijk toe te kennen Regiodeal 5e tranche. ▪ Uitvoering geven aan een regionale strategie voorzieningen. Toekomstbestendig en robuust economisch ecosysteem ▪ Stimuleringsfonds, uitzetten van drie tenders per jaar (uitvraag en vaststelling). ▪ Coördinatie en uitvoering geven aan afspraken meerjarenfinanciering Brainport Development 2025-2028. ▪ Continue ambtelijke afstemming met thema Transitie Landelijk Gebied voor het realiseren van economische kansen in het landelijk gebied. ▪ Afstemming met fondsmanagement Leisure Ontwikkelfonds en voorbereiding vergaderingen raad van deelnemers.
13
Wat mag dat kosten?
Landelijk gebied Wat willen we samen bereiken? Een landelijk gebied dat leefbaar, toekomstbestendig en economisch vitaal is. De functies zijn in balans met de natuurlijke draagkracht van het gebied. De versterking van ruimtelijke en ecologische kwaliteiten hangt samen met de veranderende economische en sociale structuur in het landelijk gebied en de verbinding tussen landelijk en stedelijk gebied. We willen een landelijk gebied dat voldoet aan de eisen zoals opgenomen in het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG). Het doel is om leefbaarheid en economische vitaliteit van het landelijk gebied voor mensen die er wonen, werken en recreëren te verbeteren en een toekomstbestendige gezonde en natuurlijke leefomgeving te maken. Zuidoost-Brabant is niet alleen een toonaangevende hightechregio. Zuidoost-Brabant is samen met aangrenzende delen van Noordoost-Brabant en Noord- en Midden-Limburg tevens één van de belangrijkste voedselproducerende regio’s van Nederland. We verbreden het regionale productiepalet, met minder (intensieve) veeteelt, meer akkerbouw en extensieve en natuurinclusieve landbouw. Dit om landgebruik en de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, de consument een breder plantaardig dieet uit de regio te kunnen serveren en daarnaast de natuur biodiverser te maken.
Wat gaan we samen doen? Toekomstbestendig landelijk gebied ▪ Economisch en maatschappelijk vitale landelijke gebieden en robuuste natuur en perspectiefrijke landschappen door regionale belangen in NPLG en NOVEX de Peel te verankeren. ▪ Monitoren en bijstellen streefbeeld landelijk gebied. ▪ Europa beleid: gebruik maken van Europese programma’s. ▪ Biobased bouwen. Transitie voedselketen ▪ Een regionale voedselstrategie ▪ Projecten die een bijdrage leveren aan het doel: voedsel, gezond en voor iedereen; vanuit een transitie van de voedselketen
14
Activiteiten 2025 Toekomstbestendig landelijk gebied ▪ Coördineren en afstemmen gebiedsontwikkelingen, Leergang buitenkansen Brainport (vervolg) ▪ Uitvoeringsprogramma landelijk gebied ▪ Monitor 2025, vastgesteld streefbeeld ▪ (bijdrage aan) Europese strategie voor de regio ▪ Biobased bouwen – uitvoeringsstrategie. Transitie voedselketen ▪ Programmering uitvoering ▪ Coördinatie/afstemming voorbeeldprojecten Wat mag dat kosten?
REGIONAAL HISTORISCH CENTRUM EINDHOVEN (RHCe) Wat willen we samen bereiken? Gemeenten (en andere openbaar lichamen) dienen te voldoen aan o.a. de Archiefwet 1995. Het gaat om taken die de gemeenten moeten verrichten in het kader van juist informatiebeheer. Het RHCe vervult een deel van die taken voor gemeenten in de regio Zuidoost-Brabant, met uitzondering van de gemeente Gemert-Bakel. Voor een aantal openbaar lichamen op basis van de wet Gemeenschappelijke regelingen in de regio vervult het RHCe vergelijkbare taken. De Archiefwet 1995 stelt eisen aan de zorg, het beheer, de bewaring en het toezicht van nietovergebrachte en overgebrachte archieven. Niet alleen overheidsarchieven, ook particuliere archieven en collecties vallen onder de Archiefwet zodra deze zijn opgenomen in de archiefbewaarplaats. Het doel van de Archiefwet is niet slechts een geordend archief, maar ook borging van de bewaring van regionaal erfgoed en cultuurhistorie. Dit wordt benadrukt door de openbaarheid na overbrenging (behoudens uitzonderingen) en door kosteloze raadpleegmogelijkheden. Daarmee zijn er voorwaarden voor de mogelijkheid de geschiedenis van het werkgebied te reconstrueren en te bestuderen aan de hand van materiaal in de archiefbewaarplaats, ongeacht herkomst en vorm. De missie van het RHCe is: raadpleegbaar stellen van archieven en collecties.
Op basis van de Archiefwet voert het RHCe de volgende taken uit: ▪ ▪ ▪
Toezicht op de archiefzorg door gemeenten, en op de overbrenging van gemeentelijke te bewaren archiefbescheiden naar de archiefbewaarplaats; Advisering over archiefzorg- en beheer en over informatiebeheer van gemeenten; Beheer en raadpleegbaarstelling van naar de archiefbewaarplaats overgebrachte analoge en digitale archieven;
15
▪
Beheer van particuliere archieven uit de regio voor zover dat past bij het RHCeacquisitiebeleid. Met particuliere archieven presenteert het RHCe historische gegevens van de regio en zijn er mogelijkheden deze te verbinden met een breed publiek.
Wat gaan we samen doen? ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Archiefbeheer volgens wettelijke normen en regelgeving; Raadpleegbaarheid van archiefbescheiden; Collectie-opbouw die correspondeert met de regionale identiteit; Toetsing bij gemeenten of hun documentaire informatiehuishouding voldoet aan wet- en regelgeving; Adviseren van gemeenten; Informatie beschikbaar stellen aan publiek.
Wat mag dat kosten?
OVERHEAD Metropoolregio Eindhoven & RHCe Wat willen we bereiken? Aangaande de bedrijfsprocessen wordt blijvend gewerkt aan: ▪ ▪ ▪
Efficiënt en effectief regelen van de bedrijfsvoering; Flexibiliteit in de organisatie en de uitvoering; Borgen van kwaliteit van dienstverlening aan gemeenten, burgers en instellingen.
Onder overheadkosten wordt verstaan: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Directe loonkosten van directie en ondersteuning, waaronder control, financiën, P&O, ICT, facilitaire en secretariële / administratieve ondersteuning. Indirecte loonkosten, waaronder opleidingsbudget en kosten salarisadministratie. Kosten gebouwbeheer, waaronder huisvesting en depotvoorzieningen. Kosten automatisering, waaronder beheer en hosting werkplekomgeving en financieel systeem. Algemene kosten, waaronder accountantskosten, verzekeringen en belastingen. Bureaukosten, waaronder telefoonkosten en kantoorbenodigdheden.
Welke opgaven hebben we? Om de kosten van overhead inzichtelijk en transparant te hebben worden deze conform de voorschriften uit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) verantwoord op een afzonderlijk programma. Hierbij dient de Notitie Overhead zoals die is opgesteld door de commissie BBV als uitgangspunt
16
De organisatie Metropoolregio Eindhoven bestaat uit twee diensten, de Metropoolregio Eindhoven en het RHCe. De bedrijfsvoering op beide diensten is efficiënt en in overeenstemming is met de taken en schaal van de dienst. De taken op het gebied van bedrijfsvoering worden in 2025 voor beide dienstonderdelen van een centraal punt in organisatie uitgevoerd. Wat mag dat kosten?
PARAGRAFEN Inleiding In dit hoofdstuk worden een aantal aspecten van de financiële huishouding belicht. Het betreft: - weerstandsvermogen en risicomanagement - financiering - bedrijfsvoering - verbonden partijen - grondbeleid - onderhoud kapitaalgoederen
Weerstandsvermogen en risicomanagement Nota risicomanagement en weerstandsvermogen Metropoolregio Eindhoven Het Algemeen Bestuur heeft op 4 juli 2018 de nota Risicomanagement en weerstandsvermogen Metropoolregio Eindhoven vastgesteld. In deze nota is vastgesteld wat de onder risicomanagement wordt verstaan en welke uitgangspunten hierbij worden gehanteerd. Tevens is bepaald welke risico’s door de Metropoolregio Eindhoven worden gedragen en welke door de deelnemende gemeenten. Als uitwerking van de nota zijn voor de organisatie de risico’s bij deze jaarrekening opnieuw in beeld gebracht, geclassificeerd en financieel inzichtelijk gemaakt. De belangrijkste risico’s boven € 225.000 die op concernniveau worden onderkend zijn:
Vermogenspositie De concernorganisatie Metropoolregio Eindhoven (Metropoolregio Eindhoven, Regionaal Historisch Centrum en Landgoed Gulbergen) realiseert volgens de Begroting 2024 een omzet van ruim € 19,9 miljoen. Deze baten zijn volgens de Notitie Algemene Reserve (vastgesteld Algemeen Bestuur 1 november 2017) bepalend voor de berekening van de hoogte van de Algemene Reserve.
17
Metropoolregio Eindhoven De baten die in de Begroting 2025 zijn toe te wijzen aan de Metropoolregio Eindhoven bedragen € 16,4 miljoen. Volgens de in de Notitie Algemene Reserve opgenomen staffel betekent dit dat de hoogte van de algemene reserve zich tussen de € 600.000 en € 1.200.000 moet bevinden. De stand per 31-12-2023 bedraagt € 1.125.000, vanuit de risicoanalyse zijn risico’s benoemd voor een bedrag van € 1.245.000. Bij het vaststellen van de jaarrekening 2023 zal voorgesteld worden het saldo aan te vullen. Regionaal Historisch Centrum (RHCe) De baten die in de Begroting 2025 zijn toe te wijzen aan het RHCe bedragen ruim € 3,5 miljoen. Volgens de in de Notitie Algemene Reserve opgenomen staffel betekent dit dat de hoogte van de algemene reserve zich tussen de € 150.000 en € 300.000 moet bevinden. De stand per 31-12-2023 bedraagt € 300.000, vanuit de risicoanalyse zijn risico’s benoemd voor een bedrag van € 245.000. Landgoed Gulbergen Het weerstandsvermogen van de Landgoed Gulbergen wordt begrensd door de in de bestemmingsreserve Gulbergen aanwezige middelen. De stand van de reserve per 32-12-2023 bedraagt € 9.999.429. Doelvermogen Tot op heden is er met de Provincie Noord Brabant geen overeenstemming over de inhoud van het nazorgplan en de financiële vertaling hiervan naar het doelvermogen.
Dit houdt in dat de kosten van pre-nazorg eveneens voor rekening blijven komen van de Metropoolregio Eindhoven. Het uitblijven van bestuurlijke overeenstemming kan op termijn leiden tot uitputting van middelen in relatie tot de ontwikkeling van het landgoed. Financiële kengetallen Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dient de begroting een aantal verplichte financiële kengetallen te bevatten. De kengetallen zijn afgeleiden van bestaande informatie en genereren geen ‘nieuwe’ informatie. De kengetallen moeten het bestuur wel gemakkelijker maken om inzicht te krijgen in de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling. Door het BBV is geen norm vastgesteld waarmee de uitkomsten van de onderstaande kengetallen vergeleken moeten worden. De voorgeschreven kengetallen zijn: Netto schuldquote & de netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de Metropoolregio Eindhoven ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Omdat er bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, wordt bij de berekening van de netto schuldquote onderscheid gemaakt door het kengetal zowel inclusief als exclusief de doorgeleende gelden te berekenen.
Op die manier wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is én wat dat betekent voor de schuldenlast. De solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de Metropoolregio Eindhoven in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente of provincie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage.
18
Tevens zijn in het BBV kengetallen voorgeschreven voor de grondexploitatie en de belastingcapaciteiten. Deze kengetallen zijn met name van belang voor gemeenten. Beide kengetallen zijn niet van toepassing voor de Metropoolregio Eindhoven en zijn derhalve niet uitgewerkt. De kengetallen laten het volgende geprognosticeerde verloop zien: Financiële kengetallen Kengetallen: Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte Grondexploitatie Belastingcapaciteit
Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 9% 10% 10% 10% 14% 14% 15% 15% 45% 45% 45% 44% -7% -7% -7% -7% N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t.
Toelichting: De netto schuldquote van de Metropoolregio Eindhoven is positief. Dit wil zeggen dat de schulden de vorderingen per saldo overtreffen. De lage netto schuldquote geeft aan dat de financieringsstructuur op orde is. De rentelasten drukken niet zwaar op de exploitatie en de aflossingsverplichtingen kunnen worden voldaan. Het verloop van de netto schuldquote wordt tussentijds gemonitord en waar nodig zullen bijsturingsmaatregelen worden getroffen. De solvabiliteitsratio laat in meerjarig opzicht een stabiel verloop zien en bedraagt circa 45%. Hieruit valt af te leiden dat de Metropoolregio Eindhoven in staat is aan de financiële verplichtingen te voldoen. De structurele exploitatieruimte is volgens de bovenstaande becijferingen negatief. Dit wil zeggen dat de Metropoolregio Eindhoven niet in staat is om structurele tegenvallers op te vangen. Op basis van de bovenstaande financiële kengetallen kan worden geconcludeerd dat de financieringsstructuur van de Metropoolregio Eindhoven gezond is, maar dat de exploitatie geen ruimte biedt om structurele tegenvallers op te vangen.
Financiering Inleiding In de Wet Fido (Financiering Decentrale Overheden), Ruddo (Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden) en de Wet Schatkistbankieren zijn de kaders gesteld voor een verantwoorde professionele inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie van de decentrale overheden. De treasuryfunctie wordt daarbij door de wet als volgt gedefinieerd: ”het sturen en beheersen van-, het verantwoorden over-, het toezicht houden op: de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen, de financiële positie en de hieraan verbonden risico’s”. In de wet worden voorschriften, richtlijnen en normeringen genoemd. Voorbeelden hiervan zijn de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Zowel bij de begroting als bij de jaarrekening dient de Metropoolregio Eindhoven een paragraaf Financiering op te nemen. In deze paragraaf wordt aangegeven op welke wijze in 2025 verwacht wordt uitvoering te geven aan de treasuryfunctie. Kasgeldlimiet Volgens de Wet Fido is de Metropoolregio Eindhoven verplicht te rapporteren over de kasgeldlimiet. De kasgeldlimiet geldend voor gemeenschappelijke regelingen, uitgedrukt in een percentage (8,2%) van het totaal van de uitgaven, bepaalt het bedrag wat Metropoolregio Eindhoven maximaal kort mag lenen. Op basis van de primaire Begroting 2025 zou de
19
kasgeldlimiet ruim € 1,6 miljoen bedragen, echter omdat er geen behoefte is om gelden aan te trekken, wordt hier geen risico gelopen. Renterisico Ook geeft de Wet Fido aan dat er inzicht moet worden gegeven in het renterisico voor de komende 4 jaren. Het renterisico ontstaat bij het aflopen van leningen. Eventueel nieuw af te sluiten leningen kunnen gepaard gaan met hogere rentekosten. De Metropoolregio Eindhoven heeft een annuïteitenlening lopen bij de BNG voor de financiering nieuwbouw Regionaal Historisch Centrum. De looptijd van de lening is afgestemd op de looptijd van het activum. De lening bedroeg oorspronkelijk € 7.079.000 en heeft een looptijd van 40 jaar. Het huidige rentepercentage bedraagt 2,35%. De hoogte van de lening ultimo 2025 bedraagt € 4,0 miljoen. De renterisiconorm bedraagt 20% van het totaal van de uitgaven. Voor de Metropoolregio Eindhoven is dit ruim € 3,9 miljoen op basis van de primaire Begroting 2025. Het renterisico op de vaste schuld is de komende 4 jaar nihil. Treasurybeheer De administratieve organisatie en de uitvoering vinden plaats binnen de kaders van de Wet Fido (Financiering Decentrale Overheden), Ruddo (Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden) en de wet Schatkistbankieren.
Het beleid is gericht op een verantwoord beheer van de middelen, waarbij risico’s zoveel mogelijk worden uitgesloten en de kosten zo laag mogelijk worden gehouden. Het verplichte schatkistbankieren bepaalt de uitvoering van de treasury activiteiten. Tijdelijk overtollige liquide middelen worden verplicht aangehouden bij het Ministerie van Financiën. Binnen de wet schatkistbankieren kunnen onder bepaalde voorwaarden middelen worden uitgeleend aan andere decentrale overheden (het zogenaamde onderling lenen). Van deze mogelijkheid maakt de Metropoolregio Eindhoven geen gebruik. Landgoed Gulbergen De middelen ten behoeve van Landgoed Gulbergen (beheer en kosten pre-nazorg) worden aangehouden in de Schatkist. In het kader van de overdracht van de nazorg van de voormalige stortplaats en het hierbij behorende doelvermogen, is aan de provincie Noord Brabant bij vooruitbetaling reeds een bedrag van nominaal € 25,7 miljoen voldaan. Ter gedeeltelijke betaling van de afkoopsom erfpachtovereenkomst Attero is hiervan in 2020 een bedrag van € 10 miljoen teruggeroepen. De waarde van deze portefeuille bij de provincie bedraagt ultimo 2023 € 21,2 miljoen (2022: € 19,7 miljoen).
Bedrijfsvoering Algemeen
Goed bestuur De Metropoolregio Eindhoven voert periodiek een governance toets uit op basis van de Code goed openbaar bestuur. Deze code is ontwikkeld door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en geeft richtlijnen voor besturen van alle organisaties in het hart van de overheid. Het gaat om codes voor de volgende aspecten: Openheid en integriteit, participatie, behoorlijke contacten met burgers, doelgerichtheid en doelmatigheid, legitimiteit, lerend en zelfreinigend vermogen en verantwoording. Deze toets heeft tot op heden geen aanleiding gegeven tot aanpassingen. Metropoolregio Eindhoven De concernorganisatie Metropoolregio Eindhoven is een organisatie met een grote flexibiliteit met betrekking tot de bedrijfsvoering. Er wordt planmatig continu gewerkt aan de verdere optimalisering
20
met als doel overeenstemming tussen taak en schaal. Dit geldt zowel voor de werkorganisatie Metropoolregio Eindhoven als het RHCe. Het verder optimaliseren en doorontwikkelen van de processen en werkzaamheden op het gebied van personeel, informatievoorziening, organisatie, financiën, automatisering en huisvesting staan centraal binnen de bedrijfsvoeringsorganisatie en worden waar mogelijk geïntegreerd binnen het door het concern gebruikte systemen Afas en Djuma. Werkorganisaties MRE en RHCe worden niet ontvlochten In 2023 heeft het Algemeen Bestuur van de Metropoolregio Eindhoven besloten de werkorganisaties MRE en RHCe niet te ontvlechten. Dit besluit hield tevens in dat de positie van de bedrijfsvoeringstaken in de organisatie opnieuw zijn bekeken. Naar aanleiding van externe organisatieonderzoeken, is de bezetting van de bedrijfsvoeringsorganisatie op sterkte gebracht en centraal in de organisatie gepositioneerd. Samenwerking met andere gemeenschappelijke regelingen Tussen de Metropoolregio Eindhoven en de drie gemeenschappelijke regelingen GGD, ODZOB en Veiligheidsregio vindt, in navolging van de synchronisatie van de P&C-cyclus en het harmoniseren van de financiële beleidsregels en verordeningen, periodiek afstemming plaats.
Daar waar in de bedrijfsvoering meerwaarde wordt gezien, zowel wat efficiency betreft als kwaliteitsverbetering, zal samenwerking worden gezocht en/of versterkt. Landgoed Gulbergen Het Algemeen Bestuur van de Metropoolregio Eindhoven heeft het beheer en de beschikkingsmacht over de gelden in het kader van de verkoop van de aandelen van NV Razob overgedragen aan het Dagelijks Bestuur. Daartoe is de “Adviescommissie Gulbergen” ingesteld. Deze commissie adviseert het Dagelijks Bestuur over de onttrekking aan de beschikbare middelen, bestemming van deze middelen en de wijze van beheren van deze gelden. Voor de ambtelijke ondersteuning van de Adviescommissie is een procesmanager Landgoed Gulbergen aangewezen.
Verbonden partijen Brainport Development NV Brainport Development NV is een vennootschap met Triple Helix-aandeelhouders, waarbij het overheidsaandeel 50 procent is. Brainport Development is gericht op het structureel verankeren van de Brainport Next Generationstrategie. Gelet op de regionale opgave van Brainport Development wordt de financiering verkregen via een inwonerbijdrage en treedt de Metropoolregio Eindhoven op als enige subsidiënt en vervult zij de rol als regionale betaalautoriteit De vier gemeenten (Eindhoven, Helmond, Best en Veldhoven) die ook in het aandelenkapitaal van Brainport Development NV deelnemen, worden op grond van de gemeenschappelijke regeling een extra bijdrage gevraagd op basis van hun specifiek belang. Er zijn voor de Metropoolregio Eindhoven een aantal instrumenten voor de beïnvloeding van en de sturing op Brainport Development: ▪
▪
Aan de voorkant, als het gaat om het programma en de aard van de activiteiten. Dit gebeurt in het thema Economie door de afgesproken consultatie over het jaarplan. Daarnaast is de Metropoolregio Eindhoven vertegenwoordigd in het bestuur van de Stichting Brainport en heeft een formele rol als aandeelhouder. Bij de financiering, waarbij het gaat om de omvang van de uit te voeren activiteiten in relatie tot het budget. De hoogte van de financiering ligt vast in het meerjarenfinancieringsplan 2025-2028.
21
Breedband Regio Eindhoven B.V. Op initiatief van het Regionaal Breedband Consortium Zuidoost-Brabant (RBC), bestaande uit circa 20 maatschappelijke organisaties en enkele bedrijven, is een breedbandring (glasvezelinfrastructuur) in Eindhoven, met uitlopers naar Geldrop-Mierlo, Veldhoven en Helmond gerealiseerd, waarop ook eigen vestigingen zijn aangesloten. Hiertoe zijn opgericht de Stichting Glasrijk en de exploitatiemaatschappij Breedband Regio Eindhoven BV. De Metropoolregio Eindhoven, een van de “Founding Fathers”, heeft een zetel in het Algemeen Bestuur van de Stichting Glasrijk en is aandeelhouder in de Breedband Regio Eindhoven BV tot maximaal 136.000 gewone aandelen van nominaal € 1,–. Stichting Bureau Inkoop en Aanbestedingen Zuidoost-Brabant (BIZOB) Metropoolregio Eindhoven aangesloten bij Stichting BIZOB met als doel financiële, kwalitatieve en procesmatige inkoopvoordelen te behalen zonder daarvoor de interne organisatie te belasten maar toch ervoor te zorgen dat de continuïteit in de bedrijfsvoering op dit onderdeel gewaarborgd is. Metropoolregio Eindhoven draagt geen bevoegdheden over, Bizob correspondeert alleen over de inkoop- en aanbestedingstrajecten. Bizob ontvangt van alle deelnemende organisaties middelen. Het te betalen bedrag is afhankelijk van de ingekochte capaciteit.
Metropoolregio Eindhoven neemt gemiddeld 15-20 dagen per jaar af afhankelijk van de inkoopbehoefte. Een exploitatietekort van Bizob wordt opgevangen door de deelnemers naar rato van het aantal afgenomen dagen. Omdat de Metropoolregio Eindhoven slechts 15-20 dagen op jaarbasis afneemt is het financiële risico voor de Metropoolregio Eindhoven beperkt. Sinds de oprichting Bizob is er echter nog nooit sprake geweest van een exploitatietekort.
Grondbeleid Landgoed Gulbergen Om het Landgoed Gulbergen te kunnen realiseren, waren de betreffende gronden in (blote) eigendom van de Metropoolregio Eindhoven. Contractueel werden deze vervolgens in erfpacht gegeven aan Attero. Per 21 december 2020 is deze erfpachtovereenkomst met Attero beëindigd. Hiermee is het volledige eigendom van het gebied Landgoed Gulbergen weer in handen van de Metropoolregio Eindhoven gekomen, inclusief het beheer van het gebied. Op basis van een bestuurlijk nog vast te stellen ontwikkelvisie en -strategie worden kaders geformuleerd waarbinnen ontwikkeling van het landgoed mogelijk is.
Onderhoud kapitaalgoederen Gebouw Raiffeisenstraat 18 Eindhoven Het (groot) onderhoud aan het RHCe-pand, aan de Raiffeisenstraat 18 te Eindhoven, wordt uitgevoerd op basis van het Meerjaren Onderhouds Planning (MJOP) periode 2019-2028. Op grond van dit plan wordt jaarlijks € 52.100 gestort in de voorziening groot onderhoud, waaruit de kosten voor groot onderhoud worden gedekt. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.
22
FINANCIËLE BEGROTING 2025 Overzicht baten en lasten
Toelichting op het overzicht baten en lasten Onderstaand wordt een toelichting per programma gegeven op de financiële verschillen tussen de Begroting 2025 en de Begroting 2024. Regionale strategie en samenwerking Het thema Regionale strategie en samenwerking laat een voordeel zien van ruim € 32.000. Aan de lastenkant stijgen de personele kosten stijgen met bijna € 703.500 (nadeel). Ten opzichte van de primaire begroting 2024 is, naast aanpassing van salarissen aan de nieuwe CAO gemeenten, de formatie op het primaire proces uitgebreid met 3,5 fte. Dit als gevolg van de uitkomsten van de externe organisatieonderzoeken en de inrichting van de programmabureaus. De programmakosten laten een nadeel zien van € 16.500, het reguliere werkbudget is geïndexeerd met 6,38% ten opzichte van 2024. Tegenover de hogere lasten staan hogere bijdragen inwonerbijdrage Regionale opgaven (€ 587.000, bestaande uit reguliere indexering 6,38% € 250.000, verschuiving vanuit inwonerbijdrage Stimuleringsfonds € 160.000 en extra inwonerbijdrage € 177.000) en externe financiering (€ 165.000) ter dekking van de hogere personele kosten. De bijdrage Regionale opgaven dient tevens ter dekking van de extra personele kosten m.b.t. de bedrijfsvoeringstaken welke op het programma Overhead zijn verantwoord.
23
Landgoed Gulbergen Gulbergen laat ten opzichte van de begroting 2024 een nadeel zien van € 350.000. Het betreft hier het geprognosticeerde exploitatietekort wat is ingeschat op basis van de in de afgelopen jaren gerealiseerde resultaten. Het tekort wordt gedekt door een onttrekking uit de bestemmingsreserve Gulbergen. Gulbergen verloopt hierdoor budgettair neutraal in de begroting. Mogelijke ontwikkelingen rondom het landgoed welke plaatsvinden na het vaststellen van deze begroting, zullen middels begrotingswijziging worden verwerkt. Ruimte en wonen Het thema Ruimte en wonen laat een nadeel zien van € 2.750. Het betreft hier de indexering van het werkbudget met 6,38% ten opzichte van 2024. Mobiliteit, incl. GGA Het thema Mobiliteit laat een nadeel zien van € 2.750. Het betreft hier de indexering van het werkbudget met 6,38% ten opzichte van 2024. De taak GGA verloopt budgettair neutraal in de begroting. De kosten en opbrengsten zijn aangepast aan de werkelijke kosten en opbrengsten zoals deze in 2023 zijn gerealiseerd. Mogelijke ontwikkelingen binnen het thema, zoals het vormen van een publiek bereikbaarheidsfonds, zullen nadat hierover besluitvorming is geweest middels begrotingswijziging worden verwerkt in deze primaire begroting. Energietransitie Het thema Energietransitie laat een nadeel zien van € 2.750.
Het betreft hier de indexering van het werkbudget met 6,38% ten opzichte van 2024. Kosten en opbrengsten zijn naar boven bijgesteld op basis van bestedingsplannen 2023 en 2024. Er worden niet alleen rijksmiddelen voor de realisatie RES ontvangen, maar ook bijdragen uit het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW), provincie Noord-Brabant en waterschappen. Economie Het thema Economie laat een laat een nadeel zien van € 2.750. Het betreft hier de indexering van het werkbudget met 6,38% ten opzichte van 2024. Stimuleringsfonds Het Stimuleringsfonds laat ten opzichte van de Begroting 2024 een voordeel zien van ruim € 6.600. De personele kosten dalen met € 8.900 (voordeel), De programmakosten dalen met € 144.000 (voordeel) als gevolg van een lagere storting in de voorziening Stimuleringsfonds ten opzichte van 2024. Het betreft hier de combinatie van een verschuiving van een deel van de inwonerbijdrage naar de pijler Regionale opgaven in combinatie met de verrekening van de stijging van het aantal inwoners met 5.934 ten opzichte van 1 januari 2023. Aan de batenkant wordt een nadeel behaald van ruim € 146.000. Dit wordt veroorzaakt door een lagere inwonerbijdrage van € 144.000. Ter dekking van de kosten van programmamanagement wordt ten opzichte van 2024 een bedrag van ruim € 2.300 minder onttrokken aan de voorziening (nadeel).
Bijdrage Brainport Development In 2025 start een nieuwe periode voor de meerjarenfinanciering Brainport Development. Naast de indexering van de inwonerbijdrage en bijdragen van de individuele overheidsaandeelhouders, is er sprake van een structurele verhoging van de regionale bijdrage met € 700.000. Dit leidt tot de volgende bijdragen in de begroting 2025: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Inwonerbijdrage Metropoolregio Gemeente Eindhoven Gemeente Helmond Gemeente Veldhoven Gemeente Best
€ 2.954.689 € 1.850.322 € 641.629 € 328.035 € 224.721
24
Landelijk gebied Het thema Landelijk gebied laat een nadeel zien van € 2.750. Het betreft hier de indexering van het werkbudget met 6,38% ten opzichte van 2024. RHCe Ten opzichte van de begroting 2024 laat het RHCe op het primair proces een nadeel zien van bijna € 144.000. De personele kosten zijn € 268.000 hoger dan in de begroting 2024. Dit als gevolg van aanpassing van de loonkosten aan de nieuwe CAO-stijgingen in 2024 en opgenomen schatting voor 2025 (€ 110.500). Daarnaast is er sprake van een verschuiving vanuit het programma Overhead door de centralisering van de bedrijfsvoeringstaken als gevolg van het bestuurlijke besluit de werkorganisaties MRE en RHCe niet te ontvlechten (€ 157.500). De programmakosten stijgen met bijna € 59.000 als gevolg van indexering van dit budget met 6,38% ten opzichte van 2024. De programmabaten stijgen met ruim € 183.000. De inwonerbijdrage stijgt als gevolg van de indexering met € 211.000, de opbrengsten uit verhuur van opslagruimte zijn met € 28.000 naar beneden bijgesteld voornamelijk omdat de opslag van de collectie Museum Kempenland niet meer door het RHCe wordt verzorgd. Algemene dekkingsmiddelen Op het programma algemene dekkingsmiddelen zijn in de primaire begroting 2025 geen lasten en baten geraamd. Overhead In de overheadkosten zijn de volgende kostensoorten te onderscheiden: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Lonen en salarissen indirect personeel Studie en opleiding Personeel van derden Indirecte personeelskosten Huisvestingskosten Bureaukosten Algemene kosten Automatiseringskosten
Door het bestuurlijke besluit de werkorganisaties MRE en RHCe niet te ontvlechten worden deze bedrijfsvoeringstaken centraal in de organisatie voor beide diensten uitgevoerd. Met ingang van de begroting 2025 wordt dan ook geen onderscheid meer gemaakt tussen MRE en RHCe op dit programma. Het programma Overhead laat een voordeel van ruim € 118.000 ten opzichte van de begroting 2024. De personele kosten dalen met bijna € 141.000. Op het programma zijn n.a.v. het extern uitgevoerde bedrijfsvoeringsonderzoek nieuwe functies toegevoegd en heeft een herschikking van functies van en naar het primaire proces van zowel MRE als RHCe plaatsgevonden. De programmakosten stijgen met € 19.000. Waar nodig zijn de diverse werkbudgetten geïndexeerd met 6,38%. De programmabaten dalen met bijna € 4.000 als gevolg van lagere verhuuropbrengsten voor de werkplekken. Heffing VPB De activiteiten waarover de Metropoolregio Eindhoven vennootschapsbelasting dient te betalen, zijn ten opzichte van de begroting 2024 niet gewijzigd. Onvoorzien De post onvoorzien is op hetzelfde niveau gehouden als in de begroting 2024.
25
Mutatie reserves Het geprognosticeerde exploitatietekort op Landgoed Gulbergen wordt onttrokken aan de reserve. Dit betekent een voordeel van € 350.000 ten opzichte van de begroting 2024.
Herkomst en besteding van middelen Herkomst middelen Metropoolregio Eindhoven Van iedere euro die de Metropoolregio Eindhoven uitgeeft, komt de grootste bijdrage (66%) van de deelnemende gemeenten in de vorm van een bijdrage per inwoner. Uit onderstaande grafiek wordt duidelijk waar de baten van de Metropoolregio Eindhoven vandaan komen.
Herkomst middelen Metropoolregio Eindhoven Begroting 2025 Bijdragen reserves & voorzieningen; 1.255.475; 6%
Overige bijdragen; 53.191; 0%
Rijk, provincie en bedrijven; 2.264.791; 12% Gemeenten inwonerbijdrage
Gemeenten aandeelhouders Brainport Development; 3.044.706; 16%
Gemeenten aandeelhouders Brainport Development Rijk, provincie en bedrijven Bijdragen reserves & voorzieningen
Gemeenten inwonerbijdrage; 13.024.452; 66%
26
Overige bijdragen
Besteding middelen Metropoolregio Eindhoven In onderstaande grafiek wordt de besteding van middelen per (deel)programma weergegeven.
Besteding middelen Metropoolregio Eindhoven Begroting 2025 Heffing VPB; 5.500; 0%
Onvoorzien; 22.372; 0%
Regionale strategie en samenwerking; 3.916.089; 20% Ruimte en wonen; 45.847; 0%
Overhead; 2.290.262; 12%
Mobiliteit; 115.847; 1% Energietransitie; 1.275.847; 6% Regionale strategie en samenwerking Ruimte en wonen
RHCe; 2.699.291; 14%
Mobiliteit
Landgoed Gulbergen; 967.740; 5%
Energietransitie Economie, incl. Stimuleringsfonds Brainport Development
Landelijk gebied; 45.847; 0%
Landelijk gebied Landgoed Gulbergen
Economie, incl. Stimuleringsfonds; 2.258.579; 11%
Brainport Development; 5.999.395; 31%
RHCe Overhead Heffing VPB
Onvoorzien
27
Oorsprong begrote baten
28
Meerjarenramingen 2025-2028 Ten behoeve van een inzicht in de ontwikkeling van de kosten en gemeentelijke bijdrage zijn voor de programma’s en de balans ramingen opgesteld voor de periode 2025-2028 waarbij voor het begrotingsjaar 2025 rekening is gehouden met de geïndexeerde / bijgestelde inwonerbijdragen. In de jaren daarna worden de lasten en baten op hetzelfde niveau gehouden. Bij het vaststellen van de uitgangspunten voor toekomstige begrotingen zal door het Algemeen Bestuur worden bepaald of en met welk percentage de lasten en baten geïndexeerd mogen worden en hoe hoog de bedragen binnen de verschillende pijlers van de inwonerbijdrage zijn. Tevens wordt inzicht gegeven in de verwachte stand van de materiele vaste activa, reserves en voorzieningen ultimo 2025. Meerjarenraming programma’s
29
Meerjarenraming balans
Staat van materiële vaste activa
Staat van reserves
30
Staat van voorzieningen
Incidentele baten en lasten 2025-2028
Inwonerbijdrage Algemeen De methodiek van indexering van de inwonerbijdrage is vastgelegd in de “Beleidsnotitie Kaders P&C documenten”, opgesteld door de vier gemeenschappelijke regelingen GGD, ODZOB, Veiligheidsregio en Metropoolregio Eindhoven. Jaarlijks worden de financiële uitgangspunten voor de betreffende begroting in de vorm van de Kadernota voorgelegd aan het Algemeen Bestuur. Op 20 december 2023 heeft het Algemeen Bestuur de Kadernota Begroting 2025 vastgesteld. Inwonerbijdrage Regionale opgaven De inwonerbijdrage Regionale opgaven wordt geïndexeerd met 6,38% ten opzichte van de bijdrage 2023. Daarnaast wordt vanuit de inwonerbijdrage Stimuleringsfonds met ingang van 2025 voor de looptijd van het samenwerkingsakkoord extra € 160.000 toegevoegd aan de inwonerbijdrage Regionale opgaven. Dit ter dekking van extra personele lasten 1,0 fte zoals deze volgen uit het samenwerkingsakkoord. Omdat op verschillende bedrijfsvoeringsonderdelen de capaciteit kwetsbaar is en naar de toekomst toe kwetsbaarder wordt, dient de bedrijfsvoeringsorgansatie versterkt te worden om te kunnen garanderen dat het primair proces ongestoord blijft verlopen. Hiertoe wordt voorgesteld de inwonerbijdrage Regionale opgaven structureel met € 177.000 te verhogen. De inwonerbijdrage Regionale opgaven voor het jaar 2025 wordt hiermee bepaald op € 4.509.381.
31
Inwonerbijdrage Brainport Development NV De basisfinanciering van Brainport Development NV vindt plaats via de Metropoolregio Eindhoven, de hoogte is vastgelegd in de nieuwe meerjarenfinancieringsovereenkomst 2025-2032. Naast de indexering van de inwonerbijdrage 2024 met 6,38%, wordt de bijdrage met ingang van begrotingsjaar 2025 structureel verhoogd met € 700.000 en wordt daarmee bepaald op € 2.954.689. Inwonerbijdrage Stimuleringsfonds De bijdrage per inwoner wordt door de verschuiving van € 160.000 naar de pijler Regionale opgaven verlaagd van € 2,714 naar € 2,516 per inwoner. De mutatie in het aantal inwoners van de regio ten opzichte van 2024 (+5.934 inwoners) is verwerkt, hiermee wordt de inwonerbijdrage 2025 bepaald op € 2.035.839. Inwonerbijdrage RHCe De inwonerbijdrage RHCe wordt met 6,38% geïndexeerd ten opzichte van 2024 en bedraagt € 3.524.543. De inwonerbijdrage wordt verdeeld tussen de gemeenten op basis van in gebruik zijnde strekkende meters (fysiek archief), terabytes (digitaal archief) en aantallen inwoners. Dit leidt tot de volgende gemeentelijke inwonerbijdrage 2025:
Formatie
32
OVERZICHT GEMEENTELIJKE BIJDRAGEN In onderstaand overzicht is een specificatie opgenomen van de bijdrage per gemeente voor het begrotingsjaar 2025.
33
RHCe: kostenopbouw per gemeente
34