RN 034 Aanbiedingsbrief Ontwerpbegroting Senzer 2026 en meerjarenraming 2027-2029
Tekst van het document
Aan de gemeenteraden van de gemeenten Asten, Deurne, Geldrop-Mierlo, Gemert-Bakel, Helmond,
Laarbeek en Someren
Datum
Contactpersoon
M. van Egmond
Ons kenmerk DB/100325
Telefoonnummer
0492 58 24 44
Uw kenmerk
m.vanegmond@senzer.nl
Referentie
Locatie
Montgomeryplein 6
Onderwerp
11 maart 2025
Ontwerpbegroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029 Senzer
Geachte raad, Het bestuur van de Gemeenschappelijke regeling Senzer is erin geslaagd om voor 2026 een begroting op te stellen binnen de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen. Het betreft middelen voor de uitvoering van de Participatiewet en de Wet sociale werkvoorziening (WSW), waarvan de opdracht door de gemeenten aan de gemeenschappelijke regeling is gedelegeerd. Het dagelijks bestuur realiseert zich dat er in 2026 extra scherp gekeken moet worden naar de inzet van middelen en het sluitend krijgen van de begrotingen van de gemeenten. Het dagelijks bestuur heeft samen met de directie van Senzer nog een keer heel kritisch gekeken naar de prestaties bij de uitvoering van de opdracht, geen nieuw beleid opgestart (ook geen nieuw voor oud), het risicoprofiel van de begroting opgehoogd, efficiency-mogelijkheden verwerkt en mogelijke bijstellingen van beleidskeuzes uitgewerkt. De maatregelen die binnen directe beïnvloedingssfeer vallen zijn verwerkt in de voorliggende begroting. De keuzemogelijkheden die raken aan de uitvoeringsagenda van de colleges (optimalisaties in het brede sociale domein) en de kaderstellende rol van de raden zijn niet verwerkt in de begroting, maar worden in deze brief samen met de begroting aangeboden.
Deze brief, samen met de ontwerpbegroting, geeft nadere invulling aan de oproepen (zienswijze begroting 2025) en moties vanuit de gemeenteraden om kritisch te kijken naar de begroting en eventuele voorstellen te doen voor optimalisatie. Achtereenvolgens wordt in deze brief weergegeven hoe Senzer binnen de huidige opdracht presteert, welke maatregelen zijn genomen en de ontwikkelingen in de financiering. Tot slot beschrijven we de maatregelen die op het verzoek van het dagelijks bestuur zijn onderzocht met de verwachte effecten hiervan op de begroting.
1
Het dagelijks bestuur heeft Senzer gevraagd expliciet te kijken naar de inzet van loonkostensubsidie, sociale recherche en dienstverlening aan niet-uitkeringsgerechtigden (NUG’ers) ouder dan 27 jaar. Daarnaast is gevraagd te kijken naar efficiencymogelijkheden binnen de eigen organisatie als ook binnen de bredere regionale samenwerking. Hoe presteert Senzer? Adviesbureau Berenschot heeft in aanloop naar deze begroting een analyse gemaakt van de prestaties van Senzer. De prestaties zijn uiteengezet in een spinnenweb, waarbij Senzer wordt vergeleken met de benchmark van gemeenten in Nederland. Berenschot geeft daarbij aan dat de werkwijze van Senzer leidt tot een transparante inzet van de betreffende Rijksmiddelen. Senzer houdt in haar begroting -taakstellend- rekening met deze middelen en zorgt ervoor dat niet meer wordt besteed. Onder het spinnenweb is de integrale samenvatting van de vergelijking opgenomen; zoals verwoord door Berenschot.
Figuur 1: Berenschot resultaten Participatiewet Senzer - 7 februari 2025
•
Bijstandsafhankelijkheid De bijstandsafhankelijkheid in het Senzer-gebied ligt op vergelijkbaar niveau als in gebieden met vergelijkbare sociaal-economische omstandigheden. Tot 2017 lag de bijstandsafhankelijkheid in het Senzer-gebied echter op een hoger niveau. In de afgelopen jaren is het verschil fors minder geworden.
•
Inzet loonkostensubsidies Het aantal loonkostensubsidies dat door gemeenten wordt ingezet wijst op de mate waarin mensen met een arbeidsbeperking aan het werk worden gehouden. De Senzer-gemeenten zitten gemiddeld bij de 30% best presterende gemeenten die erin slagen om mensen met een inschrijving in het doelgroepregister met een loonkostensubsidie aan het werk te krijgen. Met name vanaf 2018 zet Senzer relatief veel loonkostensubsidies in. 2
•
Omvang beschut werk Het aantal mensen met een indicatie beschut werk dat aan het werk wordt geholpen blijft achter bij de landelijke ontwikkeling. Een verklaring daarvoor is dat Senzer vooral stuurt op het aan het werk krijgen van mensen met een arbeidsbeperking en daarbij niet speciaal kijkt of mensen wel of geen indicatie beschut werk hebben. In de praktijk maakt dat voor betrokkenen weinig verschil (ze zijn aan het werk, of ze nu wel of geen indicatie hebben van UWV). Senzer is wel bezig met een inhaalslag, omdat het ministerie van SZW van plan is om het budget voor beschut werk in de loop van 2026 te verdelen op basis van realisatie.
•
BUIG-saldo Het BUIG-saldo is het verschil tussen het budget dat gemeenten ontvangen voor het betalen van bijstandsuitkeringen en loonkostensubsidies en de werkelijke uitgaven aan bijstandsuitkeringen en loonkostensubsidies. Sinds de oprichting van Senzer gaat het steeds beter. De aanvankelijke tekorten op het BUIG-budget in 2016 en 2017 zijn omgeslagen naar relatief hoge besparingen op het BUIG-budget. Dat wijst – in combinatie met de prestaties die we zien voor wat betreft de bijstandsafhankelijkheid en de inzet van loonkostensubsidies in het Senzer-gebied - op goede prestaties voor wat betreft de re-integratie van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en het zo laag mogelijk houden van de bijstandsafhankelijkheid.
Maatregelen 2019-2022 In 2019 is Senzer geconfronteerd met een fors negatieve bijstelling van de BUIG-middelen met € 7 miljoen. Daarop is door de deelnemende gemeenten en Senzer een gezamenlijk ‘Krachtteam’ gevormd. Het krachtteam heeft zowel de beleidsmatige als financiële kant van Senzer beoordeeld en het volgende geconcludeerd: • Wezenlijke aanpassing van de dienstverlening draagt niet financieel bij aan het structureel terugbrengen van het tekort en werkt zelfs averechts. Pas deze niet aan. • Realiseer de taakstelling door: - Formatiereductie begeleidingsorganisatie 42 FTE (taakstellend, 11%) - Minder uitkeringsdossiers prognosticeren - Verhoging loonwaarde extern geplaatsten - Inzet algemene reserve/weerstandsvermogen voor dekking restant tekort 2020/2021 weerstandsvermogen tijdelijk naar nul • Zorg voor afspraken over adequate basisfinanciering Senzer met deelnemende gemeenten De taakstellingen zijn gerealiseerd in de periode 2019-2022 en de nieuwe basisafspraken over de financiering van Senzer zijn opgenomen in respectievelijk de Gemeenschappelijke Regeling en Bijdrageverordening Senzer. Door de reductie van 42 FTE en het besluit om de dienstverlening aan inwoners intact te laten, zijn achterstanden in de bedrijfsvoering (verder) opgelopen, ondermeer op het gebied van digitalisering en documentaire informatievoorziening.
Inmiddels wordt met incidentele middelen (uit rekeningresultaat) getracht deze achterstanden in te lopen.
3
Maatregelen Begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 In de begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 zijn maatregelen verwerkt, mede met het oog op het ravijnjaar 2026. Het risicoprofiel van de begroting is verhoogd met de volgende maatregelen die grotendeels doorwerken in de begroting 2026: • Inboeken van een taakstelling op de formatie op basis van ingeschatte vacatureruimte; • Ophogen van de toegevoegde waarde uit productie en diensten als taakstelling; • Schrappen van nieuwe behoefte aan structurele ontwikkelcapaciteit; • Verwerken van een lagere loon- en prijsontwikkeling dan de realisatie in 2024 (= een generieke korting). Daarnaast is besloten om structurele baten op te voeren vanwege rente-inkomsten. Er zijn diverse efficiencymaatregelen in de bedrijfsvoering en dienstverlening doorgevoerd. Tegelijkertijd is besloten om de additionele dienstverlening voor specifieke doelgroepen niet structureel in te bedden. Zo is het traject met intensieve dienstverlening voor psychisch kwetsbaren gestopt en is de specialistische kennis voor zover mogelijk verwerkt in de Senzer-aanpak en is het bredere netwerk beter aangesloten. Rekeningresultaat 2024 Bij begrotingswijziging is in december 2024 een voordelig saldo op de jaarrekening 2024 geraamd van € 3 miljoen.
Het algemeen bestuur kan bij óf na het vaststellen van de jaarrekening het daadwerkelijke resultaat een nadere bestemming geven en/of laten uitkeren aan de deelnemende gemeenten. Het daarbij geldende beleidskader gaat uit van het beoordelen of het weerstandsvermogen en/of de bestemmingsreserves moeten worden aangevuld, dan wel dat er ruimte is voor een eenmalige uitkering aan de deelnemende gemeenten. Maatregelen Ontwerpbegroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029 Als antwoord op de oproepen vanuit de gemeenteraden wordt voorgesteld om het risicoprofiel van de begroting 2026 - tijdelijk - verder op te hogen ten opzichte van het risicoprofiel van de begroting 2025 en bijbehorende meerjarenraming. Op grond van de reguliere loon- en prijsontwikkeling zou de gemeentelijke ‘Bijdrage algemeen deel’ aan Senzer toenemen met € 1,3 miljoen (3,7% op € 35,1 miljoen). Deze verhoging wordt in de ontwerpbegroting niet geeffectueerd. De gevraagde ‘Bijdrage algemeen deel’ is daarentegen verlaagd met € 0,5 miljoen voor 2026. Per saldo wordt aldus € 1,8 miljoen minder gevraagd dan op grond van de meerjarenraming en de reguliere loon- en prijsontwikkeling zou mogen worden verwacht. Dit wordt bewerkstelligd door: • Ophoging van de rentebaten met € 0,2 miljoen; • Ophoging van het saldo van BUIG-inkomsten en -uitgaven met € 1,6 miljoen (naar € 3,7 miljoen).
Daarnaast voorzien we volumestijgingen in de doelgroepen die we in het kader van de Participatiewet bedienen. Deze volumestijgingen worden opgevangen zonder verdere ophoging van de ‘Bijdrage algemeen deel’. 4
De tijdelijke ophoging van het risicoprofiel brengt indirect ook het risicoprofiel van de deelnemende gemeenten omhoog. De uitvoering en bijstelling van de Rijksbegrotingen moeten dan ook stringent worden bewaakt. Tegenvallers in de Rijksbegrotingen kunnen leiden tot een begrotingsbijstelling die noopt tot een additionele bijdrage vanuit de deelnemende gemeenten. Met alle aanpassingen blijft de totale gevraagde financiering in deze begroting binnen de middelen die het Rijk beschikbaar stelt voor de aan Senzer gedelegeerde uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening en Participatiewet. Naast het verder verhoogde risicoprofiel van de begroting van Senzer, is een aantal andere nieuwe risico’s opgenomen in de risico-paragraaf welke vooralsnog niet leiden tot het structureel inboeken van hogere lasten. Dit laatste geschiedt pas als én nadat is vastgesteld dat het risico zich daadwerkelijk voordoet. Ontwikkelingen in de financiering Bij de meicirculaire 2025 komen additionele middelen beschikbaar om het financiële gat tussen ondersteuning van WSW en ondersteuning aan de doelgroepen uit de Participatiewet te dichten. Deze Rijksbijdrage sociale infrastructuur is in omvang goed in te schatten en wordt meegenomen in de basisfinanciering voor de ontwerpbegroting.
Voor de noodzakelijke ontwikkeling van de infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven zijn de komende 10 jaren additionele middelen beschikbaar in de vorm van een impulsbudget (decentralisatie-uitkering). Deze zijn nog niet opgenomen in de begroting, maar zullen worden toegevoegd zodra het plan daarvoor is vastgesteld en op basis daarvan de middelen zijn toegekend. Mogelijke beleidskeuzes Het dagelijks bestuur heeft de organisatie gevraagd expliciet te kijken naar de inzet van loonkostensubsidie, sociale recherche en dienstverlening aan niet-uitkeringsgerechtigden (NUG‘ers) ouder dan 27 jaar en wat de gevolgen hiervan zijn voor de ontwerpbegroting 2026, daarbij zowel kijkend naar de investering als de effecten hiervan. 1. Inzet van loonkostensubsidie Binnen de arbeidsmarktregio Helmond-De Peel is vol ingezet op het creëren van een inclusieve arbeidsmarkt, waarbij loonkostensubsidie (LKS) een wezenlijk instrument is gebleken. Dit vanuit het principe ‘werk maken van uitkeringen'. De evenwichtige inzet van LKS heeft geleid tot een hogere arbeidsparticipatie dan voorheen en een substantiële afname van de bijstandspopulatie. Zie ook de bijgevoegde Rapportage van Berenschot. Begroting In de begroting van 2026 is LKS onverminderd opgenomen.
Het instrument is succesvol en sinds 2024 worden de kosten voor LKS (in tegenstelling tot daarvoor) grotendeels door het Rijk vergoed op realisatiebasis. Het re-integratiebudget om mensen te ondersteunen bij de toeleiding naar werk en op het werk schiet wel nog tekort zo concludeert Divosa in haar recent vastgelegde probleemanalyse (zie Probleemanalyse Participatiewet). 5
Uitgangspunten Kaderbrief 2026 • Stimuleren van een inclusieve arbeidsmarkt: Uitbreiding van samenwerkingen met werkgevers om te komen tot zo regulier en duurzaam mogelijk werk. • Gerichte uitstroom: Focus op zelfredzaamheid en waar mogelijk begeleiding naar zo regulier en duurzaam mogelijk werk. • Efficiëntere toekenning: Evaluatie van de uitvoeringskosten waaronder loonwaardemetingen en subsidieafhandeling. Effecten verminderde inzet loonkostensubsidie Het terugbrengen van de inzet van LKS is mogelijk. Om de effecten hiervan door te rekenen hebben we gebruik gemaakt van de maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) die door Berenschot is ontwikkeld (Voordeel loonkostensubsidie vaak hoger dan verwacht). De financiering van de LKS kent een negatieve prikkelwerking. Het is financieel namelijk het meest voordelig om te besparen op de inzet voor en ondersteuning van de meest kwetsbare doelgroepen. Inzet van LKS heeft alleen een besparingseffect op de begroting voor de mensen met de laagste loonwaarde (30%). Als we kijken naar de gemiddelde loonwaarde (54%) bij de mensen bij Senzer heeft een verminderde inzet van LKS juist een kostenverhogend effect op de begroting. Per saldo levert, gebaseerd op de MKBA, bij 50 nieuwe plaatsingen met LKS een positief resultaat van € 227.000 op in de begroting van Senzer.
Daarnaast zal verminderde inzet kostenverhogend werken op andere kostenposten binnen het brede gemeentelijk domein. De MKBA laat zien dat de inzet van loonkostensubsidie maatschappelijk altijd lonend is gezien vanuit het brede gemeentelijk domein. De analyse laat zien waar de kosten en opbrengsten vallen en wat het effect op de gemeentelijke begroting is. De MKBA laat zien dat de aanspraak op andere gemeentelijke kostenposten als maatschappelijke ondersteuning en minimaregelingen bij 50 plaatsingen met bijna € 42.000 daalt. 2. Inzet van Sociale Recherche Bij een integere overheid hoort ook een rechtmatige overheid, het complexe snijvlak van handhaven en vertrouwen. Om fraude en oneigenlijk gebruik van uitkeringen tegen te gaan, heeft het dagelijks bestuur van Senzer in 2024 opnieuw het handhavingsbeleid vastgesteld. Het onderzoek van de sociale recherche is cruciaal om de bijstandsfraude vast te stellen en heeft zowel een curatieve als preventieve werking. Om uitvoering te geven aan het nieuw vastgestelde beleid heeft Senzer de volgende maatregelen ingezet: • Signaalgestuurd werken: Senzer werkt vanuit vertrouwen. Er wordt alleen op basis van directe signalen wordt onderzoek gedaan. Er wordt geen gebruik gemaakt van risicoprofielen of algoritmes.
• Matchen van de benodigde capaciteit: Capaciteit is afgestemd op het aantal verwachte signalen en de benodigde capaciteit om die te onderzoeken. • Gerichte voorlichting: Informatievoorziening via bestaande kanalen als preventieve maatregel om ‘vergissen’ te voorkomen. 6
Begroting Binnen de begroting is voor 7,5 FTE capaciteit voor Sociale Recherche opgenomen. Daarmee wordt potentieel voor € 1.000.000 misbruik en oneigenlijk gebruik voorkomen en voor € 500.000 aan bedragen teruggevorderd. De preventieve werking is niet gekapitaliseerd. Effecten verminderde dienstverlening Het terugbrengen van de onderzoekscapaciteit van de Sociale Recherche is mogelijk maar dit leidt niet tot een besparing. Hierbij zullen namelijk ook de bovengenoemde ‘opbrengsten’ met hetzelfde percentage afnemen, waardoor deze maatregel per saldo kostenverhogend zal werken voor de begroting van Senzer. Volgens de Divosa-Benchmark 2023 is de uitstroom door handhaving reeds relatief laag (5,2% bij Senzer tegenover landelijk 7,7%). Dit is het gevolg van het beleid van Senzer waarbij handhaving enkel reactief wordt ingezet. 3. Dienstverlening aan niet-uitkeringsgerechtigden (NUG’ers) van 27 tot 65 jaar Het uitvoeren van re-integratie-dienstverlening aan niet-uitkeringsgerechtigden is een verplichting in de Participatiewet. Senzer zet in op een efficiënte, en passende dienstverlening aan NUG’ers, en geeft op deze wijze invulling aan de verordening. Dit omvat: • Basisbegeleiding: Ondersteuning bij het vinden van werk en participatie. • Onderzoek naar kansen: Inzet van het beschikbare arbeidsdiagnostisch instrumentarium.
• Gerichte samenwerking met werkgevers: Waar mogelijk directe bemiddeling, inzet van stage- en werkervaringsplekken en indien noodzakelijk de inzet van loonkostensubsidie. Begroting In de voorliggende begroting is voor de NUG dienstverlening aan de groep van 27 tot 65 jaar 2,1 FTE opgenomen. Dit is nodig voor het uitvoeren van de begeleiding van inwoners uit onze regio die een beroep doen op deze dienstverlening. Uitgangspunten dienstverlening NUG’ers: • Toename van arbeidsparticipatie onder NUG’ers. • Handhaving van het minimale voorzieningenniveau. • Efficiënte inzet van middelen zonder groei van de dienstverlening. Effecten verminderde dienstverlening Het terugbrengen van de dienstverlening is mogelijk, het stoppen van de dienstverlening is niet mogelijk. Indien de dienstverlening wordt verminderd levert dit een positieve bijdrage aan de begroting van Senzer. Het gaat echter kostenverhogend werken op andere begrotingsposten binnen het gemeentelijk domein. Onderzoek (Winterwerp & Heering, 2018) onderbouwt dat werk leidt tot verschillende besparingen op zorg, WMO-voorzieningen, maatschappelijk werk, schuldhulpverlening, bijzondere bijstand, minimabeleid en veiligheid. Specifiek voor NUG’ers die geplaatst worden met LKS geldt dat er per LKS’er € 6.776 bijkomt in het cluster Participatie in de algemene uitkering in het gemeentefonds.
De kosten van de LKS zelf worden vanaf 2022 volledig vergoed door het Rijk (LKS naar realisatie). 7
Als een participatiecoach (1 FTE) in een jaar 39 inwoners kan plaatsen op werk, waarvan 5 met loonkostensubsidie, dan is het rendement: • extra inkomsten in het gemeentefonds van € 33.800 voor de LKS-geplaatsen • effect van € 78.000 binnen andere begrotingsposten Het halveren van de dienstverlening voor NUG’ers ouder dan 27 jaar zal een verwacht financieel voordeel opleveren van € 72.000. Dit is als volgt opgebouwd. De kosten van 1 FTE (€ 96k) participatiecoach, verminderd met de niet gerealiseerde inkomsten door inzet LKS (€ 33,8k) en vermeerderd met de niet te leveren aanvullende begeleiding (€ 9,6k). De positieve effecten op andere begrotingsposten binnen het brede sociale domein zijn hierbij niet meegenomen. 4. Onderzoek naar optimalisatie in de regionale samenwerking bij de uitvoering van de bijzondere bijstand en het minimabeleid Om efficiencywinst te realiseren binnen de sociale voorzieningen dient onderzocht te worden hoe de regionale samenwerking bij de uitvoering van de bijzondere bijstand en het minimabeleid kan worden vormgegeven. Dit sluit aan bij de actuele ontwikkelingen op dit gebied binnen de GR Peelgemeenten. Verwachte effecten: • Kostenbesparing door enkelvoudige coördinatie, gezamenlijke uitvoering en administratieve vereenvoudiging. • Betere ondersteuning van inwoners binnen de regio.
• Efficiëntere en effectievere inzet van middelen binnen het minimabeleid. Onderzoek naar de stand van de bedrijfsvoering en verbetermogelijkheden Senzer is bezig met de bedrijfsvoering verder op orde te brengen en de digitaliseringsgraad te verhogen. Een bredere analyse van de stand van de bedrijfsvoering moet Senzer helpen aan een completer beeld van de bedrijfsvoering en verdere verbeterpunten opleveren. Deze analyse zal door een externe partij worden uitgevoerd. De deelnemende gemeenten worden betrokken bij de analyse en de uitkomsten daarvan. De eerste resultaten verwachten we rond de zomer te kunnen presenteren. Een verdieping op onderwerpen kan vervolgens na de zomer worden ingevuld, waarna de uitkomsten betrokken worden in de reguliere planning- en controlcyclus. Samenvattend Op basis van de bijgevoegde Rapportage Resultaten Participatiewet Senzer van Berenschot kan worden geconcludeerd dat Senzer vergeleken met andere gemeenten in Nederland goede prestaties levert als het gaat om de re-integratie van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en het zo laag mogelijk houden van de bijstandsafhankelijkheid. Dit gebeurt binnen de daartoe door het Rijk verstrekte middelen.
8
Voor de ontwerpbegroting 2026 is extra scherp gekeken naar de prestaties bij de uitvoering van de opdracht. De efficiency-mogelijkheden bij de uitvoering van de opdracht zijn verwerkt in de begroting. Daarnaast zijn de reeds genomen maatregelen inzichtelijk gemaakt en is aangegeven wat de effecten hiervan zijn op de begroting van Senzer. Er is door Senzer geen nieuw beleid opgestart (ook geen nieuw voor oud). Eventuele bijstellingen van beleidskeuzes hebben naast effect op de ontwerpbegroting 2026 ook doorwerking in latere jaren en de meerjarenraming, Het dagelijks bestuur wil de effecten van regionale samenwerking op het gebied van bijzondere bijstand en minimabeleid inzichtelijk laten maken. Dit onderzoek en het realiseren van de uitkomsten hiervan zullen tijd vergen en hoewel interessant en relevant, nog geen effect kunnen realiseren voor de begroting van 2026. U heeft in uw zienswijze bij de begroting 2025 gevraagd om mee te denken en mee invulling te geven aan de financiële druk die gemeenten ervaren door de korting die het Rijk heeft opgelegd op de gemeentebegrotingen; dit leidt tot de zogenaamde ‘Ravijnjaren’. De colleges van de deelnemende gemeenten hebben dit vraagstuk nog een keer benadrukt. We begrijpen de financiële situatie van de gemeenten heel goed en de soms lastige keuzes die de gemeenten daarbij moeten maken.
Met de voorliggende ontwerpbegroting en meerjarenraming heeft Senzer over de volle breedte van de dienstverlening en de begroting gekeken naar optimalisatiemogelijkheden om bij te dragen aan de situatie waarin de gemeenten verkeren. De afgelopen maanden heeft Senzer dan ook hard gewerkt om inzichtelijk te maken hoe Senzer in haar beleidsuitvoering ervoor staat en de te nemen maatregelen met het oog op de Ontwerpbegroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029: • Bij Begrotingswijziging 2024-III is het verwachte positieve rekeningresultaat over 2024 gereserveerd voor nadere besluitvorming bij vaststellen van de jaarrekening. Daarbij wordt nadrukkelijk de mogelijkheid bezien om te komen tot een eenmalige uitkering aan de deelnemende gemeenten. • De Bijdrage algemeen deel daalt met € 0,5 miljoen; waar op grond van de loon- en prijsontwikkeling een verhoging van € 1,3 miljoen zou mogen worden verwacht. Per saldo wordt daarmee € 1,8 miljoen minder gevraagd van de deelnemende gemeenten dan op grond van meerjarenraming en loon- en prijsontwikkelingen zou mogen worden verwacht. o Dit wordt gerealiseerd door het ophogen van het risicoprofiel van de begroting met de volgende structurele maatregelen: ▪ Ophogen rentebaten met € 0,2 miljoen (naar € 0,9 miljoen); ▪ Ophogen saldo BUIG-inkomsten versus -uitgaven met € 1,6 miljoen (naar € 3,7 miljoen).
• Naast deze direct financiële maatregelen is gekeken naar: o Kwaliteit en effectiviteit van de dienstverlening; o Efficiencymogelijkheden; o Eerder genomen maatregelen in periode 2019-2022 en impact daarvan op Senzer; o Eerder genomen maatregelen bij de Begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028 en het structureel doortrekken daarvan naar de ontwerpbegroting en meerjarenraming; o Ontwikkeling in de financiering; o Mogelijke beleidskeuzes in de uitvoering van de opdracht en de potentiële impact daarvan. • Tenslotte is Senzer bezig met het verder optimaliseren van de bedrijfsvoering en wordt een extern onderzoek uitgevoerd waarbij de deelnemende gemeenten worden betrokken. Met alle genomen maatregelen heeft Senzer een ontwerpbegroting opgeleverd die reëel en structureel sluitend is, passend is binnen de rijksbijdragen die staan voor de aan Senzer gedelegeerde opdracht én verlichting geven aan de gemeentelijke begrotingen door het opvangen van de loon- en prijsontwikkeling voor een bedrag van € 1,3 miljoen en de bijdrage zelfs nog verder te verlagen met € 0,5 miljoen. Totaal aan maatregelen € 1,8 miljoen. 9
Tot besluit Met deze aanvullende brief bij de begrotingsstukken willen we bijdragen aan de afwegingen die u mogelijk dient te maken met het oog op de gevraagde zienswijze bij de begroting. Daarbij hebben we ons laten leiden door uw zienswijze bij de begroting 2025 en later aangenomen moties en oproepen vanuit de gemeentehuizen om mee te denken en zorg te dragen voor een beheersbare financiële situatie bij de deelnemende gemeenten. Graag vernemen we uw zienswijze conform de daarvoor geldende procedure voor 4 juni 2025 en zullen we aangeven op welke wijze daarmee is omgegaan alvorens de Begroting 2026 en Meerjarenraming 2027-2029 op 2 juli 2025 aan te bieden aan het algemeen bestuur. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Het dagelijks bestuur van Senzer, namens deze, de voorzitter
de secretaris
E. de Vries
H.A.A.J. van Rinsum
Bijlage: Berenschot: Rapportage Resultaten Participatiewet Senzer – februari 2025
10