RN 032 Zienswijze ontwerpbegroting MRE
Tekst van het document
Metropoolregio Eindhoven Het Dagelijks Bestuur Postbus 985 5600 AZ Eindhoven
Helmond, 20 mei 2025
Zaaknummer: 52457245
Telefoon.: 14 0492
Onderwerp: Ontwerpbegroting GR MRE 2026
Uw kenmerk: 100704-3764
Uw brief d.d.: 13 maart 2025
Geacht bestuur, Op 13 maart 2025 heeft u ons de conceptbegroting 2026 toegezonden. U verzoekt onze zienswijzen op dit document kenbaar te maken. Graag maken wij van deze gelegenheid gebruik. Gemeenten staan in 2026 (ravijnjaar) en de jaren daarna voor een financieel uitdagende periode. In de concept programmabegroting 2026 MRE is zichtbaar dat u hiervoor oog heeft. Dat waarderen wij. Op een aantal punten geven wij in deze brief een zienswijze om de urgentie op de enorme financiële uitdaging te benadrukken. Terughoudend financieel beleid We willen nadrukkelijk vragen om de mogelijkheden van aanvullende middelen en besparingen voor de komende jaren te verkennen. U stelt voor 2026 een terughoudend financieel beleid voor. Behoudens indexering en aanpassing aan gewijzigde inwoneraantallen veranderen de gemeentelijke bijdragen niet. Naast de inzet op het verkrijgen aanvullende middelen uit rijks-, provinciale- en Europese programma’s en uit de private sector benoemt u een aantal kansen waar mogelijk in 2026 en de jaren daarna financieel voordeel te behalen valt. Het is de moeite waard om dergelijke kansen voortvarend te verkennen. In het kader van de uitwerking van het gezamenlijk delen van bedrijfsvoeringsfuncties wijzen wij u voor de volledigheid op een in 2020, door de toenmalige directeuren van de vier GR-en, uitgevoerd onderzoek.
Indexering Wij roepen de 4 regionale verbonden partijen op om geen indexering toe te passen voor in ieder geval 2026 en 2027. Zoals eerder verwoord staan gemeenten voor een grote financiële uitdaging. Gevolg hiervan zijn de begrenzingen van de financiële middelen van de gemeenten. Onze gemeente moet moeilijke keuzes maken en prioriteiten stellen. Het kan niet anders dan dat de gemeenschappelijke regelingen hier ook in bijdragen en hun verantwoordelijkheid nemen. We begrijpen de uitdagingen waar MRE voor staat en dat het zeer lastig is om te besparen. Desondanks doen wij deze oproep. Mede gezien de oproep van de VNG en het principe van trap op trap af, waarbij de gemeenten niet alleen de zware bezuinigingen kunnen dragen. Hierdoor moet er ook gekeken worden naar het verlengd lokaal bestuur en moeten bezuinigingen ook plaats vinden bij verbonden partijen.
Weg op den Heuvel 35 / tel. 14 0492 / fax: 0492-587400 Correspondentieadres: Postbus 950 / 5700 AZ / www.helmond.nl e-mail: gemeente@helmond.nl / Bankrelatie: IBANnummer NL 85 BNGH 0285 00 37 39
Wij vragen om de komende jaren de indexeringsmethodiek voor de 4 regionale verbonden partijen gezamenlijk te onderzoeken en aan te passen. Waarbij deze ingaat vanaf 2028, met bijzondere aandacht voor exceptionele sitiaties. We zien ook ruimte bij de gehanteerde indexeringsmethodiek. In voorliggende concept-begroting 2026-2029 is gerekend met de indexeringen volgens de Kadernota 2026. De indexeringsmethodiek, zoals vastgelegd in de Beleidsnotitie kaders P&C-documenten 4GR, is bedoeld om, op basis van CPB ramingen, in de begroting anticiperend rekening te houden met stijging van lonen en prijzen. In de MRE begroting 2025 zijn de gemeentelijk bijdragen geïndexeerd met 6,38%, gebaseerd op een verwachte loonstijging van 6,7% en een verwachte prijsstijging van 3,5%. Voor 2026 wordt wederom een relatief hoge indexering toegepast die de voorgaande versterkt. Indien de daadwerkelijke ontwikkeling van de lonen en prijzen structureel afwijkt van deze ramingen, dan schiet deze methodiek haar doel voorbij. Wij verwachten daarom van de Gemeenschappelijke Regelingen dat ze in het kader van realistisch begroten ook realistische indexpercentages toepassen. Daarom is ons verzoek om de komende jaren de indexeringsmethodiek voor de 4 regionale verbonden partijen gezamenlijk te onderzoeken en aan te passen.
Waarbij deze zoals aangegeven ingaat vanaf 2028, met bijzondere aandacht voor exceptionele situaties. Eerst de regionale basis op orde We zitten nog midden in de transformatie: de programmasturing vraagt zowel van de MRE organisatie als van de 21 gemeenten nog de nodige aanpassingen. Met de begrotingen van 2024 en 2025 zijn de voorwaarden gecreëerd om de rol van de MRE te transformeren van procesondersteuning naar programmasturing. De kernopgave van de MRE organisatie blijft daarbij het faciliteren van de samenwerking tussen de 21 gemeenten in Zuidoost Brabant. Totdat deze regionale basis op orde is vragen wij om gepaste terughoudendheid met de (capaciteits)inzet op de bovenregionale samenwerking. Realisatie vraagt keuzes en prioriteiten We moeten als regio, de 21 gemeenten en MRE-organisatie samen, keuzes maken en heldere prioriteiten stellen, zodat we gezamenlijk de regionale schaalsprong maken die realistisch is en voor alle partijen uitvoerbaar is. De realisatie van de schaalsprong en de daarmee samenhangende opgaven zijn organisatorisch en financieel niet alleen voor de MRE-organisatie, maar ook voor iedere gemeente uitdagend. Uw conclusie is dat gezien de urgentie en noodzakelijke versnelling er weinig ruimte is voor uitstel.
U geeft aan dat bij het heroverwegen van prioriteiten binnen de regionale opgaven er de is keuze is tussen vertraging, uitstel of het verlagen van het ambitieniveau. In de aanbiedingsbrief adviseert u de huidige lijn te bestendigen omdat de regionale opgaven groot zijn, juist om versnelling vragen en in het belang van alle 21 gemeenten zijn. Deze versnelling dient evenwel uiteindelijk door de 21 gemeenten geleverd\ uitgevoerd te worden. Ook zij moeten prioriteren vanwege de beperkte financiële ruimte en druk op de gemeentelijke uitvoeringscapaciteit. Dit vraagt om het maken van keuzes en het stellen van prioriteiten, niet alleen ten aanzien van ambities en fasering, maar ook ten aanzien van rolneming. Temeer omdat, zoals u ook aangeeft bij Regionale Strategie, u op realisatie wil focussen. De binnenkort op te starten voorbereiding van een nieuw samenwerkingsakkoord 2027-2030 biedt een geschikte mogelijkheid om die keuzes samen te gaan maken. Brede Welvaart Het onderwerp regionale aanpak Brede Welvaart wordt in één adem genoemd met de P&C cyclus. Wij vinden dit een vreemde combinatie. De participatie in het nationaal netwerk brede welvaart levert voor de 21 gemeenten geen output. Het MRE dient een keuze te maken om hier ofwel zichtbare meerwaarde te leveren ofwel dit als besparing te beëindigen.
Landgoed Gulbergen Gulbergen heeft voor Helmond als aangrenzende gemeente een belangrijke functie als groen recreatiegebied. Ook ecologisch gezien is Gulbergen een belangrijke verbinding die onder andere Strabrechtse heide, Stiphoutse bossen en Mosbulten met elkaar verbindt. Wij vragen u om Helmond nauw te betrekken bij de programmatische ontwikkeling van het Landgoed Gulbergen. Mobiliteit Voor mobiliteit herkennen wij de genoemde ambities, programma’s en samenwerkingen. We willen wel aandacht vragen voor de samenwerking binnen de regio. We vragen om een eenduidige organisatie om de 21 gemeentes te betrekken, middels de bestaande structuur met de subregio’s. Daarnaast benoemt u de Korte Termijn Programma’s die u aanstuurt, coördineert, beheert en verantwoordt. In de opsomming ontbreekt het pakket ‘Maatregelen uit het restbudget A67’ (beoogde vaststelling 2025). Ruimte en wonen Voor ruimte en wonen willen we gezamenlijk een instrument of afwegingkader ontwikkelen dat voor lokale en regionale ontwikkelingen toepasbaar is als hulpmiddel bij integrale keuzes. Vanuit het gezamenlijk perspectief is dat een mooi streven, maar vanuit regeldruk brengt dit wederom extra stappen met zich mee. Bovendien staat dit haaks op de ambities om onder meer woningbouw te versnellen in de regio. Dat doen we teniet door allerlei extra beleidsregels op MRE niveau te formuleren.
Wij vragen u daar rekening mee te houden. De rol van MRE in woningbouwregie is naast gemonitorde data ook gekoppeld aan de ontwikkelstrategie, woondeal en Beethoven waarin de gemaakte afspraken van de regio zijn vastgesteld. Die koppeling missen we vooralsnog in de begroting. Landelijk Gebied Wij vragen extra aandacht om op een eenduidige manier te bezien hoe de verbinding tussen het programma vitale groene leefomgeving en andere gebiedsoverstijgende programma's zoals NOVEX De Peel en Van Gogh Nationaal Park tot stand kan komen. Raakvlak ligt er ook met SGE-Ruimte, waarbinnen gekeken wordt naar (door)ontwikkeling van groenblauwe structuren. De input voor het opstellen van het gezamenlijke bod voor de regionale investeringsagenda zou (mede) uit deze gebiedsoverstijgende programma's / samenwerkingsverbanden dienen te komen. Gezien de complexiteit in samenhang en verwevenheid van opgaven binnen thema groene vitale leefomgeving is een prioritering van opgaven in zowel het uitvoeringsprogramma VLG als ook het gezamenlijke bod voor de regionale investeringsagenda noodzakelijk. Economie – Brainport Development en Stimuleringsfonds We vragen het MRE om alle gemeenten frequenter en eerder te verbinden op de uitvoering van het Meerjarenplan Brainport Development 2025-2032.
Met het in 2025 genomen besluit over de MRE-bijdrage aan de meerjarenfinanciering Brainport Development 2025-2032 is ook de basisorganisatie van Brainport Development op orde gebracht. In het verlengde hiervan vragen wij de MRE, in haar hoedanigheid als aandeelhouder namens de 21 gemeenten, om alle gemeenten frequenter en eerder te verbinden op de uitvoering van het Meerjarenplan Brainport Development 2025-2032. Conclusie Met inachtneming van bovenstaande zienswijzen kunnen wij instemmen met de MRE begroting 2026. Graag leveren wij ook in 2026 onze bijdrage aan de regionale samenwerking. Hoogachtend de gemeenteraad van Helmond, mr. S.C.C.M. Potters voorzitter
drs. G.J. de Graaf raadsgriffier