RN 013 Bijlage 3 artikelsgewijs overzicht met voorgestelde wijzigingen GR-Blink
Tekst van het document
De door het Algemeen bestuur vastgestelde begroting, waarin zijn opgenomen de per deelnemende gemeente door het openbaar lichaam te leveren prestaties, is voor PREZERO taakstellend. 3. Van besparingen op de begroting van BLINK, blijkend uit de jaarrekening over het betreffende jaar, ontvangt PREZERO naast de fee over de omzet, tevens een bonusvergoeding van 10% over deze besparingen. De deelnemende gemeenten zullen 90% van deze besparingen ofwel overschot op de begroting, aanwenden voor verlichting van de lasten van de
Verwijderd
Het verrekenmodel is niet meer van toepassing in de herziening van de GR tekst vanwege de ontvlechting tussen Blink en PreZero.
burgers c.q. het verhogen van de kwaliteit van de dienstverlening in hun gemeenten. Uitgangspunt is dat de toedeling van deze middelen geschiedt in relatie tot de te onderscheiden gemeentelijke bijdragen aan BLINK en de vraag of daarop besparingen zijn gerealiseerd. Pas als dat laatste het geval is, kan een deelnemende gemeente zich hierop beroepen. 4. In geval van overschrijding van de taakstellende begroting in enig jaar zullen de extra kosten voor 40% voor rekening van PREZERO en voor 60% voor rekening van de betreffende gemeente zijn. 5. Geen onderdeel van de hierboven in het derde en vierde lid omschreven bonus/malusregeling maken uit de variabele kosten ten aanzien van gladheidbestrijding, clandestiene stort, exploitatie milieustraat, huisuitzettingen en sortering, vermarkting en (eind)verwerking van (grondstoffen in) grof en fijn huishoudelijke afvallen. Deze kosten en opbrengsten worden afzonderlijk in de begroting opgenomen en met de betreffende gemeente afgerekend. De middelen Artikel 34. 1. Blink verkrijgt zijn middelen van de deelnemende gemeenten. 2. De hoogte van de bijdrage wordt gebaseerd op de programmakosten van de uitvoering van de werkzaamheden welke door de desbetreffende gemeente aan Blink zijn opgedragen en wordt jaarlijks in de ontwerpbegroting opgenomen. 3.
Wijziging van de omvang van het grondgebied van een of meer van de deelnemende gemeenten kan van invloed zijn op de afspraken tussen de betreffende gemeente(n) en Blink met betrekking tot de uitvoering van de opgedragen taken en de daarvoor verschuldigde programmakosten 4. De verschuldigde bijdrage dient tijdig betaald te worden op de door het Algemeen bestuur te benoemen tijdstippen. Rekening Artikel 35. 1. Het Dagelijks bestuur stelt elk jaar de ontwerp jaarrekening met een jaarverslag van het voorgaande jaar op. Deze wordt voor 15 april toegezonden aan de raden.
Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
2. Het Algemeen bestuur stelt de jaarrekening en het jaarverslag vast vóór 1 juli van het jaar volgend op het verslagjaar. 3. Het Algemeen bestuur neemt het initiatief tot het toelichten van de vastgestelde jaarrekening in een gezamenlijke bijeenkomst van de leden van de raden van de deelnemende gemeenten. 4. Het Dagelijks bestuur stuurt de door het Algemeen bestuur vastgestelde jaarrekening en jaarverslag vóór 15 juli van het jaar volgend op het jaar waarvoor de jaarrekening geldt aan gedeputeerde staten en aan de colleges. 5. Het Dagelijks bestuur informeert de colleges tijdig over de gerealiseerde programmakosten en nadere informatie die noodzakelijk is voor de door de deelnemende gemeenten op te stellen jaarrekeningen. Jaarverslag Artikel 36 1. Uiterlijk 1 juli van elk jaar stelt het Algemeen bestuur een verslag vast omtrent de werkzaamheden van Blink in het daaraan voorafgaande kalenderjaar. 2. Het Algemeen bestuur zendt het jaarverslag zo spoedig mogelijk daarna toe aan gedeputeerde staten en aan de deelnemers. 3. Het jaarverslag bevat de hoofdlijnen van de op het betreffende verslagjaar betrekking hebbende rekening en voldoet aan de vereisten voor een beredeneerd jaarverslag. 4. Het Algemeen bestuur neemt het initiatief tot het toelichten van het jaarverslag in een bijeenkomst aan de raden van de deelnemende gemeenten. Verplichte uitgaven Artikel 37.
Wanneer aan het Algemeen bestuur blijkt dat de raad van een deelnemende gemeente niet voldoet of zal voldoen aan het gestelde in artikel 34, doet het Algemeen bestuur aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot overeenkomstige toepassing van artikel 194 van de Gemeentewet. Financiële gegoedheid Artikel 38.
Jaarverslag Artikel 36 1. Uiterlijk 1 juli van elk jaar stelt het Algemeen bestuur een verslag vast omtrent de werkzaamheden van Blink in het daaraan voorafgaande kalenderjaar. 2. Het Algemeen bestuur zendt het jaarverslag zo spoedig mogelijk daarna toe aan gedeputeerde staten en aan de deelnemende gemeenten. 3. Het jaarverslag bevat de hoofdlijnen van de op het betreffende verslagjaar betrekking hebbende rekening en voldoet aan de vereisten voor een beredeneerd jaarverslag. 4. Het Algemeen bestuur neemt het initiatief tot het toelichten van het jaarverslag in een bijeenkomst aan de raden van de deelnemende gemeenten.
In lid 2 van dit artikel van de oude tekst wordt met deelnemers verwezen naar de deelnemende gemeenten en PreZero. Vanwege de ontvlechting tussen PreZero en Blink is er alleen nog sprake van deelnemende gemeenten in de herziening van de GR tekst. Daarom is deelnemers veranderd naar deelnemende gemeenten.
Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
Financiële gegoedheid Artikel 38.
In lid 3 van dit artikel van de oude tekst wordt met deelnemers
1. De deelnemende gemeenten zullen er steeds zorg voor dragen dat het openbaar lichaam te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan alle verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. 2. Indien aan het Algemeen bestuur van het openbaar lichaam blijkt dat een deelnemer weigert deze uitgaven op de begroting te zetten, doet het Algemeen bestuur onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 Gemeentewet. 3. De deelnemers verbinden zich in geval van opheffing van het openbaar lichaam een liquidatieplan op te stellen dat voorziet in de verplichting van de deelnemers alle rechten en verplichtingen van het openbaar lichaam over de deelnemers te verdelen op een in het plan te bepalen wijze. Financiële voorschriften Artikel 39. 1. Het Algemeen bestuur stelt bij verordening de uitgangspunten vast voor het financieel beleid alsmede het financieel beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie. Deze verordening waarborgt dat aan de eisen van rechtmatigheid, verantwoording en controle wordt voldaan. De artikelen 212 en 213 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing. 2. Deze verordening als bedoeld in het eerste lid bevat in elk geval regels over: a. waardering en afschrijving van activa; b.
algemene doelstellingen en te hanteren richtlijnen en limieten van de financieringsfunctie, alsmede de administratieve organisatie van de financieringsfunctie, daaronder begrepen taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening. 3. Het Algemeen bestuur stelt bij verordening regels vast voor de controle op het financieel beheer en op de inrichting van de financiële organisatie. Deze verordening waarborgt dat de rechtmatigheid van het financieel beheer en de inrichting van de financiële organisatie wordt getoetst.
1. De deelnemende gemeenten zullen er steeds zorg voor dragen dat het openbaar lichaam te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan alle verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. 2. Indien aan het Algemeen bestuur van het openbaar lichaam blijkt dat een deelnemer weigert deze uitgaven op de begroting te zetten, doet het Algemeen bestuur onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 Gemeentewet. 3. De deelnemende gemeenten verbinden zich in geval van opheffing van het openbaar lichaam een liquidatieplan op te stellen dat voorziet in de verplichting van de deelnemende gemeenten alle rechten en verplichtingen van het openbaar lichaam over de deelnemende gemeenten te verdelen op een in het plan te bepalen wijze. Zie oude GR tekst
verwezen naar de deelnemende gemeenten en PreZero. Vanwege de ontvlechting tussen PreZero en Blink is er alleen nog sprake van deelnemende gemeenten in de herziening van de GR tekst. Daarom is deelnemers veranderd naar deelnemende gemeenten.
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
4. Het Algemeen bestuur wijst de accountant aan die belast wordt met de controle op de in artikel 35 genoemde jaarrekening. 5. De accountant zendt de accountantsverklaring en een verslag van bevindingen aan het Algemeen bestuur. 6. De verordeningen als bedoeld in het eerste en derde lid van dit artikel worden na vaststelling gezonden aan gedeputeerde staten en aan de colleges. 7. Het openbaar lichaam verzekert zich tenminste tegen: a. burgerrechtelijke aansprakelijkheid voor schade aan personen en goederen; b wettelijke aansprakelijkheid voor vermogensschade. c. Als de verzekering een voor rekening van het openbaar lichaam komende schade niet dekt wordt deze gedragen door het openbaar lichaam.
Hoofdstuk XIII (Archief) Oude GR tekst
Herziening GR tekst
Toelichting
Archiefbescheiden. Artikel 40. 1. Het Dagelijks bestuur is belast met de zorg voor de archiefbescheiden van de organen van het openbaar lichaam. Dit overeenkomstig een door het Algemeen bestuur, met inachtneming van artikel 40 van de Archiefwet, vast te stellen regeling, de Archiefverordening, die aan gedeputeerde staten moet worden medegedeeld. 2. Het Dagelijks bestuur is tevens belast met de zorg voor de archiefbescheiden die worden gevormd krachtens de aan het openbaar lichaam gedelegeerde taken. 3. Voor de door deelnemende gemeenten gemandateerde taken berust de zorg voor de desbetreffende archiefbescheiden bij deze gemeenten. 4. Met het toezicht op de bewaring en het beheer van de archiefbescheiden van de gemandateerde taken is belast de archivaris van de deelnemende gemeente(n). 5. Met het toezicht op de bewaring en het beheer van de archiefbescheiden van het openbaar lichaam is
Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
belast de streekarchivaris van het RHCe. 6. Bij opheffing van de gemeenschappelijke regeling wordt ten aanzien van de archiefbescheiden een voorziening getroffen conform artikel 4 lid 1 van de Archiefwet . Archiefbewaarplaats Artikel 41. 1. Voor de bewaring van de op grond van artikel 12, eerste lid en artikel 13 van de Archiefwet over te brengen archiefbescheiden van de gemandateerde taken is aangewezen de archiefbewaarplaats van de deelnemende gemeente(n). 2. Voor de bewaring van de op grond van artikel 12, eerste lid en artikel 13 van de Archiefwet over te brengen archiefbescheiden van het openbaar lichaam is aangewezen de archiefbewaarplaats van het RHCe. Ter beschikkingstelling archiefbescheiden Artikel 42. 1. De archiefbescheiden betreffende zaken welke op het moment van inwerkingtreding van deze regeling nog niet zijn afgedaan, worden ter beschikking gesteld aan het openbaar lichaam, dat deze zaken zal afdoen. 2. De archiefbescheiden betreffende zaken welke op het moment van inwerkingtreding van deze regeling reeds zijn afgedaan, blijven tot hun overbrenging naar de archiefbewaarplaats berusten onder het archiefvormend overheidsorgaan dat deze zaken heeft afgedaan. Indien noodzakelijk voor de taakuitvoering van het openbaar lichaam worden zij ter beschikking gesteld. 3.
Terbeschikkingstelling geschiedt voor 5 jaar en kan, met telkens een aaneengesloten periode van maximaal 5 jaar, worden verlengd tot ten hoogste 20 jaar. 4. Van de terbeschikkingstelling wordt een verklaring opgemaakt, die ten minste bevat een specificatie van de terbeschikkinggestelde archiefbescheiden. Een exemplaar van deze verklaring wordt bewaard door het overheidsorgaan waaronder de archiefbescheiden zouden berusten, indien zij niet ter beschikking
Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
waren gesteld. 5. Het openbaar lichaam, dat de archiefbescheiden tot zijn beschikking krijgt, brengt slechts wijzigingen aan in de staat van ordening en toegankelijkheid van en vernietigt slechts uit de bescheiden na machtiging door het ter beschikking stellende overheidsorgaan. 6. De kosten van het beheer van de terbeschikkinggestelde archiefbescheiden komen ten laste van het openbaar lichaam, dat de archiefbescheiden ter beschikking heeft gekregen. De zorgdrager voor de archiefbescheiden van het overheidsorgaan dat de archiefbescheiden ter beschikking heeft gesteld, blijft in alle andere aangelegenheden de zorgdrager voor de archiefbescheiden. 7. Indien de ordening van de in het tweede lid bedoelde archiefbescheiden zich verzet tegen terbeschikkingstelling, is het openbaar lichaam te allen tijde bevoegd inzage te nemen van die archiefbescheiden dan wel daarvan of daaruit reproducties, afschriften of uittreksels te vorderen. 8. Ten aanzien van de terbeschikkingstelling gelden de volgende nadere voorwaarden: a. De ter beschikking gestelde archiefbescheiden worden door het openbaar lichaam in goede, geordende en toegankelijke staat bewaard; b. Uitlening van terbeschikkinggestelde archiefbescheiden is slechts toegestaan aan functionarissen binnen het openbaar lichaam die ambtelijk zijn belast met behandeling van een aangelegenheid waarvoor uitlening noodzakelijk is.
Hoofdstuk XIV (Evaluatie) Oude GR tekst
Herziening GR tekst
Toelichting
Evaluatie Artikel 43. 1. Blink zal periodiek een cyclisch evaluatieonderzoek doen uitvoeren. De daaruit voortvloeiende rapportage zal tezamen met een voorstel omtrent de wenselijkheid van
Evaluatie Artikel 43. 1. Blink zal periodiek een cyclisch evaluatieonderzoek doen uitvoeren. De daaruit voortvloeiende rapportage zal tezamen met een voorstel omtrent de wenselijkheid van voortzetting van de regeling op
In lid 1 en 2 van dit artikel van de oude tekst wordt met deelnemers verwezen naar de deelnemende gemeenten en PreZero. Vanwege de ontvlechting tussen PreZero en Blink is er alleen nog sprake van deelnemende gemeenten in de
voortzetting van de regeling op een zodanig tijdstip aan de deelnemers toegezonden worden, dat zij uiterlijk op 1 juli 2018 en vervolgens steeds uiterlijk op 1 juli na het verstrijken van een periode van drie jaar over de rapportage van het onderzoek met voorstel zullen beschikken. Het evaluatieonderzoek bevat in ieder geval een onderzoek naar de prijs - kwaliteitsverhouding van de door Blink verrichte diensten alsmede onderzoek naar het juridisch functioneren (o.a. aanbestedingsrechtelijk, milieurechtelijk, arbeidsrechtelijk). 2. De deelnemers aan deze regeling zullen uiterlijk op 1 januari 2019 en vervolgens uiterlijk op 1 januari volgend op het jaar waarin de opvolgende driejaarsevaluatierapportage als bedoeld in het eerste lid beslissen of de evaluatie voor hen aanleiding is om uit te treden. 3. Het algemeen bestuur wordt per aangetekende brief van een beslissing tot uittreding in kennis gesteld vóór de 1 januari data als bedoeld in het tweede lid.
een zodanig tijdstip aan de deelnemende gemeenten toegezonden worden, dat zij uiterlijk op 1 juli 2018 en vervolgens steeds uiterlijk op 1 juli na het verstrijken van een periode van drie jaar over de rapportage van het onderzoek met voorstel zullen beschikken. Het evaluatieonderzoek bevat in ieder geval een onderzoek naar de prijs - kwaliteitsverhouding van de door Blink verrichte diensten alsmede onderzoek naar het juridisch functioneren (o.a. aanbestedingsrechtelijk, milieurechtelijk, arbeidsrechtelijk). 2. De deelnemende gemeenten aan deze regeling zullen uiterlijk op 1 januari 2019 en vervolgens uiterlijk op 1 januari volgend op het jaar waarin de opvolgende driejaarsevaluatierapportage als bedoeld in het eerste lid beslissen of de evaluatie voor hen aanleiding is om uit te treden. 3. Het algemeen bestuur wordt per aangetekende brief van een beslissing tot uittreding in kennis gesteld vóór de 1 januari data als bedoeld in het tweede lid.
herziening van de GR tekst. Daarom is deelnemers veranderd naar deelnemende gemeenten.
Hoofdstuk XV (Toetreding, uittreding, wijziging, opheffing) Oude GR tekst
Herziening GR tekst
Toelichting
Toetreding Artikel 44. 1. Omtrent een voorstel tot toetreding tot de regeling wordt op basis van unanimiteit beslist door het Algemeen bestuur. Toetreding kan plaatsvinden op schriftelijk verzoek van het college van burgemeester en wethouders na verkregen toestemming van de gemeenteraad van die gemeente. 2. Het Algemeen bestuur regelt de gevolgen van de toetreding en kan hier nadere voorwaarden aan verbinden. 3. Toetreding vindt plaats met ingang van 1 januari van het jaar volgende op dat waarin de voor toetreding noodzakelijke wijziging van de regeling in werking is getreden, het college van de toetredende gemeente daartoe heeft besloten en voldoet aan de eventueel door het Algemeen bestuur aan de toetreding verbonden voorwaarden. 4. Op verzoek van het college van de toetredende gemeente kan het Algemeen bestuur met inachtneming
Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
van het bepaalde in het derde lid besluiten dat de toetreding gebeurt op een andere datum. Uittreding Artikel 45. 1. Uittreding van een aan de regeling deelnemende gemeente vereist onder meer toezending van het daartoe strekkende besluit van het college van burgemeester en wethouders na verkregen toestemming van de gemeenteraad van die gemeente aan het Algemeen bestuur van Blink. 2. Uittreding door PREZERO heeft tot gevolg dat de regeling wordt opgeheven. De gevolgen van deze opheffing staan vermeld in artikel 47. 3. Tussentijds uittreden uit de regeling kan alleen per 1 januari van elk kalenderjaar. Bij het besluit tot uittreding dient een opzegtermijn van minstens één jaar in acht genomen te worden. 4. Tussentijdse uittreding door de deelnemende gemeenten en PREZERO, anders dan naar aanleiding van de periodieke evaluatie bedoeld in artikel 43 tweede lid, dient gebaseerd te zijn op gronden ontleend aan ernstige schending van het algemeen belang, zoals bij voorbeeld doch niet uitsluitend faillissement van PREZERO, ontwrichting van de dienstverlening door Blink, financiële wanorde binnen Blink, overtreding milieuregelgeving door Blink of een ingesteld strafrechtelijk opsporingsonderzoek jegens Blink en/of de bestuurders daarvan uitmondend in vervolging door het openbaar ministerie .
5 Het Algemeen bestuur regelt, na overleg met de betrokken deelnemende gemeente, de financiële verplichtingen, alsmede de overige gevolgen van de uittreding. 6. Voor tussentijdse uittreding door een deelnemende gemeente, anders dan naar aanleiding van de periodieke evaluatie als bedoeld in artikel 43, is toestemming van het Algemeen bestuur vereist. Toestemming wordt alleen verleend wegens ernstige redenen, die maken dat voortgezette deelname aan de regeling redelijkerwijze niet kan worden gevergd, een en ander
Uittreding Artikel 45. 1. Uittreding van een aan de regeling deelnemende gemeente vereist onder meer toezending van het daartoe strekkende besluit van het college van burgemeester en wethouders na verkregen toestemming van de gemeenteraad van die gemeente aan het Algemeen bestuur van Blink. 2. Tussentijds uittreden uit de regeling kan alleen per 1 januari van elk kalenderjaar. Bij het besluit tot uittreding dient een opzegtermijn van minstens één jaar in acht genomen te worden. 3. Tussentijdse uittreding door de deelnemende gemeenten, anders dan naar aanleiding van de periodieke evaluatie bedoeld in artikel 43 tweede lid, dient gebaseerd te zijn op gronden ontleend aan ernstige schending van het algemeen belang, zoals bij voorbeeld doch niet uitsluitend, ontwrichting van de dienstverlening door Blink, financiële wanorde binnen Blink, overtreding milieuregelgeving door Blink of een ingesteld strafrechtelijk opsporingsonderzoek jegens Blink en/of de bestuurders daarvan uitmondend in vervolging door het openbaar ministerie . 5 Het Algemeen bestuur regelt, na overleg met de betrokken deelnemende gemeente, de financiële verplichtingen, alsmede de overige gevolgen van de uittreding. 6. Voor tussentijdse uittreding door een deelnemende gemeente, anders dan naar aanleiding van de periodieke evaluatie als bedoeld in artikel 43, is toestemming van het Algemeen bestuur vereist.
Toestemming wordt alleen verleend wegens ernstige redenen, die maken dat voortgezette deelname aan de regeling redelijkerwijze niet kan worden gevergd, een en ander onverminderd de plicht tot betaling van eventuele schadevergoeding verband houdend met de tussentijdse uittreding. 7. De tussentijds uittredende gemeente kan geen recht doen gelden op de overdracht van enig eigendom van Blink.
In lid 2 en 4 is PreZero verwijderd vanwege de ontvlechting tussen Blink en PreZero. Vervolgens is de nummering aangepast.
onverminderd de plicht tot betaling van eventuele schadevergoeding verband houdend met de tussentijdse uittreding. 7. De tussentijds uittredende gemeente kan geen recht doen gelden op de overdracht van enig eigendom van Blink. Wijziging Artikel 46. 1. Een voorstel tot wijziging van deze gemeenschappelijke regeling kan worden gedaan door het Algemeen bestuur, door de colleges van ten minste twee van de deelnemende gemeenten of door PREZERO. 2. De gemeenschappelijke regeling wordt gewijzigd indien het bevoegd orgaan van PREZERO en de colleges van de deelnemende gemeenten daartoe, met toestemming van de raden, eensluidend besluiten. Opheffing Artikel 47. 1. De regeling wordt opgeheven in geval van artikel 45 tweede lid en wanneer het Algemeen bestuur daartoe, na schriftelijke instemming van de colleges van burgemeester en wethouders op basis van verkregen toestemming van de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten, unaniem besluit. 2. Het algemeen bestuur stelt een liquidatieplan op dat voorziet in afwikkeling van alle financiële, organisatorische en personele gevolgen. Het liquidatieplan wordt unaniem vastgesteld door het Algemeen bestuur nadat het de deelnemers omtrent het plan heeft gehoord. Indien een voorstel voor een liquidatieplan niet unaniem wordt aanvaard door het Algemeen bestuur wordt het geacht te zijn verworpen. 3.
Bij de opheffing van de regeling neemt het Algemeen bestuur de maatregelen die nodig zijn voor liquidatie en vereffening met voor zover mogelijk overeenkomstige toepassing van het bepaalde in de artikelen 2:23 e.v. van het Burgerlijk Wetboek. Een eventueel negatief of positief saldo wordt aan de deelnemers toegerekend dan wel toebedeeld in de verhouding van de gemiddelde bijdragen van de
Wijziging Artikel 46. 1. Een voorstel tot wijziging van deze gemeenschappelijke regeling kan worden gedaan door het Algemeen bestuur, door de colleges van ten minste twee van de deelnemende gemeenten. 2. De gemeenschappelijke regeling wordt gewijzigd indien de colleges van de deelnemende gemeenten daartoe, met toestemming van de raden, eensluidend besluiten.
PreZero is in lid 1 en 2 verwijderd vanwege de ontvlechting tussen Blink en PreZero.
Opheffing Artikel 47. 1. De regeling wordt opgeheven in geval van artikel 45 tweede lid en wanneer het Algemeen bestuur daartoe, na schriftelijke instemming van de colleges van burgemeester en wethouders op basis van verkregen toestemming van de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten, unaniem besluit. 2. Het algemeen bestuur stelt een liquidatieplan op dat voorziet in afwikkeling van alle financiële, organisatorische en personele gevolgen. Het liquidatieplan wordt unaniem vastgesteld door het Algemeen bestuur nadat het de deelnemende gemeenten omtrent het plan heeft gehoord. Indien een voorstel voor een liquidatieplan niet unaniem wordt aanvaard door het Algemeen bestuur wordt het geacht te zijn verworpen. 3. Bij de opheffing van de regeling neemt het Algemeen bestuur de maatregelen die nodig zijn voor liquidatie en vereffening met voor zover mogelijk overeenkomstige toepassing van het bepaalde in de artikelen 2:23 e.v. van het Burgerlijk Wetboek. Een eventueel negatief of positief saldo wordt aan de deelnemende gemeenten toegerekend dan wel toebedeeld in de verhouding van de gemiddelde bijdragen van de deelnemende
In lid 2, 3 en 4 van dit artikel van de oude tekst wordt met deelnemers verwezen naar de deelnemende gemeenten en PreZero. Vanwege de ontvlechting tussen PreZero en Blink is er alleen nog sprake van deelnemende gemeenten in de herziening van de GR tekst. Daarom is deelnemers veranderd naar deelnemende gemeenten. Daarnaast is PreZero uit lid 7 verwijderd vanwege de ontvlechting tussen Blink en PreZero.
deelnemers in de laatste drie jaar voor de vereffening. 4. De deelnemers nemen bij liquidatie al het door hen ingebrachte personeel en materieel terug van het openbaar lichaam. 5. De deelnemende gemeenten verplichten zich in geval van een toekomstige liquidatie, elk naar rato van het budgettair beslag, tot een uiterste inspanning om het personeel Blink in te schakelen bij een nieuwe inzamelings- en reinigingsorganisatie. 6. De liquidatie heeft plaats door het alsdan fungerende Algemeen bestuur, dat na het tijdstip van opheffing van de regeling formeel in functie blijft, totdat de liquidatie is voltooid. 7. De opheffing gaat niet eerder in dan met ingang van de dag volgende op die waarop het opheffingsbesluit door de deelnemende gemeenten en PREZERO is bekendgemaakt.
gemeenten in de laatste drie jaar voor de vereffening. 4. De deelnemende gemeenten nemen bij liquidatie al het door hen ingebrachte personeel en materieel terug van het openbaar lichaam. 5. De deelnemende gemeenten verplichten zich in geval van een toekomstige liquidatie, elk naar rato van het budgettair beslag, tot een uiterste inspanning om het personeel Blink in te schakelen bij een nieuwe inzamelings- en reinigingsorganisatie. 6. De liquidatie heeft plaats door het alsdan fungerende Algemeen bestuur, dat na het tijdstip van opheffing van de regeling formeel in functie blijft, totdat de liquidatie is voltooid. 7. De opheffing gaat niet eerder in dan met ingang van de dag volgende op die waarop het opheffingsbesluit door de deelnemende gemeenten is bekendgemaakt.
Hoofdstuk XVI (Geschillen, klachten) Oude GR tekst
Herziening GR tekst
Toelichting
Geschillen. Artikel 48. 1. Voordat over een geschil, als bedoeld in artikel 28 van de wet, de beslissing van gedeputeerde staten wordt ingeroepen, legt het Algemeen bestuur het geschil voor aan een geschillencommissie. 2. De commissie, genoemd in lid 1 wordt als volgt samengesteld: a. één lid aan te wijzen door de colleges van de deelnemende gemeenten die in geschil zijn; b. één lid, aan te wijzen door het Algemeen bestuur; c. één lid, aan te wijzen door de leden, bedoeld onder a. en b., met dien verstande, dat bij het ontbreken van overeenstemming tussen hen gedeputeerde staten dat lid aanwijzen. 3. De geschillencommissie hoort de bij het geschil betrokken besturen. 4. De geschillencommissie brengt advies uit over de mogelijkheden partijen tot overeenstemming te brengen. Klachten Artikel 49. Voor de behandeling van klachten als bedoeld in titel 9.1 van de Algemene wet bestuursrecht, wordt door het
Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
Algemeen bestuur een voorziening getroffen.
Hoofdstuk XVII (Overgangs- en slotbepalingen) Oude GR tekst
Herziening GR tekst
Toelichting
Samenstelling bestuursorganen Artikel 50. 1. Zolang niet is voorzien in de samenstelling van de bestuursorganen als genoemd in artikel 6 van de regeling treden als zodanig op de bestuursorganen van het openbaar lichaam, zoals die bestonden vóór de inwerkingtreding van wijziging van de regeling. 2. In afwijking van het gestelde in artikel 7 derde lid van de regeling is de zittingsduur van de leden van het Algemeen bestuur beperkt tot de periode gelegen tussen de wijziging van de regeling en het tijdstip van het aftreden van de raad van de betreffende gemeente gekozen voor de periode 2014-2018. Inwerkingtreding Artikel 51. 1. Deze regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd en treedt in werking met ingang van een door het Algemeen bestuur te bepalen datum met in achtneming van het bepaalde in artikel 44. 2. De bekendmaking van deze regeling geschiedt door het college van de gemeente Helmond. Toezending Artikel 52. De bij de wet voorgeschreven toezending van deze regeling aan gedeputeerde staten geschiedt door het college van de gemeente Helmond. Aanhaling Artikel 53. Deze regeling kan worden aangehaald als “Gemeenschappelijke regeling Blink 2022”
Samenstelling bestuursorganen Artikel 50. 1. Zolang niet is voorzien in de samenstelling van de bestuursorganen als genoemd in artikel 6 van de regeling treden als zodanig op de bestuursorganen van het openbaar lichaam, zoals die bestonden vóór de inwerkingtreding van wijziging van de regeling. 2. In afwijking van het gestelde in artikel 7 derde lid van de regeling is de zittingsduur van de leden van het Algemeen bestuur beperkt tot de periode gelegen tussen de wijziging van de regeling en het tijdstip van het aftreden van de raad van de betreffende gemeente.
De benoemde periode is niet meer van toepassing in de herziening van de GR tekst.
Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
Zie oude GR tekst
De oude GR tekst is nog steeds van toepassing.
Aanhaling Artikel 53. Deze regeling kan worden aangehaald als “Gemeenschappelijke regeling Blink 2025”
De herziening van de tekst gaat vanaf 1 januari 2025 in.
Oude GR tekst
Herziening GR tekst
Toelichting
Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen voorafgaande toestemming van de gemeenteraad van Asten <datum> Burgemeester en wethouders van Asten, De burgemeester de secretaris
Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen voorafgaande toestemming van de gemeenteraad van Asten <datum> Burgemeester en wethouders van Asten, De burgemeester de secretaris
Handtekening van PreZero is verwijderd vanwege de ontvlechting tussen Blink en PreZero.
Handtekeningen
Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Deurne d.d. <datum>. Burgemeester en wethouders van Deurne De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum. Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Gemert-Bakel d.d.<datum> Burgemeester en wethouders van Gemert-Bakel De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Heeze-Leende <datum> Burgemeester en wethouders van Heeze-Leende De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Helmond <datum> Burgemeester en wethouders van Helmond De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Laarbeek d.d. <datum> Burgemeester en wethouders van Laarbeek De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Nuenen c.a. d.d. <datum> Burgemeester en wethouders van Nuenen c.a. De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Someren d.d. <datum> Burgemeester en wethouders van Someren De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum>
Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Deurne d.d. <datum>. Burgemeester en wethouders van Deurne De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum. Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Gemert-Bakel d.d.<datum> Burgemeester en wethouders van Gemert-Bakel De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Heeze-Leende <datum> Burgemeester en wethouders van Heeze-Leende De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Helmond <datum> Burgemeester en wethouders van Helmond De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Laarbeek d.d. <datum> Burgemeester en wethouders van Laarbeek De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Nuenen c.a. d.d. <datum> Burgemeester en wethouders van Nuenen c.a. De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Someren d.d.
<datum> Burgemeester en wethouders van Someren De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld in zijn vergadering van <datum> Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Son en Breugel d.d. <datum> Burgemeester en wethouders van Son en Breugel De burgemeester de secretaris
Na verkregen toestemming van de gemeenteraad van Son en Breugel d.d. <datum> Burgemeester en wethouders van Son en Breugel De burgemeester de secretaris Aldus vastgesteld op <datum> De directie van PREZERO gemeentelijke Dienstverlening B.V De directeur