RN 001 Bijlage 2 Niet overgenomen bepalingen uit de Modelverordening van de VNG
Tekst van het document
Niet overgenomen bepalingen uit de Modelverordening van de VNG
Artikel 2. Vergoeding voor de werkzaamheden van raadsleden Van de vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, wordt [percentage (maximaal 20%)] uitgekeerd op basis van het aantal bijgewoonde raadsvergaderingen afgezet tegen het aantal gehouden vergaderingen. Dit facultatieve artikel dient om spookraadlidmaatschappen tegen te gaan. Bij de bespreking van de conceptverordening uit 2019 werd deze bepaling niet wenselijk geacht. De bepaling is door de gemeenteraad niet overgenomen. De Raadsgriffie adviseert om de bepaling niet op te nemen, omdat het niet speelt en wel administratieve lasten met zich meebrengt. Het kan altijd alsnog toegevoegd worden.
Artikel 6. Loopbaanoriëntatie raadsleden 1. Een raadslid van een gemeente die kosten maakt om zich tijdens het ambt te oriënteren op zijn verdere loopbaan of mobiliteit bevorderende activiteiten ontplooit, als bedoeld in artikel 3.1.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, worden ten laste van de gemeente vergoed. 2. Geen vergoeding, als bedoeld in het eerste lid, wordt toegekend indien: a. de prijs/kwaliteitverhouding van de desbetreffende loopbaanoriëntatie of mobiliteit bevorderende activiteit onredelijk is; b. die loopbaanoriëntatie of mobiliteit bevorderende activiteit kan worden aangemerkt als een sollicitatieactiviteit of c. de kosten ervan reeds uit anderen hoofde voor vergoeding in aanmerking komen. De grondslag voor deze regeling is nog niet ingevoerd voor alle volksvertegenwoordigers, maar alleen voor raadsleden van gemeenten groter dan 100.000 inwoners (artikel 3.1.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers). Kan dus nu nog niet toegevoegd worden.
Artikel 8. Verhoging vergoeding commissieleden (niet-raadsleden) voor het bijwonen van commissievergaderingen i.v.m. bijzondere deskundigheid of zwaarte taak Een commissielid wordt een vergoeding toegekend van [percentage (bijvoorbeeld 110%)] van de vergoeding waarop hij overeenkomstig artikel 3.4.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers aanspraak op maakt als: a. het commissielid op grond van zijn bijzondere beroepsmatige deskundigheid op het taakgebied van de commissie is aangetrokken en/of b. het commissielid een vergoeding ontvangt die niet geacht kan worden in een redelijke verhouding te staan tot de zwaarte van zijn taak en/of de omvang van de door hem te verrichten arbeid. In bepaalde gevallen, zoals bij bijzondere deskundigheid en/of zwaarte van de taak in de commissie, is het mogelijk om een hoger bedrag aan vergoeding per vergadering toe te kennen dan bepaald in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Dit facultatieve artikel leidt tot arbitraire afwegingen. Bij de bespreking van de conceptverordening uit 2019 is deze bepaling door de gemeenteraad niet overgenomen. De Raadsgriffie adviseert de bepaling niet op te nemen.