Rapport Veteranenombudsman - Gemeente ken uw veteraan (002)
Tekst van het document
Gemeente, ken uw veteraan! Een onderzoek naar de rol van gemeenten bij de uitvoering van de Veteranenwet
Rapportnummer: 2023/079
|
Datum: 19 juni 2023
Onderzoeksteam Niniek de Vogel, projectleider Sander Wisse, onderzoeker
Tekstopmaak Xerox/OBT Datum: Rapportnr:
19 juni 2023 2023/079
Gemeente, ken uw veteraan!
2
Inhoudsopgave Inleiding4 Opzet en start onderzoek
6
Vastgestelde knelpunten en aandachtspunten
12
Oplossingsrichtingen15 Conclusies
16
Aanbevelingen
17
Hoe nu verder?
18
Gemeente, ken uw veteraan!
3
Inleiding Aanleiding voor het onderzoek De Veteranenombudsman ontvangt met enige regelmaat signalen en klachten van veteranen die hun onvrede uiten over het (niet) handelen van hun gemeente wanneer zij zich met een (hulp)vraag melden. Zij geven aan dat hun gemeente onvoldoende kennis heeft van wat een veteraan is en wat deze nodig kan hebben. Of dat hun gemeente daar onvoldoende oog voor heeft. Zij noemen bijvoorbeeld het ontbreken van een lokale Veteranendag of het niet financieel steunen van initiatieven als een veteranen inloophuis. Ook ontvangt de ombudsman klachten van veteranen met een dienstgerelateerde aandoening. Dat is een fysieke of psychische aandoening die het gevolg is van een gebeurtenis tijdens de uitvoering van werkzaamheden als militair. Daardoor kunnen zij te maken krijgen met bijvoorbeeld schulden, verlies van werk, inkomen of woning, of de kosten voor kinderopvang. Problemen waarbij zij voor hulp bij hun gemeente aankloppen, maar daarbij soms aanlopen tegen onbekendheid met of onbegrip voor hun specifieke situatie als veteraan.
Veteranenwet en definitie veteraan In 2012 is de Veteranenwet aangenomen. In 2014, op de tiende Nederlandse Veteranendag, werd deze wet feitelijk van kracht. De Veteranenwet biedt een wettelijke basis voor de erkenning en waardering én de bijzondere zorgplicht van de Nederlandse overheid voor veteranen. Op grond van de Veteranenwet artikel 1c. vallen de volgende personen onder de definitie veteraan: “de militair, de gewezen militair, of de gewezen dienstplichtige, van de Nederlandse krijgsmacht, dan wel van het Koninklijk Nederlandsch Indisch Leger, alsmede degene die behoorde tot het vaarplichtig koopvaardijpersoneel, die het Koninkrijk der Nederlanden heeft gediend onder oorlogsomstandigheden dan wel heeft deelgenomen aan een missie ter handhaving of bevordering van de internationale rechtsorde voor zover deze missie bij regeling van Onze Minister is aangewezen”. Aan militairen kunnen eisen worden gesteld die in andere arbeidsorganisaties in mindere mate of niet voorkomen. De militair is verplicht om opgedragen taken uit te voeren en dat kan betekenen dat er onder risicovolle omstandigheden moet worden opgetreden, waar dan ook ter wereld. Weigering is een reden voor ontslag en kan zelfs als strafbaar feit worden gezien. Daar dient een bijzondere zorgplicht van de overheid tegenover te staan1.
De bijlage van de jaarlijkse Veteranennota van de minister van Defensie vermeldt de missies met toegekende veteranenstatus. In 2023 zijn er in Nederland 102.150 veteranen. Van dit aantal zijn 76.900 veteranen postactief (niet meer in dienst van Defensie), en 25.250 veteranen in werkelijke dienst.2 Deze veteranen zijn behalve (oud-)militair ook burger en wonen in gemeenten in heel Nederland.
Bijzondere verantwoordelijkheid overheid De verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de Veteranenwet beperkt zich niet tot de Rijksoverheid of het ministerie van Defensie, als (voormalig) werkgever. Ook lokale overheden als gemeenten hebben daarin een rol: “De veteraan heeft recht op de in deze wet voorgestelde regelingen vanwege zijn bijzondere status die hij als militair heeft of heeft gehad en de bijzondere verantwoordelijkheid van de overheid in zijn geheel, voor het welzijn van de veteraan die hieruit voortvloeit.”3 De signalen en klachten die de Veteranenombudsman ontving, roepen de vraag op in hoeverre gemeenten bekend zijn met de Veteranenwet. En voor gemeenten die weten van het bestaan
1
Memorie van Toelichting bij Veteranenwet, 20 juni 2011
2
Informatie Nederlands Veteraneninstituut, cijfers 2023
3
Veteranennota 2020-2021, blz. 4
Gemeente, ken uw veteraan!
4
van de Veteranenwet, lijkt niet altijd duidelijk te zijn wat van hen op dit vlak wordt verwacht en welke mogelijkheden een gemeente heeft om invulling te geven aan die rol.
“In het eerste kwartaal van 2022 kreeg ik een MIP4 toegewezen. Aangezien mijn partner en ik een bijstandsuitkering genieten werd de gemeente hierover ingelicht. Tot zover een normale procedure. Hierna volgde echter een zeer respectloze en uiterst kwetsende behandeling vanuit de gemeente. Het voelde voor mij aan alsof ik een crimineel was die inkomsten zou verzwijgen en omdat de gemeente niet op de hoogte was van een MIP hielden zij maandenlang ons vakantiegeld vast.” (veteraan)
In het recent verschenen rapport “Burger in zicht!”5 van de Nationale ombudsman komt naar voren dat het doorlopen van een aanvraag op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) bij de gemeente voor de burger lang niet altijd een eenvoudige procedure is. Voor veteranen die te kampen hebben met complexe psychische problemen zal er wellicht nog een grotere drempel zijn om dit traject in te gaan.
“Vanwege de PTSS willen we al een paar jaar een invalideparkeerkaart aanvragen. Gezien de hele houding van de gemeente, durven we het niet aan deze aan te vragen omdat bij afwijzing het ons heel veel geld gaat kosten.” (veteraan)
De Veteranenombudsman is daarom een onderzoek gestart om in kaart te brengen wat deze verantwoordelijkheid inhoudt, of gemeenten daarbij knelpunten ervaren en zo ja, om mogelijke oplossingsrichtingen te verkennen. Het is voor gemeenten van belang te weten wat erkenning, waardering en bijzondere zorgplicht voor veteranen betekent. De Veteranenombudsman gelooft dat het perspectief van veteranen geborgd moet worden in alles wat de overheid doet, dus ook de lokale overheid.
4
Het Militair Invaliditeitspensioen is een maandelijkse invaliditeitsuitkering voor gewonde militairen en wordt betaald door het ABP.
5
Burger in Zicht! Rapport 2023/041
Gemeente, ken uw veteraan!
5
Opzet en start onderzoek Om een beeld te krijgen in hoeverre gemeenten op de hoogte zijn van het bestaan van de Veteranenwet en hoe dit onderwerp leeft onder die gemeenten, is in december 2022 aan veertien gemeenten een korte vragenlijst gestuurd. Dit betrof twee grote, vier middelgrote, en acht kleine gemeenten, geografisch verspreid over Nederland. Daarin werden zij gevraagd naar hun kennis van de Veteranenwet, hoe zij daar invulling aan geven en met welke instanties zij contact hebben over veteraan-gerelateerde onderwerpen. Van twaalf gemeenten werd een reactie ontvangen. Ook het Nederlands Veteraneninstituut (NLVi), het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), het ministerie van Defensie (Defensie) en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) ontvingen een brief met vragen. Verder zijn er gesprekken gevoerd met een aantal stakeholders. Er is onder meer gesproken met veteranen en vertegenwoordigers van veteranenverenigingen, een vertegenwoordiger van het NLVi, gemeenten en de voorzitter van koepelorganisatie Veteranen Ontmoetingscentra (VOC). Ten slotte heeft de Veteranenombudsman op social media een oproep geplaatst en aan veteranen gevraagd om ervaringen met hun gemeente aan de ombudsman te laten weten.
Reacties van gemeenten op de vragenlijst Bekendheid met de Veteranenwet Aan gemeenten werd allereerst gevraagd of zij op de hoogte zijn van het bestaan van de Veteranenwet en de taken en verantwoordelijkheden die daaruit voortvloeien voor gemeenten. Twee gemeenten gaven aan dat zij niet op de hoogte zijn van deze wet. De andere gemeenten lieten weten wel op de hoogte te zijn maar de mate waarin verschilt sterk. Sommige gemeenten lichtten toe op welke manieren zij actief invulling geven aan de wet. Andere gemeenten stelden behoefte te hebben aan meer informatie en een concreet kader, ook omdat in de Veteranenwet de verantwoordelijkheid van gemeenten niet expliciet is benoemd. Eén gemeente merkte op dat uit deze wet geen (formele) taken voor gemeenten voortvloeien. Het zijn volgens deze gemeente suggesties en wensen die het Rijk gemeenten toebedacht heeft. Als er sprake zou zijn van taken zou er immers ook geld voor activiteiten en personeel zijn meegekomen met de wet, zo luidde de reactie. Zicht op het aantal veteranen in de gemeente De gemeenten houden zelf geen lijsten of persoonsgegevens van veteranen bij. Zij hebben ook geen directe toegang tot het Veteranenregistratiesysteem waarin alle veteranen zijn opgenomen. Dit is zo geregeld vanwege de privacywetgeving (Algemene Verordening Gegevensbescherming).
Voor iedere uitvraag van adresgegevens moeten gemeenten een beroep doen op het NLVi. Het opvragen van deze gegevens gebeurt voornamelijk om veteranen uit te nodigen voor de lokale veteranendag. Overeenkomstig de afspraken met het NLVi worden na verzending van de uitnodigingen de gegevens vernietigd. Op deze manier blijven de adresgegevens actueel en is de kans minimaal dat veteranen worden aangeschreven die inmiddels zijn overleden. Contact met andere instanties over veteraan-gerelateerde onderwerpen Aan de gemeenten werd gevraagd of zij op incidentele of structurele basis contact hebben met het NLVi, de VNG, BZK en/of Defensie over veteraan-gerelateerde onderwerpen. De meeste gemeenten gaven aan dat zij jaarlijks contact hebben met het NLVi. De VNG werd een enkele keer genoemd, BZK en Defensie werden niet genoemd. Het contact met het NLVi heeft voornamelijk betrekking op de aanvraag van adressen van veteranen voor de lokale veteranendag. Ook de jaarlijkse inspiratiebijeenkomst van het NLVi werd een aantal keer genoemd. Eén gemeente gaf aan dat zij meerdere keren per jaar contact heeft met het NLVi voor ondersteuning, informatie en aanwezigheid bij speciale gelegenheden. Een andere gemeente gaf aan dat zij ook wel eens contact hebben met het NLVi over de eerstelijns zorg.
Gemeente, ken uw veteraan!
6
Wanneer veteranen uit deze gemeente hulp nodig hebben en aangeven dat zij niet goed worden geholpen, brengt de gemeente deze veteranen onder de aandacht van het NLVi. Tot slot werd aan de gemeenten gevraagd wat zij doen voor veteranen op het gebied van erkenning en waardering en de bijzondere zorgplicht.
Erkenning en waardering Ten aanzien van erkenning en waardering werden door de gemeenten voorbeelden aangedragen als het onderhouden van herdenkingsmonumenten/oorlogsgraven, het uitreiken van medailles en insignes, het organiseren van een lokale Veteranendag en (jaarlijkse) herdenkingen en het faciliteren van veteranenbijeenkomsten. Vrijwel alle bevraagde gemeenten organiseren een jaarlijkse, lokale veteranendag. Toen deze in corona-tijd geen doorgang kon vinden, bedachten verschillende gemeenten alternatieven als een bloemetje of een insigne met begeleidend schrijven om zo toch aandacht en waardering te schenken aan hun veteranen. Ook het onderhouden van Witte Anjerperken werd vaak genoemd. Eén gemeente gaf aan dat jaarlijks, in aanwezigheid van de burgemeester, wordt stilgestaan bij de monumenten en oorlogsgraven in hun gemeente en dat het merendeel van deze monumenten geadopteerd is door (voornamelijk) basisscholen en middelbare scholen. Daarnaast ondersteunen de meeste gemeenten een veteranencomité, veteranenstichting, of een veteranenontmoetingscentrum. Dat gebeurt dan meestal met een financiële bijdrage. Sommige gemeenten hebben een eigen locatie ter beschikking gesteld. In één van die locaties kunnen veteranen voor tijdelijke noodopvang terecht. Eén gemeente gaf aan dat het een woonhuis beschikbaar heeft gesteld voor een veteranenontmoetingscentrum.
Deze woning wordt beheerd door een veteranenstichting. Deze stichting ontvangt een jaarlijkse subsidie voor het organiseren van uiteenlopende activiteiten, zoals de Nieuwjaarsreceptie, wekelijkse inloopdagen voor ambulance/politie/brandweer van de veiligheidsregio, bijeenkomsten van de pastorale zorg, aanwezigheid en zichtbaarheid van veteranen bij uitvaarten, een open dag van het veteranenontmoetingscentrum, een barbecue in de zomer en een kerstlunch, middagen voor de jeugd, het onderhouden van oorlogsgraven, en het aanbieden van een maaltijd voor veteranen op leeftijd die alleenstaand zijn. Daarbij halen ze de veteranen die niet mobiel zijn op met eigen vervoer. Ook verzorgt deze stichting
Gemeente, ken uw veteraan!
7
promotie voor de hulp die kan worden aangeboden zoals hulp bij solliciteren, het begeleiden naar een vrijwilligersfunctie of het in contact brengen met nuldelijns-ondersteuning.6 Een ambtenaar van de gemeente bezoekt af en toe het Veteranencafé, en is regelmatig aanwezig in het veteranenontmoetingscentrum om een luisterend oor te bieden en te horen wat er leeft bij de veteranen. Andere genoemde initiatieven waren een veteranenlunch, een Vertel-bankje, een rubriek in het gemeentelijk kwartaalblad, bezoek door de burgemeester aan huis en een stand voor de veteranenstichting bij de viering van 5 mei, waar met veteranen verhalen konden worden gedeeld tijdens de Vrijheidsmaaltijd. Eén gemeente benoemde de rol die de burgemeester kan hebben bij het uitreiken van medailles en insignes. Bijzondere zorgplicht Ook vroeg de Veteranenombudsman wat de gemeenten doen met onderwerpen die raken aan de bijzondere zorgplicht van de overheid voor veteranen. Daarbij kan worden gedacht aan schuldhulpverlening, hulp bij woningnood of het bieden van (nood)opvang voor veteranen die dringend tijdelijk een andere woonplek nodig hebben.7 Hebben de gemeenten die hulp anders geregeld dan voor de “gewone” inwoners van de gemeente? Tevens werd de gemeenten gevraagd naar hun kennis van de sociale kaart, zodat zij veteranen zo goed mogelijk kunnen doorverwijzen.
Op deze vraag werd door zes gemeenten gereageerd. Zij lieten weten dat in hun gemeente voor veteranen geen specifiek beleid binnen het sociaal domein is georganiseerd. Schuldhulpverlening en hulp bij woningnood verloopt daar via het reguliere traject. Slechts één gemeente gaf expliciet aan dat specifieke kennis van veteranen en de kaart van de nuldelijns zorg bekend is bij het sociaal team.
Reactie van het Nederlands Veteraneninstituut Het Veteranenloket, onderdeel van het NLVi, biedt veteranen toegang tot zorg en dienstverlening van het ministerie van Defensie, het NLVi, het Landelijk Zorgsysteem voor Veteranen (LZV), het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) en het Veteranen Platform (VP). Ook geeft het Veteranenloket toegang tot begeleiding, advies en ondersteuning door bijvoorbeeld een zorgcoördinator, een buddy voor de veteraan of een coördinator voor het thuisfront.8 Bij het Veteranenloket komen geen specifieke vragen van gemeenten binnen over (de uitvoering van) de Veteranenwet. Wel benaderen vrijwel alle gemeenten het Veteranenloket in verband met de organisatie van hun lokale of regionale veteranendagen. De gemeenten vragen de NAWgegevens op van veteranen (actief en postactief) binnen hun postcodegebied(en). Een enkele keer krijgt het Veteranenloket een vraag over de ceremoniële gebruiken bij herdenkingen. Op verzoek bezoekt het Hoofd Afdeling Erkenning en Waardering incidenteel een provinciaal of regionaal burgemeestersoverleg of bijeenkomsten van gemeenteraden om uitleg te geven over de aard en toepassing van de Veteranenwet. Het NLVi houdt geen registratie bij van het aantal contactmomenten met gemeenten of provincies.
De Teams Activiteiten en Nederlandse Veteranendag van de Afdeling Erkenning & Waardering krijgen soms algemene vragen van veteranen of gemeenten. Meestal betreft het vragen over hoe een Veteranendag het best georganiseerd kan worden, hoe men in contact kan komen met jongere veteranen, welke ondersteuning men kan krijgen of hoe men gastsprekers kan uitnodigen voor een veteranendag.
6
Nuldelijnsondersteuning is laagdrempelige kameraadschappelijke ondersteuning door collega-veteranen die daarvoor speciaal zijn getraind. Zie: Folder collegiale ondersteuning veteranen
7
Noodopvang veteranen, Rapport 2022/042
8
Zie: Informatie over het NLVi
Gemeente, ken uw veteraan!
8
Op de vraag wat het NLVi doet om gemeenten te bereiken, laat het NLVi weten dat de jaarlijkse inspiratiedagen voor gemeenten een belangrijk instrument zijn om gemeenten, provincies en andere belangstellende overheden en instanties te informeren. Op basis van een actuele adreslijst van de VNG krijgt elke gemeente in Nederland een uitnodiging, ondertekend door de voorzitter van de VNG en de directeur van het NLVi, om fysiek of digitaal deel te nemen aan deze bijeenkomsten. Vanwege de coronamaatregelen vonden deze inspiratiebijeenkomsten in 2020, 2021 en 2022 online plaats. Naar aanleiding van de online-uitzending in 2020 kregen meer dan 150 deelnemende gemeenten antwoord op een door hun gestelde vraag. Vanwege het geringe animo voor de inmiddels weer fysiek geplande bijeenkomsten zijn deze in 2023 ook omgezet naar een online bijeenkomst. Deze vond plaats op 8 februari 2023 en is, net als voorgaande edities, op de website van het NLVi terug te kijken. Daarnaast ontvangen alle gemeenten ieder jaar in juni een brief van de voorzitter van het Nationaal Comité Veteranendag en de voorzitter van de VNG, met het verzoek om de bijgevoegde witte anjers te (laten) dragen in aanloop naar de landelijke Veteranendag, of tijdens lokale of regionale veteranendagen. Op incidentele basis sluit het NLVi aan bij de infodagen die het Nationaal Comité 4/5 mei organiseert voor gemeenten.
Tijdens regionale en lokale veteranendagen is het NLVi op uitnodiging van gemeenten vaak aanwezig met een informatiestand. Voorafgaande aan of tijdens deze veteranendagen is er regelmatig contact met burgemeesters en/of met de kabinetsmedewerkers. Ook worden op de dagen zelf vragen van gemeenteambtenaren over zaken betreffende de Veteranenwet beantwoord en folders verspreid. Op de website van het NLVi staat informatie die speciaal bedoeld is voor gemeenten. Specifieke zorgvragen vanuit gemeenten worden, indien van toepassing, doorgezet naar een zorgcoördinator of maatschappelijk werker. Of er wordt aangegeven dat dit door de gemeente zelf opgepakt dient te worden, meestal door het Wmo-loket. Het NLVi laat desgevraagd weten dat er geen structureel contact of overleg is met de VNG. In 2018 en 2019 was er contact over het nut en belang van ondersteuning van veteranenontmoetingscentra en inloophuizen. Mede als gevolg van beperkingen tijdens de COVID-periode is er sinds 2020 geen contact en afstemming meer geweest. Het NLVi heeft geen contact met het Ministerie van Binnenlandse Zaken over onderwerpen betreffende de rol van gemeenten in het kader van de uitvoering van de Veteranenwet.
Reactie van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) De minister van BZK laat weten dat haar ministerie geen directe bemoeienis heeft met de uitvoering van de Veteranenwet door gemeenten. Gemeenten hebben een ondersteuningsplicht voor hun ingezetenen op grond van de Wmo. Veteranen kunnen vanwege hun persoonlijke omstandigheden tot een van de doelgroepen van de Wmo behoren en daarmee aanspraak hebben op gemeentelijke ondersteuning op grond van deze wet. Zij zijn niet als afzonderlijke doelgroep benoemd in de Wmo. Het ministerie van BZK speelt wel een rol als loket voor de verdeling van Wmo-gelden onder de gemeenten via het gemeentefonds. Gemeenten ontvangen via de algemene uitkering van het gemeentefonds middelen voor hun taken, waaronder het uitvoeren van de Wmo. De gemeenten zijn vrij in de besteding van deze middelen en leggen hierover geen verantwoording af aan het Rijk. Het ministerie van BZK kent niet specifiek gelden toe aan veteraan-gerelateerde posten. De voorlichting aan gemeenten over hun taken met betrekking tot veteranen op grond van de Wmo is belegd bij het NLVi. Er zijn geen medewerkers bij het ministerie van BZK die specifiek het informeren van gemeenten over veteranenzaken in portefeuille hebben. Ook vindt er vanuit BZK geen overleg plaats met gemeenten, het NLVi en de VNG.
De minister van BZK onderschrijft - ook op persoonlijke titel als veteraan - het belang dat gemeenten weten wat erkenning, waardering en bijzondere zorgplicht voor veteranen betekent en hoe zij hieraan als gemeente concreet invulling kunnen geven.
Gemeente, ken uw veteraan!
9
Reactie van de minister van Defensie De minister van Defensie laat weten dat in september 2019 een rondetafelbijeenkomst is georganiseerd door Defensie, het Veteranenplatform en de VNG. Daarbij waren vertegenwoordigers van Defensie aanwezig, waaronder de toenmalige minister van Defensie, burgemeesters en wethouders, beheerders van inloophuizen en vertegenwoordigers van de VNG. Doel was om van elkaar te horen wat er op het gebied van erkenning en waardering kan worden gedaan door gemeenten. Gemeenten gaven toen aan dat hun situaties soms erg verschillend kunnen zijn. Sommige gemeenten hebben een sterke band met Defensie vanwege de aanwezigheid van defensielocaties en het grote aantal veteranen (actief en post-actief) woonachtig in hun gemeenten. Dat heeft invloed op hetgeen die gemeenten organiseren. Verder gaven de destijds aanwezige gemeenten aan dat niet voorgeschreven zou moeten worden wat gemeenten op het gebied van erkenning en waardering moeten doen, maar dat dit aan gemeenten zelf overgelaten zou moeten worden. Die bijeenkomst heeft geleid tot het gezamenlijk opstellen van een informatiefolder die daarna op de website van de VNG is gepubliceerd. De VNG heeft daar destijds via een nieuwsbericht bekendheid aan gegeven.
De folder beschrijft wie veteranen zijn, wat de bijzondere zorgplicht inhoudt, wat de taak is van het Veteranenloket en dat er een Landelijk Zorgsysteem voor Veteranen is. Doel van de folder is om onder andere Wmo-medewerkers van de gemeenten kennis te laten nemen van de veteranenzorg zodat zij veteranen die bij hen aankloppen met zorgvragen naar het Veteranenloket kunnen doorverwijzen. Als het gaat over de rol van gemeenten ten aanzien van het bieden van erkenning en waardering komt vaak het onderwerp ‘inloophuizen’ of ‘veteranenontmoetingscentra’ ter sprake, en dan met name de financiering van dergelijke locaties. Het standpunt van Defensie over financiering van inloophuizen/ontmoetingscentra is dat dit ministerie geen budget beschikbaar stelt voor de aankoop, huur of exploitatie van een pand. Voor activiteiten die in inloophuizen of ontmoetingscentra plaatsvinden kan Defensie wél budget beschikbaar stellen. Het amendement van kamerlid Boswijk is aangenomen bij de begrotingsbespreking in november 2022. In dit amendement staat dat er vanaf 2023 jaarlijks structureel €150.000 ter beschikking wordt gesteld voor de ondersteuning van activiteiten binnen veteranenontmoetingscentra/ inloophuizen. Defensie maakt met het NLVi afspraken over de invulling en uitvoering van het amendement.
Reactie van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) De VNG schrijft dat gemeenten niet vaak veteraan-gerelateerde vragen stellen. Gemeenten bellen soms met vragen over de Veteranenvlag. Verder ligt er op dit moment een vraag bij de VNG over het beschermd wonen en veteranen: bij wie ligt de verantwoordelijkheid daarvoor, bij de gemeenten of het ministerie van Justitie en Veiligheid? Daarnaast is de VNG in gesprek met het Leger des Heils over de oprichting van een instelling voor maatschappelijke opvang voor veteranen. De VNG heeft op haar website een informatiepagina over de bijzondere zorgplicht voor veteranen vanuit de Veteranenwet. Op die pagina staat een link naar de folder “Zorg en ondersteuning voor veteranen”. Die folder is bij publicatie ook als nieuwsbericht gepubliceerd en eenmalig meegenomen in de wekelijkse mailing aan gemeenten. De VNG geeft tot slot aan dat er geen incidenteel of structureel overleg is met het NLVi of het ministerie van BZK over het onderwerp veteranen.
Reactie van voorzitter van de Veteranen Ontmoetingscentra In een gesprek met de voorzitter van de koepelorganisatie Veteranen ontmoetingscentra VOC benadrukt deze dat de focus wat hem betreft zou moeten liggen op een positieve wisselwerking tussen veteranen en gemeenten, in plaats van te benadrukken wat een gemeente
Gemeente, ken uw veteraan!
10
de veteraan te bieden heeft. Gemeenten zouden kunnen nadenken over hoe veteranen met hun maatschappelijke meerwaarde in hun gemeente kunnen bijdragen aan de samenleving en hoe dat vanuit de gemeente kan worden gestimuleerd. Denk bijvoorbeeld aan buddy-projecten of overlast gevend gedrag van jongeren. Ook vraagt hij aandacht voor het gebrek aan kennis bij gemeenten over de Veteranenwet en wat een veteraan is. Weten gemeenten bijvoorbeeld dat er ook veteranen in actieve dienst zijn? Wat heeft een gemeente nodig aan kennis en/of ondersteuning, en weten zij wie hen daarbij kan helpen? Zijn Wmo-medewerkers van gemeenten op de hoogte van het zorgsysteem binnen Defensie en het NLVi? Hoe kijken gemeenten aan tegen erkenning en waardering en bijzondere zorg, weten zij dat dit meer inhoudt dan jaarlijks een krans leggen? Hebben gemeenten onderling contact over veteraan-gerelateerde onderwerpen, zoals een ontmoetingscentrum dat meerdere gemeenten bedient? Hebben gemeenten zicht op en contact met eventuele particuliere initiatieven voor veteranen in hun gemeente?
Reacties op de oproep aan veteranen Op social media vroeg de Veteranenombudsman veteranen naar hun ervaringen met de gemeente waarin zij wonen. Hierop zijn bijna twintig reacties binnengekomen. De meeste reacties waren kritisch van toon, sommigen positief.
“Bij de gemeente hebben we bereikt dat we de Veteranenvlag mochten hijsen op Veteranendag.” (veteraan)
“Samen met een voormalig geestelijk verzorger bij Defensie hebben we geprobeerd om een veteranenontmoetingscentrum op te gaan starten. Gesprek met burgemeester en zijn toenmalige bestuurssecretaris verliep prima. Zaak opgestart, alleen toen gooide corona roet in het eten. Daarna is er een nieuwe secretaris gekomen die 0,0 affiniteit met veteranen heeft. Ondanks verschillende pogingen komt het nu niet verder van de grond.” (veteraan)
Rondetafelbijeenkomst Op basis van de reacties op de vragenlijsten en de opbrengst van alle gesprekken is een discussiestuk opgesteld als uitgangspunt voor de rondetafelbijeenkomst. Deze bijeenkomst vond plaats op 21 april 2023 op het kantoor van de Nationale ombudsman. Aan die bijeenkomst namen vertegenwoordigers deel van vijf gemeenten, het NLVi, de VOC, veteranenontmoetingscentrum De Treffer uit Eindhoven, de VNG en het ministerie van Defensie. Door de deelnemers zijn verschillende ervaringen, knelpunten en oplossingsrichtingen genoemd. De belangrijkste en voor dit onderzoek meest relevante worden hierna weergegeven.
Gemeente, ken uw veteraan!
11
Vastgestelde knelpunten en aandachtspunten Op grond van het klachtenbeeld, de ontvangen reacties en wat er uit de verschillende gesprekken en in de rondetafelbijeenkomst naar voren is gekomen, constateert de Veteranenombudsman de volgende knelpunten dan wel aandachtspunten ten aanzien van de rol van gemeenten bij de uitvoering van de Veteranenwet:
Onbekendheid met de Veteranenwet en de veteraan De Veteranenombudsman merkt allereerst op dat dé veteraan niet bestaat. Er zijn veteranen die niets met het veteraan-zijn te maken willen hebben. Anderen willen juist herkenbaar als veteraan door het leven gaan. Bovendien zijn veteranen ook inwoner van hun gemeente, met soortgelijke vragen en problemen als burgers zonder Defensie- en uitzendverleden. Het is voor gemeenten dan ook niet altijd meteen duidelijk dat zij met een veteraan te maken hebben. Maar in sommige situaties kan dat wel nuttig en soms zelfs noodzakelijk zijn om iemand goed te kunnen helpen. Dan is van belang dat gemeenten begrijpen wat een veteraan is en dat er een Veteranenwet bestaat die de erkenning, waardering en bijzondere zorg voor veteranen regelt. En dat de Veteranenwet er ook is voor de relaties van de veteraan, zoals partners en kinderen. De meeste gemeenten lijken op zich wel op de hoogte van het bestaan van de Veteranenwet. Die indruk heeft de Veteranenombudsman op grond van de opgehaalde informatie. Dat sluit ook aan bij de constatering van het NLVi dat van de 342 gemeenten in Nederland in 2023, slechts twintig gemeenten jaarlijks geen gegevens van veteranen bij het NLVi opvragen. Dat zegt echter weinig over de kennis die de gemeenten hebben over inhoud en strekking van de Veteranenwet.
“Het feit dat hij veteraan is en dat er een Veteranenwet bestaat, daar hebben ze bij de gemeente geen boodschap aan..” (partner van veteraan)
Erkenning en waardering Gemeenten lijken zich vooral te richten op erkenning en waardering. Op welke manier zij dat doen, verschilt sterk. Sommige gemeenten organiseren veel voor hun veteranen. Daarbij kan meespelen of de burgemeester, wethouder of raadslid zelf veteraan is, of anderszins persoonlijk betrokken is bij deze doelgroep. Andere gemeenten hebben behoefte aan meer informatie en een concreet kader. Zij wijzen erop dat in de Veteranenwet niet expliciet wordt benoemd wat er van gemeenten wordt verwacht.
“Voorheen kreeg mijn echtgenoot persoonlijk een brief met uitnodiging voor dodenherdenking. Afgelopen jaar moesten we het in de krant lezen en dit als uitnodiging zien. Het is toch een kleine moeite om al je veteranen een brief te sturen, wel zo chique.” (partner van veteraan)
Bijzondere zorgplicht Dat de Veteranenwet ook de bijzondere zorgplicht van de overheid voor veteranen nadrukkelijk noemt, lijkt nauwelijks bekend. Gemeenten hebben hulptrajecten als schuldhulpverlening, woningnood of noodopvang voor veteranen niet anders geregeld dan voor andere inwoners. Sommige bevraagde gemeenten gaven aan ervan uit te gaan dat veteranen zelf wel de weg naar de juiste instanties weten te vinden.
“Uit ervaring weet ik dat mijn gemeente niets betekent voor de veteranen als het gaat om zorg. Vooral als het gaat om Wmo of zorg die niet past in het zorgsysteem. Ik heb hier helaas de problemen van ondervonden. Daardoor woon ik nu weer bij m’n ouders.” (veteraan) Gemeente, ken uw veteraan!
12
De ombudsman ziet in zijn eigen praktijk dat er soms “gewone” klachten binnenkomen bij de Nationale ombudsman, zoals mensen met schulden of met problemen in verband met de Wmo. Pas in de loop van het gesprek wordt dan duidelijk dat het om een veteraan gaat. De ombudsman schat in dat het bij gemeenten op dezelfde manier gaat.
“Er was eerst onduidelijkheid wie over veteranenzaken gaat. Daar begint het al.” (veteraan)
Medewerkers van de gemeente zouden in het contact met betrokkene kunnen vragen naar diens arbeidsverleden. En als Defensie als werkgever wordt genoemd door te vragen of betrokkene ooit op missie is geweest. Uit het onderzoek dat de Veteranenombudsman deed naar veteranen in detentie9 werd aan de justitiële inrichtingen gevraagd of ze die vraag stelden bij de intake. Dat bleek niet zo te zijn. Inmiddels is dat veranderd en dat heeft veel opgeleverd. Het NLVi signaleert dat veel veteranen in eerste instantie hulp zoeken via de civiele lijnen op lokaal niveau. Zij kloppen aan bij hun gemeente en gebruiken daar voorzieningen vanuit de Wmo en Wlz (Wet langdurige zorg). Dat is op zichzelf juist. De Veteranenwet is bedoeld als aanvulling op bestaande voorzieningen als de Wmo. Bij grotere, complexere uitdagingen komt het voor dat de voorzieningen van de gemeente niet toereikend blijken of de veteraan daarvoor niet in aanmerking komt. Dan moet worden bekeken wat er vanuit de Veteranenwet nog kan worden geboden. Uit de opgehaalde informatie komt niet duidelijk naar voren dat gemeenten weten dat het NLVi met het Landelijk Zorgsysteem voor Veteranen kan helpen bij dit soort situaties, of bij problemen die uitzend-gerelateerd zijn. Aandacht voor de relaties van veteranen De Veteranenwet is er ook voor relaties van veteranen. De gemeente kan ook met hen te maken krijgen.
Defensie doet doorlopend onderzoek naar de ervaringen van het thuisfront van militairen en veteranen. Het thuisfront kan uit partners, kinderen en ouders bestaan. Uit onderzoek komt naar voren dat onbekendheid en onbegrip in de omgeving bij het thuisfront spanning kan opleveren. Bijvoorbeeld wanneer er discussie ontstaat of een kind vrij kan krijgen van school om een ouder te onthalen die terugkomt van missie. Sociale steun en begrip vanuit de samenleving is belangrijk. Dat kan worden bevorderd door projecten als Veteraan in de klas of het Schoolconcert, waarin het verhaal van een veteranengezin wordt verteld.
9
Toegang tot veteranenzorg achter slot en grendel. Rapport 2021/191
Gemeente, ken uw veteraan!
13
Onbekendheid met de instanties die kunnen helpen bij de uitvoering Het lijkt erop dat gemeenten niet voldoende bekend zijn met de instanties die kunnen helpen bij het invulling geven aan de Veteranenwet. Gevraagd naar de instanties waar gemeenten contact mee zoeken voor veteraan-gerelateerde vragen, wordt voornamelijk het NLVi genoemd. Meestal voor het opvragen van adresgegevens en, in minder mate, de inspiratiebijeenkomsten. De VNG wordt niet of nauwelijks genoemd als aanspreekpunt of vraagbaak. De folder die Defensie, het NLVi en de VNG in 2021 samen opstelden over de zorg en ondersteuning voor veteranen, is op de website van de VNG gepubliceerd en door de VNG eenmalig als nieuwsbericht meegestuurd. De folder zou daarom in beginsel bij ieder Wmo-loket bekend moeten zijn. Doel van de folder is om te informeren over het Landelijk Zorgsysteem voor Veteranen, en het Veteranenloket waar iedere veteraan terecht kan, zodat de lijn van doorverwijzingen zo laagdrempelig mogelijk is. Toch lijkt deze folder nog niet erg doorgedrongen te zijn in de gemeentehuizen, aldus de deelnemers van de rondetafelbijeenkomst. De oorspronkelijke insteek van de Wmo was om alles zo laag mogelijk in het stelsel te organiseren. De praktijk van dit moment is dat wanneer de Wmo niet passend is, gemeenten moeten doorverwijzen naar de (dure) GGZ.
In sommige gevallen zou een tussenstap kunnen zijn om de veteraan in contact te brengen met een nuldelijnsondersteuner. De afdelingen sociale zaken, Wmo en zorg van gemeenten lijken echter niet of nauwelijks bekend te zijn met het landelijke Nuldelijns Ondersteuning Systeem van het Veteranenplatform en het NLVi. Dit netwerk leidt collega-veteranen op tot nuldelijnsondersteuners die verbonden zijn aan een veteranenvereniging of veteranenontmoetingscentrum. Zij zijn getraind om signalen te herkennen en veteranen met een hulpvraag te ondersteunen, en waar nodig op weg te helpen naar professionele ondersteuning.
Geen budget, is dat een probleem? Een zorg die ook wordt genoemd is het kostenaspect. In de Veteranenwet zijn geen formele taken voor gemeenten opgenomen en er worden vanuit het Rijk voor veteranen geen financiële middelen beschikbaar gesteld aan gemeenten. Dat betekent dat gemeenten keuzes moeten maken hoe zij hun beschikbare budget aanwenden. Geld dat bijvoorbeeld aan een Witte Anjerperk wordt uitgegeven, kan niet worden uitgeven aan een speeltuin. Wel zijn de deelnemers het erover eens dat aandacht geven niet altijd geld hoeft te kosten, soms is een luisterend oor al voldoende. Er is een aantal gemeenten waar het zo werkt. Maar er zijn ook gemeenten waar die wisselwerking heel moeilijk gaat. Verder wordt door de deelnemers benadrukt dat het niet alleen zou moeten gaan om wat gemeenten eenzijdig te bieden hebben. Van veteranen die daartoe in staat zijn, mag verwacht worden dat zij zich met hun maatschappelijke waarde inzetten voor hun gemeente. Dat is iets waar gemeenten zelf niet vaak aan denken. De veteranenontmoetingscentra kunnen daarbij ook een rol spelen. Dat past bij de gedachte dat van veteranen gevraagd mag worden om, waar mogelijk, actief deel te blijven nemen aan de samenleving, en verbinding te houden met de maatschappij. Daarnaast worden er voorbeelden genoemd van gemeenten waar activiteiten (deels) worden gefinancierd vanuit de samenleving.
Zoals een gemeente waar veteranen zelf aan inwoners hebben gevraagd om mee te helpen, zodat ze elkaar vaker kunnen ontmoeten. De financiële bijdrage van lokale ondernemingen wordt gebruikt om het veteranenontmoetingscentrum te financieren. En het voorbeeld van de kunstexpositie Helmen vol Verhalen die door samenwerking met de gemeente Assen, de lokale ondernemersvereniging en Defensie kon worden gehouden in de Johan Willem Friso Kazerne. Ook wordt in dit kader Stichting Veteranen Search Team genoemd, dat op verzoek van de politie deelneemt aan zoekacties naar vermiste personen, inmiddels zo’n 50 keer per jaar. Deze stichting is opgezet door veteranen en wordt hoofdzakelijk gefinancierd vanuit sponsoring en donaties. In mei 2023 ondertekenden de politie en het Veteranen Search Team een overeenkomst voor nauwere samenwerking. Gemeente, ken uw veteraan!
14
Oplossingsrichtingen Vermelding in handboek gemeenten of werkdocument vanuit het NLVi Een deelnemer van de rondetafelbijeenkomst, die als Wmo-beleidsmedewerker bij een gemeente werkzaam is, gaf aan dat voor oplossingsrichtingen gekeken zou moeten worden vanuit het perspectief van de uitvoering. Weten gemeentemedewerkers die zich met de bijstandswet,reintegratie of de Wmo bezig houden dat er zoiets als een zorgplicht voor veteranen bestaat? Dat lijkt bij weinigen bekend. Iedere gemeente gebruikt meerdere handboeken, zoals voor Wmo, Onderwijs, of Werk en Inkomen. Om de gemeentelijke uitvoering te bereiken, zou in die handboeken informatie opgenomen kunnen worden over wat een veteraan is, de Veteranenwet en de instanties die zich bezig houden met erkenning, waardering en bijzondere zorg voor veteranen. Wanneer gemeentemedewerkers zich bewust zijn van de mogelijkheid dat iemand wellicht veteraan is of een relatie van een veteraan, dan kan gerichter om hulp en informatie bij andere instanties worden gevraagd, of worden doorverwezen naar die instanties als dat nodig blijkt. Daarmee is de veteraan beter geholpen. In de meeste gemeenten gaat het om een kleine groep veteranen, en zij zijn niet altijd meteen als veteraan te herkennen. Alles wat kan helpen om gemeentemedewerkers hierop alert te maken, is belangrijk.
In reactie op het verslag van de rondetafelbijeenkomst kwam een andere deelnemer nog met de suggestie om vanuit het NLVi, in samenwerking met Defensie een werkdocument op te stellen met informatie voor gemeenten over de Veteranenwet en het bijbehorende Veteranenbesluit. Daarin kunnen dan ook verwijzingen naar de jaarlijkse Veteranennota en de jaarverslagen van de Veteranenombudsman en de Inspecteur-generaal der Krijgsmacht worden opgenomen. Het doel van zo’n document is om het voor gemeenten zo praktisch mogelijk te maken en om de veteraan zo goed mogelijk te kunnen helpen. Het NLVi benadrukt haar eigen rol bij het vormgeven van de contacten tussen gemeenten en hun veteranen. Zo faciliteert het NLVi bijvoorbeeld ontmoetingen met veteranen, waarbij geholpen wordt om hun ervaringen en verhalen te delen met de samenleving. Ook heeft het NLVi, net als Defensie, een sprekerspool. De gemeente kan iemand uit die pool uitnodigen om een lezing te verzorgen. Verder verzorgt het NLVi het educatieve programma Veteraan in de klas. Veteranen vertellen aan leerlingen over hun ervaringen tijdens hun missie en de gevolgen daarvan. Daarnaast werd de suggestie gedaan om te onderzoeken in hoeverre veteranen gebruikmaken van voorzieningen van hun gemeente.
En of er, los van maatwerk voor uitzonderlijke omstandigheden, situaties zijn waarin veteranen niet in aanmerking komen voor voorzieningen van hun gemeente maar ook niet vanuit het zorgstelsel voor veteranen? Daarover zouden dan afspraken gemaakt kunnen worden tussen gemeenten en het LZV. Verder werd geopperd dat de inspiratiebijeenkomsten van het NLVi en de folder van de VNG meer ingezet moeten worden om informatie over dit thema onder de aandacht van gemeenten te brengen. Ook werd voorgesteld dat de lokale veteranenorganisaties kunnen helpen veteranen met problemen vroegtijdig te benaderen. En hen bewust te laten worden dat ze behoren tot een speciale doelgroep, waarvoor bijzondere voorzieningen beschikbaar zijn. Tot slot werd de suggestie gedaan dat gemeenten in hun reguliere overleg met de schoolbesturen in hun gemeente de situatie van kinderen van veteranen en ouders die op uitzending zijn bespreken. Veteranen-ambassadeurs uit de gemeente kunnen dan aanschuiven bij zo’n overleg om als ervaringsdeskundige uitleg te geven over dit onderwerp.
Gemeente, ken uw veteraan!
15
Conclusies De Veteranenombudsman wil allereerst alle betrokken partijen bedanken voor hun constructieve bijdrage aan dit onderzoek. Er zijn in de gesprekken veel positieve ideeën en oplossingsrichtingen naar voren gekomen waaruit duidelijk blijkt dat het belang van de veteraan bij alle partijen voorop staat. Dit sluit aan bij de bijzondere zorgplicht die de overheid heeft voor veteranen die als gevolg van hun uitzending naar een missiegebied maatschappelijke ondersteuning of (geestelijke) gezondheidszorg nodig hebben. De Veteranenombudsman merkt op dat aandacht voor veteranen begint met oprechte interesse. Dat betekent voor gemeenten: willen weten wie het zijn, waar ze wonen, wat de gemeente voor ze kan doen. Uit de gesprekken kwam naar voren dat alle aangeschreven gemeenten het belangrijk vinden om er te zijn voor de veteranen in hun gemeente. Maar hoe zij dit in de dagelijkse praktijk vorm kunnen geven, is niet voor alle gemeenten even duidelijk. Ook lijkt het erop dat niet iedere gemeente een medewerker heeft aangewezen die het onderwerp veteranen in portefeuille heeft. Daardoor kan het gebeuren dat een vraag van een veteraan niet de aandacht krijgt die het verdient omdat er binnen de gemeente niemand is die echt ter zake kundig is. Dat maakt dat er verschillen zijn in hoe gemeenten met hun veteranen omgaan, en wat veteranen van hun gemeente kunnen verwachten.
Dat moet anders. De oplossing moet worden gezocht in het krijgen van de juiste informatie op de juiste plek. Hierin kan het NLVi als expertisecentrum een voortrekkersrol vervullen. Het tonen van erkenning en waardering is iets wat alle veteranen in een gemeente aangaat en ook zichtbaar kan zijn voor andere burgers binnen de gemeente. Daarin is veel meer mogelijk dan het enkel organiseren van een lokale Veteranendag of herdenking. Het NLVi kan daarbij helpen, en gebruikt daarvoor nu onder andere hun website en hun jaarlijkse inspiratiebijeenkomst om gemeenten te informeren. Een deel van de gemeenten maakt goed gebruik van die informatie. Toch lijkt het niet voldoende om alle gemeenten te bereiken. De Veteranenombudsman heeft de indruk dat de mate waarin een gemeente zich actief opstelt voor haar veteranen nu mede afhangt van een persoonlijke betrokkenheid van bijvoorbeeld een burgemeester of wethouder bij deze doelgroep. Het NLVi kan meer doen om juist die gemeenten te bereiken die uit zichzelf geen of weinig contact zoeken met het NLVi. Ook verwacht de Veteranenombudsman een actievere houding van de VNG bij het informeren van haar leden. Gemeenten hebben veel verantwoordelijkheden voor veel verschillende doelgroepen. Het eenmalig rondsturen van de eerder genoemde folder aan haar leden is niet voldoende gebleken.
Om de focus voor veteranen te vergroten en te behouden is het nodig om regelmatig aandacht voor dit onderwerp te blijven vragen. Daarbij is een nauwere samenwerking met het NLVi nodig. De Veteranenombudsman vraagt apart aandacht voor de zorgplicht van de overheid voor veteranen. Een dienstgerelateerde aandoening, zowel fysiek als psychisch, kan grote invloed hebben op meerdere aspecten van het leven van een veteraan. Daardoor kan de hulpvraag aan de gemeente divers van aard zijn. De Veteranenombudsman constateert dat gemeenten op dit vlak niet voldoende op de hoogte lijken te zijn van de behoeften van en mogelijkheden voor veteranen. Om gemeentemedewerkers in staat te stellen deze hulpvragen zo goed mogelijk te behandelen, moeten zij worden voorzien van de juiste informatie. Het opnemen van het onderwerp veteranen in de gemeentelijke handboeken is daarvoor een goede oplossing. Daarin moet eveneens aandacht worden besteed aan het feit dat de Veteranenwet er ook is voor relaties van veteranen.
Gemeente, ken uw veteraan!
16
Aanbevelingen De Veteranenombudsman heeft de volgende aanbevelingen: Voor gemeenten Wees bewust van het feit dat in iedere gemeente veteranen wonen • Ga op zoek naar wie zij zijn en ga na waar zij behoefte aan hebben. • Betrek hen bij de samenleving en bij activiteiten van de gemeente. • Wees alert bij hulpvragen die kunnen duiden op een veteraan. Verbeter en borg de kennis binnen de gemeente over veteranen en de Veteranenwet • Wijs iemand binnen de ambtelijke organisatie aan als portefeuillehouder veteranen. • Neem in de gemeentelijke handboeken informatie op over het onderwerp veteranen, en deel die informatie actief binnen de organisatie. Voor het NLVi • Benader gemeenten actiever voor het bijwonen van de inspiratiebijeenkomsten, vooral de gemeenten die niet of weinig uit eigen beweging contact zoeken met het NLVi. • Verbeter de samenwerking met de VNG. Voor de VNG • Breng informatie over veteranen en de Veteranenwet actiever en regelmatig onder de aandacht van gemeenten. • Wijs iemand binnen de VNG aan als portefeuillehouder veteranen. • Verbeter de samenwerking met het NLVi.
Gemeente, ken uw veteraan!
17
Hoe nu verder? Met het uitbrengen van dit rapport wil de Veteranenombudsman een bijdrage leveren aan een structurele verbetering van de kennis van gemeenten over de Veteranenwet. Veteranen moeten erop kunnen vertrouwen dat er binnen hun gemeente kennis en kunde aanwezig is over de bijzondere positie die zij in de samenleving hebben. Zodat zij in hun gemeente erkenning en waardering voor hun inzet krijgen, en bij specifieke hulp- of zorgvragen worden doorverwezen naar het juiste loket binnen de gemeente, of naar het NLVi die gespecialiseerde zorg kan bieden. Nu zijn gemeenten, het NLVi en de VNG zelf aan zet. In 2024 gaat de Veteranenombudsman kijken hoe aanbevelingen zijn opgevolgd, tot welke resultaten dat heeft geleid en wat dat concreet betekent voor de veteraan. De Veteranenombudsman blijft de ontwikkelingen op dit terrein volgen.
De Nationale ombudsman, tevens Veteranenombudsman Reinier van Zutphen
Gemeente, ken uw veteraan!
18
Veteranenombudsman Postbus 93122 2509 AC Den Haag Telefoon 070 356 35 63 www.nationaleombudsman.nl/veteranen Rapportnr: 2023/079 is een uitgave van de Nationale ombudsman, juni 2023