Belastingverordeningen en tarieven 2022 (verbeterd exemplaar)
Tekst van het document
€ 26,90 € 13,40
€ 47,00 € 47,00
blz. 29
Titel 2
Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving / omgevingsvergunning
Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen 2.1.1 2.1.1.1
2.1.1.2 2.1.2 2.1.3
Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder: normkosten: Bij het bepalen van de hoogte van de leges voor bouwactiviteiten wordt uitgegaan van normkosten, zoals die staan vermeld in het overzicht dat bij deze tarieventabel als bijlage is opgenomen. Indien de normkosten niet kunnen worden bepaald aan de hand van het hiervoor genoemde overzicht, worden de normkosten gelijkgesteld met een door de gemeente vast te stellen raming van de bouwkosten, zijnde de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk; Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld. In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
blz. 30
Hoofdstuk 2 Beoordeling conceptaanvraag / principebesluit 2.2 2.2.1
2.2.2
2.2.2.1
2.2.3
Conceptaanvraag Het tarief voor het in behandeling nemen van een conceptaanvraag, die gepaard gaat met een expliciet verzoek om een beoordeling door de welstandscommissie, (schetsplan) bedraagt: Het tarief voor het in behandeling nemen van een verzoek tot beoordeling of het gemeentebestuur in principe bereid is medewerking te verlenen aan het verkrijgen van een wijziging en/of aanpassing van het geldende bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, 3.6 lid 1a van de Wet ruimtelijke ordening of aan het volgen van een Wabo-afwijkingsprocedure voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12 lid 1a onder 3 van de Wabo, bedraagt: Indien een principebesluit als hiervoor bedoeld, binnen één jaar na dagtekening, leidt tot een overeenkomst met de gemeente, zal dit bedrag hiermee worden verrekend. Advies agrarische commissie Onverminderd het bepaalde in de onderdelen 2.2.1 en 2.2.2 bedraagt het tarief, indien voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een advies van de Adviescommissie Agrarische Bouwaanvragen (AAB) wordt beoordeeld:
€ 150,--
€ 750,--
€ 800,--
Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning 2.3
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.
2.3.1 2.3.1.1.1
Bouwactiviteiten Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo en de normkosten niet meer bedragen dan € 500.000,--, bedraagt het tarief 35 ‰ van de normkosten met een minimum van € 200,--.
2.3.1.1.2
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, en de normkosten meer bedragen dan € 500.000,--, bedraagt het tarief 26,5 ‰ van de normkosten over het gedeelte van de normkosten dat de € 500.000,-- overschrijdt. Voor de eerste € 500.000,-- normkosten blijft het tarief uit 2.3.1.1.1 van toepassing. Advies agrarische commissie
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
blz. 31
2.3.1.2
2.3.2 2.3.2.1
2.3.3
2.3.3.1 2.3.3.2 2.3.3.3
2.3.3.4 2.3.3.5 2.3.3.6
2.3.3.7
2.3.3.8
2.3.4
2.3.4.1
Onverminderd het bepaalde in de onderdelen 2.3.1.1.1 en 2.3.1.1.2 bedraagt het tarief, indien voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een advies van de Adviescommissie Agrarische Bouwaanvragen (AAB) wordt beoordeeld:
€ 800,--
Aanlegactiviteiten Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief:
€ 502,--
Planologisch strijdig gebruik Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, onderscheidenlijk b, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1: indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking): indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking): indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking; het vm. projectbesluit): Eventueel te verhogen met externe kosten als bedoeld in artikel 2.8.2.
(vervallen) indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan): indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving): indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving): indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit): Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een bouwactiviteit Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief: indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
€ 351,-€ 351,-€ 6.429,--
€ 333,--
€ 333,--
€ 333,-€ 333,--
€ 351,--
blz. 32
2.3.4.2 2.3.4.3
2.3.4.4 2.3.4.5 2.3.4.6
2.3.4.7
2.3.4.8
2.3.5 2.3.5.1
2.3.5.2
2.3.5.3
2.3.5.3.1 2.3.5.3.2 2.3.5.3.3 2.3.5.4
2.3.6 2.3.6.1
indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking): indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking; het vm. projectbesluit): Eventueel te verhogen met externe kosten als bedoeld in artikel 2.8.2. (vervallen) indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan): indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving): indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving): indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit): In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief: indien een aanvraag om een vergunning als
bedoeld in onderdeel 2.3.5.1 betrekking heeft op het tijdelijk gebruik van een bouwwerk ten behoeve van een evenement (gebruiksduur maximaal 4 weken) bedraagt het tarief: indien een aanvraag betrekking heeft op een vergunning tot wijziging dan wel uitbreiding van een vergunning als bedoeld in 2.3.5.1 bedraagt het tarief, indien het betreft: uitbreiding van de inrichting: het legestarief vermeld in onderdeel 2.3.5.1; gewijzigd gebruik van de gehele inrichting: 50% van het legestarief vermeld in onderdeel 2.3.5.1 gewijzigd gebruik van een gedeelte van de inrichting: 50% van het legestarief vermeld in onderdeel 2.3.5.1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een verklaring van overdracht van de omgevingsvergunning voor brandveilig gebruik aan de nieuwe gebruiker:
€ 351,-€ 6.429,--
€ 333,--
€ 333,--
€ 333,-€ 333,--
€ 528,--
€ 52,80
€ 54,40
Activiteiten met betrekking tot monumenten Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een beschermd monument als bedoeld in
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
blz. 33
2.3.6.1.1 2.3.6.1.2
2.3.6.2
2.3.7 2.3.7.1
2.3.8
2.3.9
2.3.9.1 2.3.9.2 2.3.10.1
artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wabo, of op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo met betrekking tot een krachtens de Erfgoedverordening Helmond 2011 aangewezen monument, waarvoor op grond van artikel 9, tweede lid van die verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief: voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een beschermd monument: voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een beschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht: Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo met betrekking tot een krachtens provinciale verordening of de Erfgoedverordening Helmond 2011 aangewezen monument, waarvoor op grond van die provinciale verordening of artikel 9, tweede lid, van die gemeentelijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:
Gratis
Gratis
Gratis
Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stadsof dorpsgezicht Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief:
€ 292,--
Aanleggen of veranderen weg Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg waarvoor ingevolge een bepaling in een provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:
€ 292,--
Uitweg/inrit Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo in samenhang met artikel 2.1.5.3, eerste lid APV Helmond 2020 bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten: Per uitweg voor woningen Per uitweg voor niet-woningen
€ 301,-€ 552,--
Kappen Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, bedoeld in
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
blz. 34
2.3.10.2
2.3.11
2.3.11.1 2.3.11.2
2.3.12
2.3.13
2.3.14
artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo in samenhang met artikel 4.3.3 van de APV Helmond 2020 bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:
€ 212,00
Handelsreclame Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanbrengen van handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats, waarvoor ingevolge een bepaling in een provinciale verordening of artikel 4.4.2, eerste lid APV Helmond 2020 een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:
€ 201,--
Opslag van roerende zaken Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op de opslag van roerende zaken in een bepaald gedeelte van de de gemeente, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder j of k, van de Wabo in samenhang Artikel 4.4.1 van de APV Helmond 2020, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten: indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken: indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen:
€ 100,--
€ 100,--
Natura 2000-activiteiten Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder a, van het Besluit omgevingsrecht (Natura 2000-activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:
€ 100,--
Flora- en fauna-activiteiten (bescherming van soorten) Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder b, van het Besluit omgevingsrecht (flora- en fauna-activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:
€ 474,--
Andere activiteiten Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
blz. 35
2.3.14.1
2.3.14.2
2.3.14.2.1
2.3.14.2.2
2.3.15
2.3.15.1
2.3.15.2
2.3.16
2.3.16.1 2.3.16.1.1 2.3.16.1.2 2.3.16.1.3
behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief: behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief: als het een gemeentelijke verordening betreft: het bedrag dat op grond van deze tarieventabel voor de betreffende vergunning of ontheffing verschuldigd is als de activiteit zou worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning; als het een provinciale of waterschapsverordening betreft: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. Indien een begroting als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
€ 100,--
€ 100,--
Omgevingsvergunning in twee fasen Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief: voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft; voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft. Beoordeling bodemrapport Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld: voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport: Categorie 1: QuickScan bij grondgebonden bouwwerken die zijn vrijgesteld van bodemonderzoek: Categorie 2: Beoordelen rapporten bodemonderzoek bij particuliere bouw: Categorie 3: Beoordelen bodemrapporten overige bouwwerken:
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
gratis € 306,-€ 445,--
blz. 36
2.3.16.2 2.3.16.3
voor de verstrekking van informatie betreffende de bodemkwaliteit per half uur of gedeelte daarvan voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport
2.3.17 2.3.17.1
Advies Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij algemene maatregel van bestuur, provinciale of gemeentelijke verordening aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning, als bedoeld in artikel 2.26, derde lid, van de Wabo: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. Indien een begroting als bedoeld in dit artikel is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
2.3.18 2.3.18.1
Verklaring van geen bedenkingen Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo: indien de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven: indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
2.3.18.1.1 2.3.18.1.2
€ 47,00 gratis
€ 519,--
Hoofdstuk 4 Vermindering 2.4.1
Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen een jaar na eerste indiening is voorafgegaan door een aanvraag om beoordeling van een conceptaanvraag als bedoeld in hoofdstuk 2, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de ter zake van de beoordeling van de conceptaanvraag geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning bedoeld in hoofdstuk 3.
Hoofdstuk 5 Teruggaaf 2.5.1
Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg-, sloop- of uitwegactiviteiten
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
blz. 37
2.5.1.1
2.5.2
2.5.3
2.5.3.1
2.5.3.2
2.5.3.3
Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.7 en 2.3.9, intrekt, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: indien de aanvraag wordt ingetrokken voordat hierop een beslissing is genomen van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges. Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg-, sloop- of uitwegactiviteiten Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.7 en 2.3.9, intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen drie jaren na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.
Teruggaaf als gevolg van het weigeren of buiten behandeling stellen van een omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg-, sloop- of uitwegactiviteiten Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.7 of 2.3.9 weigert of buiten behandeling stelt, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges. Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.3.1 wordt mede verstaan een vernietiging bij rechterlijke uitspraak van de beschikking waarbij de vergunning werd verleend. Het recht als bedoeld onder 2.5.3.1, wordt éénmalig met de voor een vervolgaanvraag in rekening te brengen leges verrekend, mits deze vervolgaanvraag binnen twaalf weken na de beschikkingsdatum is ingediend en het een gelijksoortig bouwplan betreft.
50%
50%
50%
Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning 2.6
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.33, tweede lid, onder b, van de Wabo, tenzij onderdeel 2.5.2 van toepassing is:
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
gratis
blz. 38
Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project 2.7
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:
€ 211,--
Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen 2.8.1
2.8.2
2.8.3
Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen en het maken van: a. een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1 Wro; b. een wijzigingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid onder a Wro; c. een uitwerkingsplan als bedoeld in artikel 3.6 eerste lid onder b Wro bedragen de leges bij normkosten tot € 100.000,--: Bij normkosten van € 100.000,-- of hoger bedragen de leges: Voor de bepaling van de normkosten zie de bijlage bij deze verordening: ‘Overzicht normkosten ten behoeve van berekeningen van de Waboleges en leges bestemmings-, uitwerkings- en wijzigingsplannen’. Het onder 2.3.3.3, 2.3.4.3 of onder 2.8.1 genoemde bedrag wordt verhoogd met het bedrag van de (externe) advieskosten, onderzoeken en benodigde ontheffingen, blijkend uit een begroting die door of vanwege burgemeester en wethouders is opgesteld. Indien een begroting als bedoeld in dit artikel is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. Indien een plan als bedoeld in artikel 2.8.1. door initiatiefnemer wordt aangeleverd, bedragen de leges bij normkosten tot € 100.000,-Bij normkosten van € 100.000,-- of hoger bedragen de leges, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: 1.
Het plan dient te voldoen aan de wettelijke eisen en te worden aangeleverd conform de door de gemeente te verstrekken “Handreiking ruimtelijke plannen Helmond 2017”; 2. Het plan dient volledig te worden aangeleverd ter beoordeling, inclusief benodigde onderzoeken en ontheffingen; 3. Artikel 2.8.2. blijft onverminderd van kracht voor de (externe) advieskosten, onderzoeken en ontheffingen indien deze uitsluitend door de gemeente kunnen worden geleverd of door de gemeente zelf dienen te worden aangevraagd.
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
€ 8.170,-€ 13.630,--
€ 5.000,-€ 8.000,--
blz. 39
Hoofdstuk 9 In deze titel niet benoemde beschikking 2.9
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking:
€ 50,--
Hoofdstuk 10 Vergunningvrij bouwen 2.10
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit die niet vergunningplichtig blijkt, onverminderd het bepaalde:
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
€ 100,--
blz. 40
Titel 3 Dienstverlening vallend onder de Europese dienstenrichtlijn Hoofdstuk 1 3.1.1 3.1.1.1 3.1.1.2
3.1.1.3
3.1.2.2
€ 325,--
€ 162,-€ 162,--
Exploitatievergunning
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: een aanvraag tot het verlenen van een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in art. 2.3.1.2 APV Helmond 2020. Indien tevens een aanvraag wordt ingediend op grond van artikel 3.1.1.1 van deze tarieventabel wordt het legesbedrag op grond van dit artikel niet in rekening gebracht. Ingeval een advies op grond van het Alcoholbesluit aangevraagd wordt voor een aanvraag als bedoeld onder artikel 3.1.1.1 dan worden de in dat kader geheven leges verhoogd met: Vermeerderd met een bedrag per 30 minuten of gedeelte daarvan ambtelijke ondersteuning in dit kader (reageren op reacties n.a.v. controles), uitsluitend voor het gedeelte boven de 30 minuten, van: 3.1.3
3.1.3.1
Vergunning ex artikel 3 of 4 Alcoholwet
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: een aanvraag tot het verlenen van een vergunning op grond van artikel 3 of 4 van de Alcoholwet een aanvraag tot het administratief wijzigen van de vergunning als bedoeld onder artikel 3.1.1.1, voor zover de oorspronkelijke vergunning op het moment van de aanvraag niet ouder is dan vijf jaar een ontheffing ingevolge artikel 4, vijfde lid of artikel 35, eerste lid van de Alcoholwet 3.1.2
3.1.2.1
Horeca
€ 259,--
€ 209,--
€ 47,00
Ontheffing sluitingsuur horeca
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing van de sluitingstijd voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2.3.1.9, vijfde lid APV Helmond 2020, per dag
€ 22,10
3.1.4 Geluidhinder buiten een inrichting op het gebied van horeca, sport en recreatie 3.1.4.1
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om ontheffing ingevolge artikel 4.1.5, tweede lid, APV Helmond 2020
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
€ 22,10
blz. 41
Hoofdstuk 2 3.2.1
Organiseren van evenementen Evenementen
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning tot het houden van een evenement ingevolge artikel 2.2.1.2a APV Helmond 2020 en de nota evenementenbeleid: 3.2.1.1.1 voor evenementen met de hoogste complexiteit m.b.t. openbare orde en veiligheid (C-categorie evenementen) 3.2.1.1.2 voor evenementen met een gemiddelde complexiteit m.b.t. openbare orde en veiligheid (B-categorie evenementen) 3.2.1.1.3 voor evenementen met de laagste complexiteit m.b.t. openbare orde en veiligheid (A-categorie evenementen) Voornoemd legesbedrag laat onverlet de bevoegdheid om daarnaast van gemeentewege precariobelasting te heffen (zie geldende Verordening Precariobelasting Helmond). 3.2.1.1
3.2.2 3.2.2.1
€ 515,-€ 258,-€ 32,00
Wedstrijden betaald voetbal
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een voetbalvergunning ex artikel 2.2.2.5, eerste lid APV Helmond 2020: voor zover de aanvraag betrekking heeft op één wedstrijd voor zover de aanvraag betrekking heeft op meerdere wedstrijden
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
€ 129,-€ 258,--
blz. 42
Hoofdstuk 3 e.d. 3.1
Seksinrichtingen, seksbioscopen, escortbedrijven
Exploiteren seksinrichting
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 3.3.1.1 3.3.1.2 3.3.1.3
om vergunning voor het exploiteren van een seksinrichting (niet zijnde een seksbioscoop) ingevolge artikel 3.2.1 APV Helmond 2020. tot wijziging van een vergunning voor het exploiteren van een seksinrichting als bedoeld in het vorige lid tot wijziging als bedoeld bij 3.3.1.2 indien het uitsluitend een wijziging in het beheerderschap betreft 3.2
€ 3.097,-€ 1.548,-€ 618,--
Exploiteren seksbioscoop
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 3.3.2.1 3.3.2.2
om vergunning voor het exploiteren van een seksbioscoop. tot wijziging van een vergunning voor het exploiteren van een seksbioscoop 3.3
€ 1.548,-€ 929,--
Exploiteren escortbedrijf
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 3.3.3.1 3.3.3.2
om vergunning voor het exploiteren van een escortbedrijf ingevolge artikel 3.2.1 APV Helmond 2020 tot wijziging van een verleende vergunning voor het exploiteren van een escortbedrijf 3.4
€ 1.548,-€ 929,--
Vermindering legesbedrag
3.3.4.1
Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag als bedoeld onder 3.3.1.1 tot en met 3.3.3.2. 3.3.4.1.1 Als een aanvrager zijn aanvraag als bedoeld onder 3.3.1.1 tot en met 3.3.3.2 intrekt voordat deze in behandeling is genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt 50%. 3.3.4.1.2 Als op een aanvraag als bedoeld onder 3.3.1.1 tot en met 3.3.3.2 afwijzend wordt beschikt, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt 50%.
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
blz. 43
Hoofdstuk 4 4.1
Winkeltijden Winkeltijdenwet en verordening winkeltijden
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 3.4.1.1 3.4.1.2
3.4.1.3
Tot het verlenen van een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet en de Verordening winkeltijden Helmond 2013 tot het verlenen van toestemming ingevolge artikel 5 Verordening winkeltijden Helmond 2013 om een in het vorige onderdeel bedoelde ontheffing over te dragen aan een ander Het tarief bedraagt in verband met het wijzigen van één in de onderdelen 3.4.1.1 of 3.4.1.2 bedoelde aanvraag
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
€ 41,30 € 41,30
€ 41,30
blz. 44
Hoofdstuk 5
Kinderopvang
Exploitatievergunning Kinderopvang 3.5 3.5.1
3.5.2
3.5.3
3.5.4
3.5.5
3.5.6
3.5.7
3.5.8
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag: tot het in exploitatie nemen van een kindercentrum of gastouderbureau overeenkomstig artikel 1.45, eerste lid van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen tot het in exploitatie nemen van een peuterspeelzaal overeenkomstig artikel 2.2, eerste lid van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen tot het in exploitatie nemen van een kindercentrum of gastouderbureau naar aanleiding van een voorgenomen wijziging van het adres van vestiging van dat kindercentrum overeenkomstig artikel 7, vierde lid, Besluit registers kinderopvang, buitenlandse kinderopvang en peuterspeelzaalwerk tot het in exploitatie nemen van een peuterspeelzaal naar aanleiding van een voorgenomen wijziging van het adres van de peuterspeelzaal overeenkomstig artikel 13, vierde lid, Besluit registers kinderopvang, buitenlandse kinderopvang en peuterspeelzaalwerk tot het in exploitatie nemen van een voorziening voor gastouderopvang overeenkomstig artikel 1.45, tweede lid van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen tot het in exploitatie nemen van een voorziening voor gastouderopvang op een gewijzigd adres (verhuizing) overeenkomstig artikel 7, vierde lid, Besluit registers kinderopvang, buitenlandse kinderopvang en peuterspeelzaalwerk tot het in exploitatie nemen van een extra voorziening voor gastouderopvang (extra
opvanglocatie) overeenkomstig artikel 7, vierde lid, Besluit registers kinderopvang, buitenlandse kinderopvang en peuterspeelzaalwerk tot het in exploitatie nemen van een voorziening voor gastouderopvang door een gastouder die niet langer dan 3 maanden (peildatum datum van aanvraag) uitgeschreven is geweest uit het LRKP, overeenkomstig artikel 1.45, tweede lid van de Wet kinderopvang
€ 714,00
€ 714,00
€ 714,00
€ 714,00
€ 448,00
gratis
gratis
gratis
Besloten in de openbare vergadering van 9 november 2021. Mij bekend, de raadsgriffier
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
blz. 45
Bijlage: Overzicht normkosten ten behoeve van berekeningen van de Waboleges en leges bestemmings-, uitwerkings- en wijzigingsplannen. Bijlage bij tarieventabel legesverordening 2022 (1/2) De prijzen gelden per bruto eenheid zoals vermeld
1.
Woningen
1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6 1.7 1.8 1.9 1.10 1.11
Rijtjeswoningen (huur of koopproject) Halfvrijstaande woningen (projectmatig) Halfvrijstaande woningen (vrije sector) Vrijstaande woningen (projectmatig) Vrijstaande woningen (particulier) Appartementen (eenvoudig) Appartementen (luxe) / bungalows Woonwagens en noodwoningen (chalet) Grote kelder onder een woning Eenvoudige kelder onder vrijstaande woning Kelder tot 30m3 en prefab kelders
2.
Bijgebouwen, garages, e.d.
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8 2.9
Halfsteens of hout met plat dak Halfsteens of hout, pannendak Spouwmuur, plat dak Spouwmuur, pannendak Carport, plat dak Carport, pannendak Serre Tuinhuisje Zwembad
3.
Woninguitbreidingen/ -verbouwingen
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6
Uitbreiding woonruimte Uitbreiding bergruimte Dakkapel Verandering woonruimte (inpandig) Gevelwijziging Nieuw dak
4.
Erfscheidingen
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
Hout Metselwerk penanten met hout Metselwerk halfsteens Metselwerk steens Gaashekwerk
5.
Bedrijfsgebouwen
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6
Bedrijfshal(gemetseld) tot 3 m hoog, oppervl < 5.000 m 2 idem als 5.1 oppervl tussen 5.000-10.000 m2 idem als 5.1 oppervlak groter dan 10.000 m2 Bedrijfshal systeemb. 3-6 m hoog; oppervl < 5.000 m2 idem als 5.4 oppervl tussen 5.000-10.000 m2 idem als 5.4 oppervlak groter dan 10.000 m2
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
excl. BTW (euro)
eenheid
265,00 281,00 286,00 297,00 345,00 318,00 392,00 191,00 237,00 308,00 308,00
per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m3
116,00 121,00 143,00 165,00 149,00 187,00 605,00 149,00 220,00
per m3 per m3 per m3 per m3 per m2 per m2 per m2 per m2 per m3
347,00 171,00 935,00 156,00 696,00 139,00
per m3 per m3 per m1 per m3 per m2 per m2
72,00 121,00 143,00 198,00 58,00
per m1 per m1 per m1 per m1 per m1
119,00 114,00 111,00 81,00 73,00 70,00
per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m3
blz. 46
Overzicht normkosten ten behoeve van berekeningen van de Waboleges en leges bestemmings-, uitwerkings- en wijzigingsplannen. Bijlage bij tarieventabel legesverordening 2022 (2/2) De prijzen gelden per bruto eenheid zoals vermeld
5.7 5.8 5.9 5.10 5.11 5.12 5.13 5.14 5.15 5.16 5.17
bedrijfshallen systeemb. 6-9 m hoog;oppervl < 5.000 m2 idem als 5.7 oppervl tussen 5.000-10.000 m2 idem als 5.7 oppervlak groter dan 10.000 m2 Hal hoger dan 9 m. oppervlakte kleiner dan 5.000 m2 idem als 5.10 oppervlakte tussen 5000 en 10.000 m2 idem als 5.10 oppervlakte groter dan 10.000 m2 Tussenvloer in de hal extra Kantoorvloer in de hal extra Bedrijfskantoor in de hal Kantoren (aangebouwd) Kantoren (vrijstaand)
6.
Overige gebouwen
6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6 6.7 6.8 6.9 6.10
School Noodschool Sporthal Winkelfunctie: eenvoudige uitvoering Winkelfunctie met representatief karakter / showroom Café/bar/restaurant Kleedgebouw Zorgfunctie (kleinschalig) Interne wijzigingen Gevelwijzigingen
7.
Agrarische gebouwen
7.1 7.2 7.3 7.4 7.5 7.6 7.7 7.8 7.9 7.10 7.11
Open loods Gesloten loods Veldschuur Werktuigenberging Rundveestal (metselwerk) Rundveestal (staalwanden) Varkensstal (metselwerk) Varkensstal (staalwanden) Kippenstal (metselwerk) Kippenstal (staalwanden) Tuinbouwkas
8.
Parkeerkelders
8.1 8.2
Parkeerkelder half onder de grond Parkeerkelder geheel onder de grond
excl. BTW (euro)
eenheid
59,00 55,00 52,00 54,00 50,00 45,00 140,00 143,00 228,00 281,00 323,00
per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m2 per m2 per m3 per m3 per m3
318,00 207,00 302,00 318,00 339,00 339,00 260,00 318,00 92,00 561,00
per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m3 per m2
148,00 186,00 170,00 170,00 318,00 276,00 477,00 413,00 212,00 148,00 37,00
per m2 per m2 per m2 per m2 per m2 per m2 per m2 per m2 per m2 per m2 per m2
247,00 403,00
per m3 per m3
Bovenstaand overzicht zal worden gehanteerd vanaf 1 januari 2022.
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
blz. 47
Toelichting Legesverordening Helmond 2022 Algemeen Wettelijke basis De leges worden geheven op basis van artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet. De legesheffing voor reisdocumenten en de Nederlandse identiteitskaart berust niet op artikel 229 van de Gemeentewet, maar op artikel 7 van de Paspoortwet, in samenhang met artikel 2, tweede lid, van die wet (wijziging Paspoortwet per 9 maart 2014). Vanaf 1 januari 1995 komt het begrip ‘leges’ niet meer voor in de Gemeentewet. De reden hiervan is dat er geen wezenlijke verschillen bestaan tussen leges en andere rechten. Het begrip ‘rechten’ in artikel 229 van de Gemeentewet omvat mede de leges. In deze verordening is ervoor gekozen (analoog aan de modelverordening) de rechten ‘leges’ te blijven noemen, omdat het hier gaat om een ingeburgerd en herkenbaar begrip. Bovendien gaat het in vrijwel alle gevallen om het in behandeling nemen van aanvragen en vergunningen e.d. en om het verstrekken van documenten. In verband met artikel 10 van de modelverordening leges (overdracht van bevoegdheden) is in de aanhef eveneens artikel 156, eerste en tweede lid, onder h, van de Gemeentewet genoemd. Artikel 4 Vrijstellingen Regelt de vrijstellingen.
Nieuwe jurisprudentie: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2016:5354 Omgevingsvergunning aangevraagd tbv een aanleg van een project behorend tot het voor het publiek openstaande wegennet binnen de gemeente is een publieke taak van de gemeente. Tarieventabel Algemeen: Indeling van de tarieventabel Gelet op artikel 229b van de Gemeentewet en de (on)mogelijkheden tot kruissubsidiëring als gevolg van de Europese Dienstenrichtlijn en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (zie de toelichting op artikel 5 van de verordening) is de tarieventabel in drie titels onderverdeeld: - titel 1 Algemene dienstverlening; - titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning; - titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese Dienstenrichtlijn en niet vallend onder titel 2. Kruissubsidiëring Binnen titel 1 is kruissubsidiëring mogelijk tussen de verschillende hoofdstukken. Hetzelfde geldt voor titel 2. De wetgever gaat er bij de omgevingsvergunning van uit dat alleen binnen de omgevingsvergunning kruissubsidiëring kan worden toegepast en niet met dienstverlening daarbuiten. Maar kruissubsidiëring tussen titel 1 en titel 2 is niet verboden, nu de wetgever artikel 229b van de Gemeentewet niet heeft gewijzigd. Dit blijkt ook uit Hoge Raad 13 februari 2015, nr. 14/00655, ECLI:NL:HR:2015:282.
De Hoge Raad oordeelt dat de toets aan de opbrengstlimiet van artikel 229b Gemeentewet niet strenger is geworden door de komst van de Wabo. Overigens zijn in titel 2 ook een paar andere diensten opgenomen die verband houden met de fysieke leefomgeving of de omgevingsvergunning (hoofdstukken 2, 8 en 9). Op basis van artikel 13, tweede lid, van de Europese Dienstenrichtlijn geldt voor titel 3 dat slechts kruissubsidiëring binnen elk hoofdstuk mogelijk is. Een hoofdstuk in titel 3 betreft een individueel vergunningstelsel dan wel een cluster van samenhangende vergunningstelsels. Elk hoofdstuk van titel 3 dient
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
blz. 48
de gemeente te controleren op kostendekkendheid. Indien uit controle blijkt dat er op het betreffende vergunningstelsel of samenhangende vergunningstelsels winst wordt gemaakt, dienen de tarieven te worden aangepast tot of onder 100% kostendekkendheid. Hierbij wordt nog opgemerkt, dat de Hoge Raad prejudiciële vragen heeft gesteld over de toepassing van de Europese Dienstenrichtlijn op legesheffing (Hoge Raad 5 juni 2015, nr. 13/03931, ECLI:NL:HR:2015:1467). Een en ander betekent dat (ook) bij de leges een nauwkeurige, op controleerbare wijze vastgelegde kostentoerekening nodig is. Voor de tariefstelling moet de gemeente nagaan wat de kostprijs van de verschillende diensten is. Vervolgens kan de gemeente een beslissing nemen over de mate van kruissubsidiëring (voor zover mogelijk) tussen de verschillende diensten en de mate waarin zij het profijtbeginsel wil laten doorwerken in het tarief. Zie het model kostenonderbouwing leges omgevingsvergunning, te vinden op www.vng.nl. In de eerdergenoemde uitspraak van Hoge Raad 5 juni 2015, nr. 13/03931, ECLI:NL:HR:2015:1467, oordeelt de Hoge Raad: 2.3.4. Het (…) ten aanzien van “kruissubsidiëring” geciteerde uitgangspunt van het kabinet heeft niet geleid tot wetgevende maatregelen.
Ook is geen gebruik gemaakt van de in artikel 2.9, lid 2, Wabo opgenomen bevoegdheid om nadere regels te stellen voor de toepassing van artikel 229b, lid 1, letter b, van de Gemeentewet. Evenmin is die bepaling in de Gemeentewet zelf gewijzigd. 2.4. Hetgeen hiervoor in 2.3 is vooropgesteld leidt tot de gevolgtrekking dat de beoordeling van de opbrengstlimiet ook thans nog moet plaatsvinden in het licht van hetgeen ondubbelzinnig uit de ontstaansgeschiedenis van die bepaling volgt, namelijk toepassing van de daarin neergelegde toets op 'het totaal van de geraamde baten van de rechten die in een verordening zijn geregeld, en het totaal van de geraamde lasten die de werkzaamheden meebrengen waarvoor deze rechten geheven worden' (zie HR 4 februari 2005, nr. 38860, ECLI:NL:HR:2005:AP1951, BNB 2005/112).’ Voor de toets aan de opbrengstlimiet blijven de totaal geraamde baten en lasten van alle tarieven uit de legesverordening dus van belang. Onderdeel 1.4.5 Verstrekkingen gegevens o.b.v. het Besluit BRP: In onderdeel 1.4.5 zijn leges opgenomen voor het aan betrokkenen verstrekken van schriftelijke gegevens als bedoeld in artikel 17 van het Besluit brp. In artikel 10, tweede lid, van de Regeling basisregistratie personen is hiervoor een maximumtarief opgenomen van € 7,50.
De Hoge Raad heeft geoordeeld dat dit tarief moet wijken voor de vrijstelling van artikel 41 van de Wet Uitkeringen vervolgingsslachtoffers en artikel 52 van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers, waarin staat dat de gevraagde inlichtingen kosteloos moeten worden verstrekt. In dat geval kunnen deze leges dus niet worden geheven (Hoge Raad 10 juni 2005, nr. 39814, LJN: AT7214). Onderdeel 1.13.2.3 – 1.13.2.6, Gehandicaptenparkeerplaats: Artikel 29 Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) bepaalt dat: de kosten, voortvloeiende uit de plaatsing van het bord E06, behorende bij het RVV 1990, kunnen worden verhaald op degene of degenen ten behoeve van wie het bord wordt geplaatst.
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72B
blz. 49
Raadsvoorstel 72C Vergadering 9 november 2021
Gemeenteraad
Onderwerp
: Verordening marktgeld Helmond 2022
B&W vergadering Dienst / afdeling
: 28 september 2021 : FIN.FBB
Aan de gemeenteraad, Uitgangspunt is, dat de tarieven worden verhoogd met niet meer dan het inflatiecorrectiepercentage (voor 2022 0,40%). Het tarief voor de dinsdagmarkt wordt verhoogd van € 0,39 naar € 0,40, dat van de woensdagmarkt blijft € 0,57 in 2022 en voor de vrijdagmarkt wordt verhoogd van € 0,35 naar € 0,36 per vierkante meter. De zaterdagmarkt tenslotte blijft ook in 2022 op € 1,00 per vierkante meter. Het tarief voor standwerkers wordt verhoogd naar € 13,08 per (dag)plaats. Het tarief voor een elektriciteitsaansluiting wordt eveneens verhoogd. De opgenomen bedragen zijn exclusief BTW, waarbij het voor de weekmarkten komt op € 45,91 per kwartaal. Voor de zaterdagmarkt wordt dit € 60,84 per kwartaal. De bijdrage voor de Stichting Marktpromotie Helmond wordt ten behoeve van de zaterdagmarkt met het inflatiecorrectiepercentage verhoogd tot € 0,1566 per vierkante meter. Mogelijk volgt hier nog een aanpassing op, na overleg met de Stichting. Wij stellen u voor te besluiten conform bijgaande conceptverordening. Burgemeester en wethouders van Helmond, de burgemeester mevr. P.J.M.G. Blanksma – van den Heuvel
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72C
de secretaris H. J. de Ruiter
blz. 50
Raadsbesluit 72C Vergadering 9 november 2021
Gemeenteraad
De raad van de gemeente Helmond; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 28 september 2021; gelet op het bepaalde in hoofdstuk XIX van de Gemeentewet en artikel 229, lid 1, aanhef en letter a en b van die wet in het bijzonder; besluit: vast te stellen de Verordening marktgeld Helmond 2022;
Artikel 1. Definities Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: a. markt: de warenmarkt die plaatsvindt op de bij of krachtens de Marktverordening Helmond 2006 vastgestelde dag, tijd en plaats; b. standplaats: een standplaats als bedoeld in artikel 1 van de Marktverordening Helmond 2006; c. Vaste plaats: een standplaats, die voor onbepaalde tijd en tot wederopzegging beschikbaar wordt gesteld aan een vergunninghouder; d. dagplaats: een standplaats, die per marktdag beschikbaar wordt gesteld omdat deze niet als vaste plaats is toegewezen dan wel ingenomen; e. vergunninghouder: degene aan wie door het college vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats; f. marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het college, die belast is met de algehele leiding en supervisie over de markt; g. abonnement: als sprake is van een vergunninghouder met een vaste plaats, dan wordt de belasting per kwartaal in rekening gebracht; h. m2 oppervlakte: het werkelijk in gebruik genomen aantal vierkante meters van een standplaats; een gedeelte van een vierkante meter wordt als een volle vierkante meter aangemerkt. Artikel 2. Aard van de heffing en belastbaar feit 1.
Onder de naam 'marktgeld' wordt een recht geheven voor het gebruik of genot van een al dan niet gereserveerde standplaats en het te koop aanbieden van voorwerpen of goederen op de daarvoor aangewezen marktterreinen, daaronder begrepen de diensten welke in verband hiermee door of vanwege de gemeente worden verleend. 2. Tijdens de jaarlijkse kermissen of andere georganiseerde evenementen op reguliere marktterreinen wordt een alternatieve locatie aangewezen als marktterrein. Artikel 3. Belastingplicht 1. Het recht wordt geheven van degene, die van een markt- of staanplaats gebruik maakt of het genot heeft; 2. Ter zake van een vaste plaats wordt als belastingplichtige, bedoeld in het eerste lid, aangemerkt de vergunninghouder.
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72C
blz. 51
Artikel 4. Tarieven 1. Het marktgeld bedraagt: a. voor kramen, tenten, tafels of andere soortgelijke opstallen, alsmede voor gronduitstallingen, per werkelijk in gebruik genomen vierkante meter oppervlakte: per dag per of kwartaal gedeelte daarvan I. voor de zaterdagse marktdag € 1,00 € 10,00 II. voor de dinsdagse marktdag € 0,40 € 4,00 III. voor de woensdagse marktdag € 0,57 € 5,70 IV. voor de vrijdagse marktdag € 0,36 € 3,60 V. Het tarief onder I wordt ten behoeve van promotiedoeleinden, per m2 ingenomen oppervlakte verhoogd met € 0,1566 € 1,566 b. voor zgn. standwerkers, indien niet meer dan 2 m2 marktruimte in beslag wordt genomen; € 13,08 € 130,80 voor iedere m2 meer € 1,91 € 19,10 c. voor het wandelend te koop aanbieden van voorwerpen of goederen € 3,82 € 38,20 d. voor alle andere niet onder a. tot en met c genoemde gevallen, waaronder begrepen het door bijzondere omstandigheden innemen van een standplaats met voertuigen, per m2 ingenomen oppervlakte € 1,91 € 19,10 2. Het ingevolge het eerste lid berekende marktgeld wordt: a. indien gebruik wordt gemaakt van een door de gemeente beschikbaar gestelde elektriciteitsaansluiting op een dinsdagse, woensdagse, vrijdagse of daarmee gelijkgestelde marktdag, verhoogd met € 4,59 per dag of gedeelte daarvan of € 45,91 per kwartaal; b.
indien gebruik wordt gemaakt van een door de gemeente beschikbaar gestelde elektriciteitsaansluiting op een zaterdagse of daarmee gelijkgestelde marktdag, verhoogd met € 6,08 per dag of gedeelte daarvan of € 60,84 per kwartaal. De bedragen in dit lid zijn exclusief BTW. Artikel 5.Abonnementen 1. Het college van burgemeester en wethouders kan markten aanwijzen, waarvoor van vaste standplaatshouders het marktgeld uitsluitend bij wijze van abonnement wordt geheven. 2. De abonnementen zijn noch geheel, noch gedeeltelijk overdraagbaar. Gehele of gedeeltelijke terugbetaling van een niet ten volle gebruikt abonnement heeft niet plaats. Artikel 6. Ontstaan van de belastingschuld Het recht is verschuldigd bij aanvang van de belastingplicht. Artikel 7. Wijze van heffing 1. Het recht voor een dagplaats wordt per dag geheven. 2. Het recht voor een vaste plaats wordt per kwartaal geheven. 3. Het marktgeld wordt geheven: a. bij wege van aanslag, indien het een vaste plaats betreft; b. bij wege van schriftelijke, gedagtekende kennisgeving in de overige gevallen. Artikel 8. Tijdstip van betaling 1. Het bij wege van abonnement geheven marktgeld moet worden voldaan binnen één maand na dagtekening van het aanslagbiljet.
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72C
blz. 52
2. Het marktgeld voor een standplaats moet worden voldaan op het tijdstip, waarop het gebruik van die standplaats aanvangt. Artikel 9. Kwijtschelding Bij de invordering van marktgeld wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 10. Intrekkingsbepaling en overgangsrecht De 'Verordening Marktgeld Helmond 2021' vastgesteld bij raadsbesluit van 10 november 2020 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 11, tweede lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel 11. Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2022. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022.
Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 9 november 2021. De raad voornoemd, de voorzitter
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72C
de griffier
blz. 53
Raadsvoorstel 72D Vergadering 9 november 2021
verbeterd exemplaar
Onderwerp
: Verordening onroerende-zaakbelastingen Helmond 2022
B&W vergadering Dienst / afdeling
: 28 september 2021 : FIN.FBB
Gemeenteraad
Aan de gemeenteraad, Bij de tariefbepaling voor 2022 is uitgegaan van een totaalopbrengst van € 23.513.228,--. Dit is gebaseerd op de OZB-opbrengsten over 2021 vermeerderd met de gevolgen van uitbreidingen (nieuwbouw e.d.). Daarnaast zijn de OZB-tarieven met het inflatiepercentage verhoogd. Voor het jaar 2022 is dat vastgesteld op 0,4%. Tenslotte voorziet het meerjarig tarievenbeleid erin, dat bij een stijging van de waarde van het onroerend goed in de gemeente de tarieven omgekeerd evenredig worden verlaagd en bij een daling dito verhoogd. Voor de periode 1/1/2020 tot 1/1/2021 is er een gemiddelde waardestijging van 14,0% voor de woningen, en 0,0% voor de niet-woningen. Doordat deze stijging conform genoemd beleid wordt gecompenseerd in de tarieven is er feitelijke sprake van een tariefsverlaging bij de woningen, voor de niet-woningen gaat het tarief licht omhoog met name door de inflatiecorrectie. Mochten deze percentages op basis van de resultaten van de nog lopende herwaardering tot aanpassingen leiden, dan zal er nog een wijzigingsvoorstel voor de onderstaande tarieven volgen. De tarieven voor 2022 worden vastgesteld als een percentage van de WOZ-waarde. Dit resulteert in de volgende tarieven: a. de gebruikersbelasting 1 voor onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen 0,1936 % b. de eigenarenbelasting 1.
voor onroerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen 0,1269 % 2. voor onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen 0,2419 % Voor een nadere toelichting hierop wordt verwezen naar de paragraaf lokale heffingen, behorend bij de begroting 2022. Wij stellen u voor te besluiten conform bijgaande conceptverordening.
Burgemeester en wethouders van Helmond, de burgemeester mevr. P.J.M.G. Blanksma – van den Heuvel
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72D
de secretaris H. J. de Ruiter
blz. 54
Raadsbesluit 72D Vergadering 9 november 2021 verbeterd exemplaar
Gemeenteraad
De raad van de gemeente Helmond; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 september 2021 gelet op de artikelen 220 tot en met 220h van de Gemeentewet;
besluit: vast te stellen de Verordening onroerende-zaakbelastingen Helmond 2022; Artikel 1. Belastbaar feit en Belastingplicht 1. Onder de naam 'onroerende-zaakbelastingen' worden voor binnen de gemeente gelegen onroerende zaken twee directe belastingen geheven: a. een belasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient, al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt, verder te noemen: gebruikersbelasting; b. een belasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar van een onroerende zaak het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, verder te noemen: eigenarenbelasting. 2. Bij de gebruikersbelasting wordt: a. gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; b. het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die die onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld; degene die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie die zaak ter beschikking is gesteld. 3.
Met betrekking tot de eigenarenbelasting wordt als genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de kadastrale registratie is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is. Artikel 2. Belastingobject 1. Als onroerende zaak wordt aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet waardering onroerende zaken. 2. Een onroerende zaak dient in hoofdzaak tot woning indien de waarde die op grond van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken is vastgesteld voor die onroerende zaak in hoofdzaak kan worden toegerekend aan delen van die onroerende zaak die dienen tot woning dan wel volledig dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Artikel 3. Maatstaf van heffing 1. De heffingsmaatstaf is de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde waarde voor het kalenderjaar bedoeld in artikel 1. 2. Indien met betrekking tot een onroerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak bepaald met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken. Artikel 4. Vrijstellingen 1.
In afwijking in zoverre van artikel 3 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet reeds is geschied bij de bepaling van de in dat artikel bedoelde waarde, de waarde van: a. ten behoeve van de land- of bosbouw bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond, daaronder mede begrepen de open grond, alsmede de ondergrond van glasopstanden, die bedrijfsmatig aangewend wordt voor de kweek of teelt van gewassen, zonder daarbij de ondergrond als voedingsbodem te gebruiken;
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72D
blz. 55
b. glasopstanden, die bedrijfsmatig worden aangewend voor de kweek of teelt van gewassen, voor zover de ondergrond daarvan bestaat uit de in onderdeel a bedoelde grond; c. onroerende zaken die in hoofdzaak zijn bestemd voor de openbare eredienst of voor het houden van openbare bezinningssamenkomsten van levensbeschouwelijke aard, een en ander met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; d. één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de in artikel 1, derde lid, onderdeel b, van die wet bedoelde voorwaarden met uitzondering van de daarop voorkomende gebouwde eigendommen; één of meer onroerende zaken die deel uitmaken van een op de voet van de Natuurschoonwet 1928 aangewezen landgoed dat voldoet aan de in artikel 1, derde lid, onderdeel b, van die wet bedoelde voorwaarden met uitzondering van de daarop voorkomende gebouwde eigendommen; e. natuurterreinen, waaronder mede worden verstaan duinen, heidevelden, zandverstuivingen, moerassen en plassen, die door rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid welke zich uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het behoud van natuurschoon ten doel stellen, beheerd worden; f. openbare land- en waterwegen en banen voor openbaar vervoer per rail, een en ander met inbegrip van kunstwerken; g.
waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning; h. werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning; i. werktuigen die van een onroerende zaak kunnen worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis aan die werktuigen wordt toegebracht en die niet op zichzelf als gebouwde eigendommen zijn aan te merken. j. straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde eigendommen - niet zijnde gebouwen - welke zijn geplaatst ten gerieve of in het belang van het publiek, ten dienste van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten, verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri's, hekken en palen; k. plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning; 2.
In afwijking in zoverre van artikel 3 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf voor de gebruikersbelasting buiten aanmerking gelaten de waarde van gedeelten van de onroerende zaak die in hoofdzaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Artikel 5. Belastingtarieven 1. Het tarief van de belasting bedraagt een percentage van de heffingsmaatstaf. Het percentage bedraagt voor: a. de gebruikersbelasting 0,1936 %; b. bij de eigenarenbelasting (1) voor onroerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen 0,1269 %; (2) voor onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen 0,2419 %. 2. Het bedrag van de belasting wordt per belastingaanslag naar beneden afgerond op 50 eurocent. Artikel 6. Wijze van heffing De belastingen worden bij wege van aanslag geheven.
Artikel 7. Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de aanslag worden betaald in één termijn, welke vervalt op de laatste dag van de tweede maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 2. In afwijking van het eerste lid geldt, ingeval voldaan wordt aan de voorwaarden, gesteld in de geldende “Beleidsregels automatische incasso belastingen Helmond”, en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de
Gemeenteraad van Helmond Raadsvoorstel 72D
blz. 56
aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke termijnen. De eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 3. De algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden genoemde termijnen. 4. Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, van de Invorderingswet 1990, met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete is het eerste lid van overeenkomstige toepassing en is het tweede lid niet van toepassing. Artikel 8. Intrekkingsbepaling en overgangsrecht De "Verordening onroerende-zaakbelastingen Helmond 2021” vastgesteld bij raadsbesluit van 10 november 2020, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 9, tweede lid genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel 9. Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2022. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022.