Beantwoording vragen commissiebehandeling Overname Stadion Helmond Sport
Tekst van het document
Geachte raads- en burgercommissieleden, Op 15 februari jl. hebben wij met elkaar gesproken over het Raadsvoorstel waarmee u gelegenheid wordt geboden wensen en bedenkingen kenbaar te maken over het voornemen van het college het huidige stadion van Helmond Sport over te nemen van de Stichting Belangen Helmond Sport (‘SBHS’ of ‘de stichting’). Tijdens die vergadering hebben wij toegezegd de voornaamste vragen die vanuit uw zijde gesteld zijn, ook nog op schrift voor u te beantwoorden. Onderstaand treft u deze antwoorden aan. Wij hopen u hiermee de gevraagde helderheid te verschaffen. Vriendelijke groet, Harrie van Dijk Serge van de Brug
1. Waarom wil de gemeente het stadion reeds nu overnemen? Waarom wil SBHS het stadion reeds nu overdragen? De belangrijkste risico’s voor de gemeente zijn zowel aan de orde bij nu overnemen als bij overnemen in 2024; waarom dan toch nu overnemen? De redenen waarom de gemeente het stadion nu wil overnemen, c.q. mee wil werken aan het verzoek van de stichting, zijn: De gemeente komt zelf achter het stuur te zitten De exploitatie van het huidige stadion komt steeds meer in het kader te staan van de ontwikkeling van de nieuwe campus. Daarom is het belangrijk dat met de huidige huurders door de gemeente rechtstreeks afspraken kunnen worden gemaakt, en dat we de sloopwerkzaamheden en alles wat daar voor nodig is kunnen voorbereiden. Door zelf eigenaar te worden is het eenvoudiger en efficiënter om deze taken op te pakken. Er hoeft dan immers niet langer via of met de stichting geschakeld te worden. De risico’s van het niet tijdig doorlopen van deze stappen, liggen bovendien bij de gemeente. Dit komt omdat we als gemeente afspraken hebben gemaakt met de nieuwe gebruikers van deze locatie. De nieuwe sportvelden van SV De Braak komen immers te liggen op de plek waar nu het stadion staat. Beperking van (financiële) risico’s De gemeente heeft voor een groot bedrag aan leningen en borgstellingen uitstaan bij de stichting.
Na de voorgestelde overname is het de verwachting dat de stichting zichzelf schuldenvrij kan opheffen. Het is – mede vanwege de hoge financieringslasten van deze leningen – voor de stichting onzeker of dit in de toekomst ook nog het geval zal zijn. Wanneer de stichting daadwerkelijk in financiële problemen zou komen, dan loopt ook de gemeente hierdoor risico’s en kan dit tot (juridische) procedures leiden die de ontwikkeling van de nieuwe MFSA en buitenruimte kunnen vertragen. Het past nu binnen staatssteun, bij latere overname is dat onzeker Vanaf de aanvang van het project is het de bedoeling geweest het stadion over te nemen tegen vergoeding van de omvang van leningen en borgstellingen. Op dit moment is de waarde van het stadion dusdanig dat dit ook tot de mogelijkheden behoort en hierbij geen sprake is van staatssteun. Het is onzeker of dit op een later moment ook nog mogelijk is. Latere overname leidt daarmee tot extra risico’s voor de planning en realisatie van de MFSA en de Buitenruimte. De redenen waarom de stichting het stadion nu wil overdragen aan de gemeente zijn: De stichting krijgt geen rol in de nieuwe campus
De exploitatie van het stadion komt steeds meer in het teken te staan van de nieuwe campus. De stichting krijgt daarin geen rol en wil graag tot afronding van haar werkzaamheden komen. Nu overnemen maakt schuldenvrije opheffing mogelijk, bij latere overname is dat onzeker Door op korte termijn over te dragen, kan de gemeente binnen de staatssteunregels een vergoeding voldoen, die de stichting in staat stelt zichzelf schuldenvrij op te heffen. Het belang van deze schuldenvrije opheffing is voor de stichting groot, aangezien het bestuur het van belang acht om haar werkzaamheden op een nette manier af te wikkelen. De mogelijkheid van schuldenvrije opheffing is ook een belangrijk kader geweest van de eerdere afspraken tussen gemeente en stichting in 2018.
2. Hoe zit het met de financiën? Kan het college restant budgetten van de Veiligheidslening (€ 250.000) inzetten voor de MFSA? Hoe zit het met de sloopkosten? Zowel de Veiligheidslening (Raadsbesluit 87, 2016) als het bedrag dat benodigd is voor de overname van het stadion maken deel van het totale projectbudget van SBC De Braak, dat in 2017 (Raadsbesluit 79) en 2020 (Raadsbesluit 80) door de gemeenteraad is toegekend. Binnen het project kan het college budgetten verschuiven, zolang de totale besteding in lijn is met de oorspronkelijke bedoeling. De toevoeging van circa € 50.000 aan de Post Onvoorzien (het verschil tussen de raming van € 1,4 miljoen en het benodigde bedrag van € 1,35 miljoen) is daar een voorbeeld van. Ook is het de verwachting dat van het bedrag van de Veiligheidslening een deel niet besteed zal hoeven worden. Omdat het huidige stadion nog enkele jaren geëxploiteerd wordt, zullen wij dit budget tot het moment van sloop niet voor andere doelen aanwenden. Voor de aanvullende veiligheidsvraag voor de nieuwe MFSA van € 145.000 (zie Raadsinformatiebrief van 7 december 2021) zullen wij vooralsnog daarom een beroep doen op de Post Onvoorzien. Wanneer na sloop budget voor het huidige stadion overblijft, zullen wij dit conform onze systematiek toevoegen aan de Post Onvoorzien van het gehele project.
De zin “Gezien de behoeften op het terrein van Veiligheid in de nieuwe MFSA zijn we dan ook voornemens een deel van dit reeds voor Veiligheid toegekende budget in te zetten in de nieuwe MFSA (met een Veiligheidsbestemming) in plaats van het huidige stadion.” hebben wij om deze reden uit het Raadsvoorstel schrapt. Een aangepast Raadsvoorstel is inmiddels aan u toegezonden. Deze werkwijze is naar aanleiding van uw vragen afgestemd met onze concerncontroller. Daarnaast is gevraagd naar de sloopkosten van het oude stadion. Deze zijn geraamd en maken eveneens deel uit van het projectbudget. Het is dus niet zo dat de gemeente met extra kosten wordt geconfronteerd, die verband houden met de sloop van het stadion. Deze waren ook in een scenario bij latere overname aan de orde geweest.
3. Waarom kan de gemeente een post onvoorzien van € 25.000 in haar exploitatiebegroting opnemen, waar dat voor SBHS niet mogelijk was? De begroting van SBHS wordt voor een fors deel belast met kosten die verband houden met de leningen bij verschillende banken. Rente- en aflossingskosten maken immers een fors onderdeel uit van de bedragen. Door het overnemen van het stadion en het tegelijkertijd aflossen van de leningen door SBHS komen deze kosten in de exploitatieopzet van de gemeente niet terug. Dit maakt het mogelijk om meer middelen voor onderhoud op te nemen in de begroting (t.o.v. SBHS) en bovendien een post onvoorzien van € 25.000 op te nemen. Om die redenen verwachten wij dat het mogelijk is het stadion budgetneutraal te kunnen exploiteren. Bovendien verwachten wij dat hierdoor een beroep op de budgetten van de Veiligheidslening minder snel nodig zal zijn, waardoor het realistisch is een deel van dit bedrag op een andere manier voor Veiligheid in te zetten.
4. Waarom is de huidige taxatie lager dan de taxatie uit 2018? De huidige taxatie is inderdaad lager dan de taxatie uit 2018. Dit wordt veroorzaakt (1) doordat er sprake is van een kortere resterende looptijd van het erfpachtrecht. Bovendien is in de nieuwe taxatie rekening gehouden met opmerkingen die de accountant eerder heeft gemaakt. Deze opmerkingen zagen op (2) de mogelijkheid van de gemeente om de erfpachtcanon (de vergoeding die de gemeente in rekening brengt voor de grond waarop het stadion staat) in 2024 te herzien, en (3) op een realistischer huurbedrag voor Helmond Sport passend bij de exploitatiemogelijkheden van het huidige stadion. Deze drie zaken hebben ertoe geleid dat de taxatiewaarde aanzienlijk lager is dan in 2018.
5. Hoe zit het met staatssteun? Kan hierover zekerheid gegeven worden? Wat gebeurt er als er toch sprake is van staatssteun? Om zoveel mogelijkheid zekerheid te krijgen over de risico’s rondom staatssteun hebben wij – mede op verzoek van de accountant – een uitgebreide staatssteunanalyse naar de voorgenomen transactie laten uitvoeren door een externe en onafhankelijke staatssteunjurist. De conclusie van die analyse hebben wij integraal opgenomen in het Raadsvoorstel. Ook hebben wij deze analyse met de accountant besproken. De accountant had op basis hiervan geen verdere vragen of opmerkingen. Daarmee hebben wij het maximale gedaan om voorafgaand aan de transactie zekerheid te krijgen over het niet aan de orde zijn van staatssteun. De conclusie van de staatssteunjurist is dat er geen sprake is van staatssteun in de zin van artikel 107 lid 1 VWEU. Verdere toetsing op staatssteun is gelet hierop niet meer nodig. Dat betekent niet dat geheel uit te sluiten is dat de Europese Commissie hier achteraf nader onderzoek naar kan doen. Gelet op het feit dat de transactie is gebaseerd op een onafhankelijk opgesteld taxatierapport, dit rapport is gevalideerd en een algehele analyse is uitgevoerd, is het niet de verwachting dat op basis van een eventueel onderzoek anders geconcludeerd zal worden.
In het onverhoopte geval dat dit toch gebeurt zal de gemeente bij de partij die het voordeel heeft genoten (SBHS) dit bedrag moeten terugvorderen.
6. Kan de stichting zichzelf schuldenvrij liquideren/opheffen? Wat betekent de doorgelegde lening van € 300.000 voor de mogelijkheid van de stichting zichzelf schuldenvrij te liquideren? SBHS heeft zelf aangegeven zich na de transactie schuldenvrij te kunnen opheffen. Of en op welke wijze zij dit bewerkstelligt en hoe zij omgaat met leningen aan derden is aan SBHS en niet aan de gemeente. Voor de gemeente is slechts van belang dat met de transactie de financiële banden en afhankelijkheden tussen de gemeente en SBHS worden doorgebroken en dat de transactie op deze wijze conform wet- en regelgeving kan plaatsvinden. Mocht het voor de stichting onverhoopt niet lukken zichzelf op te heffen, dan heeft dit geen impact op de gemeentelijke financiën. Dit komt omdat de uitstaande gemeentelijke leningen en borgstellingen na de transactie volledig zijn afgewikkeld.
7. Hoe zit het met bouwkundige risico’s? Conform de vereisten vanuit de KNVB heeft SBHS de constructieve veiligheid van het stadion jaarlijks laten onderzoeken. Deze rapportages heeft de Stichting ook met de gemeente gedeeld. Naar aanleiding van de casus bij NEC heeft de minister van Binnenlandse Zaken in afstemming met de KNVB alle eigenaren van stadion van Betaald Voetbalorganisaties (BVO’s) verzocht een nadere
aanvullende veiligheidsinspectie uit te laten voeren. Voor een dergelijk onderzoek heeft de Stichting recent opdracht gegeven. Het is – mede gezien de eerdere veiligheidsonderzoeken – niet onze verwachting dat hieruit bijzonderheden volgen. Daarnaast geldt dat de risico’s die verband houden met de constructieve veiligheid via de Veiligheidslening ook nu reeds ten laste komen van de gemeente. Het eerder overnemen van het stadion leidt daarmee ook niet tot een hoger risico voor de gemeente.