Antwoord op technische vragen plan! Rapport Rekenkamer onderzoek subsidiering en inkoop sociaal domein
Tekst van het document
Antwoord op technische vragen Rapport Rekenkamer onderzoek subsidiering en inkoop sociaal domein Door de fractie plan! zijn technische vragen gesteld m.b.t. het raadsvoorstel Rapport Rekenkameronderzoek subsidiering en inkoop sociaal domein, dat op 18 mei in de Adviescommissie besproken wordt. Bijgaand treft u vragen en antwoorden aan. In de rapportage van Andersson Elffers Felix wordt gesteld dat gemeente Helmond jaarlijks circa 73 miljoen euro besteedt via inkoop en subsidies in het sociaal domein. Naar aanleiding daarvan hebben wij de volgende vragen: 1. Welk aandeel van deze 73 miljoen euro gaat naar subsidies en welk aandeel naar inkoop? Antwoord: Het aandeel inkoop betreft circa 58 miljoen, subsidiering 15 miljoen. 2. Hoeveel subsidie-ontvangende organisaties en hoeveel zorgaanbiederorganisaties/partijen zijn hiermee gemoeid? Antwoord: Binnen inkoop betreft het 195 aanbieders voor jeugdhulp, 220 aanbieders voor Wmo. Er zijn 193 organisaties, variërend van verenigingen tot professionele maatschappelijke organisaties die we subsidiëren binnen het sociaal domein. Het is niet duidelijk hoe de onafhankelijke organisatie BIZOB en het “eigen” contractmanagement van gemeente Helmond zich tot elkaar verhouden. In het kader daarvan hebben wij de volgende vragen: 1.
Welke invloed heeft gemeente Helmond op het inkoopkader van BIZOB? Antwoord: Helmond en de Peelgemeenten werken op onderdelen van de inkoop in het sociaal domein op basis van afgestemd beleid samen. De Peelgemeenten maken vervolgens voor een aantal inkooptaken gebruik van BIZOB, waarbij het gemeentelijke inkoopkader richtinggevend is. 2. Wie stelt de inkoopcontracten op? Antwoord: De Peelgemeenten en Helmond hebben afspraken gemaakt met zorgaanbieders over de aard, de omvang, de prijs en de kwaliteit van de te leveren zorg voor Wmo (Begeleiding, Beschermd wonen, Kortdurend verblijf, Huishoudelijke ondersteuning) en Jeugd (Specialistische ondersteuning Jeugd en gezinswerkers, Verblijf en behandeling. Die afspraken zijn vastgelegd in overeenkomsten die tot stand zijn gekomen in overleg met aanbieders. 3. Zijn die inkoopcontracten uniform voor de Peelgemeenten en Helmond of is daar eigen “Helmondse” inbreng op mogelijk? Antwoord: Afspraken zijn uniform van aard voor zowel de Peelgemeenten als voor Helmond. 4. Wie is verantwoordelijk voor de KPI’s in de inkoopcontracten? Antwoord: De gemeenten bepalen deze Kern Prestatie Indicatoren. 5. Wat houdt de inkoop en het contractbeheer dat BIZOB voor de regio uitvoert specifiek in? Antwoord: Sinds 2015 hebben Helmond en de Peelgemeenten de volgende keuze gemaakt:
- Een deel van de jeugdhulp wordt gecontracteerd via gemeente Eindhoven. Meer informatie hierover is te vinden op www.21voordejeugd.nl. - Voor de overige jeugdhulp-taken en voor alle nieuwe Wmo-taken is gekozen voor het proces van bestuurlijk aanbesteden. Bestuurlijk aanbesteden is een inkoopmethodiek waarbij de traditionele verhouding tussen een inkoper (overheid) en leverancier (aanbieder) is losgelaten. Het belangrijkste kenmerk van bestuurlijk aanbesteden is overleg tussen de gemeenten en aanbieders. BIZOB ondersteunt op een aantal taken de gemeenten in het inkoop- en aanbestedingstraject. Bijvoorbeeld bij het tot stand brengen en actualiseren van contracten. Binnen het proces van bestuurlijk aanbesteden bestaan voor de contracten jeugdhulp, begeleiding, beschermd wonen en kortdurend verblijf twee overlegstructuren (overlegtafels) tussen de zes gemeenten en aanbieders: 1.Fysieke overlegtafel (FOT). Hieraan zitten vertegenwoordigers van diverse partijen met elkaar aan tafel. 2.Virtuele overlegtafel. Deze overlegtafel biedt iedereen die niet aan de fysieke overlegtafel zit de mogelijkheid om zijn/haar inbreng digitaal te leveren. 6. Wat houdt contractmanagement in? En hoe verhoudt dit zich tot contractbeheer? Antwoord: Contractbeheer beheert het proces als een zorgaanbieder zich meldt, registreert, controleert aangeleverde stukken en legt het contract vast.
De contractmanagers bewaken de kaders van het contract waaronder ook de financiële huishouding van gecontracteerde aanbieders, alsmede de kwaliteit van de dienstverlening. Contractmanagement vindt onder meer plaats in de vorm van een-opeen overleg met aanbieders. 7. Waarom heeft gemeente Helmond er sinds twee jaar voor gekozen om eigen contractmanagement te gaan voeren? Antwoord: Hiermee vergroten we de slagkracht gericht op zorgaanbieders die enkel of voor het grootste deel in onze stad actief zijn. Contractmanagement van Helmond en BIZOB werken nauw met elkaar samen. Zo kijken we ook naar kwaliteiten die voor de voorliggende taken nodig zijn en bij de inkoop en het contractmanagement in Helmond en BIZOB beschikbaar zijn. 8. Klopt het dat er slechts twee extern ingehuurde contractmanagers zijn? En klopt het dat de inhuur op korte termijn eindigt? Als dat juist geïnterpreteerd is uit het eindrapport van Andersson Elffers Felix, is dan vervolgens onderzocht wat de caseload kan zijn van een contractmanager? En in het verlengde daarvan: hoeveel FTE wordt er daarom geworven? En zijn de kosten hiervan opgenomen in de begroting van 2021? Antwoord: Momenteel wordt geworven op contractmanagement om vertrek van inhuur in te vullen. Naar verwachting zullen de ‘vaste‘ contractmanagers vlak voor of net na de zomervakantie hun werkzaamheden starten.
Contractmanagement kent een risico gestuurde aanpak, waarbij de aard en het niveau van de werkzaamheden bepaald worden door enerzijds de grootte van de aanbieder en anderzijds de specifieke risico’s (of signalen) bij een aanbieder. De kosten voor de contractmanagers worden opgevangen binnen de begroting 2021. 9. Welke concrete inspanningen zijn verricht om nieuwe contractmanagers te werven? Antwoord: Op dit moment is een wervingsprocedure gaande. 10. Waarom kiest gemeente Helmond er niet voor om de inkoop, contractbeheer en contractmanagement in eigen huis te organiseren? Antwoord: Helmond heeft dit in eigen huis georganiseerd. Vanwege de gezamenlijke inkoop met de anderen waaronder de Peelgemeenten op het gebied van jeugdhulp en Wmo wordt samengewerkt met deze gemeenten en BIZOB.
11. Waarom is er destijds gekozen voor een “open-house-constructie”? Antwoord: In 2015 ging de verantwoordelijkheid van erg veel zorg, hulp en ondersteuning over naar gemeenten. Daarvoor hadden provincie en zorgverzekeraars deze verantwoordelijkheid en contracten met zeer veel verschillende zorgaanbieders. Met name vanwege de gewenste zorgcontinuïteit voor onze inwoners is toen gekozen voor open house. Daarnaast waren er inhoudelijke afwegingen, zoals u hiervoor heeft kunnen lezen.