A2 SGE Sfeerverslag 31 mei 2023
Tekst van het document
SFEERVERSLAG BIJEENKOMST RAADSLEDEN 31 MEI 2023 Tijdens een zonnige avond kwamen raadsleden van de negen gemeenten van het Stedelijk gebied bij elkaar op de Brainport Industries Campus op uitnodiging van de Portefeuillehouders Economie van SGE. Jan Boersma, voorzitter van het portefeuillehoudersoverleg Economie heette iedereen welkom en gaf een korte inleiding op de agenda. Op deze agenda stonden de Regionale Detailhandelsvisie SGE en de Regionale Programmering Werklocaties.
REGIONALE DETAILHANDELSVISIE SGE Op advies van de Regionale Advies Commissie Detailhandel (RACD) gaven de negen wethouders Economie in 2022 opdracht voor de actualisatie van de detailhandelsvisie: ‘Regionale visie op centra’. Doel van de detailhandelsvisie is het realiseren van een optimaal functionerende detailhandels- en voorzieningenstructuur van centrum- en winkelgebieden in het Stedelijk Gebied Eindhoven. Robin van Lieshout van bureau BRO gaf tijdens de bijeenkomst een toelichting op de achtergronden, trends, cijfers en de voorgestelde hoofdlijnen van beleid. Zijn presentatie is terug te vinden op de website van het Stedelijk gebied Eindhoven.
REACTIES VAN DE AANWEZIGE RAADSLEDEN
Raadsleden gingen met de adviseur van BRO in gesprek over trends en cijfers. Ook waren er vragen over de uitvoering van de visie. Hoe kan een gemeente daadwerkelijk sturen op ongewenste ontwikkelingen? Dit komt aan bod in het uitvoeringshoofdstuk van de visie. Tot slot wilden raadsleden specifiek weten wat
er geleerd is van de vorige visie en wat er gewijzigd is ten opzichte van de visie uit 2015. Toegezegd is dat dit met een oplegger toegevoegd wordt aan het rapport ten behoeve van de behandeling in de raden. In het rapport is nadrukkelijk aandacht voor de uitvoering van de visie en is ook concreet cijfermateriaal terug te vinden per gemeente.
HOE NU VERDER?
Deze visie maakt onderdeel uit van de regionale detailhandelsvisie Metropoolregio Eindhoven. Daarom wordt deze visie besproken tijdens de Omgevingsdag in juli. De geactualiseerde regionale detailhandelsvisie SGE wordt dit najaar
door de wethouders economie ter besluitvorming aangeboden aan de negen gemeenteraden in het stedelijk gebied. De verbinding met het lokale detailhandelsbeleid is vervolgens een verantwoordelijkheid van iedere gemeente.
REGIONALE PROGRAMMERING WERKLOCATIES Om te kunnen voldoen aan de behoefte in de markt en de afspraken uit het Verstedelijkingsakkoord hebben de wethouders economie besloten de bestaande bedrijventerreinenprogrammering te actualiseren. Onderdeel hiervan is ook de invulling en mogelijke herijking van het financiële arrangement. De situatie op de markt van werklocaties is sterk gewijzigd. Van een overschot aan werklocaties zien we nu een tekort ontstaan. Voordat we starten met de daadwerkelijke programmering maken we daarom op het niveau van Zuidoost-Brabant een visie op werklocaties. Anton Bos, bureau BMC, gaf een toelichting
DILEMMA’S
Een van de dilemma’s waar we in onze regio voor staan is ‘hoeveel focus willen we aanbrengen’ ofwel ‘hoe streng willen we zijn welke bedrijven we wel of niet de ruimte geven’. Raadsleden geven daarbij aan dat een te eenzijdige focus op de HTSM-sector ook risico’s met zich meebrengt. Het risico dat de werkgelegenheid niet meer matcht met de arbeidsmarkt en het risico dat we ons te afhankelijk maken van één sector.
op de opzet van de visie op werklocaties en legde de dilemma’s die daarbij aan bod komen aan de raadsleden voor.
Er moet in ieder geval voldoende ruimte zijn voor het lokale MKB en bedrijven die zich richten op inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt. Ook moet duidelijk zijn waarvoor we niet kiezen. Is dat alleen de grootschalige logistiek of zijn dat meer sectoren? Dit signaal wordt meegenomen in de visie. Een ander dilemma is hoe je zorgt voor bedrijventerreinen die elkaar aanvullen,
in plaats van beconcurreren. Dat kan bijvoorbeeld door bedrijven te clusteren die een bepaalde synergie hebben. Raadsleden vragen zich af in hoeverre dit af te dwingen is, zeker op bestaande bedrijventerreinen. Het clusteren van bedrijven op milieucategorie en grootte zou wel meerwaarde kunnen hebben. Een dilemma waarover weinig discussie is gaat over het creëren van ruimte. Dat we zuinig moeten zijn op onze ruimte is overduidelijk. Intensiveren op bestaande terreinen is belangrijk, maar
geen eenvoudige klus. Het creëren van schuifruimte om dit mogelijk te maken moet onderdeel zijn van de programmering. Ook bij het laatste dilemma, hoe creëren we toekomstbestendige bedrijventerreinen, bestaat weinig discussie over het doel. Transities op het gebied van energie en klimaat zijn noodzakelijk. Hier gaat de discussie vooral over de mogelijkheden die een gemeente hierin heeft en in hoeverre je kiest voor stimuleren of afdwingen. Conclusie is wel dat het alleen lukt als we hierin als regio samen optrekken.
HOE NU VERDER?
De visie op werklocaties is voorbereid binnen alle subregio’s van het MRE-gebied. Deze visie wordt behandeld op de Omgevingsdag in juli. In het najaar volgt de daadwerkelijke programmering. Deze stellen we vast tijdens de Omgevingsdag in december, onder voorbehoud van besluitvorming in het eerste kwartaal van 2024 in de gemeenteraden. Tijdens de bijeenkomst werd voorgesteld om de raadsleden na de Omgevingsdag te informeren over de visie met een raadsinformatiebrief. Raadsleden gaven aan dat zij niet alleen geïnformeerd willen worden over de visie, maar ook de mogelijkheid willen krijgen om hier op bij sturen als dat nodig is. Dit signaal hebben de portefeuillehouders ter harte genomen en het proces is aangepast. Gemeenteraden ontvangen de conceptvisie in juli met het verzoek om een reactie.