20210429 Notulen Opinie- en Adviescommissie
Tekst van het document
Notulen vergadering 29 april 2021
Aanwezig:
Opinie- en Adviescommissie
Voorzitter Commissiegriffiers
: dhr. M. Rieter jr. : dhr. B. van der Berg, dhr. P. Leenders en dhr. J. Jaspers
GroenLinks CDA SP VVD Lokaal sterk 50PLUS Helder Helmond D66 PvdA Helmond Aktief plan! Fractie Bach Plus
: dhr. L. van Sas, dhr. R. Bleekrode, dhr. T. Tuerlings : dhr. M. Heesakkers, dhr. J. Roefs : dhr. H. Terzioglu, dhr. A. Spruijt : dhr. T. Manders, dhr. M. Akkers, dhr. M. Sneijers : mevr. J. Spierings-van Deursen, dhr. J. Hamacher : dhr. M. van Lierop : dhr. L. van de Werff, dhr. M.P.J. Rieter sr. : dhr. J. van den Bogaard : dhr. J. de Mare : dhr. L. Smits, dhr. G. van Vugt : dhr. S. van Lierop, dhr. G. Bosch : mevr. J. Bach-Smits
Portefeuillehouder(s)
: wethouder Maas, wethouder Dortmans, wethouder Van den Waardenburg
Overig
: mevr. Valkenburg, dhr. Boesten
Notulist
: mevr. A. Smetsers (Notuleerservice Nederland)
1. Opening en mededelingen De voorzitter, de heer M. Rieter jr. opent de volledig digitale vergadering om 19.00 uur. De deelnemers en belangstellenden via livestream worden welkom geheten. Er zijn geen berichten van verhindering ontvangen. De fracties van Helder Helmond, CDA, 50PLUS, PvdA, Bach Plus, Helmond Aktief en plan! hebben verzocht Raadsinformatiebrief 41 inzake prestatieafspraken te agenderen voor een nader te bepalen vergadering van de Opiniecommissie, omdat Woningbouw en de daarbij te maken prestatieafspraken een te belangrijk onderwerp is om middels een raadsinformatiebrief af te doen. Het verzoek wordt aangemeld in het presidium, waarna het college zal bepalen of het onderwerp geagendeerd kan worden. Voor de agendapunten 3 en 4 hebben zich insprekers gemeld. 2.
Vaststellen notulen vergadering Opiniecommissie d.d. 30 maart 2021 en vergadering Opinie- en Adviescommissie d.d. 1 april 2021 Allereerst worden aan de orde gesteld de notulen van de vergadering van de Opiniecommissie van 30 maart 2021. Er zijn geen op- of aanmerkingen. De notulen worden vastgesteld. Verder worden de notulen van de vergadering van de Opinie- en Adviescommissie van 1 april 2021 aan de orde gesteld. Er zijn geen opmerkingen en worden ook deze vastgesteld. Opiniërende onderwerpen: 3. RES 1.0 Wethouder Maas zegt dat de Regionale Energiestrategie 1.0 ook in de rest van de regio voorligt. Er is een zienswijze als Peelgemeenten en als gemeente Helmond opgesteld. De voorzitter geeft het woord aan de insprekers: Vergadering Opinie- en Adviescommissie
Blz. 1
De heer Snijders vertelt dat Nederland voor een stevige uitdaging staat die iedereen raakt. Weerstand is goed en zorgt ervoor dat er keuzes worden gemaakt op basis van argumenten. De burgers moeten onderdeel uitmaken van de energietransitie, want er is breed draagvlak en dat moet worden gekoesterd. Als draagvlak verloren gaat, is dat niet eenvoudig te herstellen en komen alle projecten op losse schroeven te staan. Er moeten zorgvuldig overwegingen worden gemaakt. De burgers moeten worden betrokken. De gemeente moet aan de inwoners mogelijkheden bieden voor participatie, zoals is vastgelegd in de Omgevingswet. Dit betekent dat bewoners vanaf de allereerste ideeën tot en met oplevering van de projecten mogen meedenken en beslissen over wat er in de omgeving gebeurt. De gemeente verwijst weliswaar naar de juridische mogelijkheden, maar dat is te laat in het proces. Er moet met de bewoners in gesprek worden gegaan voordat de plannen op tafel liggen. Dit ontbreekt nadrukkelijk in de RES en de zienswijze van de gemeente Helmond. Daarin is te lezen, dat grote knelpunten kunnen ontstaan als inwoners worden betrokken en de gemeente vraagt zich af of het haalbaar is bij elk lokaal project de inwoners te betrekken. Als deze koers niet wordt gewijzigd, zal dit resulteren in het maken van beleid vanuit een ivoren toren en wordt hiermee veel weerstand opgewekt.
Door de inwoners te betrekken ontstaat bewustwording en eigenaarschap. Dit zal de processen versnellen en voorkomt langdurig en kostbaar juridisch touwtrekken. Er moet ervoor worden gezorgd dat de inwoners van Helmond op alle niveaus worden betrokken bij de energietransitie, want dan is er draagvlak. De heer Bloks zegt dat ondanks het feit dat de plannen op grote afstand van de burgers zijn ontwikkeld, de RES komt met realistische oplossingen voor Helmond. De energietransitie moet als regio worden opgepakt. Dit betekent voor de stad Helmond inzetten op Zon op dak en voor een dorp als Asten inpassen van zon en wind op land. De RES kan zo snel mogelijk worden vertaald in Helmonds beleid met betrekking tot opwekking van duurzame energie op dak. Het oplossen van de CO2-neutrale energievoorziening in 2050 kan alleen op landelijk niveau worden gerealiseerd. De enorme ambities, welke in de komende vijf tot tien jaar moeten worden gerealiseerd, worden geremd door Enexis. In de RES ontbreken slimme, innovatieve oplossingen. Er wordt alleen gekeken naar zonne- en windenergie en minder aardgasverbruik. Terwijl er een duidelijk gezamenlijk doel is, namelijk 95% minder CO2 uitstoten in 2050 ten opzichte van 1990. Er moeten dus geen oplossingen worden uitgesloten. Dit alles is nog niet terug te zien in de gemeentelijke zienswijze.
Eerste termijn: De heer Van de Werff (Helder Helmond) zegt dat steeds meer gemeenten moties aannemen tegen zonnevelden en grote windmolens. Zal dit niet als een olievlek gaan werken? In het Eindhovens Dagblad wordt vermeld het gesjoemel met stikstof en het uitkopen van boeren in Brabant. Het staat haaks op het streven van de RES. Een leidend principe in de RES is draagvlak, maar ook daar is tegen gezondigd. Ook bij het “bottom-up” werken worden tegenstrijdigheden gezien, want bij concretisering is het vaak “topdown”. Er ontbreekt een paragraaf over het standpunt met betrekking tot commerciële partijen. Hoe wordt daarmee omgegaan? Er is vermeld, dat alles uiteraard in overleg en samenwerking met de diverse stakeholders plaatsvindt. Horen de burgers hier ook bij? Verder wordt beschreven een unieke regio te zijn, dus is de RES ook uniek en specifiek. De omliggende gebieden hebben dan duidelijk een andere RES. Hoe zorgt de politiek ervoor, dat de verschillen niet te groot zijn? Hopelijk wordt niet in alle regio’s het wiel opnieuw uitgevonden en heeft het document een gemeenschappelijke fundering. Er wordt omschreven dat het draagvlak in Brabant hoog is. Is Stiphout dan het Gallische dorpje? Het gedane onderzoek heeft plaatsgevonden onder 1700 voor het merendeel hoog opgeleiden.
Dit vraagt om een nieuw onderzoek, want de merendeels hoogopgeleide respondenten zijn niet representatief. Tevens wordt vermeld, dat iedereen moet kunnen profiteren. Dan moet daarvoor ook worden gezorgd. In hoeverre is de beperkte capaciteit van het elektriciteitsnetwerk van invloed op de RES? Is de RES ook een reden om van Gazprom af te komen? Er wordt benadrukt dat het document met voortschrijdend inzicht moet worden aangevuld en herschreven. Hierbij is draagvlak een kernbegrip. De heer Van Sas (GroenLinks) kan zich in grote lijnen vinden in de regionale zienswijze en de zienswijze van de gemeente Helmond. Er ontbreekt echter een aantal zaken, die opgenomen zouden moeten worden. Het gaat hierbij allereerst om de Waterstofladder. In de Zeeuwse RES is deze opgenomen. Met een Waterstofladder kan de heersende verwarring worden weggenomen. Waterstof is een energiedrager, die gemaakt kan worden van schone energiebronnen, zoals zon en wind. Woningverwarming is de meest laagwaardige toepassing van waterstof. Daarom staat deze toepassing helemaal achteraan op de Waterstofladder. Concreet betekent dit dat de komende tientallen jaren geen enkele CO2-reductie wordt gerealiseerd door het toepassen van waterstof als woningbrandstof. Daarom moet punt 4.2.5. uit de regionale zienswijze worden geschrapt en moet worden vervangen door Vergadering Opinie- en Adviescommissie
Blz. 2
een oproep om de Waterstofladder op te nemen. Verder wordt op pagina 27 van de RES vermeld, dat met andere technieken, zoals waterstof en thorium, pilots worden gedaan. Dit is een zeer misleidende zin. Er bestaan helemaal geen thorium pilots. Thorium is als energiebron volop in onderzoek, maar nog ver weg van een commerciële toepassing. Thoriumcentrales gaan de komende 30 jaar geen enkele bijdrage leveren aan de CO2-reductie. De vermelde zin over thorium is misleidend, daarom moet deze worden geschrapt en dient hierover in de zienswijze een opmerking te worden gemaakt. De heer Van Vugt (Helmond Aktief) vertelt dat het opwekken, verdelen en aanbieden van duurzame energie aan inwoners en bedrijven onomkeerbaar is. De fossiele brandstoffen zijn eindig. De geschatte periode ligt tussen de 50 en 100 jaar. Dus is actie geboden. Met de RES 1.0 zal het probleem niet worden opgelost, maar de eerste stappen worden hiermee op regionaal niveau gezet. De RES is in meerdere sessies voldoende besproken. De zienswijzen van de Peelgemeenten en de gemeente Helmond zijn duidelijk en geven een reactie op RES 1.0. De zienswijze van de Peelgemeenten is functioneel. Het advies van Brenninkmeijer in de zienswijze van de gemeente Helmond is treffend. Dat met de burgerparticipatie tijdig moet worden begonnen, is duidelijk geworden met de energieprojecten in de gemeente.
Er kan worden ingestemd met de zienswijzen, maar de vraag blijft in hoeverre beide zienswijzen worden beoordeeld. Overigens is bekend dat meerdere Peelgemeenten een aanvullende, autonome zienswijze hebben opgesteld. De heer Van den Bogaard (D66) kan zich vinden in de uitgangspunten van de twee zienswijzen. Het belang van het behalen van de gestelde duurzaamheidsambities wordt onderschreven. Daarbij zijn draagvlak, acceptatie en participatie van cruciaal belang. Dit betekent dat iedereen moet worden gehoord. Er moet nu al in gesprek worden gegaan met de inwoners over de kaders voor het realiseren van de zonneweides of geothermie. Daarnaast wordt benadrukt dat de visie wordt onderschreven dat energiebesparing cruciaal is in de energietransitie. Daarbij heeft de gemeente een voorbeeldfunctie en moet er een voortrekkersrol worden genomen. Het moet worden getoond dat energiebesparing werkelijk loont. Samenwerking is een van de kernpunten voor de RES. Er wordt ingezet om eigenaren van zonnevelden te verplichten om terug te leveren op het moment dat het mogelijk is. Daarnaast kan worden begonnen met duurzame warmteoplossingen die niet geheel elektrisch zijn. Het zou goed zijn om landelijk aan te dringen op het opnemen van kleinschalig Zon op dak, boven de voorspelde autonome groei in de opgave van de RES.
De koppeling van waterberging, zoals genoemd in de zienswijze van de Peelgemeenten, kan interessant zijn voor het gebied aan de zuidkant van BZOB. Minimaal 50% lokaal eigenaarschap en het opstellen van een flexibel model is interessant. Het is goed als gemeente hierin een actieve eigenaarsrol te hebben om te bepalen waar de inkomsten zullen landen. Voor wat betreft de warmtenetten mag de gemeente ook meer eigenaarschap hebben, want warmte is immers de grootste kostenpost voor huishoudens en bedrijven. Betaalbaarheid en draagvlak staan voorop. Concrete ontwikkelingen die draagvlak hebben, bijdragen aan een gemeenschappelijke meerwaarde en relatief goed aan te sluiten zijn op het net, moeten voorrang krijgen bij de realisatie. De heer M. van Lierop (50PLUS) zegt dat er wordt betoogd, dat het van belang is dat er regionaal afstemming is en dat er eenduidig wordt ingesproken op de RES 1.0. Het wekt derhalve verbazing, dat Helmond er een eigen zienswijze naast legt. Wordt dit door alle betrokken gemeenten gedaan? Waarom wordt dan voorzien in een regionale aanpak? Het gaat om een strategie, in tegenstelling tot allerlei bewegingen op het min of meer operationele vlak, zoals de discussie over inspraak en draagvlak. De voorliggende conceptstrategie staat vol van goede bedoelingen en insteken. Het is bijna niet mogelijk daarop tegen te zijn.
Het valt op, dat vele malen wordt gevraagd om iets extra’s. Betekent dat dat het concept tekortschiet? Het streven om maximaal in te zetten op besparing wordt volop ondersteund. Het blijft van belang om begrippen als inspraak en draagvlak niet te verwarren. De heer Heesakkers (CDA) vermeldt dat er voor een grote opgave wordt gestaan om de energietransitie mogelijk te maken. Op het gebied van draagvlak wordt er vooral naar de Rijksoverheid verwezen. Wat doet het college om draagvlak, participatie en acceptatie te vergroten? Het zoeken naar draagvlak moet op het juiste moment gebeuren en niet als de plannen al gereed zijn. Er wordt nogmaals duidelijk gesteld, voorstander te zijn van Zon op dak. De Zonneladder is hierin heel duidelijk en is opgenomen in de RES. Er zijn ontzettend veel bedrijfsdaken waar ruimte is voor zonnepanelen. Landelijk zou slechts 10% zijn gevuld. Waterstof is voor grote bedrijven zeker een goed middel. Er moet worden uitgezocht of dit ook voor woningwarmte mogelijk is. Bij nieuwbouw zou gekeken moeten worden of daar een leiding voor waterstof kan worden aangebracht. Wat is de status van de proef, waarvoor Helmond zich heeft aangemeld, om de 150 kilovolt-leiding onder de grond te laten leggen? Ook is er een onderzoek bezig om de 380 kilovoltleiding tussen Maasbracht en Eindhoven te verzwaren in verband met de grote elektriciteitsvraag.
Deze leiding loopt via Brandevoort. Wat is de status van dit onderzoek? De heer De Mare (PvdA) merkt op, dat de concept RES bestaat uit een hoofddocument van ruim 60 pagina’s en een grote hoeveelheid bijlagen, welke niet ter beschikking zijn gesteld. Het rapport bevat veel algemene teksten. Voor wie is het document eigenlijk geschreven? Het document Vergadering Opinie- en Adviescommissie
Blz. 3
kan wat opbouw in hoofdzaken en uitwerking gebruiken. De noodzaak van de energietransitie wordt volkomen onderschreven. Het is verstandig dat er veel aandacht voor de samenwerking met betrokkenen is en dat er is gekozen voor het tot 2030 inzetten op bestaande technologie zon en wind en het gelijktijdig flink ontwikkelen van andere technieken, welke in de tweede fase worden ingezet. Er ontbreekt een essentieel gegeven, namelijk de uitleg waarom heel veel gebieden niet als zoekgebied zijn aangemerkt. Tijdens de infoavonden zijn er diverse kaarten met alle beperkende factoren getoond. In de Kempen is er niet een zoekgebied voor een zonneveld. Dat moet worden tussengevoegd. Uit het stuk is niet af te leiden waarom bepaalde gebieden niet gebruikt kunnen worden en dat is nodig om begrip en draagvlak voor de gemaakte keuzes te creëren. Zonder begrip wordt acceptatie heel erg moeilijk gemaakt. Er wordt gevraagd om in de zienswijze aandacht te vragen voor de leefbaarheid en logica van het rapport, bezien vanuit de burgers om daarmee meer begrip en draagvlak te creëren. De heer Manders (VVD) onderschrijft de kernpunten over het samen realiseren van de energieambitie en daarmee de basisprincipes van de RES. Draagvlak en acceptatie zijn natuurlijk van groot belang. Het maximaal inzetten op besparing, betekent isoleren, isoleren, isoleren. De vraag is of hier alle kansen al worden benut.
Er wordt geconstateerd, dat de opgave in de uitwerking en het proces niet past, op wat een transitie vraagt en niet is afgestemd op wat lokaal speelt, waardoor het risico bestaat dat het draagvlak voor de RES en de energietransitie in algemene zin verloren gaat. De commissie Brenninkmeijer zet terecht in op het idee van burgerfora. Klimaatbeleid raakt alle geledingen van de samenleving en daarom vragen de inwoners om meer betrokkenheid. Als er echt draagvlak gecreëerd moet worden dan kan de discussie niet alleen worden opgevangen door de politieke partijen en de traditionele inspraakprocedures. Echte inspraak begint van onderaf en zorgt voor eigenaarschap en verbinding. Er ontbreekt grotere aansturing vanuit het Rijk. In de RES wordt vooral de nadruk gelegd op windmolens en zonnevelden. Misschien is dat logisch, omdat vooral wordt gekeken naar de periode tot 2030. De technologie ontwikkelt zich continu. De komende innovaties moeten worden gebruikt. De uitvoering moet ieder jaar worden geëvalueerd. Er wordt nogmaals aandacht gevraagd voor de rol van de Provincie en gemeente. De aandeelhouders van Enexis beheren een netwerk dat van iedereen is. Het kan niet zo zijn, dat buitenlandse marktpartijen alle ruimte op het net reserveren voor de aanleg van zonnevelden. Dat gaat ten koste van zon op dak.
Ondernemers die een aanvraag indienen, krijgen geen toestemming van netbeheerders voor een aansluiting. Dit gaat in tegen het principe van de omarmde Zonneladder. Als niet kan worden voldaan aan de energievraag, dan moet eerst worden geïnvesteerd in het plaatsen van zonnepanelen op wegen- en geluidsschermen. Een betere optie is om energie te winnen uit bebouwde omgeving, dan het plaatsen van zonnepanelen in de schaarse open ruimte. Momenteel moet alle daadkracht zijn gericht op de extra belasting van de energieinfrastructuur. Een goede infrastructuur is een randvoorwaarde om de genoemde ambities te realiseren. Het regionale bedrijfsleven wil de opgewekte energie buiten Enexis om aan elkaar leveren, maar dat is niet mogelijk vanwege de landelijke wetgeving. Er moet snel inzichtelijk worden gemaakt wat de extra kosten worden voor de inwoners. Enexis zal de kosten voor het upgraden van het energienet verhalen op de inwoners door de energienota te verhogen. Er zijn grote zorgen over het huidige gasnetwerk. Als dat wordt afgeschakeld, zijn de gedane investeringen waardeloos. Er zijn andere oplossingen om het netwerk efficiënt te gebruiken of hergebruiken. De heer S. van Lierop (plan!) legt uit dat om meer inwoners enthousiast te maken voor de RES, de informatieachterstand moet verbeteren. De meeste inwoners zijn niet bekend met begrippen als RES en MRE.
Ook de informatie over de gebruikte termen kan en moet beter. Het meenemen van inwoners kan ervoor zorgen dat draagvlak, draagkracht wordt. In het land zijn er voldoende goede voorbeelden van inwonersparticipatie. Ook zijn er diverse websites met nadere informatie, zoals www.hier.nu en www.hieropgewekt.nl. Ook Nederland heeft het Klimaatakkoord ondertekend. Het Rijk legt het halen van de doelstelling bij de verschillende regio’s neer. De RES verwacht dat elke gemeente bijdraagt in de opgave, maar ook dat iedereen voordeel heeft van de duurzaam opgewekte energie en dat met de betrokkenheid van de inwoners een model wordt geboden voor lokaal eigendom van zonne- en windparken. Onderzoek van de MRE toont aan, dat bij het grootste deel van de mensen draagvlak bestaat voor de energietransitie. Waarom is dan er weinig acceptatie van eventuele lokale zonnevelden of windparken? Er ligt een inspanningsverplichting om de regio mee te nemen in de opgave.
Wat zijn de doelstelling en wat betekenen deze voor de regio? Welke gebieden zijn aangewezen voor grootschalige opwek van duurzame energie en waarom? Waarom is er in Helmond maar een beperkt aantal gebieden aangewezen? Waarom moet iedereen de plicht voelen om deze ruimte te benutten? Hoe kunnen eventuele nadelige effecten worden opgeheven? Mevrouw Spierings-van Deursen (Lokaal sterk) begrijpt dat er een grote verandering moet komen en kan zich voor een groot gedeelte vinden in de voorliggende zienswijzen. Het inpassen van de burgerfora is een raar voorstel, want het lijkt een stap terug. Wat is het verschil in de infrastructuur wanneer energie wordt opgewekt door een windmolen of een zonnepark? Momenteel worden de mogelijkheden ontwikkeld voor infrarood verwarming van woningen. Vergadering Opinie- en Adviescommissie
Blz. 4
Isoleren is een zaak die zeker in het bebouwde gebied veel mogelijkheden biedt. Echter veel woningen blijken te klein te zijn om voor een subsidie in aanmerking te komen. Hopelijk zal het Rijk iets met de zienswijze gaan doen en zal Helmond een eigen weg vinden. Er moet vooral draagvlak en acceptatie worden gevonden om tot een duurzame stad te komen. Mevrouw Bach (Fractie Bach Plus) zegt dat er nog veel overleg moet plaatsvinden met alle belanghebbenden, maatschappelijk, politiek, bestuurlijk en inhoudelijk. Vooral communicatie is het belangrijkste wapen om de inwoners, Provincie en Rijk op een lijn te krijgen. Een burgerforum zou zeker een pré zijn, want daarin kunnen burgers meepraten en zich niet zo overvallen voelen. De tijd is hier het allergrootste probleem. Haastige spoed is zelden goed en is het enige wat er tegen de zienswijze is. De heer Terzioglu (SP) vindt dat een gezamenlijke zienswijze beter is dan ieder voor zich. Dit laat zien dat er een samenwerking tot stand is gekomen, waarbij niet de eigen belangen vooropstaan. De gezamenlijke zienswijze van de Peelgemeenten toont aan, dat de concept RES toch wel een algemeen document is. De nodige aanscherping en alle aandachtspunten worden van harte onderschreven, zoals bijvoorbeeld de problematiek met de energiestations.
Hoe is uit te leggen aan de inwoners dat de eerste voorkeur zonneprojecten op daken nu niet te realiseren is? Ook bij de energietransitie blijkt vooraf niet goed genoeg over de uitvoering en uitwerking te zijn nagedacht. Bijvoorbeeld het instellen van een burgerforum is als mosterd na de maaltijd. Ook hier weer belemmert de landelijke overheid de lokale overheden. Het is zeer terecht dat Helmond dit aankaart door middel van de zienswijze. Wethouder Maas zegt dat technische vragen schriftelijk worden beantwoord. Er wordt aangegeven dat participatie, acceptatie en draagvlak ongelooflijk belangrijk worden gevonden. Dat is een rode draad in alle bijdrages. In de zienswijze wordt gerefereerd aan het rapport van Brenninkmeijer. Burgerfora worden ingesteld aan het begin van een grote transitie. Het advies is door de commissie Brenninkmeijer gegeven, maar dat had natuurlijk aan de voorkant van de gehele transitieopgave moeten worden ingesteld. Als de bevolking aan het begin was meegenomen hoe de opgave werd ingericht, dan was er wellicht een andere uitkomst geweest. Als dat nu nog moet gebeuren, is dat een stap terug in de tijd. Het was natuurlijk een veel betere basis voor draagvlak geweest. Het beleid komt van het kabinet en is niet te veranderen. Het is voor te stellen dat de urgentie heel hoog is en bovendien is er vanuit Europa het Klimaatakkoord gesloten.
De voorliggende Regionale Energiestrategie is met alle 21 gemeenten opgesteld. Als Peelgemeente wordt de samenwerking gekoesterd en is een zienswijze ingediend. Helmond heeft deze alleen willen aanscherpen. De capaciteit op het net is enorm schaars en zit helemaal vast. Er is vorig jaar besloten om voorrang te geven aan Zon op dak. Vervolgens zijn alle aanvragen stilgezet om Zon op dak voorrang te kunnen geven bij de netwerkcapaciteit. Er is geen invloed op de planning van Enexis Zij hebben de strategie van wie het eerst komt, wie het eerst maalt en beroepen zich daarmee op de landelijke wetgeving. Vanuit de regio wordt echter enorm veel druk gezet om te kijken of het mogelijk is zelf anders te prioriteren. Het is niet uit te leggen dat Zon op dak en grootschalige ontwikkelingen niet kunnen worden gerealiseerd, omdat volgens offertes wordt gehandeld en Zon op land vorm wordt gegeven. Het invoeren van een Waterstofladder is een zinvolle suggestie. Bij de passage over de pilots met thorium gaat het over landelijk beleid. Het is geen standpunt van de regio. De inzet van kernenergie in de toekomst is een innovatie en wordt landelijk aangedragen. Natuurlijk is innovatie belangrijk en hieraan wordt meegewerkt, maar het gaat hier nadrukkelijk over zon en wind tot 2030. Daarop is de Regionale Energiestrategie gebaseerd.
De suggestie voor een ontwikkelfonds per gemeente is eerder gedaan en wordt onderzocht. Op de relatie tussen regie in eigen hand nemen ten opzichte van de commerciële partijen aan de voorkant het participatietraject in te laten leiden, wordt teruggekomen. Qua communicatie en informatie is er nog niet voldoende gedaan, omdat uit de enquêtes blijkt, dat veel inwoners niet wisten wat de Regionale Energiestrategie was. Het Energiehuis, wat veel doet in de informatievoorziening, wordt zeer gewaardeerd, ook in de regio. De opmerking voor wat betreft het bepalen van de zoekgebieden, wordt meegenomen. Hierop wordt teruggekomen. De opmerking over zon langs snelwegen et cetera wordt gedeeld. In Helmond is alleen ten zuiden van BZOB een gebied wat geschikt is voor grootschalige opwek door zon en wind. Als een burgerforum wordt ingericht, dan is het een soort loting. Bij Compaen is reeds infraroodverwarming toegepast. In Het Energiehuis hangen voorbeelden van infraroodverwarming. Mevrouw Valkenburg legt uit, dat de Waterstofladder zeker kan worden meegenomen in de opgave. De ladder is opgebouwd uit verschillende onderdelen waar industrie als eerste opgave is weergegeven. Deze is in de eerste zienswijze op de concept RES ook vermeld, maar dat heeft toen niet tot verwerking geleid.
De zoekgebieden uit de concept RES van mei 2020 zijn een-op-een dezelfde als in de huidige RES, omdat er nog geen plan MER-toetsing heeft plaatsgevonden. Aangezien in dit document de afwegingen ontbreken, is dat wellicht niet helemaal duidelijk. Het is goed om deze stap terug te brengen. In de Regionale Energiestrategie zijn de grootschalige opwekgebieden aangegeven, welke regionaal worden ingebracht in het bod. Het onderdeel is vooral gericht op de bijdrage die het stedelijk gebied levert voor Zon op dak. In de eigen Zonnevisie, dus het lokale beleid in de Visie Zonnevelden, zit een aantal Vergadering Opinie- en Adviescommissie
Blz. 5
afweegbare gebieden, die zijn opgesteld op basis van milieutechnische eisen. Tweede termijn: De heer Smits (Helmond Aktief) vraagt waarom Helmond de autonome zienswijze heeft ingediend, want hoe wordt deze later beoordeeld. Zijn er meer Peelgemeenten die een eigen autonome zienswijze hebben toegevoegd? De heer Van de Werff (Helder Helmond) merkt op dat het niet mogelijk is van het aardgas af te gaan. Wat is hierover de mening van de gemeente? De heer Van den Bogaard (D66) zegt dat creatief moet worden omgegaan met de schaarste op het net. Wordt als mogelijke oplossing meegenomen, de mogelijkheid tot rechtstreekse levering buiten het reguliere net om? De heer De Mare (PvdA) vertelt dat iedereen het inspraak- en consultatiedraagvlak heeft benadrukt, maar er moet niet naar het niveau worden gegaan dat iedereen alles kan tegenhouden. Er is de eigen verantwoordelijkheid, maar dat moet zo goed mogelijk worden uitgelegd naar iedereen. De heer Manders (VVD) merkt op dat er bij het bedrijfsleven in Helmond al jaren de wens is om de overtollig opgewekte energie aan elkaar te kunnen leveren. Dat is een deel van een oplossing, maar de landelijke wetgeving werkt niet mee. Dus er moet worden gelobbyd om het mogelijk te maken.
Wethouder Maas licht toe dat de Peelgemeenten tot nu toe geen aparte zienswijzen hebben ingediend, maar Helmond meende het een en ander nog te moeten aanscherpen met een aparte zienswijze en de Peelgemeenten zijn het hiermee eens. Wellicht nemen zij daar stukken van over. Kolen zijn veel vervuilender dan aardgas. Dus heel snel van het aardgas af lijkt niet mogelijk als het nog wordt benodigd. Het beëindigen van het gebruik van fossiele brandstoffen is een uitgangspunt dat door iedereen wordt gedeeld. Er wordt met het bedrijfsleven overlegd en er worden flinke stappen gemaakt. In het kader van de verduurzaming van het warmtenet wordt later teruggekomen, want dat ziet er positief uit. Mevrouw Valkenburg legt uit dat in relatie tot het terugleveren van energie de grote bottleneck de wetgeving is. De consultatie van de nieuwe Elektrawet ligt momenteel voor. Daar wordt ingezet hoe het anders kan en zou moeten. Het gesprek met de overheid over dat soort wijzigingen is een opgave. Veel gemeenten zetten daarop in en toch is het lastig. Hierop wordt gestuurd. De opslag zit vooral in de pieken. Daarvoor kunnen lokaal oplossingen worden gevonden. Deze kunnen in de opslag zitten, maar ook op andere manieren. Het is lokaal gedreven en moet worden afgestemd op de piek die dan per locatie beschikbaar komt. Dat vraagt veel digitale inzet. 4.
Tijdelijke woningen Brainport Smart District Wethouder Dortmans legt uit, dat de eerste tranche van tijdelijke woningen voorligt, waarmee zo snel mogelijk wordt begonnen. Er wordt met de eerste tranche begonnen om daarvan te kunnen leren voor het vervolg, want Brainport Smart District is een living lab. Er is sprake van woningnood, dus hoe eerder kan worden begonnen, hoe beter. Het college heeft de bevoegdheid een besluit te nemen, omdat voor de eerste 52 woningen een afwijkingsprocedure van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt toegepast. De voorzitter geeft het woord aan de inspreker: De heer Van Dijk woont in het gehucht Kranenbroek. Door de bouw van de wijk Brandevoort is er toentertijd in de omgeving snel veel veranderd, maar is toch in de smaak gevallen. Voor de snelle bouw van Brandevoort II zijn in de omgeving gronden en gebouwen verkocht, maar de bouw is aanzienlijk vertraagd. In 2009 bij de verkoop van de grond, welke door de gemeente werd benodigd, was de invulling van de omgeving volledig naar het voorbeeld van Brandevoort II. In Kranenbroek was er een prachtige invulling van de Brink en een wandelpark voor de deur, met nieuwbouw rond de oorspronkelijke bebouwing. Zo zou het aangezicht van Kranenbroek als gehucht worden behouden.
De verwondering was groot toen vier of vijf jaar geleden plotseling in het nieuws kwam, dat er werd afgezien van de bouw en opnieuw zou worden ingevuld door Brainport Smart District. Het plan werd vernomen uit de geruchtenstroom. Hierover hebben de inwoners nooit een officieel bericht ontvangen. Er moest weer enkele jaren worden gewacht, waarbij de geruchten over BSD allerlei vormen kregen. In februari jl. is er een streep door het voorgestelde bestemmingsplan gezet en moeten er 2.100 woningen komen, in plaats van de voorgestelde 1500. Ook volgde het nieuws over de tijdelijke woningen die in Helmond moeten worden gebouwd. Deze woningen zijn in het plan BSD steeds op een andere plaats ingepland. De laatste keuze zou zijn om het gehucht Kranenbroek volledig in de noodwoningen in te bouwen. Er was eerst de toezegging van de gemeente, dat de omgeving een plaatje voor Brandevoort zou worden, tot nu de bebouwing met noodwoningen. Dit geeft het gevoel zeer te zijn bedonderd door de gemeente. De betrokkenheid met en Vergadering Opinie- en Adviescommissie
Blz. 6
geloofwaardigheid in de gemeente is hierdoor tot het nulpunt gedaald. De woning is volledig gerenoveerd en aangepast aan de toekomsteisen. De eerdere beloftes van de gemeente worden op geen enkele manier nagekomen. Na de eerste geruchten over BSD is, zonder hiervoor te zijn uitgenodigd, de bijeenkomst in de Cacaofabriek bezocht. Er is toen gevraagd of de inwoners zouden worden gehoord. Er werd toen aangehaald dat het zo niet de bedoeling was, dat alles zou worden voorbereid en in het vervolg zouden de bewoners overal in worden gekend. De e-mailadressen werden genoteerd, maar er is nooit iets vernomen over de voortgang van BSD en de tijdelijke woningen. Hopelijk houdt het advies van de commissie rekening met de belangen van de huidige bewoners en de eerdere toezeggingen. De heer Van de Werff (Helder Helmond) vraagt namens hoeveel bewoners van Kranenbroek wordt gesproken. De heer Van Dijk antwoordt dat hetgeen is verwoord puur op persoonlijke titel is. Kranenbroek bestaat momenteel uit vijf gezinnen. De heer Boesten geeft een toelichting op de presentatie Tijdelijke woningen Brainport Smart District. Het totale plan van de 500 tijdelijke woningen wordt besproken en het project van de 52 woningen, welke op korte termijn wordt gerealiseerd.
Eerste termijn: De heer Bleekrode (GroenLinks) is onder de indruk van de mogelijkheden, wat het gaat worden en het groen wat hopelijk wordt gerealiseerd. Het zijn hoogstaande woningen die recht doen aan het hele concept. De lokale afspraken rondom meer, betaalbare en duurzame huurwoningen zijn verankerd. Bij de businesscase voor tijdelijke woningen is het misschien lastig de verhouding tussen sociale huur en de vrije sector anders te krijgen. Misschien zijn er richting de toekomst mogelijkheden om de verhouding wat meer gelijk te trekken. Het is goed om extra aandacht te hebben voor het informeren en betrekken van de omwonenden. Wellicht is er ruimte voor inbreng. Bij de zuiderburen is het al beleid om bij nieuwe woningen tanks voor de opvang van regenwater te plaatsen. Dit zou interessant kunnen zijn, zeker gezien de bestaande hittestress, droogte en de druk op de riolering. Kan er iets worden toegelicht op het sociale aspect? De heer Hamacher (Lokaal sterk) staat in principe positief ten opzichte van het voorliggende plan. Het zijn woningen die voldoen aan een hoge standaard en zijn toch betaalbaar. Een mooie mix van bewoners zal hiervan gebruik kunnen maken.
Wat is de geplande leeftijd van deze woningen? Wat gebeurt er als de looptijd is verstreken? Hoe en wanneer wordt acquisitie gepleegd? Welke procedure wordt daarbij gevolgd? Is de rijksfinanciering maatgevend of is er sprake van cofinanciering? Is er goede communicatie met de omwonenden geregeld? Is de relatie tussen de tijdelijke en permanente bewoners goed verzorgd? Is bij de keuze van de realiserende partij rekening gehouden met de geldende procedures van aanbesteding? De heer Van de Werff (Helder Helmond) vindt dat er eerst alles aan gedaan moet worden, zodat de vijf gezinnen die er wonen, worden gerustgesteld. Dit is wederom de zoveelste communicatieblunder van de gemeente. Dit moet eerst in orde worden gemaakt. Zorg voor een etalagefunctie. Brainport Smart District is een etalage en moet iets moois worden. Dus snelheid en financiën moeten ondergeschikt zijn aan kwaliteit, communicatie en draagkracht. Deze zijn heel belangrijk. De heer De Mare (PvdA) vraagt waarom eigenlijk 500 tijdelijke woningen? De term tijdelijke woningen kan slaan op een bouwwijze of op de procedurele kant, zodat woningen kunnen worden gerealiseerd zonder het doorlopen van een volledige bestemmingsplanprocedure. Prefab betreft een bouwwijze en kan voor tijdelijke woningen zijn, maar kan ook prima permanente woningen opleveren.
Bij de eerste 52 woningen is gesteld dat deze worden gebouwd middels een aparte procedure, zodat deze zo snel mogelijk worden gerealiseerd. De overige 448 woningen gaan meelopen in een bestemmingsplanprocedure. Waarom moet het dan nog tijdelijk worden? Er is heel veel nationale en internationale belangstelling voor BSD, dus laat de eerste indruk heel erg positief zijn. De heer Roefs (CDA) vindt het heel erg belangrijk dat duidelijk wordt aangegeven wat er staat te gebeuren. Het in 1972 tijdelijk gebouwde wijkcentrum in Mierlo-Hout staat er nog steeds. Het is voor te stellen dat er 52 tijdelijke woningen worden gebouwd, maar dan is het hopelijk niet zo dat de volgende 450 als tijdelijk worden opgenomen in het bestemmingsplan en vervolgens 40 jaar blijven staan. In hoeverre conflicteert de verkorte waarborgprocedure met het conceptbestemmingsplan? Het is opgenomen als onderdeel van BSD, dus moet ervoor worden gezorgd dat er kwaliteit wordt geleverd en het moet de uitstraling hebben van iets extra’s. De omwonenden moeten worden betrokken, want anders kan er weer een conflictsituatie ontstaan. Daarbij is niemand gebaat. De heer Smits (Helmond Aktief) vraagt hoe permanent tijdelijk is. Er is teleurstelling over het feit dat de overige 448 woningen veel later worden gerealiseerd. De heer Akkers (VVD) zegt dat gezien de woningnood de bouw zeer gewenst is.
Het is een mooi project Vergadering Opinie- en Adviescommissie
Blz. 7
om te volgen. Het is goed dat er binnenkort een gesprek met de omwonenden volgt, zodat zij worden betrokken. Is er al eerder aan de omwonenden de kans geboden om mee te worden genomen in het project? Als dat niet het geval is, wat is de reden dat zij niet eerder zijn meegenomen? Mevrouw Bach (Fractie Bach Plus) wil weten of de bewoners die eerder belangstelling hadden voor het Brainport Smart District niet teleurgesteld zijn. Het was speciaal en persoonlijk en nu worden er plotseling 500 tijdelijke woningen gerealiseerd. De heer Terzioglu (SP) heeft begrepen dat in het commissieformat staat, dat het initiatief niet voldoet aan de programmalijn water, maar dat er een onderzoek loopt om het project daaraan zo goed als mogelijk te laten voldoen. Kan de gevonden oplossing worden gedeeld met de raad? Wat is het totaal aantal woningen dat op Brainport Smart District kan worden gerealiseerd? Wanneer kan het resultaat van het onderzoek naar het exacte percentage sociale huurwoningen worden verwacht? Is een percentage 30% sociale huur haalbaar, zoals genoemd in het Q-Book? De heer M. van Lierop (50PLUS) zegt dat de voortvarendheid waarmee het project wordt aangepakt waardering verdient. Waarom beperken tot 52 en niet bijvoorbeeld 100 woningen? Hoe tijdelijk is tijdelijk? Het is jammer dat de communicatie niet beter is gegaan.
Wethouder Dortmans legt uit, dat in 2008 was voorzien om 2500 woningen in het gebied te realiseren. Als gevolg van de financiële crisis is dat later bijgesteld. Dat alles is gebeurd in regionaal overleg. Daarop kan Helmond vrij beperkte invloed uitoefenen. Er is toestemming gekregen om 1500 woningen te realiseren. Daarnaast is er de mogelijkheid geboden om 500 tijdelijke woningen toe te voegen aan het aantal van 1.500 permanente woningen. De mogelijkheid is aangegrepen om daarmee meer woningen te kunnen realiseren in BSD. Dat was de uitkomst van een regionale afspraak. Tijdens het laatste overleg met de SGE is verzocht of van de 1500 permanente woningen 2100 woningen gemaakt mocht worden. In totaal gaat het dus op termijn over 2100 permante en 500 tijdelijke woningen. De tijdelijkheid betreft vijftien jaar. Met de partij die nu de eerste tranche van 52 woningen kan realiseren, is afgesproken dat deze woningen na vijftien jaar worden verplaatst. Het is niet mogelijk gelijktijdig twee ruimtelijke procedures naast elkaar te voeren. Inmiddels wordt dicht tegen alle voorbereidingen voor de reguliere bestemmingsplanprocedure aan gezeten. De bestemmingsplanprocedure biedt alle mogelijkheid om daarop in te spreken en een mening te geven. Het is relevant dat de bestemmingsplanprocedure geldt voor het merendeel van de woningen, zowel permanent als tijdelijk.
Om een start te kunnen maken, is voor de eerste tranche van 52 woningen gebruikgemaakt van de afwijkingsprocedure op de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. De gemeente is bezig om het project betaalbaar te maken en is er de noodzaak om de eigen grondexploitatie erbij te pakken. Er zal nog verdere informatie volgen. De heer De Mare (PvdA) vraagt zich af of de 500 tijdelijke woningen moeten worden gerealiseerd op gebieden waar er de mogelijkheid en logica in het stedelijk plan is, om definitieve woonbestemmingen te realiseren. Kan het qua dichtheid niet intensiever, want er moet ergens aan de 10.000 woningen worden gekomen. Wethouder Dortmans haalt de historische afspraken terug. Het is niet mogelijk in regionaal verband van tijdelijke woningen, permanente woningen te maken. Er moet worden voldaan aan het realiseren van 500 tijdelijke woningen en daarnaast volgen 1500, plus 600 permanente woningen. Het is niet voor niets dat de andere tijdelijke woningen onderdeel zijn van de bestemmingsplanprocedure. De oorspronkelijke stedenbouwkundige visie is aangepast voor de uitbreiding van het aantal woningen. Momenteel worden de voorbereidingen getroffen voor de bestemmingsplanprocedure voor de resterende tijdelijke, plus permanente woningen. Dit zal later worden voorgelegd. De heer M.P.J. Rieter sr.
(Helder Helmond) wil uitgelegd krijgen waarom de aanvankelijke 2500 woningen van De Marke, welke zijn vastgesteld door de raad en goedgekeurd door de Provincie, zijn afgeschaald naar 1500. Hoe is de vermindering van 2500 naar 1500 woningen besloten? Wethouder Dortmans licht toe, dat het afschalen van het aantal woningen op dat moment te maken had met de woningbehoefte, als gevolg van de financiële crisis. Na 2008 was de situatie dusdanig dat er minder is gebouwd en dat leidt er nu toe dat er een enorme woningnood is. Begin van het jaar is medegedeeld dat er ontzettend veel in beweging is en er heel veel procedures en processen naast elkaar lopen. Dat heeft te maken met betaalbaarheid, het aantal woningen en het opdikken van de stedenbouwkundige visie. Als het gaat over verwerving is er overleg met een aantal huidige bewoners van het gebied. Daarover zijn afspraken met de inspreker gemaakt. In de afgelopen jaren zijn er verschillende bijeenkomsten geweest waarvoor alle bewoners zijn uitgenodigd en waar veel informatie over de stand van zaken van het project is verstrekt. Dit neemt niet weg, dat met deze specifieke bewoners naar aanleiding van alle recente ontwikkelingen het gesprek nog niet is gevoerd, maar de afspraak staat voor 18 mei a.s. gepland.
Het is niet zo dat er de afgelopen jaren niet is gecommuniceerd, maar op basis van alle recente ontwikkelingen was het niet mogelijk met deze specifieke bewoners de laatste stand van zaken te delen. Vergadering Opinie- en Adviescommissie
Blz. 8
De heer Bosch (plan!) stoort zich aan wat er nu weer is gebeurd met de communicatie naar de inwoners. Het lijkt er steeds meer op, dat de gemeente alleen maar bezig is om te wachten tot er reacties komen en dan pas tot actie overgaat. Het wordt tijd dat er een goede afdeling Communicatie bij de gemeente komt, die gaat werken om de inwoners van Helmond serieus te gaan nemen. Wethouder Dortmans neemt de oproep zeer ter harte. De opmerking over de communicatiecapaciteit zal bij de gemeentesecretaris aan de orde worden gesteld. Oorspronkelijk was water niet een van de programmalijnen en is als achterste lijn toegevoegd. Er is het zogeheten Water Lab opgezet en daarin is specifieke kennis over het thema water opgehaald. Het thema water voldoet nu nog niet aan de eisen in het Q-Book, maar daaraan wordt in de komende tijd nadrukkelijk aandacht besteed. Er wordt gestreefd naar 20% sociale huur, maar inclusiviteit is nadrukkelijk een breder begrip en is onder andere ook community building en is ook dat bedrijven zich zullen vestigen, die zich verantwoordelijk voelen voor het gebied en ook dat verschillende onderwijspartijen in de toekomst een rol krijgen in BSD. De eerste indruk is inderdaad belangrijk. Dat wat straks zal verschijnen, is het eerste wat in grotere omvang wordt gezien, dus is het Q-Team intensief betrokken bij de beoordeling van het voorliggende plan.
Het stichtingsbestuur heeft aangegeven, dat het BSD waardig moet zijn, juist vanwege de eerste indruk. Er is sprake van cofinanciering. De gemeente betaalt 3,2 miljoen euro en dat is aangevuld met 3,2 miljoen euro vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. De heer Boesten legt uit dat de grond in eigendom is van de gemeente Helmond. Daardoor mag er eenop-een een partij worden gekozen. Aan de voorkant zijn er een zestal partijen uitgekozen, waarmee 2 gespreksrondes zijn gevoerd en daaruit is deze partij het meest succesvol naar voren gekomen. De snelheid was een belangrijk punt, in combinatie met financiën. De tijdelijkheid maakt het moeilijk voor investeerders om tijdelijke woningen te realiseren. Deze partij wilde daarvoor gaan en daarom is er voor hen gekozen om snel door te kunnen pakken. Bij het thema water is vastgelegd dat er een tandje bij mag en wordt geborgd in de overeenkomst die met een partij wordt gesloten. Het toepassen van een Hydraloop collectief op grijs water wordt op kleinschalig niveau onderzocht. Het is een uitdaging om met mensen in gesprek te gaan om elkaars grijs water te zuiveren, maar er moet aan het idee worden gewend dat het grijs water is geweest van de buurman. De termen tijdelijk, prefab en verplaatsbaar lopen door elkaar heen.
Het gaat over tijdelijk, omdat het wordt afgebakend in de zin van, dat een procedure wordt gestart die uiteindelijk een vergunning gaat verstrekken voor vijftien jaar en niet langer. Als na deze periode wordt besloten om geen nieuwe vergunning te verlenen of anderszins, dan zullen de woningen verwijderd moeten worden. Deze woningen kunnen 50 jaar meegaan en zijn derhalve verplaatsbaar en modulair. De verhuursituatie in privaatrechtelijke zin wordt daarop afgestemd. Het is niet gebruikelijk om tijdelijke woningen te bouwen in een gebied waar permanente woningen worden gerealiseerd, maar past bij BSD. Het heeft er ook mee te maken dat in de regionale afspraken nog een fasering zit in de uitvoering van de woningen in het bestemmingsplan van het huidige Brandevoort. Er zit een fasering in dat de 900 woningen in De Marke een directe bouwtitel hadden en de 600 woningen in Kranenbroek zaten er nog met een uitwerkingsplicht in. Dus die hadden geen directe titel. Deze fasering wordt min of meer aangehouden. Momenteel worden de plannen nader bestudeerd voor wat betreft de bouwfasering van de verschillende bouwvelden van de in totaal 2100 woningen. Het lijkt erop dat het meest logisch is om van oost naar west te gaan werken. Als laatste wordt dan uitgekomen bij de locatie van de tijdelijke woningen en dan kan de tijdelijkheid worden ingewisseld voor het permanente.
Daarmee raakt het elkaar niet. In vergelijking met de gemiddelden van de afgelopen decennia, zou de planning precies uit moeten kunnen komen. Het is een uitzonderlijke situatie dat 500 tijdelijke woningen in een uitleggebied worden geplaatst waar permanente woningen komen. De looptijd van vijftien jaar is per project. Het aantal van 52 woningen heeft te maken met het handelen door de ontwikkelaars en beleggers van de financiële risico’s. In Helmond wordt een beperking opgelegd van vijftien jaar, waar in andere gemeenten een rek wordt geboden tot 30 jaar. Dat levert risico’s op in de afschrijving. Vandaar dat er met kleine hoeveelheden wordt gestart. Tweede termijn:
De heer De Mare (PvdA) vraagt waarom iemand in regionaal verband heeft gesteld 500 tijdelijke woningen, zonder de consequenties hiervan goed op papier te zetten. Er wordt verzocht om tegen de tijd dat het een adviesstuk wordt, over het onderdeel 52 woningen in de eerste situatie en 448 woningen daarna, een duidelijke scheiding aan te geven. Over de logica en onderbouwing hoe dat met de 448 woningen zit, zou graag een uitleg worden gezien, want anders kan daarover niet goed worden beslist. Wethouder Dortmans zegt dat de opmerking over de onderbouwing van de 448 woningen zal worden meegenomen in de voorbereiding voor de bestemmingsplanprocedure en alles wat daarin als raad wordt Vergadering Opinie- en Adviescommissie
Blz. 9
voorgelegd in opiniërende -, adviserende - en besluitvormende zin. Er wordt benadrukt dat er alles aan is gelegen om het een waardevol en BSD geloofwaardig eerste project te laten zijn. Adviesstukken: 5. Instellen Bouwgrond In Exploitatie (BIE) grondverkoop Berlaerstraat Wethouder Van den Waardenburg vindt het een heel mooi bouwplan. Het betreft een reststrook van de gemeente, die al de bestemming wonen had. Door WoCom zal een huisvesting plaatsvinden voor het Regionaal Autisme Centrum voor jongeren, die op een andere plek zaten, maar die op termijn verplaatst moet worden. Alle kosten kunnen worden gedekt vanuit de grondverkoop. Dus het is een win-winsituatie. Eerste termijn: De heer Smits (Helmond Aktief) vraagt of bij de dertien studio’s ook externe zorginstellingen bewoners gaan begeleiden. Worden omwonenden nog geïnformeerd over de bouwplannen? Mogelijk heeft de doelgroep nog enige afstand naar de direct omwonenden. Met goede communicatie kunnen vragen en voorziene knelpunten worden opgelost. In Brandevoort heeft het perfect gewerkt. De heer Tuerlings (GroenLinks) las dat het hondenuitlaatveld wordt verplaatst naar de ecozone. Zijn mogelijk nadelige effecten voor de ecozone in kaart gebracht? De heer Hamacher (Lokaal sterk) wil weten of op een goede manier met de omwonenden is gecommuniceerd.
Is voorzien in beheer en begeleiding van de groep jongeren die daar komt te wonen? De heer Roefs (CDA) kan instemmen met het bouwplan. Hoe wordt ingeschat dat Bouwgrond In Exploitatie vaker voor zal komen? De heer De Mare (PvdA) merkt op dat er vragen worden gesteld over het plan. Komt er nog een bestemmingsplanwijziging? Hoe kan het dat de grond die al de bestemming wonen heeft, een waarde van nul heeft? De heer Spruijt (SP) vindt het goed om te horen dat er communicatie heeft plaatsgevonden over het hondenuitlaatveld. Er moet op locatie worden gekeken over welke straat het precies gaat. Er kan worden ingestemd met het voorliggende plan. De heer Sneijers (VVD) wil de aandacht vestigen op de informatie naar de omwonenden. In de huidige fase van het project, is de verwachting dat met een gewijzigd ruimtelijk plan middels een ruimtelijke onderbouwing een onherroepelijke omgevingsvergunning in het derde kwartaal 2021 wordt verleend. Dat impliceert dat er een verwachting is. Wat als deze verwachting niet uitkomt? De begroting is vrij summier. De heer M.P.J. Rieter jr. (Helder Helmond) wenst succes met de uitvoering. De heer M. van Lierop (50PLUS) stemt in met het voorstel. Is het mogelijk het voorstel rechtstreeks over te hevelen naar de bevoegdheid van het college? Aan het begin van de uiteenzetting werd begrepen dat het een raadsbesluit moet zijn.
De heer Van den Bogaard (D66) kan instemmen met het beslispunt. Het is een mooi sociaal woningbouwproject en is een meerwaarde voor de buurt. Er wordt ervan uitgegaan, dat de buurt op de hoogte wordt gebracht zodra de plannen verder zijn ontwikkeld. Wethouder Van den Waardenburg begint met de vraag over de exploitatie. Het is een vrij technisch stuk. Voorheen werd het ook niet zodanig aan de raad voorgelegd. Als er grote plannen zijn of bestemmingsplanwijzigingen, dan wordt daar een exploitatieverordening ondergelegd. Door een wetswijziging zal het vaker voorkomen, dat het op deze manier wordt voorgelegd. Er zal geen nieuw bestemmingsplan worden gemaakt, maar bij een Omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan, omdat het wel de bestemming wonen heeft, maar nog geen bouwvlak is, moet dat proces worden doorlopen. De verwachting is dat in het derde kwartaal 2021 de vergunning kan worden verleend, maar het moet nog in werking worden gesteld. De omwonenden worden uiteraard nog betrokken bij het proces en er zal worden getoond wat WoCom wil bouwen. Over het verplaatsen van het hondenuitlaatveld is al contact geweest met de buurtbewoners. Er komt nog een afwijking, maar dat zal geen nieuw bestemmingsplan worden, maar een projectbesluit, zoals dat voorheen werd genoemd. De boekwaarde is nul, omdat het een reststrook is.
Bij het kadaster staat deze vermeld als gemeentelijke grond, maar deze is in de boeken nooit vermeld als bouwgrond. Daarom staat deze op nul. Als het bouwplan niet doorgaat, dan wordt de exploitatie weer afgesloten, maar het is voor te stellen dat dan in de toekomst een nieuw plan wordt ontwikkeld. Tweede termijn: De heer De Mare (PvdA) vindt de antwoorden duidelijk en is het helemaal eens met het voorstel. Vergadering Opinie- en Adviescommissie
Blz. 10
De voorzitter concludeert dat het als hamerstuk naar de raadsvergadering van 25 mei 2021 gaat. De voorzitter bedankt de deelnemers voor de inbreng en sluit de vergadering om 22.30 uur. Aldus vastgesteld in de vergadering van de Opiniecommissie d.d. XXXXXXX 2021 De commissievoorzitter, XXXXXXX
Vergadering Opinie- en Adviescommissie
de commissiegriffier, XXXXXX
Blz. 11