CConstaterende datHelmond
Koppel je AI →
Document · PDF

20210406 Notulen Adviescommissie

Adviescommissie Inwoners 18 mei 2021, gemeente HelmondBij agendapunt: Bijlagen: notulen8.338 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Adviescommissie Inwoners

Notulen vergadering 6 april 2021 Aanwezig: Voorzitter Commissiegriffier Technische Ondersteuning GroenLinks CDA SP VVD Lokaal sterk 50PLUS Helder Helmond D66 PvdA Helmond Aktief plan! Fractie Bach Plus

: dhr. C. van der Burgt : dhr. P. Leenders, dhr. B. van der Berg, dhr. J. Jaspers : dhr. C. van Hout : dhr. T. van de Meulengraaf, dhr. T. Tuerlings : dhr. J. Roefs, dhr. P. Vervoort, dhr. R. Peters : mw. L. Maráczi, dhr. A. Spruijt : dhr. M. Akkers, dhr. M. Sneijers, mw. J. Janssen-Jansen : mw. J. Spierings-van Deursen : dhr. F. Mol, dhr. J. van der Zanden : dhr. M. Rieter jr., dhr. L. van de Werff : dhr. M. Selten : mw. P. Peijs, dhr. J. de Mare : dhr. L. Smits : dhr. S. van Lierop, dhr. G. Bosch : mw. J. Bach-Smits

Portefeuillehouder(s) : wethouders: E. De Vries en C. Dortmans, waarnemend voorzitter raad J. Roefs Overig : ambtelijke ondersteuning: mw. Oprins, mw. Donkers, mw Yahia, mw. Van der Velden Notulist : mw. J. Dubero (Notuleerservice Nederland) Afwezig

: mw. A. Koolen-van der Zee, wethouder S. Van de Brug

1. Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering om 19.00 uur en heet iedereen van harte welkom. Er zijn vanavond vier inhoudelijke onderwerpen waarover de commissie advies aan de raad van 13 april uitbrengt. Wethouder Van de Brug wordt vervangen door wethouder De Vries. 2. Vaststellen notulen Adviescommissies 9 en 11 maart 2021 Notulen Adviescommissie 9 maart 2021 De notulen van de Adviescommissie van 9 maart 2021 worden ongewijzigd vastgesteld, met dank aan de notulist. Notulen Adviescommissie 11 maart 2021 De notulen van de adviescommissie van 11 maart 2021 worden ongewijzigd vastgesteld, met dank aan de notulist. 3. Huisvesting Jan van Brabant IHP Op 4 maart 2021 heeft de Opiniecommissie het voorstel over de huisvesting van het Jan van Brabantcollege, locatie Molenstraat behandeld. Op basis van deze bespreking is het raadsvoorstel op de

ADVIESCOMMISSIE INWONERS

Blz. 1

volgende punten aangepast: de verdeling van verantwoordelijkheden tussen gemeente en schoolbesturen, de benodigde capaciteit, modulair bouwen en toelichting vrijkomende grond Molenstraat. Eerste termijn De heer De Mare (PvdA) geeft aan dat de PvdA warm voorstander is van een goede huisvesting van het openbaar onderwijs, maar ook kritiek had op de opbouw van de logica van het toen voorliggende raadsvoorstel. Deze opbouwende kritiek is in het aangepaste voorstel verwerkt. De PvdA heeft een aantal aanvullende opmerkingen en oproepen. Op grond van de gepresenteerde argumenten deelt de PvdA de conclusie dat de huidige huisvesting van het Jan van Brabantcollege in onderwijskundige zin niet toekomstbestendig is en stemt in met scenario vier: volledige nieuwbouw op een nader te bepalen locatie. Qua logica moeten de beslispunten 1c en 1d overigens omgedraaid worden. Ten aanzien van de benodigde omvang en het principe van modulair bouwen meldt de heer De Mare dat de punten 1c en 1d niet met elkaar kloppen, want als er volledig modulair gebouwd wordt, valt het onderscheid weg tussen de permanente 750 leerlingplekken en de laatste 100 tijdelijke leerlingplekken. Modulair bouwen heeft behoorlijke functionele beperkingen en ook financiële consequenties. De vraag is waarom een gebouw volledig modulair verplaatsbaar zou moeten zijn.

Wat de PvdA betreft moet een onderwijskundig en kostentechnisch geoptimaliseerde nieuwe huisvesting het uitgangspunt zijn. Bijvoorbeeld: een nietmodulair gebouwd optimaal kerngebouw met een aula, keuken en meer specifieke onderwijsruimte, aangevuld met meer modulaire onderwijsvleugels die bij de bouw tot een totaal van 850 leerlingplekken worden gebouwd en later naar behoefte kunnen worden ingekort of aangevuld. Helmond kent immers een groeiprognose, daar moet rekening mee worden gehouden. Wellicht worden de uitbreidingsmogelijkheden later wel belangrijker dan de inkrimpmogelijkheden. Ten aanzien van de doordecentralisatie merkt de heer De Mare op dat in de notitie van de kwartiermasters staat dat doordecentralisatie een middel is om te bereiken dat maar één partij (het schoolbestuur) verantwoordelijk wordt van alle aspecten van onderwijshuishouding waardoor keuzes tussen investeringen en exploitatiekosten of tussen wellicht tijdelijke leegstand en/of optimale functionaliteit niet langer door verschillende partijen hoeven te worden gemaakt en waardoor niet optimale keuzes hopelijk niet meer voorkomen. In de Helmondse situatie komt er een aspect level playing field tussen het openbare en bijzondere onderwijs bij. De gemeente heeft met OMO een doordecentralisatieovereenkomst gesloten.

Dat betekent dat de voordelen van bestaande vastgoedposities in de afgelopen twintig jaar al wel aan OMO, maar niet aan het Jan van Brabantcollege zijn toegekomen. Dit betekent ook dat OMO voor de in die periode gestegen bouwkosten al aan de lat staat, terwijl dit voor het Jan van Brabantcollege tot een hoger gemeenschappelijk bouwbudget zal gaan leiden. In de rapportage van de kwartiermasters wordt terecht gesteld dat het nodige uitgezocht en onderhandeld zal moeten worden. Een level playing field betekent niet alleen dat beide organisaties mooie huisvesting krijgen, maar ook dat hun onderliggende financiële posities gelijkwaardig gemaakt worden. Dat kan onder meer door ook de vastgoedwaarde van de te verlaten grond en de gebouwen aan de Molenstraat in de overwegingen mee te nemen. De heer De Mare vraagt de wethouder of dit ook haar insteek is. Over beslispunten 3 en 4 vraagt de heer De Mare of de hele nieuwbouw nog onder de financiële huishouding van de gemeente gaat vallen en dat wordt voorgesteld dat die doordecentralisatieovereenkomst na de bouw van kracht gaat worden of dat deze overeenkomst voor de bouw kan ingaan. De heer Van de Meulengraaf (GroenLinks) meldt dat GroenLinks van harte kan instemmen met het IHP. GroenLinks heeft nog wel enkele vragen.

In de uitwerking van scenario 3, de verplaatsing naar Suytkade Helicon, zijn de eventuele consequenties voor Helicon zelf niet opgenomen. De heer Van de Meulengraaf vraagt de wethouder of er over de verhuizing gesproken is met Helicon en zo ja, wat de uitkomsten daarvan zijn en of de wethouder bekend is met de huidige status van herhuisvesting van het Helicon. De heer Van de Werff (Helder Helmond) vindt dat de nieuwbouw op een andere locatie snel moet plaatsvinden. Er zijn twee duidelijke leerlingwegzuigende locaties, te weten de nieuwe Knip en Deurne. Voor een evenwichtige verdeling is dus snelheid gewenst. Helder Helmond stemt in met alle vier de punten, behalve punt 1c, namelijk nieuwbouw voor 750 leerlingen. De ruim 45 jaar oude Knip heeft vanaf vrijwel het begin semipermanente noodbouw moeten plaatsen, deze staat er nu nog. De nieuwe Knip heeft nu al ruimtetekort en heeft noodbouw nodig. Elders is er ook ruimtegebrek. In de prognose staat er ook al een ruimtegebrek voor het nieuwe Jan van Brabantcollege. De prognose gaat uit van aannames. Het centrum wordt uitgebreid met tienduizend woningen. Dit levert extra leerlingen op. Als de leerlingenstroom naar Deurne wordt verminderd, levert dit ook extra leerlingen op. De prognose kan worden bijgesteld in aannames en bandbreedte. De heer Akkers (VVD) meldt dat de VVD instemt met het voorstel. ADVIESCOMMISSIE INWONERS

Blz. 2

De heer Smits (Helmond Aktief) sluit zich daarbij aan. De heer Van der Zanden (50PLUS) meldt dat 50PLUS positief staat tegenover het voorstel, maar vraagt of de doordecentralisatie een uitgemaakte zaak is. Hoe ziet het financiële plaatje eruit als de gemeente te bouw zelf gaat doen? Welke controle heeft de gemeente als de doordecentralisatie doorgaat wanneer het schoolbestuur bijvoorbeeld geldtekort heeft en kan dit worden vastgelegd in de decentralisatieovereenkomst? De fusie die gaat komen is ook van belang. Alle stichtingen gaan dan op in één stichting en de panden van het Jan van Brabantcollege vallen dan onder de overkoepelende stichting. Is er dan een risico dat geld van de gemeente wegvloeit naar gemeenten buiten Helmond? Ten slotte vraagt de heer Van der Zanden wat er gebeurt met de panden van de vrijgekomen locatie. De heer Selten (D66) geeft aan dat OMO scholen heeft in heel Brabant. Hij begrijpt de vraag van de heer Van der Zanden niet. De heer Van der Zanden (50PLUS) meldt dat dat juist is, maar de fusie van het Jan van Brabantcollege staat nog in de kinderschoenen. Het is de vraag of de expertise gelijkwaardig is aan de grote professionele organisatie van OMO. Mevrouw Bach (Fractie Bach Plus) meldt dat de Fractie Bach Plus achter het voorstel staat. De huidige huisvesting is niet duurzaam en toekomstbestendig. Nieuwbouw is de beste oplossing.

Het is goed de mogelijkheid te bekijken om van drie locaties eventueel één locatie te maken. Dan is er sprake van mensen met gelijke rechten die aanspraak maken op gelijke delen. De begroting van de nieuwbouwvariant moet worden uitgewerkt in een meerjarenbegroting 2022-2025 zodat een en ander integraal door de raad overwogen kan worden. De heer Roefs (CDA) meldt dat het CDA achter het voorstel staat. Nieuwbouw heeft de voorkeur boven renovatie van de bestaande gebouwen. Toekomstbestendig en duurzaam en in een gelijk speelveld met andere onderwijsinstellingen. De heer Selten (D66) geeft aan dat D66 positief is, maar ook kritisch. Het valt op dat meerdere fracties, net als D66, opmerkingen maken over het aantal leerlingen. Er gaan leerlingen naar Deurne, maar ook naar andere omliggende gemeenten. Het is goed te horen van de wethouder dat het aantal leerlingen van 850 geen hard getal is, maar dat het erom gaat dat er op het moment dat er gebouwd wordt een passend gebouw voor de leerlingen is, waarbij er nu rekening mee is gehouden dat er plaats is voor in elk geval 935 leerlingen. Er is rekening gehouden met een marge van ongeveer tien procent. Daarom kan D66 instemmen met het voorstel. Hierbij tekent de heer Selten aan dat het gaat om een stuk permanente bouw dat niet op- of afgeschaald wordt en op het moment dat de school opengaat zijn er voldoende leerlingplekken.

Mevrouw Spierings (Lokaal sterk) meldt dat Lokaal sterk verheugd is over het raadsvoorstel. Lokaal sterk kiest voor de optie van nieuwbouw op een andere locatie. De heer Spruijt (SP) geeft aan dat de SP verheugd is dat nieuwbouw voor het Jan van Brabantcollege dichterbij komt. Er moeten echter nog de nodige hobbels genomen worden. Het financiële aspect zal terugkomen tijdens de voorjaarsnota en de begroting. Daarna moet de verdere uitwerking komen. De heer Van Lierop (plan!) meldt dat plan! achter het voorstel staat. Plan! heeft voorgesteld de plannen eerder uit te voeren, het is jammer dat dit niet gebeurd is. De voorzitter geeft het woord aan wethouder Dortmans. Wethouder Dortmans reageert op de gestelde vragen en gemaakte opmerkingen. De aanbevelingen die de heer De Mare heeft gedaan worden meegenomen bij de verdere uitwerking van de afwegingen rond de doordecentralisatie dan wel de wijze waarop er modulair gebouwd gaat worden. Het uitgangspunt is dat bij opening van de nieuwbouw in 2027 er voor 750 leerlingen permanente huisvesting gerealiseerd is. Daarnaast wordt er voor 100 leerlingen modulair gebouwd. Hierbij is een marge van tien procent meegenomen. Er zal in totaal voor 935 leerlingen plaats zijn. Het is daarnaast interessant om door te denken over nieuwe concepten.

In Brainport Smart District wordt gekeken naar nieuwe concepten van bouwen, mogelijk kunnen deze een plek krijgen bij de nieuwbouw van het Jan van Brabantcollege. Wat ADVIESCOMMISSIE INWONERS

Blz. 3

betreft opmerkingen die gemaakt zijn over de ambities die Helmond heeft (groeistad 2.0 en de groei van het aantal inwoners) geeft de wethouder aan dat hierover het gesprek gevoerd moet worden over überhaupt het voortgezet onderwijs in Helmond. De vraag is dan ook of de nieuwe locatie van het Jan van Brabantcollege dit allemaal kan opvangen of dat het gesprek gevoerd moet worden over huisvesting voortgezet onderwijs in Helmond in zijn algemeenheid. Het is lastig hierop vooruit te lopen. Nu wordt er gewerkt aan de uitgangspunten die nu zijn vastgesteld. De heer De Mare (PvdA) geeft aan dat er een verschil is tussen voor meer leerlingen bouwen of een locatie zoeken waar eventueel meer mogelijk is. Er kan meer flexibiliteit ingebouwd worden door zodanig te bouwen dat er uitbreiding mogelijk is. Wethouder Dortmans meldt dat de gemeente samen met het bestuur van het Jan van Brabantcollege in gesprek gaat over een geschikte locatie voor de nieuwbouw. De opmerking van de heer De Mare wordt zeker meegenomen bij deze gesprekken. De heer Van de Werff (Helder Helmond) vraagt of er nog steeds wordt uitgegaan van klassen van 30-32 leerlingen. Wethouder Dortmans heeft het antwoord niet paraat, mevrouw Oprins (beleidsadviseur) beantwoordt de vraag later. Wethouder Dortmans vervolgt haar reactie.

De vraag is gesteld of het onderzoek naar decentralisatie wordt meegenomen in de plannen voor nieuwbouw. Het is de planning dat het onderzoek naar doordecentralisatie vervolgd wordt en dat dit een plek krijgt in de begroting van 2022. Er moeten keuzes gemaakt worden. Doordecentralisatie vraagt ook iets van het schoolbestuur. De wethouder wil dit gesprek met het bestuur van het Jan van Brabantcollege goed kunnen voeren. De eventuele kosten van doordecentralisatie worden meegenomen in de begroting 2022 en verder. Deze staan overigens los van het investeringsbedrag. Op de vraag van GroenLinks naar de afstemming met Helicon antwoordt de wethouder dat de gemeente geen zorgplicht heeft voor huisvesting van MBO-instellingen. Helicon zal niet op een later tijdstip bij de gemeente terugkomen om huisvesting voor hen te organiseren. Wel is het gesprek gevoerd met Helicon over de eventuele mogelijkheden van het huisvesten van de locatie Jan van Brabant Molenstraat naar de huidige locatie Helicon en de opties die er eventueel zouden zijn voor Helicon om naar de Molenstraat over te gaan. De wethouder heeft bij het bestuur van Helicon aangegeven dat die optie niet waarschijnlijk is aangezien het raadsvoorstel is om nieuwbouw te plegen.

Op de vragen van de heer Van de Werff over de nieuwe locaties antwoordt de wethouder dat hierover het gesprek gevoerd gaat worden met het bestuur van het Jan van Brabantcollege. De gemaakte opmerkingen worden in dit gesprek meegenomen. Op de vraag van de heer Van der Zanden of doordecentralisatie een uitgemaakte zaak is antwoordt de wethouder dat dat niet het geval is. Er moet nog veel worden uitgezocht en alle zaken die de heer Van der Zanden heeft genoemd maken deel uit van die uitwerking. De wethouder komt hiermee bij de raad terug. Het is juist dat er eerder sprake is geweest van doordecentralisatie van OMO. Ook dit neemt de wethouder mee in de totale doordecentralisatie van het voortgezet onderwijs in Helmond. Het leerlingenaantal maakt ook deel uit van de gesprekken over de doordecentralisatie. Het is niet de bedoeling dat er straks aan de ene kant scholen zijn die een overschot aan leerlingen hebben en aan de andere kant er scholen zijn die te maken hebben met leegstand. Het is goed hier afspraken over te maken, dit is nog onderwerp van onderzoek. Wat betreft de vrijgekomen locatie geeft de wethouder aan dat de mogelijkheden van de vrijkomende locatie worden meegenomen in de ontwikkelingen voor het centrum. Financieel gezien is hier nog weinig over te melden omdat nog niet bekend is wat er met de vrij te komen locatie gaat gebeuren.

De begrotingsregels stellen vast dat de middelen die vrijkomen bij eventuele verkoop in eerste instantie verrekend worden in de jaarrekening. De raad neemt hier vervolgens een besluit over. Bij het onderzoek naar doordecentralisatie wordt ook de optie meegenomen van het gaan van drie naar één locatie. Dit betekent dan wel iets voor de vrij te komen locaties van zowel de Deltaweg als de Gasthuisstraat. De heer Van der Werff (Helder Helmond) geeft aan dat in de prognose nog niet de 10.000 nieuwe woningen in het centrum zijn verwerkt en vraagt de wethouder hierop te reageren. Wethouder Dortmans geeft aan dat het nog niet duidelijk is wanneer deze woningen er gaan komen. Op het moment dat dit aan de orde is zal er een gesprek gevoerd moeten worden over het voortgezet onderwijs in Helmond in het algemeen. Het punt verdient zeker aandacht.

ADVIESCOMMISSIE INWONERS

Blz. 4

Mevrouw Oprins beantwoordt de aan haar gestelde vraag. Er wordt niet langer uitgegaan van groepsgroottes van 30-32 leerlingen. Er wordt geprobeerd zo flexibel mogelijk om te gaan met de ruimtes. Er is een aantal voorschriften vanuit de verordening waaraan bepaalde lokalen wel moeten voldoen, bijvoorbeeld praktijklokalen. De indeling van het gebouw wordt samen met het bestuur van het Jan van Brabantcollege verder ingevuld. Tweede termijn De heer De Mare (PvdA) dankt de wethouder voor de beantwoording van zijn vragen. Het is goed te horen dat de gemaakte opmerkingen worden meegenomen. Wat de PvdA betreft kan het voorstel als hamerstuk door naar de raad. Wethouder Dortmans meldt dat de verdere uitwerking naar de raad gaat waarna er verder van gedachten gewisseld kan worden. De bespreking van vanavond is een mooie stap om verder in gesprek te gaan met het Jan van Brabantcollege en het onderzoek naar doordecentralisatie verder vorm te geven. De heer Van der Werff (Helder Helmond) geeft aan dat de ontwikkelingen hopelijk een einde maken aan het oude ‘wij-zij’ gevoel tussen de scholen in Helmond. Ook wat Helder Helmond betreft kan het voorstel door als hamerstuk naar de raad. De voorzitter concludeert dat het raadvoorstel Huisvesting Jan Brabant IHP als hamerstuk kan worden geagendeerd voor de gemeenteraad. De voorzitter schorst de vergadering voor 4 minuten 4.

Nota Leningen- en Garantiebeleid Het verstrekken van een garantie- of geldlening kan een belangrijk instrument zijn om initiatieven met een publiek doel in Helmond te realiseren. In 2013 is het gemeentelijk beleid voor het verstrekken van leningen en garanties behoorlijk aangescherpt en worden alle aanvragen op een uniforme wijze beoordeeld. Hierdoor kan een goede afweging gemaakt worden over het al dan niet toekennen van een aanvraag. Omdat de huidige regels niet in alle gevallen voorzien wordt de nieuwe versie geactualiseerd en geoptimaliseerd. Wethouder De Vries geeft aan dat hij op dit onderwerp wethouder Van de Brug vervangt en niet heel diep is ingevoerd in de materie. Eerste termijn De heer Tuerlings (GroenLinks) geeft aan dat het publieke belang volgens de nota geen definitie heeft. Het is aan de gemeenteraad te bepalen wat het publieke belang is. Het college is van mening dat het Helmondse beleid toekomstbestendigheid moet uitstralen. In die zin valt het belang van toekomstige generaties ook onder het publieke belang. De heer Tuerlings vraagt de wethouder in hoeverre er mogelijkheden zijn om middels dit leningen- en garantiebeleid extra aandacht te vestigen op het belang van toekomstige generaties, bijvoorbeeld door aanvullende voorwaarden met betrekking tot duurzaamheid te stellen.

De heer Van der Werff (Helder Helmond) geeft aan dat Helder Helmond instemt met beide beslispunten. De heer Vervoort (CDA) sluit zich daarbij aan. Mevrouw Spierings (Lokaal sterk) meldt, als voorzitter van het auditcomité, dat dit onderwerp uitvoerig is besproken en dat zij de raad adviseert in te stemmen met het voorstel. Mevrouw Peijs (PvdA) vraagt ten aanzien van de bijzondere positie van de onderwijsinstellingen of het al dan niet doorgedecentraliseerd zijn van de onderwijsinstelling iets uitmaakt, of dat het geen enkele invloed heeft. De heer Sneijers (VVD) geeft aan dat de VVD het advies van het auditcomité volgt. Mevrouw Bach (Fractie Bach Plus) meldt dat de Fractie Bach Plus instemt met het voorstel. De heer Bosch (plan!) sluit zich daarbij aan. ADVIESCOMMISSIE INWONERS

Blz. 5

De heer Smits (Helmond Aktief) sluit zich daarbij aan. Helmond Aktief had graag een overzicht gehad van de huidig afgegeven leningen en garanties. Deze vraag is ook door de PvdA gesteld en is beantwoord. Wethouder De Vries beantwoordt de vraag van GroenLinks. De wet geeft geen definitie van wat publiek belang is, dit geeft de raad de ruimte om zelf te bepalen wat onder publiek belang wordt verstaan. In zijn algemeenheid kan gesteld worden dat er een relevant maatschappelijk doel gediend wordt of dat de activiteiten bijdragen aan het gemeentelijk beleid en het openbaar belang. Afhankelijk van de aanvragen, zolang deze binnen het beleid passen, kunnen zowel leningen als garanties gebruikt worden om het belang van toekomstige generaties te stimuleren. Dit gebeurt al door het verlenen van duurzaamheidsen startersleningen. Wat betreft de vraag over de invloed van doordecentralisatie geeft de wethouder aan dat deze invloed er volgens hem niet is. Mevrouw Donkers (ambtelijke ondersteuning) geeft aan dat het klopt wat de wethouder zegt, doordecentralisatie heeft geen invloed. Ook in het verleden zijn er al garanties verstrekt aan met name OMO. Tweede termijn De heer Smits (Helmond Aktief) geeft aan dat op het lijstje met verstrekte leningen en garanties de BVO Helmond Sport staat. De heer Smits vraagt wat er met deze leningen gebeurt nu er gekozen is voor MFA De Braak.

Wethouder De Vries antwoordt dat hierover afspraken zijn gemaakt in het plan van de MFA. Op dit moment staan de leningen er nog. Mevrouw Donkers (ambtelijke ondersteuning) geeft aan dat de leningen die vertrekt zijn aan de Stichting Belangen Helmond Sport verrekend worden met de aankoop van het stadion. De gemeente koopt het stadion aan en de leningen worden daarmee verrekend. De lening aan de BVO gaan mee in het totaal van de hele constructie op De Braak. De voorzitter concludeert dat de nota ‘Leningen- en Garantiebeleid’ als hamerstuk geagendeerd kan worden voor de raad. 5. Nota Investeringsbeleid 2021-2024 In de financiële verordening is bepaald dat de gemeente eenmaal in de vier jaar de uitgangspunten voor het investeringsbeleid vastlegt in de nota Investeringsbeleid. Onder investeren wordt verstaan het vaststellen van het vermogen en objecten waarvan het nut zich over meerdere jaren uitstrekt. De nota bevat de spelregels voor het activeren, waarderen en afschrijven van de vaste activa. De ondergrens voor het activeren van investeringen is daarbij vastgesteld op 15.000 euro. Het doel van deze nota is om uitgangspunten vast te leggen, gericht op het realiseren van een betaalbaar, flexibel en toekomstgericht investeringsbeleid. Eerste termijn De heer Tuerlings (GroenLinks) vraagt hoe het belang van toekomstige generaties bij dit beleid wordt meegenomen.

Mevrouw Peijs (PvdA) merkt op dat een van de thema’s is dat vervangingsinvesteringen primaat hebben boven nieuwe investeringen. Dit is op deze wijze wat boud geformuleerd. Kijkend naar duurzaamheid en toekomstige generaties kan het soms beter zijn in iets nieuws te investeren dan iets bestaands te vervangen. Deze nuancering wordt gemist. De heer Smits (Helmond Aktief) geeft aan dat de auditcommissie adviseert de afschrijvingstermijnen in de afschrijvingstabel aan te passen en de nota 2017 in te trekken. Het valt op dat in de afschrijvingstabel een grotere afschrijvingstermijn voor de VRI wordt gegeven, van tien naar veertig jaar, en voor VRA van tien naar vijftien jaar. De stap van tien naar veertig jaar voor VRI is heel groot. De heer Smits vraagt de wethouder dit te verklaren. Verder staat de afschrijving voor zonnepanelen op twintig jaar terwijl daarvoor doorgaans vijftien jaar wordt gerekend. Het is een goede zaak dat voor de lasten voor groot onderhoud vanuit een onderhoudsvoorziening wordt gewerkt, gebaseerd op degelijke en geactualiseerde meerjarenonderhoudsplannen. Daar wordt nog hard aan gewerkt. De wijzigingen in het beleid geven ADVIESCOMMISSIE INWONERS

Blz. 6

aanleiding voor aanpassingen in de meerjarenbegrotingen. De heer Smits vraagt of er positieve of negatieve verschillen zullen optreden. De heer Vervoort (CDA) meldt dat het CDA instemt met het voorstel. De heer Sneijers (VVD) sluit zich daarbij aan. Mevrouw Spierings (Lokaal sterk) adviseert de raad, als voorzitter van de auditcommissie, in te stemmen met het voorstel. De heer Spruijt (SP) geeft aan dat in het verleden de vragen die aan de auditcommissie zijn gesteld en de antwoorden daarop werden meegestuurd met de stukken. Wellicht kan dit in de toekomst weer gebeuren. Mevrouw Spierings (Lokaal sterk) meldt dat deze vragen niet schriftelijk gesteld worden, maar mondeling. Als de vragen en de antwoorden meegestuurd worden met de stukken zouden er notulen gemaakt moeten worden. De heer Smits (Helmond Aktief) vraagt of de heer Vervoort en mevrouw Spierings nu adviseren als lid van de auditcommissie of als fractielid. In het eerste geval keurt de slager zijn eigen vlees. De heer Vervoort (CDA) geeft aan dat de leden van de auditcommissie zeer kritisch zijn en niet alleen hun eigen fractie, maar ook de overige fracties adviseren. Dit betreft zowel de jaarrekening als de tussenliggende nota’s. Mevrouw Spierings (Lokaal sterk) vult aan dat de auditcommissie de stukken heeft doorgespit en de gemeenteraad adviseert.

Uiteraard spreekt zij ook namens haar fractie wanneer zij zegt dat zij volledig akkoord gaat met de nota. De heer Selten (D66) is ook lid van het auditcomité. Hij geeft aan dat het auditcomité niet politiek is. In het comité vertegenwoordigen de leden niet de eigen fractie, zij hebben zitting op basis van hun expertise. Ook als fractielid adviseert de heer Selten positief over het stuk. Mevrouw Peijs (PvdA) begrijpt de reactie van mevrouw Spierings als het gaat over het maken van notulen, maar zij kan zich wel voorstellen dat de vragen en de antwoorden verwerkt worden in het voorstel. Het is jammer dat deze informatie er nu aan de voorkant niet bij zit. Mevrouw Spierings (Lokaal sterk) geeft aan dat het auditcomité zal bezien of, als er vragen worden, deze meegenomen kunnen worden in het advies. De heer Van der Werff (Helder Helmond) geeft aan, als lid van het comité, dat hij onafhankelijk naar de stukken kijkt. Helder Helmond is het eens met beide punten en stemmen in met het voorstel. De heer Bosch (plan!) geeft aan dat plan! instemt met het voorstel. De voorzitter geeft het woord aan wethouder De Vries. Wethouder De Vries beantwoordt de aan hem gestelde vragen. GroenLinks vraagt aandacht voor toekomstige generaties. De raad weegt dit ook altijd mee als er een begroting of een voorstel wordt vastgesteld, het college zal dit ook altijd meewegen.

Mevrouw Yahia (ambtelijke ondersteuning) beantwoordt de vraag van de PvdA over het onderscheid dat wordt gemaakt tussen vervangingsinvesteringen en nieuwe investeringen. Het is niet de bedoeling dat er aan de voorkant al bepaald wordt dat bepaalde vervangingsinvesteringen voorrang krijgen. Dat is aan de raad. Het college geeft de raad mee dat als er investeringsaanvragen worden voorgelegd er het uitgangspunt wordt gehanteerd dat vervangingsinvesteringen voor nieuwe investeringen gaan. Daarbij kan de keus worden gemaakt om niet te kiezen voor een vervangingsinvestering en te kijken naar een andere oplossing. Wat betreft de afschrijvingstermijnen meldt mevrouw Yahia dat de afschrijvingstermijn voor verkeerslichten inderdaad naar 40 jaar gaat. De reden daarvoor is dat daarbij wordt aangesloten bij hetgeen er vorig jaar in de raad is gepresenteerd. Daarbij zijn de assetsheets voor de kapitaalgoederen ADVIESCOMMISSIE INWONERS

Blz. 7

gepresenteerd waarbij aangegeven is dat voor bepaalde kapitaalgoederen een andere levensduur gehanteerd gaat worden. Daar zijn deze termijnen op afgesloten. De levensduur wordt wel afgestemd op de praktijk. Via monitoring wordt bekeken wanneer het passend is een verkeerslicht te vervangen. Ten aanzien van de zonnepanelen meldt mevrouw Yahia dat er inderdaad verschillend wordt gedacht over de levensduur van een zonnepaneel. De afschrijvingstermijnen variëren tussen de vijf en de vijfentwintig jaar. De panelen zijn nog te kort in gebruik om de termijnen te baseren op de werkelijkheid. In 2019 is er een uitspraak gedaan door het gerechtshof in Den Bosch waarbij aangegeven is dat twintig jaar een redelijke termijn is. Gevraagd werd of het wijzigen van de afschrijvingstermijnen positief of negatief uitvallen. In principe is het zo dat als er een langere afschrijvingstermijn gehanteerd wordt, de kosten over een langere periode worden uitgesmeerd. Dit betekent op korte termijn een financieel voordeel. Het plafond van de kapitaallasten wordt altijd integraal bekeken. Dat betekent dat alle wijzigingen die voorhanden zijn betrokken worden bij het berekenen van het kapitaallastenplafond. Dit wordt aan de raad voorgelegd bij de bespreking van de begroting.

Tweede termijn Mevrouw Peijs (PvdA) geeft aan dat mevrouw Yahia zegt dat alle investeringsvoorstellen worden voorgelegd aan de raad en dat de raad een eigen afweging kan maken. Dit kan betekenen dat een nieuwe investering toch gaat boven een vervangingsinvestering. Mevrouw Peijs vraagt of het nodig is of de opmerking dat vervangingsinvesteringen voortaan zo boud in het beleidsstuk moet staan. De heer Smits (Helmond Aktief) geeft aan dat een zonnepaneelinstallatie bestaat uit een zonnepaneel en omvormers. De ervaring is dat omvormers niet zo lang meegaan als het paneel zelf. De heer Smits vraagt de wethouder of er komend jaar met onderhoudsvoorzieningen gewerkt kan worden. De voorzitter geeft het woord aan mevrouw Yahia. Mevrouw Yahia (ambtelijke ondersteuning) kan niet toezeggen dat er volgend jaar al met onderhoudsvoorzieningen gewerkt gaat worden. Op dit moment wordt onderzocht wat ervoor nodig is om de huidige plannen zo te actualiseren dat ze als onderbouwing kunnen dienen voor een onderhoudsvoorziening. Wethouder De Vries geeft aan dat er gewerkt wordt aan de assets. Een aantal wordt onderzocht. Het gaat nu echter om het investeringsbeleid. De assets gaan over onderhoud en jaarlijkse kosten die daaruit voortkomen. De heer Smits (Helmond Aktief) meldt dat in het raadsvoorstel staat dat er wel degelijk met onderhoudsvoorzieningen gewerkt gaat worden.

Mevrouw Peijs (PvdA) maakt een voorbehoud voor de bespreking van de nota tijdens de raadsvergadering. De voorzitter concludeert dat de Nota Investeringsbeleid 2021-2024 als bespreekstuk wordt geagendeerd voor de raad. De voorzitter schorst de vergadering voor 5 minuten. 6. Samenstelling Presidium – Verordening tot wijziging Reglement van orde gemeenteraad 2018 Dit onderwerp is uitgebreid besproken in de commissievergadering van 9 maart. Met name naar aanleiding van de discussie rond openbaarheid van het presidium en het fractievoorzittersoverleg is toen afgesproken dat er een juridische toets zal plaatsvinden door de afdeling bestuurs-juridische ondersteuning. Deze toets heeft plaatsgevonden en de opmerkingen van de afdeling zijn verwerkt in het conceptraadsvoorstel. Eerste termijn De heer Peters (CDA) geeft aan dat de aanpassing nodig is om het presidium een nieuwe afgeslankte start te geven. Het CDA is het eens met deze aanpassing, maar vraagt zich wel een aantal dingen af. Het presidium bestaat uit de voorzitter van de raad, de waarnemend voorzitter van de raad en de voorzitters van de commissie. In artikel 6, lid 9, krijgen de voorzitter en de waarnemend voorzitter van de raad stemrecht in het presidium.

Los van de vraag of er in een presidium wel eens gestemd wordt: een voorzitter van de raad (de burgemeester), heeft in besluitvormende gremia van de gemeente geen ADVIESCOMMISSIE INWONERS

Blz. 8

stemrecht. De heer Peters vraagt waarom dit hier wel zo is opgeschreven. Daarnaast is in artikel 6, lid 6, ook iets vreemds opgeschreven. Dit gaat over de beslotenheid van de vergadering. Er staat dat de voorzitter kan besluiten, op verzoek van slechts een of meerdere leden, de vergadering van het presidium besloten te houden. De burgemeester en één lid van het presidium zouden dus in theorie iedere vergadering besloten kunnen houden. Volgens het CDA is dit niet democratisch en dus ongewenst. Wat betreft het fractievoorzittersoverleg geeft de heer Peters aan dat in de beleving van het CDA dit overleg is bedoeld om de algemene gang van zaken, processen in de raad en zaken die vertrouwelijk gedeeld moeten kunnen worden te bespreken. Het is nadrukkelijk niet als politiek instrument bedoeld, maar om zaken voor te overleggen, de voortgang in algemene zaken in de gaten te houden en zaken aan de voorkant te sonderen. Het bevreemdt het CDA dat ook in dit gremium de voorzitter van de raad en de waarnemend voorzitter van de raad worden benoemd met stemrecht. Overigens was afgesproken dat het voorzittersoverleg geen politiek gremium zou worden. Het lijkt erop dat er een mini-gemeenteraad wordt opgetuigd. Dit reglement van orde kan op deze manier de instemming van het CDA niet krijgen. Ook valt op dat in artikel 43 zaken zijn opgenomen met regels tot het stellen van schriftelijke vragen.

In lid 3 is opgenomen dat vragen binnen 30 dagen worden beantwoord. Het CDA heeft nu al een aantal maal ervaren dat vragen niet binnen die termijn zijn beantwoord. De griffie geeft aan dat 30 dagen moet worden gelezen als 30 werkdagen. Dit is iets fundamenteel anders. Het CDA stelt dan ook voor dit artikel aan te passen en overweegt ten aanzien van dit artikel een amendement in te dienen. De heer Mol (50PLUS) is verheugd over het feit dat de raad terugkeert op haar schreden en overgaat tot het formeren van een klein presidium als agendacommissie. 50PLUS brengt twee zaken naar voren. Met betrekking tot de taakstelling van het presidium is de passage ‘het bespreken van de dagelijkse gang van zaken in de commissie en raad als onderdeel van de primaire taakstelling van het presidium verdwenen’. 50PLUS is daar bijzonder tevreden mee. Een dergelijke taakstelling is bij uitstek een verantwoordelijkheid van het fractievoorzittersoverleg. Bij de taakstelling van het fractievoorzittersoverleg is ook een vergelijkbare zinssnede opgenomen. In de raad van 20 november 2020 is een amendement bijna unaniem aangenomen. Dit regelde dat het presidium in het openbaar vergadert, tenzij. In het presidium was indertijd ook het fractievoorzittersoverleg opgenomen. Het amendement had qua intentie en strekking ook betrekking op de aspecten die de fractievoorzitters in dit gremium aangingen.

Voor wat betreft het presidium wordt nu voorgesteld de vergaderingen in principe openbaar te houden. Met betrekking tot het overleg van de fractievoorzitters wordt met betrekking tot de openbaarheid voorgesteld de vergaderingen in principe besloten te houden. Dit wekt verbazing. In het amendement is juist openbaarheid, tenzij vastgelegd. De heer Mol vraagt waarom niet de keuze is gemaakt te stellen dat het fractievoorzittersoverleg in principe openbaar is, of in de tekst op te nemen ‘openbaar, tenzij’. De fractie heeft kennisgenomen van het beleidsmatig advies over dit onderwerp. Dit advies wordt zwaar aangezet. Er staat ‘het is niet gebruikelijk en mogelijk zelfs onwenselijk om het fractievoorzittersoverleg in openbaarheid te laten plaatsvinden.’ En: ‘openbaarheid naar buiten toe kan de verstandhouding binnen de raad en het vertrouwen in elkaar schaden’. 50PLUS kan zich voorstellen dat er zaken in dit overleg moeten worden besproken die nog niet in de openbaarheid kunnen worden prijsgegeven, maar dit is niet aan de orde van de dag. Daarnaast speelt ook een rol hoe de beslotenheid van het fractievoorzittersoverleg de verhoudingen kan beïnvloeden. Het staat buiten kijf dat er binnen het fractievoorzittersoverleg beraadslaagd moet worden, maar het overleg moet niet in principe besloten zijn. Mevrouw Maráczi (SP) is teleurgesteld in het voorstel.

Voor de SP geldt: openbaar zolang het niet over financiële belangen of personen gaat. Een van de redenen die genoemd worden om het presidium besloten te houden is bijvoorbeeld dat er stukken worden besproken die nog niet rijp zijn om in de raad besproken te kunnen worden. In dat geval hoort een dergelijk stuk ook niet op de agenda van de agendacommissie thuis. Wat betreft het voorzittersoverleg: hier wordt inderdaad de gang van zaken besproken. Zolang het niet over financiële belangen of personen gaat, moet dit gewoon in de openbaarheid gebeuren. De heer Selten (D66) geeft aan dat er vorige week in het presidium een casus was waarbij de huidige spelregels het niet makkelijk maken om het juiste advies te geven. Het is daarom belangrijk dat de spelregels helder zijn, niet multi-interpretabel en voor transparantie zorgen daar waar het kan. De heer Smits (Helmond Aktief) meldt dat vertrouwelijkheid van het presidium opgenomen is in de verordening. Op het moment dat er zaken vertrouwelijk behandeld moeten worden, kan de voorzitter daarmee instemmen. De rest van het presidium is openbaar. Helder Helmond kan instemmen met artikel 6. Wat betreft artikel 6a heeft Helder Helmond vragen. De vertrouwelijkheid van het fractievoorzittersoverleg wordt gedaan conform artikel 4c wanneer ook hier weer persoonlijke of financiële ADVIESCOMMISSIE INWONERS

Blz. 9

zaken worden besproken. De rest van het overleg is vervolgens openbaar. De heer Smits vraagt of deze conclusies juist zijn. Punt 7 van artikel 6a is voor een eenmans-/vrouwsfractie niet mogelijk. Hier wordt gesproken over vervanging. Wat betreft de verspreiding van de verslaglegging staat artikel 6 van het presidium de tekst ‘onder de leden’ geschrapt, terwijl dit in artikel 6a is gehandhaafd. De heer Smits vraagt wie de verslaglegging van het presidium en het fractievoorzittersoverleg krijgen. Mevrouw Spierings (Lokaal sterk) onderschrijft voor een groot deel hetgeen mevrouw Maráczi zei en begrijpt wat de heer Selten zegt, een stuk kan soms in het presidium behandeld worden zonder dat duidelijk is waar het naar toe moet. Dat één lid en de voorzitter van het presidium kunnen besluiten dat een stuk vertrouwelijk is, is een vreemde. De agendacommissie is immers openbaar. Als een stuk vertrouwelijk behandeld moet worden, moet dat niet besloten worden in een vergadering die openbaar is. Het fractievoorzittersoverleg mag openbaar, tenzij het gaat over persoonlijke of financiële zaken. De verslagen van het openbare overleg zijn openbaar. In dit voorstel staan enkele zaken die duidelijker en transparanter kunnen. De heer Rieter jr. (Helder Helmond) geeft aan dat Helder Helmond voorstander is van een andere aanpak en een klein presidium.

Helder Helmond heeft een aantal opmerkingen over het voorstel. Er zijn vraagtekens bij de wijze van totstandkoming van het stuk. De fractievoorzitters in het fractievoorzittersoverleg kunnen feitelijk geen beslissingen nemen. Het blijkt dat er geen consensus was bereikt. Na dit informele overleg zijn beleidszaken wel in gang gezet en zijn zaken beslist. Wat Helder Helmond betreft mag dit niet gebeuren en vraagt hoe dit in de toekomst voorkomen kan worden. Het zal juridisch wellicht mogen, maar wat Helder Helmond betreft is het onwenselijk om op deze manier processen in gang te zetten. De heer Peters (CDA) vraagt de heer Rieter jr. of hij het met hem eens is dat het lid met stemrecht in het fractievoorzittersoverleg een vreemde is. Dit is een gremium waarin niet gestemd hoeft te worden. De heer Rieter jr. (Helder Helmond) is het daarmee eens. Er moet gekeken worden naar de regels om beslotenheid toe te passen. Het moet niet zo zijn dat twee leden afdwingen dat een deel van de vergadering besloten moet zijn. De heer Smits (Helmond Aktief) leest dat wanneer er in het fractievoorzittersoverleg of het presidium om beslotenheid wordt gevraagd, het altijd moet gaan om persoonlijke of financiële zaken. Hij vraagt of de heren Rieter jr. en de heer Peters hier een andere visie op hebben. De heer Rieter jr.

(Helder Helmond) geeft aan dat dit juist is, maar er is sprake van een grijs gebied. Het is belangrijk dat de uitgangspunten duidelijk zijn. De heer Smits (Helmond Aktief) heeft het idee dat de afwegingen moeten worden gedaan door de voorzitter van de commissie. Op het moment dat er sprake is van persoonlijke of financiële onderwerpen kan er op dát moment sprake zijn van beslotenheid. Die criteria moeten helder zijn. De heer Peters (CDA) meldt dat artikel 6, lid 6 van het presidium een ‘kan’ bepaling is. Dat betekent dat de voorzitter op verzoek van één of meerdere leden van het presidium de vergadering besloten kan maken. Het is geen ‘zal’ bepaling. Het is wel van belang dat bepaald moet zijn wanneer iets besloten behandeld wordt en wanneer niet. De heer Peters vindt dat er nog wel een paar kanttekeningen aan het voorstel zitten. De heer Rieter jr. (Helder Helmond) vervolgt zijn betoog. Helder Helmond wil naar een proces waarbij eerst met elkaar de gang van zaken zijn afgesproken alvorens een procedure in gang gezet wordt. Los daarvan is de communicatie niet optimaal geweest. Wat betreft de openbaarheid is het belangrijk dat de schijn van achterkamertjespolitiek moet worden voorkomen. De vergaderingen zijn openbaar, tenzij. Deze variant is niet opgenomen in het raadsvoorstel en Helder Helmond hoopt dat dit wordt veranderd.

Indien dit niet gebeurt dient Helder Helmond samen met 50PLUS een amendement in. Mevrouw Bach (Fractie Bach Plus) geeft aan dat wat de Fractie Bach Plus betreft het presidium altijd openbaar is. Zolang een onderwerp vertrouwelijk is, hoort het nog niet thuis in het presidium. De Fractie Bach Plus kan verder instemmen met de voorgestelde wijzigingen. Het fractievoorzittersoverleg is wat de Fractie Bach Plus betreft niet politiek, het is belangrijk dat het mogelijk is om zaken vertrouwelijk te kunnen bespreken. ADVIESCOMMISSIE INWONERS

Blz. 10

De heer Rieter jr. (Helder Helmond) geeft aan dat iedereen het er wel over eens is dat de mogelijkheid er moet zijn om besloten te vergaderen. De heer Rieter vraagt mevrouw Bach of zij het ermee eens is dat het fractievoorzittersoverleg openbaar ingericht wordt, tenzij anders wordt besloten. Mevrouw Bach (Fractie Bach Plus) geeft aan dat daar lastig een antwoord op te geven is. De opdracht is gegeven eerst een aantal zaken te onderzoeken en er is een aantal dingen veranderd. Zij komt later op deze vraag terug. Mevrouw Peijs (PvdA) sluit zich aan bij veel punten die de heer Peters heeft gemaakt. De PvdA heeft zich nu beperkt tot het onderwerp vertrouwelijkheid. Vertrouwelijkheid in de politiek is een actueel onderwerp. De PvdA is voorstander van openheid en transparantie. Aan de andere kant is vertrouwelijkheid niet alleen maar slecht. Vertrouwelijkheid is wel slecht wanneer het als excuus wordt gebruikt om geen verantwoording af te hoeven leggen en geen documenten te hoeven delen met de gemeenteraad. De PvdA neemt daarom kennis van het juridisch advies en stelt voor lid 6 van het artikel over het fractievoorzittersoverleg andersom te formuleren: ‘het fractievoorzittersoverleg is openbaar, tenzij’. Er kan hiervoor een amendement worden ingediend, maar het is beter als dit voorstel wordt overgenomen.

De heer Tuerlings (GroenLinks) geeft aan dat in de afgelopen presidiumvergadering er een situatie was waarbij de commissievoorzitters niet wisten wat zij met een voorstel aan moesten. Dit ging over het vertrouwelijk bijpraten van de gemeenteraad over een bepaald onderwerp. Besloten werd toen dit voor te leggen aan het seniorenconvent of aan de fractievoorzitters met de vraag hoe dit opgelost kan worden. Dit is de juiste gang van zaken. Het presidium besluit niet zelf om tot beslotenheid over te gaan, maar laat dit over aan de fractievoorzitters. In het voorstel wordt de mogelijkheid geboden het presidium dit zelf te laten beslissen. Dit is onwenselijk. De heer Selten (D66) kijkt anders naar de bedoelde zinssnede. Het presidium heeft niet kunnen besluiten om een onderwerp in een andere vergadering besloten te maken. Dat kan het presidium niet, ook niet in het nieuwe voorstel. De beslotenheid waar het in het raadsvoorstel om gaat is dat in de vergadering van het presidium het onderwerp besloten had kunnen worden besproken. Dat was hier totaal niet aan de orde. Het ging om de vraag of een verzoek van een bespreekpunt in een andere vergadering besproken kon worden. Het presidium kan hierover niets zeggen. De heer Tuerlings (GroenLinks) onderschrijft dit.

Echter, wanneer in het presidium zich een situatie voordoet dat het presidium iets in beslotenheid wil bespreken zouden zij dat moeten voorleggen aan het seniorenconvent. Dat is de juiste gang van zaken. Artikel 6 moet derhalve luiden: ‘De vergaderingen van het presidium zijn openbaar. Indien daar behoefte aan is, kan een onderwerp in beslotenheid worden voorgelegd aan het seniorenconvent’. Dan is de discussie opgelost en kan ook de openbaarheid van het fractievoorzittersoverleg gehandhaafd worden. GroenLinks ziet het amendement graag tegemoet, mocht dit er komen. De heer Smits (Helmond Aktief) geeft aan dat het gremium van het seniorenconvent niet in de verordening staat en verzoekt dat woord niet meer te gebruiken. Er moet worden gesproken over het fractievoorzittersoverleg. De heer Tuerlings (GroenLinks) geeft aan dat met het seniorenconvent bedoeld wordt het fractievoorzittersoverleg in beslotenheid. Mevrouw Maráczi (SP) stelt voor te spreken over het presidium (de agendacommissie), het fractievoorzittersoverleg en het seniorenconvent. De heer Smits (Helmond Aktief) vindt dat dan wel aangegeven moet worden wat het seniorenconvent doet. Het seniorenconvent is altijd een besloten vergadering. Het seniorenconvent bestaat niet meer, dit is in 2018 afgeschaft. Mevrouw Maráczi (SP) stelt voor het seniorenconvent weer terug te laten komen om verwarring te voorkomen.

Daar worden onderwerpen in beslotenheid besproken. Het fractievoorzittersoverleg is dan altijd openbaar.

ADVIESCOMMISSIE INWONERS

Blz. 11

Mevrouw Spierings (Lokaal sterk) ondersteunt dit. Als het seniorenconvent op een ander moment gepland wordt dan het fractievoorzittersoverleg is er geen verwarring meer. De heer Rieter jr. (Helder Helmond) onderschrijft dit en kan zich ook vinden in hetgeen de heer Tuerlings zegt, namelijk het presidium legt vertrouwelijke onderwerpen terug in het fractievoorzittersoverleg, zijnde het seniorenconvent. De heer Rieter jr. vraagt waarom het seniorenconvent is afgeschaft. Mevrouw Peijs (PvdA) kan meegaan in het voorstel van mevrouw Maráczi, op voorwaarde dat heel duidelijk wordt aangegeven wanneer iets vertrouwelijk is. Mevrouw Maráczi (SP) meldt dat uitsluitend onderwerpen die persoonlijk of financieel zijn vertrouwelijk worden besproken. Mevrouw Bach (Fractie Bach Plus) geeft aan dat nu steeds gesproken wordt over het seniorenconvent. Dit moet eerst terugkomen voordat er over gesproken wordt. Mevrouw Maráczi (SP) geeft aan dat dit een nieuw voorstel is. De heer Tuerlings (GroenLinks) kan zich vinden in het voorstel van mevrouw Maráczi. Dit voorkomt misverstanden. Er moet zo min mogelijk in beslotenheid behandeld worden zodat er zo veel mogelijk transparantie is. Mevrouw Janssen (VVD) geeft aan dat de VVD van mening is dat het presidium openbaar moet zijn en verzoekt vooraf een goede risico-inventarisatie te doen en slechts in uitzonderlijke gevallen iets besloten te bespreken.

Het seniorenconvent hoeft niet per se opnieuw opgetuigd te worden, dit heeft de schijn van achterkamertjespolitiek en is onwenselijk. De heer Tuerlings (GroenLinks) meldt dat het seniorenconvent uitsluitend wordt ingeschakeld wanneer het gaat om specifiek financieel belang voor de gemeente of om belangen van individuele personen. Dit is een beperkt veld. De heer Peters (CDA) geeft aan dat het ook mogelijk is het fractievoorzittersoverleg twee aparte vormen te geven. Dus geen aparte passage met een seniorenconvent, maar twee passages: het een is altijd openbaar, het ander is voor persoonlijke of financiële zaken. Dit zorgt voor helderheid. De heer Selten (D66) verbaast zich over de discussie. Het fractievoorzittersoverleg is openbaar, tenzij het over personen gaat of financiële zaken. Het is onduidelijk waarom er over een derde overlegvorm gesproken moet worden. De heer Tuerlings (GroenLinks) kan zich daarin vinden. Het is aan de taak van de griffie of de vicevoorzitter van de raad om met een beter voorstel te komen. Mevrouw Janssen (VVD) kan zich vinden in hetgeen de heer Selten zegt. Mevrouw Bach (Fractie Bach Plus) geeft aan dat het niet alleen gaat over raadsleden, ook de burgemeester kan betrokken zijn. De heer Roefs (CDA) geeft aan dat afgelopen december gestart is met dit onderwerp en de nodige voorstellen zijn gedaan.

Nu wordt het voorstel opnieuw teruggelegd bij de griffie en de vicevoorzitter. Het is de vraag of dit verstandig is. Het seniorenconvent zoals dat in het verleden bestond was een soort black box en stond in een apart daglicht. Dat was de belangrijkste reden om het onder te brengen in het fractievoorzittersoverleg. Het presidium bestond uit ongeveer twintig personen. Dat is geen werkbare situatie. Het presidium is nu ingericht met de fractievoorzitters, aangevuld met de burgemeester. De griffier en de gemeentesecretaris zijn daarbij aanwezig. Er zijn momenten dat het belangrijk is dat het presidium oproept tot beslotenheid. De heer Roefs is er geen voorstander van dit weer naar het fractievoorzittersoverleg te brengen. Het is verstandiger om dit eigenstandig als presidium te doen. Mevrouw Maráczi (SP) vindt dit een vreemde gang van zaken. Het is duidelijk dat veel fracties daar anders over denken. Het voorstel dat er nu ligt is hetzelfde als het vorige voorstel en de raad heeft gevraagd het voorstel aan te passen. ADVIESCOMMISSIE INWONERS

Blz. 12

De heer Roefs (CDA) geeft aan dat het onderwerp tijdens de vorige commissievergadering uitgebreid besproken is. Daarbij is gevraagd een juridische toets op het voorstel te doen. De heer Roefs vindt het geen efficiënte manier van werken wanneer het voorstel nu weer wordt teruggelegd. De heer Tuerlings (GroenLinks) vindt het nieuwe voorstel niet verbeterd ten opzichte van het vorige voorstel. Inhoudelijk is het voorstel nog steeds hetzelfde. Het voorstel doet geen recht aan de discussie die tijdens de vorige commissievergadering is gevoerd. De heer Selten (D66) doet een alternatief voorstel, namelijk het voorstel volgende week in de raad bespreken waarbij de fracties die dat wensen een amendement indienen. Mevrouw Maráczi (SP) vraagt waarom er haast gemaakt moet worden. Als het voorstel op deze manier in de raad wordt gebracht wordt het niet aangenomen. Mevrouw Peijs (PvdA) sluit zich aan bij het voorstel van de heer Tuerlings en mevrouw Maráczi. Het is uiteindelijk aan de raad om een beslissing te nemen. Het is belangrijk dat de zaken die de commissieleden meegeven worden meegenomen in het nieuwe voorstel. Het voorstel van de heer Selten is sympathiek, maar er zullen waarschijnlijk meerdere amendementen worden ingediend. Dat maakt de bespreking van het stuk lastig. Het is waarschijnlijk beter het voorstel terug te leggen en er nog aanpassingen in te brengen.

Mevrouw Janssen (VVD) sluit zich daarbij aan. Het is beter het voorstel terug te leggen en een beter geformuleerd voorstel in de raad te brengen. De heer Van Lierop (plan!) vindt het voorstel in principe helder, de vergaderingen zijn openbaar, tenzij. Het stuk is echter niet goed leesbaar. Een aantal zaken is niet goed geregeld, dat moet nog gebeuren. Het is niet wenselijk het seniorenconvent weer in het leven te groepen. De heer Mol (50PLUS) is niet voor haast en druk en vindt dat het stuk terug naar de tekentafel moet. De heer Roefs (CDA) stelt voor het voor nu aan de griffier en de jurist over te laten. Mevrouw V.d. Velde (ambtelijke ondersteuning) geeft aan dat er eigenlijk geen juridische vragen zijn. Het is een stuk van de raad voor de raad. Daarin heeft zij geen positie of directe inbreng. Het is belangrijk dat iedereen zich in het stuk kan vinden. De heer Jaspers (griffier) hoort veel fracties zeggen dat er een gedegen voorstel moet liggen dat recht doet aan hetgeen de raad wenst. De heer Jaspers stelt voor dat hij, samen met mevrouw Van de Velde nogmaals naar het voorstel kijkt. De heer Smits (Helmond Aktief) vraagt aandacht voor de vervanging voor de eenmans/-vrouwsfracties. Verder vraagt hij hoe de verslagen worden verspreid.

De heer Peters (CDA) steunt het voorstel van de heer Jaspers en verzoekt artikel 13 en 21 van de gemeentewet goed mee te nemen in de overwegingen. Ook de vraag over de termijn van beantwoording van vragen (30 dagen versus 30 werkdagen) moet worden beantwoord. De heer Roefs (CDA) denkt dat het inderdaad verstandig is het stuk terug te leggen. Daarnaast is het goed om als fractievoorzitters te spreken over dit onderwerp zodat men meer op één lijn zit. De heer Rieter jr. (Helder Helmond) reageert op hetgeen er over het seniorenconvent is gezegd. Hier worden zaken besloten besproken en dat heeft een zware lading. Echter, er moeten soms onderwerpen besloten besproken worden en hoe het gremium ook genoemd wordt, de zware lading zal er altijd zijn. De voorzitter concludeert dat het voorstel teruggenomen wordt. De voorzitter sluit de vergadering om 21.35 uur.

ADVIESCOMMISSIE INWONERS

Blz. 13

Aldus vastgesteld in de vergadering van de Adviescommissie d.d. XXXXX 2021. De commissievoorzitter, XXXXXX

ADVIESCOMMISSIE INWONERS

de commissiegriffier, XXXXXX

Blz. 14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10000788/1