Was-wordt lijst Verordening rechtspositie raads- en burgerleden
Tekst van het document
Was-wordt lijst Verordening rechtspositie raads- en burgerleden Hellendoorn 2026 Art.nr. verordening 2026
Inhoud nieuwe verordening 2026
Art.nr. verordening 2012
Inhoud verordening 2012
Verschil
Art. 1
Definities van de begrippen raadslid, burgerlid, college, griffier en presidium
Art. 1
Definities van de begrippen burgerlid, raadslid en griffier
Enkele definities toegevoegd ter verduidelijking
Art. 2
Toelage lidmaatschap onderzoekscommissie of bijzondere commissie Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet ontvangt een maandelijkse toelage, zolang deze commissie actief is. De hoogte van de toelage bedraagt 25% van de maandelijkse vergoeding als bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, met dien verstande dat de maximale vergoeding per jaar ten hoogste driemaal de maandelijkse vergoeding als bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers bedraagt. Vervallen
Art. 2
Toelage raadslid onderzoekscommissie en bijzondere commissie Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend van 3 keer de maandelijkse vergoeding als bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Dit betreft het bedrag per jaar.
Titel tekstueel vereenvoudigd
Een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale
Bij bespreking in presidium bleek dat aan deze bepaling geen behoefte is. Als de raad later besluit een dergelijke
Art. 2 lid 1
Vervallen
Art. 2 lid 1
Art. 2 lid 2
Het nieuwe artikel bevat nu de bepaling dat er sprake is van een maandelijkse toelage zolang de commissie actief is. Verder is nu een concreet bedrag opgenomen, namelijk 25% van de maandelijkse vergoeding voor raadsleden. Verder is de bepaling uit art. 3.1.1 eerste lid Rechtspositiebesluit toegevoegd, waarin staat dat de maximale toelage per jaar niet meer bedraagt dan driemaal de maandelijkse vergoeding.
Pagina 1 van 8
politieke ambtsdragers wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie de maximale vergoeding per maand toegekend. Reis- en verblijfkosten raads- en burgerleden voor reizen buiten de gemeente
Art. 3
Reis- en verblijfkosten raads- en burgerleden
Art. 3
Art. 3 lid 1
Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raads- of burgerlid vergoed: a. de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; b. bij gebruik van een eigen vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten; Vervallen
Art. 3 lid 1
Voor reizen buiten het grondgebied van de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het gemeente-bestuur als bedoeld in artikel 97 Gemeentewet worden aan een raads- of commissielid vergoed: a. de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; b. bij gebruik van een eigen auto het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt.
Art. 3 lid 2
Voor reizen buiten het grondgebied van de gemeente, ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur, worden aan een raadslid of burgerlid bij gebruik van eigen auto tevens de parkeer-, veer- en tolkosten vergoed.
Vervallen
commissie in te stellen, kan desgewenst gelijktijdig deze verordening worden gewijzigd en een nieuwe gelijkluidende bepaling worden toegevoegd Titel ingekort; op grond van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers vallen reizen in de gemeente ook onder dit artikel Nieuwe tekst overgenomen uit de modelverordening van de VNG
Tekst samengevoegd in het nieuwe lid 1
Pagina 2 van 8
Art. 3 lid 2
Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed.
Art. 3 lid 3
Art. 3 lid 3
Als een raadslid of burgerlid een (tijdelijke) functionele beperking heeft, kan voor reizen als bedoeld in het eerste lid incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of burgerlid maakt in verband met reizen, gemaakt voor de uitoefening van de functie, worden ten laste van de gemeente vergoed.
Art. 3 lid 4
Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing Een raadslid of burgerlid dat wil deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier.
Art. 4
Art. 3 lid 4
Art. 4 Art. 4 lid 1
Art. 3 lid 5
Art. 4 lid 1
Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed. Als een raadslid of burgerlid een tijdelijke functionele beperking heeft, kan voor reizen als bedoeld in het eerste lid een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking gesteld.
Ongewijzigd
De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of commissielid maakt in verband met reizen buiten het grondgebied ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur worden ten laste van de gemeente vergoed. Scholing
Tekst beperkt aangepast n.a.v. modelverordening VNG
Raads- of burgerleden, die aan scholing als bedoeld in artikel 3.3.3, eerste lid van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers willen deelnemen, die niet door of namens de gemeente wordt aangeboden of verzorgd, dienen daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier.
Tekst beperkt aangepast n.a.v. modelverordening VNG
Titel aangepast op basis van modelverordening VNG Tekst geactualiseerd op basis van modelverordening VNG
Pagina 3 van 8
Art. 4 lid 2
Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.
Art. 4 lid 2
Art. 4 lid 3
n.v.t.
Vervallen
De griffier beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken en voor zover de kosten niet meer bedragen dan € 250,-per raadslid of burgerlid per jaar. In geval van hogere kosten beslist het presidium. Vervallen
Vervallen
Vervallen
Art. 4 lid 4
Vervallen
Vervallen
Art. 4 lid 5
Vervallen
Vervallen
Art. 4 lid 6
Art. 4 lid 3
De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, gaat vergezeld van inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie. N.v.t.
Tekst beperkt aangepast
Kosten van scholing, die wordt georganiseerd door de beroepsvereniging van raadsleden of door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, komt altijd voor vergoeding door de gemeente in aanmerking als voldaan wordt aan de voorwaarde genoemd in het eerste lid. De gemeenteraad kan bij aparte verordening nadere regels stellen met betrekking tot de maximale vergoeding. Aanvragen, die niet overeenkomstig de bepalingen in deze verordening worden ingediend, komen niet voor vergoeding in aanmerking. In voorkomende gevallen beslist de vergadering van fractievoorzitters van alle in de raad vertegenwoordigde politieke groeperingen.
Vervallen, overbodig. In de praktijk wordt voor deelname aan trainingen van de VNG of beroepsverenigingen van raadsleden (bijna) geen kosten gerekend. Dit valt verder onder lid 1 t/m 3 van de nieuwe verordening.
Dit nieuwe lid voorziet in heldere afhandeling en vervangt tevens het huidige lid 6 (zie onder)
Niet van toepassing, de raad heeft hier geen aparte verordening voor vastgesteld. Vervalt daarom. Niet van toepassing, de raad heeft hier geen aparte verordening voor vastgesteld. Vervalt daarom. Opgenomen in nieuw lid 3
Pagina 4 van 8
Art. 5
Informatie- en communicatievoorzieningen
Niet aanwezig
Niet aanwezig
Art. 5 lid 1
Indien voor de duur van het raadslidmaatschap of het burgerlidmaatschap informatieen communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld door de gemeente, als bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, tekent het raadslid of burgerlid hiervoor een bruikleenovereenkomst. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast. Een raadslid of burgerlid levert direct na de beëindiging van het raadslidmaatschap of het burgerlidmaatschap de ter beschikking gestelde informatieen communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
Niet aanwezig
Niet aanwezig
Niet aanwezig
Niet aanwezig
Nieuw toegevoegd om te voorzien in regels voor beschikbaar gestelde ict-voorzieningen. Tekst gebaseerd op de VNGmodelverordening.
Art. 5
Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
Ongewijzigd
Art. 5 lid 2
Art. 6 Art. 6 lid 1
Art. 5 lid 1
Nieuw toegevoegd om te voorzien in regels voor beschikbaar gestelde ict-voorzieningen Nieuw toegevoegd om te voorzien in regels voor beschikbaar gestelde ict-voorzieningen. Tekst gebaseerd op de VNGmodelverordening.
Ongewijzigd
Pagina 5 van 8
Art. 6 lid 2
Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de loonbelasting 1964.
Art. 5 lid 2
Art. 7 Art. 7 lid 1
Betaling vergoeding burgerleden Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van de vergoeding van burgerleden per bijgewoonde vergadering, bedoeld in artikel 3.4.1 het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, periodiek plaats na vaststelling van de verslagen van de bijgewoonde vergaderingen. Betaling en declaratie van onkosten
Art. 6 Art. 6 lid 1
Art. 8
Art. 7
Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de loonbelasting 1964. Betaling vaste vergoedingen Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van de vergoeding van burgerleden, bedoeld in artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, maandelijks plaats met inachtneming van een vergoeding per bijgewoonde vergadering.
Ongewijzigd
Betaling en declaratie van onkosten
Ongewijzigd
Titel verduidelijkt Tekstueel aangepast, om dit artikel aan te laten sluiten bij de staande praktijk (uitbetaling burgerleden volgt na vaststelling van de verslagen met aanwezigheidsregistratie)
Pagina 6 van 8
Art. 8 lid 1
Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van die regelingen of op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door: a. betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur; of b. betaling vooruit uit eigen middelen.
Art. 7 lid 1
Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door: a. betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur; b. betaling vooruit uit eigen middelen; of c. betaling ten laste van de gemeentelijke creditcard
Creditcard geschrapt als betaalmiddel; niet meer relevant. Verder ongewijzigd.
Art. 8 lid 2
Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken te overleggen geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft. Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden binnen 60 dagen na factuurdatum of betaling door een raads- of burgerlid ingediend bij de griffier. Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan een raadslid of burgerlid binnen 4 weken na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.
Art. 7 lid 2
Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken.
Aangepast op basis van de VNG-modelverordening
Art. 7 lid 3
Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden ingediend bij de griffier.
Redelijke termijn van 60 dagen toegevoegd
Art. 7 lid 4
Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan raads- of commissieleden binnen 4 weken na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.
Commissielid vervangen door ‘burgerlid’; verder ongewijzigd
Art. 8 lid 3
Art. 8 lid 4
Pagina 7 van 8
Art. 9
Intrekking oude verordening De Verordening rechtspositie raads- en burgerleden gemeente Hellendoorn 2021, vastgesteld op 30 maart 2021, wordt ingetrokken met ingang van het in artikel 10, tweede lid van deze verordening genoemde tijdstip. Inwerkingtreding en citeertitel
Art. 8
Intrekking oude verordening De Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2015 wordt ingetrokken.
Intrekking huidige regeling opgenomen in nieuwe verordening
Art. 9 en 10
Zie onder
Art. 10 lid 1
Deze verordening wordt aangehaald als Verordening rechtspositie raads- en burgerleden Hellendoorn 2026
Art. 10
Art. 10 lid 2
Deze verordening treedt in werking op de dag, volgend op die van zijn bekendmaking.
Art. 9
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie raads- en burgerleden gemeente Hellendoorn 2021 Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag volgende op die van haar bekendmaking.
Oude artikelen 9 en 10 samengevoegd in nieuw artikel 10 Tekstueel iets vereenvoudigd
Art. 10
Tekstueel vereenvoudigd
Pagina 8 van 8