Raadsvoorstel Vaststelling Re-integratieverordening Participatiewet gemeente Hellendoorn 2023.
Tekst van het document
Aan de Raad Zaaknummer 2023-012606 Raadsvoorstel: Vaststelling Re-integratieverordening Participatiewet gemeente Hellendoorn 2023. Voorstel 1. Vast te stellen de Re-integratieverordening Participatiewet gemeente Hellendoorn 2023 conform bijgevoegd besluit. Inleiding Op 29 november 2022 heeft de Eerste Kamer ingestemd met het wetsvoorstel Breed Offensief Participatiewet (hierna Breed Offensief). Deze wetswijziging is per 1 juli 2023 in werking getreden. Het Breed Offensief bevat maatregelen om de arbeidsmarktkansen voor mensen met een arbeidsbeperking (die niet zelfstandig het minimumloon kunnen verdienen en vallen onder de doelgroep banenafspraak of die zijn aangewezen op beschut werk), te vergroten. Daarnaast zijn in de wet ook enkele wijzigingen doorgevoerd met betrekking tot instrumenten die voor alle werkzoekenden kunnen worden ingezet, zoals proefplaatsingen (met behoud van uitkering). De wettelijke opdracht van de gemeenteraad betreft het bij verordening vaststellen van regels waarin het beleid van de gemeente ten aanzien van haar re-integratietaak wordt neergelegd. Als gevolg van deze wetswijziging moet de gemeentelijke re-integratieverordening Participatiewet nu worden aangepast. De nu voorliggende verordening is grotendeels gebaseerd op de model-verordening van de VNG. Deze voldoet aan de vereiste aanpassingen voortvloeiend uit de wetswijziging.
Daarnaast is in beperkte mate ook nieuw lokaal beleid in deze verordening meegenomen. (daar waar na regionaal overleg of ten behoeve van lokaal beleid is afgeweken van het VNG model, is de tekst in de conceptverordening blauw gekleurd). De aangepaste verordening treedt na vaststelling door uw raad met terugwerkende kracht in werking per 1 juli 2023. Beoogd effect De re-integratieverordening gemeente Hellendoorn in overeenstemming te brengen met de gewijzigde Participatiewet, en als kader voor de uitvoering door de gemeente vast te stellen, om de arbeidsmarktkansen voor mensen met een arbeidsbeperking te vergroten. Argumenten 1.1. De Participatiewet is als gevolg van het Breed Offensief op een aantal punten gewijzigd. Uit de Participatiewet volgt de verplichting voor gemeenten om mensen met beperkingen te ondersteunen bij het vinden van werk. Door de ondersteuning op gemeentelijk niveau te regelen zijn er meer mogelijkheden om maatwerk te leveren. Deze decentralisatie heeft echter gezorgd voor verschillen tussen gemeenten onderling, maar ook tussen gemeenten en het UWV. Om deze onduidelijkheden
zoveel mogelijk weg te nemen, is het wetsvoorstel met de naam Breed Offensief ingediend en per 1 juli 2023 tot wet gemaakt. Het Breed Offensief bevat maatregelen om de arbeidsmarktkansen voor mensen met een arbeidsbeperking te vergroten. Hierbij zijn kaders gegeven om ondersteuning op maat te bieden, door inzet van instrumenten zoals loonkostensubsidies, jobcoaching of werkbegeleiding. In de bijgevoegde verordening worden de diverse instrumenten die kunnen worden ingezet, omschreven. De instrumenten voor de doelgroep met een arbeidsbeperking zijn met name beschreven in hoofdstuk 5 van deze verordening. Daarmee zorgt de verordening voor transparantie over de in te zetten instrumenten voor werkzoekenden en werkgevers. Het uitgangspunt hierbij is en blijft overigens maatwerk. 1.2. De inhoud van het instrumentarium is regionaal afgestemd. Op grond van de Participatiewet en de wet SUWI moet regionaal worden samengewerkt tussen de gemeenten en het UWV om werkzoekenden te begeleiden naar betaald werk. Dit vergt regionale afstemming over de instrumenten die worden ingezet om plaatsing van werkzoekenden bij werkgevers mogelijk te maken. Daarom heeft over de inhoud van deze verordening regionaal ambtelijk overleg binnen de arbeidsmarktregio Twente plaatsgevonden.
De belangrijkste conclusies daaruit zijn de volgende: er bestaat overeenstemming over het uitgangspunt om maximaal gebruik te maken van de wettelijke loonkostensubsidies (inclusief de tijdelijke loonkostensubsidie zonder loonwaardemeting), en daarnaast géén andere gemeentelijke loonkostensubsidie in deze verordening op te nemen, De wettelijke regelingen bieden vooralsnog voldoende mogelijkheden om plaatsing van werkzoekenden te ondersteunen. ook bestaat overeenstemming over de uitgangspunten t.a.v. jobcoaching. Voor de kwaliteitseisen wordt aangesloten bij de opleidingseisen van het UWV. Voor het vaststellen van de duur en intensiteit van de jobcoaching gelden de begeleidingsregimes licht, midden en intensief uit het protocol interne jobcoaching van het UWV als uitgangspunt. De invulling hiervan vergt nog nadere uitwerking en (regionale) afstemming. Daarom wordt in de verordening aangegeven dat het college de nadere voorwaarden hiervoor en de hoogte van de vergoedingen uitwerkt in nadere regels, rekening houdend met de wens om deze zoveel mogelijk regionaal te harmoniseren. verder wordt het aan de afzonderlijke gemeenten overgelaten om eventuele uitstroompremies of andere premies aan werkzoekenden op te nemen. Omdat dit geen werkgevers-gerichte instrumenten zijn, hoeven die niet regionaal te worden afgestemd.
In de nu voorliggende verordening staat alleen de participatieplaats als voorziening genoemd, in verband met de wettelijke verplichting dat de hoogte van de premie hiervoor door de gemeenteraad moet worden vastgesteld. 1.3. De nieuwe bepalingen t.a.v. jobcoaching en interne werkbegeleiding bieden een kader voor de samenwerking met lokale werkgevers. De verordening regelt verschillende instrumenten voor plaatsing van werkzoekenden bij bedrijven. Daarmee biedt de verordening meer houvast aan werkgevers en werknemers. Deze moeten elkaar makkelijker kunnen vinden om de arbeidsmarktkansen voor mensen die nu nog aan de kant staan te vergroten. Van de instrumenten is de loonkostensubsidie nu vrijwel volledig wettelijk geregeld. Een tweede belangrijk instrument betreft de begeleiding van de deelnemers. Deze jobcoaching kan ambtshalve worden ingezet, maar een werkgever kan ook een aanvraag indienen voor interne jobcoaching of interne werkbegeleiding. De uitwerking van de voorwaarden hiervoor wordt momenteel nog regionaal afgestemd, en verwerkt in een nieuw Uitvoeringsbesluit re-integratie dat komend najaar aan ons college wordt aangeboden.
Pagina
2 van 5
Binnen onze gemeente zijn er verschillende bedrijven die werk willen maken van sociaal ondernemen, en daarvoor met plannen komen en een beroep doen op gemeentelijke ondersteuning. De nieuwe verordening en het daarop volgende uitvoeringsbesluit biedt hiervoor een kader, waarvan wij gebruik kunnen maken bij de samenwerking met lokale werkgevers en re-integratiebedrijven. 1.4. In de verordening is lokaal beleid opgenomen dat ruimte wordt geboden voor invulling van extra plaatsen voor "nieuw beschut werk". In deze verordening is als lokaal nieuw beleid opgenomen dat ruimte wordt geboden voor de invulling van extra plaatsen voor nieuw beschut werken (artikel 25). Daarmee wordt aangesloten bij onze eerdere keuze (zie collegebesluit en raadsmededeling 2022-012198 d.d. 19 mei 2022) om extra plaatsen in te vullen, om te voorkomen dat deze kwetsbare doelgroep met wachtlijsten te maken krijgt. Op grond van de wet moet de gemeenteraad daarvoor regels vaststellen. Dit is nu meegenomen in deze nieuwe verordening. De financiële gevolgen hiervan zijn beperkt, omdat de loonkostensubsidies hiervoor (maximaal 70 % van het WML) door het rijk worden vergoed. De resterende meerkosten worden meegenomen in de gemeentebegroting.
Bij dit laatste merken wij op dat het kabinet in de recente kamerbrief van 6 juli 2023 een structurele verhoging van de vergoeding per beschutte werkplek heeft aangekondigd ingaande 2024, om de groei van het aantal beschut werkplekken te stimuleren (zie hieronder bij financiële gevolgen). Overigens streeft het kabinet ook naar een andere verdeling van aantal beschutte werkplekken, inclusief de begeleidingsmiddelen, over de gemeenten. Het voornemen is om de verdeling ingaande 2025 voornamelijk te baseren op het aantal gerealiseerde plekken, om zoveel als mogelijk tegemoet te komen aan de behoefte aan beschut werk, zonder nu al nieuwe quota voor beschut werk in te voeren. Met name deze tweede maatregel impliceert dat vanaf 2025 niet meer gewerkt gaat worden met een landelijke taakstelling, waardoor het artikel om maximaal 25 % boven de taakstelling te gaan plaatsen dan niet meer van toepassing is. Omdat hiervoor echter nog wetswijzigingen nodig zijn, en wij nu al meerdere plaatsen boven de taakstelling invullen, kan een bepaling hierover in de verordening niet gemist worden. 1.5. Voorgesteld wordt de premie participatieplaats (art. 26) te verhogen. Zoals hiervoor al onder 1.2 is aangegeven staat in deze verordening de participatieplaats als voorziening genoemd, omdat de hoogte van de premie hiervoor door de gemeenteraad moet worden vastgesteld.
Een participatieplaats is bedoeld voor personen in de bijstand van 27 jaar of ouder, met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt. Het college kan aan personen uit deze doelgroep een participatieplaats aanbieden om gedurende maximaal 2 jaar (eventueel te verlengen tot maximaal 4 jaar) onbeloonde additionele werkzaamheden te verrichten. Daarbij staan niet de te verrichten werkzaamheden centraal, maar het leren werken of het (opnieuw) wennen aan werken. Een participatieplaats is dus wezenlijk iets anders dan het invullen van werkervaringsplaatsen of proefplaatsingen bij reguliere werkgevers. Een persoon die werkzaamheden verricht op een participatieplaats heeft na 6 maanden recht op een premie als hij/zij voldoende heeft meegewerkt aan het vergroten van zijn/haar kansen op de arbeidsmarkt. De hoogte van de premie moet op grond van de wet vastgelegd worden in de verordening. In haar advies over de Re-integratieverordening heeft het Cliëntenplatform Werk en Inkomen voorgesteld om de premie, als genoemd in artikel 26 lid 5 op te hogen van € 150,- naar € 300,- per 6 maanden.
Pagina
3 van 5
In het gemeentelijk re-integratiebeleid geven wij prioriteit aan trajecten gericht op uitstroom naar regulier of beschut werk. Daardoor wordt het instrument van een participatieplaats tot dusverre weinig ingezet. Een hogere premie kan een stimulans zijn voor cliënten die nog ver van de arbeidsmarkt af staan, om eerste stappen te zetten door het verrichten van additioneel werk. Dit staat onze inspanningen gericht op regulier werk niet in de weg, maar voegt iets toe aan de doelgroep die daar nog niet aan toe is. Om die reden stellen wij u voor het advies van het Cliëntenplatform over te nemen, en de uitbetaling hiervan te laten plaatsvinden na elke periode van deelname gedurende 6 maanden. De financiële gevolgen kunnen binnen de reguliere budgetten worden opgevangen. De overige effecten hiervan zullen gemonitord worden. 1.6. Voor verdere uitwerking van regelingen voor werkzoekenden wordt gewacht op de voorstellen uit het wetsvoorstel "Participatiewet in balans". Recent is het wetsvoorstel "Participatiewet in balans" vrijgegeven voor internetconsultatie. Uit dat wetsvoorstel blijkt dat diverse verbeteringen worden voorgesteld, waaronder het verruimen van de bijverdien-grenzen door invoering van één uniforme vrijlatingsregeling (voor personen die part-time werken en een aanvullende uitkering hebben) in plaats van de 4 (!) verschillende vrijlatingsregelingen die nu in de wet staan.
Gelet op deze in voorbereiding zijnde wetswijzigingen adviseren wij te wachten met het ontwikkelen van nieuwe lokale regelingen of het invoeren van nieuwe premieregelingen. In deze verordening zijn daarom nog geen voorstellen op dit terrein meegenomen. Opmerkingen De verordening is op 25 september besproken in de vergadering van het Cliëntenplatform Werk en Inkomen. Zoals hierboven onder 1.5 is toegelicht is het advies van het Cliëntenplatform verwerkt in dit voorstel. Het advies van het Cliëntenplatform treft u bij de stukken aan. Verder wordt opgemerkt dat de landelijke vereniging OVAL, de brancheorganisatie van o.a. jobcoachorganisaties, op 3 mei 2023 een brief aan alle gemeenteraden heeft gestuurd met aanbevelingen voor de vaststelling van de re-integratieverordeningen. In de regionale ambtelijke werkgroep is aandacht besteed aan deze brief. Aan de wensen van OVAL om kwaliteitseisen vast te stellen en maatwerk te bieden, wordt via de verordening tegemoet gekomen. Verder adviseert OVAL te voorkomen dat handhaving en ondersteuning door elkaar gaat lopen. Binnen onze gemeente kennen wij (nog) geen eigen jobcoaches, maar hebben we wel een functiescheiding tussen inkomensconsulenten en re-integratieconsulenten. Deze werkwijze sluit aan bij de aanbevelingen van OVAL. Financiën Dit voorstel heeft geen directe financiële gevolgen.
Wel wordt opgemerkt dat de kosten voor jobcoaching en werkbegeleiding moeten worden betaald uit de integratieuitkering Participatie die onderdeel is van het gemeentefonds (het Participatiebudget). Gezien de toenemende vraag houden wij rekening met een stijging van de kosten, dit is als autonome ontwikkeling in de gemeentebegroting 2024 verwerkt. Anderzijds is de rijksvergoeding van de loonkostensubsidies verbeterd doordat de bekostiging gebaseerd is op de realisatie van het aantal loonkostensubsidies, en leidt plaatsingen in loondienst tot vermindering van het aantal reguliere uitkeringen. Verder heeft het kabinet een structurele verhoging van de vergoeding per beschutte werkplek aangekondigd ingaande 2024 van ruim € 2.000,-- per werkplek. De hieruit te ontvangen middelen worden gebruikt ter dekking van de autonome ontwikkeling zoals die in de begroting 2024 is verwerkt. Vervolg
Pagina
4 van 5
Inmiddels wordt gewerkt aan verwerking van de wijzigingen vanuit de wetgeving en vanuit deze nieuwe re-integratieverordening in een nieuw Uitvoeringsbesluit re-integratie gemeente Hellendoorn 2023. Nadat uw raad heeft ingestemd met deze verordening, wordt het Uitvoeringsbesluit voorgelegd aan ons college, de planning hiervan is vaststelling in het 4e kwartaal van 2023. Communicatie De verordening wordt bekend gemaakt via Overheid.nl en opgenomen in Schulinck t.b.v. de medewerkers. Verder worden werkgevers geinformeerd over de nieuwe verordening en de beschikbare instrumenten. Daarvoor geldt een regionale "instrumentenkoffer". Aanvullend daarop wordt gezorgd voor informatie via de website en een korte folder van de gemeente Hellendoorn. Bijlagen Re-integratieverordening Participatiewet gemeente Hellendoorn 2023.
Nijverdal, 26 september 2023
Burgemeester en Wethouders van Hellendoorn, De secretaris,
de burgemeester,
A.M.. Ouwehand
J. Eijbersen
Pagina
5 van 5