Raadsvoorstel bestemmingsplan Grotestraat 186-188 te Nijverdal
Tekst van het document
AAN DE RAAD Zaaknummer: Z2023-00001565 Onderwerp Vaststelling bestemmingsplan “Grotestraat 186 en 188 te Nijverdal”
VOORSTEL 1. De indiener van de zienswijze, conform de als bijlage bijgevoegde zienswijzennota, ontvankelijk te verklaren in hun zienswijzen. 2. De ingekomen zienswijze inhoudelijk ongegrond te verklaren. 3. Het bestemmingsplan "Grotestraat 186-188 te Nijverdal" ongewijzigd vast te stellen ten opzichte van het ter visie gelegde ontwerpbestemmingsplan met de ondergrond “basisregistratie grootschalige topografie (BGT) (2021-11-03)" en met de planidentificatie "NL.IMRO.0163.BPNDGROSTR186EN188-VG01”. 4. Te bepalen dat het vaststellen van een exploitatieplan niet noodzakelijk is voor het bestemmingsplan "Grotestraat 186 en 188 te Nijverdal”.
INLEIDING Het ontwerpbestemmingsplan “Grotestraat 186-188 te Nijverdal” heeft voor eenieder ter inzage gelegen vanaf vrijdag 15 december 2023 tot en met vrijdag 26 januari 2024. Het ontwerpbestemmingsplan “Grotestraat 186-188 te Nijverdal” kan via deze (hyper)link digitaal worden geraadpleegd https://bit.ly/484R02Y Dit ontwerpbestemmingsplan heeft tot doel om de realisering van acht appartementen op de percelen Grotestraat 186 en 188 te Nijverdal planologisch mogelijk te maken. Omdat dit plangebied is gelegen buiten het kernwinkelgebied, wordt het planologisch aanvaardbaar geacht om hier ook op de begane grond appartementen te realiseren. De parkeerbehoefte voor deze ontwikkeling bedraagt 12 parkeerplaatsen. In de parkeerbehoefte voor deze ontwikkeling wordt geheel op het eigen terrein voorzien door de aanleg van 16 parkeerplaatsen op het achterterrein. Bestaande situatie
Gewenste voorgevel
Gewenste achtergevel
Rechterzijgevel
Rechterzijgevel te realiseren bergingen
Gedurende de inzagetermijn, is er één zienswijze ingekomen bij uw raad omtrent het ter visie gelegde ontwerpbestemmingsplan. Doelgroepenverordening. De appartementen die hier worden gerealiseerd, vallen in een hoger prijssegment. De ligging hiervan, in het centrum nabij de centrumvoorzieningen is logisch en conform beleid uit de Woonvisie. Het is juist dat er behoefte is aan betaalbare sociale (huur)appartementen, echter er is ook aantoonbaar behoefte aan vrije sector koopappartementen. Gezien de goede ligging in het centrum, is het voor de hand liggend, dat dit soort posities hiervoor in aanmerking komen. In de gemeente Hellendoorn en specifiek in Nijverdal spelen diverse andere ontwikkelingen waar invulling gegeven zal worden aan de behoefte aan sociale woningbouw. Zie ook Woonvisie bijlage blz. 8, behoefte aan vrije sector koopappartementen. Echter, door de realisering van 8 appartementen op het perceel Grotestraat 186-188 te Nijverdal komt er doorstroming op gang, waardoor elders huizen vrijkomen voor derden.
In mei 2023 heeft de raad van Hellendoorn de Doelgroepenverordening gemeente Hellendoorn vastgesteld. Met de vaststelling van deze Doelgroepenverordening ontstaat een wettelijke basis om te borgen dat sociale huurwoningen, sociale koopwoningen en geliberaliseerde woningen voor middenhuur worden gebouwd en blijven behouden voor de doelgroepen en er doorstroming op de woningmarkt van de gemeente Hellendoorn op gang komt. De Doelgroepenverordening is van toepassing op álle nieuwbouwplannen in de gemeente. Een uitzondering hierop zijn die plannen - waaronder dit concrete plan - waarvoor op het moment van inwerkingtreding van deze verordening al afspraken zijn gemaakt over de in deze Doelgroepenverordening opgenomen onderwerpen. Het gaat dan om afgesloten anterieure contracten óf - anterieure contracten waarvoor de onderhandelingen over de totstandkoming van deze contracten al in een zodanig vergevorderd stadium zijn, dat het in strijd is met de goede trouw van de precontractuele fase om de Doelgroepenverordening nog van toepassing te laten zijn.
BEOOGD EFFECT De beoogde ontwikkeling planologisch mogelijk te maken.
ARGUMENTEN 1.1 De zienswijze omtrent het ontwerpbestemmingsplan is tijdig ingediend De zienswijze is tijdig ingediend tijdens de inzagetermijn en daarmee is de indiener daarvan ontvankelijk in hun zienswijze. 2.1
In de nota ingekomen zienswijze is de ingekomen zienswijze becommentarieerd en wordt een voorstel gedaan hoe daarmee om te gaan. De zienswijze treft u aan als bijlage bij de stukken. In de bijgevoegde nota ingekomen zienswijzen is deze zienswijze becommentarieerd en afgeconcludeerd. 3.1
De voorgenomen ontwikkeling is in overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening. Het ontwerpbestemmingsplan voor deze ontwikkeling heeft ter inzage gelegen vóór 1 januari 2024, zijnde de datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet. Gelet op het bepaalde in artikel 4.6 lid 2 van de Invoeringswet Omgevingswet, betekent dat, dat dit (ontwerp)bestemmingsplan procedureel nog moet worden afgewikkeld op basis van de Wro (Wet ruimtelijke ordening). De voorgenomen ontwikkeling past binnen de geldende beleidskaders van de gemeente Hellendoorn en dat van andere overheden (zie daarvoor hoofdstuk 4 van de plantoelichting). Daarnaast is in de plantoelichting nader ingegaan op de toetsing aan relevante wet- en regelgeving. Uit deze toetsing (hoofdstuk 5 Milieutoets) blijkt dat de voorgenomen ontwikkeling ruimtelijk aanvaardbaar is en dat met het plan geen ruimtelijke, milieu-, verkeers- of andere belangen in het geding zijn. In het kader van het wettelijke vooroverleg heeft afstemming plaatsgevonden met de provincie Overijssel en met het waterschap Vechtstromen. De provincie Overijssel heeft aangegeven dat het voorgenomen plan past binnen hun ruimtelijke beleid. Waterschap Vechtstromen: op basis van de digitale watertoets en de bij de digitale watertoets aangeleverde informatie geoordeeld, dat het plan in aanmerking komt voor de “korte procedure”.
Dat houdt in dat direct door kan worden gegaan met de planvorming als in de plantoelichting de door het waterschap aangedragen standaard waterparagraaf wordt opgenomen. Deze is in de plantoelichting van voorliggend (ontwerp)plan verwerkt. 4.1 Het voorgenomen plan is financieel uitvoerbaar Voorliggend plan betreft een 'bouwplan' als bedoeld in artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening, waarvoor het kostenverhaal met een exploitatieplan of anderszins moet zijn verzekerd. Voorgenomen ontwikkeling betreft een particulier initiatief. De kosten die verband houden met de bestemmingsplanherziening, alsmede de uitvoering van het
plan, komen voor rekening van initiatiefnemer. Deze gemeentelijke kosten worden op basis van de Legesverordening op initiatiefnemer verhaald. Verder is er geen gemeentegrond bij deze ontwikkeling betrokken waarover met een anterieure overeenkomst over de grondexploitatie afspraken moeten worden gemaakt. Met initiatiefnemer is wel een planschadeverhaalsovereenkomst gesloten. Op basis daarvan kunnen eventuele kosten als gevolg van verzoeken om tegemoetkoming in planschade op initiatiefnemer worden verhaald. Dit brengt met zich mee dat het verhaal van kosten anderszins verzekerd is. Vaststelling van een exploitatieplan kan daardoor achterwege blijven. KANTTEKENINGEN 3.1 Er kan door belanghebbenden beroep worden aangetekend tegen de vaststelling van het bestemmingsplan. Belanghebbenden kunnen beroep aantekenen bij de ABRS (Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State) tegen het besluit van de raad tot vaststelling van het bestemmingsplan. FINANCIËN Zie het gestelde onder argument 4.1 VERVOLG Tegen het besluit van uw raad tot ongewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan, kan door belanghebbenden beroep worden aangetekend bij de ABRS. Het aantekenen van beroep tegen het raadsbesluit tot gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan heeft géén schorsende werking.
Dat betekent dat het bestemmingsplan zes weken na bekendmaking van het raadsbesluit in werking treedt en dan een juridische basis vormt voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor genoemde ontwikkeling. Dit tenzij een belanghebbende die binnen de beroepstermijn beroep heeft aangetekend bij de ABRS, binnen diezelfde beroepstermijn ook een verzoek om een voorlopige voorziening te treffen, houdende schorsing van het raadsbesluit, indient bij de Voorzieningenrechter van de ABRS. In dat laatste geval, treedt het raadsbesluit tot vaststelling van het bestemmingsplan niet eerder in werking dan na een beslissing van de voorzieningenrechter bij de ABRS op dat verzoek. PARTICIPATIE Burgerparticipatie De initiatiefnemer heeft de woon- en winkelomgeving over de door hem voorgenomen ontwikkeling geïnformeerd. De raampartij aan linkerzijde van het trappenhuis, is verplaatst naar de achterzijde in verband met privacy c.q. inkijk. Voor de buren aan de rechterzijde – waarmee een recht van overpad wordt gedeeld - is de indeling/positie van de drie garageboxen in onderling overleg aangepast. Overheidsparticipatie Er is wettelijk vooroverleg gevoerd met de ambtelijke eenheid Ruimte en Bereikbaarheid bij de provincie Overijssel. Er is een digitale watertoets uitgevoerd t.b.v. het Waterschap Vechtstromen.
COMMUNICATIE De wijze van communicatie is dwingend voorgeschreven en met veel rechtswaarborgen omkleed in de Wro en de Awb (bekendmaking van het raadbesluit in het huis-aan-huisblad, op de gemeentelijk website, in het Gemeenteblad en op de landelijke voorziening https://www.ruimtelijkeplannen.nl. Na besluitvorming door uw raad wordt de indiener van de ingekomen zienswijze en de initiatiefnemer persoonlijk over dat besluit geïnformeerd. Dat geldt ook voor de mogelijkheid om daartegen beroep aan te tekenen bij de ABRS ( Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State, al dan niet in combinatie
met een verzoek om een voorlopige voorziening te treffen, houdende schorsing van het raadsbesluit tot vaststelling van het bestemmingsplan bij de voorzieningenrechter van de ABRS. BIJLAGEN 1. Nota ingekomen zienswijzen met bijbehorende bijlage.