CConstaterende datHellendoorn
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2023 (DEFINITIEF)

Informatieronde 25 oktober 2022, gemeente HellendoornBij agendapunt: Speeddaten medewerkers organisatie met raadsleden34.016 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

•

Inzicht te krijgen in verschillen met andere gemeenten.

In dit rapport wordt ingegaan op de kostendekkendheid van de leges van de gemeente Hellendoorn De aanbevelingen betreffende de bedrijfsvoering zijn bij de samenstelling van de legesverordening met de betreffende vakafdelingen besproken en waar mogelijk direct doorgevoerd. 1. Belang vaststellen kostendekkendheid De toenemende vraag naar politieke en publieke verantwoording van tarieven is een belangrijke reden om over te gaan tot een beter systeem van kostprijsberekening. Dit betekent dat het tarief dat voor een product wordt gerekend op een inzichtelijke manier samengesteld moet worden uit de kosten en baten zoals opgenomen in de primitieve begroting en daarnaast uit de beleidsinhoudelijke keuzes die gemaakt worden. Kortom: het maakt de afwegingen over de hoogte van tarieven inzichtelijk en het maakt daarmee het besluitvormingsproces helder. Niet alleen voor de gemeente zelf maar ook voor de burger. Pas wanneer gemeenten duidelijk maken hoe tarieven tot stand gekomen zijn, is een tariefvergelijking van diverse gemeenten mogelijk. Als niet duidelijk is hoe een tarief tot stand gekomen is en hoeveel van de toe te rekenen kosten 83

betaald worden uit de algemene middelen levert de onderlinge vergelijking van tarieven niet het gewenste inzicht op. Zolang de maximale kostendekkendheid van 100% niet bereikt is, is er ruimte voor verhoging van tarieven. Daarbij mogen de in de tarieventabel voorkomende wettelijk voorgeschreven maximale tarieven niet verhoogd worden. Bij een keuze voor het verhogen van de tarieven is het niet noodzakelijk om alle tarieven te verhogen. Ook is het niet noodzakelijk om tarieven met hetzelfde percentage te verhogen. Zolang de maximale kostendekkendheid van het geheel (per titel) niet overschreden wordt, kan per tarief besloten worden of en met hoeveel procent het tarief verhoogd wordt. Het vaststellen van de tarieven in de Legesverordening is een bevoegdheid van de Raad. Omdat de toe te rekenen kosten grotendeels gebaseerd zijn op jurisprudentie is een exact 100% kostendekkende legesverordening risicovol. Wanneer nieuwe jurisprudentie tot een wijziging in de toe te rekenen kosten leidt, kan de kostendekkendheid overschreden worden. Door iets onder het toegestane maximum te blijven wordt dit risico opgevangen. 1.1 Kostprijsberekening methode Om de kostprijs van de diverse producten (zoals paspoorten, bouwvergunningen etc..) te berekenen worden veelal de onderstaande twee rekenmethodes gebruikt: h

Kostenplaatsmethode

h

Activity Based Costing method (ABC methode)

Deze methoden worden ook beschreven in de handleiding kostentoerekening 2016 van de VNG. Voor dit onderzoek is gekozen voor de ABC methode omdat in onze ogen dit de beste en meest transparante methode is. Bij deze methode worden alle handelingen om te komen tot een prestatie onderzocht en vervolgens vermenigvuldigd met een uurprijs van een behandelend ambtenaar. Hieronder een (fictief) voorbeeld: (klein werk < 25 m1 tracé)

Tarief voor het in behandeling nemen van een graafmelding Handeling:

Uur

Uurtarief

Totaal:

Beoordelen van de (digitale) melding (volledigheid + technische haalbaarheid)

0,17

€ 92,00

€ 15,64

Inboeken en afhandelen van de aanvraag in MOOR

0,08

€ 92,00

€ 7,36

Goedkeuren melding en toestemming (digitaal) versturen

0,08

€ 92,00

€ 7,67

(Digitaal) opmaken en versturen factuur (clustering meerdere meldingen)

0,10

€ 92,00

€ 9,20

Bijdrage digitaal registratiesysteem (afschrijving + jaarlijks tarief)

€ 30,60 Totaal:

0,43

Totaal:

€ 70,46

Zodoende wordt van alle producten inzichtelijk gemaakt wat de gemiddelde tijdsbelasting is en hoeveel producten er verkocht worden. De komende jaren kan deze informatie regionaal gebruikt worden om processen met elkaar te vergelijken en om te komen tot verbetering ervan. Voor de kostenplaatsmethode is niet gekozen, omdat bij deze methode wordt gewerkt met “totaal” toe te rekenen afdelingsuren. Dat is dus een veel globaler benadering en daardoor lastig te verdedigen bij een eventuele bezwaar- en beroepsprocedure. Nog niet voor alle producten is deze wijze van kostprijsberekening toegepast, omdat dit een arbeidsintensief proces betreft. Er is gekozen om eerst de producten in kaart te brengen met de hoogste omzet. Inmiddels zijn 98 producten onderzocht waarmee 95% van de legesopbrengsten is berekend volgens de ABC methode. Bij de overige producten is de 84

benchmark met andere gemeenten het uitgangspunt geweest. Zoals gezegd zullen de komende jaren gebruikt worden om meer te benchmarken en de kostprijsberekeningen verder te optimaliseren. 1.2 Kruissubsidiëring Wanneer er sprake is van veel verschillende tarieven in een verordening zoals bij leges, hoeft de maximale kostendekkendheid niet per tarief te gelden. Zolang het maximum van 100% voor het geheel niet overschreven wordt kan dit per tarief wel gelden. Door kruissubsidiëring is het mogelijk om de ‘winst’ van bepaalde producten te gebruiken om het ‘verlies’ op andere producten te dekken. Uitzonderingen kruissubsidiëring: Op het uitgangspunt van verordeningsbrede kruissubsidiëring bestaan enkele uitzonderingen: 1.

De Europese Dienstenrichtlijn beperkt de mogelijkheden voor kruissubsidiëring bij leges die samenhangen met bedrijfsactiviteiten tot een cluster van samenhangende vergunningen.

2.

De wetgeving over de omgevingsvergunning gaat ervan uit dat alleen binnen de omgevingsvergunning kruissubsidiëring kan worden toegepast en niet met dienstverlening erbuiten.

1.3 Uitvoering onderzoek De primitieve begroting is de basis voor de berekening van het onderzoek kostendekkendheid leges. Ook is gebruik gemaakt is van de “Handreiking kostentoerekening leges en tarieven” (opgesteld in opdracht van het ministerie van Binnenlandse zaken) en van het kostenmodel van de VNG. Er is geen wettelijk voorgeschreven lijst van toe te rekenen kosten en baten. Er zijn uitsluitend richtlijnen, waarvan een groot deel voortvloeit uit jurisprudentie. 1.4 Toerekenbare kosten Er mogen alleen kosten worden toegerekend die direct met de dienstverlening samenhangen. Tot de toe te rekenen kosten behoren onder andere: h

Directe loonkosten

h

Overheadkosten*

h

Directe materiaalkosten

h

Perceptiekosten (kosten heffen en invorderen)

h

Kosten bezwaar en beroep gericht tegen de belastingheffing of belastinginvordering

h

Kosten oninbaarheid

h

Kosten kwijtschelding

h

BTW kosten

h

Voorlichtingskosten, voor zover niet samenhangend met beleidsvoorbereiding en beleidsvaststelling.

h

Kosten met betrekking tot handhaving, toezicht en controle mits het hier de eerste controle op het nakomen van vergunningsverlening betreft of de kosten specifiek samenhangen met de verleende dienst zoals de milieucontrole bij afvalstoffenheffing

* Definitie overheadkosten volgens de “notitie overhead van de commissie BBV”: Overheadkosten zijn de kosten die verhaald mogen worden welke weliswaar niet rechtstreeks samenhangen met de verleende dienst, maar wel in enig verband hiermee staan. 1.5 Niet-toerekenbare kosten De kosten die niet direct met de dienstverlening samenhangen mogen niet doorberekend worden. Het gaat hierbij om onder meer: h

Kosten voor beleidsvoorbereiding.

h

Kosten met betrekking tot handhaving, toezicht en controle, tenzij het om de bij toerekenbare kosten genoemde uitzonderingen gaat.

h

Kosten van inspraak- en bezwaarprocedures, met uitzondering van hetgeen bij toerekenbare kosten genoemd wordt. 85

2. Berekening kostendekkendheid Titel 1 algemene dienstverlening

Titel 1 Algemene dienstverlening

Kosten

Opbrengsten

Kostendekking

paragraaf

1

Burgerlijke stand

€ 220.596

€ 86.805

39,35%

paragraaf

2

Reisdocumenten

€ 69.146

€ 60.761

87,87%

paragraaf

3

Rijbewijzen

€ 182.292

€ 140.189

76,90%

paragraaf

4

Verstrekkingen uit de Basisregistratie Personen

€ 4.364

€ 3.020

69,20%

paragraaf

5

Vervallen

€0

€0

0,00%

paragraaf

6

Vervallen

€0

€0

0,00%

paragraaf

7

Bestuursstukken

€0

€0

0,00%

paragraaf

8

Vastgoedinformatie

€0

€0

0,00%

paragraaf

9

Overige publiekszaken

€ 34.227

€ 6.519

19,05%

paragraaf

10

Gemeentearchief

€0

€0

0,00%

paragraaf

11

Huisvestingswet 2014

€0

€0

0,00%

paragraaf

12

Leegstandwet

€0

€0

0,00%

paragraaf

13

Gemeentegarantie

€0

€0

0,00%

paragraaf

14

Vervallen

€0

€0

0,00%

paragraaf

15

Vervallen

€0

€0

0,00%

paragraaf

16

Kansspelen

€ 2.401

€ 1.629

67,85%

paragraaf

17

Kinderopvang

€ 88.509

€ 24.543

27,73%

paragraaf

18

Nutsvoorzieningen

€ 49.334

€ 42.870

86,90%

paragraaf

19

Verkeer en vervoer

€ 24.084

€ 8.774

36,43%

paragraaf

20

Verordening

€ 615

€ 221

35,93%

paragraaf

21

Overige vergunningen, ontheffingen en inschrijvingen

€ 246

€ 109

44,31%

paragraaf

22

Overige verstrekkingen

€0

€0

0,00%

paragraaf

23

Overige inlichtingen

€0

€0

0,00%

paragraaf

24

In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing, beschikking of verstrekking

€ 246

€ 72

29,27%

paragraaf

25

Publicatie

€0

€0

0,00%

paragraaf

26

Spoedafhandeling

€0

€0

0,00%

€ 676.060

€ 375.512

55,54%

Kostendekking Titel 1

Lasten De lasten zoals in de begroting zijn opgenomen zijn niet altijd voor 100% toerekenbaar. Een deel van de kosten kan niet direct in verband gebracht worden met de uitgevoerde dienst. Dit zijn bijvoorbeeld de kosten van handhaving of bezwaar en beroep betreffende de vergunning. De volgende lasten (niet limitatief) zijn in de berekening meegenomen, waarbij uitgegaan is van het toerekenbare deel: 1.

Apparaatskosten (bestaat uit directe loonkosten verhoogd met percentage overheadkosten);

2.

Kosten voor Bijzonder ambtenaren van de burgerlijke stand (trouwen);

3.

Trouwboekjes;

4.

Afdrachten aan het rijk;

5.

Kosten van druk- en bindwerk; 86

6.

Aankoopkosten van gehandicapten parkeerkaarten en medische indicatie.

Toelichting: Bij titel 1 is weinig ruimte om de tarieven te verhogen omdat de opbrengsten voornamelijk veroorzaakt worden door paspoorten en rijbewijzen. Deze tarieven zijn momenteel gelijk aan de maximaal toegestane hoogte. Titel 2 dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning

Titel 2 Fysieke leefomgeving / omgevingsvergunning

Kosten

Opbrengsten

Kostendekking

€0

€0

0,00%

Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag

€ 51.345

€ 15.842

30,85%

3

Omgevingsvergunning

€ 760.228

€ 640.276

84,22%

paragraaf

4

Vermindering

€0

€0

0,00%

paragraaf

5

Teruggaaf

€0

€ -1.935

0,00%

paragraaf

6

Intrekking omgevingsvergunning

€0

€0

0,00%

paragraaf

7

Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

€0

€0

0,00%

paragraaf

8

Bestemmingsplannen

€ 124.514

€ 89.240

71,67%

paragraaf

9

Vervallen

€0

€0

0,00%

paragraaf

10

Diversen

€ 42.300

€ 50.855

120,22%

11

In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing, beschikking of verstrekking

€0

€0

0,00%

€ 978.387

€ 794.278

81,18%

paragraaf

1

Begripsomschrijvingen

paragraaf

2

paragraaf

paragraaf

Kostendekking Titel 2

Lasten De lasten zoals in de begroting zijn opgenomen zijn niet altijd voor 100% toerekenbaar. Een deel van de kosten kan niet direct in verband gebracht worden met de uitgevoerde dienst. Dit zijn bijvoorbeeld de kosten van handhaving of bezwaar en beroep. De volgende lasten (niet limitatief) zijn in de berekening meegenomen, waarbij uitgegaan is van het toerekenbare deel: 1.

Apparaatskosten (bestaat uit directe loonkosten verhoogd met percentage overheadkosten);

2.

Kosten welstandscommissie;

3.

Publicatie in de staatscourant.

Toelichting De kostendekking van titel 2 is net onder de 100% kostendekkendheid en hoewel er getoetst wordt op de gehele verordening wordt u geadviseerd om onder deze grens te blijven. Het is namelijk goed mogelijk dat de jurisprudentie wijzigt m.b.t. kruissubsidiering met als gevolg een toename van bezwaar- en beroepsprocedures. De komende jaren wordt er onderzoek gedaan om te komen tot een snellere dienstverlening met als gevolg een lagere kostenpost wat een drukkend effect heeft op de kostendekkendheid.

87

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese Dienstenrichtlijn

Titel 3 Europese dienstenrichtlijn

Kosten

Opbrengsten

Kostendekking

paragraaf

1

Horeca

€ 64.838

€ 22.246

34,31%

paragraaf

2

Organiseren evenementen of markten

€ 11.737

€ 4.895

41,71%

paragraaf

3

Prostitutiebedrijven

€0

€0

0,00%

paragraaf

4

Splitsingsvergunning woonruimte

€0

€0

0,00%

paragraaf

5

Standplaatsen

€ 4.310

€ 619

14,36%

paragraaf

6

Winkeltijdenwet

€0

€0

0,00%

paragraaf

7

Huisvestingswet

€0

€0

0,00%

paragraaf

8

Toezicht op openbare inrichtingen

€ 1.847

€ 442

23,93%

paragraaf

9

In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing, beschikking of verstrekking

€0

€0

0,00%

paragraaf

10

Publicatie

€0

€0

0,00%

paragraaf

11

Spoedafhandeling

€0

€0

0,00%

€ 82.732

€ 28.202

34,09%

Kostendekking Titel 3

Lasten De lasten zoals in de begroting zijn opgenomen zijn niet altijd voor 100% toerekenbaar. Een deel van de kosten kan niet direct in verband gebracht worden met de uitgevoerde dienst. Dit zijn bijvoorbeeld de kosten van handhaving of bezwaar en beroep. De volgende lasten zijn in de berekening meegenomen, waarbij uitgegaan is van het toerekenbare deel (zie verder in de bijlage). 1.

Apparaatskosten (bestaat uit directe loonkosten verhoogd met percentage overheadkosten)

Toelichting Titel 3 is een klein onderdeel van de legesverordening wat voor een groot deel bestaat uit evenementenvergunningen. Vanwege de maatschappelijke betekenis ervan is dit bij veel gemeenten niet kostendekkend. Conclusie

Recapitulatie Titel 1, 2 en 3

Kosten

Opbrengsten

Kostendekking

Kostendekking Titel 1

€ 676.060

€ 375.512

55,54%

Kostendekking Titel 2

€ 978.387

€ 794.278

81,18%

Kostendekking Titel 3

€ 82.732

€ 28.202

34,09%

€ 1.737.179

€ 1.197.992

68,96%

Kostendekking totale tarieventabel

De kostendekkendheid van de gemeente Hellendoorn voldoet aan de wettelijk gestelde eisen. Eventueel is er ruimte om de tarieven van titel 2 te verhogen, echter wordt u geadviseerd om hiervan af te zien i.v.m. een mogelijke toename van beroepsprocedures.

88

Afvalstoffenheffing In zijn algemeenheid is de afvalstoffenheffing volledig bedoeld om de kosten van afvalinzameling en -verwerking te dekken. We gebruiken de voorziening egalisatie afvalstoffenheffing om schokken in de tarieven op te vangen. De voorziening is de afgelopen jaren opgebouwd uit de ontvangen heffingen en daarom willen we deze teruggeven aan de burger.

KOSTENDEKKENDHEID AFVALSTOFFENHEFFING

De voorziening wordt in 2023 aangesproken voor € 71.000,--. Dit leidt tot een kostendekkingspercentage van 98,%.

Kosten

Bedrag

2.1

Verkeer en vervoer

€ 233.522

6.3

Inkomensregelingen (kwijtschelding)

€ 110.797

7.3

Afval

€ 2.673.783

Reserves en voorzieningen

€ -71.170

Overhead

€ 625.754

BTW

€ 543.483

Totaal Kosten

€ 4.116.169

Opbrengsten 1.1

Bedrag

Afvalstoffenheffing

€ 4.116.169 € 4.116.169

Totaal Opbrengsten

Totaaloverzicht

Bedrag

Totaal kosten

€ 4.116.169

Totaal opbrengsten

€ 4.116.169 100,00%

Kostendekkendheidspercentage

89

Riool- en waterzorgheffing De riool- en waterzorgheffing willen we niet meer dan kostendekkend houden. Om geen grote fluctuaties in de tarieven voor de riool- en waterzorgheffing te krijgen hebben we de voorziening egalisatie riool- en waterzorgheffing in het leven geroepen. Een bedrag van € 26.557,-- wordt in 2023 toegevoegd aan de voorziening Egalisatie riool- en waterzorgheffing.

KOSTENDEKKENDHEID RIOOL- EN WATERZORGHEFFING

Dit leidt tot een kostendekkingspercentage van 100,6%.

Kosten

Bedrag

2.1

Verkeer en vervoer

€ 233.522

5.7

Openbaar groen en (openlucht) recreatie

€ 60.914

6.3

Inkomensregelingen (kwijtschelding)

€ 103.197

7.2

Riolering

7.2

Reserves en Voorzieningen

€ 26.557

Overhead

€ 551.490

BTW

€ 400.042

Totaal Kosten

€ 4.379.351

€ 3.003.629

Opbrengsten

Bedrag

1.1

Belasting op producenten

€ 507.198

1.2

Belasting op huishoudens

€ 3.699.841

1.3

Grondwaterlozingen

€ 172.312 € 4.379.351

Totaal Opbrengsten

Totaaloverzicht

Bedrag

Totaal kosten

€ 4.379.351

Totaal opbrengsten

€ 4.379.351 100,00%

Kostendekkendheidspercentage

90

KOSTENDEKKENDHEID BEGRAAFPLAATSEN

Begrafenisrechten

Kosten 7.5

Bedrag Overhead

€ 412.416

Overhead

€ 115.641

BTW

€ 15.000

Totaal Kosten

€ 543.057

Opbrengsten

Bedrag

1

Begraafplaatsen

€ 448.373 € 448.373

Totaal Opbrengsten

Totaaloverzicht

Bedrag

Totaal kosten

€ 543.057

Totaal opbrengsten

€ 448.373 82,56%

Kostendekkendheidspercentage

91

Paragraaf 2: Weerstandsvermogen en risicobeheersing

92

Inleiding Risicomanagement is het proces waarbij de organisatie continu en systematisch doorlopen wordt op risico’s, met als doel de gevolgen ervan te voorkomen of te bestrijden en de positieve effecten ervan te benutten of te versterken. Met andere woorden: risicomanagement is gericht op het voorkomen, vermijden of verkleinen van risico’s. De twee meest gebruikte toepassingen van risicomanagement zijn sturen op risico’s en beheersen van risico’s. In deze paragraaf brengen wij de risico’s in beeld die van invloed zijn op onze bedrijfsvoering (organisatiebreed) en nemen wij waar nodig maatregelen om de risico’s beheersbaar te maken. Door inzicht in de risico’s zijn we in staat om op een verantwoorde manier besluiten te nemen, zodat de huidige risico’s en de risico’s die gerelateerd zijn aan toekomstige uitgaven en investeringen in verhouding staan tot de vermogenspositie van onze organisatie, het zogenaamde weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen kunnen we bepalen door onderstaande stappen te doorlopen: 1.

Het inventariseren van risico’s (risicoprofiel)

2.

Het bepalen van de benodigde weerstandscapaciteit

3.

Het vaststellen van de beschikbare weerstandscapaciteit

4.

Het vergelijken van benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit

Ook wordt in deze paragraaf ingegaan op de financiële kengetallen. Die geven een aanvullend inzicht in de weer- en wendbaarheid van de gemeente en hoeveel financiële ruimte er is om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken.

1. Risicoprofiel Aan de hand van de risico-inventarisatie is een risicoprofiel opgesteld. Periodiek worden de risico’s van de organisatie doorlopen en waar nodig opnieuw beoordeeld. Momenteel zijn in totaal 185 risico’s in het systeem ingebracht. In het onderstaand overzicht presenteren we de tien belangrijkste risico’s. Risico’s met de hoogste impact op de benodigde weerstandscapaciteit. De impact van de overige risico’s nemen we mee in het totaal van de benodigde weerstandscapaciteit.

93

bedragen x € 1.000 Belangrijkste financiële risico's Nr.

Risico gebeurtenis

Risico gevolg

Maatregelen

R251 Beschikbaarheid en kosten van energie Financieel - De sancties die door de EU en van goederen en diensten die opgelegd worden aan Rusland door de oorlog gerelateerd zijn aan fossiele energie met Oekraïne leiden tot stijging van de prijs van gas en andere fossiele energie. De goedkope contracten met Gazprom moeten wellicht worden opgezegd en omgezet in dure nieuwe contracten in een oververhitte markt. De hoge energiekosten leiden ook bij leveranciers van goederen en diensten tot forse prijsstijgingen.

Netto financieel maximum 1.000

Netto Kans

Invloed (%)

70%

8,7%

1.000

70%

7,2%

800

70%

6,3%

2.000

30%

5,4%

1.000

50%

5,2%

Impact Continuïteit - De continuïteit van diverse gemeentelijke activiteiten kan onder druk komen te staan als de gasprijs te veel toeneemt. Ook diverse goederen worden schaars of zijn niet meer leverbaar.

R54

Daling uitkering gemeentefonds

Financieel - De uitkering van het Actief - Het opnemen van een gemeentefonds kan gedurende het voorzichtigheid in de raming van het begrotingsjaar wijzigen. Bij een daling heeft dit gemeentefonds. effect op de lopende begroting en zijn direct ombuigingen nodig. Ook heeft een daling Suggestie - Op de voet volgen van de impact op de volgende jaren. Ook dan zijn ontwikkelingen, zodat je maximale bezuinigingen nodig, maar daarvoor hebben we reactietijd hebt om zelf de gevolgen te kunnen sturen. langer de tijd. Impact Continuïteit - Voorzieningenniveau wordt verlaagd.

R162 Toename van Jeugdzorg in aantal Financieel - Door toename van het gebruik van cliënten en onvoorspelbaarheid van de jeugdhulp ontstaan tekorten op het budget. uitgaven via externe verwijzers Een groot gedeelte van de instroom komt buiten de gemeentelijke organisatie vandaan. 60% van de instroom wordt bepaald door huisartsen, andere medische specialisten of trajecten die opgelegd worden vanuit Jeugdbescherming/Jeugdreclassering.

Suggestie - Lobby in samenwerking met andere gemeenten en VNG. Actief - Aanstelling POH'ers jeugd in 2019 heeft geleid tot minder doorverwijzingen naar tweedelijnszorg. Na een positieve evaluatie zijn eind 2020 de POH'ers in dienst getreden van de gemeente.

Impact Continuïteit - Doordat niet te sturen is op volume en doordat met name trajecten gericht op 24-uursverblijf kostbaar zijn kan de (financiële) impact groot zijn. Als gevolg van corona zien we toenemende problematiek bij Jeugd, ook in lopende casuïstiek, en daarmee toenemende kosten.

R80

Infrastructuur kan technische Financieel - Grote investeringen in wegen. ontwikkelingen van (motor)voertuigen niet bijhouden Impact Continuïteit - Maatregelen gaan ten koste van andere werkzaamheden.

In voorbereiding - Ontwikkelingen goed bijhouden en inspelen op veranderingen.

Imago - Imagoschade door achterblijven van infrastructuur. R67

Cyberaanval met uitval van ICT tot gevolg

Actief - Firewalls, virusscanners, Financieel - ICT ligt plat waardoor informatie beheer servers, pen-testen en offline niet ontsloten is. Systemen werken mogelijk niet waardoor betalingen stil kunnen komen te back-up. liggen. Impact Continuïteit - Er kan niet gewerkt worden. Imago - Het vertrouwen in de overheid wordt aangetast.

94

R132 Groter beroep op open einde Financieel - Het beroep dat de burger kan doen In voorbereiding - Er kunnen kwantitatieve maatregelen genomen regelingen vanuit met name Jeugdzorg op open einde regelingen zoals Wmoen Wmo verstrekkingen, jeugdhulp, leerlingenvervoer worden waardoor de doelgroep van de en bijzondere bijstand is niet gelimiteerd. Dit betreffende regelingen kleiner wordt. kan resulteren in tegenvallers. Daarnaast is het eventueel mogelijk kwalitatieve maatregelen te nemen door de maximale bedragen waar beroep op gedaan kan worden bij te stellen.

R170 Bouw Reggesteyn

500

70%

5,1%

1.000

30%

2,6%

Actief - Het ontwikkelingen van kwalitatief goede en tijdige managementinformatie. Met de implementatie van een dashboard in 2019 is een grote stap gezet in de informatievoorziening op het gebied van jeugd en Wmo. Nadere doorontwikkeling volgt op onder meer participatie.

500

50%

2,6%

Financieel - Tijdens de bouw zijn er niet begrote Actief - Opnemen van een stelpost tegenvallers en is de post onvoorzien te klein. onvoorzien van 10%. Na de bouw kan er sprake zijn van constructiefouten die niet op de aannemer verhaald kunnen worden. Impact Continuïteit - Kan leiden tot vertraging. Imago - Imagoschade treft zowel het imago van Reggesteyn als van de gemeente.

R95

Stijging van de uitgaven Wet Financieel - Er ontstaan grote tekorten op de maatschappelijke ondersteuning door begroting waardoor zorg niet (voldoende) veranderende regelgeving. Denk hierbij verleend kan worden. aan de AmvB reële tarieven waardoor indexaties hoger zijn dan verwacht en Impact Continuïteit - Bedrijfsvoering van de sociaal/culturele organisatie komt in gevaar en de invoering van het daarmee ook het voorzieningenniveau. abonnementstarief waardoor een stijging te verwachten valt. Imago - Gemeente Hellendoorn doet onvoldoende voor haar inwoners.

R103 Hoger beroep op de open einde regeling Bijstandsverlening en inkomensvoorzieningen

Financieel - Kostenstijging uitkering. Toename uitkeringsbestand.

Geïmplementeerd - Extra inzet op de uitstroom. Instrumenten ontwikkelen en inzetten om mensen te laten Impact Continuïteit - Druk op de organisatie en uitstromen. Samenwerken met werkgevers. de gemeentebegroting.

450

50%

2,3%

R180 Effect pandemie (corona) op zorgverlening

Financieel - Door uitval van zorg door ofwel ziekte, ofwel Rijksmaatregelen moeten (zorg)kosten alsnog worden uitbetaald. Ook meerkosten indien het voorliggend veld ten gevolge van pandemie minder kan betekenen.

300

50%

2,3%

Impact Continuïteit - Door ziekte van medewerker of cliënten of door Rijksmaatregelen kan zorg niet worden verleend. Hierdoor komt de continuïteit van zorg in het gedrang. Daarnaast kan grootschalige uitval van zorg leiden tot een lagere omzet voor aanbieders, waardoor voortbestaan van organisaties in het gedrang kan komen (faillissementen).

95

De invloed van een bepaald risico komt tot uitdrukking in het invloedspercentage in de laatste kolom. Dit is een resultante van de risicosimulatie, die de kans en het risicobedrag combineert tot een inschatting waarop het risico zich voor kan doen. •

Het maximale bedrag dat met deze tien grote risico’s gemoeid is, is € 8.550.000,--.

•

De overige risico’s vertegenwoordigen een maximaal bedrag van € 13.176.500,--.

•

In totaal hebben alle risico’s samen een (financieel) gevolg van € 21.726.500,--.

Toelichting risico’s Hieronder worden de risico’s in de top 10 toegelicht.

Schaarste energie Als gevolg van de sancties die wereldwijd getroffen zijn tegen Rusland wegens de inval in Oekraïne, lopen de prijzen van gas en overige (fossiele) energie enorm op. Ook de Raad van Europa heeft sanctiemaatregelen getroffen waaronder de verplichting om lopende contracten met Russische leveranciers vóór 10 oktober 2022 te beëindigen. Ook de gemeente Hellendoorn heeft een contract met een Russische leverancier, te weten Gazprom. Indien we nieuwe contracten aan moeten gaan, zal dit een forse stijging van de energieprijzen betekenen. In de bestuursrapportage 2022 is al wel rekening gehouden met een structurele stijging van gasprijzen, maar dit lijkt ontoereikend te zijn. Afhankelijk van de besluiten door het Rijk kunnen we al dan niet ons contract voortzetten. De hogere prijzen van energie en (fossiele) brandstoffen hebben ook hun effect op de kostprijzen van energiegerelateerde producten en diensten, zoals gebakken straatklinkers, asfalt, staal etcetera. Door de hoge energieprijzen hebben enkele bedrijven die veel energie verbruiken hun productieproces stopgezet. De toelevering van bepaalde producten wordt daarmee problematisch, wat ook effect kan hebben op de continuïteit van onze gemeentelijke bedrijfsvoering. Er zijn elders in het land gemeenten die besloten hebben het zwembad te sluiten.

Er is vertraging bij de levering van materieel voor de aanleg van wegen, enz. We hebben met een prijsstijging van 4,5% rekening gehouden in de begroting. Daarnaast is het budget voor onderhoud wegen nog eens extra verhoogd met € 400.000,-- structureel en is voor het jaar 2023 nog een extra stelpost prijsstijgingen begroot van € 200.000,--. Mogelijk komen er extra middelen ter beschikking via het accres in het gemeentefonds bij de septembercirculaire 2022. Het is echter de vraag of dit alles toereikend zal zijn om onze bedrijfsvoering op het huidige niveau te continueren.

Gemeentefonds De gemeentefondsuitkering begroten we in 2023 op € 65,7 miljoen en vormt daarmee onze belangrijkste bron van inkomsten. Van deze inkomsten is de Algemene Uitkering met € 62,3 miljoen het grootste bestanddeel. De Uitkering Deelfonds Sociaal Domein bedraagt nog € 3,4 miljoen. In de meicirculaire 2022 is de herijking van het gemeentefonds definitief bekend geworden. Het heeft voor de gemeente Hellendoorn voordelig uitgepakt: het voordeel dat bruto berekend is wordt echter gemaximeerd door een ingroeipad met een maximumbedrag (2023: € 270.000,--, 2024 € 808.000,-- vanaf 2025 € 1.347.000,-- ). Deze verdeling blijft in stand t/m het jaar 2025. De verdeling van het gemeentefonds onder de gemeenten blijft echter een bron van aandacht en nader onderzoek kan leiden tot bijstellingen in de jaren 2026 en volgende, die zowel positief als negatief uit kunnen vallen. De door het kabinet beschikbaar gestelde aanvullende middelen voor Jeugd zijn niet structureel van aard; ze worden slechts per jaarschijf beschikbaar gesteld. In een (voorlopige) meerjarige doorkijk zien we een aflopende reeks beschikbaar gestelde Jeugdmiddelen. Een groot deel zal via maatregelen in de jeugdzorg moeten leiden tot lagere kosten. Dit blijft een risico.

96

Standaard geldt bij de Algemene Uitkering altijd het risico van het rijksbeleid. Bezuinigingen dan wel achterblijvende uitgaven bij het Rijk werken door in de algemene uitkering. Dit is het zogenaamde ‘trap-op-trap-af’ principe. De huidige regering heeft voor de periode 2022-2025 het zogenaamde volume-accres vastgezet voor de gemeenten. We zijn voor deze periode zeker van onze inkomsten uit het gemeentefonds en worden alleen aanvullend gecompenseerd voor hogere loon- en prijsstijgingen (of dalingen in geval van lagere indexen). Voor de periode 2023-2025 ontvangen we een fors hogere Algemene Uitkering, echter voor 2026 en volgende jaren wil het Rijk geen toezeggingen doen omdat dit buiten de regeerperiode valt. We vallen daarom in 2026 in een ‘financieel ravijn’. Het Rijk steekt in op een andere financiering van de decentrale overheden (gemeenten en provincies) vanaf 2026, waarbij deze meer eigen opbrengsten moeten genereren via belastingheffing. Enige richting wordt hieraan echter niet gegeven. De omvang van het BTW-compensatiefonds is gerelateerd aan de omvang van de uitkering uit het gemeentefonds. Overschotten en overschrijdingen van het BTW-compensatiefonds worden verrekend met de gemeentefondsuitkering. We hebben geen stelpost opgenomen voor mogelijke overschotten, hoewel die voor 2023-2025 wel kunnen worden verwacht, wegens het hoge accres.

Dit kan in 2026 omslaan in een tekort doordat ook het accres laag is en het waarschijnlijk is dat de uitgaven van de gemeente achter lopen bij die van het Rijk. Ook houden we een algemene veiligheidsmarge aan voor de gemeentefondsuitkering, zodat niet elke tegenvaller leidt tot bezuinigingsmaatregelen.

Sociaal domein Gesignaleerde risico’s WMO Heel Nederland kampt momenteel met krapte op de arbeidsmarkt en personeelstekort. Ook de huishoudelijke ondersteuning binnen onze gemeente ondervindt hier hinder van. Omdat aanbieders moeite hebben met het vinden van personeel, wordt het steeds lastiger om de benodigde huishoudelijke ondersteuning aan inwoners te bieden. Het risico bestaat dat de schaarste verdeeld moet worden en inwoners dus minder uren hulp dan nodig kunnen krijgen. Tevens bestaat de kans dat de wachtlijsten voor huishoudelijke ondersteuning zullen oplopen. Door de vergrijzing blijft het aantal cliënten in de huishoudelijke ondersteuning licht stijgen. Ook bij begeleiding en dagbesteding zien we een lichte stijging in het aantal cliënten. Bij begeleiding zien we het gevolg van wachtlijsten in de GGZ terug. Er wordt vaker verzocht om individuele begeleiding ter stabilisatie, in afwachting van behandeling vanuit de zorgverzekeringswet. De hulpvragen die binnenkomen zijn complexer geworden. Dit ervaren we als gemeente maar ook in het voorliggend veld wordt dit gesignaleerd. Bij dagbesteding is het de verwachting dat dit de komende jaren ook zal blijven stijgen door de vergrijzing. Ook zien we dat oudere inwoners langer in de eigen woning blijven wonen. Dit sluit overigens aan bij het overheidsbeleid.

De vroegere verzorgingshuizen bestaan niet meer en opname in een verpleeghuis is slechts aan de orde als er een ernstige langdurige zorgvraag is. De doorstroom van oudere inwoners vanuit een relatief grote woning naar een kleinere en beter passende woning stagneert door de krapte op de woningmarkt. Hierdoor kan het beroep op de gemeente toenemen voor wat betreft woningaanpassingen en andere hulpmiddelen. Het streven is om ouderen zo lang mogelijk mobiel te laten zijn en dat zal zijn weerslag hebben op de aanvraag van vervoershulpmiddelen.

Gesignaleerde risico’s Participatie Bij participatie is een risico te duiden rondom een hoger beroep op open einde regelingen, onder andere ten gevolge van de hoge inflatie. In tijden van hoge inflatie is het normaliter te verwachten dat een recessie op de loer ligt met de daarbij behorende stijgende werkloosheid. Op dit moment is er echter sprake van een krapte op de arbeidsmarkt, een vrij unieke situatie. Mocht dit omslaan, dan zal het beroep op de Participatiewet toenemen. Ook door hogere taakstellingen op het vlak van huisvesting van statushouders kan het uitkeringenbestand toenemen en in het verlengde daarvan het beroep op bijzondere bijstand en minimabeleid.

97

Gesignaleerde risico’s Jeugd De budgetten binnen het Sociaal Domein zijn open einde regelingen en we kunnen noodzakelijke zorg niet weigeren. Hierdoor is overschrijding op budgetten een reëel risico. Door regelmatige prognoses, proberen we meer grip te krijgen op de uitgaven, waardoor tegenvallers eerder gesignaleerd worden en hierop bijgestuurd kan worden. Net zoals bij de WMO speelt krapte op de arbeidsmarkt ook een rol bij de jeugdzorgaanbieders. Doordat er niet genoeg personeel beschikbaar is, bestaat de kans dat zorg niet geleverd kan worden of dat er duurder personeel ingehuurd moet worden. Ook kunnen hierdoor de wachtlijsten oplopen waardoor er bijvoorbeeld overbruggingszorg nodig is. Een ander risico is de financiële positie van zorgaanbieders. Sommige Twentse jeugdhulpaanbieders bevinden zich financieel in zwaar weer door de stijgende personeels- en materiële kosten.

Zorgfraude Zorgfraude is het afgelopen jaar meermaals in het nieuws geweest. Er is landelijk nauwelijks zicht op zorgfraude. Zorgfraude vindt plaats in minder zichtbare vormen, bijvoorbeeld door het declareren van zware zorg voor een cliënt die eigenlijk met lichte zorg geholpen zou zijn of het declareren van zorg terwijl de cliënt volgens de gemeente geen of minder zorg nodig heeft. Doordat er nauwelijks zicht is op zorgfraude is het aannemelijk dat dit ook binnen onze gemeente voorkomt. Wij zijn bezig om hier lokaal meer grip op te krijgen door het invoeren van het beleidsplan Toezicht en handhaving. Wij zetten in op een intensiever relatiebeheer met onze lokale aanbieders en blijven alert op signalen van mogelijke fraude. Samen met andere Twentse gemeenten worden er maatregelen ontwikkeld die de fraude met zorggeld nog steviger tegen gaan.

Infrastructurele risico’s Het sterk toenemend gebruik van elektrische fietsen, maar ook de ontwikkelingen op het gebied van elektrische auto’s hebben ongetwijfeld een belangrijke invloed op de manier waarop we onze infrastructuur gebruiken en moeten in richten. We volgen deze ontwikkelingen en nemen, waar nodig, passende maatregelen.

ICT Onze bedrijfsvoering is in grote mate afhankelijk van onze informatievoorziening. Onze informatie en onze gegevens vertegenwoordigen veel waarde, immers zonder informatie en gegevens valt de bedrijfsvoering stil. (Cyber)criminelen weten dat ook en proberen om die reden onze gegevens en onze informatie te stelen of onbruikbaar te maken om vervolgens geld te vragen voor het weer beschikbaar krijgen van deze informatie. Deze bedreiging is de afgelopen jaren enorm toegenomen. Om de risico’s te beperken is doorlopend aandacht nodig voor informatieveiligheid. Jaarlijks wordt een informatieveiligheidsplan opgesteld met organisatorische en technische maatregelen om de risico’s op cyberaanvallen en de eventuele gevolgen daarvan zoveel mogelijk te beperken.

Bouw Reggesteyn Het schoolbestuur is bouwheer van de nieuwbouw van Reggesteyn, waarbij het budget waar we van uitgaan gebaseerd is op normbedragen. Het risico van hogere bouwkosten voor de nieuwbouw van Reggesteyn kan zich voordoen en lijkt, gezien de huidige tijd van schaarste en explosief gestegen prijzen voor grondstoffen reëel. Het tweede risico is dat de bekostiging vanuit het Rijk voor onderwijshuisvesting onvoldoende meebeweegt met de ontwikkeling van die normbedragen. Dit wordt inzichtelijk bij na de aanbesteding en na afronding van de verschillende tussenfases. Dan kan blijken dat de garantstelling en het exploitatiebudget onvoldoende is.

Pandemie De uitbraak van het coronavirus en de maatregelen die daarvoor zijn genomen, hebben wereldwijd veel impact (gehad). De eerder benoemde risico’s op het gebied van economie en bedrijfsvoering zijn sterk verminderd door hier op te acteren. Een groot risico blijven de gevolgen op de volksgezondheid, zowel fysiek en mentaal.

98

2. Benodigde weerstandscapaciteit Risicokaart In de onderstaande risicokaart zijn de risico’s uitgezet naar financiële impact maal de kans dat het risico zich voordoet. Een risico dat in het groene gebied zit, vormt geen direct gevaar voor de continuïteit van de organisatie. Een risico in het oranje gebied vraagt om aandacht. Een risico met de risicoscore in het rode gebied vereist directe aandacht. Momenteel vallen drie financiële risico’s in het rode risicogebied. Dit zijn: •

Beschikbaarheid en kosten van energie en van goederen en diensten die gerelateerd zijn aan fossiele energie (R251).

•

Daling uitkering gemeentefonds (R54).

•

Toename van Jeugdzorg in aantal cliënten en onvoorspelbaarheid van de uitgaven via externe verwijzers (R162).

Benodigde weerstandscapaciteit Op basis van de ingevoerde risico’s is een risicosimulatie uitgevoerd. De risicosimulatie wordt toegepast omdat het reserveren van het maximale bedrag (€ 21,7 miljoen) ongewenst is. De risico’s zullen immers niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang optreden. Onderstaande grafiek en de bijbehorende tabel tonen de resultaten van de risicosimulatie. Hieruit volgt dat 90% zeker is dat alle risico’s kunnen worden afgedekt met een bedrag van € 6,1 miljoen (de benodigde weerstandscapaciteit). bedragen x € 1.000 Benodigde weerstandscapaciteit Zekerheidspercentage: 10% 25% 50% 75% 80% 90% 95%

3.631 4.167 4.799 5.484 5.654 6.126 6.531

99

3. Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit van de gemeente Hellendoorn bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico’s in financiële zin af te dekken. bedragen x € 1.000 Beschikbare weerstandscapaciteit

Verwachte stand ultimo 2022

Vrij aanwendbare Reserve Financieringsreserve Bufferreserve grondexploitatie Totaal beschikbare weerstandscapaciteit

10.861 7.320 3.155 21.336

4. Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit De benodigde weerstandscapaciteit wordt afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van de berekening vormt de ratio weerstandsvermogen. De ratio geeft een indicatie of de gemeente voldoende in staat is om de aanwezige risico’s op te kunnen vangen. De ratio ziet er volgt uit:

Ratio weerstandsvermogen =

Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit

=

€ 21.336.000 € 6.126.000

= 3,5

De normtabel is ontwikkeld in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van het berekende ratio. bedragen x € 1.000 Weerstandsnorm

Ratio

Betekenis

Waarderingscijfer A B C D E F

groter dan 2.0 1.4 - 2.0 1.0 - 1.4 0.8 - 1.0 0.6 - 0.8 kleiner dan 0.6

uitstekend ruim voldoende voldoende matig onvoldoende ruim onvoldoende

Het ratio van gemeente Hellendoorn valt in klasse A. Dit duidt op een uitstekend weerstandsvermogen.

5. Kengetallen In deze paragraaf presenteren we enkele kengetallen om de weerstandscapaciteit te kunnen beoordelen. Daarnaast bevordert dit de onderlinge financiële vergelijkbaarheid van gemeenten. In onderstaand overzicht worden de totalen van de kengetallen weergegeven inclusief de signaleringswaarden. Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Gemeentelijke belastingcapaciteit

Rekening Begroting Begroting 2021 2022 2023 77,6% 81,1% 99,7% 73,6% 77,0% 95,3% 15,8% 15,3% 15,8% 0,0% -1,3% -1,3% 3,2% 0,4% 1,0% 103,8% 104,6% 99,8%

100

MJR 2024 97,3% 93,0% 17,0% -0,1% 2,0% 99,8%

MJR 2025 87,8% 83,7% 20,2% 0,0% 4,2% 99,8%

MJR 2026 92,2% 87,9% 20,3% 0,0% -1,1% 99,8%

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14993709/1