Programmabegroting 2023 (DEFINITIEF)
Tekst van het document
Programmabegroting 2023
Inhoudsopgave
Dit is een uitgave van de
Willem Alexanderstraat 7
Telefoon: (0548) 630 000
gemeente Hellendoorn:
7442 MA Nijverdal
Fax:
(0548) 610 505
oktober 2022
Postbus 200
Email:
gemeente@hellendoorn.nl
7440 AE Nijverdal
Website: www.hellendoorn.nl
2
Inleiding
4
Financieel meerjarenbeeld 2023-2026
7
Programma’s Programma 1: Werk, economie, recreatie en inkomen
28
Programma 2: Jeugd en Wmo
35
Programma 3: Cultuur, onderwijs en sport
44
Programma 4: Mobiliteit en bereikbaarheid
51
Programma 5: Woon en leefomgeving
58
Programma 6: Bestuur, veiligheid en dienstverlening
66
Programma: Overhead
73
Paragrafen Paragraaf 1:
Lokale Heffingen
77
Paragraaf 2:
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
92
Paragraaf 3:
Onderhoud kapitaalgoederen
103
Paragraaf 4:
Financiering
112
Paragraaf 5:
Bedrijfsvoering
118
Paragraaf 6:
Verbonden partijen
123
Paragraaf 7:
Grondbeleid
130
Paragraaf 8:
Informatieveiligheid en privacy
136
Paragraaf 9:
Duurzaamheid
139
Paragraaf 10: Trends en Ontwikkelingen
143
Bijlagen Bijlage 1:
Kerngegevens
146
Bijlage 2:
Overzicht baten en lasten per product
149
Bijlage 3:
Autonome ontwikkelingen, nieuw beleid en
156
vervangingsinvesteringen
Bijlage 4:
Overzicht baten en lasten per taakveld
160
Bijlage 5:
Beleidsindicatoren
163
Bijlage 6:
Reserves en voorzieningen
165
Bijlage 7:
Lijst specifieke subsidies 2023
169
3
Inleiding
4
Inleiding
Ontwikkelingen
Hierbij bieden wij u de programmabegroting 2023 aan.
Voordat de corona-wintergolf 2021-2022 was
De eerste begroting van ons college in de nieuwe raad-
verdwenen, begon de oorlog in Oekraïne. Na het luwen
speriode 2022-2026. Een begroting met veel onzeker-
van de coronapandemie nam de gestokte stroom
heden door allerlei ontwikkelingen in de wereld, maar
vluchtelingen uit oorlogsgebieden weer toe. Vanuit
zeker ook een begroting met mogelijkheden. Mogelijk-
Oekraïne kwam een nieuwe vluchtelingenstroom
heden om onze gemeente nog mooier te maken, samen
op gang.
met onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke instanties.
De effecten van klimaatverandering werden in 2022 verder voelbaar en zichtbaar. Wereldwijd ondervinden
In mei 2022 ging een volledig nieuw college enthousiast
we problemen met voedsel- en energievoorziening. De
aan de slag. De coalitiepartijen sloten een akkoord op
wereldwijde, logistieke aanvoer van grondstoffen kampt
hoofdlijnen: Het Helder(s) Akkoord. Nog niet alles ligt
met lange levertijden. We ervaren schaarste op dat vlak.
daarin vast. We hebben bewust gekozen voor ruimte
De krapte op de nationale arbeidsmarkt, deels structu-
voor dialoog en debat. De uitwerking van het Helder(s)
reel en deels conjunctureel, zorgt ervoor dat de econo-
Akkoord zal vorm krijgen in het Helders Uitvoerings-
mische groei onder druk staat. Dit loopt samen met een
programma (HUP). Volgens planning werken we daaraan
inflatieniveau dat we lang niet hebben meegemaakt.
tot en met februari 2023.
De kosten van de primaire levensbehoeften voeding en energie zijn enorm gestegen. Armoede ligt op de loer.
Dat betekent overigens niet dat we in deze begroting geen nieuw beleid opnemen. Bij de samenstelling van
Binnen de agrarische sector neemt de onrust toe.
de begroting 2023 hebben wij voortgebouwd op het
Wet- en regelgeving, kabinetsplannen en recente
bestaand beleid. Daarnaast zijn diverse voorstellen voor
gerechtelijke uitspraken maken het voor agrarisch
nieuw beleid en financiële ruimte voor concrete invulling
ondernemers steeds moeilijker toekomstperspectief te
van het nog op te stellen Helders uitvoeringsprogram-
behouden voor hun bedrijf. Dit heeft ook invloed op
ma opgenomen. Verder zijn in de begroting 2023 zoals
de leefbaarheid van het platteland en haar sociale struc-
gebruikelijk autonome ontwikkelingen verwerkt.
turen.
Wij vragen u om een financiële goedkeuring voor het
Voor jongeren en mensen met een laag- of midden-
nieuwe beleid, voor zover dat logisch voortvloeit uit de
inkomen is het lastig een betaalbare huur- of koop-
richting die is ingezet door de vorige raad. Voor dekking
woning te vinden. Bij ongewijzigd beleid zal onze
van de beleidsmaatregelen van het nog uit te werken
bevolking de komende jaren vergrijzen en afnemen.
HUP stellen we voor € 600.000,-- te reserveren voor 2023
Deze vergrijzing heeft ook effect op hoe we zorg- en
en voor volgende jaren € 1 miljoen structureel, in de
welzijnswerk richting de toekomst anders moeten gaan
vorm van zogenaamde “envelop” gelden.
organiseren, zodat de benodigde zorg geboden kan blijven worden.
U ziet dat we de begroting in een nieuw jasje hebben gegoten. Met name de programma’s hebben we op een
De Omgevingswet is per 1 januari 2023 een feit. Althans
andere manier vormgegeven door minder in te gaan op
dat is de situatie op het moment van schrijven. De
het bestaande beleid en nadrukkelijk aandacht te heb-
ambitie van het Rijk dat de vergunningen sneller, beter,
ben voor ontwikkelingen en nieuw beleid.
integraal en flexibel moeten, moeten we waarmaken. In de gemeente Hellendoorn raken al deze ontwikkelingen ons. Ze doen een beroep op ons als inwoners, (agrarisch) ondernemers, zorg- en welzijnsorganisaties, maatschappelijke organisaties, raadsleden, ambtenaren en bestuurders. Het vertrouwen in de overheid staat al enige tijd onder druk. Polarisatie en intolerantie nemen helaas toe. 5
Wij zien het als een belangrijke opgave het vertrouwen
We zien dat niet elke inwoner mee kan doen aan de
van onze inwoners in elkaar en in onze gemeente te
maatschappij. Het vergroten van de toegankelijkheid van
behouden en verder te verstevigen. Wij hebben te maken
onze voorzieningen is daarom een belangrijke pijler. We
met dilemma’s en daarin zullen we afwegingen maken.
willen passende zorg en ondersteuning blijven bieden en voorzien in eenvoudige en begrijpelijke informatie.
Nog niet alles ligt vast In onze plannen ligt nog niet alles vast, en dat is maar
We komen met plannen om zowel het kwalitatieve als
goed ook, gezien alle ontwikkelingen en onzekerheden.
het kwantitatieve rendement van onze sportaccommo-
Voor onze ambtelijke organisatie betekenen de nieuwe
daties/-voorzieningen te vergroten en deze toekomstbe-
uitdagingen dat we flexibeler moeten werken dan we
stendig in te richten. We werken aan het verbeteren van
tot nu toe gewend waren. Sneller, wendbaarder, voort-
de mobiliteit, de veiligheid, verduurzaming en vergroe-
durend prioriteiten stellen, afwegen en handelen. Dit
ning van de leefomgeving in onze gemeente.
alles onder de voorwaarde dat we zorgvuldig blijven en dienstverlenend zijn.
Daarbij blijft een goede dienstverlening aan onze inwoners, bedrijven en organisaties een belangrijk uitgangs-
In 2023 zal onze vergaande ondersteuning worden
punt. In het hoofdlijnenakkoord is onder andere afge-
gevraagd om vluchtelingen op te vangen, statushouders
sproken: Vertrouwen is het uitgangpunt in ons contact
te huisvesten en te begeleiden. In de veranderde context
met inwoners, bedrijven en organisaties. Regels dienen
hebben wij gerichte aandacht voor armoedebeleid en
ter ondersteuning, niet als belemmering. Overbodige
schuldhulpverlening, waarbij -voor zover mogelijk- de
regels schaffen we af. Wij werken klantgericht en hebben
nadruk ligt op preventie. We blijven oog houden voor het
oog voor de menselijke maat. Wij willen dat de inwoners,
stimuleren van de ontwikkeling van onze jongeren in alle
ondernemers en organisaties in Hellendoorn zich nauw
lagen van de bevolking.
betrokken voelen bij de gang van zaken in onze gemeente.
We gaan (verder) aan de slag met de dilemma’s binnen
We hebben de ambitie om al deze vraagstukken geïnte-
de ruimtelijke ordening: ruimte voor natuur en recreatie,
greerd aan te pakken vanuit een bestuurlijk en democra-
voor (agrarisch) ondernemers; en voor woningen ten
tisch vernieuwende visie, waarin participatie en dialoog
behoeve van starters, middeninkomens en senioren. De
een belangrijke plek innemen.
behoefte aan nieuw bedrijventerrein is nog groot en we bekijken hoe we daarin kunnen voorzien.
2023 zal in meerdere opzichten een uitdagend jaar worden!
6
Financieel meerjarenbeeld 2023-2026
7
Inleiding De Programmabegroting 2023 is de eerste begroting van een nieuwe raadsperiode 2023-2026. Het Helder(s) Akkoord vormt de bestuurlijke leidraad voor de komende vier jaar. De uitwerking van dit akkoord op hoofdlijnen vindt plaats in de tweede helft van 2022 en begin 2023 samen met de burgers van de gemeente Hellendoorn en de gemeenteraad. De Programmabegroting 2023 is financieel sluitend tot en met 2025. Door de extra middelen uit het gemeentefonds tot en met 2025 kunnen de eerdere tekorten van de begroting 2022 opgevangen worden. De financiële ontwikkelingen vanaf 2026 zijn onzeker door onduidelijkheid over het gemeentefonds en de huidige crises op het gebied van klimaat, energie, mondiale politiek, de oorlog in Oekraïne en vluchtelingen. In dit hoofdstuk gaan we in op het financiële beeld voor dit begrotingsjaar en de komende meerjarenperiode. We gaan eerst in op de uitgangspunten voor de programmabegroting 2023. Vervolgens laten we met het budgettair perspectief voor de periode 2023-2026 zien welke wijzigingen er zijn ten opzichte van de programmabegroting 2022. Bij de financiële positie van de gemeente staan we onder andere stil bij de investeringen, ontwikkeling van de gemeentelijke reserves en de schuldenpositie. Ook staan we kort stil bij wetgeving omtrent de vennootschapsbelasting.
De uiteenzetting van de incidentele baten en lasten is van belang voor de provincie en leidend voor de toezichtsvorm die in 2023 van toepassing is. Ten slotte worden de verwachte landelijke ontwikkelingen beschreven welke nog niet in onze begroting zijn opgenomen.
Uitgangspunten programmabegroting 2023 Het vertrekpunt van de programmabegroting 2023 is de programmabegroting 2022 en het Helder(s) Akkoord. Naast het bestaande beleid zijn de verwachte autonome ontwikkelingen, vervangingsinvesteringen en nieuw beleid opgenomen. Daarbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd en verwerkt in de programmabegroting: •
Raadsbesluiten t/m september 2022 met structurele effecten, waaronder de najaarsrapportage 2021, de jaarrekening 2021 en de bestuursrapportage 2022.
•
De effecten uit de meicirculaire gemeentefonds 2022.
•
Prijsstijgingen. Voor de gemeentelijke materiële uitgaven is 4,5% meegenomen. De inflatiecorrectie voor de budgetten zorg die vallen onder het contract van het Twents model is berekend op 5,76%.
•
Loonontwikkelingen. De basis is de huidige Cao Gemeenten die is ingegaan op 1 april 2022. Deze loopt t/m 2022. Er is rekening gehouden met 3% voor loonstijging, 2% voor stijging pensioenpremie en 1,5% voor stijging sociale lasten.
•
De Cao Sociaal Werk, Welzijn & Maatschappelijke Dienstverlening is nog niet afgesloten. Ook voor deze loonontwikkeling is een autonome stijging van 3% meegenomen.
•
•
Voor gesubsidieerde instellingen met beroepskrachten zijn de budgetten geïndexeerd op 3,5%.
•
voor gesubsidieerde instellingen zonder beroepskrachten 4,5%.
Verhoging tarieven, leges, heffingen en belastingtarieven 4,5%. •
Bij de OZB woningen wordt ook 4,5% gehanteerd.
•
Bij de OZB niet-woningen 0% en daarnaast wordt het laatste deel van de ombuigingen uit 2019 van 2,5% terug gedraaid.
•
De renteomslag bedraagt 1,9%.
•
Ter versterking van de financieringspositie is er een jaarlijkse storting van € 600.000,-- in de financieringsreserve.
•
Voor onvoorziene uitgaven is € 75.000,-- opgenomen.
Meerjarenperspectief 2023-2026 Voor de jaren 2023 t/m 2025 kunnen we een sluitend beeld hanteren. Deze positieve ontwikkeling ontstaat door de extra middelen uit de meicirculaire gemeentefonds 2022 (door de hogere accressen en het opschorten van de opschalingskorting). Hierdoor is er meer ruimte om de tekorten op te lossen en onze beleidswensen op te voeren. Helaas geldt dit niet voor 2026 en volgende jaren. De kabinetsplannen reiken tot en met 2025. Hierdoor vallen de inkomsten uit het gemeentefonds flink terug waardoor er een tekort ontstaat.
8
Onderstaand overzicht geeft de specifieke baten en lasten per programma weer. De algemene dekkingsmiddelen en overhead presenteren we, conform het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), apart van deze lasten en baten. De vennootschapsbelasting is op netto € 12.000,-- geraamd. Dit betreft het onderdeel Vpb over reclame-opbrengsten op lichtmasten, rotondes en abri’s. De Vpb over de fiscale winst op grondexploitaties komt ten laste van de bufferreserve. bedragen x € 1.000 MJR MJR 2025 2026
Rekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
MJR 2024
- 16.391 - 25.244 - 11.356 - 9.636 - 22.932 - 6.947 - 92.506
- 23.658 - 26.249 - 11.746 - 10.480 - 20.922 - 8.712 - 101.766
- 16.447 - 26.467 - 12.734 - 11.229 - 12.540 - 8.301 - 87.717
- 16.292 - 25.788 - 12.675 - 12.224 - 12.524 - 9.137 - 88.640
- 16.022 - 25.560 - 12.550 - 11.854 - 11.774 - 9.383 - 87.143
- 15.645 - 25.585 - 12.177 - 11.798 - 10.368 - 9.684 - 85.256
8.578 1.238 4.197 4.372 22.788 1.588 42.760
14.023 1.366 4.021 4.469 16.379 1.404 41.662
7.740 560 4.097 4.633 8.743 721 26.494
7.742 560 3.820 4.895 8.555 1.107 26.680
7.712 731 3.828 5.012 8.068 1.107 26.459
7.644 737 3.828 5.035 6.670 1.171 25.084
Totaal Programma's
- 49.746
- 60.104
- 61.223
- 61.960
- 60.685
- 60.172
Alg. dekkingsmiddelen, overhead, vpb en onvoorzien Lasten OZB woningen OZB niet-woningen Belastingen overig Treasury Overhead Onvoorzien Heffing Vpb Totaal Lasten
- 438 - 48 - 80 - 11.971 176 - 12.361
- 437 - 18 - 51 - 37 - 13.687 - 36 - 12 - 14.277
- 442 -1 -9 25 - 14.001 - 75 - 12 - 14.514
- 442 -1 -9 289 - 14.037 - 75 - 12 - 14.286
- 443 -1 -9 357 - 14.029 - 75 - 12 - 14.211
- 444 -1 -9 350 - 14.043 - 75 - 12 - 14.233
60.014 6.217 3.561 174 536 166 70.668
63.908 5.579 3.398 569 134 73.588
65.713 5.830 3.323 100 569 98 75.632
67.450 5.830 3.323 100 566 99 77.367
69.419 5.830 3.323 100 562 100 79.334
63.382 5.830 3.323 100 559 100 73.294
Totaal Alg. dekkingsmiddelen, overhead, vpb en onvoorzien
58.307
59.311
61.118
63.081
65.123
59.060
Mutatie reserves Toevoegingen
- 11.283
- 9.867
- 1.199
- 1.262
- 1.271
- 1.174
Onttrekkingen
6.807
12.356
1.303
994
150
112
Totaal Mutatie reserves
- 4.477
2.489
104
- 267
- 1.121
- 1.062
Resultaat
4.085
1.696
-0
854
3.317
- 2.173
Overzicht baten en lasten Programma's Lasten 01 Werk, Economie en Inkomen 02 Jeugd en WMO 03 Onderwijs Cultuur en sport 04 Mobiliteit en bereikbaarheid 05 Woon en leefomgeving 06 Bestuur, veiligheid en dienstverlening Totaal Lasten Baten 01 Werk, Economie en Inkomen 02 Jeugd en WMO 03 Onderwijs Cultuur en sport 04 Mobiliteit en bereikbaarheid 05 Woon en leefomgeving 06 Bestuur, veiligheid en dienstverlening Totaal Baten
Baten Uitkeringen Gemeentefonds OZB woningen OZB niet-woningen Belastingen overig Treasury Overhead Totaal Baten
De opbouw van het budgettair perspectief voor de jaren 2023-2026 is hieronder weergegeven. Vervolgens lichten we de achtergronden van de verschillende ramingen kort toe.
9
bedragen x € 1.000 Begroting 2023
MJR 2024
MJR 2025
MJR 2026
Bestaand beleid a Meerjarenschijven begroting 2022 b Structurele doorwerking najaarsrapportage 2021 c Structurele verlaging OZB 2022 d Meicirculaire 2022: Herijking gemeentefonds Meicirculaire 2022: Bevriezen opschalingskorting Meicirculaire 2022: Jeugd commissie van Wijzen Meicirculaire 2022: Accres en overige budgettaire effecten e Structurele doorwerking bestuursrapportage 2022 f Vervangingsinvesteringen Totaal bestaand beleid
- 2.354 1.203 - 1.009 269 747 733 5.187 - 631 4.145
- 2.747 1.167 - 1.009 808 994 33 7.135 - 465 - 138 5.778
- 2.357 1.279 - 1.009 1.347 1.247 27 8.260 - 419 - 156 8.219
- 2.357 1.420 - 1.009 1.347 16 3.449 - 365 - 33 2.468
Autonome ontwikkelingen - Nieuw beleid g Loonontwikkeling 2023 h Indexatie materiële budgetten (4,5%) i Indexatie zorgbudgetten (5,72%) j Inflatie gesubsidieerde instellingen (cao en inflatie) k Aanpassing voorzieningen riool en afval l Vrijval afschrijvingslasten ivm doorschuiving bestuursrapportage m Autonome ontwikkelingen n Nieuw beleid en uitbreidingsinvesteringen o Diverse mutaties in de loonsom Diverse kleine mutaties Totaal Autonome ontwikkelingen- Nieuw beleid
- 572 - 1.281 - 718 - 213 - 193 300 - 597 - 1.086 17 97 - 4.246
- 587 - 1.269 - 712 - 213 - 106
- 585 - 1.267 - 702 - 213 - 116
- 583 - 1.264 - 684 - 213 - 178
- 674 - 1.207 42 116 - 4.610
- 696 - 1.164 179 146 - 4.418
- 597 - 1.087 346 139 - 4.121
Belastingmaatregelen p Inflatiecorrectie OZB (4,5%) Aanpassing OZB niet woningen (geen inflatiecorrectie) Aanpassing OZB niet woningen (terugdraaien taakstelling) q Inflatiecorrectie overige tarieven (4,5%) Totaal belastingmaatregelen
380 - 153 - 75 721 873
380 - 153 - 75 716 868
380 - 153 - 75 719 871
380 - 153 - 75 719 871
Uitvoeringsprogramma raad / college r Stelpost uitvoeringsprogramma raad / college Totaal uitvoeringsprogramma raad / college
- 600 - 600
- 1.000 - 1.000
- 1.000 - 1.000
- 1.000 - 1.000
Bovenmatige inflatie s Stelpost voor bovenmatige inflatie (onderhoud vastgoed) t Stelpost voor overige bovenmatige inflatie u Verhoging voorz. onderhoud wegen door bovenmatige inflatie v Stelpost prijzen gas en elektra Totaal bovenmatige inflatie
- 110 - 90 - 400 pm - 600
- 400 pm - 400
- 400 pm - 400
- 400 pm - 400
Dekkingsvoorstellen w Dekking incidentele voorstellen begroting uit VAR Dekking stelposten bovenmatige inflatie uit VAR Totaal dekkingsvoorstellen
228 200 428
217
45
8
217
45
8
-
854
3.317
- 2.173
Meerjarenperspectief
Totaal meerjarenperspectief
10
Bestaand beleid Het vertrekpunt van deze begroting is de meerjarenraming bij de programmabegroting 2022 met een nadelig begrotingssaldo van € 2.354.000,-- in 2023, € 2.747.000,-- in 2024, € 2.357.000,-- vanaf 2025 (a). De najaarsrapportage 2021 laat een positief meerjarig effect van € 1.203.000,-- in 2023, € 1.167.000,-- in 2024, € 1.279.000,-- in 2025 en € 1.420.000,-- vanaf 2026 zien, met name veroorzaakt door de uitkomsten van de septembercirculaire gemeentefonds 2021, de afwaardering Dunantblok en de vrijval van de stelpost restant rijksmiddelen TONK (b). Op 1 februari 2022 heeft de gemeenteraad de OZB tarieven verlaagd door de oorspronkelijke verhoging bij woningen en niet-woningen met 10% terug te brengen. Dit zorgt voor minder inkomsten, en een structureel nadeel van € 1.009.000,-(c). Gemeentefonds (d) Voor de jaren 2023 t/m 2025 zien we een positieve ontwikkeling door de extra middelen uit de meicirculaire gemeentefonds 2022. Een substantieel onderdeel hiervan is de uitkomst van de herijking van het gemeentefonds: met ingang van 2023 groeien we in 3 stappen naar € 1,3 miljoen extra middelen per jaar. Het grootste voordeel in de gemeentefondsuitkering wordt veroorzaakt door de hogere accressen. Hierdoor ontstaat ruimte om de meerjarige tekorten uit de begroting 2022 op te vangen. Ook levert dit mogelijkheden om beleidswensen uit te voeren.
In het jaar 2026 valt het accres fors terug, dit heeft meerdere oorzaken. In het regeerakkoord zijn specifieke afspraken gemaakt hoe wordt omgegaan met de accresstijgingen voor 2026 en verder. Vanaf 2026 worden geen accresstijgingen meer gedaan door het kabinet, behalve een bedrag van € 1 miljard voor 2026. De algemene accresontwikkeling laat daarom een enorme val zien ten opzichte van 2025. Dit is het zogenaamde ‘Ravijn’ in de gemeentefondsontwikkeling. Ook de toegezegde bevriezing van de opschalingskorting is meegenomen voor de jaren t/m 2025. In 2026 wordt de opschalingskorting weer volledig meegerekend, waardoor ook op dat punt een lager accres ontstaat. Voor het jaar 2023 zijn de extra middelen voor Jeugd naar aanleiding van het onderzoek van de commissie van Wijzen definitief toegezegd. Voor de jaren erna hebben we vooralsnog de 75%-regel gehanteerd. Ten opzichte van een vorige versie zijn er relatief geringe wijzigingen voor 2024 en latere jaren. Bij de septembercirculaire 2022 worden wellicht nieuwe afspraken hierover definitief. Hierdoor vallen de inkomsten uit het gemeentefonds lager uit in 2026, waardoor er een tekort ontstaat in de laatste jaarschijf van deze meerjarenraming. De financiële ontwikkelingen vanaf 2026 zijn onzeker. Onzekerheid of de middelen vanuit het gemeentefonds aan de gemeenten toegekend worden.
Maar er is ook onzekerheid in de samenleving, denk daarbij aan de huidige crisissen op het gebied van bijvoorbeeld energie, mondiale politiek, de oorlog in Oekraïne en vluchtelingen. Met deze onzekerheden houden we een behoedzame koers aan in de begroting waarbij we op dit moment nog geen rekening houden met meer middelen dan in de meicirculaire is toegekend. De algemene verwachting is dat er op landelijk niveau nadere afspraken worden gemaakt over onder meer het belastinggebied van gemeenten. Het Rijk werkt met de VNG en IPO in een gezamenlijk proces met een onafhankelijk begeleider om te komen tot een nieuwe financieringssystematiek voor 2026 en verder. Ook de toegezegde bevriezing van de opschalingskorting is via het accres meegenomen voor de jaren t/m 2025. Vooralsnog verwachten we dat het Rijk deze bevriezing voortzet. In de Programmabegroting 2023 houden we geen rekening met deze te verwachten middelen. Onder ‘te verwachten landelijke ontwikkelingen’ is een tabel opgenomen met het mogelijke effect op de meerjarenraming als de extra middelen in het accres wel worden toegekend.
11
De effecten van de meicirculaire 2022 en de verlaging van de OZB zijn in de bestuursrapportage 2022 verwerkt. Deze zijn hierboven afzonderlijk toegelicht. Los van deze effecten is de structurele doorwerking van de bestuursrapportage € 631.000,-- in 2023, € 465.000,-- in 2024, € 419.000,-- in 2025 en € 365.000,-- va 2026 (e). Vervangingsinvesteringen (f) Voor deze begroting stellen we voor om € 4.075.000,-- aan vervangingsinvesteringen op te nemen bovenop de al bestaande besluitvorming van de investeringsbudgetten. Hierin zijn de volgende grote vervangingsinvesteringen (> € 100.000,--) opgenomen: uitvoering mobiliteits- en fietsvisie 2026 (€ 400.000,--), klimaatadaptieve maatregelen 2026 (€ 486.000,--), rioolrenovatie 2026 (€ 245.000,--), vervanging gemalen 2026 (€ 150.000,--), vervanging riolering 2026 (€ 852.000,--), vervanging wegen 2026 (€ 340.000,--), vervanging openbare verlichting 2026 (€ 125.000,--), vervanging veegmachine Ravo 2026 (€ 215.000,--), vervanging behuizing verzamelcocons hoogbouw 2024 (€ 124.000,--), renovatie groen openbare ruimte wijk De Höfte (€ 200.000,--), vervanging tractiemiddelen 2026 (€ 375.000,--) en renovatie en verduurzaming dienstgebouw Vrugteveen (€ 100.000,--). In het jaar van investeren bekijken we of de investering daadwerkelijk nodig is en voor welk bedrag.
De kapitaallasten van een investering starten met ingang van het jaar volgend op de investering. bedragen x € 1.000 Investering Begroting (nieuw) 2023
Vervangingsinvesteringen Totaal vervangingsinvesteringen
4.075
-
MJR 2024
MJR 2025
MJR 2026
- 138
- 156
- 33
In bijlage 3 is het volledige overzicht van de vervangingsinvesteringen opgenomen.
Autonome ontwikkelingen Dit zijn ontwikkelingen die niet direct door het gemeentelijk beleid te beïnvloeden zijn, maar die wel invloed hebben op de gemeentelijke financiën. De verschillende loon- en prijsontwikkelingen (g t/m j) zijn doorberekend conform de uitgangspunten van de programmabegroting 2023. Ten aanzien van de loonontwikkeling houden we rekening met een stijging van de cao van 3%, en 2% voor stijging pensioenpremie en 1,5% voor stijging sociale lasten. We hebben een voordeel in de loonsom door het wegvallen van de IVP (Inkoop voorwaardelijk pensioen) premie, maar we reserveren hiervan een groot gedeelte voor een verwachte extra stijging van de pensioenpremie. Als gevolg zijn ook de voorzieningen egalisatie riool- en afvalstoffenheffing herberekend (k). Bij de bestuursrapportage 2022 is een aantal investeringen doorgeschoven naar de volgende jaren waardoor er een vrijval in de afschrijvingslasten ontstaat (l). Daarnaast zijn er bij het actualiseren van de budgetten diverse voorstellen tot autonome ontwikkelingen ingediend (m). bedragen x € 1.000 Autonome ontwikkelingen Totaal autonome ontwikkelingen
Investering Begroting (nieuw) 2023
MJR 2024
MJR 2025
MJR 2026
-
- 674
- 696
- 597
- 597
In bijlage 3 is het volledige overzicht van de autonome ontwikkelingen opgenomen. De belangrijkste autonome ontwikkelingen (> groter dan € 50.000,--) zijn hieronder toegelicht:
12
•
Loonkosten Wsw en bijbehorende opbrengsten (1.01) Er ontstaat een financieel effect doordat het aantal medewerkers in de Wsw krimpt. Er is namelijk geen nieuwe instroom in de Wsw mogelijk is, maar er vindt wel uitstroom plaats door (soms vervroegde) pensionering of andere reden. Jaarlijks wordt een nieuwe inschatting gemaakt van het verloop van het aantal Wsw’ers in de komende jaren. Deze doorrekening heeft zowel effect op de geraamde loonkosten als ook op de geraamde inkomsten vanuit detacheringen. In de jaren 2023 t/m 2025 leidt deze herziene prognose tot een negatief resultaat, vanaf 2026 is er sprake van een voordeel.
•
Schuldhulpverlening en diensten Stadsbank (0,4 fte) (1.04) Voor de uitvoering van de schuldhulpverlening wordt samengewerkt met de Stadsbank Oost Nederland. De extra formatie wordt ingezet voor vroegsignalering van schulden, hetgeen een wettelijke verplichting is vanaf 1 januari 2021. De kosten bedragen structureel € 75.000.--
•
Begeleiding en dagbesteding en huishoudelijke ondersteuning (2.01) Naar aanleiding van gewijzigde aantallen cliënten, indicatiewaardes en verzilveringspercentages. Het budgettair effect kan ten laste van de stelpost groeivraag zorg (vergrijzing) worden gebracht.
•
Cao-stijging gesubsidieerde instellingen (2.04) Bij de gesubsidieerde instellingen is geïnventariseerd welke cao-consequenties ze verwachten voor 2023. In onze reguliere begroting houden wij rekening met een stijging van 3,5%. Het verschil van € 91.000.-- in 2023 en vanaf 2024 € 61.000.-- is opgenomen als autonome ontwikkeling.
•
Stelposten onderwijshuisvesting De Veenbrug en Pr. Beatrix (3.01/3.02) Beide voorstellen zijn aangevraagd door de schoolbesturen en maken onderdeel uit van het integraal huisvestingsprogramma onderwijs. In dit huisvestingsprogramma wordt gekeken naar de staat waarin de onderwijsgebouwen verkeren en de uitwerking van nieuwe ontwikkelingen voor de benodigde ruimte. Dit wordt begin 2023 afgerond en dan is definitief duidelijk met welke investering wij rekening moeten houden. Vooralsnog worden er stelposten van € 78.000.-- en van € 35.000.-- vanaf 2024 opgenomen in afwachting van de uitwerking van het programma.
•
Voorstellen ICT (99.01-99.11) Door autonome ontwikkelingen in de licenties, informatieveiligheid en applicaties is extra structureel budget van ± € 230.000.-- noodzakelijk.
Nieuw beleid (n) Naast het bestaande beleid en autonome ontwikkelingen zijn er voorstellen voor nieuw beleid en uitbreidingsinvesteringen. bedragen x € 1.000 Investering Begroting (nieuw) 2023
Nieuw beleid Totaal nieuw beleid en uitbreidingsinvesteringen
2.689
- 1.086
MJR 2024
MJR 2025
MJR 2026
- 1.207
- 1.164
- 1.087
In bijlage 3 is het volledige overzicht van de voorstellen nieuw beleid opgenomen. Hieronder worden de voorstellen kort toegelicht. Deze zijn ook terug te vinden onder de programma’s in deze begroting. •
Structurele formatie beleidsmedewerker agrarische zaken (1.05) Vanaf 2021 hebben we tijdelijke formatie ingezet voor een beleidsmedewerker agrarische zaken. Gezien de meerwaarde die deze inzet oplevert en de uitdagingen op dit gebied, stellen we voor deze formatie structureel te maken (€ 52.000,-- in 2023, vanaf 2024 € 73.000,--).
•
Toekomstgerichte Erven-Erfcoaches (1.06) Sinds 2019 vervullen twee erfcoaches een belangrijke rol als het gaat om ondersteuning op erven in ons buitengebied. Vanaf 2023 wijzigt de financiering van deze ondersteuning vanuit de provincie Overijssel. Er is € 23.000, -- nodig voor cofinanciering; hiervoor kunnen we de ervencoaches 18 uur per week inzetten. 13
•
Cofinanciering LEADER programma (1.07) Per 1 januari 2023 start de nieuwe LEADER periode die duurt tot en met 2027. De jaarlijkse kosten voor LEADER (€ 55.000,--) bestaan uit zogenaamde beheerskosten en projectkosten. In de nieuwe periode zal LEADER zich ook moeten inzetten op klimaat, water, milieu en biodiversiteit.
•
Verlengen inzet makelaars Sociaal domein (1,58 fte) (2.06) Sinds medio 2019 kennen wij de functie Makelaar Sociaal Domein binnen de Gemeente Hellendoorn. Deze makelaars houden regie op de ondersteuning en zorg die door externe verwijzers (zoals de gecertificeerde instellingen) wordt ingezet. De huidige inzet is tijdelijk tot 1 januari 2023. De meerwaarde van deze inzet is aangetoond. We vragen structureel budget van € 129.000,-- voor 1,58 fte makelaars sociaal domein.
•
Coördinator Sociaal domein (1 fte) (2.07) Bij het vaststellen van de programmabegroting 2021 is ervoor gekozen om de functie van coördinator sociaal domein/jeugd in eerste instantie voor twee jaar in te vullen. In de praktijk zien we de toegevoegde waarde van de invulling van deze coördinatorrol. Voorgesteld wordt om hiermee in structurele zin verder te gaan. De jaarlijkse kosten bedragen € 95.000,--.
•
Integraal huisvestingsplan / calamiteitenbudget (3.05) Een investeringsbudget (€ 80.000,--) in 2026 is benodigd voor spoedaanvragen in het kader van onderwijshuisvesting en voor bouwkundige gebreken waarvoor de gemeente in het kader van de onderwijshuisvesting financieel een wettelijke verantwoordelijkheid heeft.
•
Koeling receptie en kantoren het Ravijn (3.06) De receptie en de kantoren bij het Ravijn worden niet gekoeld. Dit resulteert in veel klachten bij het personeel. Genoemd probleem kan worden opgelost door het plaatsen van een lucht/lucht warmtepompinstallatie (investeringsbedrag 2023 € 15.000,--).
•
Onderzoeken verkeerslichten en regeling kruisingen De Joncheerlaan-Trompweg, Smidsweg-Grotestraat, Wierdensestraat-Boomcateweg (4.02/4.03) Voorafgaand aan de geplande vervanging van de verkeerslichten en regeling op de kruisingen dient er een nut een noodzaakonderzoek (o.a. verkeerstellingen) plaats te vinden. De kosten per onderzoek bedragen € 10.000,--.
•
Reconstructie Wierdensestraat en kruispunt Wierdensestraat met Boomcateweg (4.04) Het wegdek en het kruispunt Wierdensestraat-Boomcateweg verkeren in zeer slechte staat. Grootschalig reconstructiewerk is noodzakelijk om dit punt weer in voldoende conditie te brengen waarbij ook de verkeerssituatie wordt meegenomen. Er volgt nog een apart kredietvoorstel over de definitieve uitwerking. Op basis van de geraamde investering van € 1.800.000,-- in 2026 wordt alvast ruimte gereserveerd door een structurele stelpost voor de kapitaallasten van € 106.000,-- (ingaande 2027).
•
Werkbudget invulling bodembeheer (5.01) Vanaf 2023 wordt de gemeente bevoegd gezag voor bodemtaken die voorheen bij de provincie Overijssel lagen. Om dit goed te kunnen uitvoeren is werkbudget nodig van € 12.500,-- per jaar.
•
Uitbreiding volumecontainers afvalbrengpunt (5.02) Door de toename van het aantal afvalstromen op het afvalbrengpunt en door forse stijging van de hoeveelheid afval die wordt aangeboden is er een tekort ontstaan aan transportcontainers. Om dit op te lossen stellen we € 100.000,-investeringskrediet voor 2026 beschikbaar.
•
Speelplaatsenbeleid (5.03) Voor de vertaling van het nieuwe speelplaatsenbeleid naar een beheer en uitvoeringsplan stellen we, voor zowel 2023 als 2024, een werkbudget beschikbaar van € 20.000,--. Voor de daadwerkelijke vervanging van speeltoestellen stellen we, voor zowel 2025 als 2026, een vervangingskrediet beschikbaar van € 163.000,--.
•
Programma Samen Doen! (99.12) In 2020 t/m 2022 is een incidenteel budget ingezet voor het programma Samen Doen!. Om structureel meer aandacht te kunnen besteden aan verbinding met elkaar, onderlinge samenwerking én de dienstverlening naar onze klanten is structureel budget nodig van € 25.000,--.
14
•
Cawler (nieuwstool) (99.13) Doel is een toekomstbestendige profilering van de gemeente Hellendoorn. Voor het up-to-date brengen van onze communicatie is het nodig het nieuws goed te volgen. De structurele kosten zijn € 4.000,--.
•
Video en fotograaf (99.14) Om communicatie strategisch in te zetten, is professionele inzet/ondersteuning noodzakelijk voor een deel van de video en foto producties. De structurele kosten zijn € 12.000,--.
•
Verduurzaming (+locatie) gemeentewerf Kerkstraat (99.15) Een forse investering is noodzakelijk om de gemeentewerf energieneutraal te maken. Voordat we dit willen uitvoeren stellen wij voor nader onderzoek (€ 50.000,-- in 2023) uit te voeren naar een mogelijke verplaatsing van de gemeentewerf naar een meer passende locatie.
•
Schrappen personele taakstelling (99.16) In de begroting van 2020 is, na de aanzienlijke ombuigingsoperatie, een structurele taakstelling op het personeel opgenomen die oploopt naar € 720.000,--. We stellen voor het restant van deze taakstelling (€ 448.000,-- in 2023, € 438.000,-- in 2024 en vanaf 2025 € 437.000,--) te schrappen, omdat de druk op het ambtelijk apparaat is toegenomen. Deels doordat er verschillende taken en ambities bij zijn gekomen, deels doordat vanwege Corona dingen zijn vooruitgeschoven en er achterstanden zijn ontstaan. Daarnaast zien we in de benchmark Berenschot dat de formatie en kosten op onderdelen lager zijn dan de referentiegroep. Hier is ondertussen op een aantal plekken iets opgelost omdat we onze (wettelijke) taak niet meer goed konden uitvoeren. Op een aantal andere onderdelen kunnen we concluderen dat we het werk efficiënt uitvoeren. Daar waar we opvallend hoog zitten, is de verklaring vaak te vinden in de omvang van de kapitaallasten (parkeergarage, zwembad, HvCB). Op geen van deze onderdelen is sprake van een opvallend grotere formatie in vergelijking tot de referentiegroep. Zie voor nadere toelichting de paragraaf bedrijfsvoering.
•
Herziening functiewaardering (99.17) We willen het huidige functieboek (1998) passend maken voor de huidige organisatie. Hiervoor is eenmalig budget nodig, daarnaast is budget nodig voor het actueel houden van het functieboek (€ 50.000,-- in 2023, vanaf 2024 € 10.000,-- per jaar).
•
Uitvoeren verbeterplan informatie- en archiefbeheer (99.18) Het verbeterplan voor het informatie- en archiefbeheer zorgt ervoor dat we voldoen aan wettelijke verplichtingen. Er is een investeringsbedrag benodigd van € 300.000,-- in 2023. Daarnaast is er jaarlijks budget benodigd van € 160.000,-- in 2023, € 200.000,-- in 2024, € 95.000,-- in 2025 en vanaf 2026 € 50.000,--.
•
Investeringen ICT 2023-2026 (99.19) Het op orde brengen van de financiën bij ICT waarmee in 2020 gestart is wordt verder voorgezet. Er zijn middelen (totale investeringsbedrag € 798.000,--) nodig voor het hybride werken, vervanging werkplekken en vervanging hardwarematige deel van de IT-omgeving.
•
Gasloos maken HvCB (99.20) Gezien de huidige ontwikkelingen in de gasmarkt en de wens tot verduurzaming willen we het Huis voor Cultuur en bestuur zo snel mogelijk omzetten naar een warmtepomptechniek. Op basis van de gehanteerde energieprijzen in de begroting kan dit budgettair neutraal: de extra lasten worden volledig gecompenseerd door de lagere energielasten.
Diverse mutaties (o) Bij het opstellen van de begroting ontstaan er financieel-technische mutaties door de doorverdeling op de diverse onderdelen. Daarnaast zijn er mutaties in de loonsom die ontstaan door de wijzigingen in de loonschalen door bijvoorbeeld doorgroei en pensionering. Daarnaast zijn er mutaties door extra toerekening van loonkosten naar investeringen vanwege grote projecten.
15
Belastingmaatregelen (p, q) De inflatie is berekend op 4,5% voor de verschillende tarieven. In deze begroting stellen we voor de OZB tarieven voor woningen met de reguliere indexatie te verhogen. Voor de niet-woningen geldt dat Hellendoorn van de plattelandsgemeenten in Overijssel relatief duur is. Dat is voor ons aanleiding geweest om de inflatiecorrectie van 4,5% achterwege te laten en ook het laatste deel van de ombuigingen uit 2019 van 2,5% terug te draaien. Ook de inflatiecorrectie voor de overige tarieven, inclusief rioolheffing en afvalstoffenheffing is 4,5%.
Uitvoeringsprogramma raad/college (r) De uitwerking van het Helder(s) Akkoord vindt plaats in de periode tot en met februari 2023 en krijgt vorm in het Helders Uitvoeringsprogramma (HUP) waarbij gekozen is voor ruimte voor dialoog en debat. Voor dekking van de maatregelen uit het HUP reserveren wij € 600.000,-- voor 2023 en € 1 miljoen structureel in de vorm van zogenaamde ‘envelop’ gelden.
Bovenmatige inflatie (s t/m u) De coronacrisis en de energiecrisis als gevolg van de oorlog in Oekraïne hebben geleid tot minder beschikbare producten op de wereldmarkt en minder beschikbaar personeel in Nederland. De gestegen energiekosten leiden tot hogere productiekosten, die zich weer vertalen in hoge prijzen. Vooralsnog komen vooral de hogere kosten in het onderhoud wegen naar voren wegens hoge prijzen voor asfalt en straatklinkers. Ook het gebouwenonderhoud kan niet toe met de reguliere prijscompensatie van 4,5%. We verwachten ook op andere terreinen nog extra middelen nodig te hebben wegens de hoge inflatie. Omdat nog niet duidelijk is of dit op lange termijn doorzet of dat de prijzen weer omlaag zullen gaan, hebben we voor 2023 de extra budgetten vastgoedonderhoud en overig incidenteel meegenomen. De hogere prijzen voor onderhoud wegen worden structureel gereserveerd in de voorziening. We zien op dit moment ook op breder terrein een hoge inflatie, forser dan waarmee we nu gerekend hebben. We mogen er echter van uitgaan dat het Rijk via de gemeentefondsuitkering hier ook mee gaat rekenen en dat er bij de komende circulaires extra middelen worden ontvangen voor loon- en prijscompensatie. Stelpost prijzen gas en elektra (v) Bij de bestuursrapportage 2022 zijn de budgetten voor aardgas verhoogd (ongeveer verdubbeld).
De huidige situatie voor energieprijzen op de wereldmarkt is zo volatiel dat geen duidelijk inzicht kan worden gegeven voor de ontwikkelingen in de komende jaren. De levering van gas uit Rusland staat op het moment van schrijven onder druk. Er is inmiddels een vervangende gasleverancier voor Gazprom gevonden in Vattenfall. Naar aanleiding van de gestelde eisen van het Rijk kunnen we nog gedurende 2022 gebruik maken van de oude energieleverancier. Vanaf 2023 kan Vattenfall de gaslevering voor ons verzorgen. De prijzen hiervan liggen op het moment van schrijven nog niet vast. Ook de elektraprijzen zullen op termijn stijgen ten opzichte van de huidige – grotendeels al op een voordelig moment vastgeklikte – tarieven voor 2023 en 2024. De intentie is om vanaf 2025 elektra af te nemen via Twence. Ook onze gesubsidieerde instellingen en sportverenigingen zullen waarschijnlijk bij ons aan de bel trekken voor een hogere bijdrage. Het financieel effect van al deze ontwikkeling is helemaal nog niet in te schatten en worden vooralsnog pro memorie opgenomen.
Dekkingsvoorstellen (w) In de aangedragen ontwikkelingen zijn een aantal posten als incidenteel aangemerkt. Dit zijn: OZJT: projectfinanciering, vervanging bladblazers/rugmaaiers, vervanging zitmaaier ligweide Het Ravijn, speelplaatsenbeleid (advieskosten), implementatiekosten voor vervanging zwembad-automatisering, MyLex legacy en vervanging applicatie voor afvalcontainers (AfvalRIS) en verbeterplan informatie- en archiefbeheer. Totaal gaat het om incidentele kosten van € 228.000,-- in 2023, € 217.000,-- in 2024, € 45.000,-- in 2025 en € 8.000,-- in 2026 welke we dekken vanuit de VAR. Tevens dekken we de incidentele kosten van € 200.000,-- van de stelposten bovenmatige inflatie uit de VAR.
16
Financiële positie Een gezonde financiële positie van de gemeente voor het begrotingsjaar bestaat uit drie componenten: een sluitende begroting en meerjarenraming, een goede liquiditeits- en solvabiliteitspositie en voldoende weerstandsvermogen. Om meer zicht te krijgen op de liquiditeits- en solvabiliteitspositie, is de begroting en meerjarenraming vertaald naar een geprognosticeerde meerjarenbalans. Net als de balans in de jaarrekening geeft deze inzicht in de ontwikkeling van onze bezittingen en schulden over de diverse jaren. Geprognosticeerde meerjarenbalans 2023-2026 Realisatie Ultimo 2021
Begroting Ultimo 2022
Begroting Ultimo 2023
MJR Ultimo 2024
bedragen x € 1.000 MJR MJR Ultimo Ultimo 2025 2026
1.228 117.921 4.822 123.972
1.641 122.516 5.011 129.168
1.477 130.981 4.869 137.327
1.315 130.467 4.728 136.510
1.210 126.602 4.587 132.399
1.114 123.648 4.446 129.208
Vlottende Activa Voorraden Uitzettingen met rentetyp. looptijd < 1 jaar Liquide middelen Overlopende activa Totaal vlottende activa
62 40.671 296 4.512 45.540
- 1.449 25.862 475 4.400 29.288
- 1.345 11.963 475 4.400 15.493
- 104 7.069 475 4.400 11.840
25 9.919 475 4.400 14.819
25 6.538 475 4.400 11.438
Totaal activa
169.511
158.456
152.820
148.350
147.218
140.646
25.547 4.171 9.615 97.785 137.118
26.609 1.998 9.708 92.231 130.547
Prognose meerjarenbalans Activa Vaste Activa Immateriële vaste activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa Totaal vaste activa
Passiva Vaste Passiva Eigen Vermogen Begrote exploitatieteoverschotten en -tekorten (cumulatief) Voorzieningen Langlopende schulden Totaal vaste passiva
26.752
24.263
24.159
9.156 119.997 155.905
9.648 114.444 148.355
9.671 108.891 142.720
24.426 854 9.632 103.338 138.250
Vlottende Passiva Netto vlott. schulden met rentetyp. looptijd < 1 jaar Overlopende passiva Totaal vlottende passiva
6.259 7.347 13.606
4.900 5.200 10.100
4.900 5.200 10.100
4.900 5.200 10.100
4.900 5.200 10.100
4.900 5.200 10.100
Totaal passiva
169.511
158.455
152.820
148.350
147.218
140.647
Vaste activa Als we de cijfers vergelijken met de laatst vastgestelde balans van de jaarrekening 2021, dan zien we de boekwaarde van de vaste activa stijgen met ruim € 13 miljoen tot € 137,3 miljoen eind 2023. Deze stijging is lager dan wij hadden begroot bij de begroting 2022. Door de coronacrisis en de oorlog in Oekraïne konden veel investeringen de afgelopen jaren niet worden uitgevoerd: materiaal en menskracht zijn schaars. De investeringen zijn vooral doorgeschoven naar de periode 2022 en 2023. We proberen de uitvoering van deze projecten in te halen. Ook de uitvoering van de aanleg van de Noordzuidverbinding tussen Hulsen en Hellendoorn valt in deze jaren. Door de huidige hoge energiekosten willen we ook een aantal verduurzamingsmaatregelen zo snel mogelijk uitvoeren, zodat prijsstijgingen van gas en elektra ons minder treffen. Ook nu zijn we afhankelijk van de beschikbaarheid van arbeidskrachten en materiaal, want de arbeidsmarkt is krap en beschikbaarheid van middelen is op onderdelen lastig.
17
De jaren na 2023 zien we een daling in met name de materiële vaste activa: er wordt in deze jaren minder geïnvesteerd dan afgeschreven. Dit lijkt niet wenselijk omdat we de voorzieningen in stand willen houden. Een oorzaak hiervan ligt ook in het eenmalige karakter van enkele strategische projecten die niet (volledig) vervangen hoeven worden. We monitoren de komende jaren wel de volledigheid van de vervangingsinvesteringen. De stijging in de immateriële vaste activa wordt veroorzaakt door de bijdragen aan de projecten van de N35. Er is in de meerjarenbegroting exploitatieruimte, middels een stelpost kapitaallasten, gereserveerd voor enkele projecten die nog niet ter besluitvorming worden voorgelegd bij deze begroting. Deze zijn ook niet opgenomen in de investeringen. Het betreffen de mogelijke projecten Prinses Beatrix (2025), Basisschool De Veenbrug (2023) en het Kruispunt Boomcateweg-Wierdensestraat (2026). Investeringsplafond 6,35 miljoen Op basis van het beleid om de financieringspositie te verbeteren, houden we het gemiddelde investeringsplafonds van € 6,35 miljoen (netto) per jaar nog als leidraad. Dit betekent dat we terughoudend zijn met het aangaan van nieuwe investeringen. In 2023 investeren we ruim € 15 miljoen netto, dat een stuk hoger ligt dan het gemiddelde.
Dit wordt enerzijds veroorzaakt door doorgeschoven projecten uit voorgaande jaren en anderzijds door het naar voren halen van investeringen in verduurzaming, zoals de aanschaf van warmtepompen voor ‘t Ravijn. Ook willen we de aanleg van de Noordzuidverbinding, het fietspad Helmkruidlaan en diverse projecten vanuit het beleidsplan ‘Samenleven met water 2021-2025’ aanleggen, evenals een nieuw kunstgras op sportvelden De Voordam. Er zijn voor het uitvoeren en begeleiden van deze projecten extra projectleiders ingezet. De afgelopen jaren en vooral in de coronajaren 2020 en 2021 hebben we minder geïnvesteerd dan het gemiddelde van € 6,35 miljoen. En ook in de jaren 2025-2026 ligt het investeringsniveau lager. Doordat in eerdere jaren projecten niet konden worden uitgevoerd zien we een boeggolf aan investeringen in nieuwe begrotingsjaar (2023) en het jaar daarvoor (2022). Op dit moment hebben we te maken met enorme prijsstijgingen die zich ook laten gelden in de investeringssfeer. Jarenlang hebben we te maken gehad met aanbestedingsvoordelen. De huidige crises zorgt dat we de komende jaren te maken zullen krijgen met aanbestedingsnadelen. Omdat onduidelijk is in hoeverre de prijsstijgingen structureel doorzetten zijn de meerjarige investeringen niet (allemaal) aangepast aan de actuele situatie.
Ook de versnelde verduurzaming van de gemeentelijke eigendommen zal op korte termijn extra investeringen vergen, die echter wel weer terugverdiend worden. Een en ander heeft effect op het investeringsplafond. Gezien de huidige stand van het eigen vermogen in relatie tot de langlopende schulden en schatkistsaldo heroverwegen we de komende periode de nut en noodzaak van het in stand houden van het investeringsplafond.
18
De totale investeringen voor de jaren 2023 tot en met 2026, inclusief investeringen die bij vorige begrotingen al beschikbaar zijn gesteld, zijn:
Investeringen 2023-2026 Uitgaven Begraafplaats Rioleringen (VGRP) Noordzuidverbinding Rijksweg 35 c.a. Mobiliteitsvisie Kruispunten Constantijnstraat Herinrichting Willem Alexanderstraat, Keizerserf en Grotestraat Noord Fietspad Helmkruidlaan Verkeersregelinstallaties Openbare verlichting Investeringsprogramma wegen Straatreiniging Parkeergarage Groenrenovatie De Höfte Speelvoorzieningen Onderwijshuisvesting Ravijn Sport -overig Afvalinzameling Automatisering Huisvesting Interne uren Budget renovatie onderzoek gemeentewerf en renovatie Vrugtenveen Aanschaf tractiemiddelen Subtotaal uitgaven Inkomsten Opbrengst NZV omleiding Hulsen Rijksweg 35 c.a. Kruispunten Constantijnstraat Ravijn Subtotaal inkomsten Totaal
bedragen x € 1.000 MJR MJR 2025 2026
Begroting 2023
MJR 2024
- 3.655 - 4.077 - 5.207 - 614 - 110 - 418 - 1.069 - 125 - 125 - 1.046 - 100 - 1.587 - 1.105 - 65 - 993 - 65 - 767 - 50 - 375 - 21.554
- 28 - 1.741 - 550 - 321 - 350 - 125 - 125 - 275 - 250 - 100 - 22 - 206 - 450 - 681 - 1.065 - 226 - 355 - 635 - 7.505
- 118 - 1.745 - 332 - 170 - 125 - 313 - 163 - 150 - 103 - 454 - 65 - 173 - 375 - 4.286
- 1.733 - 400 - 160 - 125 - 340 - 280 - 163 - 80 - 155 - 100 - 360 - 65 - 173 - 100 - 375 - 4.609
850 5.173 3 6.026
525 525
250 250
-
- 15.528
- 6.980
- 4.036
- 4.609
Voorraden De boekwaarden van de voorraden zijn in 2020, 2021 en 2022 sterk gedaald. Het gaat hierbij om de voorraden bouwgrond, zowel voor de woningbouwlocaties als voor bedrijventerrein ’t Lochter III. Inmiddels zijn er in ’t Lochter III geen kavels meer beschikbaar en ook de woningkavels zijn in de meeste grondexploitaties allemaal verkocht. Alleen in Hellendoorn Noord komen binnenkort kavels op de markt. Doordat bijna alles al is verkocht, maar er nog wel kosten komen voor het woonrijp maken, zijn de boekwaarden negatief. De komende jaren zullen nieuwe grondexploitaties worden opgepakt. Welke investeringen hiervoor benodigd zijn is nog niet bekend en/of zijn nog niet vastgesteld en komen hierdoor niet voor in de meerjarenbalans.
19
Reserves en voorzieningen Realisatie Ultimo 2021
Begroting Ultimo 2022
Begroting Ultimo 2023
MJR Ultimo 2024
bedragen x € 1.000 MJR MJR Ultimo Ultimo 2025 2026
4.085 19.594 3.074 26.752
0 21.336 2.928 24.263
0 21.312 2.846 24.159
854 21.882 2.545 25.280
4.171 22.802 2.745 29.718
1.998 23.661 2.947 28.607
Voorzieningen Voorzieningen personeel Voorzieningen van derden verkregen middelen Onderhoudsvoorzieningen Overige voorzieningen Totaal Voorzieningen
5.177 2.637 672 670 9.156
5.819 2.579 796 455 9.648
5.741 2.549 926 455 9.671
5.670 2.452 1.055 455 9.632
5.693 2.282 1.185 455 9.615
5.822 2.117 1.314 455 9.708
Totaal
35.909
33.912
33.830
34.913
39.333
38.315
Reserves en voorzieningen Reserves Rekeningsaldo Algemene Reserve Bestemmingsreserves Totaal Reserves
Algemene reserves Ten opzichte van de begroting 2022 (eindstand 13,5 miljoen) zijn de algemene reserves met € 7,8 miljoen gestegen naar € 21,3 miljoen. De grote stijging wordt veroorzaakt door het positief rekeningresultaat 2021, winstnemingen op de grondexploitaties en boekwinsten verkoop vastgoed. In 2020 en 2021 is de bufferreserve toegenomen door de vele winstnemingen op de grondexploitatie, die conform beleid in de bufferreserve worden gestort. Doordat de afronding van diverse grondexploitaties al vordert, worden de risico’s minder. De omvang van de bufferreserve was meer dan toereikend voor het doel. Daarom is bij de jaarrekening 2021 besloten € 3 miljoen naar de financieringsreserve over te zetten ter verbetering van de financiële positie. Deze mutatie blijft binnen de algemene reserves. In de jaren erna groeien de algemene reserves door naar € 23,7 miljoen door de reguliere stortingen ter verbetering van de financieringspositie en de toevoegingen vanuit het generatiepact. Bestemmingsreserves De bestemmingsreserves zijn, ten opzichte van de begroting 2022 met € 0,7 miljoen gestegen naar € 2,9 miljoen en ontstaat door o.a.
mutaties in de Reserve wachtgelden huidige wethouders, Reserve Co-financieringsfonds N35, Reserve invoeringskosten omgevingswet en de Reserve revolverend fonds energiewerkgroepen Voorzieningen De hoogte van de verschillende voorzieningen bedraagt begin 2023 € 9,7 miljoen.
20
Stortingen en onttrekkingen reserves 2023 bedragen x € 1.000 Begroting OnttrekUltimo kingen 2023
Begroting Ultimo 2022
Stortingen
0 0
-
-
0 0
Algemene Reserve Vrij aanwendbare Reserve Financieringsreserve Bufferreserve grondexploitatie Totaal Algemene Reserve
10.861 7.320 3.155 21.336
293 600 893
- 916 - 916
10.238 7.920 3.155 21.312
Bestemmingsreserves Reserve Salomonsonhuis / zorgpunt Reserve bijzondere bijstand Reserve WWB Reserve groenrenovaties Reserve 1/3-regeling accommodatiebeleid Reserve kunst Reserve rood-voor-rood Reserve reconstructie plattelandsvernieuwing Reserve wachtgelden huidige wethouders Reserve duurzame energiemaatregelen Reserve Co-financieringsfonds N35 Reserve invoeringkosten omgevingswet Reserve revolverend fonds energiewerkgroepen Totaal Bestemmingsreserves
164 286 0 7 162 41 80 136 45 366 741 779 120 2.928
50 100 156 306
- 148 - 240 - 387
164 286 0 7 212 41 80 136 145 375 501 779 120 2.846
Totaal
24.263
1.199
- 1.303
24.159
Reserves Rekeningsaldo Rekeningsaldo te bestemmen Totaal Rekeningsaldo
In bovenstaande tabel staan de stortingen en onttrekkingen in de verschillende reserves weergegeven voor het begrotingsjaar 2023. De grootste mutaties (> € 50.000,--) lichten we hieronder toe. VAR In de VAR storten we in 2023 de volgende bedragen: •
€ 58.000,-- terugbetaling centrumplan Nijverdal
•
€ 185.000,-- generatiepact
•
€ 50.000,-- verbeteren financieringspositie
Uit de VAR onttrekken we in 2023 de volgende bedragen: •
€ 141.000,-- dekking lokale uitvoering WSW
•
€ 267.000,-- dekking integraal plan sociaal en maatschappelijk domein
•
€ 428.000,-- incidentele onttrekkingen voorstellen begroting 2023
Financieringsreserve Jaarlijks wordt € 600.000,-- in de financieringsreserve gestort ter verbetering van onze financieringspositie. Reserve 1/3-regeling accommodatiebeleid In de 1/3-regeling accommodatiebeleid wordt de reguliere storting in de reserve gedaan van € 50.000,--. Reserve wachtgelden huidige wethouders De structurele storting van € 100.000,-- in de reserve is bedoeld voor toekomstige wachtgeldverplichtingen.
21
Reserve duurzame energiemaatregelen De storting in de reserve energiemaatregelen bestaat uit de (verwachte) besparing, de onttrekking bestaat uit de verwachte kosten die worden gemaakt (kapitaallasten). Tevens wordt een deel van de middelen aangewend voor de uitvoering duurzame energievisie. Reserve Co-financieringsfonds N35 Een bedrag van € 240.000,-- wordt ingezet ter dekking van de kosten voor de oversteekbeveiliging kruispunt Haarle met de Rijksweg 35. Geactiveerde voorzieningen Naast de voorzieningen, die we als passiva presenteren, zijn er ook voorzieningen die we aan de activa kant in mindering brengen op het betreffende onderdeel. Om u een beeld te schetsen, vermelden wij deze geactiveerde voorzieningen.
Geactiveerde voorzieningen Geactiveerde voorzieningen Voorziening toekomstige verliezen grondexploitatie Voorziening dubieuze debiteuren algemeen Voorziening dubieuze debiteuren WWB Voorziening dubieuze debiteuren BBZ Totaal Geactiveerde voorzieningen Totaal
Realisatie Ultimo 2021
Begroting Ultimo 2022
Begroting Ultimo 2023
MJR Ultimo 2024
bedragen x € 1.000 MJR MJR Ultimo Ultimo 2025 2026
1.071 402 730 1 2.204
1.026 401 730 1 2.158
907 385 730 1 2.022
925 369 730 1 2.024
1 352 730 1 1.084
1 336 730 1 1.067
2.204
2.158
2.022
2.024
1.084
1.067
Op de geactiveerde voorzieningen wordt aanspraak gemaakt indien de verwachte verliezen daadwerkelijk worden gerealiseerd. De voorziening toekomstige verliezen grondexploitatie is eind 2025 volledig ingezet doordat de grondexploitaties zijn afgerond en de verliezen zijn genomen. Voor de voorzieningen dubieuze debiteuren kan meerjarig nog geen inschatting gemaakt worden. Langlopende geldleningen Het bedrag aan opgenomen langlopende geldleningen daalt vanaf 2016. In 2020 zijn de oude leningen die bij de Bank Nederlandse Gemeenten waren afgesloten, omgezet in één nieuwe lening met een lagere rente. De aflossingstermijn van deze lening is 25 jaar. Hierdoor is de jaarlijkse aflossing een stuk lager dan voorheen. De komende meerjarenperiode verwachten we geen extra leningen te hoeven aantrekken, mede door de vertraging in de uitvoering van investeringen, die mede samenhangen met de coronacrisis. Ook de voorfinanciering van de nieuwbouw van Reggesteyn verwachten we vanuit de bestaande leningen te kunnen financieren. De huidige doorkijk geeft aan dat we ultimo 2026 een langlopende schuld hebben van circa € 92 miljoen. Ook in de jaren daarna verwachten we een beperkte financieringsbehoefte. Wel zien we dat projecten op het gebied van verduurzaming, infrastructuur en onderwijs extra financiële middelen zullen vragen.
Als de huidige prijsstijgingen zich doorzetten, zal dit zich vertalen in een hoger investeringsniveau. In hoeverre dit leidt tot een extra financieringsvraag is afhankelijk van veel elementen, waaronder de gemeentefonds uitkering.
22
Uitzettingen met rentetypische looptijd < 1 jaar Het betreft hier voor een groot deel het overtollige geld dat we hebben uitgezet bij de schatkist. Bij de omzetting van de geldleningen in het voorjaar van 2020 kon niet worden voorzien dat er veel kavels zouden worden verkocht en evenmin dat de uitvoering van investeringen achter zouden blijven door de coronacrisis. Het liquiditeitsoverschot dat we hebben moet worden geparkeerd in de zogenaamde schatkist van het Rijk, maar is altijd op te nemen. Bij het verwachte uitgavenpatroon voor de komende jaren kunnen we hier gebruik van maken zonder nieuwe leningen aan te hoeven trekken. Overige balansposten De overige balansposten (kortlopende vorderingen, liquide middelen en overige vlottende passiva) zijn sterk afhankelijk van incidentele, toevallige factoren, zoals het exacte moment waarop rekeningen worden betaald en inkomsten worden ontvangen. We zijn in onze meerjarenbalans uitgegaan van de gemiddelde standen over de jaarrekeningen van afgelopen jaren. De bedragen worden om deze reden ook op een constant niveau gepresenteerd. Conclusie balanspositie Door de grote investeringen die het afgelopen decennium zijn gedaan en de leningen die daarvoor moesten worden afgesloten, was onze solvabiliteit laag.
Door het beperken van het investeringsniveau en het aanvullen van de algemene reserves hebben we de solvabiliteit inmiddels al verbeterd en de verwachting is dat deze de komende jaren verder zal verbeteren. De komende jaren verwachten we, op basis van de nu bekende informatie, nog geen extra middelen te hoeven aantrekken.
Vennootschapsbelasting Vanaf 2016 zijn gemeenten belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (Vpb) voor ondernemersactiviteiten. De gemeentelijke grondexploitaties vallen hier in principe ook onder, indien ze winstgevend zijn. De Vpb is immers een winstbelasting. Voor het onderdeel grondexploitatie is nu duidelijk dat we voor de jaren t/m 2021 niet fiscaal winstgevend zijn, gezien de vele verliezen die er op de destijds nog lopende grondexploitaties zijn genomen. Nu een deel van deze verliesgevende exploitaties is afgerond in 2021 (Aan de Tuinen) zullen we naar verwachting vanaf 2022 ook Vpb over de grondexploitaties moeten afdragen. Momenteel kan/wil de belastingdienst nog niet aangeven welke uitgangspunten er gelden voor een fiscale openingsbalans in 2022 voor deze grondexploitaties. Het is op dit moment dus nog niet mogelijk een indicatie te geven van te betalen Vpb. Naar verwachting is dit beperkt. Omdat de winsten van de grondexploitaties consequent in de bufferreserve worden gestort, stellen wij u voor om de winstbelasting (Vpb) over het onderdeel grondexploitaties standaard ten laste van de bufferreserve te brengen. De fiscus slaat de gemeenten aan voor de ontvangen middelen wegens reclame-inkomsten op lantaarnpalen, abri’s en rotondes.
Hiervoor hebben we in de begroting meerjarig een stelpost opgenomen van € 12.000,--, gebaseerd op een Vpb-percentage van 15% over de ‘winst’.
23
Incidentele baten en lasten Niet alle baten en lasten keren jaarlijks terug; een deel is van incidentele aard. Voor een goed beeld van de financiele positie is het daarom van belang dat we de begroting corrigeren voor dit soort incidentele zaken. Ook het toezicht vanuit de provincie Overijssel is gericht op het duurzaam financieel evenwicht van de begroting en bijbehorende meerjarenraming van gemeenten. Een van de toetspunten is het materieel evenwicht. Dit betekent dat de structurele lasten worden gedekt door structurele baten. De structurele baten dienen dus gelijk of hoger te zijn dan de structurele lasten. bedragen x € 1.000 Begroting 2023
MJR 2024
02 Jeugd en Wmo Integraal plan Sociaal domein en Maatschappelijk domein Projectplan doorbraakmethode Hervomingsagenda jeugd Projectbudget gezinswerker (project 2022/2023) Nationaal programma Onderwijs: diverse projecten (2022/2023) Sociaal Plein - integraal voorstel Integrale gezondheidsbevordering - integraal voorstel
- 150 - 28 - 125 - 14 - 112 - 15 - 20
- 75 - 28
03 Cultuur, onderwijs en sport Nationaal Programma Onderwijs - diverse projecten (2022/2023) Sportakkoord
- 135 - 20
04 Mobiliteit en bereikbaarheid Garantstellingen en bijdragen kruispunten N35
- 240
- 500
- 41 - 20
- 20
Incidentele baten en lasten
MJR 2025
MJR 2026
Incidentele lasten 01 Werk, economie, recreatie en inkomen
05 Woon en leefomgeving Uitwerken Transitievisie Warmte in 2 wijkuitvoeringsplannen (WUP's) Speelplaatsen Overige klimaatacties Implementatie MyLex legacy Implementatie applicatie voor afvalcontainers (AfvalRIS)
-9 - 10
06 Bestuur, veiligheid en dienstverlening Invoering nieuwe omgevingswet
- 227
- 227
- 20 - 110
- 150
- 45
- 1.000
- 45
-
99 Overhead Implementatie zwembad-automatisering Incidentele kosten Verbeterplan informatie- en archiefbeheer Onderzoekskosten digitale vaardigheid medewerkers Externe begeleiding herziening functiewaardering
- 50
Totaal incidentele lasten
- 1.346
Incidentele baten 03 Cultuur, onderwijs en sport Nationaal Programma Onderwijs - diverse projecten (2022/2023) Sportakkoord
248 20
Totaal incidentele baten
268
-
-
-
- 1.079
- 1.000
- 45
-
Totaal
24
De posten groter dan € 100.000,-- lichten we hieronder toe waarom deze incidenteel aard zijn. Integraal plan Sociaal domein en Maatschappelijk domein Bij de begroting 2022 is budget opgenomen voor de jaren 2022 en 2023 voor een integraal voorstel voor maatschappelijk domein en sociaal domein, waarbij het ons doel is om de transformatie in het zorgdomein verder vorm te geven. Hervomingsagenda jeugd Vooruitlopend op besluitvorming van het nieuwe kabinet over het jeugdhulpbudget voor 2023 en verder, is in 2021 gestart met het nemen van maatregelen en het voorbereiden van een beter houdbaar jeugdstelsel op de lange termijn. In de begroting 2022 was al budget opgenomen en wel twee keer € 125.000,-- voor de jaren 2022 en 2023. Na 2023 hebben we geen projectmiddelen meer, dus de middelen zijn incidenteel. Nationaal programma Onderwijs: diverse projecten (2022/2023) Met het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) heeft het kabinet voor het tijdvak 1 juli 2021 tot 1 augustus 2023 geld beschikbaar gesteld voor het gehele onderwijs en voor gemeenten om de door corona veroorzaakte vertragingen bij leerlingen te herstellen. In totaal gaat het om € 564.000,-- waarvan € 316.000,-- betrekking heeft op projecten die we in 2022 willen uitvoeren en € 248.000,-- wordt bestemd voor projecten in 2023.