CConstaterende datHellendoorn
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota Reserves en voorzieningen 2024

Gemeenteraad 30 januari 2024, gemeente HellendoornBij agendapunt: Nota Reserves en voorzieningen 20247.110 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota Reserves en voorzieningen 2024 januari 2024

Inhoudsopgave 1.

Inleiding ..........................................................................................................................1 Leeswijzer .......................................................................................................................................1 Samenvatting ..................................................................................................................................2

2.

Wettelijk kader en begrippen ..........................................................................................3 Algemeen .......................................................................................................................................3 Reserves .........................................................................................................................................4 Voorzieningen.................................................................................................................................6 Onderscheid reserves en voorzieningen ..........................................................................................8

3.

Beleidskader ..................................................................................................................10 Criteria voor instellen van reserves ............................................................................................... 10 Criteria voor instellen van voorzieningen ...................................................................................... 11 Criteria voor het muteren van reserves ......................................................................................... 11 Criteria voor het muteren van voorzieningen ................................................................................ 11 Criteria voor het opheffen van reserves ........................................................................................ 12 Criteria voor het opheffen van voorzieningen ............................................................................... 12 Verantwoording reserves en voorzieningen .................................................................................. 12

4.

Evaluatie reserves en voorzieningen..............................................................................14 Wijzigingen periode 2018-2023 ..................................................................................................... 14 Voorstellen reserves en voorzieningen.......................................................................................... 15

5.

Inwerkingtreding en citeertitel ......................................................................................22

6. Bijlagen Bijlage A Bijlage B Bijlage C Bijlage D Bijlage E

Verloop reserves en voorzieningen 2018-2023 Stand van de reserves en voorzieningen 2023-2027 Overzicht per reserve Overzicht per voorziening Vrij aanwendbare reserve - Voorfinanciering en gelabelde middelen

1. Inleiding Reserves en voorzieningen zijn onmisbare instrumenten voor een transparante en gedegen financiële bedrijfsvoering en de bepaling van de financiële positie en het financiële vermogen van de gemeente. Uit reserves en voorzieningen kunnen namelijk de kosten en/of uitgaven van nieuw beleid, nieuwe gemeentelijke voorzieningen, financiële tegenvallers, tekorten en risico's worden gedekt. Daarnaast kunnen reserves en voorzieningen worden gebruikt voor een gelijkmatige spreiding van kosten over verschillende jaren om ongewenste schommelingen in de exploitatie tegen te gaan. Reserves en voorzieningen maken integraal onderdeel uit van de financiële positie van de gemeente. De nota Reserves en voorzieningen 2018 is vastgesteld in de gemeenteraad van 30 oktober 2018 en moet worden herzien. Uitgangspunt van deze nota zijn de standen van de reserves en voorzieningen zoals vastgesteld bij de Programmabegroting 2024. Doel van de nota is om:  kaders te stellen hoe om te gaan met reserves en voorzieningen.  te voldoen aan de wet- en regelgeving uit de verordening Financieel beleid, beheer en organisatie gemeente Hellendoorn 2023 en het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV).  de afweging rond het gebruik van reserves en voorzieningen te bevorderen.  te informeren over welke reserves en voorzieningen er zijn.

Expliciet wordt ingegaan op de omvang en het doel waarvoor ze zijn ingesteld.

Leeswijzer In hoofdstuk 2 Wettelijk kader en begrippen beschrijven we het wettelijk kader van de reserves en voorzieningen, welke begrippen er worden gehanteerd, wat de functies zijn en het onderscheid er tussen. Hoofdstuk 3 Beleidskader gaat in op de criteria voor het instellen van reserves en voorzieningen, het muteren van reserves en voorzieningen, het opheffen van reserves en voorzieningen en de verantwoording. De evaluatie van de reserves en de voorzieningen komen in hoofdstuk 4 aan de orde, met de wijzigingen over de periode 2018-2023 en de voorstellen na de evaluatie. In de bijlagen wordt ingegaan op het verloop van de reserves en voorzieningen tussen de jaren 2018 t/m 2027 (bijlage A), de standen reserves en voorzieningen 2023-2027 (bijlage B), een overzicht per reserve (bijlage C) en per voorziening (bijlage D) en een toelichting op de gelabelde middelen binnen de VAR (bijlage E).

1

Samenvatting Voorgesteld wordt om: 1. de nota Reserves en voorzieningen 2018 in te trekken en de nota Reserves en voorzieningen 2024 vast te stellen. 2. De volgende reserves/voorzieningen te wijzigen: 1. Budgetoverhevelingen via de reserve Rekeningsaldo te bestemmen te laten verlopen. 2. De reserve Gelabelde middelen in te stellen. 3. Een bedrag van € 808.910,-- voor co-financieringsbudget, ondersteuning MFA Daarle en liquidatiesaldo Soweco uit de Vrij aanwendbare reserve te storten in de reserve Gelabelde middelen. 4. De reserve Salomonsonhuis / zorgpunt op te heffen wanneer de besteding van de middelen uit de reserve gerealiseerd is op basis van recente besluitvorming. 5. De benaming van de reserve Wet Werk en Bijstand (WWB) te wijzigen in reserve Uitkeringen Participatiewet, IOAW en IOAZ. 6. De reserve Duurzame energiemaatregelen op te heffen, en hierbij € 169.658,-- van het revolverend fonds over te hevelen naar de VAR en € 495.000,-- over te hevelen naar de reserve Gelabelde middelen in afwachting van nadere lokale uitwerking van het Klimaatakkoord. 7. De reserve Kapitaallasten in te stellen. 8. De voorziening ISV op te heffen en het resterende saldo van € 15.076,-- toe te voegen aan de Vrij aanwendbare reserve. 9. De benaming van de voorziening Dubieuze debiteuren WWB te wijzigen in voorziening Dubieuze debiteuren Participatiewet, IOAW en IOAZ. 10.

De benaming van de voorziening Verlofsparen te corrigeren in voorziening Spaarverlof.

2

2. Wettelijk kader en begrippen Algemeen Voor de reserves en voorzieningen zijn de volgende wettelijke kaders van belang:  Verordening Financieel beleid, beheer en organisatie gemeente Hellendoorn 2023 (raadsbesluit 31 oktober 2023, nr. 2023-019260) Hierin is het volgende opgenomen met betrekking tot reserves en voorzieningen: Artikel 16 Reserves en voorzieningen 1. Het college van B en W biedt de raad ten minste één maal per vier jaar een (bijgestelde) nota Reserves en voorzieningen aan. 2. De nota behandelt minimaal: a. de vorming en besteding van reserves; b. de vorming en besteding van voorzieningen; c. de minimale en maximale omvang van de reserves en voorzieningen.

 

Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV), artikel 42 t/m 45. De ‘stellige uitspraken’ van de commissie BBV, die onder andere is ingesteld ter bewaking van de nieuwe regelgeving.

Functies reserves en voorzieningen

Er worden op basis van het BBV een aantal functies onderscheiden voor reserves en voorzieningen: Bufferfunctie Hiermee wordt het mogelijk gemaakt om onverwachte tegenvallers op te vangen om zodoende de continuïteit te waarborgen. De reserve is in principe bedoeld als buffer voor het opvangen van risico’s, waarvan de financiële gevolgen vooraf niet redelijkerwijs zijn in te schatten. Bestedingsfunctie De bestemmingsreserves en voorzieningen zijn ingesteld met een bepaald (beleids)doel. De besteding ligt vast. Dit kan een concreet doel zijn, maar ook ongelimiteerde doelen, waarvoor steeds naar behoefte een beroep op de reserve wordt gedaan. Financieringsfunctie De Wet Financiering decentrale overheden (Wet Fido) beoogt een solide financieringswijze van de decentrale overheden te bevorderen en schommelingen van rentelasten zo veel mogelijk te beperken. De financiering van kapitaalgoederen kan geschieden door het gebruiken van de reserves en voorzieningen of door het aantrekken van vaste geldleningen.

3

Inkomensfunctie De gemeente berekent geen rente en/of dividend over het eigen vermogen en de voorzieningen. In het verleden werd de rente echter wel berekend en voor het grootste deel werd dit als algemeen dekkingsmiddel gebruikt (zogenaamde bespaarde rente). Met ingang van begrotingsjaar 2017 wordt deze functie niet meer gebruikt (raadsbesluit nota Reserves en voorzieningen 2018). Onderstaand zijn uitzonderingen waarbij we de reserves en voorzieningen jaarlijks verhogen door indexatie of een dotatie voor rentelasten:  Bij voorzieningen die tegen een contante waarde worden gewaardeerd. Dan wordt bij de bepaling van de hoogte van de jaarlijkse toevoeging aan de voorziening uitgegaan van een lagere omvang dan de omvang die de voorziening over enige tijd moet hebben. Er is dan echter geen sprake van een rentetoevoeging, maar het op peil brengen van de voorziening middels een storting. Dit geldt voor bijvoorbeeld bij de voorziening Toekomstige verliezen grondexploitatie, de voorziening APPA en voorziening APPA ingegane pensioenen. Jaarlijks wordt de benodigde omvang berekend op basis van contante waarde. Daarom vindt er jaarlijks indexatie plaats.  Bij onderhoudsvoorzieningen welke jaarlijks worden geïndexeerd op basis van de verwachte prijsinflatie, zoals bij de voorziening Onderhoud civiele kunstwerken en de voorziening Onderhoud wegen.

 Bij reserves die ingezet worden als dekkingsmiddel voor kapitaallasten. Het investeringsbedrag is gelijk aan de jaarlijkse afschrijvingslasten. Voor de rentelasten is geen bedrag beschikbaar. Door jaarlijks een bedrag toe te voegen aan de reserve, op basis van het dan geldende rente-omslagpercentage kunnen de volledige kapitaallasten gedekt worden. Egalisatiefunctie Reserves kunnen worden gevormd om baten en lasten over de jaren heen gelijkmatig te verdelen. Extreme pieken en dalen in de exploitatiebegroting kunnen zo worden vermeden. Zo ook kunnen ongewenste schommelingen in tarieven die aan derden in rekening worden gebracht middels een egalisatiereserve worden opgevangen. Verplichtingenfunctie De verplichtingenfunctie heeft betrekking op voorzieningen. Een voorziening heeft een karakter van een verplichting waarvoor de benodigde middelen beschikbaar moeten zijn.

Reserves Reserves vormen een onderdeel van het eigen vermogen. Reserves worden gebruikt om risico’s op te vangen, kosten over meerdere jaren te verdelen of om alvast budget opzij te zetten voor toekomstige uitgaven. Reserves zijn vrij te bestemmen. De raad kan aan een reserve een bepaalde bestemming geven, maar er is geen sprake van een verplichting jegens derden, en kan dan ook weer ongedaan worden gemaakt. Het BBV schrijft het volgende voor op het gebied van reserves:

4

Artikel 42 1. Het eigen vermogen bestaat uit de reserves en het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening. 2. Het in het eerste lid bedoelde resultaat wordt afzonderlijk opgenomen als onderdeel van het eigen vermogen. Artikel 43 1. In de balans worden de reserves onderscheiden naar: a. de algemene reserve; b. de bestemmingsreserves. 2. Een bestemmingsreserve is een reserve waaraan provinciale staten respectievelijk de raad een bepaalde bestemming heeft gegeven.

We maken onderscheid tussen algemene reserves, bestemmingsreserves en stille reserves. Algemene reserves

De algemene reserves dienen als buffer voor exploitatieverliezen en het opvangen van risico’s in algemene zin. De Vrij aanwendbare reserve (VAR), de Financieringsreserve en de Bufferreserve grondexploitatie vormen samen ons beschikbaar weerstandsvermogen. Dit is het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico’s in financiële zin af te dekken. Er rusten geen verplichtingen op algemene reserves, er is door de gemeenteraad geen bestemming gegeven en is hierdoor in beginsel vrij besteedbaar. De gemeente Hellendoorn onderscheidt drie algemene reserves: Vrij aanwendbare reserve (VAR) De Vrij aanwendbare reserve wordt gebruikt om de verschillen tussen begrote en werkelijke uitgaven op te vangen zoals de saldi op basis van begroting, bestuurs- en najaarsrapportage en jaarrekening, alsmede voor de bekostiging van incidentele uitgaven die de post “onvoorzien” te boven gaan. Tevens maakt de VAR maakt deel uit van ons beschikbaar weerstandsvermogen. Financieringsreserve De reserve heeft als doel het verbeteren van de financieringspositie: Vanaf 2011 worden middelen toegevoegd om de financieringspositie te verbeteren. De Financieringsreserve maakt ook deel uit van ons beschikbaar weerstandsvermogen.

Bufferreserve grondexploitatie De Bufferreserve grondexploitatie dient als financiële buffer voor het opvangen van financiële tegenvallers in grondexploitaties en vastgoed/grondtransacties. De bufferreserve is opgebouwd uit twee onderdelen. Het eerste onderdeel is ter dekking van de risico’s die worden gelopen bij het ontwikkelen van bouwgrondexploitaties. Het tweede onderdeel betreft het egalisatiedeel voor boekwinsten en -verliezen vastgoedverkopen en winsten en verliezen op grondexploitaties. Voor beide onderdelen wordt een minimum omvang berekend, maar tussen de onderdelen mag worden geschoven indien een van de onderdelen een overschot heeft en het andere onderdeel niet toereikend is. Tevens maakt de bufferreserve onderdeel uit van beschikbaar weerstandsvermogen.

5

Bestemmingsreserves

Een bestemmingsreserve is een reserve waaraan een bestemming is gegeven (BBV art. 43.2). Het is een vastgelegde aanwending, maar in tegenstelling tot een voorziening, geen financiële verplichting. Redenen voor het instellen van een bestemmingsreserve zijn:  Als egalisatie: het gelijkmatig verdelen van baten en lasten om schommelingen in de exploitatie of tarieven aan derden op te vangen.  Besteding: een reserve om nu, of wanneer het nodig is de realisering van activiteiten of projecten mogelijk te maken en de lasten te kunnen dekken. Reserve Rekeningsaldo te bestemmen In artikel 42 van het BBV is vastgelegd dat het rekeningresultaat voor bestemming in een aparte reserve wordt weergegeven. Het rekeningsaldo van het jaar wordt aan deze reserve toegevoegd/onttrokken. Bij de behandeling van de jaarrekening geeft de raad aan hoe het saldo wordt bestemd. Stille reserves

Stille reserves bestaan uit het verschil tussen de boekwaarde en de marktwaarde van activa, zoals de gemeentelijke gebouwen en aandelen. Deze stille reserves staan niet op de balans maar worden, indien getaxeerd, wel vermeld in de toelichting van de balans. Ook worden eigendommen van de gemeente die niet zijn geïnventariseerd, bijvoorbeeld stukjes grond, die niet op de balans of in de toelichting genoemd zijn tot stille reserves gerekend.

Voorzieningen Een voorziening wordt getroffen voor toekomstige uitgaven en verwachte verliezen in de exploitatie. Uitgangspunt hierbij is dat de hoogte van de uitgave of het verlies reëel in te schatten is. Van een voorziening is dus sprake als het gaat om te kwantificeren financiële verplichtingen of risico’s. Wanneer een risico niet kwantificeerbaar is moet deze als risico worden opgenomen worden in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing bij de begroting en jaarrekening. De besteding van een voorziening ligt altijd vast en kan niet worden gewijzigd zonder onderbouwing.

6

Artikel 44 1. Voorzieningen worden gevormd wegens: a. verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten; b. op de balansdatum bestaande risico's ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten; c. kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren; d. de bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven als bedoeld in artikel 35, eerste lid, onder b. 2. Tot de voorzieningen worden ook gerekend van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden, met uitzondering van de voorschotbedragen, bedoeld in artikel 49, onderdeel b. 3. Voorzieningen worden niet gevormd voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. Artikel 45 Rentetoevoegingen aan voorzieningen zijn niet toegestaan.

Soorten voorzieningen

Onderhoudsvoorzieningen Onderhoudsvoorzieningen worden gevormd voor kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren. Maar niet al deze kostenposten leiden tot een voorziening, omdat er tal van voorbeelden zijn te noemen dat dergelijke posten direct in de begroting als exploitatielast worden opgenomen. Om duidelijkheid te scheppen welke posten wel en welke posten niet als voorziening worden ingeboekt, volgen hieronder criteria waaraan dient te worden voldaan. Voor de goede orde wordt nog opgemerkt dat de hierna genoemde voorwaarden als algemene richtlijnen dienen te worden beschouwd, waarvan in individuele situaties kan worden afgeweken. 1. Er is sprake van groot onderhoud. Klein onderhoud moet in de exploitatie worden verantwoord. 2. Er moet sprake zijn van cyclisch onderhoud. Immers, het heeft geen toegevoegde waarde om jaarlijkse gelijkblijvende kosten ten laste van een voorziening te brengen. 3. Er moet altijd een onderliggend (actueel) beheerplan met concrete en actuele ramingen zijn, waarbij het beheerplan een-op-een loopt met de bijbehorende voorziening.

Dit beheerplan moet periodiek worden herzien, zodat er een actuele onderbouwing is van de hoogte van de voorziening. Onderhoudsvoorzieningen binnen de gemeente Hellendoorn zijn de voorziening Onderhoud wegen en de voorziening Civiele kunstwerken.

7

Egalisatievoorzieningen Egalisatievoorzieningen hebben als doel om jaarlijks een tekort of overschot op de exploitatie te egaliseren door deze toe te voegen aan dan wel te onttrekkingen uit de voorziening. Van deze soort voorziening wordt gebruikt gemaakt bij de voorzieningen Egalisatie afvalstoffenheffing en Egalisatie rioolheffing.

Onderscheid reserves en voorzieningen Het kenmerkende onderscheid tussen reserves en voorzieningen is als volgt: Onderdeel

Reserves

Voorzieningen

Vorming

Worden gevormd door bestemming van het resultaat (kan-bepaling)

Besteding

Zijn vrij besteedbaar

Zijn verplicht gevormd door het nemen van een last (zal-bepaling) Hebben een verplichte bestedingsrichting

Onderdeel van

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

Wijziging bestemming

Mogelijk

Niet mogelijk

Opbouw-storting/dotatie

Resultaatbestemming

Resultaatbepaling

Onttrekking/aanwending

Resultaatbestemming

Rechtstreeks in mindering brengen op de voorziening, buiten de exploitatie om (indien mogelijk)

Aanwending vrij

Ja, mits raadsbesluit

Alleen voor het betreffende doel

Financieel onderbouwd

Nee, soms wel bij een bestemmingsreserve

Ja

Instrument van

Raad (financieel beleid)

College van B en W (financieel beheer)

Verantwoordelijk voor instellen/opheffen

Raad

Raad

Verantwoordelijk voor storting/onttrekking

Raad

College van B en W

Resultaatbepaling en resultaatbestemming zijn belangrijke onderwerpen in het kader van de reserves en voorzieningen. Dit is van belang omdat stortingen verschillend worden beoordeeld.  Resultaatbepaling: Het zichtbaar maken van winst of verlies binnen de exploitatie van de gemeente.  Resultaatbestemming: Het geven van een bestemming aan het bepaalde resultaat door middel van winstverdeling of dekking van het verlies. De bestemming heeft in tegenstelling tot de resultaatbepaling betrekking op het vermogen (balans). In het BBV is bepaald dat per programma de baten en lasten worden bepaald. Hieruit volgt het resultaat voor bestemming ofwel het saldo van baten en lasten. Vervolgens worden de onttrekkingen dan wel de toevoegingen op de reserves verantwoord en ontstaat het resultaat na bestemming, kortweg resultaat.

8

Resultaatbestemming bij reserves De stortingen en onttrekkingen aan reserves zijn onderdeel van de resultaatbestemming. Stortingen en onttrekkingen aan reserves kunnen pas plaatsvinden, nadat het exploitatieresultaat is bepaald en de raad besluit tot bestemming van dit resultaat. Conform het BBV kunnen er geen tussentijdse verrekeningen plaatsvinden tussen de reserves en de exploitatie voordat het resultaat is bepaald. Verrekeningen tussen reserves en exploitatie dienen onderdeel uit te maken van de resultaatbestemming. Raadsbesluiten, waarin tot mutaties in reserves is besloten, worden wel in de jaarrekening verwerkt, maar maken deel uit van de resultaatbestemming. Resultaatbepaling bij voorzieningen Voorzieningen worden gevormd door gebeurtenissen die zich hebben voorgedaan in het verleden of in het begrotingsjaar zelf en waarvoor toekomstige uitgaven worden verwacht. Minimaal ieder jaar moet worden beoordeeld of de voorziening nog toereikend is. Stortingen in en vrijval van voorzieningen die in samenhang hiermee worden gedaan vormen lasten of baten voor het betreffende begrotingsjaar. Deze lasten en baten zijn onderdeel van het resultaat en daarmee van de resultaatbepaling.

9

3. Beleidskader In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de specifieke aandachtspunten met betrekking tot de reserves en voorzieningen. Afzonderlijk wordt ingegaan op de criteria voor het instellen, muteren en opheffen van reserves en van voorzieningen.

Criteria voor instellen van reserves Algemeen uitgangspunt is het streven naar een zo beperkt mogelijk aantal reserves. De gemeenteraad stelt bij het instellen van een bestemmingsreserve vast:  De omschrijving en het doel;  De looptijd;  Minimum en maximum omvang (+ onderbouwing);  Hoe de dekking van de reserve geregeld is;  Het maken van afspraken over het instellen, stortingen, aanwenden en opheffen van de reserve. Met de volgende uitgangspunten:  Het zoveel mogelijk beperken van (bestemmings)reserves, zowel qua aantal als qua omvang. Het beperken van de reserves bevordert de inzichtelijkheid in de financiële positie van de gemeente. Als het gaat om het realiseren van een bepaald beleidsdoel, loopt dit zoveel mogelijk via de exploitatie. Daar vindt ook de integrale afweging plaats. Voorkomen moet worden dat de aanwezigheid van veel bestemmingsreserves leidt tot uitholling van het bestuurlijk afwegingsproces. Een beperkt aantal reserves geeft daarnaast een beter overzicht en inzicht.  Voor bedragen kleiner dan € 50.000,-- worden geen nieuwe reserves gevormd, maar de geraamde lasten komen direct ten laste van de exploitatie.  Voor bestemmingen waarbij over de uitwerking en de uiteindelijke besteding nog niet eenduidig door de gemeenteraad is besloten, een nieuwe bestemmingsreserve te vormen.  Voor structurele lasten geen reserves worden gevormd.

Uitzondering is de nieuwe reserve Kapitaallasten.  De looptijd van een reserve is minimaal twee jaar. Uitzondering is de nieuwe reserve Gelabelde middelen.  We rekenen geen rente toe aan reserves tenzij hier een expliciet besluit over wordt genomen.  Indien een reserve onder de minimale omvang komt of negatief dreigt te worden, zullen dusdanige maatregelen worden genomen dat de reserve binnen drie jaar weer de minimum omvang heeft bereikt. Indien een reserve boven de maximum omvang uit komt, wordt het meerdere in principe afgeroomd ten gunste van de VAR.

10

Criteria voor instellen van voorzieningen In artikel 44 van de BBV staat beschreven wanneer de gemeenteraad een voorziening instelt. De toelichting van artikel 44 is terug te lezen in hoofdstuk 2 Wettelijk kader en begrippen, Voorzieningen.

Criteria voor het muteren van reserves Toevoegingen dienen om de reserve op een gewenst niveau te krijgen. Bestemmingsreserves worden ingezet voor het beleid conform besluitvorming van de gemeenteraad. Nut en noodzaak moeten duidelijk zijn om de reserve te handhaven. Mutaties op basis van realisatie Bij de begroting wordt inzicht gegeven in de stand en de ontwikkeling van de reserves. De gemeenteraad staat met het vaststellen van de begroting de voorgenomen onttrekkingen en stortingen in de reserves toe (budgetrecht van de raad). Tussentijdse wijzigingen op reserves worden gerapporteerd via de tussentijdse rapportages of specifieke raadsvoorstellen. In de realisatie (jaarrekening) kunnen mutaties in de reserves alleen plaatsvinden tot maximaal het bedrag dat door de gemeenteraad is goedgekeurd, tenzij de gemeenteraad het college van B en W heeft gemandateerd. Daarboven is een raadsbesluit noodzakelijk. Indien in de realisatie blijkt dat onttrekkingen aan reserves lager zijn dan geraamd, dan wordt onttrokken op basis van de realisatie. Een uitzondering vormen de egalisatiereserves. Deze zijn bedoeld voor de egalisatie van ongewenste grote schommelingen van lasten en baten in een afgebakend deel van de begroting. De gemeenteraad bepaald waartoe egalisatiereserves in het leven worden geroepen.

De stortingen en onttrekkingen worden op basis van werkelijkheid verricht en indien deze afwijken van de raming is hiervoor geen afzonderlijk raadsbesluit noodzakelijk.

Criteria voor het muteren van voorzieningen Een voorziening moet op niveau zijn, gerelateerd aan een plan of berekening. Er kan toegevoegd of onttrokken worden wanneer blijkt dat de voorziening niet meer op het juiste niveau is. Het college van B en W is hiervoor bevoegd. Oorzaken hiervoor kunnen zijn wanneer het specifieke bestedingsdoel (of een deel daarvan) waarvoor de voorziening is ingesteld, daadwerkelijk is gerealiseerd of wanneer een risico waarvoor de voorziening is ingesteld, groter is geworden. Bij de voorzieningen wordt gekeken naar: 1. Is er sprake van:  Een egalisatiemotief, waarvan de oorzaak zijn oorsprong vindt in eerdere begrotingsjaren;  Verplichtingen en verliezen, waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten;  Een bestedingsgebonden bijdrage van derden;  Een daadwerkelijk risico dat adequaat is onderbouwd; 2. Heeft de voorziening de juiste omvang.

11

3. Is het risico dat wordt afgedekt van materiële betekenis. 4. Het maken van afspraken over het instellen, stortingen, aanwenden en opheffen van de voorziening. 5. Het maken van afspraken over de hoogte en duur van de voorziening.

Criteria voor het opheffen van reserves De algemene reserves kunnen niet opgeheven worden omdat deze onderdeel zijn van ons weerstandsvermogen. Bestemmingsreserves kunnen opgeheven worden wanneer het doel bereikt is waarvoor de reserve is ingesteld of wanneer de bestemming is komen te vervallen. Bij het opheffen van een reserve valt het resterend saldo vrij in de VAR.

Criteria voor het opheffen van voorzieningen Een voorziening wordt door de gemeenteraad opgeheven wanneer één van de volgende zaken komt te vervallen of is gerealiseerd: • De achterliggende verplichting; • Het verlies; • Het risico; • De vastgestelde specifieke besteding. Bij het opheffen van een voorziening valt het resterende saldo vrij en wordt deze gestort in de VAR.

Verantwoording reserves en voorzieningen Een reserve of voorziening wordt ingesteld om middelen toe te wijzen voor een bepaald (beleids)doel. Het vastleggen van middelen is een bevoegdheid van de gemeenteraad. Reserves en voorzieningen worden dus ingesteld en opgeheven door een besluit van de gemeenteraad. Voor alle voorzieningen geldt dat er een duidelijke verplichting en verantwoording aan ten grondslag ligt. Die verantwoording kan de vorm hebben van een onderhoudsplan, jaarrekening of een beargumenteerde berekening. Jaarlijks wordt bij het opstellen van de programmabegroting en de jaarrekening de reserves en voorzieningen kritisch beoordeeld. Waar nodig vindt bijstelling plaats, dit kan ook middels de tussentijdse rapportages of expliciete besluitvorming. Verantwoording bij de jaarrekening vindt plaats op basis van artikel 54 en 55 van de BBV.

12

Artikel 54 1. In de toelichting op de balans worden de aard en reden van elke reserve en de toevoegingen en onttrekkingen daaraan toegelicht. 2. Per reserve wordt het verloop gedurende het jaar in een overzicht weergegeven. Daaruit blijken: a. het saldo aan het begin van het begrotingsjaar; b. de toevoegingen of onttrekkingen uit hoofde van het voorgaande boekjaar; c. de toevoegingen of onttrekkingen bij het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening; d. de verminderingen in verband met afschrijvingen op activa waarvoor een specifieke bestemmingsreserve is gevormd; e. het saldo aan het einde van het begrotingsjaar. Artikel 55 1. In de toelichting op de balans worden de aard en reden van de voorzieningen, bedoeld in artikel 44 en de wijzigingen daarin toegelicht. 2. er voorziening wordt het verloop gedurende het jaar in een overzicht weergegeven. Daaruit blijken: a. het saldo aan het begin van het begrotingsjaar; b. de toevoegingen; c. ten gunste van de rekening van baten en lasten vrijgevallen bedragen; d. de aanwendingen; e. het saldo aan het einde van het begrotingsjaar.

Ook wordt in de programmabegroting en de jaarrekening de staat van reserves en voorzieningen opgenomen. Daarnaast geeft de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing in de programmabegroting en jaarrekening inzicht in de weerstandscapaciteit, de risico’s en het weerstandsvermogen.

13

4. Evaluatie reserves en voorzieningen Wijzigingen periode 2018-2023 In de periode 2018-2022 is er een aantal besluiten genomen omtrent reserves en voorzieningen met betrekking tot instellen, wijzigen en opheffen. In bijlage A is het verloop van de (totaal)standen over de jaren 2018-2027 weergegeven in een grafiek. Bijlage B laat de standen van de verschillende reserves en voorzieningen over de periode 2023-2027 zien. In het overzicht hieronder worden de wijzigingen over de afgelopen periode benoemd. Hieronder wordt expliciet op de wijzigingen van de reserve Armoede- en schuldenaanpak, de reserve Kunst en de voorziening Toekomstige verliezen grondexploitatie ingegaan omdat bij deze onderdelen de condities zijn gewijzigd. Reserves en Voorzieningen

Wijzigingen

407 Reserve Armoede- en schuldenaanpak

Naam en voorwaarden (vm reserve Bijzondere bijstand), Najaarsrapportage 2022*

420 Reserve Sociaal domein

Opgeheven, Jaarrekening 2019

415 Reserve Kunst

Motie Programmabegroting 2022*

423 Reserve Invoeringskosten omgevingswet

Nieuw, Bestuursrapportage 2020

424 Reserve Revolverend fonds energiewerkgroepen

Nieuw, Programmabegroting 2022

425 Reserve Statushouders en ontheemden (Oekraïne)

Nieuw, Najaarsrapportage 2022

702 Voorziening Toekomstige verliezen grondexploitatie activa

Splitsing voorziening in een geactiveerd deel (702) en een gepassiveerd deel (712), jaarrekening 2022*

712 Voorziening Toekomstige verliezen grondexploitatie passiva

Zie bij 702*

721 Voorziening Openbare verlichting

Opgeheven, Jaarrekening 2018

724 Voorziening Onderhoud civiele kunstwerken

Nieuw miv 2022, Strategisch beheerplan civiele kunstwerken 2021 t/m 2025

725 Voorziening Verlofsparen

Nieuw, Najaarsrapportage 2023

* De wijzigingen van de reserves en voorzieningen worden hieronder nader toegelicht.

407 Reserve Armoede- en schuldenaanpak

Bij de Najaarsrapportage 2022 is besloten de benaming van de reserve Bijzondere bijstand te wijzigen in de reserve Armoede- en schuldenaanpak. Hierbij is ook besloten om het maximum van € 300.000,-- los te laten. De reserve Armoede- en schuldenaanpak heeft als doel schommelingen in de uitgaven op het terrein van armoede- en schuldenaanpak te egaliseren en de reserve is daarnaast inzetbaar om knelpunten op het terrein van armoede en schulden bij inwoners of instanties op te lossen. Onder de uitgaven armoede- en schuldenaanpak verstaan we de uitgaven voor de producten bijzondere bijstandsverlening (inclusief collectieve zorgverzekering) en schuldhulpverlening.

14

415 Reserve Kunst

De reserve Kunst is bij de ombuigingen in 2019 (1e en 2e tranche) volledig ingezet. Tijdens de behandeling van de Programmabegroting 2022, op 9 november 2021, is de motie: Ruimte voor Kunst aangenomen met de oproep “Er weer beleid van maken om bij een positief resultaat van de jaarrekening, 1% van dit resultaat ten goede te laten komen aan de ‘bestemmingsreserve Kunst’.” In 2023 is 1% van het rekeningsaldo 2022, een bedrag van € 54.730,-- in de reserve gestort. 702 en 712 Voorziening Toekomstige verliezen grondexploitatie - activa en passiva

Bij de jaarrekening 2022 is de voorziening Toekomstige verliezen grondexploitatie - passiva ingesteld. De grondslag hiervan is opgenomen in de notitie Grondbeleid in begroting en jaarstukken 2019 van de commissie BBV. De verwachte verliezen van grondexploitaties moeten worden afgedekt door een voorziening. Indien de ontwikkelingen in (één of meerdere) grondexploitaties hiertoe aanleiding laten zien, wordt extra gerapporteerd aan de gemeenteraad. In de meeste gevallen wordt de voorziening Toekomstige verliezen grondexploitatie - activa (nr. 702) gebruikt. Indien zich een bepaalde situatie in de verliezen en boekwaarden voordoet, moet boekhoudkundig (een deel van) de voorziening voor een grondexploitatie aan de passiva-zijde van de balans gepresenteerd worden (nr. 712). De functie van de voorzieningen is echter volledig gelijk: het waarborgen van het kunnen dekken van het verwachte verlies.

Voorstellen reserves en voorzieningen Bij de herziening van deze nota zijn de reserves en voorzieningen geëvalueerd. Bij de evaluatie van de reserves en voorzieningen is bekeken of het doel van de reserve en de minimum en maximum omvang nog actueel is. Onderstaand overzicht laat zien welke reserves en voorzieningen we binnen de gemeente Hellendoorn hebben, de stand per 31 december 2023 en ons voorstel na de evaluatie. Hierna worden specifieke voorstellen nader toegelicht. Voor een uitgebreidere toelichting op de reserves en voorzieningen verwijzen wij naar bijlage C en D.

15

Reserves en voorzieningen

Voorstel

Stand 31-12-2023

Begrotings- Stand 31-12-2023 wijziging na wijziging

RESERVES Reserve Rekeningsaldo 201 Reserve Rekeningsaldo te bestemmen Totaal Reserve rekeningsaldo

handhaven-wijziging*

Algemene reserves 101 Vrij aanwendbare reserve 102 Financieringsreserve 103 Bufferreserve grondexploitatie Totaal Algemene reserves

handhaven-wijziging* handhaven-wijziging* handhaven-wijziging*

Bestemmingsreserves 406 Reserve Salomonsonhuis / zorgpunt 407 Reserve Armoede- en schuldenaanpak 409 Reserve WWB -> Reserve Uitkeringen PW, IOAW en IOAZ 411 Reserve Groenrenovaties 414 Reserve 1/3-Regeling accommodatiebeleid 415 Reserve Kunst 416 Reserve Rood-voor-rood 418 Reserve Reconstructie plattelandsvernieuwing 419 Reserve Wachtgelden huidige wethouders 421 Reserve Duurzame energiemaatregelen 422 Reserve Co-financieringsfonds N35 423 Reserve Invoeringkosten Omgevingswet 424 Reserve Revolverend fonds energiewerkgroepen 425 Reserve Statushouders en ontheemden (Oekraïne) 426 Reserve Gelabelde middelen 427 Reserve Kapitaallasten Totaal Bestemmingsreserves

opheffen na besteding* handhaven handhaven-wijziging* handhaven iav groenbeleidsplan* handhaven handhaven handhaven handhaven handhaven opheffen* handhaven handhaven handhaven handhaven nieuw* nieuw*

0 0

19.253.752 8.537.379 3.538.902 31.330.033

0

-624.176

-624.176

0 0

18.629.576 8.537.379 3.538.902 30.705.857

163.883 715.831 0

163.883 715.831 0

7.454 210.497 65.580 79.751 136.102 145.000 664.658 740.728 885.156 120.000 2.264.992 0 0 6.199.632

7.454 210.497 65.580 79.751 136.102 145.000 0 740.728 885.156 120.000 2.264.992 1.303.910 0 6.838.884

-664.658

1.303.910 639.252

VOORZIENINGEN 701 Voorziening ISV 702 Voorziening Toekomstige verliezen grex - activa 703 Voorziening Parkeerbeleid 704 Voorziening Privatisering was- en kleedruimten 709 Voorziening APPA 710 Voorziening Wachtgelden oud-wethouders 712 Voorziening Toekomstige verliezen grex - passiva 715 Voorziening Wachtgelden voormalig personeel 716 Voorziening Dubieuze debiteuren algemeen 717 Voorziening Dubieuze debiteuren WWB -> Voorziening Dubieuze debiteuren PW, IOAW en IOAZ 718 Voorziening Egalisatie afvalstoffenheffing 719 Voorziening Egalisatie rioolheffing 720 Voorziening Dubieuze debiteuren BBZ 722 Voorziening Onderhoud wegen 723 Voorziening Appa ingegane pensioenen 724 Voorziening Onderhoud civiele kunstwerken 725 Voorziening Verlofsparen -> Voorziening Spaarverlof Totaal Voorzieningen

opheffen* handhaven handhaven handhaven handhaven handhaven handhaven handhaven handhaven handhaven-wijziging *

15.076 461.467 46.107 470.000 1.579.200 249.424 0 0 339.184 782.921

handhaven handhaven handhaven ivm ontwikkelingen* handhaven handhaven handhaven handhaven-wijziging *

1.545.953 1.867.749 0 1.284.375 2.979.442 109.982 0

-15.076

0 461.467 46.107 470.000 1.579.200 249.424 0 0 339.184 782.921 1.545.953 1.867.749 0 1.284.375 2.979.442 109.982 0

11.730.880

-15.076

11.715.804

Totaal 49.260.544 * De voorstellen van de reserves en voorzieningen worden hieronder nader toegelicht. Alle overige informatie per reserve/voorziening is terug te vinden onder bijlage C en D van deze nota.

0

49.260.544

16

201 Reserve Rekeningsaldo te bestemmen

Doel van deze reserve is dat het rekeningsaldo van het jaar aan deze reserve wordt toegevoegd/onttrokken. Bij de behandeling van de jaarrekening geeft de raad aan hoe het saldo wordt bestemd. Budgetoverheveling/Bestemming rekeningresultaat Jaarlijks is er de mogelijkheid om budgetten over te hevelen naar het volgende jaar. Voor budgetoverhevelingen wordt nu de VAR ingezet. Hierdoor wordt het beeld van het vrij besteedbaar saldo van de VAR vertroebeld. De reserve Rekeningsaldo te bestemmen is hier een beter instrument voor vanwege het financieel-technische karakter. Voorgesteld wordt om budgetoverhevelingen via de reserve Rekeningsaldo te bestemmen te laten verlopen. 101 Vrij aanwendbare reserve (VAR)

De VAR is één van onze algemene reserves (zie ook onder hoofdstuk 2). De VAR wordt ingezet om de verschillen tussen begrote en werkelijke uitgaven op te vangen zoals de saldi op basis van begroting, bestuurs- en najaarsrapportage en jaarrekening, alsmede voor de bekostiging van incidentele uitgaven die de post “onvoorzien” te boven gaan. Daarnaast maakt de VAR deel uit van ons weerstandsvermogen. De VAR wordt tevens ingezet bij budgetoverhevelingen, voorfinanciering bij projecten en tijdelijk gelabelde middelen. Deze onderdelen vertroebelen het beeld van het vrij besteedbaar saldo van de VAR. Voor de budgetoverhevelingen vinden we de oplossing door hiervoor de reserve Rekeningsaldo te bestemmen in te zetten. De budgetoverhevelingen worden nader toegelicht onder het kopje 201 Reserve Rekeningsaldo te bestemmen. Hieronder gaan we in op de voorfinanciering en de gelabelde middelen. In bijlage E Vrij aanwendbare reserve - Voorfinanciering en gelabelde middelen worden de afzonderlijke onderdelen apart toegelicht. Voorfinanciering Bij voorfinanciering wordt eerst een bedrag uit de VAR onttrokken en daarna over een bepaalde periode weer teruggestort in de VAR. Deze projecten verlopen budgettair neutraal. De huidige lopende projecten zijn: centrumplan Nijverdal - afschaffing betaald parkeren, Generatiepact en de Vitaliteitsregeling.

Omdat er eerst middelen uit de VAR worden onttrokken blijft het minimale saldo van de reserve in beeld. Daarom blijven deze constructies via de VAR verlopen. Een andere reserve inzetten heeft geen nut, omdat er wel eerst een beschikbaar saldo in deze reserve aanwezig moet zijn. Gelabelde middelen Door besluitvormig van de raad kan een deel van de middelen in de VAR een bestemming als zogenaamd tijdelijk label krijgen. Er zit een claim op maar de middelen kunnen niet direct bestemd worden.

17

Door deze middelen in de aparte bestemmingsreserve te plaatsen maken ze geen deel meer uit van het vrij besteedbare saldo van de VAR. Voorgesteld wordt om de reserve Gelabelde middelen in te stellen. Onder 426 Reserve Gelabelde middelen wordt verder ingegaan op deze nieuwe reserve. Een aantal labels kunnen komen te vervallen (zie bijlage E voor een nadere toelichting). Deze zijn: * Werkbudget NPSH (€ 83.000,--), er zijn structurele middelen toegekend in 2020; * Coronamiddelen (geen specificatie door diverse saldi); * Versnellen woningbouw (middelen van € 600.000,--, toegekend aan de exploitatie). De volgende gelabelde middelen dienen gehandhaafd te blijven (zie tevens bijlage E): * Co-financieringsbudget (€ 158.910,--); * Ondersteuning MFA Daarle (€ 150.000,--); * Liquidatiesaldo Soweco voor toekomstige kosten sociale werkvoorziening (€ 500.000,--). Voorgesteld wordt een bedrag van € 808.910,-- voor co-financieringsbudget, ondersteuning MFA Daarle en liquidatiesaldo Soweco uit de Vrij aanwendbare reserve te storten in de reserve Gelabelde middelen. 102 Financieringsreserve

Het oorspronkelijke doel van deze reserve is de compensatie van het weggevallen dividend van verkochte aandelen. De winst uit deze verkoop werd gestort in deze Financieringsreserve. De renteopbrengst uit deze reserve moest het wegvallende dividend compenseren Dit is niet meer van toepassing sinds we geen rente meer toerekenen aan de reserves. De reserve wordt nu gebruikt als algemene reserve, ter verbetering van onze financieringspositie. Jaarlijks wordt er € 600.000,-- gestort in de reserve (raadsbesluit Evaluatie financieringspositie, 4 februari 2020). Daarnaast wordt de Financieringsreserve nu ingezet voor de forse schommelingen in de Bufferreserve grondexploitatie. Dit wordt gewijzigd door voortaan de VAR hiervoor in te zetten (zie ook onder 103 Bufferreserve grondexploitatie). 103 Bufferreserve grondexploitatie

De Bufferreserve grondexploitatie dient als financiële buffer voor het opvangen van financiële tegenvallers in grondexploitaties en vastgoed/grondtransacties. Nu is de situatie dat als er een tekort is, de reserve wordt aangevuld vanuit een algemene reserve (bijv. de Financieringsreserve of de Vrij aanwendbare reserve), en overschotten worden in de Financieringsreserve gestort. Conform de gestelde uitgangspunten voor bestemmingsreserves verloopt egalisatie normaal gesproken via onttrekkingen uit en toevoegingen in de VAR. Voor het opvangen van forse schommelingen in de Bufferreserve grondexploitatie wordt daarom niet meer de Financieringsreserve ingezet maar de VAR.

18

406 Reserve Salomonsonhuis / zorgpunt

De reserve is gevormd uit externe middelen, waarbij destijds duidelijke doelstellingen zijn geformuleerd. In 2022 heeft de gemeenteraad het initiatief genomen om de reserve aan te wenden voor een aantal projecten. Deze projecten staan inmiddels opgenomen in de begroting 2023 (FCL 758005) en afhankelijk van de voortgang is daarmee de reserve binnenkort volledig besteed (raadsbesluit bestuursrapportage 2023, 2023-013881, 11 juli 2023) en kan de reserve daarna opgeheven worden. Voorgesteld wordt om de reserve Salomonsonhuis / zorgpunt op te heffen wanneer de besteding van de middelen uit de reserve is gerealiseerd op basis van recente besluitvorming. 409 Reserve Wet Werk en Bijstand (WWB) nieuwe benaming: Reserve Uitkeringen Participatiewet, IOAW en IOAZ

Voorheen vonden de uitkeringen hun grondslag in de Wet Werk en bijstand (WWB). Vanaf 2015 is dat de Participatiewet. Doel van de reserve is egalisatie. De kosten van de uitkeringen worden gedekt vanuit BUIG (een gebundelde uitkering voor het bekostigen van de uitkeringen in het kader van de Participatiewet, IOAW, IOAZ, Bbz 2004 en voor de inzet van loonkostensubsidie). Het verschil tussen de inkomsten uit de BUIG en de uitgaven aan de uitkeringen komt ten gunste of ten laste van de reserve. Dit doen we omdat zowel de hoogte van de BUIG een bepaalde mate van onvoorspelbaarheid heeft (en onbeïnvloedbaar is) als ook de hoogte van de uitkeringen. Voorgesteld wordt om de benaming van de reserve Wet Werk en Bijstand (WWB) te wijzigen in reserve Uitkeringen Participatiewet, IOAW en IOAZ. 411 Reserve Groenrenovaties

De reserve is bedoeld voor het behoud van ingezette aanpassingen, voor extra verbeteringen of gerichte projecten in het openbaar groen en om gelden die worden ontvangen ter compensatie te kunnen reserveren zodat ze later gericht en geoormerkt kunnen worden ingezet. Het saldo van de reserve is op dit moment laag en er is weinig activiteit. Voorgesteld om toch de reserve te handhaven en de uitkomsten van het nieuwe Groenbeleidsplan 2024 af te wachten. 421 Reserve Duurzame energiemaatregelen

In 2016 is de reserve Duurzame energiemaatregelen ingesteld. Deze reserve had eerst het karakter van een revolverend fonds. Bij een revolverend fonds is er sprake van een constructie waarbij financiële middelen beschikbaar worden gesteld in een zodanige vorm dat de middelen terugvloeien naar de reserve en opnieuw ingezet kunnen worden voor het doel. Er is destijds vanuit de VAR een bedrag beschikbaar gesteld ter voorfinanciering en vervolgens binnen 5 jaar weer teruggestort. In die jaren zijn diverse projecten op het gebied van duurzame energiemaatregelen gerealiseerd, waaronder het installeren van zonnepanelen, warmtepompinstallaties, bewegingsmelders en LED verlichting bij de gemeentelijke gebouwen. Er kunnen duurzaamheidsinvesteringen via deze reserve worden gefinancierd indien ze een terugverdientijd hebben van 10 jaar of minder.

19

In de loop der tijd is de doelstelling van de reserve gewijzigd: de netto besparing die wordt gerealiseerd, wordt gestort in deze reserve voor toekomstige minder goed renderende projecten. Bovenstaande doelstelling past niet meer in de huidige situatie en de jaarlijkse berekening van de netto besparing is arbeidsintensief. De kleinere projecten zijn gerealiseerd. De toekomstige projecten zullen veel groter zijn en zullen – gezien hun investeringsomvang – altijd via een afzonderlijk raadsvoorstel aan uw raad worden voorgelegd. Daarom wordt voorgesteld dit vrij te laten vallen naar de VAR, het voordeel van de jaarlijkse netto besparing valt dan vrij naar de exploitatie. Daarnaast is er € 495.000,-- gestort (deels in 2019 en 2022) omdat we naar aanleiding van het Klimaatakkoord (2019) middelen via het gemeentefonds hebben ontvangen. Deze middelen zijn bedoeld voor de uitvoeringskosten van dit Klimaatakkoord. Voor de middelen voor de uitvoeringskosten Klimaatakkoord is er op dit moment geen concreet bestedingsdoel. Het is niet logisch om deze middelen in deze reserve te blijven reserveren. Voorgesteld wordt om reserve Duurzame energiemaatregelen op te heffen, en hierbij € 169.658,-- van het revolverend fonds over te hevelen naar de VAR en € 495.000,-- over te hevelen naar de reserve Gelabelde middelen in afwachting van nadere lokale uitwerking van het Klimaatakkoord.

426 Reserve Gelabelde middelen

Raadsbesluiten waarbij een deel van de middelen uit de VAR gelabeld wordt voor een specifiek doel, zorgen voor een onduidelijk beeld over de vrij te besteden ruimte in de VAR. Er is hierbij onvoldoende reden om een aparte bestemmingsreserve te maken. De reserve Gelabelde middelen geeft mogelijkheden om deze middelen tijdelijk weg te zetten. De middelen vervallen in principe na twee jaar en worden bij de daaropvolgende jaarrekening weer teruggestort in de VAR, en vormt hierdoor een uitzondering op het uitgangspunt dat de looptijd van een bestemmingsreserve minimaal twee jaar is. 427 Reserve Kapitaallasten

Op grond van het BBV is het niet toegestaan om reserves rechtstreeks in mindering te brengen op investeringen. Alle investeringen moeten bruto worden geactiveerd en afgeschreven. Indien het wenselijk is om eenmalige middelen (reserves of exploitatiebudgetten) in te zetten voor investeringen kunnen deze gestort worden in de bestemmingsreserve kapitaallasten. Daarna worden jaarlijks worden de kapitaallasten van deze investeringen afgedekt door een gelijk bedrag uit de reserve te laten vrijvallen. Vanwege de opdrachten vanuit het Rijk waaronder op het gebied verduurzaming en daarop volgend forse investeringen, en vanwege het feit dat diverse na-oorlogse investeringen (wegen, bruggen, riolering, gebouwen) aan vervanging toe zijn, is het wenselijk een dergelijke reserve in te stellen. Door eenmalige reservegelden in te zetten, verlaagt dit de structurele druk op de begroting. Voorgesteld wordt om de reserve Kapitaallasten in te stellen.

20

701 Voorziening ISV

Vanuit de voorziening ISV zijn de ontvangen provinciale middelen investeringsbudget stedelijke vernieuwing (ISV I en II) aangewend voor diverse projecten stedelijke vernieuwing binnen de gemeenten. De middelen in de voorziening die er nu nog staan hadden betrekking het bodemonderzoek renovatie Grotestraat Formido (inmiddels Praxis/politiebureau). Het bodemonderzoek heeft enkele jaren terug reeds plaats gevonden. Alle projecten zijn inmiddels afgerond. Voorgesteld wordt om de voorziening ISV op te heffen en het resterende saldo van € 15.076,-- toe te voegen aan de VAR. 717 Voorziening Dubieuze debiteuren WWB nieuwe benaming: Voorziening Dubieuze debiteuren Participatiewet, IOAW en IOAZ

Per 1-1-2015 is de Wet Werk en Bijstand (WWB) komen te vervallen en daarvoor in de plaats is de Participatiewet is gekomen. Voorgesteld wordt om de benaming van de voorziening Dubieuze debiteuren WWB te wijzigen in voorziening Dubieuze debiteuren Participatiewet, IOAW en IOAZ. 720 Voorziening Dubieuze debiteuren BBZ

De stand van de voorziening Dubieuze debiteuren BBZ (Besluit bijstandverlening zelfstandigen) is op dit moment € 0. De komende jaren worden er nieuwe aanvragen/kapitaalverstrekkingen verwacht en zal de voorziening weer nodig zijn. De voorziening Dubieuze debiteuren BBZ dient gehandhaafd te blijven. 725 Voorziening Verlofsparen nieuwe benaming: Voorziening Spaarverlof

Medewerkers kunnen vanaf 1 januari 2022 bovenwettelijke vakantie-uren sparen. Hiermee kunnen medewerkers passend bij hun levensfase hun bovenwettelijke vakantie inzetten op een manier die aansluit bij hun persoonlijke levens- en carrièreplanning en het gemeentelijke vitaliteitsbeleid. In het BBV is bepaald dat voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen waarvan het jaarlijkse bedrag geen gelijk volume heeft een voorziening dient te worden gevormd. Bij de Najaarsrapportage 2023 (raadsbesluit 28 november 2023) is de voorziening Verlofsparen ingesteld. Deze benaming is niet correct, de juiste benaming had voorziening Spaarverlof moeten zijn. Voorgesteld wordt om benaming van de voorziening Verlofsparen te corrigeren in voorziening Spaarverlof.

21

5. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze nota treedt in werking op 30 januari 2024. 2. Deze nota wordt aangehaald als: nota Reserves en voorzieningen 2024.

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13704006/1