Jaarrekening 2020 13-04-2021
Tekst van het document
41 // JAARSTUKKEN 2020
een belangrijke rol om elkaar beter te leren kennen en ervaringen te delen. Kritisch kijken naar je eigen prestaties en die van je collega’s maakt je niet alleen persoonlijk sterker, maar ook als kolom Bevolkingszorg en crisisorganisatie in zijn geheel. Om met elkaar verder te groeien in vakbekwaamheid is het noodzakelijk om alle oefeningen doelgericht te evalueren. Versterken zichtbaarheid Bevolkingszorg en crisiscommunicatie hebben zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot een vaste, gewaardeerde partner, die een serieuze en substantiële bijdrage levert aan een efficiënte en doelmatige afhandeling van incidenten en calamiteiten. Om de kolommen te versterken willen we werken aan onze zichtbaarheid. Dit begint met aandacht te besteden aan het hart van onze organisatie: de crisis medewerkers. Hiermee verwachten we de betrokkenheid te stimuleren van de regionale en gemeentelijke medewerkers die inzetbaar zijn binnen de kolommen. Direct hieraan gelinkt is het meer laten zien wat we precies doen aan de veertien gemeentelijke organisaties, andere kolommen en externe partners. Slimme informatievoorziening Burgers en bedrijven beschikken over eigen kennis en inzicht en over een eigen netwerk. Voor bevolkingszorg is het van belang tijdens een calamiteit of incident op de hoogte te zijn van de veelheid aan initiatieven en daarop in te spelen.
Samen met risicocommunicatie en IOC proberen we de belangrijkste actoren en kwetsbare groepen in kaart te brengen en de meerwaarde ervan voor de crisisorganisatie en preventief vast te stellen.
Indicator
maatregelen dit belemmerden of crisismedewerkers volop actief waren in de crisis. Beide kolommen hebben een evaluatie / reflectiesessie georganiseerd om te leren van de langdurige inzet.
Versterken zichtbaarheid Crisismedewerkers van beide kolommen hebben een grote bijdrage geleverd aan de Covid-19 crisis. Er is intensief samengewerkt met de kernteams van de Twentse gemeenten. De mate van betrokkenheid van de regionale en gemeentelijke crisismedewerkers was groot en is gewaardeerd door de crisisorganisatie en vanuit de beide kolommen. Door de Covid-19 crisis hebben we kunnen laten zien over welke expertises we beschikken.
Slimme informatievoorziening Het project ‘Samenleving in beeld’ is door Covid-19 tijdelijk on-hold gezet omdat betrokken coördinatoren ingezet waren in de crisis.
Indicatoren Nr. activiteit Bron
Inzetmonitor Officier van Dienst en Algemeen Commandant
1
n.v.t.
Verbinding met de gemeenten
1 en 3
n.v.t.
BZ / CC leveren een bijdrage in de multidisciplinaire werk- en vakgroepen
3
Elke gemeente (AOV-er) levert een bijdrage aan de werkgroepen en actie uit het jaarplan Bevolkingszorg
42 // JAARSTUKKEN 2020
n.v.t.
1,3 en 4
Jaarplan BZ
Ambitie niveau (2020) OvD BZ vult na elke inzet een formulier in zodat de inzet geanalyseerd kan worden. BZ/ CC worden bij alle gemeenten met regelmaat onder de aandacht gebracht. 100%
100%
Rekening niveau (2020) OvD BZ heeft na elke inzet een weergave van de inzet ingevuld. Op basis hiervan wordt de inzetmonitor BZ opgemaakt. In 2020 stonden we continue met alle veertien gemeenten in contact vanwege Covid-19 Na de intreding van de Covid-19 crisis hebben de multi werk- en vakgroep stil gelegen. Focus van de AOV heeft gelegen op de Covid-19 crisis in eigen gemeente ,De werkgroepen BZ hebben daardoor stil gelegen.
Functionarissen zijn opleid en min. 1x beoefend
3
OTO Jaarplan
95%
Na een inzet of oefening wordt door de functionaris een inzetreflectieformulier ingevuld. Opkomstpercentage netwerkbijeenkomsten BZ/CC
3
Jaarplan BZ/CC
95%
3
Jaarplan BZ/CC
70%
Wat heeft het gekost? Gemeenten (in €) Gemeentelijke processen Bevolkingszorg Totaal Gemeenten excl. mutatie reserves Toevoeging/onttrekking aan reserve Totaal Gemeenten incl. mutatie reserves
43 // JAARSTUKKEN 2020
Lasten
Baten
349.740 138.457 488.198 0
315.198 138.457 453.655 0
488.198
453.655
34.543
Het oefenprogramma heeft multi en mono grotendeels stil gelegen. Waar mogelijk hebben trainingen wel doorgang gevonden. Zie vorige punt
In totaal 85 crisismedewerkers van beide kolommen hebben deelgenomen aan de gezamenlijke netwerkbijeenkomst in januari
5 Paragrafen De paragrafen bevatten belangrijke informatie voor het verkrijgen van inzicht in de financiële positie van Veiligheidsregio Twente op korte en lange termijn. Dit inzicht is belangrijk, omdat de behandelde onderwerpen financiële gevolgen kunnen hebben en daardoor de realisatie van de programma’s kunnen beïnvloeden. In de paragrafen wordt verantwoording afgelegd over de uitvoering van beleidsvoornemens van beheersmatige aspecten, zoals vastgelegd in de programmabegroting 2020. Hierbij is tevens rekening gehouden met actuele ontwikkelingen. In dit hoofdstuk worden achtereenvolgens de volgende paragrafen behandeld: ● ● ● ● ●
Weerstandsvermogen en risicobeheersing; Onderhoud kapitaalgoederen; Bedrijfsvoering; Verbonden partijen; Financiering;
5.1
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Deze paragraaf omvat zowel de beschikbare weerstandscapaciteit als een inschatting van risico’s die daarmee moeten worden afgedekt. Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en benodigde weerstandscapaciteit. Al afgedekte risico’s, via voorzieningen of verzekeringen, hebben geen invloed op het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen laat zien hoe robuust de begroting van de VRT is voor wat betreft het kunnen opvangen van risico’s. Technisch gesproken geeft het weerstandsvermogen de relatie weer tussen: a. De middelen en mogelijkheden waarover VRT beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken (de beschikbare weerstandscapaciteit); b. Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Dit komt tot uiting in de benodigde weerstandscapaciteit.
Schematisch: bekende risico’s
beschikbare middelen
benodigde weerstandscapaciteit
beschikbare weerstandscapaciteit
weerstandsvermogen
De in 2019 vastgestelde nota risicomanagement en weerstandsvermogen stelt hiervoor de beleidskaders. Daarin wordt onder andere ingegaan op wat als beschikbare weerstandscapaciteit kan worden gerekend en hoe, op basis van de risico’s, de benodigde weerstandscapaciteit wordt berekend.
44 // JAARSTUKKEN 2020
5.1.1 Terugblik risico’s begroting 2020 In de programmabegroting 2020 zijn de onderstaande majeure risico’s en bijbehorende risicobedragen (kans x impact) opgenomen, die in de bedrijfsvoering van VRT (deels) niet zijn gedekt door voorzieningen en/of verzekeringen. Diverse risico’s zijn opgetreden en hebben in 2020 geleid tot kostenuitzettingen. Omschrijving Twente Safety Campus exploitatieverlies Vervanging brandweermaterieel en materiaal Langdurig verzuim en arbeidsongeschiktheid Vervanging kazernes Verzekering voor hulpdiensten Vrijwilligers korter in dienst bij de brandweer
Risicobedrag € 300.000 € 186.000 € 140.000 € 105.000 € 90.000 € 70.000
Opgetreden in 2020 Ja Nee Ja (deels) Ja Ja (deels) Ja
Toelichting opgetreden risico’s Twente Safety Campus exploitatieverlies Dit risico is opgetreden, vanwege de Covid-19 crisis. Het effect is in 2020 groter gebleken dan de inschatting in de begroting (zie par. 3.1). Langdurig verzuim en arbeidsongeschiktheid In 2020 heeft langdurige afwezigheid van een medewerker geleid tot kosten voor inhuur van personeel. In relatie tot bovengenoemd risicobedrag ging het om een klein bedrag. Vervanging kazernes Het gaat om het risico dat de bouwprijzen sneller stijgen dan de reguliere prijsindex. In 2020 heeft zich dat voorgedaan bij de aanbesteding van de nieuwbouw kazerne Almelo. Verzekering voor hulpdiensten Door verharding in de verzekeringsmarkt worden veiligheidsregio’s geconfronteerd met forse premiestijgingen en onverzekerbare risico’s. Ook in 2020 zijn de premies meer dan trendmatig verhoogd. In dit geval gaat het om een premiestijging van € 30.000 voor de verzekering van het wagenpark. Vrijwilligers korter in dienst bij de brandweer Er is inmiddels een stijgende tendens waarneembaar van het aantal nieuw op te leiden vrijwilligers op jaarbasis. Daaruit blijkt dat het gemiddeld aantal dienstjaren per vrijwilliger daalt. Die trend lijkt niet omkeerbaar. Het risico is inmiddels dan ook beter te omschrijven als een blijvende ontwikkeling.
5.1.2 Beschikbare weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit dient om de continuïteit van de organisatie te waarborgen. We maken hierbij onderscheid tussen incidentele en structurele weerstandscapaciteit. Incidentele weerstandscapaciteit De incidentele weerstandscapaciteit bestaat in beginsel uit algemene middelen die als buffer dienen voor de opvang van onvoorziene incidentele kosten. Voor de VRT geldt dat vanwege de hybride financieringsstructuur de middelen afkomstig kunnen zijn van zowel de gemeenten als het Rijk. Gemeentelijke middelen Tot het weerstandsvermogen wordt gerekend de algemene reserve en de bestemmingsreserves waarop nog geen verplichtingen rusten. De VRT beschikt per 31 december 2020 over een Algemene Reserve van € 427.000. Het deel van de bestemmingsreserves waarop nog geen verplichting rust bedraagt in totaal € 457.000. Rijksmiddelen Veiligheidsregio’s ontvangen jaarlijks een doeluitkering van het Rijk, de zogenaamde Brede Doel Uitkering Rampenbestrijding (BDUR). De BDUR is in brede zin inzetbaar voor de rampenbestrijding en crisisbeheersing. In het verleden is vanuit incidentele stimuleringsmiddelen een post onvoorzien gevormd. Dit is echter volledig ingezet ter dekking van de nadelige jaarrekeningresultaten van 2016 en 2018. De omvang van de totale weerstandscapaciteit bedraagt daarmee per 31 december 2020 € 884.000.
45 // JAARSTUKKEN 2020
Structurele weerstandscapaciteit De structurele weerstandscapaciteit bestaat uit de onbenutte capaciteit uit hoofde van tarieven, heffingen en bijdragen. Deze kan worden benut om structurele tegenvallers te compenseren, als hiervoor geen andere dekkingsmiddelen bestaan. De structurele weerstandcapaciteit van de VRT is nihil. Slechts een fractie van de begroting is afgedekt met tarieven en deze zijn overwegend marktconform. Verhoging zou daarom automatisch leiden tot omzetverlies. 5.1.3
Benodigde weerstandscapaciteit
Risico’s Jaarlijks wordt, conform beleidskader, het financiële risicobeeld in termen van kans en impact geactualiseerd. In het beleidskader zijn kans en impact in ordinale scores tot uitdrukking gebracht in een range van 1 (= klein) tot 5 (= groot). Een risico is daarom minimaal gewaardeerd op 1 en maximaal op 25. Risico’s met een score vanaf 9 (oranje en rode scores) wegen mee in de weerstandscapaciteitsberekening. Risico’s met een score lager dan 9 (groene scores) in beginsel niet tenzij het geheel ervan uitstijgt boven 1% van het begrotingsniveau. Begin 2021 is het risicobeeld geactualiseerd. In onderstaande tabel zijn de belangrijkste risico’s (met een oranje score) opgenomen. Omschrijving Twente Safety Campus exploitatieresultaat Langdurig verzuim en arbeidsongeschiktheid Vervanging brandweermaterieel en materiaal Cybercrime Totaal
Kans x Impact € 375.000 € 266.000 € 179.000 € 75.000 € 895.000
Risico’s die zijn opgetreden of die gaan optreden Opgetreden risico’s die op zeker gaan optreden, tellen mee in de benodigde weerstandscapaciteit. In het beleidskader is vastgelegd dat risico’s met een structurele impact worden gekwantificeerd op basis van 3x de jaarlast. Daarmee wordt verondersteld dat de organisatie in staat is het structurele effect van risico’s binnen een termijn van 3 jaar op te vangen. In die redenering is het uitgangspunt voor risico’s die gaan optreden een aflopende risicoscore ter berekening van de weerstandscapaciteit. De score vervalt dus volledig na 3 jaar (of eerder, afhankelijk van het moment waarop het effect is ondervangen). Omschrijving Gelijke behandeling beroeps en vrijwilligers Wet Normalisering Rechtspositie Ambtenaren (WNRA) Totaal
Bedrag € 200.000 € 67.000 € 267.000
De uitkomsten van de risico-inventarisatie en de toelichting op de te nemen maatregelen zijn uitgebreider opgenomen in de programmabegroting 2022. 5.1.4
Beoordeling weerstandsvermogen
Aantal geïdentificeerde risico’s Aantal groene scores (waardering 1-8) Aantal oranje scores (waardering 9-16) Aantal rode scores (waardering 17-25)
18 14 4 0
Is de som van de groene scores > 1% van de begroting Hoe hoog stijgt de som van groene scores hierboven uit? Zijn de rode scores alleen exogeen (ontstaan buiten de invloedssfeer van de organisatie)?
Nee n.v.t. n.v.t.
Berekende omvang van het risico (oranje, rode en groene scores boven de drempel en risico’s die zijn opgetreden of gaan optreden) Beschikbare weerstandscapaciteit ter dekking van de risico’s (stand per 31-12-2020)
€ 1.162.000 € 884.000
Weerstandsratio feitelijk o.g.v. huidig risicobeeld
76%
Weerstandsratio norm (cf. beleidskader)
70%
In het beleidskader risicomanagement / weerstandsvermogen is vastgelegd dat VRT een weerstandsratio van 70% hanteert als richtsnoer. De feitelijke weerstandsratio per 31-12-2020 wijkt daar niet ver van af. 46 // JAARSTUKKEN 2020
5.1.5 Financiële kengetallen Het BBV schrijft voor dat in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing – in aanvulling op de ratio weerstandsvermogen – een verplichte set van vijf financiële kengetallen wordt opgenomen. De kengetallen maken inzichtelijk over hoeveel (financiële) ruimte Veiligheidsregio Twente beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken of op te vangen. De kengetallen grondexploitatie en belastingcapaciteit zijn niet van toepassing voor Veiligheidsregio Twente. Daarom worden deze kengetallen niet meegenomen in deze paragraaf. Netto schuldquote De netto schuldquote laat het niveau van de schuldenlast zien, ten opzichte van de baten. Het geeft een indicatie van de mate waarin de rentelasten op de exploitatie drukken.
1a 1b
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Jaarrekening 2020 87,8% 87,7%
2021 96,6%
Begroting 2022 2023 2024 105,1% 102,9% 103,3%
2025 103,2%
96,5%
105,0%
103,1%
102,8%
103,2%
De toename per 2021 en 2022 resulteert uit de beoogde investeringen in nieuwbouw kazernes (Almelo, Hellendoorn) en de daarvoor benodigde financiering. Ook worden in 2021 nieuwe tankautospuiten aangeschaft. Na 2022 wordt een lager investeringsniveau verwacht, zodat de schuldquotes weer licht afnemen. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio is de verhouding eigen vermogen/ totaal vermogen en geeft inzicht in de mate waarin een organisatie in staat is op de langere termijn aan haar financiële verplichtingen te voldoen.
Solvabiliteitsratio
Jaarrekening 2020 4,8%
2021 3,3%
2022 1,0%
Begroting 2023 0,5%
2024 0,1%
2025 0,3%
VRT heeft al sinds de oprichting een beperkt eigen vermogen en daarmee een lage solvabiliteit. De terugval komt voort uit de te verwachten aanspraak op de FLO-reserves. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is nodig om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte nodig is om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is.
Structurele exploitatieruimte
Jaarrekening 2020 0,0%
2021 0,0%
2022 0,0%
Begroting 2023 0,0%
2024 0,0%
2025 0,0%
5.1.6 Beoordeling onderlinge verhouding kengetallen in relatie tot de financiële positie De structurele baten en lasten zijn in evenwicht. Het eigen vermogen is klein en kan tijdelijke verstoringen in dit evenwicht maar beperkt opvangen.
47 // JAARSTUKKEN 2020
5.2
Onderhoud kapitaalgoederen
In deze paragraaf beschrijven we het beleidskader voor het onderhoud van kapitaalgoederen. Hierbij wordt ingegaan op het onroerende deel van de kapitaalgoederen en het materieel. De onderhoudsaspecten van de overige kapitaalgoederen zijn minder noemenswaardig.
Gebouwen Met de overheveling van de brandweertaak per 1-1-2013 zijn de onroerende en roerende activa van de 14 lokale brandweerkorpsen overgedragen. Veiligheidsregio Twente draagt per die datum zorg voor het onderhoud en beheer van 39 gebouwen (45.000 m2). Daarvan zijn 31 gebouwen in eigendom. De boekwaarde van de 31 panden tezamen bedraagt per ultimo 2019 33,9 mln Het beheer van de vastgoed portefeuille is belegd bij de sector Beheer & Techniek van Brandweer Twente. Het team Service & Beheer heeft hiertoe een Servicedesk ingericht die 24 uur per dag en 7 dagen in de week bereikbaar is voor storingen, klachten en schades. Het onderhoud wordt uitgevoerd op basis van onderliggende onderhoud- en beheersplannen. De plannen worden periodiek tegen het licht gehouden en op onderdelen herijkt. Uitgangspunt daarbij is dat het onderhoud wordt afgestemd op conditieniveau 3 Het bijbehorende onderhoudsbudget is gefixeerd op € 0,8 mln. Dit budget bleek ook in 2019 toereikend. De onderhoudsuitgaven zijn meer dan. voorheen preventief (planbaar) van karakterAl kunnen prijsschommelingen vanwege conjunctuurbewegingen die trend vertekenen. In 2020 zijn o.a. de volgende majeure onderwerpen opgepakt: Oplevering nieuwbouw brandweerkazerne Glanerbrug Nieuwbouw brandweerkazerne Almelo Centrum: afronding aanbesteding, voorbereiding sloop en organiseren van tijdelijke huisvesting.
Uitwerking schetsontwerp ten behoeve van aanbesteding nieuwbouw brandweerkazerne Hellendoorn. Energiescans en energiebesparende maatregelen uitgevoerd / doorgevoerd in verschillende kazernes.
Materieel VRT beschikt over een groot arsenaal aan voertuigen. Ruwweg zijn deze op te delen in voertuigen die voor operationele taken worden ingezet (zoals tankautospuiten) en dienstvoertuigen. In totaal gaat het om c.a. 100 voertuigen voor operationele activiteiten. En een 90-tal dienstvoertuigen bedoeld voor brandveiligheidstaken, aan de operatie ondersteunende activiteiten (zoals logistiek) en personele vervoersbewegingen binnen en buiten Twente. Voor al dit materieel is een bumper-tot-bumper-concept geïntroduceerd, waarmee zowel de voertuigen als materialen zoals ademluchtapparatuur op één locatie worden onderhouden en gekeurd. Dit om redenen van efficiency en betere sturing op het beheer van de roerende goederen. Het bijbehorende onderhoudsbudget (outof-pocket) bedraagt € 0,25 mln. Dit budget is gefixeerd. In 2020 is het budget overschreden vanwege een noodzakelijke mid-life update voor een oud redvoertuig. Dit ten gevolge van een zakelijk (en juridisch) geschil met de leverancier over de levering van een hoogwerker die recent is aangekocht. Inmiddels is het geschil beslecht en wordt uitvoering gegeven aan de schikkingsovereenkomst. In 2020 is de heraanbesteding van de tankautospuiten voltooid. Op grond van de overeenkomst is een order geplaatst van 12 voertuigen, die medio 2021 worden geleverd.
Daarnaast zijn enkele andere aanbestedingen afgerond, zoals de bepakking horende bij de nieuwe tankautospuiten, het redgereedschap en de aankoop van de zogenaamde basis ontsmettingseenheid (BOE).
48 // JAARSTUKKEN 2020
5.3
Bedrijfsvoering
De sector Strategie & Ondersteuning (kolom brandweer) is verantwoordelijk voor een groot aantal bedrijfsvoeringdossiers voor de gehele Veiligheidsregio Twente (VRT). Onder deze bedrijfsvoeringdossiers vallen de taakgebieden Financiën, Verzekeringen, Strategische Inkoop, HR, Personeels- en salarisadministratie en Fitheid & Arbo. Deze taakgebieden worden uitgevoerd voor de kolommen brandweer, Veiligheidsbureau en GHOR binnen de VRT. De bedrijfsvoering is in de huidige pandemie grotendeels vanuit huis gecontinueerd. In 2020 zijn onder andere de volgende concrete resultaten geboekt: Alle processen rondom vergoedingen en salarismutaties worden nu volledig digitaal afgehandeld; Nieuwe methode voor de functionerings- e beoordelingsgesprekken ontwikkeld. Digitalisering en laatste controleslag voor open stellen van de persoonlijke dossiers van alle medewerkers op individueel niveau. Groot aantal aanbestedingstrajecten afgerond (waaronder de heraanbesteding van tankautospuiten en het nieuwbouwproject Almelo). Op landelijke schaal: oplevering definitief conceptvoorstel tot harmonisatie van aanspraken bij een dienstongeval en verkenning naar verdere mogelijkheden tot gedeeld eigen risicodragerschap i.h.k.v. ongevallen.
Ten behoeve van de afstemming rondom bedrijfsvoeringprocessen heeft de organisatie een overleg ingesteld waarin de kolommen brandweer, GHOR en Veiligheidsbureau zijn vertegenwoordigd. Informatieveiligheid Informatieveiligheid is de overkoepelende term voor het geheel van organisatorische, technische en procedurele maatregelen, gericht op bescherming van informatie. Mede vanwege het toenemende aantal cyberaanvallen, dat zich ook in 2020 in het publieke domein heeft gemanifesteerd, is het thema meer dwingend op de agenda gezet. Bij veiligheidsregio’s gaat de zorg in dit kader vooral uit naar de vertrouwelijkheid en beschikbaarheid van informatie. En uiteraard de continuïteit van toegang tot die informatie in het algemeen en bij crisissituaties in het bijzonder. De privacyrisico’s zijn relatief (in vergelijking met die van een gemeente) beperkt. Data-incidenten 2020 In 2020 zijn geen datalekken gemeld aan de autoriteit. Er hebben zich wel enkele (niet aan de autoriteit meldenswaardige) incidenten voorgedaan. Onderstaand een overzicht daarvan.
Datalek (landelijk)
Type incident Datalek GMS (kladblokregels) door configuratiefout in update.
Maatregelen Import van kladblokregels wordt gefilterd.
Impact VRT: geen, want reeds voorzorgsmaatregelen getroffen. Data incidenten
Overig
Stroomstoring meldkamer. Impact: geen. De meldkamer is tijdelijk uitgeweken naar Apeldoorn. Onderschepte verdachte email (phishing en malware) (27 x) Verlies toegangspassen (6x) Verlies mobile devices (2x) Verdachte (niet geslaagde) inlogpogingen (14x)
Fall-back in Apeldoorn is geregeld.
Standard virusdetectie Bij constatering op afstand gedeactiveerd Bij constatering op afstand gewiped Continuering monitoring
In 2020 is o.a. het verwerkingsregister definitief gemaakt. Daarnaast zijn verschillende maatregelen getroffen om de privacyrisico’s en de cyberrisico’s te reduceren. Het veelomvattende onderwerp is echter nog niet in termen van risicomanagement cyclisch ingebed. Voor de komende periode ligt daar de prioriteit. Voldoen aan BIO vormt daarin het uitgangspunt.
49 // JAARSTUKKEN 2020
5.4
Verbonden partijen
Deze paragraaf betreft derde rechtspersonen waarmee Veiligheidsregio Twente een bestuurlijke én financiële band heeft, door een participatie in een vennootschap of deelnemingen in stichtingen. Met een bestuurlijk belang wordt bedoelen we een zetel in het bestuur van een deelneming of stemrecht. Een financieel belang houdt in dat de organisatie middelen ter beschikking heeft gesteld en die verliest bij faillissement van de verbonden partij en/of als financiële problemen bij de verbonden partij op haar verhaald kunnen worden. Van een financieel belang is ook sprake als Veiligheidsregio Twente bij liquidatie van een derde rechtspersoon middelen uitgekeerd kan krijgen. Visie en beleid op verbonden partijen Veiligheidsregio Twente heeft geen specifieke visie ontwikkeld op gebied van verbonden partijen. Het belang daarvan groeit naarmate de organisatie zich verbindt aan meer partijen. Maar dat is niet het geval. Het aantal verbonden partijen van VRT is sinds oprichting stabiel. Risicoanalyse verbonden partijen Het is niet nodig om de partijen waarmee VRT zich heeft verbonden te voorzien van een risicoscore. Zowel de vereniging van eigenaren als de stichting Meldkamer Twente zijn rechtspersonen die enkel in het leven zijn geroepen om de uitvoering van zaken te waarborgen. Het zijn bovendien rechtspersonen zonder personeel (en dus zonder eigen wil).
Lijst met verbonden partijen Stichtingen en verenigingen Vereniging van Eigenaren genaamd Hulpverlening-diensten. Gevestigd aan de Demmersweg 55 (Westermaat) te Hengelo. 1. Doelstelling
2.
Bestuurlijk en financieel belang
3.
Mate van beïnvloedbaarheid in bedrijfsvoering Financiële kengetalen (in €) 4. Jaarrekeningresultaat 5. Eigen vermogen 6. Vreemd vermogen
50 // JAARSTUKKEN 2020
Informatie Instandhouding van het pand aan de Demmersweg, waar de Meldkamer in gevestigd is, conform het vastgestelde reglement als bedoeld in artikel 111d, Boek 5 van het B.W. De eigenaren in de gemeenschap zijn stemgerechtigd voor de volgende delen: Veiligheidsregio Twente 39 stemmen Stichting Ambulance Oost 61 stemmen Het bestuur van de vereniging bestaat uit twee bestuurders van Veiligheidsregio Twente namelijk de portefeuillehouder Financiën en de secretaris VRT en één bestuurder (directeur) van de Stichting Ambulance Oost. Veiligheidsregio Twente bezit 39 procent eigendomsrecht van het onroerend goed. Zij kan voor 39/100 deel aansprakelijk gesteld worden bij een faillissement of bij een financieel probleem. Invloed op bedrijfsvoering is mogelijk via de benoemde bestuurders en de meerderheid van stemmen. 01-01-2020
31-12-2020
€ 85.127 € 56.175
€ 27.524 € 93.519 € 47.589
Stichting Meldkamer Twente Gevestigd aan de Demmersweg 55 (Westermaat) te Hengelo. 1. Doelstelling
2.
Bestuurlijk belang en financieel belang
3.
Mate van beïnvloedbaarheid in bedrijfsvoering Financiële kengetalen (in €) 4. Jaarrekeningresultaat 5. Eigen vermogen 6.. Vreemd vermogen Stichting BOGO Brandweeropleidingen Gevestigd te Zwolle 1. Doelstelling
2.
Bestuurlijk belang en financieel belang
3.
Mate van beïnvloedbaarheid in bedrijfsvoering Financiële kengetalen (in €) 4. Jaarrekeningresultaat 5. Eigen vermogen 6.. Vreemd vermogen
51 // JAARSTUKKEN 2020
Informatie Het bevorderen van multidisciplinaire samenwerking van de meldkamers van de Politie Twente, Ambulance Oost en Veiligheidsregio Twente, door het faciliteren van ondersteunende processen. Zij tracht haar doelstelling te bereiken door het verwerven en exploiteren van infrastructuur en andere voorzieningen. De stichting wordt financieel gevoed door de achterliggende organisaties. (Politie, Ambulance Oost en VRT). Het stichtingsbestuur wordt gevormd door de directeuren van de verschillende hulpverleningsdiensten. De beïnvloedbaarheid in de bedrijfsvoering is redelijk groot gelet op het lidmaatschap van VRT in het stichtingsbestuur. 01-01-2020
31-12-2020
844.936 117.674
28.484 955.845 3.973 Informatie
Het bevorderen van de opleiding, oefening en training ten behoeve van de brandweer en de hulpverlening in de ruimste zin, zulks overeenkomstig, voor zover van toepassing, de richtlijnen te dezer zake van overheidswege, met dien verstande dat hieronder niet zijn begrepen commerciële en marktgerichte activiteiten. Het bestuur van de stichting bestaat naast de voorzitter, vice voorzitter en secretaris uit 6 regionale commandanten. De regionaal commandant van VRT is hier één van. Bij liquidatie van de stichting komt het aanwezig batig saldo ter beschikking van de deelnemende Samenwerkingsverbanden. Een beperkte mate van beïnvloedbaarheid in de bedrijfsvoering is mogelijk via het lid in het bestuur. 31-08-2019
31-08-2020
€ 2.253.932 € 5.572.304
€ 132.170 € 2.002.558 € 4.902.611
5.5
Financiering
Treasury gaat over het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen en de hieraan verbonden risico’s. Het in 2018 vastgestelde treasurystatuut stelt hiervoor de beleidskaders. Het Rijk heeft met de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) en aanvullende regelgeving regels gesteld over hoe decentrale overheden hun geld en kapitaal beheren. De regeling schatkistbankieren houdt in dat overtollige middelen van decentrale overheden bij het ministerie van financiën moeten worden aangehouden. Het treasurystatuut sluit aan op de regelgeving en geeft ook de verdeling van verantwoordelijkheden en bevoegdheden weer. Belangrijk instrument voor de uitvoering van de treasury is de liquiditeitsplanning. Tweemaal per jaar wordt een treasurybericht opgesteld voor de portefeuillehouder Middelen. Dit bericht geeft inzicht in de stand van zaken van de treasury en legt een basis voor de uitvoering van de treasury in de komende periode. Risico’s Door de wet Fido en aanvullende regelgeving zijn de risico’s op de treasuryactiviteiten als beperkt te kwalificeren. De wet Fido stelt grenzen aan de mogelijkheid om goederen te financieren met kortlopende middelen (kasgeldlimiet) en maximeert de aflossing en renteherziening op aangetrokken leningen in enig jaar (renterisiconorm).
Daarmee wordt het renterisico beperkt. Ook zijn er regels gesteld ten aanzien van het gebruik van derivaten, de vorm waarin leningen worden opgenomen of verstrekt en met welk soort instellingen financiële transacties mogen worden gedaan. Door proactief uitvoering te geven aan de treasuryfunctie (periodiek opstellen liquiditeitenplanning en periodieke check op renteprognoses) zijn de restrisico’s verder te verminderen. Met de gedifferentieerde leningenportefeuille van € 37,5 miljoen (stand ultimo 2020) is een groot deel van de activa met langlopende financiering afgedekt. Wettelijke kengetallen Vanuit de regelgeving zijn er drie kengetallen die periodiek moeten worden berekend. De kasgeldlimiet en het schatkistbankierenpercentage worden achteraf gemiddeld per kwartaal berekend. Voor de renterisiconorm wordt vooruit gekeken met een berekening voor het komende jaar en een doorkijk naar de volgende drie jaren. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is opgenomen om de directe gevolgen van een snelle rentestijging te beperken. Deze limiet beperkt het aandeel van de financieringsbehoefte dat met kortlopend vreemd vermogen mag worden gefinancierd. Bij wet is het maximum gesteld op 8,2% van het begrotingstotaal (in 2020 € 4,6 mln.). De percentages voor 2020 staan in de onderstaande grafiek. 12,00%
10,00%
10,00% 8,00% 6,00%
5,10%
4,00% 2,10%
2,00%
1,60%
0,00% 1e kwartaal
2e kwartaal
3e kwartaal
Kasgeldlimiet
Maximum
4e kwartaal
De kasgeldlimiet mag maximaal 2 kwartalen achtereen worden overschreden. In 2020 is alleen in het eerste kwartaal een overschrijding van de kasgeldlimiet te zien.
52 // JAARSTUKKEN 2020
Schatkistbankieren Schatkistbankieren houdt in dat decentrale overheden de verplichting hebben om hun middelen aan te houden bij het ministerie van financiën. Voor de middelen beneden het drempelbedrag (0,75% van het begrotingstotaal) geldt deze verplichting niet. Vanwege het schatkistbankieren wordt gestreefd naar het minimaliseren van de overtollige middelen. De kwartaalgemiddelden voor 2020 staan in onderstaande tabel. Met de bank is automatische afdracht naar de rekening schatkistbankieren afgesproken. 0,80% 0,70% 0,60% 0,50% 0,40% 0,30%
0,22%
0,20% 0,10%
0,10% 0,00% 1e kwartaal
0,00%
0,00%
2e kwartaal
3e kwartaal
Schatkist
4e kwartaal
Maximum
Renterisiconorm De renterisiconorm bepaalt dat van de vaste schuld jaarlijks een bedrag van maximaal 20% (in 2020 € 11,2 mln.) van het begrotingstotaal onderhevig mag zijn aan renteherziening en herfinanciering. Hiermee is een grens gesteld aan het renterisico op de leningenportefeuille. De renterisicopercentages vanaf 2020 zijn berekend op basis van het begrotingstotaal 2020. Deze staan in onderstaande tabel en laten zien dat de norm ruimschoots wordt gehaald. 25,0% 20,0% 15,0% 10,0% 5,0%
4,0%
4,3%
5,2%
2021
2022
2023
Renterisico
Maximum
0,0% 0,0% 2020
53 // JAARSTUKKEN 2020
Omslagrentepercentage Renteschema 2020 (x € 1.000,-) a. de externe rentelasten over korte en lange financiering b. de externe rentebaten over de korte en lange financiering Saldo rentelasten en rentebaten c1.
1.088 30 1.058
De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden doorberekend De rentebaat van door-verstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken, die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
n.v.t. n.v.t.
d1. d2.
Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
n.v.t. n.v.t. 0
e. f.
De aan taakvelden toe te rekenen rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld treasury
1.039 19 -/-
c2. c3.
n.v.t.
0
De afwijking tussen de werkelijke rentelasten € 1.058.000,- en de toegerekende rentelasten € 1.039.000,bedraagt € 19.000,-. Deze afwijking bedraagt 2% van de werkelijke rentelasten en ligt hiermee binnen de limiet (25%) waardoor een correctie niet nodig is.
54 // JAARSTUKKEN 2020
Jaarrekening
55 // JAARSTUKKEN 2020
6 Balans per 31-12-2020 Voor resultaatbestemming en na verwerking van tussentijdse mutaties in de reserves ACTIVA (in €)
Ultimo 31-12-2020
Ultimo 31-12-2019
1. Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen (incl. civieltechnische aanpassingen) Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa
52.231.665 4.063.312 28.689.601 13.062.056 269.998 6.146.698
52.355.767 4.243.000 28.586.828 12.614.679 384.945 6.526.314
72.610 72.610
72.610 72.610
52.304.275
52.428.377
4.039.072 262.552 3.341.163 405.401 29.956
3.152.468 169.692 2.741.420 215.486 25.870
0 0 0
150.890 0 150.890
5. Overlopende activa Overige vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen bedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen: Europese overheidslichamen Het Rijk Overige Nederlandse overheidslichamen Overige nog te ontvangen bedragen
1.874.806 1.367.724
1.688.863 1.121.200
0 0 385.005 122.077
6.319 0 352.587 208.757
Totaal vlottende activa
5.913.877
4.992.221
TOTAAL GENERAAL
58.218.152
57.420.597
2. Financiële vaste activa Overige langlopende leningen u/g
Totaal vaste activa
Vlottende activa 3. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ‘s Rijks schatkist Overige vorderingen Kortlopende vorderingen 4. Liquide middelen Kassaldi Bank- en girosaldi
56 // JAARSTUKKEN 2020
PASSIVA (in €)
Ultimo 31-12-2020
Ultimo 31-12-2019
6. Eigen vermogen
2.821.664
2.144.993
Algemene reserve Bestemmingsreserve Nog te bestemmen resultaat
-739.012 1.797.447 1.763.230
-103.979 2.192.767 56.205
7. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Binnenlandse banken en overige financiële instellingen
37.500.000
37.500.000
37.500.000
37.500.000
Totaal vaste passiva
40.321.664
39.644.993
8. Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
14.784.583
14.566.421
Kasgeldleningen
5.800.000
6.400.000
Overige schulden
8.984.583
8.166.421
9. Overlopende passiva Vooruitontvangen bedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen: Europese overheidslichamen
3.111.904
3.209.184
8.095
15.490
2.670.226 433.583
2.885.391 308.302
Totaal vlottende passiva
17.896.488
17.775.605
TOTAAL GENERAAL
58.218.152
57.420.597
Vaste passiva
Vlottende passiva
Het Rijk Overige Nederlandse overheidslichamen
57 // JAARSTUKKEN 2020
7 Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening Begroting 2020 voor wijziging
Programma’s (x € 1.000,-) Programma Multidisciplinaire onderwerpen Brandweer GHOR Gemeenten
Baten
Lasten
Begroting 2020 na administratieve wijziging Saldo
Baten
Lasten
Realisatie 2020
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
2.626 6.655
2.343 40.536
283 -33.881
1.666 7.143
1.395 41.918
271 -34.775
2.650 6.528
1.952 41.293
698 -34.765
924 439
1.232 473
-308 -34
891 453
1.199 488
-308 -34
892 454
1.121 488
-229 -35
Covid-19
0
0
0
0
0
0
50
174
-124
Subtotaal
10.643
44.584
-33.940
10.153
45.000
-34.847
10.573
45.029
-34.456
Algemene dekkingsmiddelen Gemeentelijke bijdrage
45.285
45.285
45.285
45.285
45.285
-11.345 0
483
-10.438 0
492
10.587
-10.096
Overhead Heffing VPB
214
11.559
Bedrag onvoorzien
10.922
0
45.285
0
Subtotaal
45.499
11.559
33.940
45.768
10.922
34.847
45.776
10.587
35.189
Totaal gerealiseerde saldo baten en lasten
56.142
56.142
0
55.921
55.921
0
56.349
55.616
733
Toevoegingen/ onttrekkingen aan reserves Gerealiseerde resultaat
56.142
56.142
0 0
55.921
55.921
0 0
1.087 57.436
56 55.673
1.030 1.763
58 // JAARSTUKKEN 2020
8 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Algemeen De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals overlopende verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming te weten vier jaar.
Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (reorganisaties) dient wel een verplichting gevormd te worden. Balans Vaste activa Materiële vaste activa met economisch nut Overige investeringen met economische nut: Activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgingsprijs of aanschafwaarde. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en bijkomende kosten. De aanschafwaarde omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte gronden hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de aanschaf kunnen worden toegerekend (kosten van de architect bij nieuwbouw of de inbouwkosten van de inventaris bij vervoermiddelen). In de aanschafprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak dat aan de vervaardiging van het actief kan worden toegerekend; in dat geval vermeldt de toelichting dat deze rente is geactiveerd. Reserves worden niet in mindering gebracht op de boekwaarde van een investering. Deze mogen wel worden gebruikt ter dekking van de jaarlijkse kapitaallasten. Bijdragen van derden moeten op de waarde van de investering in mindering worden gebracht indien er een directe relatie aanwezig is met het actief. Implementatiekosten van software kunnen alleen worden geactiveerd wanneer het een eigen actief betreft of indien er sprake is van gebruiksrechten voor onbepaalde duur.
In andere gevallen worden implementatiekosten jaarlijks in de exploitatie begroot en verantwoord. Op vaste activa met een beperkte levensduur wordt vanaf het moment van ingebruikneming jaarlijks afgeschreven volgens de lineaire afschrijvingsmethode dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur. Bij materieel wordt rekening gehouden met een restwaarde van 5%. Op grond wordt niet afgeschreven. De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: Gronden en terreinen n.v.t. Woonruimten 5 – 40 Bedrijfsgebouwen 5 – 40 Vervoermiddelen 3 – 20 Machines, apparaten en installaties 3 – 15 Overige materiële vaste activa diverse
59 // JAARSTUKKEN 2020
Inhaalafschrijving Extra afschrijvingen vloeien voort uit duurzame waardeverminderingen van het actief (art. 65 lid 1). De waardevermindering wordt bij constatering als last genomen. Materiële vaste activa met maatschappelijk nut Niet van toepassing. Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen en leningen u/g zijn opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Vlottende activa Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid kan een voorziening in mindering worden gebracht. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste passiva Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves worden gevormd door instemmen van het algemeen bestuur. Dit gebeurt aan de hand van een format waarin wordt aangegeven wat de bestemming is, hoe deze wordt gevormd/gevoed, het wel of niet toevoegen van rente, de looptijd van de reserve en de maximale hoogte van de reserve. Indien het format is vastgesteld kunnen toevoegingen en onttrekkingen plaatsvinden binnen de gestelde normen zonder aanvullend besluit van het algemeen bestuur. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies.
Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
60 // JAARSTUKKEN 2020
9 Toelichting op de balans per 31-12-2020 Alle bedragen zijn in euro’s. 1.
Activa
Materiële vaste activa De materiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen:
Overige investeringen met een economisch nut Totaal materiële vaste activa
Boekwaarde 31-12-2020 52.231.665 52.231.665
Boekwaarde 31-12-2019 52.355.767 52.355.767
De overige investeringen met economisch nut kunnen als volgt worden onderverdeeld:
Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiele vaste activa Totaal investeringen economisch nut
Boekwaarde 31-12-2020 4.063.311 28.689.601 13.062.056 269.998 6.146.698
Boekwaarde 31-12-2019 4.119.208 28.978.974 12.614.679 116.591 6.526.314
52.231.665
52.355.767
Het onderstaand overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de overige investeringen met economisch nut weer. De kolom ‘bijdrage van derden’ is achterwege gelaten, omdat dit niet van toepassing was in 2020. Correctie betreft een deel van de grond dat in 2019 is verkocht en is meegenomen onder bedrijfsgebouwen.
De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen staan in het onderstaande overzicht vermeld: Omschrijving Water transport systemen Nieuwbouw kazerne Glanerbrug ICT - Mobiele devices Inventaris gebouwen OVD voertuigen Verbouw diverse kazernes Oefenobjecten Dienstbussen Nieuwbouw kazerne Almelo
Besteding 2020 1.745.569 1.086.836 351.562 295.282 250.330 209.689 204.439 181.955 118.600
Totaal investeringen
4.444.263
Voor meer informatie over de geplande en werkelijke investeringen in 2020 wordt verwezen naar paragraaf 10.7.
61 // JAARSTUKKEN 2020
2. Financiële vaste activa Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het jaar 2020 wordt in onderstaand overzicht weergegeven: Boekwaarde 31-12-2019
Investering
Desinvestering
Afloss. / Afschr.
Afwaar- Boekwaarde Deringen 31-12-2020
Overige langlopende leningen Hypothecaire leningen personeel
72.610
-
-
-
-
72.610
Totaal financiële vaste activa
72.610
-
-
-
-
72.610
Per 31 december 2020 wordt niet overwogen om vaste activa af te stoten. Vlottende activa 3. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden:
Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist Overige vorderingen Debiteuren Overige vorderingen Kortlopende vorderingen Totaal uitzettingen korter dan één jaar
Boekwaarde 31-12-2020 262.552 3.341.163
Boekwaarde 31-12-2019 169.692 2.741.420
316.997 88.404 29.956 4.039.072
189.762 25.724 25.870 3.152.468
Uitzettingen in ’s Rijks schatkist Schatkistbankieren houdt in dat decentrale overheden de verplichting hebben om hun middelen aan te houden bij het ministerie van financiën. Voor de middelen beneden het drempelbedrag (0,75% van het begrotingstotaal) geldt deze verplichting niet. Middelen buiten de schatkist gehouden:
Voor meer toelichting wordt verwezen naar de paragraaf financiering. 62 // JAARSTUKKEN 2020
4. Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten:
Kasgelden Rekening-courant tegoeden banken Totaal liquide middelen
Boekwaarde 31-12-2020 -
Boekwaarde 31-12-2019 150.890 150.890
5. Overlopende activa De post overlopende activa zijn als volgt te onderscheiden:
Overige vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen bedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen: Europese overheidslichamen het Rijk overige Nederlandse overheidslichamen Overige nog te ontvangen bedragen
Boekwaarde 31-12-2020 1.367.724
Boekwaarde 31-12-2019 1.121.200
385.005 122.077
6.319 352.587 208.757
1.874.806
1.688.863
Totaal overlopende activa
Overige vooruitbetaalde bedragen is als volgt opgebouwd: Verantwoording repressieve opleidingen ad. € 523.731. Diverse licentiekosten voor het dienstjaar 2021 die eind 2020 zijn betaald ad. € 712.190. Overheid meerkeuzepolis 2020 die eind 2019 is betaald ad. € 41.948. Huurkosten januari 2021 die eind 2020 is betaald ad. € 38.587 Overige facturen die betrekking hebben op het dienstjaar 2021 die eind 2020 zijn betaald ad. € 51.268. Passiva Vaste passiva 6. Eigen vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten:
Algemene Reserve Bestemmingsreserves: overige bestemmingsreserves Resultaat na bestemming Totaal eigen vermogen
Boekwaarde 31-12-2020 739.012-
Boekwaarde 31-12-2019 103.979-
1.797.447 1.763.230 2.821.664
2.192.767 56.205 2.144.993
De algemene reserve is als volgt opgebouwd: Algemene reserve: € 426.911 Reserve FLO Enschede: € 1.033.789 Reserve FLO Borne: € 132.134 Reserve FLO Enschede Gemeente Enschede en Veiligheidsregio Twente hebben op 16 oktober 2013 sluitende afspraken gemaakt over de afwikkeling van het FLO-dossier brandweer Enschede. Deze additionele set afspraken is vastgelegd in een juridisch bindende overeenkomst. Onderdeel van de afspraak is dat Veiligheidsregio Twente een vordering van gemeente Enschede ad. € 1.980.000 accepteert die bestaat uit in het verleden gemaakte FLOkosten. Om deze last niet af te wentelen op de overige gemeenten is in het AB overleg van 30 juni 2014 besloten om hiervoor een bestemmingsreserve in te stellen. Per ultimo 2020 is de stand van de reserve als uitvloeisel van deze FLO afspraak bijgesteld tot -/- € 1.033.789. Het saldo is in 2020 in nadelige zin gegroeid vanwege de 1e tranche van het versneld volstorten van de levensloop (= bepaling in de CAR)
63 // JAARSTUKKEN 2020
Reserve FLO Borne Per 1 januari 2006 is het FLO bij de brandweer herzien en wordt de 2e loopbaan ingevoerd. Voor medewerkers die onder de FLO-regeling vielen is FLO-overgangsrecht afgesproken. De gemeenten hebben afzonderlijk structureel budget ingebracht. Resultaten op deze begrotingspost worden afzonderlijk met betrokken gemeenten verrekend. In dat kader is in het AB overleg van 30 juni 2014 besloten om per gemeente een egalisatiereserve in te stellen. Door de reparatie van het FLO-overgangsrecht (en het daaruit volgende versneld volstorten van de levensloop) is het nadelige saldo van de egalisatiereserve gemeente Borne verder opgelopen. In het BBV staat dat het niet mogelijk/toegestaan is om een negatieve bestemmingsreserve te vormen. Derhalve zijn de bovenstaande reserves op verzoek van de accountant en conform besloten in het AB overleg van 29 juni 2015 tijdelijk in mindering gebracht op de algemene reserve. 7.
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Boekwaarde 31-12-2020
Boekwaarde 31-12-2019
Onderhandse leningen van: Binnenlandse banken en overige financiële instellingen
37.500.000
37.500.000
Totaal vaste schulden van één jaar of langer
37.500.000
37.500.000
De leningenportefeuille ziet er als volgt uit: Lening 2.300.000 2.500.000 3.000.000 2.200.000 2.500.000 5.000.000 5.000.000 5.000.000 10.000.000
Looptijd 5 jaar 5 jaar 9 jaar en 364 dagen 10 jaar 10 jaar 14 jaar en 365 dagen 20 jaar 25 jaar 30 jaar
Aangetrokken bij NWB NWB BNG BNG Gemeente Huizen BNG NWB NWB NWB
Einddatum 17-05-2021 04-05-2022 03-03-2023 13-10-2025 24-05-2027 03-03-2028 04-03-2033 04-03-2038 04-03-2043
Rentepercentage 0,33% 0,343% 2,68% 1,33% 1,075% 3,30% 3,65% 3,80% 3,91%
37.500.000 De rentelasten van de bovenstaande leningenportefeuille bedraagt in 2020 € 1.081.200,-.
64 // JAARSTUKKEN 2020
8. Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De in de balans opgenomen kortlopende schulden kunnen als volgt gespecificeerd worden:
Kasgeldleningen Overige schulden Crediteuren Diverse overige schulden nog te betalen kortlopende verplichtingen Rekening-courant verhoudingen Totaal netto vlottende schulden
Boekwaarde 31-12-2020 5.800.000
Boekwaarde 31-12-2019 6.400.000
987.430
898.117
7.013.503 70.422 913.228 14.784.583
6.176.168 825 1.091.311 14.566.421
Nog te betalen Boekwaarde per 31-12-2020 bestaat voornamelijk uit de volgende bedragen: Af te dragen loonbelasting: € 3.481.029. Netto salarissen: € 1.350.385. Af te dragen BTW: € 113.538. Te betalen rente vaste geldleningen over 2019: 862.176. Subsidie IOV en Uiver: € 202.752. De (gedeeltelijke) afwikkeling van deze heeft plaatsgevonden in 2020. De uitbetaling van de subsidie zal plaatsvinden in 2021. Uit te betalen vergoedingen over 2020: 254.406. De vergoedingen over december 2020 worden in januari 2021 uitbetaald. PPMO keuring ad. € 18.288. Afwikkeling Natuurbrandbeheersing 2020 ad. € 24.670. Afwikkeling resultaat Bevolkingszorg ad. € 64.542. Midlife update hoogwerker ad. € 153.100. Nog te factureren groot onderhoud gebouwen ad. € 56.208. Nog te betalen piketvergoedingen ad. € 66.646. Facturen UWV m.b.t. WW-uitkeringen ad. € 28.344. Reflectiesessie Covid-19 ad. € 24.200. Detacheringen: € 146.746. Diverse detacheringen zijn begin 2021 in rekening gebracht. Overige facturen die betrekking hebben op het boekjaar 2020 waarvan de betaling in 2020 zal plaatsvinden: € 150.967. Transitievergoedingen in verband met mobilisatie van personeel: € 15.508. Deze vergoedingen zijn in 2020 vastgesteld en de uitbetaling zal plaatsvinden in 2021.
Rekening-courant verhouden Deze post heeft betrekking op de rekening-courant verhouding tussen VRT en Meldkamer Twente. De rekening-courant verhouding is ingesteld om het betalingsverkeer voor de stichting Meldkamer Twente als verbonden partij van de VRT te regelen. 9. Overlopende passiva De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt: Boekwaarde 31-12-2020
Boekwaarde 31-12-2019
Vooruitontvangen bedragen Europese overheidslichamen het Rijk Overige Nederlandse overheidslichamen
8.095 2.670.226 433.583
15.490 2.885.391 308.302
Totaal vooruitontvangen bedragen:
3.111.904
3.209.184
65 // JAARSTUKKEN 2020
In 2020 zijn de incidentele middelen afkomstig van het Rijk geheralloceerd. In onderstaand overzicht is de herallocatie van de middelen apart weergegeven.
Europese overheidslichamen V&K / Kenniscentrum S&O / Management Het Rijk S&O / Management S&O / Strategie & Beleid S&O / OIV V&K / Opleiden & oefenen V&K / Kenniscentrum BV / Brandveilig Leven B&T / Service & Beheer B&T / Onderhoud & Techniek Repressie / Management Twente Safety Campus GHOR / Management Gemeenten IVZ VB / Management VRT Algemeen Overige Nederlandse overheidslichamen S&O / Strategie & Beleid V&K Management V&K / Kenniscentrum V&K / Vakbekwaamheid Twente Safety Campus B&T / Service & Beheer Repressie / Management IVZ Veiligheidshuis Twente VB / Management Totaal
Boekwaarde 31-12-2019
Vermindering
Vermeerdering
Boekwaarde 31-12-2020
Herallocatie
18.506
10.410
0
8.096
8.095
15.490 3.015
8.237 2.173
0 0
7.253 842
7.253 842
2.882.376 1.110.327 14.095 0
6.045.087 277.683 0 0
5.850.760 0 0 0
2.688.048 832.644 14.095 0
2.670.226 832.644 0 172.500
19.070
0
0
19.070
0
49.539 75.208 20.472
103.523 60.718 0
0 0 0
-53.984 14.489 20.472
193.153 14.489 0
0
0
0
0
5.472
20.000 0 282.737 52.160 0 1.097.719 141.049
0 0 12.500 0 0 12.500 5.578.163
0 0 0 0 0 0 5.850.760
20.000 0 270.237 52.160 0 1.085.219 413.646
0 363 0 246.000 0 100.000 1.105.604
308.302
289.230
396.687
415.760
433.583
0 0 219.634 0 0 0 70.412 0 12.291 5.964 3.209.183
0 0 25.622 0 0 0 70.413 94.960 5.835 92.400 6.344.727
0 34.980 0 0 114.571 0 0 92.136 0 155.000 6.247.447
0 34.980 194.012 0 114.571 0 0 -2.824 6.456 68.565 3.111.903
0 0 194.012 34.980 114.571 15.000 0 0 6.456 68.564 3.111.903
Langlopende financiële verplichtingen In het kader van de overdracht van de brandweer zijn de contracten geïnventariseerd en voor zover mogelijk gekwantificeerd. Per ultimo 2020 beschikt de Veiligheidsregio Twente over ca. 99 lopende contracten die voornamelijk betrekking hebben op de volgende organisatieonderdelen: Gebouwenbeheer; Beheer & Techniek; Informatievoorziening; Algemeen beheer. De resterende verplichting van de lopende contracten is in totaal berekend op € 22.683.309,-. Gebeurtenissen na balansdatum De heersende pandemie is van grote invloed geweest op de jaarrekening. Hoe de crisis zich precies ontwikkelt in 2021 is in dit stadium niet te bepalen. We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. Onze organisatie loopt geen risico voor de continuïteit. We nemen waar nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te blijven uitvoeren. Verder staat de afspraak met het ministerie van VWS dat als de Covid-19 effecten per saldo financieel nadelig uitpakken, dit nadeel door het ministerie wordt gecompenseerd.
66 // JAARSTUKKEN 2020
9.1
Toelichting op de mutaties van de reserves
In deze paragraaf worden de mutaties van de reserves toegelicht. De aard, reden en het oordeel per 31-12-2020 van de onderstaande reserves zijn te vinden in bijlage 3. Naam reserve
Saldo 31-12-2019
Resultaatbestemming Toevoegingen 2019 2020
Onttrekkingen 2020
Saldo 31-12-2020
Algemene reserve Algemene reserve Reserve FLO Enschede Reserve FLO Borne Totaal algemene reserve
370.704 -411.103 -63.582 -103.980
Bestemmingsreserves Brandweermaterieelplan Bedrijfsvoering Troned/ TSC FLO Almelo FLO Hengelo Innovatie Veiligheidshuis Twente Totaal bestemmingsreserves
145.540 125.608 501.525 971.713 267.001 181.379 2.192.767
-
-
395.320
64.699 125.608 217.858 940.901 267.001 181.379 1.797.447
Totaal reserves
2.088.787
56.207
-691.238
395.320
1.058.434
9.2
Toelichting op de mutaties van de voorzieningen
In 2020 zijn er geen voorzieningen aanwezig.
67 // JAARSTUKKEN 2020
56.207
56.207
-622.687 -68.551 -691.238
-
80.841 283.667 30.812
426.911 -1.033.790 -132.133 -739.012
10 Toelichting op het overzicht van baten en lasten 10.1 Analyse op afwijkingen tussen de begroting na wijziging en de jaarstukken De analyse op de programma’s is inclusief het taakveld overhead. Programma Multidisciplinaire onderwerpen Overzicht baten en lasten (x € 1.000,-) Baten Lasten Totaal
Begroting na wijziging 1.666 1.395 271
Realisatie
Verschil
2.650 1.952 698
984 557 427
Analyse afwijkingen Toelichting ( x € 1.000,-) Voordeel op salarissen wegens het tijdelijk niet invullen van vacature Op het gebied van samenwerking en innovatie zijn in 2020 weinig activiteiten geweest. In verband met Covid-19 zijn de multidisciplinaire oefenen en opleidingen doorgeschoven naar 2021 en/ of geannuleerd. De kosten van de gemeenschappelijke meldkamer worden doorbelast naar LMS. Deze verrekening (lasten en baten) is niet geraamd. In 2020 zijn subsidietrajecten afgerond en nieuwe trajecten gestart die niet in de begroting zijn opgenomen. Subsidie uitgaven en inkomsten heffen elkaar hier op. De kosten van Platform IVZ zijn in 2020 hoger uitgevallen. De meerkosten zijn gedekt vanuit de hogere bijdrage van de gemeenten en beschikbare incidentele middelen. De kosten van Veiligheidsstrategie Oost-Nederland zijn lager uitgevallen in 2020. In het Bestuurlijke Begeleidingsgroep Oost Nederland is op 26-01-2021 besloten om de niet-bestede gelden voor uitvoering van de Veiligheidsstrategie te doteren in een gelijknamige reserve. Betreft de pro-rato vereffening van rijksgelden en gemeentelijke gelden teneinde het rekeningsaldo vast te kunnen stellen. Deze pro-rato vereffening is op 24 maart 2014 door het algemeen bestuur vastgesteld. In verband met een positieve saldo wordt een deel van het rijksgeld vereffend. Overig. Totaal
68 // JAARSTUKKEN 2020
Lasten
Baten
-153 -31 -106 531
613
107
105
101
101
107
215
-53
1 557
2 984
Programma Brandweer Overzicht baten en lasten (x € 1.000,-) Baten Repressie Beheer & Techniek Brandveiligheid Vakbekwaamheid Strategie & Ondersteuning Troned Totaal baten Lasten Repressie Beheer & Techniek Brandveiligheid Vakbekwaamheid Strategie & Ondersteuning Troned Totaal lasten Totaal
Begroting na wijziging
Realisatie
Verschil
988 1.130 332 456 1.773 2.464 7.143
1.132 1.330 786 696 1.823 1.486 7.253
144 200 454 240 50 -978 110
12.612 12.533 4.008 5.718 4.582 2.464 41.918 -34.775
12.698 12.372 4.305 5.173 5.389 2.082 42.018 -34.765
85 -161 296 -545 807 -382 100 10
Analyse afwijkingen Toelichting (x € 1.000,-) Brandweer algemeen (salarissen) De uitkomst is het resultaat van diverse ontwikkelingen: Het werkelijke periodiek gewogen gemiddelde loopt verder weg van de begrotingsnorm (max-1). Formatie/ bezetting: verschillende vacatures zijn dit jaar tijdelijk niet vervuld. Transitievergoedingen die zijn uitgekeerd in verband met mobilisatie van personeel. Het werkelijke periodiek gewogen gemiddeld loopt verder weg van de begrotingsnorm (max -1. Noodgedwongen inzet van extra menskracht (o.a. voor het naleven van de principes van schoon werken). Het uitloopeffect (via het overgangsprotocol gegarandeerd voor het zittende personeel) is slechts ten dele in de geraamd loonsom betrokken. Daar tegenover staan inkomsten met betrekking tot detacheringen en uitkeringen (zwangerschap, ziekte etc.) Betreft de pro-rato vereffening van rijksgelden en gemeentelijke gelden teneinde het rekeningsaldo vast te kunnen stellen. Deze pro-rato vereffening is op 24 maart 2014 door het algemeen bestuur vastgesteld. In verband met een positieve saldo wordt een deel van het rijksgeld vereffend. Repressie In verband met Covid-19 zijn in Q2 en Q4 alle lokale en centrale oefeningen geannuleerd. Vrijwilligers zijn in die periode evenmin ingezet voor andere activiteiten (voorlichting, instructie). Dit heeft geresulteerd in een positief resultaat.
Dit jaar is besloten om per 01-01-2021 te stoppen met luchtsurveillance. Het saldo wordt dit jaar positief beïnvloed door de vrijval van de opgebouwde reserve. Activiteiten in het kader van brandweerwedstrijden/ jeugdbrandweer zijn geannuleerd i.v.m. Covid-19. In 2020 zijn geen open dagen geweest. Beheer & Techniek Lagere kosten op kapitaallasten repressieve uitrusting o.a. door het niet aanspreken van het concept van schoon werken (in het bijzonder de aanschaf van een 2e pak op de persoon). Uitrol van bluskleding vindt plaats in Q1/Q2 van 2021.
69 // JAARSTUKKEN 2020
Lasten
Baten
315
47
-184
-631
-5 -29 -12 -203
70
Toelichting (x € 1.000,-) De kosten met betrekking tot schadeherstel is voor een deel gedekt vanuit de schade-uitkeringen. Het verschil heeft voornamelijk te maken met het eigen risico. De persoonlijke uitrusting is dit jaar i.v.m. Covid-19 (minder oefeningen, opleidingen) minder intensief gebruikt. Daardoor zijn de daaraan verbonden uitgaven lager dan normaal. Daarnaast zijn de begrote inkomsten (o.a. ademlucht) niet volledig gehaald. De schattingswijziging in 2017 en de aanbestedingseffecten in 2020 (later leveren van de basisvoertuigen van de brandweer) heeft geresulteerd in een positief saldo op kapitaallasten materieel. In verband met het niet functioneren van de hoogwerker die in 2018 is aangeschaft is er noodzakelijkerwijs een midlife update uitgevoerd op de bestaande hoogwerker. Verkoop van een reeks dienstvoertuigen. Het gros van deze goederen is reeds afgeschreven. In verband met Covid-19 is het wagenpark minder intensief gebruikt. Dit heeft geresulteerd in lagere brandstofkosten. Eind 2018 is een eenduidige bepakkingslijst voor de tankautospuiten vastgesteld met als uitgangspunt dat deze bij de aanschaf van nieuwe tankautospuiten wordt gehanteerd. Op basis van de vastgestelde lijst is in 2020 beroep gedaan op de hiervoor beschikbare reserve om de huidige tankautospuiten te harmoniseren. I.v.m.
vertraging in de nieuwbouwprocessen liggen de werkelijke kapitaallasten in 2020 lager dan begroot. In het tweede helft van het jaar is kritisch gekeken naar de onderhoudsprojecten. Hierbij zijn alleen de noodzakelijke projecten opgepakt. Daarnaast zijn de onderhoudswerkzaamheden die in 2019 niet zijn uitgevoerd eind van het jaar verrekend met de facturatie van 2020. De schoonmaakkosten liggen structureel hoger dan begroot. In 2020 zijn eenmalige kosten gemaakt voor de tijdelijke huisvesting in Almelo en nieuwbouw Glanerbrug. Overige afwijkingen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen. Brandveiligheid De lasten en baten van Risk Factory zijn deels niet begroot. De lasten zijn gedekt binnen de bestaande gelden voor brandveilig leven en beschikbare incidentele middelen. Het subsidieprogramma Impuls Omgevingsveiligheid heeft een positief effect op de exploitatie. Het verschil tussen baten en lasten betreft de uren die vanuit Veiligheidsregio Twente zijn gemaakt en subsidiabel zijn verklaard. Overige afwijkingen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen. Vakbekwaamheid Resultaat heeft voornamelijk te maken met de effecten van Covid-19. In Q2 en Q4 zijn alle oefeningen geannuleerd. Daarnaast zijn de repressieve opleidingen doorgeschoven naar 2021 en/ of geannuleerd.