CConstaterende datHellendoorn
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Kadernota verbonden partijen

Gemeenteraad 1 april 2025, gemeente HellendoornBij agendapunt: Kadernota en evaluatie verbonden partijen7.667 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage Kadernota verbonden partijen 2025-2028

Datum: Versie: Status: Auteur:

2025-02-11 1 Definitief -

1 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

Inhoudsopgave

1.

Inleiding .........................................................................................................................................3

2.

Wat is een verbonden partij? .......................................................................................................4

3.

Welke verbonden partijen heeft de gemeente Hellendoorn? ...................................................5

4.

Rolverdeling ten aanzien van verbonden partijen .....................................................................6 4.1 Publiekrechtelijke samenwerking ............................................................................................... 6 4.2 Privaatrechtelijke samenwerking ............................................................................................. 10

5.

Taken huidige GR’en ................................................................................................................. 13 5.1 Beleidsrijke en beleidsarme GR’en .......................................................................................... 13 5.2 Wettelijke en niet-wettelijke taken ........................................................................................... 13

6.

Oprichten, evalueren en beëindigen van de samenwerking met verbonden partijen ........ 16 6.1 Publiekrechtelijke samenwerking ............................................................................................. 16 6.2 Privaatrechtelijke samenwerking ............................................................................................. 17

7.

Kaders en richtlijnen .................................................................................................................. 19 7.1 Algemeen ................................................................................................................................... 19 7.2 Oprichten van verbonden partijen ........................................................................................... 19 7.3 Samenwerken met en grip houden op verbonden partijen .................................................. 20 7.4 Evaluatie en beëindiging van de samenwerking .................................................................... 21

2 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

1. Inleiding Deze kadernota gaat over zogenaamde verbonden partijen. Dat zijn partijen waar we als gemeente bestuurlijke zeggenschap over hebben en waarin we een financieel belang hebben. Door het uitbesteden van taken aan verbonden partijen kunnen we dezelfde taken vaak met een betere kwaliteit of tegen lagere kosten (laten) uitvoeren. Door het overdragen van taken komen we op een grotere afstand te staan en laten we de aansturing van en controle op de uitvoering van deze taken aan anderen over. Daarbij ontstaan vragen: welke taken willen we overdragen aan de verbonden partijen, wat zijn de beste samenwerkingsvormen en hoe kunnen we invloed en democratische controle blijven uitoefenen op deze partijen? In veel gevallen doen we dat samen met andere gemeenten. Kortom, als we eenmaal samenwerken is de hamvraag: hoe houden we grip op de verbonden partijen? Zowel op de kwaliteit van de dienstverlening aan onze burgers en ondernemers als ook financieel, zie hiervoor met name hoofdstuk 4. Conform artikel 26 van de Verordening financieel beleid, beheer en organisatie gemeente Hellendoorn 2023 biedt het college ten minste één maal per vier jaar een (bijgestelde) nota verbonden partijen aan.

De nota verbonden partijen bevat volgens genoemd artikel ‘de kaders voor het beleid aangaande (het aangaan van nieuwe) participaties, met name de condities waaronder het publieke belang is gediend met behartiging door verbonden partijen, de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de verbonden partijen en de financiële voorwaarden’. Deze kadernota vervangt de in 2017 vastgestelde nota ‘Beleidskader verbonden partijen’ Het vaststellen van deze nota is geen wettelijke verplichting. Wel is een gemeente volgens het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (de BBV) verplicht om in de gemeentebegroting en de jaarrekening een paragraaf verbonden partijen op te nemen. De doelen van deze nota zijn om:  Kaders en richtlijnen te geven voor de samenwerking en relatie met verbonden partijen  Aan te geven hoe de gemeente Hellendoorn grip kan houden op verbonden partijen en de risico’s beheersen. Daarbij is de rolverdeling tussen de gemeenteraad en het college geschetst. We maken een onderscheid tussen de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraad en de opdrachtgevers- en eigenaarsrol van het college. Deze kadernota vormt tevens een leidraad voor de ambtelijke organisatie om aan het beleid uitvoering te geven. Leeswijzer: De kadernota beschrijft de relatie met een verbonden partij met focus op samenwerken met en grip houden op verbonden partijen.

De hoofdstukindeling is als volgt: 2. Wat is een verbonden partij? 3. Welke verbonden partijen heeft de gemeente Hellendoorn? 4. Rolverdeling ten aanzien van verbonden partijen 5. Taken huidige GR’en 6. Oprichten, evalueren en beëindigen van de samenwerking met verbonden partijen 7. Kaders en richtlijnen

3 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

2. Wat is een verbonden partij? De commissie Besluit, Begroting en Verantwoording (cie. BBV) geeft in de BBV de volgende definitie voor een verbonden partij: ‘Een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie, waar de gemeente een bestuurlijk én financieel belang in heeft.’ Heeft de gemeente alleen een bestuurlijk of een financieel belang, dan is er dus géén sprake van een verbonden partij. Volgens de BBV:  Is er een bestuurlijk belang wanneer de gemeente zeggenschap heeft, door vertegenwoordiging in het bestuur of stemrecht. Met de zeggenschap kan de gemeente beslissende invloed uit oefenen op de activiteiten van een onderneming of een gemeenschappelijke regeling.  Is er een financieel belang wanneer we een aan de verbonden partij beschikbaar gesteld bedrag niet kunnen terugvorderen als de verbonden partij failliet gaat of als we aansprakelijk zijn indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Bij leningen of garantstellingen is er geen sprake van een verbonden partij. Dan kunnen we wel juridisch verhaal halen als de partij failliet gaat. Alle verbonden partijen worden opgenomen in de paragraaf verbonden partijen in de begroting en jaarrekening van de gemeente.

Dat geldt als uitzondering ook voor een verbonden partij zonder financieel risicodragend belang, wanneer deze verbonden partij afhankelijk is van structureel geld van de gemeente voor haar activiteiten. Dat kan zijn door begrotingsfinanciering, subsidie of overeenkomst van opdracht. Deze kadernota gaat niet over andere samenwerkingsvormen zoals bijvoorbeeld gesubsidieerde instellingen. Bij gesubsidieerde instellingen is er wel sprake van een financieel belang, maar ontbreekt de deelname van de gemeente in het bestuur.

Good governance De gemeente werkt samen met de verbonden partijen aan het oplossen en aanpakken van maatschappelijke opgaven. Deze samenwerking is gericht op een zo groot mogelijk maatschappelijk rendement. De basis hiervoor zijn de kaders in de gemeentebegroting, wetgeving en uitgangspunten uit deze kadernota. We gaan er verder van uit dat de verbonden partij ook de in de eigen branche geldende wetgeving naleeft, gedragscodes respecteert en daar actief uitvoering aan geeft (‘good governance’). Voor de gemeente staat daarbij een goede dienstverlening aan haar inwoners en ondernemers centraal. We gaan er dan ook vanuit dat de verbonden partij een klachtenregeling heeft en zich houdt aan de behoorlijkheidsnormen van de Nationale Ombudsman.

Maatschappelijk rendement Het is van belang te weten in hoeverre we samen met de verbonden partijen onze maatschappelijke opgaven realiseren. We kijken daarbij naar wat er nodig is om een activiteit uit te voeren en het maatschappelijke effect van die activiteit. Over het algemeen is maatschappelijk rendement moeilijk(er) uit te drukken in geld, het is meestal wel meetbaar in indicatoren. Die indicatoren zijn opgenomen in de beleidsprogramma’s van onze eigen gemeentebegroting, en in de visies en rapportages (jaarrekening, begroting en tussentijdse rapportages) van de verbonden partijen zelf. Daarbij is het bepalen van het van het maatschappelijk rendement niet alleen aan de gemeente. Als we rendement willen beoordelen moeten we duidelijk weten wat de opgave is. En dat bepalen we het beste samen: dus verbonden partij en de gemeente.

4 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

3. Welke verbonden partijen heeft de gemeente Hellendoorn? De verbonden partijen van de gemeente Hellendoorn zijn in het volgende overzicht ingedeeld volgens de BBV-voorschriften.

Overzicht verbonden partijen Hellendoorn per 1 januari 2025: Naam verbonden partij

Juridische vorm

Vertegenwoordiging/ aandeelhouderschap

Wettelijk verplichte samenwerking

Gemeenschappelijke regelingen Veiligheidsregio Twente SamenTwente

Openbaar lichaam Openbaar lichaam

College College

Stadsbank Oost-Nederland Omgevingsdienst Twente Recreatieschap Twente

Openbaar lichaam Openbaar lichaam Openbaar lichaam

College College College

Ja Deels; zie hoofdstuk 4 Nee Ja Nee

Vennootschappen Bank Nederlandse gemeenten (BNG) Twence Holding B.V. Enexis Holding Wadinko N.V. CSV Amsterdam *)

N.V. B.V. N.V. N.V. B.V.

College College College College College

Nee Nee Nee Nee Nee

Stichtingen en verenigingen Stichting Noest

Stichting

College

Nee

Nederlands-Duits Openbaar lichaam

College + 2 raadsleden

Nee

Publiekrechtelijke samenwerkingen:

Privaatrechtelijke samenwerkingen:

Overige verbonden partijen Euregio

Instellingen met bestuurlijk belang overwegend met publieke middelen gefinancierd Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) Vereniging College Twenteboard Stichting College

N.v.t. Nee

*) CSV Amsterdam is in 2009 voortgekomen uit de verkoop van Essent aan RWE, met name voor het administratief afwikkelen van deze verkoop. De laatste zaak die liep was een gerechtelijke procedure met de belastingdienst over een naheffingsaanslag afvalstoffenbelasting van circa € 8,4 miljoen. CSV heeft deze rechtszaak gewonnen. De verwachting is dat CSV in de algemene vergadering van aandeelhouders van 17 april 2025 wordt opgeheven. Voor meer specifieke informatie per verbonden partij verwijzen we u naar paragraaf verbonden partijen in de begroting en jaarrekening van de gemeente Hellendoorn

5 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

4. Rolverdeling ten aanzien van verbonden partijen Zowel publiekrechtelijke als privaatrechtelijke samenwerkingen zijn allereerst een zaak van het college. De raad kan vooral sturen in de aanloopfase en bij het wijzigen van de kaderstelling van een verbonden partij.

4.1 Publiekrechtelijke samenwerking Juridisch kader Het wettelijk kader voor de gemeenschappelijke regelingen is de Wet gemeenschappelijke regelingen (de ‘Wgr’). De gemeenschappelijke regelingen (GR’en) waar Hellendoorn in participeert zijn ‘collegeregelingen’. In deze samenwerkingsvorm zijn alleen collegebevoegdheden overgedragen en neemt het college deel namens de gemeente. De aangesloten gemeenten vaardigen allen één collegelid af naar het algemeen bestuur (AB) van de GR. Het dagelijks bestuur (DB) wordt gekozen uit het midden van het AB en is verantwoordelijk voor de uitvoering van de besluiten van het AB. Het AB stuurt, via het dagelijks bestuur (DB) de organisatie van de GR aan. De spelregels voor de besluitvorming in het AB en in het DB zijn opgenomen in de tekst van de betreffende GR. De uitzonderingen hierop zijn de Euregio en Twenteboard; bij de Euregio zijn ook twee raadsleden aangewezen als bestuurslid en Twenteboard is formeel geen gemeenschappelijke regeling maar een stichting. Rolverdeling Om als gemeente effectief met GR’en samen te werken en grip te houden op deze regelingen, is een duidelijke rolverdeling tussen de GR, de gemeenteraad, de griffier, het college van burgemeester en wethouders (college) en de ambtelijke organisatie onmisbaar. Hieronder worden de verschillende rollen concreet uitgewerkt.

Rol gemeenschappelijke regeling:  Ontwikkelen en implementeren van het beleid op de terreinen waarvoor de regeling is opgericht  Behartigen van de gezamenlijke belangen van de deelnemende partijen voor dat beleid  Actief en passief informeren van de deelnemende gemeenten over de voortgang, besluiten en financiële status  Afleggen van verantwoording aan de deelnemende gemeentes over het gevoerde beleid en resultaten Verantwoording Het AB van een GR legt, als hoogste orgaan, formeel verantwoording af via het verspreiden van de jaarstukken aan de deelnemende gemeenten. Verder leggen de afzonderlijke collegeleden van het AB individueel verantwoording af over de genomen besluiten. Het collegelid vertegenwoordigt de gemeente vanuit de inhoud in het AB van een GR. Dat betekent ook dat het collegelid de besluitvorming binnen de GR terugkoppelt aan de ambtelijk beleidsmedewerker van een GR en – in geval van belangrijke relevante ontwikkelingen – aan het college en aan de raad.

6 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

Rol van de gemeenteraad:  Vaststellen van beleidskaders (in regionaal verband), waarbinnen het college en de GR hun taken moeten uitvoeren (kaderstelling)  Toetsen of het college de gemeentelijke belangen adequaat behartigt binnen de GR  Geven van opdrachten aan het college om te controleren of de GR de gestelde doelen en kaders realiseert (evaluaties)  Beoordelen van de uitvoering van het beleid door de GR aan de hand van informatie en rapportages van het college  Indienen van zienswijzen op ontwerpbesluiten van de GR die invloed hebben op de gemeente. De gemeenteraad is het hoogste orgaan van de gemeente en stelt de kaders vast, aan de hand waarvan het college bestuurt. Vervolgens controleert de raad de (effecten van de) uitvoering van deze kaders. De verantwoordelijkheid van de raad voor gemeentelijke taken of beleidsdoelstellingen verandert niet als voor een gemeenschappelijke regeling wordt gekozen. De rol van de gemeenteraad verandert echter wel. De democratische legitimatie van een verbonden partij komt nu van alle deelnemende gemeenten gezamenlijk. De gemeenteraad maakt voor haar toetsende en controlerende rol van de gemeenschappelijke regelingen gebruik van de volgende instrumenten: 1) De kadernota’s (of hoofdlijnenbrieven/ontwikkelingenbrieven) van de GR’en die de GR’en in het eerste kwartaal van elk kalenderjaar ter kennisgeving aanbieden aan de gemeenteraad.

Deze kadernota’s vormen de basis voor de begrotingen van de GR’en. Het college adviseert de raad over de kadernota’s, als er sprake is van relevante ontwikkelingen of belangrijke voorgenomen besluiten met materiele impact op zeggenschap en/of financiën. De kadernota’s zijn in principe voor kennisgeving. Echter er bestaat wel een mogelijkheid om een zienswijze af te geven bij de Veiligheidsregio Twente, SamenTwente en de Stadsbank Oost NL, als de meerderheid van de deelnemende gemeenten daarom verzoekt. Voor de Omgevingsdienst Twente kan dat als minimaal 4 deelnemende gemeenten daarom verzoeken. De regelgeving van het Recreatieschap Twente voor kadernota’s is op moment van schrijven nog niet bekend. 2) De begrotingen en jaarrekeningen van de GR’en In de maand april van elk kalenderjaar bieden de GR’en de begrotingen voor het komende jaar aan de gemeente aan, samen met de jaarrekeningen van het voorgaande jaar. Het aanbieden van de begroting aan de gemeente is wettelijk verplicht, zodat de raad van de gemeente in de gelegenheid is om zienswijzen in te kunnen dienen op de begroting. In de praktijk betekent dit dat de raad in juni over de begrotingen debatteert en vervolgens besluit om wel of geen zienswijzen op de begroting in te dienen.

De GR’en moeten vervolgens een schriftelijk en gemotiveerd oordeel geven over de zienswijzen van de gemeenteraden en de daaraan verbonden conclusies (Wgr artikel 35). Tegelijk met de begrotingen voor het komende jaar worden de (concept) jaarrekeningen aan de gemeente aangeboden. De jaarrekeningen zijn in principe voor kennisgeving. Echter er bestaat wel een mogelijkheid om een zienswijze af te geven bij de Veiligheidsregio, SamenTwente en de Stadsbank Oost NL als de meerderheid van de deelnemende gemeenten daarom verzoekt. Voor de Omgevingsdienst Twente kan dat als minimaal 4 deelnemende gemeenten daarom verzoeken. De regelgeving van het Recreatieschap Twente voor jaarrekeningen is op moment van schrijven nog niet bekend.

7 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

De instrumenten 1 en 2 zien er in een schema als volgt uit: Bestuursorgaan College

Gemeenteraad

Rol voor kadernota van GR’en College neemt kennis van de kadernota. Een zienswijze procedure is soms mogelijk. Gemeenteraad neemt kennis van de kadernota (januari/februari). Een zienswijze is soms mogelijk.

Rol voor begroting (swijzigingen) College stemt (niet) in met de begroting(swijzigingen) en adviseert de gemeenteraad hierop (g)een zienswijze in te dienen. Gemeenteraad stemt (niet) in met de begroting (swijzigingen) en dient hierop (g)een zienswijze in. Besluitvorming medio juni.

Rol voor jaarverslag/ jaarrekening College neemt kennis van de jaarstukken (jaarverslag/ jaarrekening). Een zienswijze procedure is soms mogelijk. Gemeenteraad neemt kennis van de jaarstukken (jaarverslag/ jaarrekening). Een zienswijze is soms mogelijk. Besluitvorming medio juni.

3) De gemeentelijke planning en control cyclus; de begroting, de bestuursrapportages en de jaarrekening van de eigen gemeente. Bij deze rapportages wordt gebruik gemaakt van de planning en control documenten van de GR’en, inclusief de besluiten van de bestuursvergaderingen van de GR’en. Deze rapportages geven inzicht in de (realisatie van) prestaties en de belangrijkste risico’s van de gemeenschappelijke regelingen. 4) De actieve informatieplicht van het college aan de raad (op basis van de Gemeentewet en de Wgr) geldt voor:  Wijziging van de doelstellingen en strategie van de verbonden partij,  Belangrijke actualiteiten in het bestuur, financiële risico’s en meer in algemene zin de continuïteit van de verbonden partij  Veranderingen in de wijze van vertegenwoordiging van de gemeente (ontslag, benoeming van bestuursleden)  (Voornemens tot) het beëindigen van een relatie met een bestaande verbonden partij 5) Onderzoeken van de rekenkamer De rekenkamer onderzoekt voor de raad de doelmatigheid, de doeltreffendheid en de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde bestuur (artikel 182 van de Gemeentewet). De rekenkamer kan besluiten onderzoek te doen naar (de prestaties van) een GR.

6) De uitkomsten van evaluatie van de verbonden partijen Voorafgaand aan de vierjaarlijkse actualisatie van de kadernota verbonden partijen wordt het functioneren van (de afspraken met) alle verbonden partijen geëvalueerd. Op verzoek van de gemeenteraad is een aparte evaluatie van een verbonden partij eerder en vaker mogelijk. Organiseren van informatiebijeenkomsten: de raad kan het initiatief nemen om (bijvoorbeeld jaarlijks) informatiebijeenkomsten te organiseren, waarbij (beleidsrijke GR’en) worden gevraagd een toelichting te geven over de activiteiten of de werkwijze van de GR. Daarnaast kunnen de GR’en de raad rechtstreeks informeren over strategie, resultaten e.d. (al dan niet in regionale bijeenkomsten). 7) Samenwerken met andere gemeenteraden om meer invloed uit te oefenen in het bestuur van een gemeenschappelijke regeling. Dat kan bijvoorbeeld via de fractielijnen of via de Twenteraad waarin de Twentse gemeenteraden onderling informatie uitwisselen over standpunten t.a.v. het besturen van de gemeenschappelijke regelingen.

8 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

Rol van de griffie De griffier speelt een cruciale rol in het versterken van de grip van de gemeenteraad op gemeenschappelijke regelingen en verbonden partijen. De belangrijkste verantwoordelijkheden van de griffier in dit kader zijn:  Ondersteuning van de Gemeenteraad Informatievoorziening. Het bundelen van relevante documenten en het signaleren van belangrijke regionale ontwikkelingen. Agendering: In samenwerking met andere griffiers kan de griffier bijdragen aan het synchroniseren van vergaderschema's, zodat de gemeenteraad op het juiste moment kan inspelen op regionale besluitvorming over GR’en. 

Faciliteren van Raadsbijeenkomsten: Organisatie van Overleggen: De griffier organiseert bijeenkomsten waarin raadsleden kwesties met betrekking tot gemeenschappelijke regelingen bespreken, zowel binnen de eigen raad als met raden van andere deelnemende gemeenten.

Advisering en Ondersteuning: Juridische en Procedurele Advisering: De griffier adviseert de raad over juridische en procedurele aspecten met betrekking tot gemeenschappelijke regelingen. Ondersteuning bij moties en initiatieven: De griffier assisteert raadsleden bij het formuleren van moties en initiatieven die gericht zijn op het versterken van de grip op gemeenschappelijke regelingen. Informatiesessies van gemeenschappelijke regelingen De griffier organiseert, op aangeven van de agendacommissie van de raad, (jaarlijks) informatierondes over (bij voorkeur) beleidsrijke gemeenschappelijke regelingen.

Rol van college van B&W:  Voorbereiden van de kaderstelling door de raad  Vertegenwoordigen van de gemeente bij de gemeenschappelijke regelingen door deel te nemen in de (dagelijkse en algemene) besturen van de verbonden partijen.  Geven van opdrachten aan de gemeenschappelijke regelingen en toetsen of/hoe de opdrachten worden uitgevoerd  Adequaat (tijdig en volledig) informeren van de raad over de voortgang van de uitvoering van de gestelde kaders Het college voert binnen de gestelde kaders het beleid uit en legt daarover verantwoording af aan de raad. Het college oefent invloed uit door deelname in het AB (en soms ook DB) van de GR’en en behartigt daar de gemeentelijke belangen. Het college zorgt voor een tijdige en volledige informatievoorziening aan de raad. Het college voldoet aan de (actieve) informatieplicht en informeert de raad over relevante ontwikkelingen en belangrijke voorgenomen besluiten met materiele impact op zeggenschap en/of financiën bij gemeenschappelijke regelingen. Daarbij gaat het vooral om ontwikkelingen en voorgenomen besluiten waar de raad invloed op kan uitoefenen c.q. een besluit nemen. Verder zorgt het college voor implementatie van besluiten van de GR binnen de gemeentelijke organisatie.

De focus bij het college ligt op het toezicht en de verantwoording, met een wat grotere afstand ten opzichte van het sturen en beheersen van de overdragen taken. In het DB van de GR heeft het collegelid een dubbele rol: die van eigenaar/ bestuurder van de GR en die van opdrachtgever/ klant namens de gemeente: de ‘dubbele petten’ problematiek. Er kan hier een belangenconflict ontstaan, omdat wat goed is voor de gemeenschappelijke regeling niet per se de beste oplossing is voor de

9 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

gemeente. Het is aan het college om dit te onderkennen en dit mee te wegen in de voorbereiding van de besluitvorming in het college en in de daadwerkelijke besluitvorming in het AB van de GR. Het college heeft als eigenaar de taak om continuïteit en de risico’s van de GR’en te bewaken en te beheersen en hier waar nodig op te sturen. In de eigenaarsrol heeft het college zeggenschap over de missie, de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de GR (beheersmatige sturing). Om de eigenaarsrol uit te voeren maakt het college jaarlijks minstens gebruik van de volgende documenten: de begrotingen van de GR (art 35 Wgr), tussentijdse rapportages en de jaarstukken. Het college heeft als opdrachtgever de taak toezicht te houden op de realisatie van de doelstellingen en de prestaties binnen de met de GR afgesproken randvoorwaarden en beschikbaar gestelde middelen. Het college streeft naar een zo goed mogelijk product tegen een zo laag mogelijke prijs (doelmatigheid en doeltreffendheid). Rol van de ambtelijke organisatie De ambtelijke organisatie ondersteunt zowel de gemeenteraad als het college bij hun taken met betrekking tot gemeenschappelijke regelingen. De verantwoordelijkheden zijn:  Voorbereiding en advisering: Het voorbereiden van besluitvorming en het adviseren van het college en de raad over deelname aan en functioneren binnen gemeenschappelijke regelingen.

Ambtenaren zorgen voor annotaties voor het college voor de algemeen bestuursvergaderingen. Daarnaast zorgt de ambtelijke organisatie, via het college, voor het voorbereiden van de besluitvorming van de raad over het al dan niet indienen van zienswijzen op de begroting of op andere kaderstellende besluiten van de GR.  Uitvoering: Het uitvoeren van taken en opdrachten die voortvloeien uit besluiten van de gemeenschappelijke regeling. Dit omvat onder meer het onderhouden van de ambtelijke contacten met de GR over de uitvoering van de taken en de afstemming waar dit de gemeentelijke taken raakt.  Informatievoorziening: Het verzamelen, analyseren en verstrekken van relevante informatie aan het college en de raad om hun sturende en controlerende taken adequaat te kunnen uitvoeren. Ook bij ambtenaren kan de dubbele petten problematiek spelen van eigenaarschap versus opdrachtgeverschap.

4.2 Privaatrechtelijke samenwerking Het juridisch kader voor privaatrechtelijke samenwerkingen is het Burgerlijk Wetboek. De privaatrechtelijke samenwerkingen bestaan voor de gemeente Hellendoorn uit vennootschappen (de zogeheten “deelnemingen”) en stichtingen. Deze partijen voeren een aantal publieke taken uit, zoals het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval, het beheer en onderhoud van het energienetwerk of stimuleren van de werkgelegenheid. Deze partijen dragen bij aan het realiseren van maatschappelijke meerwaarde en daarom is een democratische legitimering en de goede uitvoering van de taken vereist. Democratie legitimatie houdt in dat de besluitvorming van deze partijen transparant is, dat er aan de gemeente verantwoording wordt afgelegd en dat burgers indirect invloed kunnen uitoefenen op het beleid van deze partijen. Kortom, het gaat om de legitimiteit die deze partijen verkrijgen door aan te sluiten bij democratische waarden en structuren. De gemeente heeft hierbij de volgende doelstellingen:  Het realiseren van maatschappelijke meerwaarde en het borgen van het publiek belang,  Het voeren van een goed ondernemingsbestuur (“good governance”)  Het behoud van het geïnvesteerd maatschappelijke vermogen Hieronder worden de verschillende rollen concreet uitgewerkt.

10 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

Rol deelnemingen en stichtingen:  Effectief en efficiënt uitvoeren van de maatschappelijke taak  Behartigen van de belangen van de deelnemende partijen  Informeren van de deelnemende partijen over de voortgang, besluiten en financiële status  Afleggen van verantwoording aan de deelnemende partijen over het gevoerde beleid en financiële resultaten Een effectieve informatievoorziening tussen een gemeentelijke deelneming en de gemeente is van groot belang voor goed bestuur en toezicht. De gemeenteraad, het college en de ambtelijke organisatie dienen tijdig en volledig te worden geïnformeerd over de activiteiten, prestaties en strategische plannen van de deelneming. Dit gaat met name door:  Jaarlijkse rapportages: De deelneming verstrekt jaarlijks financiële verslagen en jaarverslagen aan de gemeente. Deze documenten bieden inzicht in de financiële gezondheid en operationele prestaties van de organisatie.  Tussentijdse updates: Bij significante ontwikkelingen, zoals strategiewijzigingen, grote investeringen of risico's, informeert de deelneming de gemeente. Daarnaast zijn er:  Periodieke overleggen: Periodieke bijeenkomsten tussen vertegenwoordigers van de deelneming en gemeentelijke functionarissen, zoals wethouders en ambtenaren, bevorderen de uitwisseling van informatie en afstemming van strategische doelen.

Afhankelijk van de deelneming is er soms ook:  Strategische betrokkenheid: De gemeente wordt betrokken bij het opstellen van de strategie van de deelneming of stichting. Dit kan door het benoemen van bestuurders en commissarissen, waardoor de gemeente sturing kan geven aan de deelneming. Rol van de gemeenteraad Raad:  Toetsen of het college de gemeentelijke belangen adequaat behartigt  Geven van opdrachten aan het college om te controleren of de deelneming en/of stichting de gestelde doelen en kaders realiseert  Beoordelen van de uitvoering van de overgedragen taken aan de hand van informatie en rapportages De gemeenteraad kan om de controlerende rol goed uit te kunnen voeren gebruik maken van de volgende instrumenten:  De gemeentelijke planning en control cyclus; de begroting, de bestuursrapportages en de jaarrekening. Bij deze rapportage wordt gebruik gemaakt van de begroting en jaarrekeningen van deze verbonden partijen.  Op verzoek van de gemeenteraad kan overleg met het college plaatsvinden om de verbonden partij te evalueren.  De verbonden partij kan de raad rechtstreeks informeren over strategie, resultaten e.d. Rol van het college Het college is vertegenwoordigd in de aandeelhoudersvergadering van privaatrechtelijke rechtspersonen waarin de gemeente deelneemt. Het doel is het uitoefenen van invloed c.q. sturing.

In principe vervult de portefeuillehouder financiën bij de gemeente Hellendoorn de aandeelhoudersrol. Het college legt verantwoording af aan de raad over het gevoerde beleid en de resultaten via de paragraaf verbonden partijen in de gemeentebegroting en jaarrekening. Op verzoek van de raad laat het college een verbonden partij evalueren.

11 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

De begrotingen en jaarrekeningen van de verbonden vennootschappen behoeven niet apart te worden voorgelegd aan het college. Dit heeft te maken met de relatie die de gemeente met deze vennootschappen heeft. De gemeente heeft formeel wel zeggenschap, maar die zeggenschap is beperkt vanwege een gering belang in het aandelenkapitaal van de verbonden vennootschappen. De uitkomsten van de begrotingen en jaarrekeningen van de deelnemingen worden verwerkt in de gemeentelijke begrotingen en jaarrekeningen. Bij de Stichting Noest is de aangewezen portefeuillehouder qualitate qua voorzitter van de stichting en verrekent de Stichting Noest jaarlijks het exploitatiesaldo met de gemeente. De Stichting Noest legt de begroting ter goedkeuring voor aan het college. De jaarrekening wordt ter kennisgeving aangeboden aan het college Rol van de ambtelijke organisatie De ambtelijke organisatie ondersteunt zowel de gemeenteraad als het college bij hun taken met betrekking tot gemeenschappelijke regelingen. De verantwoordelijkheden zijn:  Voorbereiding en advisering: Het voorbereiden van besluitvorming en het adviseren van het college en de raad over deelname aan en functioneren binnen de vennootschappen en stichtingen.

 Informatievoorziening: Het verzamelen, analyseren en verstrekken van relevante informatie aan het college en de raad om hun sturende en controlerende taken adequaat te kunnen uitvoeren. In een schema ziet dit er als volgt uit:

Vennootschappen/stichtingen

Jaarverslag/ jaarrekening

Begroting(swijzigingen)

- Bank Nederlandse gemeenten - Twence Holding - Enexis Holding - Wadinko - CSV Amsterdam

Besluitvorming (door de raad) via de paragraaf verbonden partijen in de actuele gemeentebegroting of gemeentelijke jaarrekening

Besluitvorming (door de raad) via de paragraaf verbonden partijen in de actuele gemeentebegroting of gemeentelijke jaarrekening

- Stichting Noest

College neemt kennis van de jaarstukken (jaarverslag/ jaarrekening)

College keurt de begroting(swijzigingen) wel/niet goed. De raad keurt begrotingsfinanciering goed via de gemeentebegroting.

12 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

5. Taken huidige GR’en 5.1 Beleidsrijke en beleidsarme GR’en Gemeenschappelijke regelingen kunnen worden onderverdeeld in beleidsrijk en beleidsarm. Bij beleidsrijke regelingen is het van belang dat de gemeente actiever stuurt op beleid en beleidsvorming. Bij beleidsarme regelingen is de beleidsruimte beperkt voor de gemeenschappelijke regelingen, want het zijn dan regelingen met voornamelijk uitvoerende taken. Voor de zes gemeenschappelijke regelingen van de gemeente Hellendoorn is de indeling als volgt: Gemeenschappelijke regeling SamenTwente Veiligheidsregio Twente Omgevingsdienst Twente Recreatieschap Twente Stadsbank Oost-Nederland Euregio

Beleidsruimte Beleidsrijk Beleidsarm Beleidsarm Beleidsarm Beleidsarm Beleidsarm

5.2 Wettelijke en niet-wettelijke taken Voor het samenwerken met een gemeenschappelijke regeling (GR) is het ook van belang om te weten of de taken van de GR wettelijke of niet-wettelijke taken betreffen. Voor de wettelijke taken is het vervolgens de vraag of een gemeenschappelijke regeling wettelijk verplicht is voor het uitvoeren van die taak of dat de gemeente dat ook zelf mag doen. De gemeente heeft de meeste beleidsruimte bij niet-wettelijke taken en vervolgens bij wettelijke taken die ze zelf mag uitvoeren. Voor de zes gemeenschappelijke regelingen van de gemeente Hellendoorn geldt het volgende: SamenTwente - Beleidsrijk SamenTwente is de overkoepelende organisatie voor GGD Twente, Veilig Thuis Twente (VTT) en de Organisatie voor Zorg en Jeugdhulp in Twente (OZJT). Daarnaast zijn Kennispunt Twente, Samen14 en Twentse Koers als gast ondergebracht bij SamenTwente Wettelijke taken:  GGD Twente: Uitvoering van de Wet publieke gezondheid (Wpg), waaronder jeugdgezondheidszorg, infectieziektebestrijding en gezondheidsbevordering. Dit is een verplichte samenwerking.  Veilig Thuis Twente (VTT): Uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) met betrekking tot het bieden van advies en ondersteuning bij huiselijk geweld en kindermishandeling Voor het advies- en meldpunt is het verplicht samen te werken in een GR.

 OZJT: Uitvoering van de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) op het gebied van zorg en jeugdhulp. Onder de aanstaande wet Verbetering Bescherming Jeugdzorg (verwachting in 2025 van kracht) wordt het verplicht om regionaal specialistische jeugdhulp in te kopen. Ook contractmanagement en - beheer maken hier onderdeel van uit. Niet-wettelijke taken:  Kennispunt Twente: Ondersteuning en versterking van de inzet en activiteiten van de Twentse gemeenten en samenwerkingspartners.  Samen14: Samenwerkingsverband gericht op het versterken van de regionale samenwerking en het realiseren van gezamenlijke ambities.  Twentse Koers: Regionale samenwerking op het gebied van gezondheid, welzijn en zorg. Deelname gemeente Hellendoorn: De gemeente kan taken waarvoor geen verplichte samenwerking geldt, zelf gaan uitvoeren.

13 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

Echter, vanwege de complexiteit en schaalvoordelen kiezen veel gemeenten voor samenwerking in een gemeenschappelijke regeling. Veiligheidsregio Twente - Beleidsarm De Veiligheidsregio Twente coördineert de brandweerzorg, rampenbestrijding, crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening in de regio. Wettelijke taken:  Uitvoering van de Wet veiligheidsregio's, waaronder brandweerzorg, rampenbestrijding, crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen. Niet-wettelijke taken: Deelname gemeente Hellendoorn: Volgens de Wet veiligheidsregio's zijn gemeenten verplicht samen te werken in een veiligheidsregio voor de wettelijke taken. Deelname aan de Veiligheidsregio Twente is voor de gemeente Hellendoorn dus wettelijk verplicht. Omgevingsdienst Twente – Beleidsarm De Omgevingsdienst Twente werkt aan een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving en voert taken uit op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Wettelijke taken:  Uitvoering van milieutaken zoals vastgelegd in de Omgevingswet  Toezicht en handhaving op het gebied van milieuvergunningen en -regelgeving. Niet-wettelijke taken:  Advisering bijvoorbeeld op het gebied van energie Deelname gemeente Hellendoorn: Hoewel gemeenten deze taken in theorie zelfstandig kunnen uitvoeren, maakt wetgeving het verplicht om deze taken via een omgevingsdienst te laten verlopen.

Recreatieschap Twente - Beleidsarm Het recreatieschap is verantwoordelijk voor het beheer en de exploitatie van recreatieparken zoals Het Hulsbeek, Het Rutbeek en Het Lageveld, evenals het onderhoud van recreatieve fietspaden en routenetwerken in Twente Wettelijke taken: Geen specifiek wettelijke taken Niet-wettelijke taken:  Beheer en exploitatie van recreatieparken en onderhoud van recreatieve fietspaden en routenetwerken.  Promotie van toerisme en recreatie in de regio. Deelname gemeente Hellendoorn: De activiteiten van het Recreatieschap Twente vallen niet onder een specifieke wettelijke verplichting voor samenwerking. Deelname aan deze gemeenschappelijke regeling is dan ook vrijwillig en de gemeente kan ervoor kiezen deze taken zelfstandig uit te voeren. Stadsbank Oost Nederland – Beleidsarm De Stadsbank Oost Nederland biedt financiële hulpverlening en schuldhulpverlening aan inwoners en ondernemers van de aangesloten gemeenten.

14 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

Wettelijke taken:  Uitvoering van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs). Niet-wettelijke taken:  Budgetbeheer. Deelname gemeente Hellendoorn: Deze samenwerking is niet wettelijk verplicht. De uitvoering van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening is een gemeentelijke verantwoordelijkheid. Gemeenten mogen deze taak zelfstandig uitvoeren, maar kiezen vaak voor samenwerking in een gemeenschappelijke regeling zoals de Stadsbank Oost Nederland om efficiëntievoordelen te behalen Euregio - Beleidsarm Euregio is een grensoverschrijdend samenwerkingsverband tussen Nederland en Duitsland dat zich richt op het bevorderen van regionale ontwikkeling en samenwerking. Wettelijke taken: Geen specifiek wettelijke taken; activiteiten zijn gericht op het faciliteren van grensoverschrijdende samenwerking. Niet-wettelijke taken:  Stimuleren van economische, sociale en culturele samenwerking tussen Nederland en Duitsland.  Ondersteuning van grensoverschrijdende projecten en initiatieven. Deelname gemeente Hellendoorn: De Euregio heeft geen wettelijke taken die gemeenten verplichten tot deelname. Deelname aan de Euregio is vrijwillig.

In onderstaand schema is samengevat hoe de samenwerking met de gemeenschappelijke regelingen van de gemeente Hellendoorn eruitziet: Samenwerking met gemeenschappelijke regeling SamenTwente: Beleidsrijk Veiligheidsregio Twente: Beleidsarm Omgevingsdienst Twente: Beleidsarm Recreatieschap Twente: Beleidsarm Stadsbank Oost: Nederland Beleidsarm Euregio: Beleidsarm

Wettelijke taken: verplichte samenwerking GGD Twente: meeste taken VTT: advies- en meldpunt Ja

Wettelijk taken: geen verplichte samenwerking GGD: enkele taken Veilig Thuis Twente (overig), OZJT

Niet-wettelijke taken: geen verplichte samenwerking Kennispunt Twente, Samen14 en Twentse Koers

N.v.t.

-

Ja

N.v.t.

Nee

N.v.t.

Nee

Uitvoering Wet gemeentelijk Schuldhulpverlening N.v.t.

Advisering bijvoorbeeld over energiecontroles. Beheer routenetwerken en recreatieplassen. Budgetbeheer.

Nee

Alle taken.

15 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

6. Oprichten, evalueren en beëindigen van de samenwerking met verbonden partijen De juridische basis is verschillend voor een publiekrechtelijke samenwerking of een privaatrechtelijke samenwerking.

6.1 Publiekrechtelijke samenwerking De juridische basis voor een publiekrechtelijke samenwerking is de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Die geldt dus voor de gemeenschappelijke regelingen van de gemeente. Samengevat staat in de Wgr: - Burgemeesters, colleges en gemeenteraden kunnen afzonderlijk of samen een samenwerking treffen. Treffen is de juridische term voor het starten van een samenwerking. - Burgemeesters en colleges sturen het ontwerp van (een wijziging van) de gemeenschappelijke regeling aan de gemeenteraad, die na ontvangst binnen 8 weken zijn zienswijze geeft - Het college heeft goedkeuring van de gemeenteraden nodig voor het aangaan van een gemeenschappelijke regeling - Ook heeft het college goedkeuring nodig voor het wijzigen of beëindigen van een regeling. In een schema ziet dit er als volgt uit:

Bestuursorgaan

Rol

Burgemeester College Gemeenteraad

Regeling treffen, wijzigen of beëindigen Regeling treffen, wijzigen of beëindigen Toestemming geven voor regeling treffen, wijzigen of beëindigen Zienswijzen geven aan burgemeester en/of college

Evaluatie en in het uiterste geval beëindigen van een publiekrechtelijke samenwerking Met een evaluatie staan we stil bij het functioneren van de gemeenschappelijke regelingen (GR) in termen van effectiviteit en efficiency en bepalen we of bijsturing (en in het uiterste geval: beëindiging) nodig is. Dat kan door onszelf, samen met de GR of eventueel met andere deelnemers. Met de evaluatie beoordeelt het college of de verbonden partij (nog steeds) effectief is in het realiseren van de gemeentelijke doelen. We gebruiken de volgende criteria voor het beoordelen van een gemeenschappelijke regeling:  Biedt de GR (nog) waarde in de te behalen doelstellingen.  Hoe doeltreffend en doelmatig worden de publieke doelstellingen gerealiseerd?  Hoe is de zeggenschapspositie van de gemeente geregeld?  Het bestuur en de bedrijfsvoering van de GR, en  De financiële ontwikkeling van de GR. De criteria voor beëindiging van een gemeenschappelijke regelingen zijn dan: • De doelstellingen zijn bereikt, • De samenwerking draagt niet (meer) bij aan het bereiken van de doelstellingen, of • Het publiek belang is gerealiseerd of kan op een andere manier kan worden geregeld, bijvoorbeeld via subsidies. Op grond van artikel 9 van de Wet gemeenschappelijke regelingen dienen gemeenschappelijke regelingen ook bepalingen te hebben over de voorwaarden waaronder en de gevolgen van uittreden.

In geval van openbare lichamen gaat het om bepalingen over het vermogen van de GR: wat zijn de

16 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

gevolgen voor bijvoorbeeld personeel, contracten, huisvesting en investeringen. Indirect kan uittreden ook (financiële) gevolgen hebben voor de achterblijvende deelnemers.

6.2 Privaatrechtelijke samenwerking De juridische basis voor privaatrechtelijke samenwerking is boek 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW). De bestuurlijke rollen voor de gemeente voor oprichting, deelname en beëindigen van deze samenwerkingen staat echter in artikel 160 van de Gemeentewet. Deze wetgeving geldt voor de vennootschappen en stichtingen, waarmee de onze gemeente samenwerkt. Samengevat staat in artikel 160 van de Gemeentewet voor deelname: - Het college besluit tot oprichting van, deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen. - Het college besluit alleen om samen te werken als daarmee het publieke belang is gediend. - Het college besluit pas nadat de gemeenteraad vooraf wensen en bedenkingen kenbaar heeft kunnen maken voor het oprichten van een privaatrechtelijke samenwerking. En voor het wijzigen of beëindigen van deze deelneming staat in artikel 169 van de Gemeentewet: “Het college geeft de raad vooraf inlichtingen over de uitoefening van de bevoegdheden indien de raad daarom verzoekt of indien de uitoefening ingrijpende gevolgen kan hebben voor de gemeente. In het laatste geval neemt het college geen besluit dan nadat de raad in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen.” In een schema ziet dit er als volgt uit:

Bestuursorgaan

Rol

College Gemeenteraad

Oprichten, wijzigen of beëindigen van de samenwerking Vooraf wensen en bedenkingen kenbaar maken voor oprichten. Voor het wijzigen of beëindigen van een samenwerking vooraf alleen indien de raad daarom verzoekt of indien het besluit ingrijpende gevolgen kan hebben voor de gemeente.

De gemeente Hellendoorn hanteert de volgende uitgangspunten bij het oprichten van verbonden partijen:  Publiek belang voorop: De samenwerking moet bijdragen aan de gemeentelijke doelstellingen en het publieke belang dienen  Duidelijke doelstellingen en afspraken: Vooraf worden taken, verantwoordelijkheden en te behalen resultaten vastgelegd.  Transparantie en verantwoording: De gemeente zorgt voor een regelmatige rapportage aan de gemeenteraad over activiteiten en prestaties van de verbonden partijen  Risicobeheersing: Er is een actieve controle op financiële en bestuurlijke risico’s van de samenwerking.  Periodieke evaluatie: we evalueren elke 4 jaar of de samenwerking nog bijdraagt aan de doelstellingen en het publieke belang  Flexibiliteit en aanpassingsvermogen: we passen indien nodig de samenwerking aan bij gewijzigde wet- en regelgeving en maatschappelijke ontwikkelingen Uit deze uitgangspunten volgen ook evaluatiecriteria. We evalueren dus elke raadsperiode met een frequentie van één keer in de vier jaren, bij voorkeur in het jaar vóór het verkiezingsjaar. Daarnaast kan op verzoek van de raad of het college tussentijds een evaluatie van een individuele partij plaatsvinden.

17 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

Evaluatie en in het uiterste geval beëindigen van een privaatrechtelijke samenwerking De evaluatie van een privaatrechtelijke samenwerking ziet er anders uit, omdat het meestal om aandeelhouderschap gaat en niet om deelname in het bestuur of raad van commissarissen van een vennootschap. We gebruiken de volgen de criteria voor het beoordelen en heroverwegen van een deelneming in een vennootschap:  Heeft het aandeelhouderschap toegevoegde waarde voor het zeker stellen van het publieke belang, of kan het bijvoorbeeld overgelaten worden aan de markt of bereikt via subsidie of inkoop.  Worden de publieke belangen voldoende behartigt, bijvoorbeeld: o De doelstellingen van de verbonden partij zijn niet meer in lijn met de gemeentelijke doelstellingen; o Er zijn grote (financiële) risico’s; dat kan bijvoorbeeld door gewijzigde fiscale wetgeving o Het bestuur van de verbonden partij is niet op orde; en o Er zijn politieke/bestuurlijke risico’s in de samenwerking. In deze gevallen kunnen we overwegen om het aandeelhoudersbelang af te stoten. Het is dan wel van belang om dit af te wegen tegen het financieel rendement van de aandelen: waardeontwikkeling en dividenden bij aanhouden versus eenmalige verkoopopbrengst bij afstoten. Zoals hiervoor beschreven legt het college een voornemen tot beëindiging van een deelneming voor aan de gemeenteraad.

De raad kan vervolgens zijn standpunt kenbaar maken. Hoewel de uiteindelijke beslissing bij het college ligt, dient het college serieus rekening te houden met de input van de raad, vooral als deze ingrijpende gevolgen voor de gemeente signaleert. In geval van beëindigen geldt voor alle verbonden partijen dat de continuïteit van de dienstverlening niet in gevaar mag komen. In geval van liquidatie houdt de verbonden partij op te bestaan. In geval van verkoop (c.q. verzelfstandiging) trekt de gemeente zich als participant terug. In de praktijk komt het voor dat de ambitie tot verkoop niet (direct)haalbaar is, omdat de aandelen niet vrij verhandelbaar zijn, zodat in dat geval de verbonden partij alsnog wordt aangehouden.

18 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

7. Kaders en richtlijnen 7.1 Algemeen 1. Deze kadernota verbonden partijen wordt om de 4 jaren geactualiseerd. Deze kadernota wordt om de 4 jaren geactualiseerd, tenzij er eerder relevante wijzigingen zijn, bijvoorbeeld als gevolg van gewijzigde wetgeving.

7.2 Oprichten van verbonden partijen 2. Er worden slechts taken overgedragen aan een verbonden partij als deze zich hiervoor lenen. Uitgangspunt is dat het laten uitvoeren van taken via een verbonden partij een maatschappelijke meerwaarde heeft. Bij sommige taken is het overigens wettelijk verplicht om deze uit te voeren in de vorm van een gemeenschappelijke regeling (zie ook hoofdstuk 5.2) 3. De best passende bestuurlijke, organisatorische en juridische vorm wordt gekozen Er zijn verschillende rechtsvormen waarin een samenwerkingsverband kan worden vormgegeven. Het uitgangspunt is dat de best passende bestuurlijke, organisatorische en juridische vorm wordt gekozen. 4. De bestuurlijke rollen zijn voor zover van toepassing helder uiteengezet en vastgelegd in statuten, regelingen en dienstverleningsovereenkomsten. Het moet juridisch volstrekt helder zijn wat partijen in hun onderscheiden rollen van elkaar mogen verwachten. 5. Met de overige gemeentelijke partners wordt bewust een afweging gemaakt of de samenwerking met de verbonden partij bijdraagt aan de gezamenlijke maatschappelijke opgave in een bepaald gebied. De samenwerking moet niet te groot of te klein zijn, maar passen bij het probleem dat de gemeentes samen willen aanpakken voor een bepaald gebied.

En de samenwerking moet echt nodig zijn en helpen om een bepaald gezamenlijk doel te bereiken, bijvoorbeeld betere zorg, milieubescherming of verkeersveiligheid. 6. Publiekrechtelijke samenwerkingsvormen hebben de voorkeur boven deelnemen in privaatrechtelijke samenwerkingsvormen waar het beleidsrijke taken betreft. De gemeente heeft meer wettelijke invloed op publiekrechtelijke samenwerkingsvormen. Daarnaast geldt voor publiekrechtelijke samenwerkingsvormen dezelfde regelgeving als voor de gemeente (zoals het BBV). 7. Er wordt alleen deelgenomen aan een nieuwe verbonden partij nadat de gemeenteraad hiermee heeft ingestemd op basis van een business case waaruit het maatschappelijk rendement blijkt. Hierin worden ook de financiële risico’s en het risicomanagement beschreven voor zowel de verbonden partij als de gemeente. Uitgangspunt is dat een verbonden partij zelf voldoende weerstandvermogen beschikbaar heeft om financiële risico’s op te kunnen vangen. 8. Bij het besluit tot het aangaan van een nieuwe verbonden partij wordt een exit strategie gevoegd. Niet alleen dient bij het raadsvoorstel of het ontwerpbesluit een business case te worden gevoegd maar ook een exit-strategie. Uit deze strategie zal blijken op welke wijze en tegen welke kosten kan worden uitgetreden uit een verbonden partij.

19 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

7.3 Samenwerken met en grip houden op verbonden partijen 9. De bestuurlijke rollen worden ingevuld zoals vastgelegd is in statuten, regelingen en dienstverleningsovereenkomsten en er is sprake van “good governance” Het moet volstrekt helder zijn wat partijen in hun onderscheiden rollen van elkaar mogen verwachten. Naast deze ‘juridische duidelijkheid’ is in het dagelijkse verkeer tussen opdrachtgever en opdrachtnemer een goede relatie met de verbonden partij en het bestuur daarvan heel belangrijk, het draait om: vertrouwen, zakelijkheid, openheid en commitment. 10. Er nemen slechts collegeleden zitting in het bestuur van een gemeenschappelijke regeling. De gemeenschappelijke regelingen van de gemeente Hellendoorn zijn allemaal collegeregelingen. Daarbij zijn alleen aan het college bevoegdheden overgedragen. Raadsleden kunnen niet worden benoemd in de besturen van collegeregelingen. Wel kunnen raadsleden zitting nemen in een adviescommissie bij collegeregelingen, als de raad daartoe besluit, tezamen met de raden van de andere gemeenten die deelnemen aan de betreffende GR. 11. Gemeenteraadsleden, collegeleden en ambtenaren nemen geen zitting in een toezichthoudende functie bij deelnemingen, waarvan de gemeente aandeelhouder is.

Een commissaris is conform het vennootschapsrecht enkel verantwoording schuldig aan de aandeelhouders van de vennootschap of stichting en hij handelt in het belang van deze organisatie, wat kan conflicteren met het publiek belang. Art 2: 140 BW stelt: De commissaris is onafhankelijk en handelt zonder last of ruggenspraak. Daarom worden alleen onafhankelijke derden benoemd die passen in het vastgestelde functieprofiel. Dit geldt wat ons betreft ook voor toezichthouders bij stichtingen, waarmee de gemeente bestuurlijk en financieel verbonden is. 12. De informatievoorziening aan de gemeenteraad is adequaat. De gemeenteraad kan goed (bij)sturen als ze tijdig, juist en volledig door het college wordt geïnformeerd. 13. De gemeente stelt kaders, de verbonden partij voert uit. Zodra is besloten een taak op afstand te zetten in een verbonden partij met een heldere opdracht, dan is de uitvoering aan die partij. Dat houdt in dat die partij vertrouwen krijgt in de uitoefening van die publieke taak. De inwoner kan terecht met klachten over de uitvoering van de taak bij de betreffende verbonden partij. Het college houdt toezicht op de uitvoering als opdrachtgever. De gemeenteraad zorgt daarbij voor de politieke kaders en controleert het college. Kortom: Het college en de gemeenteraad vormen samen het gemeentebestuur en zijn voor de verbonden partij één opdrachtgever.

De verbonden partij is de professionele opdrachtnemer. In de onderlinge relatie streeft men naar partnerschap, met respect voor ieders (wettelijke) rol. 14. Het toezicht op verbonden partijen is zodanig ingericht dat de gemeente tijdig kansen en bedreigingen kan signaleren. Dat toezicht geldt voor alle relevante ontwikkelingen van verbonden partijen. 15. De gemeenschappelijke regelingen informeren de raad met regelmaat over actuele onderwerpen en ontwikkelingen. De griffier organiseert, op aangeven van de agendacommissie van de raad, informatierondes over gemeenschappelijke regelingen. 16. Om meer invloed uit te oefenen in de algemene besturen van een gemeenschappelijke regeling vindt overleg plaats tussen de raden van de deelnemende gemeenten om gezamenlijke standpunten in te nemen. Dit kan bijvoorbeeld via fractielijnen plaatsvinden of gemeenschappelijke digitale platforms.

20 van 21

Kadernota verbonden partijen 2025-2028

7.4 Evaluatie en beëindiging van de samenwerking 17. Het maatschappelijk rendement van de verbonden partijen wordt geëvalueerd vanuit de beleidsinhoud. Via de gemeentelijke P&C cyclus wordt de vraag beantwoord in hoeverre de verbonden partij bijdraagt aan de beleidsdoelen van Hellendoorn. Daarnaast voeren gemeente en verbonden partij regelmatig gesprekken met elkaar over de opgave, de taak en de opdracht. Het uitgangspunt is dat de verbonden partij nog steeds van maatschappelijke meerwaarde moet zijn voor de gemeente. Van verbonden partijen wordt verwacht dat zij aan zelfevaluatie doen. Denk hierbij aan strategische herijking van doelen en het evalueren van het maatschappelijk rendement. 18. Een evaluatie van de verbonden partijen vindt eenmaal in de 4 jaren plaats Alle verbonden partijen worden in principe eenmaal in de 4 jaren geëvalueerd, doorgaans voorafgaand aan het actualiseren van de kadernota verbonden partijen. Op verzoek van de raad kan een evaluatie van een verbonden partij eerder of vaker plaatsvinden. 19. Bij de beëindiging van een private deelneming wordt de gemeenteraad tijdig geïnformeerd en in staat gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis aan het college van B&W te brengen. Het college legt het gemotiveerde ontwerpbesluit tot beëindiging van een private deelneming voor aan de gemeenteraad.

Als het een bevoegdheid van het college betreft, wordt de gemeenteraad in de gelegenheid gesteld wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen.

21 van 21

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15178483/3