Bijlage 5 toelichting op wijzigingen in Verordening meedoenregelingen gemeente Hellendoorn 2024
Tekst van het document
Bijlage 5 toelichting op wijzigingen in Verordening meedoenregelingen gemeente Hellendoorn 2024 1. Afstemmen van de inkomensgrens van het declaratiefonds en regeling duurzame gebruiksgoederen op het kindpakket. De inkomensgrens om in aanmerkingen te komen voor het declaratiefonds is 110% van het wettelijk sociaal minimum (Wsm). Met de toekenning van het declaratiefonds kan aanspraak gemaakt worden op de regeling duurzame gebruiksgoederen. De inkomensgrens voor de regeling duurzame gebruiksgoederen is dus ook 110% van het Wsm. De inkomensgrens voor het kindpakket is 120% van het Wsm. In de gewijzigde verordening is opgenomen om de inkomensgrens te uniformeren en vast te stellen op 120% van het Wsm. Hierdoor werken we aan meer overzichtelijk en toegankelijke voorwaarden. 2. Hernoemen van regelingen en verordening De regelingen bestaan nu uit het kindpakket, het declaratiefonds en de regeling duurzame gebruiksgoederen. Om de regelingen te uniformeren en versimpelen worden het kindpakket en het declaratiefonds samengevoegd tot meedoenregelingen. De doelen van het kindpakket en declaratiefonds zijn gelijk, namelijk dat deze bijdrage besteedt dient te worden aan activiteiten op het gebied van meedoen:
maatschappelijke activiteiten op het gebied van sport, cultuur en vorming;
maatschappelijke activiteiten in relatie tot school en verenigingen;
maatschappelijke activiteiten die bijdragen aan sociale deelname; Door ze dezelfde naam te geven, wordt het aantal verschillende regelingen overzichtelijker. De hoogte van de bijdragen blijft hetzelfde en wordt op basis van leeftijd gedifferentieerd. De regelingen die onder de huidige Verordening financiële bijdrageregelingen maatschappelijke activiteiten vallen zijn:
Kindpakket (120% Wsm);
Declaratiefonds (110% Wsm).
De nieuw vast te stellen Verordening meedoenregelingen gemeente Hellendoorn 2024 bevat de volgende regelingen:
Meedoenregelingen (120% Wsm);
Witgoedregeling (120% Wsm);
Laptopregeling (120% Wsm);
Fietsregeling (120% Wsm).
De bijdragen voor witgoed, laptop en fiets hebben als doel om mee te kunnen doen in deze samenleving. Het hernoemen van de regelingen maakt dat deze duidelijk zijn voor onze inwoners en het bereik van de regelingen wordt vergroot. Daarbij wordt ook de verordening hernoemd van verordening financiële bijdrageregelingen maatschappelijk participatie gemeente Hellendoorn 2018 naar verordening meedoenregelingen gemeente Hellendoorn 2024. 3. Herverdeling van de regeling duurzame gebruiksgoederen De regeling duurzame gebruiksgoederen bevat momenteel goederen in een brede zin. Dit gaat om bijvoorbeeld meubels, tv's, witgoed, laptop en fietsen. In de gewijzigde verordening meedoenregelingen vervalt de bijdrage voor meubels en tv's en wordt een juridische grondslag gecreëerd en voorwaarden gesteld met betrekking tot witgoed, laptops en fietsen. We kiezen ervoor om ons met name te richten op witgoed in het kader van verduurzaming. Zo komt witgoed in aanmerking wanneer deze ouder is dan 10 jaar en dient het nieuwe witgoed over minimaal energielabel C te beschikken. Dit is afgestemd met de collega's vanuit duurzaamheid. Daarnaast kiezen we voor fietsen en laptops, omdat dit belangrijke goederen zijn om deel te kunnen nemen aan de samenleving.
Een fiets is een basisvervoersmiddel dat met name kinderen maar ook volwassenen in staat stelt om te komen op plaatsen waar maatschappelijk activiteiten plaatsvinden. Laptops zijn inmiddels onmisbaar in deze samenleving. Om mee te kunnen doen in de algehele digitaliseringsslag is een laptop in elk huishouden essentieel. In het voortgezet onderwijs is daarnaast veel lesmateriaal alleen online beschikbaar. Daarom is een eenmalige bijdrage voor een laptop ook
mogelijk voor eerstejaars leerlingen op het voortgezet onderwijs. Het soort gebruiksgoederen waarvoor een bijdrage mogelijk is gemaakt, is in deze wijziging teruggebracht. De cijfers van de eerste helft 2023 van de regeling duurzame gebruiksgoederen laten zien dat er in totaal 60 aanvragen zijn gedaan. Van deze 60 zijn 19 verstrekkingen geweest voor goederen als een bed, stoffering, meubilair en tv waarvoor per 1 januari 2024 vanuit de meedoenregelingen niet langer een bijdrage mogelijk is. In het grootste deel, 41 verstrekkingen, gaat het om fietsen, laptops en witgoed waarop via een duidelijkere en toegankelijkere manier per 1 januari 2024 aanspraak gemaakt kan worden. Voor goederen waarbij eerder een bijdrage mogelijk was en per 1 januari 2024 niet meer kan in bijzondere situaties aanspraak gemaakt worden op de bijzondere bijstand of de algemene hulpverlening van stichting Hulpfonds Hellendoorn. 4. Wijziging in peildatum Op dit moment dient het inkomen 12 maanden aaneengesloten lager te zijn dan de toepasselijke bijstandsnorm. Waarbij 1 januari van het jaar waarin de aanvraag wordt ingediend de peildatum is. De peilmaanden voor de inkomenstoets zijn 1 januari en 1 september van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de aanvraag wordt ingediend. Dit is een zeer omslachtige werkwijze waarbij in sommige gevallen wordt gewerkt met inkomensgegevens van meer dan 1,5 jaar oud.
In de nu voorgestelde verordening is dit aangepast. De peildatum is de aanvraagdatum. De referteperiode is de kalendermaand voorafgaand aan de aanvraag. Bij wisselende inkomsten wordt het gemiddelde van de afgelopen 6 maanden aangehouden. Dit maakt dat de voorwaarden zijn versimpeld, regelingen sneller inzetbaar zijn en dat zowel de aanvraag als beoordeling een minder administratieve belasting is voor zowel inwoner als medewerker. 5. Vervallen vermogenstoets Afgelopen jaar is bij het toetsen van het vermogen voor de verschillende minimaregelingen gemonitord in hoeveel gevallen er sprake is van een te hoog vermogen. In de praktijk blijkt dat inwoners die een aanvraag voor minimabeleid doen nauwelijks meer vermogen hebben dan de nu toegepaste vermogensgrens. Daarbij is het administratief intensief om het vermogen te toetsen. Het vervallen van de vermogenstoets draagt bij aan het vereenvoudigen van de voorwaarden. Op basis van de eerder opgedane ervaringen heeft dit geen effect op de uitgaven.