Bijlage 5 - Aanvullende motivering van het raadsbesluit met nummer 2024-020213
Tekst van het document
Bijlage 5 Zaaknummer:
2025-005684
Onderwerp Beslissing op bezwaar voorkeursrecht Nijverdal-Zuid
Aanvullende motivering van het raadsbesluit met nummer 2024-020213 1. Evenredige belangenafweging Bij het vestigen van een voorkeursrecht is een zorgvuldige en evenredige afweging van belangen noodzakelijk, conform artikel 3:4 lid 1 en 2 van de Algemene wet bestuursrecht. Enerzijds is er het eigendomsrecht van de grondeigenaar, anderzijds het zwaarwegende algemeen belang van voldoende betaalbare woningbouw. De locatie Nijverdal-Zuid is reeds sinds 2014 in beeld als potentieel woongebied (“Zoekgebied” in de structuurvisie Hellendoorn Natuurlijk Avontuurlijk) en maakt deel uit van de concrete ambities in de recent vastgestelde Routekaart Wonen. De woningnood is, net als in de rest van Nederland hoog, en in het kader van de Woondeal Twente heeft de gemeente zich gecommitteerd aan het versnellen van woningbouw, met nadruk op betaalbaarheid en spreiding. Tegenover het individuele belang van de grondeigenaar – dat met name ziet op mogelijke waardedaling en inperking van vrije verhandelbaarheid – staat het belang van de gemeenschap bij de ontwikkeling van een toekomstbestendige woningvoorraad. Daarbij geldt dat het voorkeursrecht de eigendom niet aantast, enkel de volgorde van verkoop reguleert. Ook waarborgt de prijsvaststellingsprocedure een marktconforme prijs. Daarmee is het voorkeursrecht een proportioneel middel dat zorgvuldig is afgewogen tegen de eigendomsbelangen. 2.
Aanleiding, noodzaak en juridische gronden De juridische basis voor het voorkeursrecht ligt in de artikelen 9.10 e.v. van de Omgevingswet. De gemeente mag een voorkeursrecht vestigen op gronden waarvoor een gemeentelijke visie of beleidsdocument een nieuwe bestemming voorziet. Dat is hier het geval via zowel de structuurvisie (2014) als de Routekaart Wonen (2024), waarin de gronden benoemd zijn als potentieel woningbouwgebied. De noodzaak volgt uit de woningbouwopgave die de gemeente moet invullen. Volgens prognoses en afspraken binnen de Woondeal Twente is er een structureel tekort aan betaalbare woningen, met name voor starters en middeninkomens. Zonder regie op de grondposities is het risico groot dat particuliere en marktpartijen gronden opkopen, hetgeen leidt tot prijsopdrijving en minder sturing op de invulling van publieke doelen (zoals duurzaamheid, sociale menging, en spreiding van woningtypen). 3. Algemeen belang bij vestiging voorkeursrecht Het vestigen van het voorkeursrecht is gerechtvaardigd vanuit het algemeen belang, in het bijzonder: Het waarborgen van voldoende betaalbare woningbouw; Het voorkomen van speculatie en prijsopdrijving; Het kunnen voeren van ruimtelijke regie in het kader van de Omgevingswet; Het borgen van een planmatige, integrale gebiedsontwikkeling. 4.
Financiële onderbouwing en risicobeheersing De gemeente voert een prudent financieel beleid, ook ten aanzien van grondverwerving. Bij het al dan niet overgaan tot aankoop van gronden onder het voorkeursrecht wordt een sluitende grondexploitatie opgesteld, waarin kosten en baten in evenwicht zijn, met inachtneming van risicoreserveringen. Hoewel de gemeente niet gehouden is aan te tonen dat zij álle gronden direct kan verwerven, moet zij wel aannemelijk maken dat er op hoofdlijnen financiële ruimte is voor verwerving en ontwikkeling binnen de financiële kaders. Dit blijkt uit de reservering in de begroting ten behoeve van de
woningbouwopgave, en uit de gemeentelijke grondexploitatiesystematiek waarbij alleen investeringen worden gedaan als sprake is van een sluitende GREX of een duidelijke doorkijk daarnaartoe. De gemeente neemt dus geen onverantwoorde risico’s. Bovendien kan via samenwerking met marktpartijen en/of woningcorporaties cofinanciering worden gerealiseerd. Het voorkeursrecht stelt de gemeente in staat om tijdig positie in te nemen en scenario’s te onderzoeken zonder direct financiële verplichtingen aan te gaan.