CConstaterende datHellendoorn
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4. Nota ingekomen zienswijzen en voorstellen tot ambtshalve wijzigingen 2023-021526

Gemeenteraad 19 december 2023, gemeente HellendoornBij agendapunt: Raadsvoorstel: Gewijzigde vaststelling ontwerpbestemmingsplan "Aansluiting N35-Stationsweg te Haarle"11.900 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Uit het geluidbeleid volgt dat de ambitiewaarde moet gelden als de basiskwaliteit in het gebied.

= 23/28 =

Uit het onderzoek van Alcedo blijkt echter dat de geluidbelasting (vanwege de N35) hoger is dan de ambitiewaarde (fors hoger) maar omdat de wijziging cumulatief leidt tot een vrijwel gelijke situatie, is er sprake van een vrijwel niet waarneembare toename. Als (vanwege het gemeentelijk beleid) stiller wegdek wordt toegepast dan blijft de geluidsbelasting van het wegdek onder de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Een stiller wegdek leidt niet tot een wezenlijke verlaging van de totale geluidbelasting dus dient het geen doel, aldus de conclusie van Alcedo. Deze redenering omschrijven wij als 'salamitactiek'. Alle kleine beetjes afzonderlijk zijn 'verwaarloosbaar' en daarmee wordt betoogd dat het geheel ook verwaarloosbaar is. Dat is natuurlijk onzin. Commentaar ad 2|A. Inderdaad zijn de geluidbelastingen per individuele weg onderzocht en getoetst. Daarnaast is echter ook de totale geluidbelasting in beeld gebracht. De totale geluidbelasting van het geheel van alle wegen gezamenlijk, wijzigt vrijwel niet c.q. wijzigt vrijwel niet waarneembaar. Een stiller wegdek op het nieuwe wegvak, leidt niet tot een wezenlijke verlaging van de totale geluidbelasting en dient daarmee dus geen doel. Er is, doordat zowel de geluidbelasting van individuele wegen als van het totaal is beschouwd, geen sprake van een salamitactiek.

Conclusie ad 2A Wij adviseren u om dit onderdeel van de zienswijze ongegrond te verklaren. 2B er is nu al een overbelaste situatie ter hoogte van Stationsweg 40a. Wat voor een beoordeling van het woon -en leefklimaat voor omwonenden verder nog van belang is, is dat er ter hoogte van Stationsweg nr. 40a nu al sprake is van een overbelaste geluidsituatie, ook als het railverkeer buiten beschouwing wordt gelaten. Nr. 40a ligt nota bene pal achter de spoordijk en heeft bovendien nog een eigen wal die dempende effecten hebben op de geluidbelasting. Gelet op de al bestaande overbelaste situatie, de bijzondere ligging van nr. 40 en de toename van het verkeer op het noordelijk deel van de Stationsweg, is zeer aannemelijk dat de geluidbelasting ter plaatse van de overige percelen langs de Stationsweg toeneemt. Om die gevolgen goed in kaart te brengen en het woon- en leefklimaat te kunnen beoordelen, had nader onderzoek moeten plaatsvinden. Ten onrechte is dit niet gedaan. Commentaar ad 2B Er is onderzoek uitgevoerd naar de geluidssituatie bij álle woningen waar mogelijk sprake zou kunnen zijn van een effect op de geluidsbelasting door wijziging van de kruising. Dit effect treedt op in de directe omgeving van de kruising. Op grotere afstand is het effect van de gewijzigde kruising niet waarneembaar.

Wellicht doelen de indieners op de hogere verkeersintensiteit op de Stationsweg in het jaar 2036 ten opzichte van het jaar 2023. Deze hogere verkeersintensiteit wordt echter niet veroorzaakt door de wijziging van de kruising, maar door autonome ontwikkelingen elders. Een wijziging van de geluidbelasting door deze ontwikkeling, kan daarom niet aan de wijziging van de kruising worden toegerekend. Conclusie ad 2B Wij adviseren u om dit onderdeel van de zienswijze ongegrond te verklaren.

= 24/28 = 3.Samenvattend Hopelijk hebben wij duidelijk gemaakt dat ons belang is gelegen in het treffen van (snelheidsbeperkende) verkeersmaatregelen op de Stationsweg om de veiligheid (drukte en snelheid) voor weggebruikers en ons als aanwonenden te blijven garanderen. Ook moeten de maatregelen ervoor zorgen dat de geluidoverlast door het toegenomen verkeer wordt beperkt zodat wij een goed woon- en leefklimaat houden. Al deze aspecten behoren naar onze mening integraal onderdeel te zijn van het ter inzage gelegde bestemmingsplan zodat de uitvoering van de maatregelen voor ons afdwingbaar is via dit bestemmingsplan. Wij willen dus niet dat de te treffen maatregelen in procedure en tijd worden losgekoppeld van deze bestemmingsplanprocedure. Commentaar ad 3 Wij verwijzen voor wat betreft verkeersmaatregelen naar ons commentaar op de zienswijzen onder 1 van deze zienswijze 2. Voor wat betreft geluid: zoals aangegeven in de eerdere reacties, is er geen sprake van een duidelijk waarneembare wijziging van de geluidbelasting bij de indieners. Een goed woon- en leefklimaat wordt daarom behouden. Er is, vanwege de wijziging van de kruising, geen aanleiding om verdere maatregelen te treffen. Conclusie ad 3 Wij adviseren u om dit onderdeel van de zienswijze ongegrond te verklaren.

Zienswijze 3: is ingekomen op 11 september 2023, is ingediend door een omwonende van het plangebied en is ingeboekt onder nummer 2023-020202 en luidt als volgt: Geachte gemeenteraadsleden, Wij hebben kennisgenomen van het ontwerpbestemmingsplan "aansluiting N35Stationsweg te Haarle". Wij willen u danken voor de wijze waarop wij als aanwonenden door de projectleider de afgelopen periode zijn geïnformeerd over dit plan. Wij hopen dat u begrijpt dat wij het algemeen belang voor de aanpak van de aansluiting N35Stationsweg onderkennen, maar dat wij door de realisatie van dit plan onder meer geschaad worden in ons woongenot. Wij maken dan ook gebruik van de mogelijkheid een zienswijze kenbaar te maken. Onze zienswijze richt zich met name op de volgende punten: 1. 2. 3. 4.

Toename verkeersbewegingen Toename wegverkeerslawaai Afname privacy Verkeersonveilige ontsluiting van het perceel

Ad 1. Toename verkeersbewegingen In de bijlagen bij het bestemmingsplan wordt, onder meer ten behoeve van het akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, de verwachte verkeerstoename geschetst. Hierbij is, zover wij kunnen herleiden, alleen uitgegaan van een autonome toename van de verkeersbewegingen. Er is echter geen rekening gehouden met de verplaatsing van verkeersbewegingen als gevolg van een betere aansluiting van de N35 op het

= 25/28 = verkeersnetwerk van en naar Haarle en achterliggend gebied (o.a. van en naar Nijverdal richting Nieuw-Heeten, Holten, Al en Deventer). Samen met de verbetering voor het kruisend verkeer met de N35 (o.a. van en naar Luttenberg en Hellendoorn) zal dit leiden tot een significante toename van het aantal verkeersbewegingen boven op de autonome toename zoals deze als uitgangspunt is gehanteerd bij het opstellen van het ontwerpbestemmingsplan. Wij vinden het belangrijk dat de juiste aannames gehanteerd worden t.a.v. het aantal verkeersbewegingen, aangezien het aantal verkeersbewegingen consequenties heeft voor het geluidsniveau, de privacy en de verkeersveiligheid van de ontsluiting van ons perceel. Wij verzoeken u dan ook de hierboven geschetste wijzigingen ten aanzien van de huidige verkeersbewegingen nader te analyseren en te verwerken in het inrichtingsplan, de regels en de onderbouwing van het bestemmingsplan. Daarnaast verzoeken wij ook om het huidige verkeersbeeld met effecten herleidbaar en transparant vast te leggen, waardoor ook na realisatie middels monitoring de daadwerkelijke effecten vastgesteld kunnen worden. Dit met als doel om afwijkingen van de aannames vast te kunnen stellen en alsnog additionele maatregelen te treffen om negatieve effecten op ons woongenot en de veiligheid van de ontsluiting van ons perceel weg te kunnen nemen.

Commentaar ad 1 Voor ons commentaar op deze zienwijze, verwijzen wij naar ons commentaar onder ad 1 van zienswijze 2. Conclusie ad 1. Wij adviseren u om dit onderdeel van de zienswijze ongegrond te verklaren. Ad 2. Toename wegverkeerslawaai In het akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai (Alcedo, rapportnummer 2309712.R0l.V0l, dd. 3 juli 2023) is een toename van de (cumulatieve) geluidsbelasting berekend. Wij verwachten dat de toename onderschat wordt, aangezien: 1. De berekening gebaseerd is op de verwachte verkeerstoename zoals hierboven bij punt 1 is geschetst. Aangezien de toename onzes inziens onderschat is, wordt ook de toename van de (cumulatieve) geluidsbelasting onderschat. 2. De ligging van het wegdek t.o.v. het maaiveld ter plaatse van het viaduct (incl. open afrit) aanzienlijk toeneemt. Voor ons is niet herleidbaar of (in voldoende mate) rekening gehouden is met de hoogte van het ontstaan van het wegverkeerslawaai t.o.v. de hoogteligging van ons perceel en de verspreiding van wegverkeerslawaai vanaf deze hoogte. Daarnaast wordt er extra vermogen gevraagd van de voertuigen om het viaduct op te rijden. Dit betekent dat de voertuigen meer geluid produceren dan bij een horizontaal gelegen wegdek.

De (onzes inziens onderschatte) toename van het wegverkeerslawaai en de locatie waar het geluid ontstaat (op hoogte en ter hoogte van de achterzijde van onze woning) zal ons woongenot rechtstreeks beïnvloeden. We verwachten zowel buitens- als binnenshuis een significante toename van het verkeerslawaai. Wij verzoeken u in de berekeningen rekening te houden met de door ons aangegeven punten en de resultaten te verwerken in het inrichtingsplan, de regels en de onderbouwing van het bestemmingsplan. Commentaar ad 2 onder 1

= 26/28 = Zoals is verwoord onder ons commentaar op de zienswijzen onder ad 1 van zienswijze 2, wordt de verwachte verkeerstoename veroorzaakt door autonome ontwikkelingen die volledig los staan van de beoogde realisering van een ongelijkvloerse kruising Almeloseweg/Stationsweg te Haarle. Conclusie ad 2 onder 1 Wij adviseren u om dit onderdeel van de zienswijze ongegrond te verklaren. Commentaar ad 2 onder 2 Er moet rekening worden gehouden met extra geluid als er sprake is van een duidelijke helling én een groot hoogteverschil. Afhankelijk van de hellinghoek, kan dit leiden tot een hogere geluidbelasting. Volgens het Reken- en meetvoorschrift 2012, moet sprake zijn van een helling van minimaal 3 graden en een hoogteverschil van minimaal 6 meter. Uit verificatie van het ontwerp blijkt, dat hiervan sprake is. In het rekenmodel is hier echter geen rekening mee gehouden. Daarom is het rekenmodel alsnog hierop aangepast. Uit de aangepaste berekening - inclusief het effect van de helling – blijkt, dat de geluidbelasting vanwege alleen de nieuwe weg met ten hoogste 0,4 dB toeneemt, bij de woningen direct om het viaduct. De geluidbelasting blijft bij álle woningen binnen de wettelijke grenswaarde van 48 dB. De cumulatieve geluidbelasting wijzigt met ten hoogste 0,2 dB bij de woningen Almeloseweg 11 en 11a. Bij de overige woningen wijzigt de cumulatieve geluidbelasting niet.

De aangepaste berekeningen leiden, vanwege het minimale verschil, niet tot een andere beoordeling of andere conclusies. De aanpassingen zijn verwerkt in een gecorrigeerd rapport. Conclusie ad 2 onder 2 Wij adviseren u om dit onderdeel van de zienswijze gegrond te verklaren en het aangepaste rapport bij de plantoelichting te voegen. Dit leidt evenwel formeel niet tot een vaststelling van het bestemmingsplan in afwijking van het ter visie gelegde ontwerpbestemmingsplan omdat het hier gaat om een aanpassing van de plantoelichting. Ad 3 Afname privacy Naast dat het aantal verkeersbewegingen naar verwachting toeneemt, ontstaat er met name ter plaatse van het viaduct (incl. afrit) een zichtlijn die het mogelijk maakt om achter onze woning in onze tuin en op het perceel te kijken. Deze mogelijkheid is er in de huidige situatie niet. In het huidige inrichtingsplan zijn geen maatregelen opgenomen om deze zichtlijn en daarmee de inkijk weg te nemen. Het ontstaan van deze zichtlijn en de mogelijkheid tot inkijk tast onze privacy en daarmee ons woongenot in ernstige mate aan. Wij verzoeken u om maatregelen (bijvoorbeeld aanvullend groen op en onder het talud) te treffen die de zichtlijn en daarmee de inkijk wegnemen.

Commentaar ad 3 De gemeente Hellendoorn wil graag, samen met de indiener van deze zienswijze in gesprek om afstemming te zoeken over de wijze hoe te komen tot een goede landschappelijke inpassing. Het inrichtingsplan voor de landschappelijke inpassing is indicatief en dient nog nader uitgewerkt te worden. In onderstaande figuur zijn zichtlijnen opgenomen die van invloed zijn op de privacy van de indiener. Om de privacy te garanderen, heeft het

= 27/28 = behoud van de bestaande bosschage op de percelen van 11/11A onze voorkeur. Dat zal in zekere mate bijdragen aan het voorkomen van zichtlijnen vanaf het viaduct, zie daartoe onderstaande illustratie. Aanvullende landschappelijke inpassingsmaatregelen willen we – zoals hiervoor opgemerkt - graag samen met de bewoners bespreken. De inpassing kan binnen de bestemmingsplanvoorwaarden worden uitgevoerd en is dus nadere detailinvulling van de betreffende voorwaarden.

Conclusie ad 3 Wij adviseren u om dit onderdeel van de zienswijze ongegrond te verklaren met in acht name van de in ons commentaar verwoorde opmerkingen. Ad 4 Verkeersonveilige ontsluiting perceel Het verkeer vanaf het viaduct richting Haarle sluit met een bocht aan op ons perceel. Dit maakt dat wij vanuit onze inrit bij het oprijden van de Stationsweg geen zicht hebben op aankomend wegverkeer. Daarbij verwachten wij dat dit wegverkeer, geholpen door het hoogteverschil bij het afrijden van het viaduct, een (te) hoge snelheid heeft. Wij vinden het belangrijk dat wij, onze kinderen en bezoekers op een veilige wijze vanaf ons perceel de Stationsweg kunnen betreden. Wij verzoeken u om maatregelen te treffen die een verkeersveilige ontsluiting van ons perceel mogelijk maken. Wij verzoeken u het inrichtingsplan en de regels hierop aan te passen. Commentaar Ad 4

Bij de nadere uitwerking van de landschappelijke inpassing, zal dit aspect in het technisch ontwerp worden meegenomen. Op voorhand merken wij op dat wij aspecten als verkeersveiligheid en inkijk (privacy) hebben afgewogen. Het bestemmingsplan is op die punten - naar ons oordeel - niet onevenredig schadelijk voor de indiener van zienswijze 3 Conclusie ad 4 Wij adviseren u om dit onderdeel van de zienswijze ongegrond te verklaren met in acht name van de in ons commentaar gemaakte opmerking.

= 28/28 = 5.Tot slot Wij stellen het op prijs nadrukkelijk betrokken te worden bij de verdere uitwerking van het plan (inclusief detaillering en landschappelijk inpassing). Dit om op een constructieve wijze samen na te gaan op welke wijze onze verzoeken, passend bij onze belangen, ingepast kunnen worden. Wij zijn natuurlijk altijd bereid om onze zienswijze nader toe te lichten en eventuele vragen te beantwoorden. Commentaar en Conclusie ad 5 Dit deel van de zienswijze nemen wij voor kennisgeving aan. Wij zeggen toe dat wij op een constructieve wijze het definitieve ontwerp van het plan met appellanten zullen uitwerken en overige direct omwonenden/belanghebbenden zullen informeren,

Resumé Per saldo stellen wij u voor: 1. om alle drie de indieners van een zienswijze ontvankelijk te verklaren in hun zienswijzen; 2. om de ingekomen zienswijze onder 1 voor wat betreft onderdeel 28 voor kennisgeving aan te nemen; 3. om onderdeel 12 van zienswijze 1 gegrond te verklaren voor wat betreft het terugbrengen van de maximaal toegestane bouwhoogte van het viaduct van 20 meter naar 8 meter; 4. om de onderdelen 29 en 30 van de zienswijze onder 1 gegrond te verklaren voor wat betreft de stelling van appellant dat een bestemmingsplan uitsluitend regels kan stellen voor gronden gelegen binnen de grenzen van het plangebied en de door appellant aangehaalde passage uit de planregels te verwijderen; 5. om het bestemmingsplan voor wat betreft de aangegeven onderdelen 12 en 29 en 30 van de zienswijze onder 1, gewijzigd vast te stellen ten opzichte van het ter visie gelegde ontwerpbestemmingsplan; 6. om onderdeel van 27 van de zienswijze onder 1 gegrond te verklaren voor wat betreft de aanpassing van het rekenmodel in de plantoelichting. Dit leidt evenwel niet tot een vaststelling van het bestemmingsplan in afwijking van het ter visie gelegde ontwerpbestemmingsplan omdat het gaat om een aanpassing van de plantoelichting; 7. om de overige onderdelen van zienswijze 1 ongegrond te verklaren. 8. om de zienswijze onder 2 ongegrond te verklaren; 9.

om onderdeel 2 van de zienswijze onder 3 gegrond te verklaren voor wat betreft de aanpassing van het rekenmodel in de plantoelichting. Dit leidt evenwel niet tot een vaststelling van het bestemmingsplan in afwijking van het ter visie gelegde ontwerpbestemmingsplan omdat het gaat om een aanpassing van de plantoelichting; 10. om onderdeel 5 van de zienswijze onder 3 voor kennisgeving aan te nemen; 11. om de overige delen van de zienswijze ongegrond te verklaren; 12. om het bestemmingsplan op de hiervoor aangegeven onderdelen gewijzigd vast te stellen ten opzichte van het ter visie gelegde ontwerpbestemmingsplan, nu dat bestemmingsplan naar ons oordeel voldoet aan het criterium van een goede ruimtelijke ordening.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14996770/1