Bijlage 2 - Bodemonderzoek Stationsweg 36 Haarle
Tekst van het document
Milieuadviesbureau voor: • Bodemonderzoek • Bodemsanering • Milieuvergunningen Bezoekadres: Barkstraat 5 Raalte Postbus 253, 8100 AG Tel: 0572-360998 E-mail: info@hunneman-milieu.nl IBAN/rek.nr NL 69 RABO 0142997862 K.v.K. Zwolle 05064200
Mevrouw J. Scharphof Stationsweg 36 7448 RJ HAARLE
Ons kenmerk: Uw kenmerk: Contactpersoon: Onderwerp:
e-mail: 240417/am01 dhr. A. Mager Historisch vooronderzoek op de locatie aan de Stationsweg 36 te Haarle
jolande.scharphof@gmail.com
Raalte, 15 mei 2024
Geachte mevrouw Scharphof, In uw opdracht is in mei 2024, door Hunneman Milieu-Advies Raalte BV, een historisch vooronderzoek uitgevoerd op de locatie aan de Stationsweg 36 te Haarle. 1. Aanleiding en doel Het historisch vooronderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van de voorgenomen functiewijziging van de locatie en heeft tot doel inzicht te geven of op de locatie verontreinigingsbronnen aanwezig zijn (geweest), welke de milieuhygienische kwaliteit van de bodem en het grondwater negatief kunnen hebben beïnvloed. Figuur 1: overzicht onderzoekslocatie
2. Uitvoering vooronderzoek [NEN-5725] In de NEN-5725 zijn 7 aanleidingen tot vooronderzoek naar landbodems geformuleerd. Voor elke afzonderlijke aanleiding tot vooronderzoek dienen verschillende onderzoeksvragen te worden beantwoord. De verplicht te onderzoeken aspecten zijn per aanleiding omschreven in tabel 1.
Al onze opdrachten worden uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen opgenomen in ‘Rechtsverhouding opdrachtgever–architect, ingenieur en adviseur DNR 2011’, welke verkort wordt aangehaald als ‘DNR 2011’.
Pagina 1 van 5
Tabel 1:
verschillende onderzoeksaspecten Aanleidingen tot vooronderzoek
ONDERZOEKSASPECTEN 1. locatiegegevens 2.bodemopbouw en geohydrologie
3. verwachting t.a.v. de bodemkwaliteit
4. gebruik/beïnvloeding van de locatie, verdachte situatie, activiteiten, ongewoon voorval 5. terreinverkenning
eigendomssituatie hoogteligging bodemopbouw antropogene lagen in de bodem geohydrologie geval van ernstige bodemverontreiniging kwaliteit o.b.v. BKK o.b.v. uitgevoerde bodemonderzoeken voormalig huidig toekomst asbestverdacht voorafgaand aan de uitvoering
A
B
O
O
C
D
E
F
G
O
O
O
A. bodemonderzoek, par. 6.2.1; E. opstellen/ actualiseren bodemkwaliteitskaart (Bbk), par. 6.2.5; F. gebruik bodemkwaliteitskaart (Bbk), par. 6.2.6; B. nul‐ en eindsituatieonderzoek, par. 6.2.2; G. inschatten van arbeidshygiënische risico’s, par. 6.2.7. C. bodemkwaliteitsklasse (Bbk), par. 6.2.3; D. partijkeuring, par. 6.2.4; Verplicht onderzoeksaspect. Indien niet van toepassing, wordt dit vermeld en gemotiveerd O Optioneel
Het vooronderzoek is uitgevoerd conform paragraaf 6.2.1 “opstellen hypothese bodemkwaliteit ten behoeve van een bodemonderzoek” uit de NEN-5725. Hierbij zijn de volgende bronnen geraadpleegd: informatie verstrekt door de opdrachtgever; informatie Gemeente Hellendoorn; omgevingsrapportage Provincie Overijssel; locatiebezoek; informatie www.google.nl/maps en pdokviewer.pdok.nl; informatie www.topotijdreis.nl; informatie www.bodemloket.nl; informatie www.bagviewer.kadaster.nl; informatie grondwaterkaart van Nederland en www.dinoloket.nl; Kadaster. 3. Bodemopbouw en geohydrologie Regionale bodemopbouw Voor de bodemgegevens en de geohydrologische informatie is gebruik gemaakt van de grondwaterkaart van Nederland (het rapport 27 oost, 28 west (TNO-DGV, 1985)). De regionale bodemopbouw is weergegeven in tabel 2. Tabel 2:
schematische voorstelling van de regionale bodemopbouw
pakket
diepte (in m-mv)
1e watervoerend pakket (form. van Twente en Kreftenheye)
0 - 20
samenstelling matig fijn tot matig grof zand
scheidende laag (form. van Drenthe)
20 - 40
klei
2e watervoerend pakket (form. van Urk, Enschede, Harderwijk)
40 - 155
fijn tot matig grof zand, grind
basis (form. van Breda)
>155
klei
Toelichting:
WVP = watervoerend pakket
Grondwaterstroming: In het eerste watervoerend pakket stroomt het grondwater ‘s zomers en ‘s winters in noordwestelijke richting.
Al onze opdrachten worden uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen opgenomen in ‘Rechtsverhouding opdrachtgever–architect, ingenieur en adviseur DNR 2011’, welke verkort wordt aangehaald als ‘DNR 2011’.
Pagina 2 van 5
4. Onderzoekslocatie en kadastrale informatie De onderzoekslocatie is gesitueerd aan de Stationsweg 36 te Haarle en staat kadastraal bekend als: gemeente Hellendoorn, sectie S, nummer 1035. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van 9.285 m2. 4. Huidige en toekomstige situatie Op de locatie is/was een paardenfokkerij gesitueerd. De locatie heeft momenteel een agrarische bestemming. Het voornemen bestaat de bestemming te wijzigen naar wonen. Foto 1 en 2: overzicht locatie
Foto 3 en 4: overzicht schuurtje en paardenbak
5. Historische informatie De volgende milieuvergunningen/meldingen zijn voor de onderzoekslocatie bekend: hinderwetvergunning voor het oprichten en in werking brengen en houden van een rundvee-. varkens- en pluimveebedrijf met mestopslag, mei 1982; melding wet milieubeheer, afstoot rundvee, de varkens en het pluimvee en verandering van inrichting naar het houden van fokooien met bijbehorende lammeren en rammen, juni 1995; melding ingevolgde het ‘Activiteitenbesluit milieubeheer’ voor het starten van een paardenfokkerij, november 2019. Voor zover bekend hebben op de locatie geen activiteiten/calamiteiten plaatsgevonden die de milieuhygiënische bodemkwaliteit nadelig kunnen hebben beïnvloed. Uit informatie van Bagviewer dateert de eerste bebouwing uit 1935. Het schuurtje bij de paardenbak is recentelijk gebouwd (2021). Op www.topotijdreis.nl is vanaf 1954 de eerste bebouwing waarneembaar. Hiervoor was de locatie in gebruik als bouw-/ weiland. Figuur 2: situatie topotijdreis 1935 en 1954
Al onze opdrachten worden uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen opgenomen in ‘Rechtsverhouding opdrachtgever–architect, ingenieur en adviseur DNR 2011’, welke verkort wordt aangehaald als ‘DNR 2011’.
Pagina 3 van 5
Figuur 3: situatie topotijdreis 1975 en 2022
6. Voorgaande bodemonderzoeken De locatie is, voor zover bekend, niet eerder onderzocht. 7. Bodemkwaliteitskaart Op basis van de ontgravingskaart bovengrond uit de Bodemkwaliteitskaart Twente wordt de bodemkwaliteitsklasse Landbouw/natuur verwacht. Figuur 4: ontgravingskaart bovengrond Bodemkwaliteitskaart Twente
Er zijn geen specifieke aanwijzingen voor de aanwezigheid van PFAS, ter plaatse van de onderzoekslocatie. Figuur 5: Bodemkwaliteitskaart PFAS Twente, risicolocaties
Al onze opdrachten worden uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen opgenomen in ‘Rechtsverhouding opdrachtgever–architect, ingenieur en adviseur DNR 2011’, welke verkort wordt aangehaald als ‘DNR 2011’.
Pagina 4 van 5
8. Asbest Volgens de asbestdakenkaart van de Provincie Overijssel zijn binnen de locatie geen asbestdaken aanwezig/geweest. Figuur 6: Asbestdakenkaart Provincie Overijssel
9. Veldinspectie Tijdens het locatiebezoek op 1 mei 2024 is ten westen van het woonhuis 1 grondboring verricht. Zintuiglijk zijn in de vaste bodem geen noemenswaardige bijmengingen en/of verontreinigingskenmerken waargenomen. De boorstaat is opgenomen in bijlage 3. De boorlocatie is weergegeven op tekening 1-1. 10. Bespreking resultaten en conclusies Op basis van de geïnventariseerde gegevens concluderen wij dat ter plaatse van de onderzoekslocatie geen activiteiten en/of calamiteiten hebben plaatsgevonden die de milieuhygiënische bodemkwaliteit nadelig kunnen hebben beïnvloed. De hypothese luidt dat de onderzoekslocatie niet verdacht is voor bodemverontreiniging. Dit historisch onderzoek betreft geen zogenaamde “schone grondverklaring” en geeft geen inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de eventueel vrijkomende grond. Indien bij toekomstige werkzaamheden grond vrijkomt, welke niet op de locatie kan worden hergebruikt, dient aanvullend veld- en laboratoriumonderzoek plaats te vinden, om de afvoer- en verwerkingsmogelijkheden vast te stellen. Met vriendelijke groeten, Hunneman Milieu-Advies Raalte BV
A. Mager Bijlagen: 1. Kadastraal overzicht; 2. Relevante historische informatie; 3. Boorbeschrijving Tekening: 1-1 Situatie onderzoekslocatie met boring
Al onze opdrachten worden uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen opgenomen in ‘Rechtsverhouding opdrachtgever–architect, ingenieur en adviseur DNR 2011’, welke verkort wordt aangehaald als ‘DNR 2011’.
Pagina 5 van 5
BIJLAGE 1 Kadastraal overzicht
Kadastrale kaart
Uw referentie: 240417
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 2000
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Hellendoorn S 1035
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 30 april 2024 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
BIJLAGE 2 Relevante historische informatie
Bodeminformatie Stationsweg 36 te Haarle
Geselecteerd gebied
Locatie
25-meter contour
Percelen
(c) 2024 Nazca - Pagina 1 van 10 - 18-04-2024
Inhoudsopgave Inleiding
3
Gegevens binnen het geselecteerde gebied
5
Locaties
5
Gegevens binnen de 25-meter contour rond het geselecteerde gebied
6
Locaties
6
Disclaimer
7
Toelichting
8
(c) 2024 Nazca - Pagina 2 van 10 - 18-04-2024
Inleiding Indien er stoffen in de bodem voorkomen die van nature niet in de bodem zitten is sprake van bodemverontreiniging. De provincie Overijssel en vijf grote gemeenten in Overijssel (Almelo, Deventer, Enschede, Hengelo en Zwolle) zijn in het kader van de Wet bodembescherming (Wbb) aangewezen als de instanties die toezien op het saneren van verontreinigde bodem en het voorkomen van nieuwe bodemverontreiniging (bevoegd gezag Wet bodembescherming). Zij sturen de bodemsaneringsoperatie aan en voeren zelf bodemsaneringen uit en beoordelen plannen en saneringen die door anderen (bedrijven, particulieren en gemeenten) worden uitgevoerd. Naast deze bevoegde gezagen voor de Wet bodembescherming zijn alle gemeenten bevoegd voor wat betreft de niet ernstige bodemverontreiniging. Sinds de oprichting van de Omgevingsdiensten in 2018 zijn (een deel van) de bodemtaken overgedragen van de provincie en gemeenten aan de Omgevingsdienst Twente en de Omgevingsdienst IJsselland. In Overijssel werken de provincie, omgevingsdiensten en een groot aantal gemeenten met hetzelfde Bodeminformatiesysteem (BIS); een overzicht hiervan is opgenomen in bijgevoegde tabel. In deze rapportage treft u gegevens aan die afkomstig zijn uit dat BIS. Hiermee krijgt u een indruk van de aan- of afwezigheid van gegevens over mogelijke bodemverontreiniging in het geselecteerde gebied.
Indien uit de tabel blijkt dat de gemeentelijke gegevens niet of gedeeltelijk worden meegenomen in het BIS, dan verzoeken wij u contact op te nemen met de betreffende gemeente voor het verkrijgen van de relevante bodemdata. Indien er bij de in deze rapportage vermelde locaties ook documenten met links zijn vermeld kunnen deze documenten vanuit deze rapportage gedownload worden. Deze documenten zijn zo zorgvuldig mogelijk geautomatiseerd geanonimiseerd. Desondanks kan het voorkomen dat deze documenten toch nog persoonsgegevens bevatten. Op verzoek zullen wij deze gegevens alsnog uit het document verwijderen. Als u vragen heeft over de in dit rapport vermelde gegevens, of melding wilt maken van niet goed geanonimiseerde documenten of andere fouten of onvolkomenheden in de rapportage dan kunt u contact opnemen met de betreffende Omgevingsdienst of gemeente. De contactgegevens staan in onderstaande tabel.
Gemeente
Gegevens opgenomen in het gezamelijke BIS en in deze rapportage
Aanvullende informatie op te vragen via
Almelo
Ja
bodemdata@almelo.nl
Borne
Ja
info@borne.nl
Dalfsen
Ja
bodem@odijsselland.nl
Deventer
Ja
bodem@odijsselland.nl
Dinkelland
Ja
info@dinkelland.nl
Enschede
Nee
https://www.enschede.nl/ondergrond
Haaksbergen
Deels
gemeente@haaksbergen.nl
Hardenberg
Ja
bodem@odijsselland.nl
Hellendoorn
Ja
gemeente@hellendoorn.nl
Hengelo
Ja
gemeente@hengelo.nl
(c) 2024 Nazca - Pagina 3 van 10 - 18-04-2024
Hof van Twente
Ja
info@hofvantwente.nl
Kampen
Ja
bodem@odijsselland.nl
Losser
Deels
gemeente@losser.nl
Oldenzaal
Ja
info@oldenzaal.nl
Olst-Wijhe
Ja
bodem@odijsselland.nl
Ommen
Ja
bodem@odijsselland.nl
Raalte
Ja
bodem@odijsselland.nl
Rijssen-Holten
Ja
gemeente@rijssen-holten.nl
Staphorst
Ja
bodem@odijsselland.nl
Steenwijkerland
Ja
bodem@odijsselland.nl
Tubbergen
Ja
gemeente@tubbergen.nl
Twenterand
Ja
info@twenterand.nl
Wierden
Ja
bouwenenwonen@wierden.nl
Zwartewaterland
Ja
bodem@odijsselland.nl
Zwolle
Ja
bodem@odijsselland.nl
Omgevingsdienst Twente
Ja van Provincie
info@odtwente.nl
Omgevingsdienst IJsselland
Ja van Provincie
bodem@odijsselland.nl
(c) 2024 Nazca - Pagina 4 van 10 - 18-04-2024
Gegevens binnen het geselecteerde gebied Locaties Bij de Omgevingsdiensten Overijssel zijn over locaties, onderzoeken en documenten geen digitale gegevens beschikbaar of (nog) niet ingevoerd.
(c) 2024 Nazca - Pagina 5 van 10 - 18-04-2024
Gegevens binnen de 25-meter contour rond het geselecteerde gebied Locaties Bij de Omgevingsdiensten Overijssel zijn over locaties, onderzoeken en documenten geen digitale gegevens beschikbaar of (nog) niet ingevoerd.
(c) 2024 Nazca - Pagina 6 van 10 - 18-04-2024
Disclaimer De bodeminformatie die je in deze rapportage aantreft is met zorg door gemeenten, provincie en omgevingsdiensten in het bodeminformatiesysteem ingevoerd. Toch kan het voorkomen dat informatie is verouderd, onvolledig is of onjuistheden bevat. De gemeenten, provincie en omgevingsdiensten zijn niet aansprakelijk voor enigerlei schade die het directe of indirecte gevolg is van of in verband staat met het gebruik van deze informatie. Het ontbreken van gegevens in het BIS of deze rapportage wil niet zeggen dat er geen bodemverontreiniging op een perceel of in een gebied aanwezig is.
(c) 2024 Nazca - Pagina 7 van 10 - 18-04-2024
Toelichting Samenstelling van bodeminformatie in het bodeminformatiesysteem (BIS) Verontreinigende activiteiten (HBB) Dat verontreinigende stoffen toch in de bodem terecht komen is vaak het gevolg van bedrijfsactiviteiten. Maar er kan ook sprake zijn van bodemverontreiniging door bijvoorbeeld het ophogen van terreinen voor het bouwrijp maken, het lekken van een brandstoftank of een ongeval. Op basis van (archief)onderzoek zijn potentiële verontreinigingen op basis van (voormalige)bedrijfsactiviteiten (UBI’s) en de bekende bodemverontreinigingen in beeld gebracht, het zgn. landsdekkend beeld (LDB, 2004). De potentiële verontreinigingen vormen het zgn. HistorischBodemBestand (HBB). Deze gegevens vormen de basis voor de werkvoorraad van de provincie. Afhankelijk van de score van de UBI behoort een locatie tot de werkvoorraad (potentiële)bodemverontreiniging die voor 2030 gesaneerd danwel beheerst moet zijn of de spoedeisende werkvoorraad die voor 2015 gesaneerd danwel beheerst moet zijn. Ook voor het bewaken van de voortgang van de bodemsaneringsoperatie van de locaties waar de provincie bevoegd gezag is en de eigen werkprocessen maakt de provincie gebruikt van het BIS. Het Wbb-traject / vervolg Wbb (potentiële)bodemverontreinigingslocaties doorlopen een zgn. Wbb-traject van onderzoek en sanering totdat de locatie niet meer tot de werkvoorraad van de provincie behoort.
De locatie is dan voldoende onderzocht of gesaneerd. Indien op de locatie na sanering nog een restverontreiniging achterblijft (bijv. indien een verontreiniging wordt afgedekt met een verharding of leeflaag) dan is sprake van nazorg. Nazorgmaatregelen worden vastgelegd en gecontroleerd. In dit rapport wordt per locatie aangegeven in welke fase van het Wbb-traject een locatie zich bevindt (Vervolg Wbb-traject):
Wbb traject starten (Wbb-vervolg=Uitvoeren historisch onderzoek) De locatie behoort op basis van vooronderzoek of vanuit het HBB tot de werkvoorraad van de provincie maar er is nog geen (historisch)onderzoek uitgevoerd. Op enig moment zal onderzoek plaats moeten vinden. Bodemonderzoek uitvoeren (Wbb-vervolg=Uitvoeren (aanvullend) OO, NO) Vooronderzoek of historisch onderzoek geeft aanleiding om bodemonderzoek te doen. Daarbij kan sprake zijn van verkennend of nader onderzoek. Saneringsonderzoek uitvoeren (Wbb-vervolg=Uitvoeren (aanvullend) SO) Op basis van nader onderzoek is bepaald dat gesaneerd moet worden. Het saneringsonderzoek is gericht op de inventarisatie van de mogelijke wijzen van sanering en zal uitmondend in een keuze van de wijze van sanering Verontreinigende activiteiten (HBB) Dat verontreinigende stoffen toch in de bodem terecht komen is vaak het gevolg van bedrijfsactiviteiten. Maar er kan ook sprake zijn van bodemverontreiniging door bijvoorbeeld het ophogen van terreinen voor het bouwrijp maken, het lekken van een brandstoftank of een ongeval. Op basis van (archief)onderzoek zijn potentiële verontreinigingen op basis van (voormalige)bedrijfsactiviteiten (UBI’s) en de bekende bodemverontreinigingen in beeld gebracht, het zgn. landsdekkend beeld (LDB, 2004). De potentiële verontreinigingen vormen het zgn. HistorischBodemBestand (HBB).
Deze gegevens vormen de basis voor de werkvoorraad van de provincie. Afhankelijk van de score van de UBI behoort een locatie tot de werkvoorraad (potentiële)bodemverontreiniging die voor 2030 gesaneerd dan wel beheerst moet zijn of de spoedeisende werkvoorraad die voor 2015 gesaneerd dan wel beheerst moet zijn. Ook voor het bewaken van de voortgang van de bodemsaneringsoperatie van de locaties waar de provincie bevoegd gezag is en de eigen werkprocessen maakt de provincie gebruikt van het BIS. Het Wbb-traject / vervolg Wbb (potentiële)bodemverontreinigingslocaties doorlopen een zgn. Wbb-traject van onderzoek en sanering totdat de locatie niet meer tot de werkvoorraad van de provincie behoort. De locatie is dan voldoende onderzocht of gesaneerd. Indien op de locatie na sanering nog een restverontreiniging achter blijft (bijv. indien een verontreiniging wordt afgedekt met een verharding of leeflaag) dan is sprake van nazorg. Nazorgmaatregelen worden vastgelegd en gecontroleerd. In dit rapport wordt per locatie aangegeven in welke fase van het Wbb-traject een locatie zich bevindt (Vervolg Wbb-traject): Wbb traject starten (Wbb-vervolg=Uitvoeren historisch onderzoek)
(c) 2024 Nazca - Pagina 8 van 10 - 18-04-2024
De locatie behoort op basis van vooronderzoek of vanuit het HBB tot de werkvoorraad van de provincie maar er is nog geen (historisch)onderzoek uitgevoerd. Op enig moment zal onderzoek plaats moeten vinden.
Bodemonderzoek uitvoeren (Wbb-vervolg=Uitvoeren (aanvullend) OO, NO) Vooronderzoek of historisch onderzoek geeft aanleiding om bodemonderzoek te doen. Daarbij kan sprake zijn van verkennend of nader onderzoek. Saneringsonderzoek uitvoeren (Wbb-vervolg=Uitvoeren (aanvullend) SO) Op basis van nader onderzoek is bepaald dat gesaneerd moet worden. Het saneringsonderzoek is gericht op de inventarisatie van de mogelijke wijzen van sanering en zal uitmondend in een keuze van de wijze van sanering. Saneringsplan opstellen (Wbb-vervolg= Opstellen/uitvoeren ( aanvullend) SP) Als op is vastgesteld dan sanering moet worden uitgevoerd dient een saneringsplan opgesteld te worden. Het saneringsplan wordt door het bevoegd gezag beschikt. In de beschikking op het saneringsplan kan het bevoegd gezag nadere eisen stellen aan de sanering. De saneerder voert de sanering uit overeenkomstig het door het bevoegd gezag goedgekeurde saneringsplan en de voorschriften die zij aan de instemming hebben verbonden. Sanering en/of evaluatie uitvoeren (Wbb-vervolg=start sanering of uitvoeren (aanvullende) evaluatie) Als het bevoegd gezag heeft ingestemd met het saneringsplan kan de sanering worden uitgevoerd. Na afronding van de sanering stelt de saneerder een evaluatierapport op. Op basis van het evaluatierapport zal het bevoegd gezag beoordelen of een sanering voldoende is uitgevoerd.
Voldoende gesaneerde locatie behoren daarmee niet meer tot de werkvoorraad van de provincie. Zorgmaatregelen uitvoeren (Wbb-vervolg=uitvoeren tijdelijke beveiliging, actieve nazorg, monitoring en registratie restverontreiniging) Na sanering kan sprake zijn van restverontreiniging (bijv. indien sprake is van een afdeklaag als saneringsmaatregel). Deze maatregelen kunnen bestaan uit beperkingen in het gebruik van de locatie of het voorkomen blootstelling aan of verspreiding van de restverontreiniging. Gesaneerd (Wbb-vervolg=voldoende gesaneerd) Indien een sanering is uitgevoerd wordt door het bevoegd gezag het evaluatierapport beoordeeld. Indien met een beschikking wordt ingestemd met de uitgevoerde sanering (aan de saneringsdoelstelling is voldaan) behoort de locatie niet meer tot de werkvoorraad van de provincie. Wel kan nog sprake zijn van nazorg zoals bijvoorbeeld het in stand houden van een afdeklaag of het verplicht melden van gewijzigd gebruik. Geen werkvoorraad (meer) (Wbb-vervolg=voldoende onderzocht of leeg) De locatie behoort op basis van de UBI score niet tot de werkvoorraad of is voldoende onderzocht of er is geen aanleiding tot onderzoek maar wel bodeminformatie beschikbaar. Toelichting op de gerapporteerde informatie
Locatie Algemene gegevens waaronder de locatie in het BIS bekend is. Daarnaast wordt aangegeven of de locatie betrekking heeft op een verontreiniging die na 1 januari 1987 is ontstaan (een zorgplicht geval dat onmiddellijk ongedaan gemaakt moet worden/zijn). Status In de wet bodembescherming wordt onderscheid gemaakt tussen ernstige en niet ernstige verontreinigingen. Op basis daarvan wordt bepaald of een locatie door het bevoegd gezag wordt opgepakt. Voordat het bevoegd gezag hierover in een beschikking een uitspraak doet wordt de beoordeling op basis van historisch- en/of verkennend onderzoek vastgelegd (beoordeling). Indien er een uitspraak is van het bevoegd gezag dan wordt dat vermeld bij het veld 'Beschikking'. Sanering In een saneringsplan wordt aangegeven hoe de sanering wordt uitgevoerd. Dit kan in fasen gebeuren of in delen van de verontreiniging. Indien het bevoegd gezag een termijn heeft afgegeven voor het starten van de sanering dan wordt dat hier vermeld. Door het beoordelen van een evaluatierapport van de sanering wordt tevens de einddatum van de sanering bepaald.
(c) 2024 Nazca - Pagina 9 van 10 - 18-04-2024
Uitgevoerde onderzoeken Een lijst van rapporten die betrekking hebben op de locatie. Deze rapporten worden in het geval van ernstige verontreiniging beoordeeld door het bevoegd gezag Wbb (provincie). Door uitwisseling van gegevens met gemeenten worden ook rapporten vermeld die in het bezit zijn van de betreffende gemeente maar die niet bij de provincie aanwezig zijn. (mogelijk) Verontreinigende activiteiten Dit is een overzicht van potentieel verontreinigende (bedrijfs)activiteiten die op de locatie (mogelijk) zijn uitgevoerd, worden vermoed (HBB) en/of zijn onderzocht. Met ‘vervallen’ wordt aangegeven of een activiteit werkelijk op de locatie heeft plaatsgevonden. Met ‘Benoemd’ wordt aangegeven of deze activiteit ook in de bodemonderzoeken zijn benoemd. Vervolgens wordt aangegeven of er een verontreiniging veroorzaakt door deze activiteit aanwezig is. Geconstateerde Verontreinigingen Indien verontreinigingen in de grond of het grondwater zijn aangetroffen wordt in deze tabel aangegeven in welke mate overschrijding van de normen heeft plaatsgevonden. Tevens wordt vermeld welke omvang de verontreiniging heeft en op welke diepte deze zit.
Besluiten Op basis van de aangeleverde rapporten doet het bevoegd gezag uitspraak over de mate van verontreiniging (ernst), de spoedeisendheid van saneren (spoed), te nemen maatregelen voor, na en tijdens sanering, saneringsplannen en de uitvoering van de sanering (evaluatie). In dit overzicht worden de door de provincie genomen besluiten vermeld. Saneringscontouren Indien sprake is van sanering in delen of fasen dan worden meerdere contouren vermeld. Per fase of deel wordt aangegeven welke saneringsvariant voor de boven- of ondergrond uiteindelijk is uitgevoerd. Zorgmaatregelen Indien na sanering nog verontreiniging is achtergebleven zullen maatregelen worden genomen om blootstelling aan of verspreiding van de restverontreiniging te voorkomen. Deze maatregelen worden in het BIS geregistreerd. Het bevoegd gezag houdt toezicht op het in stand houden van deze maatregelen.
(c) 2024 Nazca - Pagina 10 van 10 - 18-04-2024
BIJLAGE 3 Boorbeschrijving
01 0
groenst rook / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, m at ig hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an 50 -80
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, donker geel, ow: geen, edelm an
100
-100
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an 150
-200
200 t ype dat um boorm eest er gws (m -m v)
g r on d b or in g 0 1 -0 5 -2 0 2 4 R. Roe lof s 1 .6
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
H O St a t ion sw e g 3 6 H a a r le 240417 N EN 5 1 0 4
PEILBUIS
BORIN G
OLIE OP W ATER REACTIE
num m er
bodem m onst er, geroerd
Geen casing
Zwak
Mat ig
St erk
Uit erst
bodem laag
GEUR IN TEN SITEIT
bent oniet
grondwat erst and t ijdens boren
bodem m onst er, ongeroerd
filt ergrind
Geen Zeer zwak
Zwak
Mat ig
St erk
bodem laag filt ert raject grondwat erst and
links= cm -m aaiveld recht s= cm + NAP
GRON D SOORTEN
M ATE V AN BIJM EN GIN G
GRIND, grindig (G,g)
zwak - (0-5%)
ZAND, zandig (Z,z)
m at ig - (5-15%)
LEEM, silt ig (L,s)
st erk - (15-50%)
KLEI, kleiig (K,k)
uit erst - (> 50%)
VEEN, hum eus (V,h)
slib
V ERH ARD IN GEN
GRAD ATIE Z AN D
asfalt , bet on, klinkers, t egels st elconplaat , ondoordringbare laag
uf = uit erst fijn (63-105 um ) zf = zeer fijn (105-150 um ) m f = m at ig fijn (150-210 um ) m g = m at ig grof (210-300 um ) zg = zeer grof (300-420 um ) ug = uit erst grof (420-2000 um )
OV ERIG
GRAD ATIE GRIN D
bodem vreem de best andsdelen aanwezig
f = fijn (2-5.6 m m ) m g = m at ig grof (5.6-16 m m ) zg = zeer grof (16-63 m m )
wat er
BESCH RIJV IN G BOD EM LAAG pid = fot o ionisat ie det ect or bv = bodem vocht ow = olie op wat er
Zeer st erk
TEKENING 1-1 Situatie onderzoekslocatie met boring
sit uat ie t ekening onderzoek H O St a t ion sw e g 3 6 H a a r le project code 240417
N
dat um 1 5 -0 5 -2 0 2 4 schaal 1 :1 . 0 0 0 op A4 paraaf
legenda peilbuis boring < 0.5m boring < 1m boring < 1.5m boring < 2m boring > = 2m inspect iegat sleuf slib depot overigen
01
25 m
Sit u e r in g con t r ole b or in g