CConstaterende datHellendoorn
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Visie op Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang Regio Almelo

Gemeenteraad 8 maart 2022, gemeente HellendoornBij agendapunt: Uitwerking Norm voor Opdrachtgeverschap Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang1.730 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Visie op beschermd wonen en maatschappelijke opvang van Almelo, Hellendoorn, Rijssen-Holten, Tubbergen, Twenterand en Wierden 1. Inleiding Met de komst van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) zijn de individuele gemeenten verantwoordelijk geworden voor beschermd wonen en maatschappelijk opvang. Destijds is echter landelijk afgesproken vooralsnog te werken met 43 centrumgemeenten. Dit betekent dat Almelo als centrumgemeente verantwoordelijk is voor de uitvoering en kwaliteit van beschermd wonen en maatschappelijke opvang in Almelo, Hellendoorn, Rijssen-Holten, Tubbergen, Twenterand en Wierden. Mede door de adviezen van de commissie Dannenberg “Van een beschermd wonen naar een beschermd thuis” wordt beschermd wonen vanaf 1 januari 2022 in stappen verder gedecentraliseerd naar alle gemeenten. Doel is om nog beter aan te sluiten op de lokale ondersteuningsketen. Maatschappelijke opvang blijft in ieder geval tot 2026 onder de werkwijze van de centrumgemeente vallen.

2. Regionale samenwerking Bij de doordecentralisatie van beschermd wonen is landelijk wel bepaald dat gemeenten regionaal moeten blijven samenwerken. Dit doen zij door een regionale visie op beschermd wonen/maatschappelijke opvang en de wijze van regionale samenwerking vast te stellen. De colleges van de 6 gemeenten in onze regio hebben in 2020 al afgesproken om over de start van de doordecentralisatie van beschermd wonen heen op dezelfde manier samen te blijven werken met Almelo als centrumgemeente. Dit omdat het voorzetten van de huidige werkwijze rust en duidelijkheid biedt voor cliënten en zorgaanbieders én omdat de regionale schaal goed past bij specialistische vormen van zorg zoals beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Om het kader te scheppen voor de regionale samenwerking voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang hebben de colleges in 2020 ook een visie op beschermd wonen en maatschappelijke opvang vastgesteld. Deze visie wordt hierna weergegeven. Om de visie en de daarbij horende samenwerking in praktijk te kunnen (blijven) brengen, kiezen we voor het aangaan van een centrumgemeenteregeling voor de zaken die we samendoen als gemeenten in de regio Almelo en het sluiten van een convenant voor de zaken die we samendoen als gemeenten in de hele regio Twente.

3. Beschermd wonen Wettelijke definitie Volgens de wettelijke definitie is beschermd wonen het “Wonen in een accommodatie van een instelling met daarbij behorende toezicht en begeleiding, gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de cliënt of anderen, bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving.” Wettelijke criteria zijn dus dat het gaat om volwassen personen met psychische of psychosociale problemen die toezicht en begeleiding nodig hebben om zich te handhaven in de samenleving. Het bieden van toezicht en begeleiden van cliënten beschermd wonen gebeurt in de praktijk vaak in accommodaties van een instelling, maar dit hoeft niet. Eind 2021 hebben we in onze regio ongeveer 240 mensen met de indicatie beschermd wonen.

Visie Dannenberg De landelijke Commissie Dannenberg stelt de sociale inclusie van mensen met een psychische kwetsbaarheid centraal. De commissie benoemt hierbij burgerschap, zelfbepaling, perspectief en een positieve kijk op veerkracht en herstelvermogen als belangrijke pijlers. Zij adviseert om beschermd wonen zoveel mogelijk te normaliseren en in de wijk en zelfs thuis te organiseren. Wij nemen als samenwerkende gemeenten dit advies over en zien beschermd wonen als zo veel mogelijk lokaal ingebed aanbod, waar mogelijk aangepast aan de thuissituatie van de inwoner. Dit heeft tot gevolg dat beschermd wonen volgens ons altijd bestaat uit toezicht en begeleiding bij het dagelijks functioneren. Intramuraal verblijf wordt slechts toegekend als dit noodzakelijk is. Verder betekent dit dat we altijd streven naar de lichtste vorm van ondersteuning (maatwerk of algemene voorziening) en als tijdelijk tóch beschermd wonen nodig is, dan dient er, indien mogelijk, gewerkt te worden aan afbouw naar lichtere vormen van lokale zorg.

Onze visie Dit brengt ons tot de volgende definitie van beschermd wonen in onze regio: Beschermd wonen is “toezicht en begeleiding, gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de cliënt of anderen, bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen waardoor ze ongepland en 24-uur per dag een beroep moeten kunnen doen op begeleiding. Deze begeleiding kán plaatsvinden in een accommodatie van de zorgaanbieder, maar dit hoeft niet.”

Doel voor onze psychisch kwetsbare inwoners is dus zo veel mogelijk behoud van of herstel naar een gewoon leven en gewoon burgerschap, zodat mensen voelen: “ik hoor erbij, ik kan meedoen”.

Zingeving

Bevorderen en herstel van zelfredzaamheid en participatie. Bevorderen van het psychisch en psychosociaal functioneren.

Normaliseren van bestaan

Algemene Doelen

Stabiliseren van een psychiatrisch ziektebeeld.

Afwenden van gevaar voor de cliënt of anderen. Voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast.

Onze visie in praktijk Voorgaande visie brengen wij nu al in praktijk. Alle gemeenten nemen hun verantwoordelijkheid en hebben zorgaanbieders binnen hun grenzen die beschermd wonen aanbieden. Hierdoor is het vaak al mogelijk om beschermd wonen dicht bij huis te verzorgen. Wel worden deze mogelijkheden soms plaatselijk beperkt door de omvang van de aanwezige doelgroep, de schaalgrootte van de gemeente en de behoefte aan een specialistische vorm van beschermd wonen die niet overal aanwezig kan zijn. In praktijk onderscheidt onze definitie van beschermd wonen zich van andere, plaatselijke WMO-zorg door de psychische problematiek die bij cliënten beschermd wonen voorliggend is. En doordat de zorgvraag van cliënten beschermd wonen onplanbaar en niet uit te stellen is. Daardoor moet de zorg binnen beschermd wonen dag en nacht oproepbaar of aanwezig zijn.

4. Maatschappelijke opvang Inleiding Dak- en thuisloosheid is niet erg zichtbaar in de regio Almelo, wel is de druk op de opvang groot: er verbleven rond 2019 elk jaar ruim 200 mensen en er waren 300 mensen dreigend dakloos. Maar er hoefde niemand op straat te slapen en er was weinig overlast. Toch waren we niet tevreden, want we wilden mensen niet in de opvang, de wijze waarop we de opvang organiseren is op termijn te duur en de mensen in de opvang kregen niet wat ze nodig hadden. Daar richt onze aanpak zich dan ook op. Integrale ketenaanpak In de centrumregio Almelo is een aantal jaren geleden de ambitie geformuleerd door de centrumgemeente, de betrokken zorgpartijen en de woningcorporaties om te komen tot een integrale ketenaanpak voor de maatschappelijke opvang. Dit is vertaald naar het project Integrale Ketenaanpak Maatschappelijke Opvang. Betrokken partijen zijn de 6 regiogemeenten, de woningcorporaties in de regio Almelo, Humanitas onder Dak, Tactus, Leger des Heils, RIBW en Dimence. In 2018 is gestart met een onderzoek en het opstellen van een Doel-Inspanningen-Netwerk. In 2019 zijn de inspanningen (vanaf hier ‘oplossingen’) uitgewerkt die nodig zijn om de beoogde resultaten te bereiken. Vanaf 2020 brengen we in beeld wat de effecten zijn van de oplossingen en vanaf 2021 implementeren we de oplossingen in de keten van de maatschappelijke opvang in regio Almelo.

Deze inspanningen hebben ertoe geleid dat er in 2021 nog rond de 190 mensen in de opvang verbleven. Onze visie Almelo kent grootstedelijke problematiek als het gaat om dak- en thuislozen, er zijn relatief veel mensen die dak- en thuisloos zijn of dreigen te worden. Bij veel van hen is sprake van problemen op het gebied van wonen, verslaving, psychische problematiek, verstandelijke beperking, inkomsten, schulden en overlast. Dak- en thuislozen geven soms overlast en brengen maatschappelijke kosten (uitkering, zorg, hulpverlening) met zich mee. Dak- en thuislozen zelf bevinden zich vaak op mensonterende plekken en zijn vaak volledig afhankelijk. Dat past niet in onze visie. Dat is dat iedereen zoveel mogelijk zelfredzaam is en alleen een beroep doet op maatschappelijke voorzieningen als het echt niet anders kan. Tegelijkertijd is er het besef dat iedereen dak- of thuisloos kan raken. Ons beleid is gericht op het vergroten van het welbevinden van kwetsbare inwoners, dus ook van dak- en thuislozen. We richten ons op de drie basisbehoeften van mensen: autonomie, competentie en betrokkenheid. En uiteraard op wonen en inkomen. Voor dak- en thuislozen is dat welbevinden ver weg, maar niet onbereikbaar. Maar hoe komen we daar? De klassieke opvang helpt daar niet in. Daarom willen we minder mensen in de opvang. Dat is ons hoofddoel.

Samen met de ketenpartners heeft centrumgemeente Almelo in kaart gebracht wat wel helpt. Uitgangspunt is dat niemand op straat hoeft te slapen en dat we streven naar een eigen woonplek voor iedereen. Ander uitgangspunt is dat daken thuislozen ook inwoners zijn, weliswaar in problematische situaties, maar ook altijd mensen met basisbehoeften voor welbevinden. We zien een problematiek met meerdere knelpunten en veel betrokkenen in opeenvolgende momenten in het leven van kwetsbare inwoners. Onze aanpak is daarom een integrale ketenaanpak, samen met alle betrokken partijen. Bij de aanpak hebben we te maken met het volgende probleem: voorzieningen stromen vol, doorstroom stokt en uitstroom lukt niet. We verwachten een toename van het aantal dak- en thuislozen als we blijven doen wat we doen. Zowel menselijk als financieel gezien is dat een probleem.

Voor een daling is een vernieuwende integrale, ketenaanpak nodig, gericht op preventie. We redeneren vanuit de betrokkene en zien de keten als het geheel van woonsituaties met zo nodig een oplopende mate van ondersteuning. Beoogde effecten zijn een beter perspectief voor dak- en thuislozen (wonen, inkomen, daginvulling, social netwerk), meer maatschappelijke acceptatie, lagere zorgkosten, een betere leefbaarheid en veiligheid in de binnenstad, minder interventies door politie en justitie, en minder druk op de opvang.

5. Relatie beschermd wonen en maatschappelijke opvang Waar bij beschermd wonen de psychische problematiek de belangrijkste aanleiding tot ondersteuning is, is dit bij maatschappelijke opvang de psychosociale problematiek met dakof thuisloosheid tot gevolg. Vanzelfsprekend is hierbij sprake van overlap in problematiek en in doelgroep. Ook is er sprake van doorstroom van cliënten maatschappelijke opvang naar beschermd wonen, als opstap naar meer zelfstandige woonvormen. Wij werken actief aan uitstroom vanuit beschermd wonen. En we proberen - door de hiervoor beschreven integrale aanpak instroom in maatschappelijke opvang en beschermd wonen - dak- en thuisloosheid en daarmee escalatie van psychische problemen zoveel mogelijk te voorkomen. Hiermee beogen we inwoners zoveel mogelijk te helpen om hun problemen (zoals schulden, verslaving én psychische problematiek) in hun eigen omgeving op te lossen. Hierdoor escaleren problemen minder, gaan we ervan uit dat er op termijn minder plekken maatschappelijke opvang en beschermd wonen nodig zijn en blijven de nog aanwezige plekken zoveel mogelijk beschikbaar voor wie dit echt niet anders kan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14989245/1