Bijlage 1 Statutenstichting TwenteBoard versie 17.12.2020
Tekst van het document
OPRICHTING Stichting Twente Board (versie: vastgesteld in het algemeen bestuur 16 december 2020)
1. Het openbaar lichaam Regio Twente (tevens handelend onder de naam: GGD Twente), gevestigd te Enschede, met adres Nijverheidstraat 30, 7511 JM Enschede, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 08195873, hierna te noemen: de oprichter 1; en 2. …., hierna te noemen: de oprichter 2; en 3……, hierna te noemen: de oprichter 3, en als zodanig de oprichter 1, de oprichter 2 en de oprichter 3 vertegenwoordigend. De oprichter 1, de oprichter 2 en de oprichter 3 hierna tevens tezamen te noemen: de oprichters. De comparanten, handelend als gemeld, verklaarde dat de oprichters bij deze akte een stichting oprichten, welke wordt geregeerd door de volgende STATUTEN: Naam en zetel Artikel 1. 1. De stichting draagt de naam: Stichting Twente Board. 2. De stichting heeft haar zetel in de gemeente Enschede. Doel Artikel 2. 1. De stichting heeft ten doel de sociaaleconomische structuur in Twente te versterken om daarmee de economische slagkracht van de regio Twente verder te ontwikkelen en regionale groeikansen te benutten door het bepalen van de economische strategie en het richting geven aan investeringen die aansluiten bij de koers van Twente. Daarin is een economische agenda leidend, die inzet op regionale kansrijke, meerjarige projecten en programma’s. 2.De stichting streeft deze doelstelling na door: a.
samen met de partners in de Triple Helix formuleren van de strategie die moet leiden tot het realiseren van de doelstelling; b. het organiseren van de governance op de uitvoering van de strategie; c. het in hechte samenwerking met het bedrijfsleven, kennis- en onderwijsinstellingen en overheden: - creëren van een continuüm voor economische en maatschappelijke ontwikkeling; - creëren van evenwicht op de arbeidsmarkt, de stimulering van innovatie door het vermarkten van toegepaste kennis, de vermindering van conjunctuurgevoeligheid door diversificatie; -versterken van zichtbaarheid en reputatie; - verrichten van belangenbehartiging; - branding en marketing van Twente; - vergroten imago van Twente; - realiseren van de uitvoering van de Regio Deal; - creëren van een stimulerend internationaal vestigingsklimaat teneinde duurzaam succesvol te concurreren; - opstellen en doen uitvoeren investeringsprogramma’s; - versterken van de mobiliteit en het verbeteren van de bereikbaarheid; - excelleren als Europese regio waarin innovatie de motor is voor duurzame economische en maatschappelijke ontwikkelingen; d. het realiseren van allianties met o.m. de provinciale overheid, het Rijk, de EU en andere (semi)overheden die bijdragen aan de doelstelling van de stichting; e.
en voorts al hetgeen met een en ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, in de ruimste zin van het woord. 3. De stichting beoogt niet het maken van winst. Vermogen Artikel 3. 1. Het vermogen van de stichting wordt onder meer gevormd door: a. Bijdragen uit het bedrijfsleven, (semi-)overheden en kennis- en onderwijsinstellingen; b. Subsidies, bijdragen, fondsen, sponsoring; c. Overige baten; d. Andere wettige opbrengsten en inkomsten.
1
Bestuur: samenstelling en benoeming Artikel 4. 1. Het bestuur van de stichting bestaat uit maximaal 11 leden: a. Vier bestuursleden worden gekozen door en uit de geledingen van de Twentse colleges van B&W, met dien verstande dat er sprake is van een kwaliteitszetel voor de gemeente Enschede die wordt ingenomen door haar burgemeester en drie zetels voor de overige gemeenten; b. Drie bestuursleden worden gekozen door en uit de geledingen kennis- en onderwijsinstellingen; c. Drie bestuursleden worden gekozen door en uit de geledingen van het bedrijfsleven. d. Een voorzitter niet afkomstig uit één van de geledingen indien het bestuur daartoe besluit. 2. Het bestuur wijst - steeds voor een periode van ten hoogste twee jaar - een voorzitter aan. Tenzij een voorzitter wordt gekozen van buiten de drie geledingen, rouleert het voorzitterschap tussen de drie geledingen. De voordracht wordt gedaan door de betreffende geleding. De eerste voorzitter van de stichting komt van de geleding onderwijs en de tweede uit de geleding bedrijfsleven, en de derde uit de geleding van de Twentse colleges van B&W. 3. Het bestuur heeft een secretaris en een penningmeester, die ieder uit een andere geleding komen dan de voorzitter. Tezamen met de voorzitter en de burgemeester van Enschede, vormen zij het dagelijks bestuur van de stichting.
Het dagelijks bestuur wordt bijgestaan door een directeur, die tevens belast is met de dagelijkse leiding van de zaken van de stichting. 4. Bestuursleden worden voor bepaalde tijd benoemd en kunnen eenmalig worden herbenoemd. Iedere geleding bepaalt voor zijn leden de zittingstermijnen. De maximum zittingstermijn is vier jaren. Het vorenstaande is niet van toepassing op de kwaliteitszetel als bedoeld in lid 1, sub a. 5. Bij het ontstaan van één of meer vacatures in het bestuur, zal de geleding die het aangaat zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen één maand na het ontstaan van de vacature een (of meerdere) opvolger(s) benoemen, een en ander met inachtneming van het bepaalde in het eerste lid. Vorenstaande termijn is eveneens van toepassing op het ontstaan van een vacature die betrekking heeft op de kwaliteitszetel. 6. Mocht(en) in het bestuur om welke reden dan ook één of meer leden ontbreken, dan vormen de overblijvende bestuursleden, of vormt het enig overblijvende bestuurslid, niettemin een wettig bestuur. 7. De leden van het bestuur genieten geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte kosten. Dit wordt nader geregeld in het huishoudelijk reglement. 8. Het bestuurslidmaatschap eindigt: a. door overlijden van een bestuurslid; b. door het bereiken van het tijdstip van aftreden: c.
bij het verlies van het vrije beheer over zijn vermogen; d. bij vrijwillig aftreden (ontslagneming); e. bij ontslag op grond van artikel 2:298 van het BW; f. indien een bestuurslid niet meer voldoet aan de eisen welke voor zijn benoeming zijn gesteld in het eerste lid; g. door onvrijwillig ontslag. Onvrijwillig ontslag wordt verleend door een besluit van het bestuur genomen met een meerderheid van tenminste eenentachtig procent van de geldig uitgebrachte stemmen in een speciaal met dat doel bijeengeroepen vergadering, waarin alle bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Indien niet alle bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, wordt een tweede vergadering bijeengeroepen. Deze vergadering kan tot ontslag besluiten met een meerderheid van ten minste eenentachtig procent van de geldig uitgebrachte stemmen, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuursleden. Directeur Artikel 5 1. Het bestuur benoemt voor de uitvoerende werkzaamheden van de stichting een directeur. Als het bestuur daartoe overgaat benoemt zij deze uit de directie van de uitvoeringsorganisatie van de stichting zijnde de besloten vennootschap…., zijnde de functionaris met de hoogste zeggenschap in de arbeidsorganisatie van de BV. Het bestuur en de directeur zullen voor het secretariaat van de stichting gebruik maken van de uitvoeringsorganisatie. 2.
De directeur kan worden geschorst en ontslagen door het bestuur. 3. De directeur wordt niet bezoldigd door de stichting. Bezoldiging vindt plaats door de besloten vennootschap waarvoor de directeur werkzaam is.
2
Bestuur: bevoegdheden en vertegenwoordiging Artikel 6. 1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting. 2. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen. 3. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een ander verbindt. Artikel 7. 1. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting in en buiten rechte. 2. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt mede toe aan twee gezamenlijk handelende bestuursleden. 3. Het bestuur kan volmacht verlenen aan één of meer bestuursleden en aan de directeur, als ook aan derden om de stichting binnen de grenzen van de volmacht te vertegenwoordigen. Bestuur: vergaderingen Artikel 8. 1. Het bestuur vergadert minimaal twee keer per jaar en verder zo dikwijls een bestuurder het verlangt. 2.
De bijeenroeping tot een bestuursvergadering geschiedt door de voorzitter van het bestuur of door de bestuurder die het houden van de vergadering heeft verlangd, en wel door een langs elektronische weg toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht aan het adres dat door de bestuurder voor dit doel aan de stichting is bekendgemaakt of door middel van brieven per post verzonden aan het adres van iedere bestuurder, onder vermelding van plaats en tijdstip van de vergadering en van de in de vergadering te behandelen onderwerpen. 3. De termijn van oproeping van bestuursvergaderingen bedraagt ten minste zeven dagen, waarbij de dag van de oproeping en de dag waarop de vergadering plaatsvindt niet worden meegerekend. 4. De oproep tot vergadering bevat de agendapunten die door het bestuur behandeld (moeten) worden. 5. Bestuursvergaderingen worden gehouden in een plaats in Nederland en kunnen elders worden gehouden indien alle bestuurders daarmee instemmen. 6. Toegang tot bestuursvergaderingen hebben de bestuurders, mits niet geschorst, de directeur en zij die daartoe zijn uitgenodigd door het bestuur. 7. Aan bestuursvergaderingen kan worden deelgenomen door middel van een elektronisch communicatiemiddel.
Hiervoor is vereist dat de bestuurder via het elektronisch communicatiemiddel kan worden geïdentificeerd, rechtstreeks kan kennisnemen van de verhandelingen ter vergadering, deel kan nemen aan de beraadslaging en het stemrecht kan uitoefenen. 8. De bestuursvergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur. Mocht die afwezig zijn, dan wordt de vergadering geleid door een ter vergadering daartoe aangewezen bestuurder. 9. De directeur draagt zorg voor de notulen van de vergadering. Notulen worden vastgesteld en ten blijke daarvan getekend door de voorzitter en de directeur ter vergadering dan wel vastgesteld door een volgende vergadering; in dat laatste geval worden zij ten blijke van vaststelling door de voorzitter en de directeur van die volgende vergadering ondertekend. Bestuur: besluitvorming Artikel 9. 1. Iedere bestuurder heeft recht op het uitbrengen van één stem in het bestuur, met uitzondering van de voorzitter in de zin van artikel 4, lid 1 sub d. Deze voorzitter komt het recht van advies toe. 2. Het bestuur besluit met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin de meerderheid van de in functie zijnde bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is. 3. Bij staking van stemmen komt geen besluit tot stand en zal het onderwerp in een volgende bestuursvergadering nogmaals aan de orde komen.
Indien in die tweede vergadering wederom de stemmen staken, dan is het voorstel verworpen. 4. Blanco stemmen en ongeldige stemmen worden geacht niet te zijn uitgebracht. 5. Stemmingen geschieden mondeling, tenzij één van de bestuurders een schriftelijke stemming gewenst acht. 6. Een bestuurder kan een andere bestuurder schriftelijk volmacht verlenen om namens hem een bestuursvergadering bij te wonen, daarin het woord te voeren en stem uit te brengen. Een bestuurder kan slechts voor één andere bestuurder als gevolmachtigde optreden.
3
7. Aan de eis van schriftelijkheid van de volmacht wordt voldaan indien de volmacht elektronisch is vastgelegd. 8. Indien in een vergadering alle bestuurders aanwezig zijn, kunnen over alle onderwerpen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in acht genomen. 9. Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits dit schriftelijk of door middel van langs elektronische weg toegezonden leesbare en reproduceerbare berichten geschiedt en alle bestuurders zich ten gunste van het desbetreffende voorstel uitspreken. De bescheiden waaruit van het nemen van een zodanig besluit blijkt, worden bij de notulen van de bestuursvergaderingen bewaard. Jaarplan, jaarrekening en verslag. Artikel 10. 1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar. 2. Per het einde van ieder boekjaar worden de boeken van de stichting afgesloten. Daaruit worden door de penningmeester een balans en een staat van baten en lasten over het geëindigde jaar opgemaakt. Deze jaarstukken vergezeld van een rapport van een registeraccountant worden binnen zes maanden na afloop van het boekjaar aan het bestuur aangeboden. 3. De jaarstukken worden door het bestuur vastgesteld. 4. De jaarrekening wordt ondertekend door alle bestuurders. 5.
Indien daaraan enige handtekening ontbreekt, wordt daarvan onder opgave van reden melding gemaakt. 6. Het bestuur maakt jaarlijks vóór de aanvang van een nieuw boekjaar een jaarplan met (meerjaren)begroting op. Het jaarplan omvat ten minste de strategische doelstellingen en belangrijke beslissingen (ten aanzien) van de stichting. 7. Jaarlijks doet het bestuur voor 1 juli verslag over de ontwikkelingen van het voorgaande jaar. Statutenwijziging, juridische fusie en splitsing Artikel 11. 1. Het bestuur is bevoegd deze statuten te wijzigen. Het besluit daartoe moet worden genomen met een meerderheid van ten minste eenentachtig procent van de, geldig uitgebrachte stemmen waarbij alle bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Indien niet alle bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, wordt een tweede vergadering bijeengeroepen. Deze vergadering kan tot statutenwijziging besluiten met een meerderheid van ten minste eenentachtig procent van de geldig uitgebrachte stemmen, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuursleden. 2. Wijzigingen in de statuten treden in werking zodra hiervan een notariële akte is opgemaakt; iedere bestuurder is tot het doen verlijden van de desbetreffende akte bevoegd. 3.
De leden van het bestuur zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging, alsmede de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het handelsregister van de Kamer van Koophandel. 4. Het bepaalde in lid 1 is mutatis mutandis van toepassing op een besluit tot juridische fusie of splitsing. Huishoudelijk reglement en gedragscode integriteit Artikel 12. 1. Het bestuur is bevoegd een reglement vast te stellen, waarin die onderwerpen worden geregeld, welke niet deze statuten staan. 2. Het reglement mag niet met de wet of de statuten in strijd zijn. 3. Het bestuur is te allen tijde bevoegd het reglement te wijzigen of op te heffen. 4. Op de vaststelling, wijziging en opheffing is het bepaalde in artikel 11, lid 1 van toepassing. 5. Het bestuur draagt zo spoedig als mogelijk is zorg voor een gedragscode integriteit. Ontbinding Artikel 13. 1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Op het daartoe te nemen besluit is het bepaalde in artikel 11, lid 1 van toepassing. 2. De stichting blijft naar haar ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. 3. De vereffening geschiedt door het bestuur. 4. De vereffenaars dragen er zorg voor, dat van de ontbinding van de stichting inschrijving wordt gedaan in het register bedoeld in 11, lid 3. 5. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht.
4
6. Een eventueel batig saldo van de ontbonden stichting wordt besteed overeenkomstig het doel van de stichting. 7. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden stichting gedurende zeven jaren berusten onder de jongste vereffenaar. Slotbepaling Artikel 14. In alle gevallen, waarin zowel de wet als deze statuten niet voorzien, beslist het bestuur. Overgangsbepaling boekjaar Artikel 15 1. Het eerste boekjaar van de stichting zal eindigen op eenendertig december tweeduizend eenentwintig. 2. Dit artikel vervalt, tezamen met zijn opschrift, na verloop van het in het eerste lid bedoelde boekjaar.
5