19112021 VBP Haarle 2017, herziening Kerkweg 20
Tekst van het document
7.2
Zienswijzen
Het ontwerpbestemmingsplan heeft met ingang van 2 oktober 2021 voor een periode van zes weken ter inzage gelegen. Binnen deze periode kon een ieder zijn of haar zienswijze ten aanzien van dit bestemmingsplan kenbaar maken. Tijdens de termijn van de terinzagelegging zijn geen zienswijzen binnengekomen.
bestemmingsplan Haarle 2017, herziening Kerkweg 20 NL.IMRO.0163.BPHAARLEHZKERKWG20-VG01
45
bestemmingsplan Haarle 2017, herziening Kerkweg 20 NL.IMRO.0163.BPHAARLEHZKERKWG20-VG01
46
Bijlagen bij de toelichting
bestemmingsplan Haarle 2017, herziening Kerkweg 20 NL.IMRO.0163.BPHAARLEHZKERKWG20-VG01
47
Bijlage 1
Watertoets
bestemmingsplan Haarle 2017, herziening Kerkweg 20 NL.IMRO.0163.BPHAARLEHZKERKWG20-VG01
48
datum 19-2-2021 dossiercode 20210219-59-25631 Geachte T.M. Boswerger, U heeft een watertoets uitgevoerd op de website www.dewatertoets.nl. Op basis van deze digitale toets kunt u de korte procedurevolgen. Het waterschap gaat akkoord met uw plan, mits u voldoet aan de uitgangspunten uit de standaard waterparagraaf, zoals hieronder is beschreven. Binnen de procedure voor het bestemmingsplan, projectbesluit of omgevingsvergunning kunt u deze standaard waterparagraaf toevoegen aan de toelichting van het bestemmingsplan. Wij verzoeken u op de punten waar dat wordt gevraagd de tekst te specificeren voor uw plan.
STANDAARD WATERPARAGRAAF KORTE PROCEDURE In het kader van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is het verplicht ruimtelijke plannen te toetsen op water , de zogenaamde watertoets. De watertoets is een waarborg voor water in ruimtelijke plannen en besluiten. Deze waterparagraaf heeft betrekking op 21AF032. Relevant beleid Het beleid van het waterschap Drents Overijsselse Delta staat beschreven in het waterbeheerplan 2016-2021. Specifiek voor het stedelijke gebied heeft het waterschap het beleid geformuleerd in Water Raakt! . Daarnaast is de Keur een belangrijk regelstellend instrument waarmee in ruimtelijke plannen rekening moet worden gehouden. U kunt de genoemde documenten raadplegen op onze site www.wdodelta.nl. Invloed op de waterhuishouding Het plan heeft geen schadelijke gevolgen voor de waterkwaliteit en ecologie. Binnen het bestemmingsplan worden niet meer dan tien wooneenheden gerealiseerd en de toename van het verharde oppervlak bedraagt niet meer dan 1500 m2. Binnen het plangebied is geen sprake van (grond)wateroverlast. Voor de aanleghoogte wordt een ontwateringsdiepte geadviseerd van minimaal 80 centimeter. Dit is de afstand tussen de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) en onderzijde bouwvloer. Bij het bouwen zonder kruipruimte kan worden volstaan met een kleinere ontwateringsdiepte.
Om wateroverlast binnen woningen en bedrijven te voorkomen adviseren wij om een drempelhoogte van 30 centimeter boven het straatpeil te hanteren (as van de weg). Voor lager gelegen ruimtes, zoals kelders en parkeergarages, wordt aandacht besteed aan het voorkomen van wateroverlast door bijvoorbeeld instromend hemelwater. Voorkeursbeleid hemelwater (Onderstaande tekst graag specificeren wat van toepassing is voor uw plan. Daarbij vragen wij u om het verbreed gemeentelijke rioleringsplan (vGRP) van de gemeente te raadplegen en rekening te houden met het hemelwaterbeleid van de gemeente. Wij vragen u om dit te beschrijven in deze waterparagraaf.) Bij de afvoer van overtollig hemelwater moet het afstromend hemelwater ter plaatse in de bodem dan wel op het oppervlaktewater worden teruggebracht. Het waterschap heeft de voorkeur om het hemelwater, daar waar mogelijk, te infiltreren in de bodem. Oppervlakkige afvoer naar de infiltratievoorziening en infiltratie via wadi s heeft daarbij de voorkeur. Als oppervlakkige infiltratie niet mogelijk is, is ondergrondse infiltratie door middel van bijvoorbeeld een infiltratieriool (IT-riool) of infiltratiekratten een mogelijkheid. Als infiltratie niet mogelijk is dan kan hemelwater via een bodempassage worden geloosd op oppervlaktewater.
De afvoer van overtollig hemelwater uit het plangebied mag, ongeacht de toegepaste methode, niet tot wateroverlast leiden op aangrenzende percelen of het omliggende watersysteem. Schoon hemelwater (bijvoorbeeld vanaf dakoppervlakken) kan direct worden afgevoerd naar oppervlaktewater. Watervergunning (of melding) op grond van de Keur Het wateradvies dat is afgegeven in het kader van de watertoets is geen watervergunning of melding. Gaat u werkzaamheden verrichten in de beschermingszone van een waterstaatswerk (dus: een dijk of een watergang)? Wordt hemelwater afgevoerd op oppervlaktewater of wordt er grondwater onttrokken? Dan moet u een watervergunning aanvragen op de website: www.omgevingsloket.nl. Op basis van de door u
ingevulde gegevens ziet u hieronder welke watervergunning u nodig heeft. Indien hieronder geen specificatie staat, hoeft u geen watervergunning aan te vragen.
Watertoetsproces De initiatiefnemer heeft het Waterschap Drents Overijsselse Delta geïnformeerd over het plan door gebruik te maken van de digitale watertoets. De beantwoording van de vragen heeft er toe geleid dat de korte procedure van de watertoets is toegepast. De bestemming en de grootte van het plan hebben een geringe invloed op de waterhuishouding in ruimtelijke zin. Deze conclusie is automatisch getrokken op basis van de ingevoerde gegevens op www.dewatertoets.nl. Het proces van de watertoets is goed doorlopen. Het waterschap Drents Overijsselse Delta gaat akkoord met het plan.
Verklaring Dit document is een automatisch gegenereerd bestand op basis van de door u ingevulde gegevens. U bent akkoord gegaan met de door u ingevulde gegevens en heeft verklaard dat alles naar waarheid is ingevuld. www.dewatertoets.nl
Bijlage 2
Verkennend bodemonderzoek
bestemmingsplan Haarle 2017, herziening Kerkweg 20 NL.IMRO.0163.BPHAARLEHZKERKWG20-VG01
51
RAPPORT VERKENNEND (ASBEST)BODEMONDERZOEK conform NEN 5740 en NEN 5707 Kerkweg 20 - Haarle
Opdrachtgever: Ad Fontem Locatie: Kerkweg 20 7448 AD Haarle Maart 2021
Kruse Milieu BV Adres: Huyerenseweg 33 7678 SC Geesteren Tel: 0546 - 63 96 63 KvK: 06068751 BTW-nr: NL 8019.25.125.B01
Internet: info@krusegroep.nl www.krusegroep.nl Bankgegevens: ABN AMRO: NL34ABNA0501538739
Rapport Verkennend (Asbest)Bodemonderzoek conform NEN 5740 en NEN 5707 Kerkweg 20 - Haarle
Opdrachtgever: Ad Fontem Locatie: Kerkweg 20 7448 AD Haarle Projectcode: 21008616 Rapportagedatum: 30 maart 2021 Auteur: Mevr. E. Koppelman
Kruse Milieu BV
INHOUD Pagina 1
Inleiding
1
2.1 2.2 2.3
Locatiegegevens Beschrijving huidige situatie Vooronderzoek Bodemsamenstelling en geohydrologie
2 2 2 3
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
Uitvoering bodemonderzoek Onderzoeksstrategie Veldwerkzaamheden Analyses Toetsing chemische analyses Toetsing asbestanalyses
4 4 5 5 6 7
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
Resultaten Algemeen Veldwerkzaamheden Resultaten en toetsing van de chemische analyses Bespreking resultaten chemische analyses Resultaten van de asbestanalyses
8 8 8 9 10 10
5
Samenvatting, conclusies en aanbevelingen
11
6
Literatuur en bronvermelding
13
2
3
4
Bijlagen I Regionale ligging locatie Boorplan verkennend (asbest)bodemonderzoek Kruse Milieu BV, maart 2021 II Boorstaten Legenda boorstaten III Resultaten chemische analyses Toetsing chemische analyses IV Resultaten asbestanalyses V Verklaring van enkele gebruikte termen en afkortingen
Kruse Milieu BV
Project: 21008616
1
Inleiding
Dit rapport beschrijft het verkennend (asbest)bodemonderzoek, dat in opdracht van Ad Fontem een terrein aan de Kerkweg 20 in Haarle door Kruse Milieu BV is uitgevoerd. De aanleiding van dit onderzoek is de bestemmingsplanwijziging en de geplande nieuwbouw van woningen met bijgebouwen. Het bodemonderzoek is noodzakelijk in het kader van de bestemmingsplanwijziging en de aanvraag van de omgevingsvergunning. Hiervoor dient de milieukundige kwaliteit van de bodem bekend te zijn. Voorafgaande aan het bodemonderzoek heeft een vooronderzoek plaatsgevonden op basis van norm NEN 5725 “Aanleiding A: Opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek”. Uit de resultaten van dit vooronderzoek is gebleken dat de bovengrond van de locatie verdacht is voor de aanwezigheid van asbest. De onderzoekslocatie is onverdacht voor chemische componenten.
De onderzoeksopzet gaat uit van: - NEN 5725, “Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek”, NNI Delft, oktober 2017; - NEN 5740, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond”, NNI Delft, januari 2009 - de aanvulling NEN 5740/A1, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond”, NNI Delft, februari 2016; - NEN 5707+C2, “Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond”, NNI Delft, december 2017. De doelstelling van het onderzoek op een onverdachte locatie is aan te tonen dat op de locatie redelijkerwijs gesproken geen verontreinigende stoffen aanwezig zijn in de grond of het freatisch grondwater. De doelstelling van het onderzoek op een asbestverdachte locatie is vast te stellen of de vooronderstelde verontreinigingskern ook daadwerkelijk op de vermoede plaats aanwezig is en in hoeverre de verontreinigde stoffen in de grond de normwaarden overschrijden. Het veldwerk is uitgevoerd in maart 2021 conform BRL SIKB 2000 en de protocollen 2001, 2002 en 2018, waarvoor Kruse Milieu BV is gecertificeerd. Hierbij wordt verklaard dat Kruse Milieu BV financieel en juridisch onafhankelijk is van de opdrachtgever.
In dit rapport worden de resultaten besproken van het veld- en het laboratoriumonderzoek. De gemeten gehalten in de grond worden vergeleken met de achtergrondwaarden (AW 2000) en de interventiewaarden om vast te stellen of er al dan niet verontreinigingen aanwezig zijn. De in het grondwater gemeten gehalten worden vergeleken met de streef- en interventiewaarden. Tevens worden de resultaten met betrekking tot asbest vergeleken met de wetgeving inzake asbest in bodem en puin, welke door de ministeries van SZW en I&M is vastgesteld. In het beleid is voor asbest een restconcentratienorm en een interventiewaarde opgenomen.
Kruse Milieu BV
Project: 21008616
Pagina 1 van 14
2
Locatiegegevens 2.1
Beschrijving huidige situatie
Algemeen De onderzoekslocatie is gelegen aan de Kerkweg 20 in Haarle, binnen de bebouwde kom van Haarle. Het te onderzoeken terrein heeft de RD-coördinaten x = 222.692 en y = 486.231 en is kadastraal bekend als gemeente Hellendoorn, sectie F, nummer 2845. De Kerkweg bevindt zich ten zuiden en de Rutgersstraat ten westen van de onderzoekslocatie. Bebouwing en verharding De onderzoekslocatie is deels bebouwd met 2 te te slopen rijtjeshuizen met voormalige winkelruimte en bijgebouwen. Een deel van het terrein is verhard met klinkers en tegels. Het overige deel van de onderzoekslocatie is voorzien van gras en groenstroken en in gebruik als tuin. Onderzoekslocatie In het kader van de bestemmingsplanwijziging en de aanvraag van de omgevings-vergunning, dient onderzoek te worden uitgevoerd naar de bodemkwaliteit. De onderzoeks-locatie is deels bebouwd en deels verhard met tegels en klinkers. De onderzoekslocatie omvat circa 1385 m². In bijlage I is de regionale ligging van de locatie weergegeven en is het boorplan van Kruse Milieu BV van maart 2021 opgenomen. 2.2
Vooronderzoek
Het vroegere gebruik van het terrein is van belang, omdat bronnen van verontreiniging aanwezig geweest kunnen zijn. Er is navraag gedaan bij de opdrachtgever en de gemeente Hellendoorn. De volgende informatie is verzameld: - De huidige woningen dateren van circa 1965. Tot de jaren 90 was er een stoffenwinkel gesitueerd. - De onderzoekslocatie is voor zover bekend nooit gebruikt voor werkzaamheden of (bedrijfs)activiteiten, die verontreinigend kunnen zijn. - Voor zover bekend is er op de onderzoekslocatie nooit sprake geweest van opslag in tanks van chemicaliën of brandstoffen, zoals huisbrandolie of diesel. - Voor zover bekend is het te onderzoeken terreindeel in het verleden niet opgehoogd en hebben er geen dempingen van lager gelegen delen of sloten plaatsgevonden. - Vanwege de ouderdom van het erf wordt de bodem van de onderzoekslocatie beschouwd als asbestverdacht. - Voor zover bekend zijn geen asbesthoudende dakplaten, beschoeiingen of sloopafval direct naast of op de onderzoekslocatie aanwezig. Tevens is de locatie niet gelegen aan een asbestweg. - Er zijn eerder bodemonderzoeken uitgevoerd in de nabije omgeving van de huidige onderzoekslocatie. Hieronder wordt dit nader toegelicht. Hunneman Milieuadvies, rapport verkennend bodemonderzoek Kerkweg 18 in Haarle, d.d. 12 december 2007 met nummer 2007.11.52.
De aanleiding voor dit onderzoek was de geplande aanbouw van een serre. Uit de onderzoeksresultaten is het volgende gebleken: - de bovengrond is licht verontreinigd; - de ondergrond is niet verontreinigd; - het grondwater is niet verontreinigd.
Kruse Milieu BV
Project: 21008616
Pagina 2 van 14
De Klinker Milieu Adviesbureau, rapport bodemonderzoek Kerkweg 14 in Haarle, d.d. 13 september 2007 met nummer 070420KH.510. De aanleiding voor zit onderzoek was de geplande nieuwbouw van woningen. Uit de onderzoeksresultaten is het volgende gebleken: - de bovengrond is licht verontreinigd; - de ondergrond is niet verontreinigd; - het grondwater is niet verontreinigd. Hunneman Milieuadvies, rapport milieutechnisch bodem, fundatie en asfaltonderzoek Kerkweg en Poggenbeltweg in Haarle, d.d. juli 2012 met projectnummer 2012486/mh/sh. De aanleiding van dit onderzoek was de voorgenomen reconstructie van de Kerkweg en Poggenbeltweg in Haarle. Uit de onderzoeksresultatten is het volgende gebleken: - de bovengrond is plaatselijk sterk verontreinigd; - de ondergrond is niet verontreinigd; - het grondwater is licht tot matig verontreinigd. 2.3
Bodemsamenstelling en geohydrologie
Op basis van literatuurstudie is de onderstaande regionale geohydrologische situatie afgeleid: - Het maaiveld bevindt zich op circa 7.5 meter boven NAP - De onderzoekslocatie ligt op korte afstand ten zuidwesten van de Hellendoornse Berg en aan de westzijde van het Reggedal. - De basis wordt gevormd door de miocene kleiafzettingen behorende tot de Formatie van Breda. Deze Formatie bevindt zich op ongeveer 80 meter min maaiveld (m-mv). - Op de ondoorlatende basis bevindt zich het tweede watervoerende pakket, gevormd door de Formatie van Scheemda. De kD-waarde van dit watervoerende pakket is onbekend. - Het eerste watervoerende pakket wordt gevormd door de Formaties van Enschede en Harderwijk. Aangezien dit pakket niet dikker is dan 10 meter is de doorlatendheid van dit pakket niet bepaald. - De deklaag bestaat uit de dekzanden behorende bij de Formatie van Twente en heeft een dikte van circa 7 meter. - Het grondwater bevindt zich op circa 1.7 m-mv. De grondwaterstromingsrichting is noordwestelijk. - De onderzoekslocatie ligt circa 6 kilometer ten westen van de Midden Regge en circa 7 kilometer ten oosten van het Overijsselsch Kanaal. De invloed van deze waterlopen op de grondwaterstromingsrichting is bij ons bureau niet bekend. - In de directe omgeving van de onderzoekslocatie is geen waterwingebied of grondwaterBeschermingsgebied gelegen.
Kruse Milieu BV
Project: 21008616
Pagina 3 van 14
3
Uitvoering bodemonderzoek 3.1
Onderzoeksstrategie
De onderzoeksopzet gaat uit van - NEN 5740, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond” NNI Delft, januari 2009; - de aanvulling NEN 5740/A1, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond”, NNI Delft, februari 2016; - NEN 5707+C2, “Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond”, NNI Delft, december 2017. In de normen NEN 5740 en NEN 5707 zijn voor onverdachte en verdachte locaties richtlijnen gegeven voor een systematisch veldonderzoek, de bemonsteringsstrategie en de uit te voeren analyses. De gekozen onderzoeksstrategie is voldoende intensief voor het verkrijgen van inzicht in de bodemkwaliteit ten behoeve van de omgevingsvergunning, bestemmingsplanwijziging of eigendomsoverdracht. De hypothese "onverdachte locatie" uit norm NEN 5740 (niet-lijnvormige locatie, ONV-NL) en asbestverdacht uit norm NEN 5707 (verdacht, heterogeen verdeeld, VED-HE) worden voor de onderzoekslocatie gebruikt. Beide strategieën worden gecombineerd. Tijdens het veldwerk zal visueel worden gelet op de aanwezigheid van asbestverdacht materiaal op en in de bodem. Bij percentages bodemvreemd materiaal van meer dan 50% is er geen sprake van bodem.
Eventuele funderingslagen (asfalt- en puingranulaat) vallen buiten de scope van dit onderzoek. Het opgeboorde materiaal wordt wel beoordeeld op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. In geval er sprake is van meer dan 50% bodemvreemd materiaal/puin is norm NEN 5897+C2 van toepassing, “Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat” NNI Delft, december 2017. Tevens dient te worden vermeld dat in overleg met de opdrachtgever is besloten geen inpandige boringen te verrichten, aangezien het pand nog in gebruik is. Inpandig zijn geen potentieel bodembedreigende (bedrijfs)activiteiten uitgevoerd en er is geen aanleiding om te veronderstellen dat de inpandige bodemkwaliteit afwijkt van de uitpandige bodemkwaliteit. Bij het verkennend bodemonderzoek worden de volgende uitgangspunten in acht genomen: - in door mensen bewoonde gebieden kunnen door jarenlang gebruik van de grond verhoogde gehalten aan PAK en/of zware metalen voorkomen. Deze worden over het algemeen aangeduid als lokale achtergrondwaarden. Deze gehalten zijn vaak gerelateerd aan het voorkomen van puin- en/of kooldeeltjes in de bodem - in humeuze of veenhoudende bodems worden regelmatig verhoogde gehalten minerale olie waargenomen.
Deze gehalten worden veroorzaakt door humuszuren en overig organisch materiaal, dat van nature aanwezig is en door een florisilbehandeling niet geheel wordt verwijderd. Tijdens chemische analyses worden deze verbindingen gedetecteerd als de zware fractie van minerale olie (C27 tot C40). Bij veenbodems betreft het gehalten van 50 tot 100 mg/kg droge stof; bij humeuze bodemlagen gaat het om bijdrages van 10 tot 50 mg/kg droge stof. Deze gehalten kunnen worden beschouwd als natuurlijke achtergrondwaarden - in het grondwater kunnen van nature verhoogde gehalten aan zware metalen en fenolen voorkomen. Deze worden doorgaans aangeduid als natuurlijke achtergrondwaarden. Een voorbeeld wordt gevormd door (sterk) verhoogde arseengehalten in gebieden, die zeer ijzerrijk zijn. Door kwel kunnen bij hoge grondwaterstanden eveneens verhoogde gehalten aan arseen in de grond ontstaan. Ook deze gehalten kunnen worden beschouwd als natuurlijke achtergrondwaarden.
Kruse Milieu BV
Project: 21008616
Pagina 4 van 14
3.2
Veldwerkzaamheden
Bij de boringen en monsternemingen is gewerkt volgens de geldende NEN- en NPRvoorschriften, alsmede conform BRL SIKB 2000 en de protocollen 2001, 2002 en 2018, waarvoor Kruse Milieu BV is gecertificeerd. Op een terrein met een oppervlakte van circa 1370 m² worden in totaal 8 inspectiegaten gegraven met een lengte en een breedte van minimaal 0.3 meter. Er wordt doorgeboord tot op de ondergrond (ongeroerde bodem) met een maximum diepte van 2.0 meter minus maaiveld. Het opgegraven materiaal wordt uitgezeefd over 20 mm en visueel geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbest. De gaten worden handmatig met een schop gegraven. De inspectiegaten worden over het te onderzoeken terreindeel verdeeld en worden gecodeerd als gat 1 tot en met 8. Voor het meten van het grondwaterpeil en het nemen van grondwatermonsters op de locatie wordt één diepe boring overeenkomstig NEN 5766 afgewerkt tot peilbuis. Van ieder monsterpunt wordt de samenstelling van de bodem beschreven volgens NEN 5104. Het opgeboorde materiaal wordt tevens beoordeeld door zintuiglijke waarneming op verontreinigingskenmerken zoals afwijkende geur en/of kleur. 3.3
Analyses
De chemische analyses worden uitgevoerd door Eurofins Analytico BV te Barneveld, een door de Raad voor Accreditatie erkend laboratorium voor analyses conform de AS3000-protocollen. De asbestmonsters worden onderzocht door Eurofins Omegam in Amsterdam, een door de Raad voor Accreditatie erkend laboratorium voor vezelonderzoek. Voor het uitvoeren van deze analyses worden in een verkennend onderzoek van deze omvang 4 grondmengmonsters (waarvan 2 mengmonsters van de fijne fractie) samengesteld en er wordt 1 grondwatermonster genomen. De samenstelling van de mengmonsters vindt plaats op basis van de zintuiglijke waarnemingen, de bodemopbouw en/of posities van de boringen. De samenstelling van de mengmonsters staat vermeld in paragraaf 4.2 in tabel 3. De monsters worden volgens de voorschriften uit NEN 5740 en NEN 5707 onderzocht. In tabel 1 is weergegeven welke analyses worden uitgevoerd. Tabel 2: Analysepakket per monster. Monster
Analysepakket
Bovengrond (1x) Ondergrond (1x)
Zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Mo, Ni, Pb en Zn), minerale olie, PCB, PAK (10), organische stof, lutum en droge stof
BG en OG
Grondwater (1x)
Zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Mo, Ni, Pb en Zn), minerale olie, vluchtige aromaten (BTEX), naftaleen, styreen en gechloreerde koolwaterstoffen (oplosmiddelen standaardpakket), zuurgraad (pH), elektrisch geleidingsvermogen (EC) en troebelheidsmeting
PB
Bovengrond (2x)
Asbest en droge stof
Kruse Milieu BV
Codering (meng)monster
Project: 21008616
MM FF - 01 en MM FF - 02
Pagina 5 van 14
Algemene opmerkingen - Op de grondmengmonsters wordt standaard een florisilbehandeling uitgevoerd om verstoring van de analyse op minerale olie door natuurlijke humuszuren tegen te gaan. - De zuurgraad (pH), het elektrisch geleidingsvermogen (EC) en troebelheidsmeting, van het grondwater worden in het veld gemeten. Filtratie van het grondwater voor de metalenanalyse vindt eveneens in het veld plaats. 3.4
Toetsing chemische analyses
De resultaten van de chemische analyses uit het bodemonderzoek worden beoordeeld aan de hand van de gecorrigeerde achtergrond-, streef- en interventiewaarden voor verontreinigingen in de bodem uit de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 en tabel 1 van bijlage B, Regeling bodemkwaliteit van het ministerie van I&M. De achtergrondwaarden voor grond zijn vastgelegd in de Regeling bodemkwaliteit (Staatsblad, 22 november 2012). De interventiewaarden voor grond en grondwater zijn vastgelegd in de Circulaire bodemsanering. De toetsing aan de eisen in de Wet Bodembescherming en de Circulaire Bodemsanering is beoogd om te beoordelen of er sprake is van een ernstig gevaar voor de volksgezondheid en/of het milieu. Hierbij worden de volgende waarden onderscheiden: achtergrondwaarde (AW) voor grond: het niveau waarbij sprake is van een duurzame kwaliteit van de grond; bij overschrijding wordt gesproken van een lichte verontreiniging; streefwaarde (S) voor grondwater: het niveau waarbij sprake is van een duurzame kwaliteit van het grondwater; bij overschrijding wordt gesproken van een lichte verontreiniging; interventiewaarde bodem (I): het niveau waarbij de functionele eigenschappen van de bodem voor mens, plant of dier ernstig verminderd zijn of ernstig bedreigd worden; bij overschrijding wordt gesproken van een sterke verontreiniging.
tussenwaarde (T): Gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- of streefwaarde en de interventiewaarde, dus (A+I)/2 (grond) of (S+I)/2 (grondwater). Wanneer bij een verkennend onderzoek een component met concentratie boven deze waarde wordt gevonden is in principe een nader onderzoek nodig. Bij de toetsing van de analyseresultaten aan de landelijke achtergrondwaarden en de interventiewaarden worden deze eerst omgerekend naar een gestandaardiseerde meetwaarde (GSSD). Bij de toetsing van de grondresultaten wordt daarbij gebruik gemaakt van de gemeten percentages lutum en organische stof in de grond(meng)monsters. De analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters zijn volgens BoToVa getoetst aan de achtergrond-, streef- en interventiewaarden. Het toetsingsresultaat is overeenkomstig BoToVa als volgt aangeduid: concentratie kleiner of gelijk aan AW of S; * concentratie groter dan AW of S en kleiner of gelijk aan T; ** concentratie groter dan T en kleiner of gelijk aan I. *** concentratie groter dan I. Een locatie wordt als verontreinigd beschouwd als de GSSD groter is dan de achtergrondwaarde of streefwaarde. Voor een aantal stoffen kan de rapportagegrens bepalend zijn voor de achtergrondwaarde of streefwaarde.
De locatie wordt niet verontreinigd verklaard als geen van de onderzochte stoffen in de bodem aanwezig is met een concentratie hoger dan de achtergrondwaarde of streefwaarde. Kruse Milieu BV
Project: 21008616
Pagina 6 van 14
De resultaten van eventuele PFAS-analyses worden getoetst aan de achtergrondwaarden in de landbodem genoemd in het “Tijdelijk Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie” (geactualiseerde versie 2 juli 2020) van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, alsmede aan de sinds 15 januari 2020 door het RIVM afgeleide INEV’s (Indicatieve Niveaus voor Ernstige Verontreinigingen) voor de stoffen PFOS, PFOA en GenX in grond en grondwater. 3.5
Toetsing asbestanalyses
De resultaten van de asbestanalyses worden getoetst aan de wetgeving inzake asbest in bodem en puin welke door de ministeries van SZW en I&M is vastgesteld. In het beleid is voor asbest een restconcentratienorm en een interventiewaarde opgenomen. De restconcentratienorm beschrijft de concentratie asbest, waaronder hergebruik nog is toegestaan. De interventiewaarde beschrijft de concentratie asbest in bodem, waarboven in principe gesaneerd dient te worden. Voor asbest is de restconcentratienorm gelijk aan de interventiewaarde en deze waarde bedraagt 100 mg/kg gewogen asbest. De gewogen concentratie asbest is gelijk aan de concentratie serpentijnasbest, vermeerderd met 10 maal de concentratie amfiboolasbest. Voor puinverhardingen dient de asbestconcentratie te worden getoetst aan de normen uit het Besluit Asbestwegen Wet Milieugevaarlijke Stoffen (WMS). Hierin wordt tevens een restconcentratie van 100 mg/kg gewogen asbest genoemd. Bij een asbestgehalte groter dan de helft van de interventiewaarde is een nader onderzoek asbest verplicht. De hoogste bepaalde waarde binnen een (deel)locatie is hiervoor bepalend. Indien overschrijding van de restconcentratienorm plaatsvindt, dan dienen werkzaamheden met de betreffende bodem/puinverharding plaats te vinden onder asbestcondities.
Bij asbestconcentraties lager dan de restconcentratienorm zijn geen aanvullende maatregelen noodzakelijk bij be- en verwerking van de grond of puinverharding.
Kruse Milieu BV
Project: 21008616
Pagina 7 van 14
4
Resultaten 4.1
Algemeen
In dit hoofdstuk wordt een beschrijving gegeven van de veldwerkzaamheden en de analyseresultaten. De uitgevoerde veldwerkzaamheden en waarnemingen, de samenstelling van de mengmonsters en de grondwatergegevens worden beschreven in paragraaf 4.2. De resultaten van de chemische analyses worden beschreven in paragraaf 4.3 en in paragraaf 4.4 worden de resultaten besproken. De resultaten van de asbestanalyses zijn weergegeven in paragraaf 4.5. 4.2
Veldwerkzaamheden
De veldwerkzaamheden zijn in maart 2021 uitgevoerd door de heren J. Hartman en N. Pepping. De veldwerkers zijn conform BRL SIKB 2000 gecertificeerd en erkend (certificaatnummer K44441/08). Er zijn op 9 maart 2021 in totaal 8 inspectiegaten handmatig met een schop gegraven (inspectiegaten 1 tot en met 8). Gat 2 is verdiept met behulp van een Edelmanboor. Gat 1 is met behulp van een zuigerboor doorgezet tot 3.2 meter diepte en is afgewerkt met een peilbuis. Opgemerkt dient te worden dat het maaiveld, vanwege de aanwezigheid van tegels, klinkers, en gras, niet (goed) geïnspecteerd kon worden. Er is sprake van een indicatieve maaiveldinspectie. Eventuele kleine asbestverdachte fragmenten kunnen hierdoor niet zijn opgemerkt. De weersomstandigheden tijdens de inspectie waren matig (bewolkt, veel neerslag). Door de veldwerkers zijn visueel geen asbestverdachte materialen waargenomen op het maaiveld. De situering van de monsterpunten is weergegeven op de situatieschets van bijlage I. Tijdens de boorwerkzaamheden is de bodemopbouw beschreven en is de grond zintuiglijk beoordeeld op eventuele aanwezigheid van verontreinigingen. De boorbeschrijvingen zijn weergegeven in bijlage II. De bodemopbouw ter plaatse van de onderzoekslocatie is globaal zeer fijn tot matig grof zand. In de boven- en ondergrond zijn roest- en oerhoudende lagen aangetroffen.
Er zijn bodemvreemde materialen waargenomen, deze zijn weergegeven in tabel 2. Door de veldwerkers zijn visueel geen asbestverdachte materialen waargenomen in de bodem. Tabel 2: Weergave bodemvreemde materialen. Gat
Diepte (m-mv) Waarneming
1
0.06 - 0.75
sporen baksteen
2
0.11 - 0.75
sporen baksteen
3
0.3 - 1.3
sporen baksteen
4
0 - 0.6
sporen baksteen, sporen glas
5
0.14 - 0.6
sporen baksteen
6
0 - 0.45
sporen puin
7
0.23 - 1.5
sporen baksteen
8
0 - 0.8
sporen baksteen
Op basis van de zintuiglijke waarnemingen, bodemsamenstelling en/of geografische positie van de boringen zijn de mengmonsters samengesteld, zoals in tabel 3 staat omschreven. Kruse Milieu BV
Project: 21008616
Pagina 8 van 14
Tabel 3: Samenstelling mengmonsters. (Meng)monster
Boringnummer
Traject (diepte in m mv)
BG (sporen puin)
1 2 3 4 en 8 5 6 7
0.06 - 0.5 0.11 - 0.5 0.3 - 0.8 0 - 0.5 0.14 - 0.5 0 - 0.45 0.23 - 0.5
Standaard pakket
OG (visueel schoon)
1 1 2 2 2
1.0 - 1.5 1.5 - 1.85 0.75 - 1.1 1.1 - 1.6 1.6 - 2.0
Standaard pakket
2 3 5 6 7
0.75 - 0.11 0.3 - 1.3 0.14 - 0.6 0 - 0.45 0.23 - 0.5
Asbest
4 8
0 - 0.6 0.5 - 0.85
Asbest
MM FF - 01
MM FF - 02
Analyse
Gat 1 is doorgezet tot circa 3.2 m-mv. Wanneer het grondwater werd bereikt, werd een zuigerboor gebruikt om een PVC-peilbuis te kunnen plaatsen. Een peilbuis bestaat uit een filter met een lengte van 1.0 meter, gekoppeld aan een blinde stijgbuis. Ter hoogte van het filter, met een diameter van 28 x 32 mm, is filtergrind in het boorgat gestort. Rondom het filter is een filterkous aangebracht. Er is bentoniet in het boorgat gestort om directe indringing van hemelwater in het filter tegen te gaan. De rest van het boorgat is opgevuld met het oorspronkelijke bodemmateriaal. Vervolgens is de peilbuis doorgepompt. Op 16 maart 2021 is de peilbuis bemonsterd. Het voorpompen en bemonsteren heeft conform NEN 5744 plaatsgevonden met een laag debiet (tussen 100 en 500 ml/min). Er is op toegezien dat de grondwaterstand tijdens het voorpompen niet meer dan 50 cm is gedaald en dat er is bemonsterd met hetzelfde (of lager) debiet als waarmee is voorgepompt. De grondwatergegevens staan weergegeven in tabel 4. Tabel 4: Weergave gegevens grondwater. Peilbuis
Filterstelling (m-mv)
Grondwaterstand (m-mv)
pH (-)
EC (μS/cm)
Troebelheid (NTU)
Toestroming
1
2.20 - 3.20
1.70
5.5
170
8.9
Goed
De waarden voor de EC en de troebelheid worden normaal geacht, de waarde voor de pH wordt als verlaagd beschouwd. 4.3
Resultaten en toetsing van de chemische analyses
In algemene zin dient opgemerkt te worden dat indien de analyses van de grondmonsters zijn uitgevoerd op mengmonsters, dit kan betekenen dat de gehaltes hoger kunnen zijn in de individuele monsters.
Kruse Milieu BV
Project: 21008616
Pagina 9 van 14
De analyseresultaten en toetsingstabellen zijn weergegeven in bijlage III. Bij de toetsing van de analyseresultaten aan de landelijke achtergrondwaarden en interventiewaarden worden deze eerst omgerekend naar een gestandaardiseerde meetwaarde (GSSD). Bij de toetsing van de grondresultaten wordt daarbij gebruik gemaakt van de gemeten percentages lutum en organische stof in de grond(meng)monsters. De analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters zijn volgens BoToVa getoetst aan de achtergrond-, streef- en interventiewaarden. In de bovengrond (BG) en het grondwater (PB 1) zijn zeer licht verhoogde concentraties aangetoond. Deze zijn weergegeven in tabel 5. In de ondergrond (OG) zijn geen verhoogde gehalten gemeten. Tabel 5: Verhoogde concentraties (mg/kg droge stof of μg/l).
1
Gemeten concentratie
GSSD
Achtergrondwaarde1 of Streefwaarde
Interventiewaarde
Lood
34
52.45 *
50
530
Barium
67
67 *
50
625
Monster
Component
BG PB 1 AW2000
In de vierde kolom van tabel 5 wordt het toetsingsresultaat overeenkomstig BoToVa als volgt aangeduid: concentratie kleiner of gelijk aan AW of S; * concentratie groter dan AW of S en kleiner of gelijk aan T; ** concentratie groter dan T en kleiner of gelijk aan I; *** concentratie groter dan I. 4.4
Bespreking resultaten chemische analyses
Zoals in de vorige paragraaf is weergegeven, zijn er enkele verontreinigingen aangetoond. In deze paragraaf worden mogelijke verklaringen gegeven voor de analyseresultaten. Bovengrond - BG - Lood Zoals reeds beschreven in paragraaf 3.1, zijn verontreinigingen in de grond met zware metalen niet ongebruikelijk op locaties, waar al tientallen jaren sprake is geweest van bebouwing en bewoning. Oorzaak voor de zeer licht verhoogde gehalten wordt gezocht in de waargenomen bodemvreemde materialen (sporen baksteen). Aangezien de tussenwaarde niet wordt overschreden, wordt het uitvoeren van nader onderzoek niet noodzakelijk geacht. Grondwater PB 1 - Barium Het licht verhoogde bariumgehalte in het grondwater is waarschijnlijk te wijten aan een plaatselijk (natuurlijk) verhoogde achtergrondwaarde. In de ondergrond zijn roesthoudende lagen waargenomen, wat duidt op de natuurlijke aanwezigheid van metalen in de bodem. Aangezien de tussenwaarde niet wordt overschreden, wordt het uitvoeren van nader onderzoek niet noodzakelijk geacht. 4.5
Resultaten van de asbestanalyses
In bijlage IV zijn het analyserapporten van het asbestonderzoek opgenomen. In de mengmonsters van de fijne fractie van MM FF - 01 en MM FF - 02 is geen asbest aangetoond.
Kruse Milieu BV
Project: 21008616
Pagina 10 van 14
5
Samenvatting, conclusies en aanbevelingen
Algemeen In opdracht van Ad Fontem is in een verkennend (asbest)bodemonderzoek de bodem onderzocht op een terrein ter grootte van circa 1370 m² aan de Kerkweg 20 in Haarle. De onderzoekslocatie is deels bebouwd met drie te slopen rijtjeshuizen met bijgebouwen. Een deel van het terrein is verhard met klinkers en tegels. De aanleiding van dit onderzoek is de bestemmingsplanwijziging en de aanvraag van de omgevingsvergunning ten behoeve van de nieuwbouw van woningen met bijgebouwen. Voorafgaande aan het bodemonderzoek heeft een vooronderzoek plaatsgevonden op basis van norm NEN 5725 “Aanleiding A: Opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek”. Uit de resultaten van dit vooronderzoek is gebleken dat de bovengrond van de locatie verdacht is voor de aanwezigheid van asbest. De onderzoekslocatie is onverdacht voor chemische componenten. Resultaten veldwerk In totaal zijn er 8 inspectiegaten gegraven, waarvan één is doorgezet tot 3.2 meter diepte, welke is afgewerkt met een peilbuis. Gebleken is dat de bodem globaal bestaat uit zeer fijn tot matig grof zand. In de boven- en ondergrond zijn roest- en oerhoudende lagen aangetroffen. Er zijn bodemvreemde materialen waargenomen (sporen baksteen, glas en puin). Door de veldwerkers zijn visueel geen asbestverdachte materialen waargenomen op het maaiveld of in de bodem.
Het freatische grondwater is in peilbuis 1 aangetroffen op 1.70 meter min maaiveld. Resultaten chemische analyses Op basis van de resultaten van de chemische analyses kan het volgende worden geconcludeerd: - de bovengrond (BG) is zeer licht verontreinigd met lood; - de ondergrond (OG) is niet verontreinigd; - het grondwater (PB 1) is zeer licht verontreinigd met barium. Resultaten asbestanalyses Op basis van de resultaten van de asbestanalyses kan het volgende worden geconcludeerd: - het mengmonster van de fijne fractie MM FF - 01 bevat geen asbest; - het mengmonster van de fijne fractie MM FF - 02 bevat geen asbest. Hypothese De hypothese “onverdachte locatie” dient formeel te worden verworpen, aangezien er overschrijdingen van de achtergrondwaarden zijn aangetoond. De hypothese “verdachte asbestlocatie” dient te worden verworpen, aangezien er geen asbest is aangetoond. Conclusies en aanbevelingen In de bovengrond (BG) en het grondwater (PB) zijn enkele zeer lichte verontreinigingen aangetoond. Voor een beschrijving en mogelijke verklaringen wordt verwezen naar de paragrafen 4.3 en 4.4. In de ondergrond (OG) zijn geen verontreinigingen aangetoond. Aangezien de tussenwaarden niet worden overschreden, is er geen reden om een nader onderzoek uit te voeren. In de mengmonsters van de fijne fractie MM FF - 01 en MM FF - 02 is geen asbest aangetoond. Kruse Milieu BV
Project: 21008616
Pagina 11 van 14
Slotconclusie Uit milieukundig oogpunt is er geen bezwaar tegen de bestemmingsplanwijziging en nieuwbouwplannen, aangezien de vastgestelde verontreinigingen geen risico's voor de volksgezondheid opleveren. De bodem wordt geschikt geacht voor het huidige en toekomstige gebruik (wonen met tuin). Standaard slotopmerkingen Het volgende dient opgemerkt te worden: gezien het verkennende karakter van dit onderzoek is het, ondanks de zorgvuldigheid waarmee het is uitgevoerd, altijd mogelijk dat eventueel lokaal voorkomende verontreinigingen niet zijn ontdekt. Hoewel voldaan wordt aan de geldende weten regelgeving, wordt tijdens een verkennend of nader bodemonderzoek een beperkt aantal boringen, inspectiegaten of inspectiesleuven verricht. Vermeld dient tevens te worden dat op basis van voorliggend onderzoek geen conclusies kunnen worden getrokken omtrent de bodemkwaliteit van andere terreindelen of aangrenzende percelen. Tenslotte dient in acht genomen te worden dat elk bodemonderzoek een momentopname is. Eventuele toekomstige calamiteiten (bijvoorbeeld brand of morsing van bodemvreemde vloeistoffen), sloopwerkzaamheden of bouwrijp maken en aanvoer van grond van elders kunnen de bodemkwaliteit (sterk) beïnvloeden.
Kruse Milieu BV
Project: 21008616
Pagina 12 van 14
6
Literatuur en bronvermelding
Informatie van de gemeente Hellendoorn Hunneman Milieuadvies, rapport verkennend bodemonderzoek Kerkweg 18 in Haarle, d.d. 12 december 2007 met nummer 2007.11.52 De Klinker Milieu Adviesbureau, rapport bodemonderzoek Kerkweg 14 in Haarle, d.d. 13 september 2007 met nummer 070420KH.510 Hunneman Milieuadvies, rapport milieutechnisch bodem, fundatie en asfaltonderzoek Kerkweg en Poggenbeltweg in Haarle, d.d. juli 2012 met projectnummer 2012486/mh/sh NEN 5725, “Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek”, NNI Delft, oktober 2017 NEN 5740, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond”, NNI Delft, januari 2009 NEN 5740/A1, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond”, NNI Delft, februari 2016 NEN 5707+C2, “Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond”, NNI Delft, december 2017 De kamerbrief “Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie”, Ministerie van I en W, 8 juli 2019 De kamerbrief “Aanpassing tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie”, Ministerie van I en W, geactualiseerde versie 2 juli 2020 Document “Indicatieve niveaus voor
ernstige bodem- en grondwaterverontreinigingen (INEV’s) voor de stoffen PFOS, PFOA en GenX, RIVM, 15 januari 2020 Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Ministerie van I&M Topografische kaarten, Topografische Dienst Kadaster Grondwaterkaart van Nederland, TNO Grondwater en Geo-Energie, Delft Archief Kruse Milieu BV Bodematlas Overijssel www.bodemloket.nl www.ahn.nl www.topotijdreis.nl www.dinoloket.nl
Kruse Milieu BV
Project: 21008616
Pagina 13 van 14
Bijlage I Regionale ligging locatie Boorplan verkennend (asbest)bodemonderzoek Kruse Milieu BV, maart 2021
Kerkweg 20 in Haarle
Kruse Milieu BV Kaartmateriaal: Topografische dienst Kadaster
Topografische kaart Projectnummer: 21008616 Schaal: 1:25000 Bijlage: I Kaartblad: 28 C
Ad Fontem Kerkweg 20 7448 AD Haarle Verkennend bodemonderzoek
tuin
Rutgers straat
tuin
8 7 tuin
1
4
6 3 tuin
tuin
20b 20
2
tuin
5 18b
= Onderzoekslocatie = Geplande nieuwbouw = Boring tot 0.5 meter diepte = Inspectiegat 30x30x50 cm = Boring tot 1.0 meter diepte = Boring tot 1.5/2.0 meter diepte = Peilbuis
0 Kerkw eg
12.5
Kruse Milieu BV Huyerenseweg 33 7678 SC Geesteren
Tel: 0546 - 639663 www.krusegroep.nl
Veldwerker: JH/NP
Tekenaar: JL
Projectcode Schaal Datum
: 21008616 : 1:250 (A4-formaat) : Maart 2021
Bijlage II Boorstaten
1
1
4
klinker, m aaiveld
0
0 1
50 2 3 100 4 150 5
0
-6
30x30cm , zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht beige, bruin, sporen bakst een, sporen t eelaarde, ophoogzand geroerd
gazon, m aaiveld
0 1 50 2
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht beige, bruin, sporen bakst een, sporen t eelaarde, ophoogzand geroerd
-75
t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 9 -0 3 -2 0 2 1 boorm eest er J. H a r t m a n
-50
zand, zeer fijn, zwak silt ig, zwak grindig, zwak hum eus, donker zwart , bruin, sporen glas, sporen bakst een, sporen wort els -60
zand, uit erst fijn, m at ig silt ig, m at ig hum eus, donker zwart
veen, zwak kleiig, donker zwart , bruin
-80
zand, zeer fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, rood, st erk oer
-100
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht geel, rood, m at ig oer 200
32x30cm , zand, zeer fijn, zwak silt ig, zwak grindig, zwak hum eus, donker zwart , bruin, sporen glas, sporen bakst een, sporen wort els
-85 -185
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht beige, geel, sporen roest
220
5
t egel, m aaiveld
0
0 1
250
-5 2
30x30cm , zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht beige, ophoogzand
3
30x30cm , zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, donker beige, bruin, sporen bakst een, m at ig t eelaarde, ophoogzand geroerd
50
-14
300 320
-320
t ype p e ilb u is m e t 1 f ilt e r dat um 0 9 -0 3 -2 0 2 1 boorm eest er J. H a r t m a n
100
2 0
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, donker beige, bruin, sporen bakst een, m at ig t eelaarde, ophoogzand geroerd -60
t egel, m aaiveld
veen, zwak kleiig, donker bruin -100
0
1
-5 2 50
30x30cm , zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht beige, ophoogzand -11
3 4
100
-50
t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 9 -0 3 -2 0 2 1 boorm eest er J. H a r t m a n
30x30cm , zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, zwak hum eus, donker bruin, beige, sporen bakst een, sporen zand, geroerd
6
0 1
5
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, zwak hum eus, donker bruin, beige, sporen bakst een, sporen zand, geroerd
-45 2 3
100
-75
6
zand, zeer fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, donker bruin
200
t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 9 -0 3 -2 0 2 1 boorm eest er J. H a r t m a n
-80
-95
zand, zeer fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, rood, st erk oer -100
-160
7
-200
t egel, m aaiveld
0
3
t egel, m aaiveld
0
0 1
0 2 1
2
-5
30x30cm , zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht beige, bruin, sporen t eelaarde, ophoogzand
50 3
30x30cm , zand, m at ig fijn, zwak silt ig, donker beige, bruin, sporen bakst een, sporen t eelaarde, ophoogzand geroerd
100
150
t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 9 -0 3 -2 0 2 1 boorm eest er J. H a r t m a n
-130
-150
onderzoek project code get ekend conform
Ke r k w e g 2 0 - H a a r le 21008616 N EN 5 1 0 4
150 5
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, donker beige, bruin, sporen bakst een, m at ig t eelaarde, ophoogzand geroerd -150
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht beige, geel, sporen roest
bodem profielen sch a a l 1 :5 0
30x30cm , zand, zeer fijn, zwak silt ig, zwak grindig, zwak hum eus, donker bruin, beige, sporen bakst een, zwak zand, geroerd -50
4 -50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, donker beige, bruin, sporen bakst een, sporen t eelaarde, ophoogzand geroerd
-7
30x30cm , zand, m at ig grof, zwak silt ig, licht beige, ophoogzand -23
-30
100
-50
zand, zeer fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, donker zwart , grijs
zand, zeer fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, donker bruin, beige, sporen zand zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht beige, geel, sporen roest
50
32x31cm , zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht beige, bruin, sporen t eelaarde, ophoogzand zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht beige, bruin, sporen t eelaarde, ophoogzand
-110
t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 9 -0 3 -2 0 2 1 boorm eest er J. H a r t m a n
32x31cm , zand, m at ig fijn, zwak silt ig, m at ig grindig, neut raal bruin, grijs, zwak puin, sporen wort els
50 -50
150
t uin, m aaiveld
0
t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 9 -0 3 -2 0 2 1 boorm eest er J. H a r t m a n
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht beige, geel, sporen roest -170
8
t uin, m aaiveld
0
0 1
50 2
100
t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 9 -0 3 -2 0 2 1 boorm eest er J. H a r t m a n
3
32x32cm , zand, zeer fijn, zwak silt ig, zwak grindig, zwak hum eus, donker bruin, sporen bakst een, sporen wort els -50
zand, zeer fijn, zwak silt ig, zwak grindig, zwak hum eus, donker bruin, beige, sporen bakst een, sporen wort els, geroerd -85
zand, uit erst fijn, zwak silt ig, m at ig hum eus, donker zwart -100
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
Ke r k w e g 2 0 - H a a r le 21008616 N EN 5 1 0 4
PEILBUIS
BORIN G
OLIE OP W ATER REACTIE
num m er
bodem m onst er, geroerd
Geen casing
Zwak
Mat ig
St erk
Uit erst
bodem laag
GEUR IN TEN ISTEIT
bent oniet
grondwat erst and t ijdens boren
bodem m onst er, ongeroerd
filt ergrind
Geen Zeer zwak
Zwak
Mat ig
St erk
bodem laag filt ert raject grondwat erst and
links= cm -m aaiveld recht s= cm + NAP
GRON D SOORTEN
M ATE V AN BIJM EN GIN G
GRIND, grindig (G,g)
zwak - (0-5%)
ZAND, zandig (Z,z)
m at ig - (5-15%)
LEEM, silt ig (L,s)
st erk - (15-50%)
KLEI, kleiig (K,k)
uit erst - (> 50%)
VEEN, hum eus (V,h)
slib
V ERH ARD IN GEN
GRAD ATIE Z AN D
asfalt , bet on, klinkers, t egels st elconplaat , ondoordringbare laag
uf = uit erst fijn (63-105 um ) zf = zeer fijn (105-150 um ) m f = m at ig fijn (150-210 um ) m g = m at ig grof (210-300 um ) zg = zeer grof (300-420 um ) ug = uit erst grof (420-2000 um )
OV ERIG
GRAD ATIE GRIN D
bodem vreem de best andsdelen aanwezig
f = fijn (2-5.6 m m ) m g = m at ig grof (5.6-16 m m ) zg = zeer grof (16-63 m m )
wat er
BESCH RIJV IN G BOD EM LAAG pid = fot o ionisat ie det ect or bv = bodem vocht ow = olie op wat er
Zeer st erk
Bijlage III Resultaten chemische analyses
Kruse Milieu BV T.a.v. Jeroen Lammers Huyerenseweg 33 7678 SC GEESTEREN
Analysecertificaat Datum: 12-Mar-2021
Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monster(s) ontvangen
2021038067/1 21008616 Kerkweg 20 - Haarle 09-Mar-2021
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. De analyse resultaten hebben alleen betrekking op het beproefde object. De grondmonsters worden tot 4 weken na datum ontvangst bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 werkdag voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.
Bewaren tot: Datum:
Naam:
Handtekening:
Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.
Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.
Ing. A. Veldhuizen Technical Manager
Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Fax +31 (0)34 242 63 99 IBAN: NL71BNPA0227924525 E-mail info-env@eurofins.nl BIC: BNPANL2A Site www.eurofins.nl KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Uw monsternemer
21008616 Kerkweg 20 - Haarle
Certificaatnummer/Versie Startdatum analyse Datum einde analyse Rapportagedatum Bijlage Pagina
Jan Hartman
Eenheid
Analyse
1
2
Uitgevoerd
Uitgevoerd
% (m/m)
87.8
84.6
2021038067/1 09-Mar-2021 12-Mar-2021 12-Mar-2021/15:39 A,B,C 1/2
Voorbehandeling
Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses
S
Droge stof
S
Organische stof
% (m/m) ds
3.0
1.9
Gloeirest
% (m/m) ds
97
98
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
2.1
<2.0
S
Metalen
S
Barium (Ba)
mg/kg ds
<20
<20
S
Cadmium (Cd)
mg/kg ds
<0.20
<0.20
S
Kobalt (Co)
mg/kg ds
<3.0
<3.0
S
Koper (Cu)
mg/kg ds
5.2
<5.0
S
Kwik (Hg)
mg/kg ds
<0.050
<0.050
S
Molybdeen (Mo)
mg/kg ds
<1.5
<1.5
S
Nikkel (Ni)
mg/kg ds
<4.0
<4.0
S
Lood (Pb)
mg/kg ds
34
<10
S
Zink (Zn)
mg/kg ds
26
<20
Minerale olie (C10-C12)
mg/kg ds
<3.0
<3.0
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
Minerale olie (C16-C21)
mg/kg ds
<5.0
<5.0
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg ds
<11
<11
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg ds
6.9
<5.0
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg ds
<6.0
<6.0
Minerale olie totaal (C10-C40)
mg/kg ds
<35
<35
Minerale olie
S
Polychloorbifenylen, PCB
S
PCB 28
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
S
PCB 52
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
S
PCB 101
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
S
PCB 118
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
Nr. Uw monsteromschrijving
1
BG
2
OG
Opgegeven monstermatrix
Monster nr.
Grond (AS3000) Grond (AS3000)
11914051 11914052
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende en geaccrediteerde verrichting S: AS SIKB erkende en geaccrediteerde verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
W: Waals Gewest erkende verrichting
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV IBAN: NL71BNPA0227924525 en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), BIC: BNPANL2A het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) KvK/CoC No. 09088623 en door de overheid van Luxemburg (MEV). BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
TESTEN RvA L010
Analysecertificaat Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Uw monsternemer
S
21008616 Kerkweg 20 - Haarle
Certificaatnummer/Versie Startdatum analyse Datum einde analyse Rapportagedatum Bijlage Pagina
Jan Hartman
Analyse
Eenheid
1
2
PCB 138
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
S
PCB 153
mg/kg ds
<0.0010
<0.0010
S
PCB 180
mg/kg ds
<0.0010
PCB (som 7) (factor 0,7)
mg/kg ds
0.0049
S
2021038067/1 09-Mar-2021 12-Mar-2021 12-Mar-2021/15:39 A,B,C 2/2
<0.0010 1)
0.0049
1)
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK
S
Naftaleen
mg/kg ds
<0.050
<0.050
S
Fenanthreen
mg/kg ds
0.069
<0.050
S
Anthraceen
mg/kg ds
0.072
<0.050
S
Fluorantheen
mg/kg ds
0.23
<0.050
S
Benzo(a)anthraceen
mg/kg ds
0.12
<0.050
S
Chryseen
mg/kg ds
0.14
<0.050
S
Benzo(k)fluorantheen
mg/kg ds
0.077
<0.050
S
Benzo(a)pyreen
mg/kg ds
0.13
<0.050
S
Benzo(ghi)peryleen
mg/kg ds
0.096
<0.050
S
Indeno(123-cd)pyreen
mg/kg ds
0.12
<0.050
S
PAK VROM (10) (factor 0,7)
mg/kg ds
1.1
0.35
Nr. Uw monsteromschrijving
1
BG
2
OG
1)
Opgegeven monstermatrix
Monster nr.
Grond (AS3000) Grond (AS3000)
11914051
Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende en geaccrediteerde verrichting S: AS SIKB erkende en geaccrediteerde verrichting V: VLAREL erkende verrichting
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
W: Waals Gewest erkende verrichting
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. BNP Paribas S.A. 227 9245 25 Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV IBAN: NL71BNPA0227924525 en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), BIC: BNPANL2A het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) KvK/CoC No. 09088623 en door de overheid van Luxemburg (MEV). BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
11914052
Akkoord Pr.coörd.
VA TESTEN RvA L010
Bijlage (A) met de opgegeven deelmonsterinformatie behorende bij het analysecertificaat. 2021038067/1 Pagina 1/1 Monster nr.
Uw monsteromschrijving Van
Tot
0538645040
1
6
50
09-Mar-2021
0538645388
2
11
50
09-Mar-2021
0538645390
3
30
80
09-Mar-2021
0538645389
4
0
50
09-Mar-2021
0538645381
5
14
60
09-Mar-2021
0538645379
6
0
45
09-Mar-2021
0538645391
7
23
50
09-Mar-2021
0538645384
8
0
50
09-Mar-2021
Barcode
Boornr
11914051
Uw datum monstername
Monsteromsch./Monstername ID
BG
0904308816
11914052
OG
0538644978
1
100
150
09-Mar-2021
0538645042
1
150
185
09-Mar-2021
0538645396
2
75
110
09-Mar-2021
0538645032
2
110
160
09-Mar-2021
0538645045
2
160
200
09-Mar-2021
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
Bijlage (B) met opmerkingen behorende bij analysecertificaat 2021038067/1 Pagina 1/1 Opmerking 1)
De toetswaarde van de som is gelijk aan de sommatie van 0,7*RG
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
.
Bijlage (C) met methodeverwijzingen behorende bij analysecertificaat 2021038067/1
Analyse
Pagina 1/1
Methode
Techniek
Methode referentie
W0106
Voorbehandeling
AS3000
Droge Stof
W0104
Gravimetrie
pb 3010-2 en NEN-EN 15934
Organische stof (gloeiverlies)
W0109
Gravimetrie
pb 3010-3 en NEN 5754
Korrelgrootte < 2 µm (lutum)
W0171
Sedimentatie
pb 3010-4 en NEN 5753
Barium (Ba)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Cadmium (Cd)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Kobalt (Co)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Koper (Cu)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Kwik (Hg)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Molybdeen (Mo)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Nikkel (Ni)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Lood (Pb)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
Zink (Zn)
W0423
ICP-MS
pb 3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2
W0202
GC-FID
pb 3010-7 en NEN-EN-ISO 16703
W0271
GC-MS
pb 3010-8 en NEN 6980
Voorbehandeling
Cryogeen malen Bodemkundige analyses
Metalen
Minerale olie
Minerale Olie (C10-C40) Polychloorbifenylen, PCB
PCB (7)
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK
PAK som AS3000/AP04
W0271
GC-MS
pb. 3010-6 en NEN-ISO 18287
PAK (10) (VROM)
W0271
GC-MS
pb. 3010-6 en NEN-ISO 18287
Nadere informatie over de toegepaste onderzoeksmethoden alsmede een classificatie van de meetonzekerheid staan vermeld in ons overzicht "Specificaties analysemethoden", versie juni 2020.
Eurofins Analytico B.V.
Gildeweg 42-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL
Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info-env@eurofins.nl Site www.eurofins.nl
BNP Paribas S.A. 227 9245 25 IBAN: NL71BNPA0227924525 BIC: BNPANL2A KvK/CoC No. 09088623 BTW/VAT No. NL 8043.14.883.B01
Eurofins Analytico B.V. is ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜV en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. Omgeving), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheid van Luxemburg (MEV).
BoToVa T12 Toetsing Wbb grond Projectnummer Projectnaam Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum
21008616 Kerkweg 20 - Haarle 09-03-2021 Jan Hartman 2021038067 09-03-2021 12-03-2021
Analyse
Eenheid
Bodemtype correctie Organische stof Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Voorbehandeling Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses % (m/m) Droge stof Organische stof % (m/m) ds Gloeirest % (m/m) ds Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) % (m/m) ds Metalen Barium (Ba) mg/kg ds Cadmium (Cd) mg/kg ds Kobalt (Co) mg/kg ds Koper (Cu) mg/kg ds Kwik (Hg) mg/kg ds Molybdeen (Mo) mg/kg ds Nikkel (Ni) mg/kg ds Lood (Pb) mg/kg ds Zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie Minerale olie (C10-C12) mg/kg ds Minerale olie (C12-C16) mg/kg ds mg/kg ds Minerale olie (C16-C21) Minerale olie (C21-C30) mg/kg ds Minerale olie (C30-C35) mg/kg ds Minerale olie (C35-C40) mg/kg ds Minerale olie totaal (C10-C40) mg/kg ds Polychloorbifenylen, PCB PCB 28 mg/kg ds PCB 52 mg/kg ds PCB 101 mg/kg ds PCB 118 mg/kg ds mg/kg ds PCB 138 PCB 153 mg/kg ds PCB 180 mg/kg ds PCB (som 7) (factor 0,7) mg/kg ds Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK mg/kg ds Naftaleen Fenanthreen mg/kg ds Anthraceen mg/kg ds Fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)anthraceen mg/kg ds Chryseen mg/kg ds Benzo(k)fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)pyreen mg/kg ds Benzo(ghi)peryleen mg/kg ds Indeno(123-cd)pyreen mg/kg ds mg/kg ds PAK VROM (10) (factor 0,7)
1
GSSD
Analytico-nr
Monster
1
11914051
BG
Eindoordeel:
kleiner dan of gelijk aan Achtergrondwaarde groter dan Achtergrondwaarde
**
groter dan Tussenwaarde
***
groter dan Interventiewaarde
GSSD
Gestandaardiseerd gehalte
AW
Achtergrondwaarde
T
Tussenwaarde
I
Interventiewaarde
87,8 3
<20 <0,20 <3,0 5,2 <0,050 <1,5 <4,0 34 26
53,58 0,2301 7,303 10,37 0,0498 1,05 8,099 52,45 59,87
* -
190 0,6 15 40 0,15 1,5 35 50 140
555 6,8 103 115 18,1 95,8 67,5 290 430
920 13 190 190 36 190 100 530 720
<3,0 <5,0 <5,0 <11 6,9 <6,0 <35
7 11,67 11,67 25,67 23 14 81,67
-
190
2600
5000
<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049
0,0023 0,0023 0,0023 0,0023 0,0023 0,0023 0,0023 0,0163
-
0,02
0,51
1
<0,050 0,069 0,072 0,23 0,12 0,14 0,077 0,13 0,096 0,12 1,1
0,035 0,069 0,072 0,23 0,12 0,14 0,077 0,13 0,096 0,12 1,089
-
1,5
20,8
40
Deze toetsing is uitgevoerd met behulp van BoToVa. Zie voor info: http://www.rwsleefomgeving.nl/onderwerpen/bodem-ondergrond/bbk/instrumenten/botova/ N.B.: de vermelde tussenwaarde is door PAIS berekend en is niet afkomstig uit BoToVa
I
87,8 3 97 2,1
Gebruikte afkortingen *
T
Uitgevoerd
Voldoet aan Achtergrondwaarde
-
AW
3 2,1
Legenda Nr.
Oordeel
2,1
BoToVa T12 Toetsing Wbb grond Projectnummer Projectnaam Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum
21008616 Kerkweg 20 - Haarle 09-03-2021 Jan Hartman 2021038067 09-03-2021 12-03-2021
Analyse
Eenheid
Bodemtype correctie Organische stof Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Voorbehandeling Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses % (m/m) Droge stof Organische stof % (m/m) ds Gloeirest % (m/m) ds Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) % (m/m) ds Metalen Barium (Ba) mg/kg ds Cadmium (Cd) mg/kg ds Kobalt (Co) mg/kg ds Koper (Cu) mg/kg ds Kwik (Hg) mg/kg ds Molybdeen (Mo) mg/kg ds Nikkel (Ni) mg/kg ds Lood (Pb) mg/kg ds Zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie Minerale olie (C10-C12) mg/kg ds Minerale olie (C12-C16) mg/kg ds mg/kg ds Minerale olie (C16-C21) Minerale olie (C21-C30) mg/kg ds Minerale olie (C30-C35) mg/kg ds Minerale olie (C35-C40) mg/kg ds Minerale olie totaal (C10-C40) mg/kg ds Polychloorbifenylen, PCB PCB 28 mg/kg ds PCB 52 mg/kg ds PCB 101 mg/kg ds PCB 118 mg/kg ds mg/kg ds PCB 138 PCB 153 mg/kg ds PCB 180 mg/kg ds PCB (som 7) (factor 0,7) mg/kg ds Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK mg/kg ds Naftaleen Fenanthreen mg/kg ds Anthraceen mg/kg ds Fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)anthraceen mg/kg ds Chryseen mg/kg ds Benzo(k)fluorantheen mg/kg ds Benzo(a)pyreen mg/kg ds Benzo(ghi)peryleen mg/kg ds Indeno(123-cd)pyreen mg/kg ds mg/kg ds PAK VROM (10) (factor 0,7)
2
GSSD
Analytico-nr
Monster
2
11914052
OG
Eindoordeel:
kleiner dan of gelijk aan Achtergrondwaarde groter dan Achtergrondwaarde
**
groter dan Tussenwaarde
***
groter dan Interventiewaarde
GSSD
Gestandaardiseerd gehalte
AW
Achtergrondwaarde
T
Tussenwaarde
I
Interventiewaarde
84,6 1,9
<20 <0,20 <3,0 <5,0 <0,050 <1,5 <4,0 <10 <20
54,25 0,241 7,383 7,241 0,0502 1,05 8,167 11,02 33,22
-
190 0,6 15 40 0,15 1,5 35 50 140