CConstaterende datHeiloo
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Eindrapport Bouwen aan SORA.pdf

Commissies t/m 31-12-2023 27 september 2021, gemeente HeilooBij agendapunt: 19:30 - 20:15 - Vorming regionale uitvoeringsorganisatie Participatiewet (SORA)4.598 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Eindrapport Bouwen aan SORA Registratienr Raadsvergadering Voorstelnummer Datum raadsvoorstel Portefeuillehouder Commissie Datum commissie Soort agendering Agendapunt Team Opsteller Datum B&W besluit Bijlagen:

Onderwerp

:

RAADSVOORSTEL : 11 oktober 2021 : : Datumraadsvoorstel : Beens : Maatschappelijke zaken : 27 september 2021 : Besluitvorming : : Beleid : W.J. Feil : 7-9-2021 : Eindrapport Bouwen aan SORA Samenvatting reacties ondernemingsraden Reactie advies en cliëntenraden Wijzigingsvoorstel begroting

Eindrapport ‘Bouwen aan SORA’, waarin een organisatieontwerp uitgewerkt dat de basis vormt voor de regionale uitvoeringsorganisatie voor de Participatiewet.

Voorgesteld besluit Besluit 1. Kennis te nemen van het collegebesluit met betrekking het organisatieontwerp SORA én kennis te nemen van het eindrapport ‘Bouwen aan SORA’ en het daarin uitgewerkte organisatieontwerp, op basis van eerder bestuurlijk vastgestelde uitgangspunten, die de basis vormen voor de opbouw, inrichting en aansturing van de nieuw te vormen regionale uitvoeringsorganisatie; 2. Het college van B en W toestemming te verlenen om de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorziening Noord Kennemerland (WNK) 2015 per 1 januari 2022 te wijzigen en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Uitgeest toe te laten treden als deelnemer conform het in hoofdstuk 6 van het eindrapport beschreven governancemodel en de in bijlage 1 uitgewerkte (gewijzigde) Gemeenschappelijke Regeling SORA; 3. Het college van B en W toestemming te verlenen tot toetreding per 1 januari 2022 van de gemeente Uitgeest tot deze gewijzigde Gemeenschappelijke Regeling; 4. Het college van B en W toestemming te verlenen om op grond van de Wet arhi de GR SORA aan te passen in verband met de nieuw te vormen gemeente Dijk en Waard; 5. Het college van B en W toestemming te verlenen om de GR SORA in naam aan te passen, zodra de definitieve naam bekend is; 6. De middelen voor SORA als volgt beschikbaar te stellen: a.

De middelen die de gemeente via de algemene uitkering ontvangt voor reïntegratie en participatie integraal in te brengen in SORA;

Pagina 1 van 10

Eindrapport Bouwen aan SORA Registratienr b. De programmabudgetten voor schuldhulpverlening, minimabeleid en inburgering te alloceren voor inbreng in SORA; c. Het budget inkomensondersteuning gemeenten (BUIG), te alloceren binnen de begroting van de gemeenten. Deze wordt middels een budgetbrief beschikbaar gesteld aan SORA en jaarlijks afgerekend op basis van werkelijke kosten; 7. Het college van B en W toestemming te verlenen tot het alloceren van de financiële middelen voor de uitvoeringstaken die overgaan van de BUCH-werkorganisatie naar de GR SORA, op basis van door de raad goedgekeurde begrotingsvoorstellen die zijn verwerkt in de begroting 2022, die in november aan de raad wordt aangeboden, alsmede toestemming te verlenen op het overgaan van Wsw-taken van WNK Personeelsdiensten naar SORA op basis van de afgegeven zienswijze op de conceptbegroting van de GR WNK Personeelsdiensten welke zijn verwerkt in de begroting 2022; 8. Aan het college van B en W eenmalig een transitiebudget ter hoogte van € 154.000 in 2022 ter beschikking te stellen om de opbouw en implementatie van het Participatiebedrijf te bekostigen conform de in hoofdstuk 6 begrote frictie-, desintegratie-, en projectkosten; 9. In te stemmen met het bijstellen van de begroting voor het participatie- en reintegratiebudget (grootboek nr.

6640000 en 6650000) met € 84.102 in 2022, € 124.565 in 2023 en € 145.131 voor 2024 en verder, tot het niveau van de rijksinkomst en dit budget beschikbaar te stellen van de SORA; 10. Het college toestemming te verlenen om deze bedragen ten laste te brengen van het begrotingssaldo en daartoe bijgaande begrotingswijziging vast te stellen; 11. Het voorstel van het college van B en W over te nemen om via de griffies een gezamenlijke regionale radenbijeenkomst te organiseren om te verkennen of een regionale radensadviescommissie wenselijk wordt gevonden en bijdraagt aan het versterken van de controlerende taak van de raden ten opzichte van de gewijzigde Gemeenschappelijke Regeling, ten einde de democratische legitimiteit te versterken. Geheimhouding  Ja x Nee

Pagina 2 van 10

Eindrapport Bouwen aan SORA Registratienr RAADSVOORSTEL 1. INLEIDING Met dit raadsvoorstel vragen de betrokken colleges (Castricum, Bergen, Uitgeest, Heiloo, Langedijk, Heerhugowaard, Alkmaar) alle gemeenteraden om een aantal besluiten die nodig zijn om de nieuw te vormen regionale uitvoeringsorganisatie (verder: Participatiebedrijf) concreet vorm en inhoud te geven, en de implementatiefase te kunnen starten. In de regio Alkmaar zoeken de BUCH-gemeenten en de HAL-gemeenten al geruime tijd naar een passend uitvoeringsscenario voor de Participatiewet. Een scenario dat enerzijds perspectief biedt voor mensen in de bijstand om (weer) deel te nemen aan de samenleving; bij voorkeur door betaalde arbeid zodat weer zelfstandig in het inkomen kan worden voorzien. Anderzijds wordt gezocht naar een toekomstbestendig en financieel robuust uitvoeringsscenario. De opgave die besloten ligt in de Participatiewet (2015) is met nieuwe doelgroepen in de bijstand (arbeidsgehandicapten) groter geworden. De beschikbare financiële middelen zijn echter structureel minder. Recentelijk zien we als gevolg van de corona-crises het beroep op bijstand toenemen. Deze ontwikkeling benadrukt de urgentie om in de regio de krachten te bundelen om mensen weer zo snel mogelijk te re-integreren in het arbeidsproces.

De voornaamste doelstelling van de regionalisering van de Participatiewet en aanverwante uitvoeringstaken (naast Pw: IOAZ, IOAW, Bbz, Wsw, Wgs, Wet Inburgering, minimabeleid) van de gezamenlijke colleges is dan ook om zoveel mogelijk mensen naar vermogen te laten deelnemen aan de samenleving en het perspectief op deelname te maximaliseren. De gemeenten streven naar een zo hoog mogelijke arbeidsparticipatie van werkzoekende uitkeringsgerechtigden en willen voor die mensen waarvoor dat (nog) niet aan de orde is, de maatschappelijke participatie bevorderen. Het organisatieontwerp dat in het bijgevoegde eindrapport ‘Bouwen aan SORA’ wordt gepresenteerd vormt het sluitstuk van de ontwerpfase. In de arbeidsmarktregio Alkmaar bestaat de bestuurlijke wens om te komen tot een regionale uitvoering van participatietaken en inkomensondersteunende regelingen, zoals gezegd, al langer. Het college heeft dan ook al meerdere fase in dit proces doorlopen. De raad is daarin altijd actief betrokken geweest. Dit proces kent een langere doorlooptijd. Daarom worden hieronder de fasen nog eens in samenvattende zin geschetst.

Maart 2019 – november 2019: Regionale pilots In een drietal pilotprojecten is vanuit een gezamenlijke visie op de dienstverlening aan inwoners die een beroep moeten doen op de Participatiewet verkend wat verdergaande samenwerking voor de inwoners aan effecten zou kunnen opleveren. De conclusie van deze pilots was kort samengevat dat de participatiegraad significant kan toenemen door verdere samenwerking en regionalisering. Uit de pilots zijn de volgende uitgangspunten door alle gemeenten bestuurlijk vastgesteld: 1. Passende dienstverlening a. De toegang is dichtbij en integraal; b. De dienstverlening moet passen bij het doel van de inwoner; c. De dienstverlening biedt waar mogelijk maatwerk; 2. Gerichtheid op samenwerking a. Er moet sprake zijn van een cultuur van effectief samenwerken; b. De samenwerking tussen professionals wordt gezocht ongeacht gemeentegrenzen; 3. Ruimte voor professionals Pagina 3 van 10

Eindrapport Bouwen aan SORA Registratienr a. Het handelingsperspectief van de professionals moet versterkt worden; b. De caseload voor professionals is haalbaar en effectief; 4. Eenvoudige governancestructuur a. Er moet sprake zijn van een eenvoudige governance; b. Wat simpel kan, simpel organiseren en financieren; 5. Betaalbaarheid in stand houden a. Het uitvoeringsscenario moet ook op lange termijn betaalbaar zijn, b. Besparingen zijn geen doel op zich; Het college heeft de raad destijds geïnformeerd over de uitkomsten van deze pilots. En op basis van de uitkomsten van de pilots en de vastgestelde bestuurlijke uitgangspunten is bureau Berenschot ingehuurd met de vraag op welke wijze de uitvoering het best georganiseerd zou kunnen worden. Maart 2020 – oktober 2020: Beeldvormende fase. Opdracht aan bureau Berenschot Aan Berenschot is de volgende bestuursopdracht meegegeven: Wij willen de mogelijkheden optimaliseren om meer mensen naar vermogen te laten deelnemen in de samenleving en perspectief bieden op deelname. Onderzocht op welke wijze naar het oordeel van bureau Berenschot de uitvoering van de Participatiewet het best zou kunnen worden georganiseerd. De resultaten van dit onderzoek zijn opgeleverd met het rapport Een toekomstbesteding scenario voor de uitvoering van de Participatiewet.

Kort samengevat adviseert Berenschot om de uitvoering vorm te geven middels één regionale uitvoeringsorganisatie. Het college heeft de conclusies het rapport van Berenschot vastgesteld op 7 juli 2020. Het rapport is vervolgens besproken in de commissie Sociaal Domein op 17 september 2020. In oktober 2020 heeft de raad kaderstellend en richtinggevend ingestemd met het geschetste toekomstbestendige scenario en zijn de conclusies en aanbevelingen overgenomen. Met dit richtinggevende raadsbesluit (genomen door alle raden) is het fundament gelegd om te komen tot een concrete uitwerking – welke thans voorligt. November 2020 – augustus 2021: Ontwerpfase. Bestuursopdracht aan de directies: Op basis van de besluitvorming in alle raden van de regio Alkmaar is er in november 2020 een bestuursopdracht geformuleerd en is de directies van de BUCH, Halte Werk en WNK Personeelsdiensten opdracht gegeven om het geschetste uitvoeringsscenario uit te werken in een organisatieontwerp. De directie hebben organisatieadviesbureau Rijnconsult aangetrokken om het ontwerpproces te vorm te geven en te begeleiden. De ontwerpfase is in januari/februari 2021 gestart. In een proces van co-creatie is met inzet van heel veel medewerkers die actief zijn geweest in diverse werkgroepen het eindrapport Bouwen aan SORA tot stand gebracht. Dit ligt nu voor.

De raden zijn gedurende deze ontwerpfase diverse keren op informele (regionale raadsinformatiebijeenkomsten, workshops) en formele wijze betrokken geweest bij dit proces. Dit geldt tevens voor de adviesraden en de OR’en van de betrokken organisaties. Deze laatsten hebben zich gedurende de ontwerpfase verenigd in een tijdelijke ondernemingsraad (TOR) en zijn als het ware (al) als één ondernemingsraad opgetrokken richting de directies/WOR-bestuurders. Mei 2021: Notitie Bestuurlijke Hoofdlijnen Op 25 mei 2021 is de Notitie Bestuurlijke Hoofdlijnen door het college vastgesteld. Deze notitie is ter informatie aan uw raad aangeboden. Er is gekozen voor een tussentijdse bestuurlijke hoofdlijnennotitie om te sonderen of we in de ontwerpfase op de goede weg zijn, en/of een interventie of koerswijziging aan de orde is, zijn er bestuurlijke wensen die de raad wil meegeven? Kortom: er werd bestuurlijk richting gevraagd voor de nadere uitwerking richting het eindrapport. In deze hoofdlijnennotitie is beschreven vanuit weke missie en visie het Participatiebedrijf wil werken, wat de leidende principes en uitgangspunten zijn, hoe de Toegang zodanig kan worden georganiseerd dat nabijheid en maatwerk voor inwoners Pagina 4 van 10

Eindrapport Bouwen aan SORA Registratienr mogelijk blijft, welke taken overgaan, welke programmabudgetten daarbij horen en worden ingebracht en tenslotte, hoe de governance vormgegeven kan worden. Met het vaststellen van deze bestuurlijke notitie is de gevraagde bestuurlijke richting gegeven. Augustus 2021: Eindrapport SORA ligt voor ter besluitvorming Na het vaststellen van de bestuurlijke hoofdlijnen is er met name gewerkt aan een nadere uitwerking van de werkprocessen en aan het financieel kader. In het eindrapport Bouwen aan SORA worden concrete voorstellen gedaan om te komen tot het Participatiebedrijf. Hiervoor worden taken en uitvoerende bevoegdheden samengebundeld om te komen tot één robuuste, toekomstbestendige en efficiënte gezamenlijke regionale uitvoeringsorganisatie. Gedurende dit ontwerpproces is zijn de raadsleden actief betrokken geweest. Zo zijn de gemeenteraden via nieuwsbrieven op de hoogte gehouden van de voortgang van het traject. Op 26 mei is er een goedbezochte regionale informatiebijeenkomst geweest, waarbij de raadsleden zijn bijgepraat over de tussenstand en de besluitvorming in de colleges over de ‘Notitie bestuurlijke hoofdlijnen’. Deze is ook ter informatie verzonden aan de raden.

Op 5 juli is er een workshop geweest voor raadsleden waarbij er een dialoog heeft plaatsgevonden over de visie van SORA, de dienstverlening en de betrokkenheid van de raden bij de nieuwe gezamenlijke uitvoeringsorganisatie. De resultaten daarvan hebben een plek gekregen in dit eindrapport. De gemeenteraden zijn uitgenodigd om op 10 september een werkbezoek te brengen aan WeenerXL en Werkzaak Rivierenland, vergelijkbare organisaties zoals SORA die al een aantal jaren bestaan en goede resultaten behalen. De kaderstellende en controlerende bevoegdheden van de raad ten opzichte van SORA blijven ongewijzigd. Dit geldt niet geheel voor het budgetrecht, omdat dat de bevoegdheden van de raad ten opzichte van een GR beperkter zijn dan in de verhouding tussen de raad en het college van B en W. De raad kan een zienswijze afgegeven op de conceptbegroting, zoals die door het bestuur van SORA is opgesteld. Op basis van dit eindrapport vraagt het college of de raad akkoord kan gaan met de benodigde besluiten om de opbouw en implementatie ter hand te kunnen nemen, zodat het Participatiebedrijf ook daadwerkelijk kan gaan starten. Dit zal gefaseerd plaatsvinden. Het doel is om het Participatiebedrijf per 1 januari 2022 formeeljuridisch op te richten, zodat een Algemeen en een Dagelijks Bestuur kan worden aangesteld.

Het daadwerkelijk operationeel zijn van de organisatie is op z’n vroegst voorzien per april 2022. Zo zal er in de implementatiefase onder meer een zorgvuldig plaatsingsproces moeten worden uitgewerkt, zal de ICT-infrastructuur gereed moeten zijn, dient een begroting door het Algemeen Bestuur te worden opgesteld etc. De organisatie zal kort gezegd pas (kunnen) starten als de dienstverlening aan de inwoners is geborgd en alles wat daarvoor nodig is klaar staat. Tot die tijd blijft de dienstverlening aan de inwoners zoals die nu plaatsvindt vanuit de BUCH ongewijzigd. 2. KEUZERUIMTE Reeds in juni 2020 heeft de raad middels een zienswijze ingestemd met de begroting 2020/2021 van het WNK. In deze zienswijze werd al aangegeven dat er spoedig gekomen moet worden tot een regionaal uitvoeringsscenario op de Participatiewet. De stappen die het college van B en W vervolgens heeft genomen zijn hierboven geschetst. Het door de raad gewenste regionale uitvoeringscenario is vertaald in het organisatieontwerp voor het Participatiebedrijf dat thans voorligt. Na besluitvorming kan de implementatiefase van start gaan. Gedurende deze fase zal het college de voortgang monitoren en de raad vanuit de actieve informatieplicht periodiek blijven informeren over het vervolgproces 3.

TOELICHTING OP HET ADVIES Het college van B en W vraagt de raad toestemming op de in dit raadsvoorstel geformuleerde besluitpunten. Deze raadsbesluiten zijn nodig voor het kunnen realiseren van één regionale uitvoeringsorganisatie. Met het kaderstellende en richtinggevende besluit (oktober 2020) heeft de raad al een duidelijke stip op de horizon gezet. Daarmee is de basis Pagina 5 van 10

Eindrapport Bouwen aan SORA Registratienr gelegd voor het organisatieontwerp, zoals dat nu is beschreven in het eindrapport Bouwen aan SORA. De overwegingen die ten grondslag lagen aan het destijds door Berenschot geschetste uitvoeringsscenario zijn met andere woorden al eerder vastgesteld. Het college heeft vervolgens vanuit haar uitvoerende bevoegdheid de richting en kaderstelling die door de raad is meegegeven voor de regionale uitvoeringsorganisatie vertaald in het voorliggende organisatieontwerp. Hoewel de gemeenschappelijke regeling SORA een collegeregeling betreft, dient toestemming van de raad te worden gevraagd voor het wijzigen of het toetreden tot een regeling (artikel 1 lid 2 en 3 Wet gemeenschappelijke regelingen). De raad kan toestemming alleen onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang (artikel 1 lid 2 Wgr). Zonder te veel in herhaling te willen treden, gezien wat voorafging (zie de inleiding), geeft het college hieronder graag nogmaals een toelichting op de overwegingen waarom ervoor is gekozen om de uitvoering van de Participatiewet, en andere taken die hier annex aan zijn, te willen uitvoeren in één regionaal Participatiebedrijf. 4. OVERWEGINGEN VAN HET COLLEGE 1. Wat is de noodzaak van SORA? Het maatschappelijke én financiële belang om naar één uitvoeringsorganisatie te gaan neemt naar de toekomst steeds meer toe.

De opgave om mensen te laten participeren wordt groter en complexer, terwijl de middelen afnemen. De Coronacrisis heeft laten zien hoe belangrijk een wendbare en toekomstbestendige organisatie is die een vangnet kan bieden aan alle inwoners. De effecten van de Coronacrisis op het BUIG-budget worden pas zichtbaar als de tijdelijke ondersteuningsmaatregelen van de Rijksoverheid ophouden. Een beperkte stijging kan het regionale overschot op de BUIG-budget al snel doen verdampen, een serieuze recessie zal leiden tot een tekort. Onafhankelijk van wel of geen recessie neemt als gevolg van het stoppen van de Wsw (en het vrijwel stoppen van de Wajong) jaarlijks het aantal mensen met een arbeidsbeperking in de bijstand toe. Inmiddels is aangetoond dat niet minder, maar meer mensen met een arbeidsbeperking in de bijstand terecht zijn gekomen. Contrair de bedoeling van de Participatiewet. Daarnaast neemt het verdienvermogen van het huidige bestand aan SW-ers steeds verder af door natuurlijk verloop (pensionering), waardoor het tekort op de SW zal toenemen in de komende jaren. Dit tekort kan gezamenlijk beter worden opgevangen. Er zijn kort gezegd naar de toekomst toe diverse maatschappelijke en financiële risico’s om binnen één arbeidsmarktregio te blijven werken vanuit een in wezen versnipperde uitvoeringssituatie, zoals ook door Berenschot is geconstateerd. 2.

Wat zijn de kansen van SORA? Er zijn ook kansen. In goede tijden ontstaat weer snel een tekort aan arbeidskrachten en ontstaan meer mogelijkheden voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. Het organiseren van de met elkaar samenhangende uitvoeringstaken op het brede terrein van werk en inkomen in één uitvoeringsorganisatie, werkend vanuit één beleid, met één gedeeld budget en met één directievoering en bestuur, kan deze bewegingen opvangen, zodat er voor de inwoners in de regio in slechte tijden een vangnet is en in goede tijden een springplank geboden kan worden om naar vermogen mee te doen. Bundeling van budgetten en een eenduidige regionale uitvoering biedt meer baankansen voor mensen met en zonder arbeidsbeperking. 3. Waarom SORA in een notendop? Het gezamenlijk uitvoeren levert voordelen op:  Er ontstaat op het niveau van de regio Alkmaar een krachtige partner voor werkgevers om te voorzien in hun vacatures. Daarmee wordt de economische Pagina 6 van 10

Eindrapport Bouwen aan SORA Registratienr

 

structuur van de regio versterkt, door mensen te ontwikkelen en daarmee het beschikbare aanbod aan mensen vergroten; De nieuwe organisatie kan door de bundeling van middelen en mensen betere resultaten boeken, en dat betekent vooral: meer mensen aan het werk krijgen. SORA biedt de mogelijkheid om het hoofdproces aanvraag bijstand te richten op maximale uitstroom én het voorkomen dat inwoners langdurig in de uitkering komen met een laag perspectief om eruit te komen; Meer inspanning te zetten op het bestaande bijstandsbestand, met inzet van participatiebudget activeren van mensen: naar werk, gesubsidieerd werk of deelname aan de samenleving, waarbij de beschikbare instrumenten optimaal kunnen worden ingezet; Betere matching door een grotere ‘pool’ van arbeidskrachten/inwoners en een groter bestand aan werkgevers: het maakt niet uit waar je woont, je wordt bemiddeld en begeleid naar een passende baan of activeringsplek; We creëren een ‘vliegwieleffect’ door het verdienvermogen van mensen met een arbeidsbeperking te verzilveren (met inzet van loonkostensubsidies) waardoor er minder uitkering hoeft te worden betaald en deze ‘winst’ (op het BUIG-budget) weer terug te investeren zodat nog meer mensen met een arbeidsbeperking kunnen deelnemen aan het arbeidsproces; Door het bundelen van competenties en mensen zijn meer specialisaties mogelijk, kan een professionaliseringsslag

plaatsvinden, zijn investeringen in digitalisering breder te dragen. En ontstaat er een robuuste(re) en efficiëntere organisatie.

4. Wat betekent SORA voor onze inwoners? SORA faciliteert en versterkt enerzijds het bieden van integrale regie op het brede terrein van werken in inkomen en borgt anderzijds de integrale wijze van werken binnen het sociale domein zoals dat vanuit de BUCH via de sociale wijkteam vorm heeft gekregen. Dit resulteert in meer maatwerk voor inwoners in een uitkeringssituatie en behoudt het op een integrale wijze benaderen van de problematiek van mensen met een meervoudige problematiek. Het leidt tevens tot het versterken van de samenwerking bij de uitstroombevordering: het werkfit maken en matchen van mensen in de Participatiewet dat ertoe moet leiden dat er meer baankansen zijn voor iedereen in de Participatiewet. Het samenvoegen van drie uitvoeringsorganisaties tot één maakt het beter mogelijk om meer tijd en aandacht te geven aan werkzoekende uitkeringsgerechtigde én niet uitkeringsgerechtigde inwoners; aandacht loont, zo is ook elders in het land gebleken. Dit geldt ook voor bijstandsgerechtigden die niet kunnen uitstromen naar werk, maar op een andere manier ondersteund kunnen worden om deel te nemen aan de samenleving (maatschappelijke participatie). Verbinding met het bredere sociaal domein blijft op lokaal niveau zo dicht mogelijk bij de burger georganiseerd.

Tegelijkertijd is de kwaliteit gebaat om de verbinding te organiseren vanuit een gemeenschappelijk, regionaal perspectief op het niveau van de arbeidsmarktregio. Het integreren van de verschillende onderdelen die nu (delen van) de Participatiewet uitvoeren leidt tot een duidelijker en meer gelijkwaardig aanspreekpunt voor de werkgevers in de arbeidsmarktregio en andere partners die op regionaal niveau opereren, zoals onderwijsinstellingen en zorgpartijen. 5. Wat betekent SORA voor de positie van de gemeenteraad? Het toezicht op SORA berust bij de gemeenteraden. De raad beschikt over de wettelijke instrumenten uit de Wgr en de Gemeentewet. Met het oog op de lokale betrokkenheid en de democratische legitimatie van SORA wordt vastgelegd dat naast de wettelijke rol van de raden, deze uit te breiden met de regionale afspraken die al zijn vastgelegd in FUGR/Notitie informatievoorziening. De raad behoudt de kaderstellende rol. Het is aan het Algemeen Bestuur om uitvoering te geven aan deze kaders en daartoe beleids-en Pagina 7 van 10

Eindrapport Bouwen aan SORA Registratienr uitvoeringsregels vast te stellen. Het bestuur van het SORA zal in het kader van de uitvoering in delegatie zelf de beleidsregels vaststellen, uitvoering geven aan de bezwaar en beroepszaken en zal eveneens zelfstandig klachten en WOB-verzoeken afhandelen. Kijkend naar de huidige wijze waarop de raad geïnformeerd wordt over de uitvoering bij enerzijds te BUCH-werkorganisatie (Participatiewet, en andere inkomensvoorzieningen) en anderzijds WNK Personeelsdiensten (Wsw) zal er geen grote wijziging plaatsvinden. De raad kan de haar toegedichte instrumenten en bevoegdheden (op grond van de Gemeentewet en de Wgr) blijven inzetten om de bestuursleden van het Algemeen Bestuur SORA te controleren en behoudt ruimte om beleidsaccenten te leggen in met name het minimabeleid. Wat betekent SORA voor de governance? Gezien de aard van de wettelijke taakuitoefening, is vastgesteld dat een GR in de vorm van een Openbaar Lichaam, waarbij er vanuit de colleges bestuurders zitting nemen in het bestuur van de GR, de meest passende oplossing is om te komen tot een eenvoudig governancemodel. De meest praktisch manier bleek het omvormen van de (huidige) GR WNK Personeelsdiensten tot een GR SORA (dit is overigens een voorlopige naam).

In de notitie Bouwen aan het SORA wordt in bijlage 1 pagina 81 t/m 102 weergegeven welke wijzigingen er doorgevoerd moeten worden. De taken die samenhangen met de uitvoering van de Participatiewet, de Wet sociale werkvoorziening (Wsw), de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, de uitvoering en taken op terrein van minimabeleid en ondersteuning, alsmede de nieuwe taak op terrein van de Inburgeringswet worden gedelegeerd aan het bestuur van de GR. Omdat het een collegeregeling betreft behoudt de raad zijn de kaderstellende en controlerende bevoegdheden en kan de raad middels het afgeven van een zienswijze op de conceptbegroting invloed uitoefenen. De stemverhoudingen zijn als volgt. Uitgeest heeft per lid 1 stem, in totaal 2 stemmen. Bergen, Castricum, Heiloo hebben per lid 3 stemmen, in totaal 6 stemmen per gemeente. Alkmaar en Dijk en Waard hebben per lid 5 stemmen, in totaal 10 stemmen per gemeente. De gemeenteraden krijgen naast het recht op zienswijzen op conceptbegroting en jaarstukken ook het recht op zienswijzen bij majeure besluiten.

Bij de betrokken gemeenteraden wordt voorgelegd of het wenselijk wordt gevonden om een radenadviescommissie (aanscherping in de Wgr) in te stellen om zo de raden in de gelegenheid te stellen eerder in beleidsprocessen te worden betrokken en haar controlerende taak ten volle te kunnen uitoefenen, waardoor de democratische legitimiteit kan worden versterkt 5. REGIONALE SAMENWERKING EN COULEUR LOCALE Het voorliggende eindrapport is tot stand gekomen in een intensieve ambtelijke en bestuurlijke samenwerking. Zoals hierboven eerder is aangestipt, behoudt iedere gemeente de ruimte om beleidsaccenten te leggen. Dit geldt niet of nauwelijks voor Participatiewet. Dit is een rijksregeling die zoveel mogelijk op uniforme wijze dient te worden uitgevoerd. De ruimte voor een ‘couleur locale’ heeft vooral betrekking op het minimabeleid. Deze ruimte blijft ongewijzigd. Maar zoals nu ook al bij de BUCH-werkorganisatie, is het zeer wenselijk om zoveel mogelijk tot een harmonisatie te komen. Het is aannemelijk dat deze wens, met het oog op een efficiënte uitvoering, in een groter verband dan de BUCH, eerder zal toe- dan afnemen. 6. RISICO’S In hoofdstuk 8 van het eindrapport is een risicoparagraaf opgenomen waarin (mogelijke) risico’s zijn beschreven en beheersmaatregelen zijn geformuleerd.

Het transitiebudget, waarvan het college de raad vraagt om ermee in te stemmen, zal worden aangewend om, gedurende de implementatie- en vervolgens de opstartfase van het Participatiebedrijf, de benodigde mitigerende maatregelen te treffen om de risico’s te beheersen en de daarvoor noodzakelijke kosten te financieren. Pagina 8 van 10

Eindrapport Bouwen aan SORA Registratienr

7. FINANCIËN De gemeenteraad heeft met het goedkeuren van de begrotingsvoorstellen financiële kaders gesteld voor de kosten die nodig zijn voor de uitvoering van de taken op het terrein van werk en inkomen die nu door de BUCH-werkorganisatie worden uitgevoerd en (straks) overgaan naar SORA. Dit geldt tevens voor de door het bestuur goedgekeurde begroting van WNK Personeelsdiensten die, als verbonden partij, voor de gemeente de Wsw uitvoert en waarop de raad een zienswijze heeft afgegeven. Bestuurlijk is de afspraak dat het financieel kader van SORA (het Participatiebedrijf) de optelsom van de goedgekeurde begrotingsvoorstellen van de drie uitvoeringsorganisaties niet mag overschrijden. Er is, met andere woorden, sprake van budgetneutraliteit. Wat de uitvoering van de taken die overgaan de gemeente nu kost, dat kost het de gemeente straks als het Participatiebedrijf een feit is, ook. Dit financiële kader is uitgewerkt in hoofdstuk 6 van het eindrapport. Het uitgangspunt is budgetneutraliteit. Dit is van toepassing op de financiering van de structurele uitvoeringskosten. Het is ook van toepassing op de incidentele kosten, waarvoor het college nu de raad verzoekt eenmalig een transitiebudget ter hoogte van €154.000 ter beschikking te stellen.

Alle programmabudgetten die de gemeente van het Rijk ontvangt met betrekking tot het takenpakket zoals beschreven in hoofdstuk 3, zullen niet langer bij de BUCH worden gealloceerd, maar worden vanuit de gemeente ingebracht bij SORA. Voor de gemeente Heiloo is er echter sprake dat op dit moment een deel van de middelen uit het Participatiebudget zijn gealloceerd voor andere doeleinden. Het betreft een bedrag ter hoogte van €120.000. Het financieel kader van SORA impliceert dat 100% van de middelen moeten worden ingebracht in SORA. Daar is nu geen dekking voor. Daarom is het advies dit bedrag ten laste te brengen van het begrotingssaldo en daartoe een begrotingswijziging vast te stellen (voorstel bijgevoegd). 8. COMMUNICATIE, PARTICIPATIE EN SAMENSPEL Evenals in de analyse- en onderzoeksfase waarin het toekomstscenario voor de uitvoering van de Participatiewet is bepaald, is ook in de ontwerpfase op diverse momenten sprake geweest van raadsinformatiebijeenkomsten, workshops, en is actief inspraak georganiseerd voor de diverse gremia zoals: raden, ondernemingsraden, cliënten- en adviesraden. Het college is voornemens om deze manier van werken te continueren in de implementatiefase, en ook daarna zal de raad periodiek halfjaarlijks worden geïnformeerd over de ontwikkelingen. 9.

UITVOERING, PLANNING EN ORGANISATIE In hoofdstuk 7 van het eindrapport is een eerste nog grove planning opgenomen voor de vervolgfase. Dit zal na de politiek-bestuurlijke besluitvorming in de implementatiefase meer in detail worden uitgewerkt. Na besluitvorming zal een kwartiermaker/beoogd directeur worden aangetrokken die de implementatie veder zal sturen. Per 1 januari 2022 zal SORA worden opgericht in formeel-juridische zin. Vervolgens kan een bestuur worden ingesteld en kan de kwartiermaker, bij goed functioneren, in dienst treden als algemeen directeur. SORA zal in de loop van 2022 operationeel zijn. Voor zover we nu kunnen inschatten, is onze inzet erop gericht om per 1 april 2022 de medewerkers te laten overgaan van de BUCH naar SORA. Dit zal echter onder andere afhangen van het zorgvuldig, in samenspraak met de OR en de vakbonden, doorlopen van het plaatsingsproces 10. BIJLAGEN Eindrapport Bouwen aan SORA Samenvatting reacties ondernemingsraden Reactie advies en cliëntenraden Wijzigingsvoorstel begroting 11. ACHTERLIGGENDE DOCUMENTEN Pagina 9 van 10

Eindrapport Bouwen aan SORA Registratienr Geen.

Hoogachtend, burgemeester en wethouders van de gemeente Heiloo

Mevrouw F.H.W. de Jong secretaris

Mevrouw M. ten Bruggencate burgemeester

Pagina 10 van 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heiloo&id=fd2aa5fb-af2d-4b21-a5a4-56c953c20f9a