OUD Raadsvoorstel Referendumverordening gemeente Heiloo 2025
Tekst van het document
Raadsvergadering Voorstelnummer Datum raadsvoorstel Portefeuillehouder(s) Presidium Commissie Soort agendering Team Opsteller Datum B&W besluit Bijlagen: Onderwerp
:
RAADSVOORSTEL 27 januari 2025 D788846 12 september 2024 nvt 2 december 2024 13 januari 2025 Ter advisering Griffie Heiloo Dimph van der Schuur nvt 2 Referendumverordening Heiloo 2025
Voorgesteld besluit De Referendumverordening gemeente Heiloo 2025 vast te stellen; Geheimhouding Ja Nee
Pagina 1 van 7
RAADSVOORSTEL INLEIDING Een referendum biedt de mogelijkheid om onder inwoners te peilen hoe wordt gedacht over een bepaald te nemen raadsbesluit. Een raadgevend referendum is een referendum dat door een groep inwoners is aangevraagd met als doel een mening te geven over een te nemen raadsbesluit. Een raadplegend referendum wordt op initiatief van de raad uitgeschreven om de mening van de inwoners te raadplegen over een te nemen raadsbesluit. In Heiloo is in 2016 een referendumverordening vastgesteld. Sinds de vaststelling van de referendumverordening in 2016 is er in Heiloo nog nooit een referendum gehouden. INVLOED KADERS OP KEUZERUIMTE Er is geen wettelijke verplichting voor gemeenten om een referendumverordening op te stellen. De raad kan zelf de keuze maken of hij de mogelijkheid wil bieden tot het houden van een referendum. Het opstellen van een referendumverordening geeft hier invulling aan. Voor de opzet van deze nieuwe referendumverordening is aansluiting gezocht bij de modelverordening van de VNG en de verordeningen van gemeenten die te maken hebben gehad met referenda. Ook is aansluiting gezocht bij de recent vastgestelde referendumverordening van Castricum (juli en oktober 2024). Bij de invulling van de referendumverordening heeft een gemeente een grote mate van keuzeruimte.
TOELICHTING OP HET VOORSTEL Hieronder wordt ingegaan op de voornaamste wijzigingen in de nieuwe verordening ten opzichte van de huidige verordening. Het vermelde artikelnummer betreft steeds de nummering van de nieuwe verordening. Referendabele besluiten (artikel 2) In artikel 2 van de nieuwe verordening staat nu beschreven dat een ontwerpraadsbesluit onderwerp van een referendum kan zijn. Hierbij wordt een aantal soorten besluiten uitgezonderd. De opgesomde uitzonderingsgevallen c. besluiten over gemeentelijke tarieven en belastingen en d. besluiten over gemeenschappelijke regelingen zijn nieuw. De rest van de categorieën is hier en daar wat uitgebreider beschreven. Samenstelling referendumcommissie (artikel 3) In de huidige verordening (artikel 10) staat niet vermeld uit hoeveel leden de referendumcommissie bestaat, voor welke periode de leden worden benoemd en hoe het zit met het ontslag en opvolging. In de nieuwe verordening wordt hier aandacht aan besteed. Ook is er in dit artikel opgenomen dat de leden van de referendumcommissie per vergadering een door de raad vast te stellen vergoeding ontvangen. De vergoeding van de leden van de referendumcommissie is gelijk aan de vergoeding die commissieleden ontvangen per bijgewoonde vergadering. Deze vergoeding volgt uit artikel 3.4.1. lid 1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
Taken referendumcommissie (artikel 4) De taken van de referendumcommissie zijn ten opzichte van de huidige verordening uitgebreid. De referendumcommissie blijft de raad, net als in de huidige verordening, adviseren over de toelaatbaarheid van een onderwerp waarover is verzocht om een referendum te houden en de evaluatie van zowel gehouden referenda als verzoeken die niet tot een referendum hebben geleid. Toegevoegd is de verdeling van het subsidieplafond. Dit betreft activiteiten ter ondersteuning van het publieke debat en de meningsvorming over het ontwerpraadsbesluit waarop het referendum betrekking heeft. Ook is toegevoegd dat de referendumcommissie de raad adviseert over de vraagstelling van het referendum. Verder is in de verordening opgenomen dat de referendumcommissie het college adviseert over de inhoud en het ontwerp van het stembiljet en de Pagina 2 van 7
voorlichting over een referendum. De toezichthoudende taak van de referendumcommissie blijft ongewijzigd. Zij houdt toezicht op de uitvoering van de referendumverordening en het neutrale karakter van de door de gemeente te verstrekken voorlichting over het referendum. De referendumcommissie adviseert zowel gevraagd als op eigen initiatief over aanpassingen van deze verordening, over de te volgen procedures bij referenda en verzoekt daartoe en over alle overige zaken die het referendum betreffen. De adviezen van de referendumcommissie zijn openbaar, maar zij vergadert in beslotenheid. Artikel 5 Initiatief kiesgerechtigden, stap 1: Inleidend verzoek In de huidige verordening heet dit artikel 4 Initiatief van kiesgerechtigden. Dit artikel is aanzienlijk gewijzigd. Om die reden volgt hieronder een uitgebreide toelichting over de wijziging en de strekking van het artikel. In de huidige verordening staat vermeld dat een initiatief voor een referendum ten minste 3 dagen voor de behandeling van het ontwerpraadsbesluit dient te worden ingediend bij het college. Dit verzoek wordt ondersteund door ten minste 180 handtekeningen van de kiesgerechtigden in Heiloo. In de nieuwe verordening is de keuze gemaakt om als deadline voor het aankondigen van een inleidend verzoek zeven dagen voor de besluitvorming aan te houden.
De reden hiervoor is dat doorgaans tijdens de behandeling in een commissievergadering duidelijk wordt welke kant de besluitvorming van de raad op zal gaan en of er nog amendementen of moties worden ingediend die mogelijk tegemoetkomen aan de bezwaren van inwoners. Het is logischer als inwoners de behandeling in de commissievergadering kunnen afwachten alvorens zij met een inleidend verzoek voor een referendum moeten komen. In de nieuwe verordening is nu opgenomen dat de initiatiefnemer de tijd heeft tot drie dagen voor de besluitvorming om het aangekondigde inleidende verzoek aan te vullen met de benodigde handtekeningen. De aankondiging van het inleidend verzoek komt dus zeven dagen voor de besluitvorming en dan dient het inleidend verzoek drie dagen voor de besluitvorming compleet te worden aangeleverd. Zo krijgen inwoners wat langer de tijd om het inleidende verzoek op te zetten en de benodigde handtekeningen te verzamelen. In plaats van 180 handtekeningen wordt in de nieuwe verordening uitgegaan van 200 handtekeningen (1% van het aantal kiesgerechtigden ). Dit is op basis van de VNG-richtlijn. De benodigde handtekeningen hoeven niet langer fysiek op het gemeentehuis te worden gezet, maar kunnen ook worden aangeleverd via te downloaden ondersteuningsverklaringen op de website van de gemeente.
Wanneer drie dagen voor de besluitvorming over het ontwerpraadsbesluit een compleet inleidend verzoek is ingediend, wordt de besluitvorming over het voorstel aangehouden. Het ontwerpraadsbesluit kan nog wel worden gewijzigd via door de raad aan te nemen amendementen. Het ontwerpraadsbesluit inclusief aangenomen amendement(en) is dan onderwerp van een eventueel te houden referendum. Zo spoedig mogelijk na het indienen van het volledige inleidende verzoek, onderzoekt de burgemeester of het verzoek door voldoende kiesgerechtigden is gedaan. Daarnaast brengt de referendumcommissie binnen twee weken advies uit aan de raad over de toelaatbaarheid van het onderwerp. Indien het inleidende verzoek niet voldoende ondersteund blijkt te zijn door kiesgerechtigden of een niet-referendabel besluit is, zal de raad het inleidend verzoek niet-ontvankelijk verklaren respectievelijk afwijzen. Daarnaast is er ook de mogelijkheid voor de raad om het verzoek, met redenen omkleed, af te wijzen indien hij onvoldoende mogelijkheden ziet of niet bereid is te handelen conform de mogelijke uitslag van het referendum. Wanneer de raad besluit de initiatiefnemers in de gelegenheid te stellen een definitief verzoek in te dienen, wordt de besluitvorming over het desbetreffende ontwerpraadsbesluit tot nader orde aangehouden.
Zo spoedig mogelijk na dit besluit treedt de referendumcommissie in overleg met vertegenwoordigers van de raad, de indieners en het college over de vraagstelling. Voor dit overleg worden door de raad uit zijn midden drie vertegenwoordigers aangewezen. Tenzij de raad instemt met een andere periode, brengt de referendumcommissie binnen twee weken advies uit over de
Pagina 3 van 7
vraagstelling voor het definitief verzoek. De raad stelt met inachtneming van het advies van de referendumcommissie in de eerstvolgende vergadering de vraagstelling vast. Zodra het volledige inleidende verzoek is ingediend, vergezeld met het minimaal aantal benodigde ondersteuningsverklaringen, wordt door de gemeente gecontroleerd of de ondersteuningsverklaringen van kiesgerechtigden uit de gemeente Heiloo afkomstig zijn. De formulieren voor het inleidend verzoek, de ondersteuningsverklaring en de handtekeningenlijst zijn als bijlage aan de referendumverordening toegevoegd en dienen door de raad te worden vastgesteld. Artikel 6 Initiatief kiesgerechtigden, stap 2: Definitief verzoek In de huidige verordening artikel 5 Steunverwerving en besluit definitief verzoek wordt niet duidelijk gesproken over de mogelijkheden tot het indienen van het definitief verzoek. In de nieuwe verordening is in dit artikel duidelijker omschreven hoe het indienen van het definitief verzoek in zijn werk gaat. Ook wordt er aandacht besteed aan het verlagen van de drempels voor een referendumverzoek; het is in de nieuwe verordening onder andere toegestaan om voor het definitief verzoek een elektronische handtekening te zetten.
Inwoners hoeven dan niet langer fysiek langs te komen op het gemeentehuis om de handtekeningenlijst te ondertekenen en zich te legitimeren, maar kunnen dit ook vanuit huis doen met DigiD. Voor het definitief verzoek zijn er 1000 handtekeningen nodig. De VNG richtlijn houdt als benodigd aantal handtekeningen 5% van de kiesgerechtigden. Er is een periode van zes weken om de benodigde handtekeningen te verzamelen. In de nieuwe verordening begint de termijn op een door het college, in overeenstemming met de raad, bekend te maken dag en tijdstip. In de bekendmaking wordt aangegeven op welke locaties en gedurende welke tijdstippen de handtekeningenlijsten beschikbaar zijn en via welke internetpagina digitale ondersteuning mogelijk is. Indien eerder dan na zes weken het aantal benodigde, geldige handtekeningen of digitale ondersteuningen verzameld is, dan kan de mogelijkheid tot het plaatsen van een handtekening respectievelijk het inzenden van een digitale ondersteuning worden beëindigd. Nieuw toegevoegd aan de verordening is dat de burgemeester halverwege de termijn van zes weken bekend maakt hoeveel geldige ondersteunende handtekeningen en ondersteuningsverklaringen er tot dat moment door kiesgerechtigden zijn geplaatst of ingezonden. Als het definitief verzoek niet voldoende wordt ondersteund, zal de raad het verzoek nietontvankelijk verklaren.
Wanneer er wel voldoende steun is voor het verzoek, dan neemt de raad zo snel mogelijk een besluit over het houden van een referendum. Indien de raad van oordeel is dat er na het besluit over het inleidende verzoek sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden van substantiële aard, dan kan de raad, gehoord de referendumcommissie, het verzoek tot het houden van een referendum alsnog afwijzen. Artikel 7 Datum De raad stelt tegelijkertijd met het besluit om een referendum te houden of zo spoedig mogelijk daarna de datum vast waarop het referendum gehouden wordt met inachtneming van een advies van het college en de referendumcommissie. Het referendum zal uiterlijk binnen zes maanden plaatsvinden na de dag waarop besloten is tot het houden van een referendum. Hierbij wordt rekening gehouden met een voorbereidingstijd voor de organisatie van drie maanden (hierbij is aansluiting gezocht bij de benodigde voorbereidingstijd voor reguliere verkiezingen). De raad kan de termijn van zes maanden verlengen met ten hoogste vier maanden om het referendum te kunnen combineren met een reguliere verkiezing of om te voorkomen dat het referendum in een schoolvakantie valt. Voor de organisatie is het prettig wanneer voor de datum van een referendum zoveel mogelijk aansluiting wordt gezocht met de reguliere verkiezingen.
Dit scheelt aanzienlijk in de kosten en maakt het ook makkelijker om het referendum groot op te zetten en de opkomst voor het Pagina 4 van 7
referendum en verkiezingen mogelijk te bevorderen. Om meer speling te creëren om een referendum en verkiezingen samen te laten vallen, is gekozen voor de eerder genoemde termijnen van zes en vier maanden. Artikel 8 Vraagstelling In beginsel is de vraagstelling van een referendum de tekst van het ontwerpraadsbesluit. Omdat een ontwerpraadsbesluit soms lastig te doorgronden is voor inwoners, is er echter wel de mogelijkheid om te kiezen voor een meer publieksvriendelijke formulering van de vraagstelling. De referendumcommissie zal de raad hierover adviseren en het is uiteindelijk altijd aan de raad om de vraagstelling van een referendum vast te stellen. Artikel 9 Initiatief van de raad – referendum over voorliggend raadsvoorstel en raadsbesluit Aan de verordening is dit nieuwe artikel toegevoegd. In het geval de raad een referendum wil houden over een voorliggend raadsvoorstel en raadsbesluit, kan hij daartoe een motie aannemen. Met de motie wordt een voorlopig besluit tot het houden van een referendum genomen. Verdere besluitvorming over het ontwerpraadsbesluit wordt aangehouden met dien verstande dat het ontwerpraadsbesluit nog wel kan worden gewijzigd door middel van amendementen. Voor de raad een definitief besluit kan nemen tot het houden van een referendum is het van belang dat de raad over de juiste informatie beschikt.
Om die reden wordt het voorlopige besluit tot het houden van een referendum aangevuld met een notitie waarin in ieder geval staat opgenomen wat de mogelijke vervolgstappen zijn wanneer gehandeld wordt conform de (mogelijke) uitslag van het referendum, een inschatting van de kosten voor het organiseren van een referendum en een advies over het subsidieplafond. Daarnaast moet in de notitie een eerste aanzet worden gegeven voor de vraagstelling en de datum van het referendum. Deze notitie wordt onder regie van de griffier en in samenwerking met een afvaardiging van de raad en medewerking van de ambtelijke organisatie opgesteld. Het is goed denkbaar dat namens de raad in ieder geval het raadslid of de raadsleden vallen die de motie tot het houden van een referendum hebben ingediend. De notitie wordt samen met het raadsvoorstel en het raadsbesluit gedeeld met de referendumcommissie en het college om hen in de gelegenheid te stellen wensen en bedenkingen naar voren te brengen en te adviseren over datgene waarop zij op basis van deze verordening gevraagd worden advies te geven. De referendumcommissie en het college hebben na ontvangst van de notitie en de overige documenten twee weken de tijd om met een terugkoppeling te komen. De terugkoppelingen worden als bijlagen aan de notitie toegevoegd en geagendeerd voor de raadsvergadering.
Artikel 10 Initiatief van de raad – referendum los van de politieke agenda Dit is tevens een nieuw toegevoegd artikel. De raad kan ook het initiatief nemen om een referendum te houden over een onderwerp dat niet op de politieke agenda staat en waarover dus geen raadsvoorstel en ontwerpraadsbesluit aanwezig zijn. Dit kan middels een initiatiefvoorstel of een motie (vreemd aan de orde van de dag). Met het initiatiefvoorstel of de motie wordt een voorlopig besluit genomen tot het houden van een referendum. In de situatie dat er geen raadsvoorstel en ontwerpraadsbesluit ten grondslag liggen aan het voorlopige besluit tot het houden van een referendum, is het van groot belang dat het voorlopige besluit nader wordt uitgewerkt zodat de raad een goed beeld heeft van wat er nu precies met het referendum wordt beoogd en welke eventuele consequenties daaraan verbonden zijn. Om die reden wordt het voorlopige besluit onder regie van de griffier met een afvaardiging van de raad en met medewerking van de ambtelijke organisatie nader uitgewerkt tot een conceptvoorstel. Het is goed denkbaar dat namens de raad in ieder geval het raadslid of de raadsleden vallen die de motie of het initiatiefvoorstel tot het houden van een referendum hebben ingediend.
Het conceptvoorstel moet enigszins de vorm en inhoud krijgen van een regulier raadsvoorstel en moet in ieder geval de volgende informatie bevatten: een omschrijving van de uitgangssituatie, de argumenten voor en tegen het voorstel, de mogelijke vervolgstappen wanneer gehandeld wordt conform de (mogelijke) uitslag van het referendum, een inschatting van de kosten voor het organiseren van een referendum en een advies over het subsidieplafond. Daarnaast wordt ook een Pagina 5 van 7
eerste aanzet gegeven voor de vraagstelling en de datum van het referendum. Het conceptvoorstel wordt gedeeld met de referendumcommissie en het college om hen in de gelegenheid te stellen wensen en bedenkingen naar voren te brengen en te adviseren over datgene waarover zij op basis van deze verordening gevraagd worden advies te geven. De referendumcommissie en het college hebben na ontvangst van het conceptvoorstel twee weken de tijd om met een terugkoppeling te komen. De terugkoppelingen worden als bijlagen aan het conceptvoorstel toegevoegd, daarnaast wordt er een ontwerpraadsbesluit geformuleerd en worden het conceptvoorstel en het ontwerpraadsbesluit geagendeerd voor de raadsvergadering. Tijdens de raadsvergadering neemt de raad een besluit over het definitief houden van een referendum, de vraagstelling en de datum van het referendum en het budget en het subsidieplafond voor het referendum Artikel 11 Budget, subsidieplafond en subsidiecriteria Dit artikel is nieuw. Meteen na het besluit tot het houden van een referendum stelt de raad een budget vast voor de organisatie van en de voorlichting over het referendum (stempassen, stembiljetten, stembureaus, communicatie etc). De raad stelt een totaalbudget vast voor de subsidie en stelt vast hoe de subsidie verdeeld wordt over de verschillende activiteiten van voorstanders, tegenstanders en neutrale activiteiten.
Per activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd, kan er maximaal € 1.500,- aan subsidie worden verstrekt. Hiermee volgen we de lijn van de gemeente Castricum. Activiteiten die het publieke debat en de meningsvorming rond het referendum ondersteunen, komen in aanmerking voor subsidie. Daarnaast dient er ook een subsidieplafond te worden vastgesteld voor het verstrekken van subsidies voor activiteiten die inwoners en maatschappelijke organisaties rond het referendum organiseren. Het bedrag kan nog gewijzigd worden, maar wordt voldoende geacht om bijvoorbeeld een debatavond te organiseren. Het college maakt het subsidieplafond (en de deelplafonds) bekend en vermeldt hierbij tevens de begin- en einddatum van de aanvraagtermijn. De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, moeten toegankelijk zijn voor publiek en bij het publiek bekend gemaakt worden. Omdat sprake is van een subsidieplafond, is het van belang dat wordt vastgesteld op welke volgorde subsidieaanvragen behandeld worden. Zodra het subsidieplafond bereikt is, worden overige aanvragen immers geweigerd. Subsidieaanvragen die aan de eisen voldoen (zoals genoemd in artikel 9 van de verordening) worden op volgorde van binnenkomst beoordeeld. Artikel 12 Subsidieverlening en vaststelling Dit artikel is tevens nieuw toegevoegd en volgt uit de modelverordening van de VNG.
In het artikel wordt geschetst hoe de subsidieaanvraagprocedure verloopt. De referendumcommissie heeft geen actieve rol in het subsidieaanvraagproces, maar kan wel te allen tijde door het college om advies worden gevraagd. Artikel 14 Procedure voorbereiding, stemming, uitslagbepaling en bekendmaking Door een wijziging van de Kieswet zijn enkele verwijzingen (hoofdstukken en paragraafnummers) gewijzigd. Artikel 15 De geldigheid van een referendum Dit artikel is in de nieuwe verordening uitgebreid en volgt uit de modelverordening van de VNG. DOOR HET COLLEGE OVERWOGEN ALTERNATIEVEN Niet van toepassing. REGIONALE SAMENWERKING EN COULEUR LOCALE De referendumverordening 2025 is geschreven voor de gemeente Heiloo. Het is aan uw raad om uw eigen afweging te maken.
Pagina 6 van 7
RISICO’S Niet van toepassing. FINANCIËN De financiële consequenties bij het organiseren van een referendum zijn fors. In de verordening is bepaald dat nadat besloten is om een referendum te houden, de raad hiervoor een bedrag opneemt in de begroting. Het houden van een referendum is te vergelijken met het houden van verkiezingen. Voor het organiseren van verkiezingen is per verkiezing een bedrag van ca. €90.000,- begroot. Wanneer een referendum kan worden gecombineerd met reguliere verkiezingen, dan zullen de kosten voor een referendum lager uitvallen. Bij een referendum moet naast het bedrag voor het organiseren ook rekening worden gehouden met een bedrag voor de communicatie aan de inwoners. Daarnaast stelt de raad een subsidieplafond vast zodat de verzoekers van het referendum en maatschappelijke organisaties subsidie kunnen aanvragen voor het organiseren van het publieke debat. Als laatste financiële consequentie is het goed te vermelden dat de leden van de referendumcommissie een vergoeding ontvangen per bijgewoonde vergadering. DUURZAAMHEID Niet van toepassing. PARTICIPATIE Niet van toepassing. UITVOERING, PLANNING EN ORGANISATIE De nieuwe verordening is opgesteld door de griffie van de gemeente Heiloo en tijdens het proces afgestemd met burgerzaken en het college. Ook is de verordening aan het presidium voorgelegd op 2 december 2024.
Het college heeft de referendumverordening ter kennisname aangenomen op 26 november 2024. Na vaststelling van de verordening door de raad wordt deze bekend gemaakt in het elektronisch gemeenteblad van Heiloo op www.officielebekendmakingen.nl en wordt deze beschikbaar gesteld op www.overheid.nl. De verordening treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking. BIJLAGEN Referendumverordening gemeente Heiloo 2025 Wijzigingsoverzicht ACHTERLIGGENDE DOCUMENTEN Referendumverordening gemeente Heiloo 2016 Procesbeschrijving VNG Modelverordening VNG Hoogachtend, G.A. Beeksma griffier
Pagina 7 van 7