BP Vennewatersweg 18 - Nota beantwoording zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Vennewatersweg 18 Heiloo
Tekst van het document
Na een herbeoordeling is binnen die voorwaarden het huidige voorstel ontworpen en ruimtelijk beoordeeld als voldoende acceptabel. Dat de voorgestelde wijzigingen in de zienswijze het plan wellicht ruimtelijk en/of stedenbouwkundig beter maken wil nog niet zeggen dat het haalbare wijzigingen zijn, dit omdat dan andere uitgangspunten onder druk komen te staan. Gemeente Heiloo respecteert een groene omgeving maar staat ook voor een (maatschappelijke) opgave om in de kernen meer (sociale) woningen te bouwen. De bedrijfsverplaatsing van het transportbedrijf Van der Steen draagt hieraan bij. Het is zoeken naar een balans voor beide opgaven. Gemeente Heiloo begrijpt de standpunten van de indiener van zienswijze en is van mening dat het plan, welke door de Adviescommissie voor Ruimtelijke Kwaliteit is geaccordeerd, in het geheel goed past in de ruimtelijke structuur waarmee de Vennewatersweg is opgebouwd. Algemeen bezwaarpunt 2.5.3, Handelen in strijd met de Algemene beginselen van behoorlijk bestuur Indiener stelt dat de onderhavige bedrijfsverhuizing een langslepende kwestie is, waarin de gemeente Heiloo niet conform de Algemene beginselen van behoorlijk bestuur heeft gehandeld. Indiener is van mening dat de eigenaren van het betreffende bedrijf al jaren geleden een kavel op het bedrijventerrein Boekelermeer
gekocht hebben ten behoeve van de bedrijfsverhuizing en dat de gemeente Heiloo deze verhuizing jarenlang verhinderd heeft zonder onder meer een afdoende, draagkrachtige motivering en zonder uit te gaan van het gelijkheids-, evenredigheids- en fair play principe. Reactie gemeente Indiener stelt dat transportbedrijf Van der Steen al jaren geleden een kavel op het bedrijventerrein Boekelermeer gekocht heeft. Dit is onjuist. Van der Steen bezit een kavel in Akersloot. Akersloot ligt binnen de gemeente Castricum. De gemeente Castricum is dan ook de verantwoordelijke wat betreft dit perceel. Het betreffende perceel heeft een groenbestemming en geen mogelijkheden voor de functie bedrijf alsmede wonen. Van der Steen heeft de vereiste bij zijn bedrijf te willen wonen. Die mogelijkheid is er niet op dit perceel. Daarnaast is het perceel qua omvang te klein om het transportbedrijf te kunnen vestigen. Inhoudelijk bezwaarpunt 2.5.4, Aantasting bestemming ‘Agrarische met landschappelijke en natuurwaarden’ Indiener acht aanpassing van het huidige bestemmingsplan voor een transportbedrijf, waardoor het open, agrarische, landelijke gebied ernstig aangetast wordt, niet acceptabel. Mede gezien de aanwezige alternatieven.
Indiener stelt dat er op dit moment ruime vestigingsmogelijkheden op de bedrijventerreinen Boekelermeer Heiloo, Boekelermeer Alkmaar en het aangrenzende bedrijventerrein van Akersloot (Molenei) zijn waar wél woningen nabij c.q. boven een bedrijf zijn toegestaan. Reactie gemeente Er wordt al vanaf 1996 met Van der Steen gesproken over de verplaatsing van het bedrijf naar een andere locatie. Uiteindelijk hebben gemeente en Van der Steen in 2021 overeenstemming bereikt over een verplaatsing naar de locatie Vennewatersweg 18. Dat het zo lang heeft geduurd heeft mede te maken met het feit dat het niet eenvoudig was om een vervangende locatie te vinden. Ten eerste is het in het kader van de bedrijfsvoering voor Van der Steen noodzakelijk dat de vervangende locatie de mogelijkheid biedt tot het realiseren van een bedrijfswoning. De bedrijventerreinen in/om Heiloo bieden deze mogelijkheid niet en zijn om die reden afgevallen. Het is daarnaast wenselijk dat de vervangende locatie, in verband met verkeersveiligheid, hinder en doorstroming, is gelegen aan een gebiedsontsluitingsweg zodat niet met de vrachtwagens over erftoegangswegen hoeft te worden gereden om bij de bedrijfslocatie te komen. De locatie Vennewatersweg voldoet aan deze randvoorwaarde. Tot slot dient er bij de vervangende locatie voldoende afstand te bestaan tussen het bedrijf en geluidgevoelige functies zoals wonen.
Inhoudelijk bezwaarpunt 2.5.5, Bijzonder Provinciaal Landschap Indiener merkt op dat gezien de alternatieve vestigingsmogelijkheden aantasting van het Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) gebied onnodig en derhalve niet acceptabel is. Reactie gemeente Volgens indiener ligt het plangebied binnen het Bijzonder Provinciaal Landschap. Dit is onjuist, de bedrijfslocatie ligt grotendeels buiten Bijzonder Provinciaal Landschap. Slechts een deel van het plangebied valt binnen Bijzonder provinciaal Landschap. Het betreft de gedachte toegangsweg aan de westzijde van het plangebied. Deze toegangsweg kan bij nader inzien echter ook ergens anders worden gelegd, aan de noordzijde van het plangebied, en gerealiseerd binnen de bestaande bestemming Verkeer- Wegverkeer in het bestemmingsplan Zuid West. Het verkavelingsplan is hierop aangepast. De westelijke plangrens kan hiermee zodanig worden verschoven dat aan deze zijde buiten Bijzonder Provinciaal Landschap kan worden gebleven. De toelichting en de verbeelding van het bestemmingsplan worden hier eveneens op aangepast.
Afbeelding plangebied. In het roze gemarkeerd de begrenzing van Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL)
Inhoudelijk bezwaarpunt 2.5.6, Aantasting landschappelijke en cultuurhistorische waarden Indiener stelt dat de open strandvlakte met zichtlijnen naar de kust ernstig en onnodig wordt aangetast. Volgens indiener druist het ontwerpbestemmingsplan in tegen het advies van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) dat in haar rapport “Zorg voor landschap” pleit voor een landschapsinclusief omgevingsbeleid. Reactie gemeente Omtrent de belangrijkste ruimtelijke en cultuurhistorische kenmerken van Heiloo zijn door het gemeentebestuur beleidslijnen vastgesteld. Hierin is onder andere aangegeven dat vastgehouden dient te worden aan de ontwikkelingsstructuur van Heiloo (wegenpatronen en verkavelingspatronen), het bewust gebruiken van de overgang van strandwal naar strandvlakte en het hanteren van groene bermen als overgang tussen openbaar en privégebied bij de aanleg van nieuwe woonwijken. Met het planvoornemen is zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij de bestaande structuren. In het plangebied is door Antea Group een inventariserend bureau- en booronderzoek uitgevoerd. De belangrijkste conclusie van het onderzoek is dat er voorafgaand aan de voorgenomen ontwikkeling nog een archeologisch onderzoek plaats moet vinden op een deel van het plangebied.
Tot uitvoeren van dit onderzoek, worden eventueel aanwezige archeologische waarden beschermd door de archeologische dubbelbestemming in dit bestemmingsplan. In het bestemmingsplan zijn onder de artikel 'Waarde - Archeologie' regels opgenomen die bepalen dat door middel van archeologisch onderzoek aangetoond dient te worden dat de archeologische waarden niet worden geschaad door de beoogde ontwikkeling. In het archeologisch onderzoek is aangegeven in welke mate een eventueel aanwezige vindplaats verstoord wordt door realisatie van geplande bodemingrepen. Er worden binnen 1,0 m –mv (1,0 m –NAP) nergens in het plangebied relevante/intacte archeologische niveaus verwacht en binnen 0,8 m –mv geen intacte bodems of afzettingen. De aanwezige landschappelijke en cultuurhistorische waarden in het plangebied worden door de beoogde ontwikkeling niet geschaad. Echter zal nog aanvullend nader archeologisch onderzoek op een deel van het plangebied worden uitgevoerd. Hiervoor is een regeling opgenomen in het bestemmingsplan. Inhoudelijk bezwaarpunt 2.5.7, MER beoordeling Indiener is van mening dat de conclusie dat voor dit ontwerpbestemmingsplan geen MER behoeft te worden opgesteld, niet afdoende onderbouwd is en daarnaast gezien de nabijheid van Natura2000 gebied onterecht is.
Reactie gemeente In de Wet milieubeheer en het Besluit milieueffectrapportage is geregeld dat het noodzakelijk kan zijn om voor ruimtelijke plannen en activiteiten een milieueffectrapportage op te stellen. Het planvoornemen aan de Vennewatersweg 18 voorziet in een planontwikkeling voor de bouw en exploitatie van transportbedrijf Van der Steen. De voorgenomen ontwikkeling aan de Vennewatersweg 18 valt in de bijlage van het Besluit milieueffectrapportgage onder categorie D 11.2. Voor elke activiteit die genoemd wordt in het besluit m.e.r. bijlage D moet bij overschrijding van de drempelwaarden, zoals genoemd in de kolom “gevallen” een m.e.r.-beoordelingsprocedure worden doorlopen, waarin door het bevoegde gezag besloten moet worden of er sprake is van belangrijk nadelige milieugevolgen die het doorlopen van een m.e.r.-procedure en het opstellen van een milieueffectrapport (MER) noodzakelijk maken. In de kolom “gevallen” staat beschreven dat bij een activiteit betrekking heeft op: 1. Een oppervlakte van 100 hectare of meer, 2. Een aaneengesloten gebied en 2.000 of meer woningen omvat, of 3. Een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer een m.e.r.-beoordelingsprocedure dient te worden doorlopen. Echter blijft voorgenomen ontwikkeling onder de drempelwaarden zoals opgenomen in de kolom “gevallen”.
Het plangebied is kleiner dan 100 hectare en de bedrijfsvloer is kleiner dan 200.000 vierkante meter. Dit betekent dat een vormvrije m.e.r. beoordeling in de vorm van een aanmeldnotitie m.e.r. als bijlage bij het bestemmingsplan afdoende is. Het college van gemeente Heiloo heeft hiertoe besloten middels het M.e.r.-beoordelingsbesluit d.d. 29 maart 2022. Inhoudelijk bezwaarpunt 2.5.8, NOx en Pfas onderzoek Indiener merkt op dat onvoldoende is aangetoond dat het plan voldoet aan de nieuwe milieuwetgeving ten aanzien van onder andere stikstof en Pfas, in zowel de bouw- als de gebruiksfase. Reactie gemeente Antea Group heeft een nieuwe AERIUS-berekening uitgevoerd waarin gekeken is naar de uitstoot van NOx en NH3. De AERIUS-berekening is uitgevoerd met de nieuwste Aerius-tool. Uit de rekenresultaten is gebleken dat voor de realisatie- en gebruiksfase de gehanteerde grenswaarde van 0,00 mol/ha/jaar niet wordt overschreden. Hierdoor kunnen significante (negatieve) gevolgen op Natura 2000-gebieden worden uitgesloten. Het aspect stikstofdepositie staat hiermee verdere besluitvorming niet in de weg. De nieuwe onderzoeksresultaten worden verwerkt in het vast te stellen bestemmingsplan Vennewatersweg 18.
Naar aanleiding van de mogelijke overdracht en later de aanvraag van een omgevingsvergunning is door Landview BV een verkennend en aanvullend bodemonderzoek uitgevoerd. Het bodemonderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 5740 richtlijnen voor een niet-verdachte locatie. In de boven- en ondergrond en in het grondwater zijn verhoogde gehalten aan PFOS en PFOA gemeten. Er zijn echter volgens de beleidsregel van de provincie Noord-Holland geen sanerende maatregelen noodzakelijk. Voor het overige zijn in de mengmonsters van de boven- en ondergrond en het grondwater geen verhogingen van de onderzochte stoffen aangetroffen. PFAS is de verzamelnaam voor een grote groep van 28 stoffen waaronder PFOS en PFOA. Het gedane bodemonderzoek naar PFAS is dus gedaan en ook compleet. Het onderzoeksrapport geeft geen belemmeringen ten aanzien van voorgenomen ontwikkeling. Inhoudelijk bezwaarpunt 2.5.9, Milieueisen Volgens indiener biedt het ontwerpbestemmingsplan onvoldoende zekerheid. Indiener stelt dat het niet met zekerheid vast te stellen is dat het plan niet leidt tot extra negatieve effecten op het op 1,5 kilometer afstand gelegen Natura2000 gebied (Noord Hollandse Duingebied). Reactie gemeente Het perceel Vennewatersweg 18 bevindt zich in de nabijheid maar toch ook op voldoende afstand van een natura-2000 gebied.
De meest nabijgelegen Natura 2000- gebieden zijn het Noordhollands Duinreservaat en “Schoorlse Duinen”. Eerstgenoemde bevindt zich op minder dan 5 km (circa 1,5 km) van het plangebied Vennewatersweg 18, de Schoorlse Duinen liggen echter veel verder weg van de planlocatie. Door de geringe afstand van de planlocatie tot de ligging van het Noordhollands Duinreservaat zijn verstoringen in de vorm van stikstofdepositie op voorhand niet uitgesloten. Door de opsteller van het bestemmingsplan Vennewatersweg 18 (AnteaGroup) is een nieuw onderzoek stikstofdepositie uitgevoerd. Uit de rekenresultaten is gebleken dat voor de gebruiksfase de gehanteerde grenswaarde van 0,00 mol/ha/jaar niet wordt overschreden. Hierdoor kunnen significante (negatieve) gevolgen op Natura 2000-gebieden worden uitgesloten. De berekening ligt onder beoordeling bij de Omgevingsdienst NHN. Waar nodig wordt de berekening c.q. notitie op grond van recentelijke doorgevoerde planwijzigingen geactualiseerd. Inhoudelijk bezwaarpunt 2.5.10, Natuurtoets Indiener is van mening dat de natuurtoets uitgevoerd door Antea Group onvolledig is. Volgens indiener zijn er meer ecologische waarden in het geding dan blijkt uit
de QuickScan. Indiener stelt dat er wel degelijk sprake is van overtreding van de Wet natuurbescherming. Reactie gemeente Voorgenomen ontwikkeling kan worden uitgevoerd als duidelijk is dat het plan niet in strijd is met de Wet natuurbescherming en het beleid van het Natuurnetwerk Nederland. Daarom is inzicht gewenst in de aanwezigheid van beschermde soorten en beschermde gebieden binnen de invloedsfeer van het plangebied en de effecten hierop. Dit is gedaan op basis van een Natuurtoets uitgevoerd door Antea Group (10-3-2022). Binnen de invloedssfeer van de activiteit is een natura 2000gebied (NoordHollands Duinreservaat) gelegen op circa 1,5 km. Daarnaast zijn binnen de invloedssfeer van de activiteit verschillende gebieden behorend tot Natuur Netwerk Nederland aanwezig op een afstand van tenminste 1,5 km. Verstoring door geluid, trillingen, optische verstoring en verstoring door versnippering van leefgebied kunnen vanwege de grote afstand tot het plangebied op voorhand worden uitgesloten. Gezien de relatief grote afstand tot het dichtstbijzijnde NNN-gebied en de aanwezigheid van afscheidende elementen zoals bebouwing, wegen en bosschages kunnen negatieve effecten worden uitgesloten. De invloed door stikstofdepositie op het Natura 2000 gebied is de enige verstoringsfactor welke kan resulteren in een negatief effect op het gebied.
Uit de Aerius-berekening is gebleken dat significante (negatieve) gevolgen op Natura 2000-gebieden worden uitgesloten en derhalve het aspect stikstofdepositie verder besluitvorming niet in de weg staat (zie reactie bij bezwaarpunt 2.2.5). Uit de bureaustudie in combinatie met het terrein bezoek is gebleken dat verschillende beschermde soorten aanwezig zijn en/of mogelijk verwacht worden in het plangebied. Nader onderzoek naar de Huismus en de Rugstreeppad moet uitwijzen of een ontheffing Wet natuurbescherming noodzakelijk is. Zo ja, dan wordt ontheffing aangevraagd. In z’n algemeenheid geldt overigens een zorgplicht. Dit brengt onder andere met zich mee dat buiten het broedseizoen moet worden gewerkt (voorkeursmaatregel). Indien tijdens het broedseizoen wordt gewerkt dient het plangebied voorafgaand gecontroleerd te worden op broedvogels en vrijgegeven te zijn. Gelet op de conclusies in het rapport in relatie tot de ontwikkeling is een voorwaardelijke verplichting in de bestemming 'Bedrijf' opgenomen. Het is niet noodzakelijk bij vaststelling van het bestemmingsplan een aanvullend onderzoek voortvloeiend uit de Natuurtoets afgerond te hebben. Dit is wel aan de orde bij de aanvraag omgevingsvergunning.
De Natuurtoets die is uitgevoerd door Antea Group (10 maart 2022) is volledig en het aspect ‘natuur’ vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het onderhavige bestemmingsplan. Onaanvaardbare nadelige gevolgen voor de ecologische waarden worden niet verwacht.
Inhoudelijk bezwaarpunt 2.5.11, Onzorgvuldige vaststelling ontwerpbestemmingsplan en bestemmingsplan biedt teveel ruimte Indiener stelt dat het ontwerpbestemmingsplan veel meer mogelijk maakt dan is voorzien en ruimte biedt om af te wijken van de regels. Reactie gemeente Op dit moment is nog geen sprake van een vastgesteld bestemmingsplan. Het ontwerp heeft ter inzage gelegen voor het indienen van zienswijzen. De vaststelling van het bestemmingsplan wordt op dit moment voorbereid. In het kader van de planvoorbereiding is voorafgaand aan het opstellen van een ontwerpbestemmingsplan in 2019 overleg gevoerd met de directe omwonenden van het perceel Vennewatersweg 18. Tijdens dit overleg met omwonenden is gesproken over de beoogde bedrijfsverplaatsing van Van der Steen naar de Vennewatersweg 18. Gelet op de beperkte kring van belanghebbenden is besloten direct te starten met een ter inzage legging van het ontwerpbestemmingsplan met gebruikmaking van een beperkt vooroverleg. In navolging van het overleg met omwonenden is het ontwerpbestemmingsplan Vennewatersweg 18 in april 2022 in procedure gebracht voor zienswijzen. Vanaf 28 april 2022 heeft het ontwerpbestemmingsplan gedurende zes weken ter inzage gelegen. Tijdens de zes weken durende periode van ter inzagelegging zijn vijf zienswijzen ingediend.
Hiermee voldoet het ontwerpbestemmingsplan Vennewatersweg 18 aan artikel 3.2 van de Algemene Wet Bestuursrecht (Awb). Het bestemmingsplan biedt alleen ruimte aan de vestiging van een transportbedrijf. De hoeveelheid bebouwing is beperkt tot de geprojecteerde bouwvlakken. De rest van het terrein wordt meer of minder verhard. Het hele terrein wordt omkaderd met een boomsingel. Samenvattend heeft de gemeente Heiloo veel voorwaarden en belangen afgewogen om te kunnen voldoen aan het verzoek van de initiatiefnemer passend binnen beleid-uitgangspunten zoals parkeernormen, verkeeruitgangspunten, landschappelijke inpassing en stedenbouwkundige uitgangspunten. Na een herbeoordeling is binnen die voorwaarden het huidige voorstel ontworpen en ruimtelijk beoordeeld als voldoende acceptabel. Dat de voorgestelde wijzigingen in de zienswijze het plan wellicht ruimtelijk en/of stedenbouwkundig beter maken wil nog niet zeggen dat het haalbare wijzigingen zijn, dit omdat dan andere uitgangspunten onder druk komen te staan. Gemeente Heiloo respecteert een groene omgeving maar staat ook voor een (maatschappelijke) opgave om in de kernen meer (sociale) woningen te bouwen. De bedrijfsverplaatsing van het transportbedrijf Van der Steen draagt hieraan bij. Het is zoeken naar een balans voor beide opgaven.
Gemeente Heiloo begrijpt de standpunten van de indiener van zienswijze en is van mening dat het plan, welke door de Adviescommissie voor
Ruimtelijke Kwaliteit is geaccordeerd, in het geheel goed past in de ruimtelijke structuur waarmee de Vennewatersweg is opgebouwd. Inhoudelijk bezwaarpunt 2.5.12, Nut en noodzaak Indiener merkt op dat onvoldoende is aangetoond wat het nut, noodzaak en/of het grote maatschappelijke belang zijn van het ontwerp bestemmingsplan Vennewatersweg 18. Reactie gemeente Om nut en noodzaak aan te tonen én een zorgvuldig gebruik van de schaarse ruimte te bevorderen, is in 2012 een ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 juridisch verankerd in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Dat betekent voor alle ruimtelijke plannen: 1. eerst kijken of de stedelijke ontwikkeling voorziet in een actuele regionale behoefte; 2. vervolgens kijken of (een deel) van de regionale behoefte op te vangen is binnen het bestaand stedelijk gebied van de betreffende regio; 3. mocht de stedelijke ontwikkeling niet binnen het bestaand stedelijk gebied kunnen plaatsvinden, dan zorgen dat de locatie, voor verschillende middelen van vervoer, passend ontsloten is of kan worden. De ladder voor duurzame verstedelijking richt zich op mogelijke stedelijke ontwikkelingen.
Artikel 1.1.1 van het Bro definieert 'stedelijke ontwikkeling' als volgt: ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. De voorgenomen ontwikkeling is geen nieuwe stedelijke ontwikkeling, zoals bedoeld in de Ladder voor duurzame verstedelijking maar een verplaatsing van een bestaand transportbedrijf. Transportbedrijf Van der Steen is gevestigd aan de Hoogeweg 26D te Heiloo. In verband met de realisatie van Zuiderloo kan Van der Steen niet op de huidige locatie worden gehandhaafd. Dit heeft o.a. te maken met de situatie die het vrachtverkeer van Van der Steen op de smalle Hoogeweg met zich meebrengt alsmede met de milieucirkel vanwege geluid rondom Transportbedrijf Van der Steen op de huidige locatie aan de Hoogeweg. De milieucirkel vanwege geluid belemmert de realisatie van woningbouw in de directe nabijheid van het bedrijf. Er wordt al vanaf 1996 met Van der Steen gesproken over de verplaatsing van het bedrijf naar een andere locatie. Uiteindelijk hebben gemeente en Van der Steen in 2021 overeenstemming bereikt over een verplaatsing naar de locatie Vennewatersweg 18. Dat het zo lang heeft geduurd heeft mede te maken met het feit dat het niet eenvoudig was om een vervangende locatie te vinden.
Ten eerste is het in het kader van de bedrijfsvoering voor Van der Steen noodzakelijk dat de vervangende locatie de mogelijkheid biedt tot het realiseren van een bedrijfswoning. De bedrijventerreinen in/om Heiloo bieden deze mogelijkheid niet en zijn om die reden afgevallen. Het is daarnaast wenselijk dat de vervangende
locatie, in verband met verkeersveiligheid, hinder en doorstroming, is gelegen aan een gebiedsontsluitingsweg zodat niet met de vrachtwagens over erftoegangswegen hoeft te worden gereden om bij de bedrijfslocatie te komen. De locatie Vennewatersweg 18 voldoet aan deze randvoorwaarde. Tot slot dient er bij de vervangende locatie voldoende afstand te bestaan tussen het bedrijf en geluidgevoelige functies zoals wonen. Ook hieraan voldoet de locatie Vennewaterweg 18. Inhoudelijk bezwaarpunt 2.5.13, Ontwerpbesluit Indiener merkt op dat de regels van het ontwerpbestemmingsplan Vennewatersweg 18 teveel ruimte bieden om het gebruik van de vereiste bouwmaterialen met zekerheid vast te stellen. Volgens indiener is mede daarom onvoldoende aangetoond dat met de toegepaste (bouw)materialen aan de hogere grenswaarden voor het geluid wordt voldaan voor zowel de nieuwe woning(en) die in het plangebied worden gerealiseerd als voor de bestaande bebouwing. Reactie gemeente Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling is een akoestisch onderzoek uitgevoerd door Antea Group (2019, en revisie op basis van planwijzigingen in 2021). Uit de onderzoeksresultaten is gebleken dat ten aanzien van de nieuw te bouwen (bedrijfs)woning de toelaatbare geluidsbelasting van 48 dB wordt overschreden. De geluidsbelasting op de gevel afkomstig van de Vennewatersweg bedraagt 50 dB.
Voor deze overschrijding is bij het college van B&W een hogere grenswaarde aangevraagd. Het college is bevoegd hiertoe te beslissen. Het college van B&W gemeente Heiloo heeft bij besluit van 29 maart 2022 besloten hogere grenswaarde te verlenen voor wegverkeer. Bij het nemen van voornoemd besluit heeft de gemeente Heiloo rekening gehouden met de Beleidsnotitie “procedure hogere grenswaarden”. Gezien de kleinschalige omvang van het bouwplan is het niet mogelijk om bron- en overdrachtsmaatregelen te treffen. Door middel van extra geluidsisolatie in de gevels kan ten aanzien van de nog te verlenen omgevingsvergunning, op grond van het Bouwbesluit 2012, worden voldaan aan de binnenwaarde van 33 dB. Het ontwerpbesluit vaststellen hogere grenswaarde geluid Vennewatersweg 18 is gelijktijdig met het ontwerpbestemmingsplan Vennewatersweg 18 gepubliceerd. Tevens is in de planregels een voorwaardelijke verplichting geluid opgenomen (artikel 4, punt 4.2.2.). Een omgevingsvergunning voor het bouwen van woningen wordt slechts verleend indien de woningen voldoen aan: a. de voorkeursgrenswaarde uit de Wet geluidhinder; of b. de door het bevoegd gezag vastgestelde hogere grenswaarde.
Verzoek indiener zienswijze 5 Indiener vraagt het college van Burgemeester en Wethouders van Heiloo het Bestemmingsplan Vennewatersweg 18 en het Ontwerpbesluit hogere grenswaarde geluid in te trekken c.q. te vernietigen. 2.3 Conclusie Het ontwerpbestemmingsplan heeft vanaf 28 april 2022 t/m 8 juni 2022 gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegen. Er zijn vijf zienswijzen ingediend. De ingediende zienswijzen hebben direct dan wel indirect geleid tot aanpassingen in het plan, o.a. tot een nieuw verkavelingsplan, een update van de tekst in de toelichting en de actualisatie van de Aerius-berekening. 3. Ambtshalve wijzigingen De doorgevoerde ambtshalve wijzigingen zijn wijzigingen die niet op een eerder moment waren voorzien. Algemeen: • Plangrens: De plangrens is zodanig aangepast zodanig dat het hele plangebied buiten Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) is komen te vallen; • Verbeelding: De verbeelding is zodanig aangepast dat het aansluit op het nieuwe verkavelingsplan waarbij o.a. de ontsluiting van het transportbedrijf niet aan de westzijde maar aan de noordzijde is komen te liggen en het hele plangebied met houtsingels is omkaderd. • Onderzoek: Daar waar nodig is het onderzoek geactualiseerd en zijn de resultaten daarvan verwerkt. Dit betreft achteraf alleen het onderzoek naar stikstofdepositie op basis van de nieuwste AERIUS-calculator (2022).
Het onderzoek naar Geur is achteraf niet nodig gebleken. Toelichting: • Paragraaf 2.2 Toegevoegd is een onderbouwing waarom voor de locatie Vennewatersweg 18 is gekozen en waarom deze locatie geschikt is. Tevens is een nieuwe verkaveling toegevoegd; • Paragraaf 3.2 Toegevoegd is een paragraaf m.b.t. Bijzonder Provinciaal Landschap en de ligging van het plangebied ten opzichte daarvan; • Paragraaf 4.1.1 Toegevoegd is een conclusie ten aanzien van de impact van het voornemen op cultuurhistorie en landschap; • Paragraaf 4.3 Resultaten nieuw onderzoek naar stikstofdepositie zijn verwerkt; • Paragraaf 4.8 Tekstuele wijziging onder het kopje ‘Situatie plangebied’; zuidwesten is gewijzigd naar zuidoosten; • Paragraaf 4.11 Nieuwe balans; • Paragraaf 4.13 Opgenomen is de constatering dat er geen kabels en leidingen in het gebied vallen en ook geen belemmeringsstroken; • Paragraaf 6.2.2. Toegevoegd dat is besloten de stap van het voorontwerp bestemmingsplan over te slaan; • Paragraaf 6.2 Toegevoegd een stuk tekst over participatie en inspraak.
Planregels: • Begrip ‘bedrijf’ toegevoegd; • Begrip ‘transportbedrijf’ toegevoegd; • Begrip ‘houtsingel’ toegevoegd. Verbeelding: • Aangepast op nieuwe verkaveling; • Bouwvlakken opgeknipt; • Plangrens westzijde verschoven richting oosten zodanig dat het plangebied aan deze zijde buiten Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) valt; • Plangrens noordzijde verschoven zodat strook die binnen bestemmingsplan Zandzoom valt binnen het plangebied valt; • Functieaanduidingen ‘specifieke vorm van bedrijf - bestaand bijgebouw’ toegevoegd; • Functieaanduiding ‘water’ toegevoegd; • Extra bestemming ‘Groen’ t.b.v.. houtsingel opgenomen aan de noordzijde tussen bedrijfswoningen en bedrijfsbebouwing. Bijlagen bij toelichting: • Bijlage 7 Geuronderzoek is verwijderd; • Nieuwste onderzoek naar stikstofdepositie is toegevoegd; 4. Eindconclusie Het ontwerpbestemmingsplan heeft vanaf 28 april 2022 t/m 8 juni 2022 gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegen. Er zijn vijf zienswijzen ingediend. De ingediende zienswijzen hebben direct dan wel indirect en tezamen met gewenste ambtshalve wijzigingen geleid tot aanpassingen in het plan, o.a. tot een nieuw verkavelingsplan, een update van de tekst in de toelichting en de actualisatie van de Aerius-berekening. Eén en ander leidt tot een gewijzigde vaststelling door de raad.