Bijlage 3.Verslag bewonersbijeenkomst. docx.docx.pdf
Tekst van het document
Bijlage 3.Bewonersbijeenkomst van 20 september 2022 Tijdens de bijeenkomst van 20 september 2022 met de bewoners zijn vragen beantwoord. Daarnaast hebben de inwoners de gelegenheid gekregen om hun opmerkingen bij de zes thema’s te zetten op de flipovers. Bovenstaande opmerkingen annex onderwerpen zullen een plaats krijgen in het groenbeleidsplan in zoverre indien zij relevant zijn. Zij worden beschouwd als uitgangspunten in het Groenbeleidsplan. Identiteit Bomen bepalen de identiteit van de gemeente en in het Groenbeleidsplan zullen doelstellingen worden aangegeven die het behoud en ontwikkeling van bomen nastreven. In principe is het de bedoeling om de bomen gemiddeld 80 jaar oud laten worden. Dit hangt grotendeels samen met de locatie en de boomsoort. Dit is echter niet altijd mogelijk door stedelijke vernieuwing, ziekten etc. Ook hebben sommige bomen zoals prunussen een beperkte levensverwachting. • Variatie in het boombestand geeft een mooier beeld qua bloemrijkheid, bladkleur etc. Daarnaast voorkomt het de verspreiding van ziekten. Het aanbrengen van vaste planten draagt bij aan de beeldkwaliteit en de biodiversiteit. • Het is van belang dat er een goede uitgangssituatie voor het planten en zaaien. Het Handboek Bomen is hiervoor richtinggevend. • De bomen in de gemeente zijn in het algemeen vrij uitgroeiende bomen.
Dit betekent dat snoei beperkt blijft tot onderhouds-snoei zoals beschreven in Het handboek Bomen, dat als basis dient voor het beheer en onderhoud van bomen. Uitzonderingen zijn bomen zoals knotwilgen en leilindes die door hun specifieke eigenschappen regelmatig gesnoeid moeten worden. In uitzonderlijke gevallen is in het verleden besloten tot kandelaberen om overlast tegen te gaan. • Het Rijk heeft als doelstelling aangegeven om 1% extra per jaar per gemeente bomen te planten. Dit is een duidelijke doelstelling die, naar verwachting, zal worden opgenomen in het Groenbeleidsplan. De beslissing hierover berust bij de gemeenteraad. • De doelstelling van 1% extra bomen per jaar kan betekenen een netto toename van het aantal geregistreerde bomen. Dit zijn de bomen die geïnspecteerd worden en die langs lanen en wegen staan. • Groenbeleid is beleid voor de lange termijn. Wel zal dit beleid afgewogen worden met andere beleidsdoelstellingen van de gemeente. •
Gezondheid Groen draagt bij aan de gezondheid doordat groen het welbevinden van bewoners verhoogt. Daarnaast neemt groen fijnstof op en zorgt voor schaduw. Het streven is dus om meer groen toe te passen om de gezondheid positief te beïnvloeden. Daarnaast onderschrijven wij dit belang door middel van communicatie goed onder de aandacht te brengen. • Wij onderschrijven het belang van wandelroutes om mensen in contact met de natuur en het groen te brengen. Ook nieuwe wandel- en fietsroutes moeten aansluiten op bestaande wandel- en fietsroutes. De wandelroutes op het GGZ-terrein zijn de verantwoordelijkheid van de GGZ. • Het aanbrengen van sporttoestellen wordt afgewogen met het realiseren van andere functies en het te verwachten gebruik van deze toestellen. • Vergroening van schoolpleinen wordt meegenomen in het Groenbeleidsplan. • Wij vinden het van groot belang dat kinderen educatie ontvangen over natuur en groen. Natuurbeschermingsorganisaties zoals Natuurmonumenten kunnen hierbij een belangrijke rol spelen. •
Biodiversiteit In de hoofdstructuur van de gemeente zullen, voor zover mogelijk, inheemse soorten worden gebruikt. Op wijkniveau wordt meer gestreefd naar variatie en dit kan beteken dat ook uitheemse soorten worden aangeplant. Wel is het van belang te onderkennen dat
•
•
•
•
•
•
•
•
•
veel ‘inheemse’ soorten, bijvoorbeeld iepen al veel genenmateriaal bezitten dat afkomstig is van niet-inheemse soorten. Bij aanplant dienen soorten te worden gebruikt die kunnen bijdragen aan de biodiversiteit en aan een diverse en mooie beeldkwaliteit. Dit kunnen zowel inheemse als uitheemse soorten zijn. Het gebruik van vaste planten en de keuze daarin kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan de biodiversiteit. Een voorbeeld is hierbij bijvoorbeeld de vlinderstruik die uitheems is maar zeer gewaardeerd wordt om zijn bloeiwijze, droogtebestendigheid en zijn aantrekkelijkheid voor vlinders. Exoten zoals de Japanse Duizendknoop dienen effectief te worden bestreden. Ook draagt extensief maaibeheer bij aan meer (bio)diversiteit. Er wordt gestreefd naar groen dat er mooi en verzorgd uitziet maar ook een hoge waarde heeft voor de biodiversiteit. Bosplantsoen en heesters hebben inderdaad een belangrijke functie voor vogels en egels en deze dienen in beginsel behouden te blijven. Het beheer en de inrichting van de openbare ruimte is positief veranderd in de afgelopen jaren. Het bermen- en gazonbeheer is op een aantal plaatsen geëxtensiveerd (later maaien) ten behoeve van de biodiversiteit en een aantal percelen worden ecologisch gemaaid op basis van kleurkeur.
Bij de inrichting worden meer vaste planten gebruikt, die ook een bijdrage leveren aan de biodiversiteit, en weinig onderhoud nodig hebben. Het planten van fruitbomen is locatieafhankelijk. Het planten van fruitbomen in straten is niet gewenst gezien vallend fruit. Zij kunnen wel toegepast worden in plantsoenen en kunnen dan een goede functie hebben als voedselbron voor bijen, vlinders en vogels. Het belang van een voedselbos met betrekking tot gezonde voeding en betrokkenheid bij de natuurlijke leefomgeving wordt onderschreven. De rol van de gemeente beperkt zich echter tot advisering en communicatie. De uitvoering zal bij derden dienen te berusten. Natuur-inclusief bouwen is een goede mogelijkheid om de natuurkwaliteit te verhogen. Het is van belang om in de bebouwde omgeving voorzieningen aan te brengen in gebouwen of rondom gebouwen die de biodiversiteit bevorderen. Denk hierbij aan voorzieningen voor gierzwaluwen, oeverzwaluwen, mussen, vleermuizen, enz. Natuurmonitoring is een belangrijke basis voor het beleid. Soms is het noodzakelijk om gebruik te maken van specifiek onderzoek. Inschakeling van vrijwillige groepen kan ook zeer nuttig zijn. Inrichting en beheer hangen samen. Wel is het van belang te onderkennen dat grondsoort een bepalend factor kan zijn bij het beeld dat bij een bepaald beheer kan ontstaan.
Op rijke gronden kan dit betekenen dat het lang duurt voordat een eindbeeld ontstaat en dat op de weg daar naartoe meer kruiden tot ontwikkeling komen die als ongewenst worden beschouwd. Het beeld dat ontstaat na de bloei van bloemrijk grasland zoals uitgebloeide aren en zaaddozen is een onderdeel van bloemrijk grasland van de late zomer en najaar. De gemeente onderschrijft het belang van educatie over natuur en bomen.
Thema 4: Klimaatbestendigheid Wettelijk gezien dient de gemeente te zorgen voor voldoende opslagcapaciteit van water. Dit kan gebeuren door het aanleggen van waterpartijen zoals vijvers en de ontwikkeling van wadi’s en greppelstructuren, ook bij nieuwe wijken. Ook kan door meer groen en minder tegels de infiltratie worden vergroot. • Vergroening van tuinen gebeurt op vrijwillige basis. Wel ondersteunt de gemeente initiatieven hiertoe. Denk aan het initiatief ‘tegelwippen’. • Het toepassen van waterdoorlatende bestrating heeft onze aandacht. De toepassing is echter locatieafhankelijk en hangt onder meer samen met de toetreding van zonlicht. • Bij de aanplant van bomen en struiken wordt gekeken naar droogteresistentie. • Het toepassen van voldoende groen in bouwlocaties heeft onze aandacht in het Groenbeleidsplan. In het in ontwikkeling zijnde Handboek Inrichting Openbare Ruimte worden ook hierin richtlijnen opgenomen. •
Thema 5: Groen- en ecologische structuren
•
• •
•
De ecologische structuur zal, voor zover mogelijk, aansluiten op groenstructuren in de regio. Een kaart met deze aanduiding wordt opgenomen in het Groenbeleidsplan. Daarnaast heeft behoud en ontwikkeling van oeververbindingen een positieve invloed op flora en fauna. Dit geldt ook voor vissen. Het Hoogheemraadschap is hiervoor als kernbeheerder van waterlopen verantwoordelijk en is van knelpunten op het gebied van vismigratie op de hoogte. Aan sommige doelsoorten wordt extra aandacht besteed zoals bijen en vlinders. De vergroening van de randzone van Heiloo, ook bij Zandzoom, zal in afweging met andere functies plaatsvinden. Behoud van bestaande groenstructuren in nieuwbouwwijken is gewenst en wordt nagestreefd. Een voorbeeld hiervan is het behoud van elzenwallen in Zuiderloo. Wel zal altijd de afweging plaatsvinden met andere functies. Er zijn in de gemeente Heiloo gebieden aangewezen die verboden zijn voor loslopende honden zoals het meest westelijk gedeelte van de Noorderneg. Wij zullen aan dit onderwerp aandacht besteden in het Groenbeleidsplan.
Thema 6: Groenadoptie • Op dit moment worden bij groenadoptie contracten afgesloten tussen de gemeente en de initiatiefnemer. Dit geeft duidelijkheid tussen de beide partijen. • De gemeente vindt het van groot belang om bij nieuwe groenontwikkelingen de bewoners mee te nemen. Dit kunnen ook kinderen en ouders betreffen. • Groenbeleid is beleid voor de lange termijn. Wel zal dit beleid afgewogen worden met andere beleidsdoelstellingen van de gemeente.