bijlage 3 AB-RAUM Financieel advies bijdragen BB.pdf
Tekst van het document
Bijlage: Financieel advies dekking bijdragen bestuursbureau In de vergadering van het AB-RAUM (7 juli 2021) is afgesproken dat bij de schriftelijke afhandeling van de ABvoorstellen “Bestuursbureau” en de “Organisatieverordening” een financieel advies wordt bijgevoegd. Daarin worden de effecten gepresenteerd van de verschillende mogelijkheden om de jaarlijkse bijdragen aan het bestuursbureau te dekken. Verdeelsleutel recreatieschappen De gekozen verdeelsleutel voor het bestuursbureau is dezelfde verdeelsleutel die ook gehanteerd wordt voor de verdeling van de kosten voor de gezamenlijke werkzaamheden. De verdeelsleutel is gebaseerd op de omzet per schap. Een recreatieschap waarin sprake is van veel omzet (bijvoorbeeld Spaarnwoude) vraagt meer aandacht van de uitvoeringsorganisatie en de bestuurlijke ondersteuning dan een recreatieschap waar minder omzet is (bijvoorbeeld Twiske Waterland). Dat komt onder andere tot uiting in meer bestuursvoorstellen voor Spaarnwoude en in meer vergaderingen dan bij de andere schappen. Voor het RAUM bedragen de kosten in 2022 € 28.878. Dekking kosten RAUM De jaarlijkse bijdragen aan het bestuursbureau per participant zijn: PNH
€
13.913
Zaanstad Alkmaar Castricum Uitgeest Beverwijk Heemskerk Heiloo
€ € € € € € € €
6.702 2.008 1.470 1.470 1.216 820 679 28.278
€ €
22.622 5.656
Mutaties reserves (standen per 31-12) Algemene reserve Bestemmingsreserve Totaal
2021 44.043 330.412 374.455
Totaal verdeling conform begroting: A-UM (80%) IJ-Z (20%) 2022 67.365 -2.172 65.193
2023 69.466 13.848 83.314
2024 71.596 11.356 82.952
In de vergadering van het algemeen bestuur van 7 juli is voorgesteld de onvoorziene kosten in 2022 te dekken uit de reserves. Dat is mogelijk omdat het resultaat voor 2022 is begroot op € 65.193 positief. Dat impliceert dat het resultaat afneemt tot € 36.915 (positief). Het lagere positieve resultaat betekent een lagere toevoeging aan de reserves. Deze aanpassing van de begroting wordt via de Begrotingswijziging 2022 aan u voorgelegd met de mogelijkheid voor het indienen van een zienswijze. Voor de jaren 2023 en verder dient een structurele oplossing te worden gezocht omdat het structureel dekken van de extra kosten vanuit de reserves niet is toegestaan. Daarvoor zijn diverse opties mogelijk: 1.
De jaarlijkse bijdragen dienen te worden opgevangen binnen de meerjarenbegroting. Dat kan op twee manieren:
2025 73.752 1.505 75.257
a. De bijdragen aan het bestuursbureau worden via de begrotingswijziging in 2022 structureel als extra kosten opgevoerd. Daarvoor is positieve ruimte aanwezig in de meerjarenraming. Zie de tabel (“Mutaties reserves (standen per 31-12)) met de begrote positieve saldi t/m 2025. Het nadeel is dat de geraamde positieve saldi lager worden. Dat gaat uiteindelijk ten laste van de opbouw van de reserves voor het gebiedsdeel A-UM. Rekening houdend met de noodzakelijke investeringen en het uitvoeringsprogramma is dit nadelig. + positieve ruimte in de saldi aanwezig + geen zienswijze nodig -- nadelig voor het deel A-UM i.v.m. jaarlijkse verlaging van het positieve exploitatiesaldi en daarmee voor de opbouw van de reserves. Met het oog op de toekomstige onderhoudsinvesteringen en het UP is het noodzakelijk zo veel als mogelijk de reserves in AUM te versterken dan wel in ieder geval op peil te houden. b.
2.
De bijdragen aan het bestuursbureau worden via de begrotingswijziging in 2022 structureel in de begroting gedekt door bezuinigingen ten laste van andere begrotingsposten. Daarmee blijven de positieve begrotingssaldi gelijk en daarmee de noodzakelijke opbouw van de reserves. Daarentegen leiden de bezuinigingen tot een lager onderhouds- en uitvoeringsniveau. + positieve ruimte in de exploitatiesaldi blijft aanwezig en indirect gunstig voor de opbouw van de reserves + geen zienswijze nodig -- Nadelig voor het als het gaat om het gewenste kwaliteitsniveau van beheer en uitvoering omdat de budgettaire marges krap zijn.
De jaarlijkse bijdragen worden vanaf 2023 door de participanten betaald middels een verhoging van de participantenbijdrage. Dat vraagt een zienswijze van de gemeenteraden en Provinciale Staten bij de jaarstukken (voorjaar 2022). + (meer)jarenbegroting blijft intact alsmede de reserves en de begrote opbouw - vraagt verhoging van de participantenbijdrage en zienswijzeprocedure
3.
Als alternatief kan worden voorgesteld een definitief besluit te nemen bij het vaststellen van de begroting 2023. Op basis van het dan bekend zijnde uitvoeringsprogramma RAUM (zowel A-UM als IJZ) kan een meer volledig meerjarenbeeld worden geschetst. Dan gaat het om de combinatie van het Uitvoeringsprogramma RAUM (Visie 2030) in directe samenhang met de locatie-ontwikkelingen en het gewenste niveau van (groot) onderhoud en investeringen zoals uiteengezet in het Financieel Perspectief (besluit AB 2-12-2020).
Advies De bijdragen voor 2022 ten laste van de reserves (Begrotingswijziging 2022) en voor 2023 en verder besluiten bij de conceptbegroting 2023 en de meerjarenraming 2024-2027 (optie 3).
Behandelaar Afdeling Programmasturing en Vastgoed, Peter Jaap Don,
2