Bijlage 24 Memo Stikstofonderzoek (23 november 2023)
Tekst van het document
Langelaar Milieuadvies Herman Broodstraat 127 9403BM Assen
Telefoon: (06) 121 99 804 E-mailadres: info@langelaarmilieuadvies.nl
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom Heiloo 23108.01 versie 2
Behandeld door: Ing. M.D. Langelaar Opdrachtgever : Gemeente Heiloo t.a.v. dhr. R. Wiersum Raadhuisplein 1 1851 JL Heiloo 23 11-2023
Inhoudsopgave 1
2
3
4
5
Inleiding
3
Doel van het onderzoek
4
Wet en regelgeving Natura 2000 & stikstof
5
Onderzoeksopzet
5
Emissies gebruiksfase
6
Wegverkeer
6
Huishoudens
8
Rechtstreekse, onlosmakelijke gevolgen van het plan
9
Feitelijk gebruik
9
planologische situatie
10
Berekening van de ammoniak emissie naar de lucht door bemesting
10
de inzet van (landbouw) werktuigen op de percelen (bv. met een tractor)
17
gasverbruik bij tuindersbedrijven en andere bedrijven
18
Ponystal manege JolaHoeve
19
Aerius berekeningen
20
Uitgangspunten
20
Rekenjaar
20
Rekenresultaten gebruiksfase
21
Conclusies
23
bijlagen Bijlage 1:
rapportage AERIUS Calculator gebruiksfase vs. referentiesituatie AERIUS_projectberekening_20231123094850_relevantetoenameRPdSNkeApkXf.pdf
2
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
1
Inleiding
In opdracht van de gemeente Heiloo heeft Langelaar Milieuadvies onderzoek verricht naar de stikstofdepositie op nabijgelegen kwetsbare natuurgebieden ten gevolge van het bestemmingsplan Zandzoom. Het bestemmingsplan Zandzoom maakt maximaal 1.278 woningen (waarvan 5 sloop/nieuwbouw) mogelijk. Het gebied Zandzoom ten zuiden van de kern Heiloo is een vrij open en groen ingericht gebied. Het bestaat uit lintbebouwing te midden van weilanden, wat kleinschalige bedrijvigheid en wat clusters van woningen. Dit gebied wordt getransformeerd naar de gebiedsontwikkeling 'Zandzoom'. Het plangebied Zandzoom, betreft het gebied ten zuiden van de kern Heiloo. Het gebied wordt globaal gezien begrensd door de Vennewatersweg, de golfbaan, de gemeentegrens met Castricum en het landelijk gebied. Het bestemmingsplan ‘Zandzoom’ voorziet in de ontwikkeling van 1.273 nieuwe woningen (en 5 sloop/nieuwbouw woningen). Het plangebied Zandzoom betreft het gebied dat globaal is gelegen tussen de Vennewatersweg aan de noordzijde en de grens met de gemeente Castricum aan de zuidzijde. Aan de westzijde bevindt zich een deel van het landelijk gebied van Heiloo en aan de Oostzijde bevindt zicht het golfterrein. Het gebied kent voornamelijk een agrarische functie (kassen, bollenteelt, grasland). Een bestemmingsplanherziening is nodig om de woningen planologisch mogelijk te maken.
Op de onderstaande afbeelding is het plangebied weergegeven.
Figuur 1 Luchtfoto plangebied (rood omlijnd) 3
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
Het plangebied ligt op tenminste 1,7 kilometer km afstand van stikstofgevoelige habitats en/of leefgebieden in Natura 2000-gebied “Noord-Hollands Duinreservaat”. In figuur 2 zijn de projectlocatie en het Natura 2000-gebied zwart omlijnd weergegeven. De stikstofgevoelige habitats en leefgebieden zijn paars en roze gekleurd. De overige delen van het Natura 2000-gebied zijn geel gekleurd.
Figuur 2 ligging plangebied t.o.v. Natura 2000 (bron: AERIUS Calculator)
DOEL VAN HET ONDERZOEK In het kader van de Wet Natuurbescherming moet uitgesloten worden dat significante negatieve effecten kunnen optreden in Natura 2000-gebieden. Stikstofdepositie kan verslechterende gevolgen hebben voor stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden waarvoor een Natura 2000-gebied is aangewezen. Deze gevolgen kunnen significant zijn wanneer een plan, project of andere handeling leidt tot een toename van stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden die reeds overbelast zijn. Het voorliggende onderzoek stikstofdepositie heeft tot doel de NOx (stikstof) en NH3 (ammoniak) emissies naar de lucht door het voornemen inzichtelijk te maken en de toename van stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden te berekenen. Het onderzoek wordt afgesloten met conclusies waarbij duidelijk wordt of in het kader van de Wet Natuurbescherming significante effecten uitgesloten kunnen worden, dan wel een nader (ecologisch) onderzoek nodig is.
4
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
WET EN REGELGEVING NATURA 2000 & STIKSTOF In Nederland zijn 166 Natura 2000-gebieden aangewezen. Dit zijn gebieden met een Europese beschermingsstatus. Veel van die gebieden zijn (ook) gevoelig voor stikstofdepositie. Een verdere toename van de stikstofdepositie kan leiden tot ‘significante effecten’ op de instandhoudingsdoelstellingen van de Natura 2000-gebieden. Voor plannen geldt op grond van artikel 2.7 lid 1 van de Wet natuurbescherming dat bepalend is of het significante gevolgen kan hebben voor een (of meer) Natura 2000-gebied(en). Is dat het geval, dan geldt dat het bestuursorgaan bij de vaststelling van een plan met toepassing van artikel 2.8 Wnb een passende beoordeling dient te maken. Voor het onderhavige plan is onderzocht of er sprake kan zijn van een significante depositie van stikstof op relevante delen van Natura 2000-gebieden. Op basis van de berekende NOx- en ammoniakemissies die het gevolg zijn van de met het bestemmingsplan mogelijk gemaakte ontwikkelingen wordt met een verspreidingsmodel de stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitats en leefgebieden in Natura 2000-gebieden berekend. Depositieberekeningen worden uitgevoerd met de meest recente versie van AERIUS Calculator versie 2023.0.1. Elke depositiebijdrage op een door stikstof overbelaste locatie in een Natura 2000-gebied – eventueel na saldering- is in potentie een significant effect.
Een kwalitatieve ecologische beoordeling kan uitwijzen of de depositiebijdrage leidt tot significant negatieve effecten. AERIUS Calculator 2023.0.1 geeft informatie over de actuele stikstofdepositie en kritische depositiewaarde (kdw) van stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden in de Natura 2000gebieden. Ook geeft het inzicht of een depositiebijdrage optreedt op reeds (bijna) overbelast delen van een stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden. Het RIVM heeft op 3 november 2023 geconstateerd dat in de actualisatie van AERIUS Calculator 2023 dd. 5 oktober 2023 onjuiste bronkenmerken voor mobiele werktuigen en railverkeer zijn toegepast. Op maandag 6 november is dit in AERIUS Calculator 2023.0.1 gecorrigeerd. Vanwege deze recentelijke problemen met de 2023 versie van het rekenmodel AERIUS Calculator ziet het onderzoek vooralsnog toe op de depositie tijdens gebruiksfase en de referentiesituatie. De aanleg- en bouwfase wordt op een later moment toegevoegd aan het onderzoek. Het is vooralsnog de verwachting dat de aanleg- en bouwfase niet zullen leiden tot een negatief beeld ten opzichte van de gebruiksfase.
ONDERZOEKSOPZET In dit onderzoek is achtereenvolgens onderzocht: - de NOX en NH3 emissies gedurende de gebruiksfase - de NOX en NH3 emissies gedurende de referentiesituatie - een berekening van de depositie met AERIUS Calculator.
5
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
2
Emissies gebruiksfase WEGVERKEER De doorrekening van het verkeer en de verkeersstromen zijn bepaald conform de “Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2023”, (versie 1 ; oktober 2023) (hierna: “instructie”). Een algemeen criterium voor verkeer van en naar inrichtingen is dat de gevolgen niet meer aan de inrichting worden toegerekend wanneer het verkeer is opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Hierbij worden 2 situaties onderscheiden, projecten met of zonder netwerkeffect. Grote woningbouwplannen (zoals het onderhavige project), Infrastructurele projecten of projecten die ook aanpassingen aan de infrastructuur vereisen, leiden veelal tot netwerkeffecten. Deze worden met een verkeersmodel bepaald. Als gevolg van netwerkeffecten kunnen er nog ver buiten het plangebied gevolgen zijn voor de routering van het verkeer. De gemeente Heiloo heeft Goudappel een verkeersonderzoek laten op te stellen, waarin – kort samengevat – in kaart wordt gebracht wat de verkeerseffecten van de ontwikkeling van 1.273 toe te voegen woningen in het plangebied Zandzoom zijn op het plangebied en het omliggende gebied.
Figuur 3 onderzochte wegen
Goudappel heeft ter uitvoering van deze onderzoeksvraag op 20 november 2023 de notitie ‘verkeersparagraaf bestemmingsplan Zandzoom’, met kenmerk: 014320.20230504.R1.04 opgesteld. Vanuit het perspectief van bereikbaarheid geniet de ontsluiting van Zandzoom via de Kennemerstraatweg en de Lagelaan naar de nieuwe aansluiting op de A9 de voorkeur. Voor het plan van de nieuwe aansluiting op de A9 wordt op dit moment gewerkt aan het stikstofonderzoek. Daar valt de het plan van de nieuwe aansluiting op de A9 buiten de reikwijdte van het bestemmingsplan Zandzoom. Uit het onderzoek van Goudappel blijkt dat Zandzoom zonder nieuwe aansluiting op de A9 te realiseren is. Zonder de uitvoering van de A9-aansluiting en de bijbehorende maatregelen zullen de bestaande verkeersproblemen op het wegennet van Heiloo wel verder verergeren, en zullen er nieuwe problemen ontstaan als gevolg van de Zandzoom-ontwikkelingen. Door het implementeren van aanvullende maatregelen worden de nadelige gevolgen van de Zandzoom-woningbouwontwikkeling gedeeltelijk verminderd en gedeeltelijk tenietgedaan. 6
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
De te nemen maatregelen zijn beschreven in de rapportage van Goudappel. Met het treffen van deze maatregelen is het plan verkeerskundig inpasbaar en wordt voldaan aan de vereisten van een goede ruimtelijke ordening. De volgende twee verkeersscenario’s zijn gebruikt bij dit stikstofdepositie onderzoek. - Het eerste scenario is de autonome situatie. In de rapportage van Goudappel wordt dit beschreven als: “In feite de bestaande (verkeers-)situatie samen met de gevolgen van de zogenaamde autonome ontwikkeling(en). Autonome ontwikkelingen zijn de gevolgen van de realisatie van vastgesteld overheidsbeleid”. - Het tweede scenario is de plansituatie. In de rapportage van Goudappel wordt dit beschreven als de (verkeers-)situatie waarbij de woningen die door het bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt, gereed en in gebruik zijn”. Op basis van een vergelijking tussen de gegevens die het verkeersmodel genereert voor beide scenario’s is een selectie van wegvakken worden gemaakt waarbij de verkeersgeneratie toeneemt dan wel afneemt ten gevolge van het plan Zandzoom t.o.v. Het verschil tussen het verkeersscenario met de autonome situatie en het verkeersscenario met de plansituatie maakt per wegvak de verkeersgeneratie ten gevolge van het plan (inclusief netwerkeffecten) inzichtelijk onderverdeeld in lichte, middelzware en zware voertuigen.
Het is vaste jurisprudentie van de Afdeling dat verkeersmodellen noodzakelijkerwijs uit de aard van de zaak altijd een abstractie van de te verwachten werkelijkheid weergeven en dat de validiteit van een model, zoals het NRM, pas wordt aangetast wanneer de uitkomsten te zeer afwijken van de redelijkerwijs te verwachten werkelijkheid1 . Er zijn wegvakken meegenomen met wijzigingen in de verkeersintensiteiten die met een bepaalde betrouwbaarheid aan het plan Zandzoom zijn toe te rekenen, gegeven de onzekerheden in het gehanteerde verkeersmodel. Goudappel geeft in haar rapportage aan dat de onzekerheidsmarge van het regionaal verkeersmodel dat zij hanteert 100 motorvoertuigen per etmaal is. Dit wordt beschouwd als de onzekerheid waarover het verkeersmodel nog een reële uitspraak kan doen, daaronder kan niet meer gesproken worden over een betekenisvol projecteffect. Door uit te gaan van 100 motorvoertuigen wordt uitgegaan van de uiterste grens van significante analyses. Het studiegebied van het stikstofonderzoek bevat ook wegvakken die geen deel uit maken van het regionaal verkeersmodel, maar afkomstig zijn uit een minder gedetailleerd model, nl. het NRM.
Voor deze wegvakken is conform de handreiking “MIRT/mer Voorbereiding, verkenning en planning & studies (mei 2023)” en jurisprudentie (Via15 uitspraak) uitgegaan van 500 motorvoertuigen als uiterste grens van significante analyses. Dit wordt beschouwd als kleinste delta (het verschil tussen de situatie zonder en met maatregel) waarover het NRM nog een reële uitspraak kan doen, daaronder kan niet meer gesproken worden over een betekenisvol projecteffect.
1
AbRS 20 januari 2021, ECLI:NL:RVS:2021:105. 7
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
Er zijn 369 wegvakken in en in de omgeving van het plangebied “Zandzoom” die ten gevolge van het plan een betekenisvol projecteffect ondervinden, waarvan 347 met een toename en 22 met een afname van verkeer. In de onderstaande afbeeldingen en de AERIUS rapportage bij dit onderzoek zijn alle wegvakken met een betekenisvol projecteffect opgenomen. Omdat AERIUS Calculator niet met negatieve verkeersaantallen kan omgaan, zijn verkeersafnames gemodelleerd bij ‘referentiesituatie”. Dit heeft rekenkundig hetzelfde effect als een negatief getal bij “planscenario”. HUISHOUDENS NOx: In de instructie staat : nieuwbouwwoningen worden standaard niet meer op het gasnet aangesloten. Deze woningen hebben dus in beginsel geen NOx-emissie meer. Ook in het geval van woningen met stadverwarming zal er geen sprake zijn van NOx-emissie uit de woningen”. “Cijfers voor NOx van verschillende typen woningen zijn afgeleid uit het gasgebruik voor verwarming, warm water en koken. Bij gasloze woningen kan meestal een emissiefactor van 0 gehanteerd worden. Uitzondering hierop zijn de woningen waar een aparte energiebron wordt gerealiseerd”. De bovengenoemde uitzondering is niet aan de orde. De woningen krijgen geen aardgasaansluiting of rookkanaal voor een (sfeer-)haard. Er is gerekend met een NOx-emissie door huishoudens van 0,0 kg/jaar.
NH3: Conform de instructie hoeft voor woningen binnen de sector wonen en werken geen NH3 emissie berekend te worden.
8
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
3
Rechtstreekse, onlosmakelijke gevolgen van het plan De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft eerder geoordeeld dat voor de beoordeling van de gevolgen van een plan voor Natura 2000-gebied alle samenhangende gevolgen dienen te worden betrokken, zoals bijvoorbeeld AbRS 23 maart 2016 , r.o. 27.4 (Randweg Haps2) waarbij werd geconcludeerd dat “De raad daarbij terecht ook de positieve gevolgen van de aanleg van de randweg als gevolg van het feitelijk verdwijnen van landbouwgronden heeft betrokken. Het betreft in dit geval een rechtstreeks, onlosmakelijk gevolg van het plan, nu de weg ter plaatse van deze gronden zal worden aangelegd en deze gronden zodoende niet meer agrarisch kunnen worden gebruikt.”; Het is vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat bij bestemmingsplannen als referentiesituatie, voor wat betreft het aspect stikstof, de huidige feitelijk aanwezige, planologisch legale situatie voorafgaand aan de vaststelling van het plan gehanteerd moet worden. Daarnaast accepteert de Afdeling twee uitzonderingen: 1. Als op een eerder moment een passende beoordeling is uitgevoerd. 2. Als met bewijzen kan worden aangetoond dat het gebruik is gestopt vanwege de met het plan mogelijk gemaakte ontwikkelingen (201908558/1/R4). FEITELIJK GEBRUIK
Bedrijvigheid: In het plangebied is een groot aantal agrarische bedrijven en een aantal aan de agrarische sector gelieerde bedrijven aanwezig. Het gaat daarbij om bollen- en tuindersbedrijven in het gebied op de strandwal en veeteeltbedrijven in het gebied ten westen van de spoorlijn. De meeste van deze bedrijven zullen door de geplande activiteiten hun functie verliezen, of hebben dit reeds (deels) gedaan. Naast deze agrarische (gelieerde) bedrijvigheid is in het plangebied nog een aantal nietagrarische bedrijven aanwezig. Grondgebruik: De gronden binnen het ontwikkelgebied hebben voornamelijk een agrarische functie: de teelt van bloemen en bloembollen en weiland. De meeste van deze percelen zullen door de geplande activiteiten hun functie verliezen, of hebben dit reeds gedaan. In dit stikstofonderzoek zijn aan de hand van informatie van boeren, tuinders en overige bedrijven in het plangebied de volgende emissies die onderdeel uitmaken van de referentiesituatie onderzocht: - Bemesting van agrarische percelen - de inzet van mobiele werktuigen op de percelen (bv. met een tractor) - gasverbruik bij tuindersbedrijven en andere bedrijven. NB: De inventarisatie van de agrarische percelen heeft betrekking op 2021-2022. Aangezien het bestemmingsplan pas in 2024 wordt vastgesteld, wordt dit onderdeel nog geactualiseerd met gegevens over 2022-2023.
Bij deze actualisatie wordt het onderdeel ‘bemesting’ tevens nader uitgewerkt en voorzien van bewijsstukken.
2
https://www.raadvanstate.nl/@103389/201406796-1-r3/ 9
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
PLANOLOGISCHE SITUATIE
Allereerst is de planologische situatie in beeld gebracht. Voor het plangebied gelden, tot de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan, de ruimtelijke plannen zoals weergegeven in de volgende tabel.
Figuur 4 tabel meet vigerende ruimtelijke plannen
Agrarisch gebruik van percelen, waaronder de teelt van bloemen en bloembollen en grasland, en activiteiten van van o.a. bollen- en tuindersbedrijven is -al dan niet via het overgangsrechttoegestaan op grond van de vigerende plannen.
BEREKENING VAN DE AMMONIAK EMISSIE NAAR DE LUCHT DOOR BEMESTING
Op basis van aangeleverde gegevens van boeren en tuinders in het plangebied, zijn 62 percelen onderscheiden met een agrarisch gebruik en bemesting maar dit vanwege het voorgenomen plan zullen of reeds hebben beëindigd. De percelen zijn onderscheiden op basis van de perceelsgrenzen uit de BRP gewaspercelenkaart3. Alleen het deel van een perceel dat binnen de plangrenzen ligt is beschouwd in dit onderzoek.
Figuur 5 kaart met bemeste agrarische percelen die tot de referentiesituatie behoren 3
https://www.arcgis.com/apps/mapviewer/index.html?layers=511cab62c75e420d9c1cef4e10c34c5c 10
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
3.3.1 Bodemtype Volgens het uitvoeringsbesluit meststoffenwet is er in het plangebied hoofzakelijk sprake van
de grondsoort ‘zand’. Alleen in de noordwesthoek van het plangebied zijn twee agrarische percelen die de grondsoort “klei” hebben.
Figuur 6 grondsoortenkaart meststoffenbesluit
11
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
3.3.2 Stikstofgebruiksnormen voorkomende gewassen
Het onderstaande overzicht toont de geldende stikstof gebruiksnormen van RVO4. In dit onderzoek is voor het grasland uitgegaan van de stikstofgebruiksnormen voor “grasland met volledig maaien” aangezien het grasland niet beweid wordt.
Figuur 7 RVO stikstofgebruiksnormen
4
https://www.rvo.nl/sites/default/files/2023-02/Tabel-2-Stikstof-landbouwgrond-2023.pdf 12
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
3.3.3 Derogatie dierlijke bemesten t.o.v. de nitraatrichtlijn
Op gras- en bouwland mag volgens de Nitraatrichtlijn slechts 170 kilogram stikstof (Ntot) in de vorm van dierlijke mest per hectare per jaar worden toegediend. De Europese Commissie (EC) heeft Nederland derogatie verleend voor de hoeveelheid stikstof uit dierlijke mest die op het land uitgereden mag worden. Met een derogatievergunning mag er meer mest wordt gebruikt op door graasdierbedrijven bij minstens 80% gras. De Europese Commissie (EC) heeft op 30 september 2022 een nieuwe derogatiebeschikking afgegeven. De Europese Commissie bouwt de derogatienorm vanaf 2023 af tot de derogatie in 2026 stopt. De normen zijn in het onderstaande schema weergegeven.
Figuur 8 derogatienormen vanaf 2023
De agrariërs die het grasland in het plangebied bemesten, beschikken over een derogatievergunning. Er is daarom uitgegaan van 230 kg N per jaar uit dierlijke mest. Geen derogatie meer voor sommige gebieden (bufferstroken) Vanaf 2023 kan geen derogatie meer verkregen worden voor percelen in Natura 2000gebieden en grondwaterbeschermingsgebieden. De zgn. ‘Bufferstroken’, stroken langs sloten mogen vanaf 1 januari helemaal niet meer bemest mogen worden. Hier is een uitgebreide regeling voor. Een bufferstrook hoeft nooit groter dan 4% van het perceel te zijn. Worstcase wordt in het onderhavige onderzoek rekening gehouden met deze zgn. bufferstroken door het in 2022 opgegeven areaal dat bemest wordt te vermenigvuldigen met 0,96.
13
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
3.3.4 Berekening NH3 emissie door bemesting
Om de NH3 emissie bij bemesten te berekenen wordt aangesloten bij de uitgangspunten die de WUR hanteert bij berekening van de NH3-emissie in het model NEMA (NEMA staat voor Nationaal Emissiemodel voor Ammoniak (Van Bruggen et al., 2021; Van der Zee et al., 2021). NEMA wordt gebruikt voor de EmissieRegistratie (Van Bruggen et al., 2021; Van der Zee et al., 2021) en voor de Klimaat en Energie Verkenning (Vonk et al., 2020) en is eerder ook door CDM toegepast voor monitoring van de generieke maatregelen in het kader van PAS (CDM, 2020a). De met NEMA berekende ammoniakemissie wordt ook gebruikt als input voor de berekening van stikstofdepositie met AERIUS. In onderhavige studie is de meest recente versie van NEMA gebruikt (Van Bruggen et al., 2021; Van der Zee et al., 2021). 3.3.5 Samenstelling van organische stoffen In NEMA wordt voor ammoniakemissie onderscheid gemaakt naar de emissie uit mest van de verschillende soorten landbouwdieren en andere bronnen, zoals kunstmest en gewasresten.
Figuur 9 tabel uit bemestingsadvies voor grasland en voedergewassen
3.3.6 TAN gehalte van de toegepaste mest
Slechts een deel van de hoeveelheid stikstof in de toegediende mest wordt makkelijk omgezet in NH3. Dit wordt het totaal ammoniakaal stikstof genoemd (TAN). Het TAN-percentage is berekend door de fractie Nmin uit de voorgaande tabel te delen door de fractie Ntot. Voor rundveedrijfmest is dit 48% (bij andere soorten mest ligt het TAN gehalte hoger)5.
Figuur 10 TAN gehalte van de toegepaste mest 3.3.7 Omrekening van N naar NH3
Door de uitkomst van te vermenigvuldigen met 17/14 kan de emissie worden uitgedrukt in NH3 in plaats van de NH3-N6. Rekenregels van de KringloopWijzer 2020, WUR 2020 https://mijnkringloopwijzer.nl/media/favnqjg4/rekenregelrapport-klw-2020.pdf 5
6
Methodiek voor berekening van ammoniakemissie uit de landbouw in Nederland, 2009, G.L. Velthof https://edepot.wur.nl/5140 14
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
3.3.8 Emissiefactoren voor mesttoediening
Bij bemesting bepaalt de toedieningstechniek mede hoeveel stikstof wordt geëmitteerd naar de lucht. Het model NEMA kent aan het toedienen van dierlijke mest standaard emissiefactoren toe. In de meest recente versie van NEMA (april 2021) is onder andere een wijziging doorgevoerd voor mesttoediening op grasland met zodenbemester. De emissiefactor van zodenbemesting op grasland is aangepast naar aanleiding van een nieuwe statistische analyse van een bestaande dataset (Goedhart et al., 2020 ). Deze emissiefactor is in NEMA nu op 17,0% van de ammoniakale stikstof (TAN) gesteld. Bij grasland is de gebruikelijke toedieningstechniek zodenbemesting. Als emissiefactor voor bemesting van grasland is uitgegaan van 17%: in sleufjes in de grond. De toedieningstechniek op bouwland varieert van mestinjectie (onbeteeld bouwland met een emissiefactor van 2% van TAN) tot bovengronds bemesten (69% van de TAN). Uit informatie van de telers in het plangebied blijkt dat onderwerken in 2 werkgangen (met een emissiefactor van 46% van TAN) veelal wordt toegepast bij teelt van bloembolgewassen. Voor de bemesting van bloembolgewassen is zeer defensief ook gerekend met 17%.
Figuur 11 Emissiefactoren voor mesttoediening
3.3.9 Kunstmest
Voor de emissie door kunstmest is uitgegaan van de emissiefactor van 0,025 bij toepassing KAS-kunstmest voor de toegestane kunstmestgift. Dit is de gebruiksnorm minus de werkzame N uit dierlijke mest.
15
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
3.3.10 Overzicht emissieberekening bemesting van agrarische percelen
Het volgende overzicht geeft per landbouwperceel de berekende ammoniakemissie naar de lucht weer: Kg % NH3/ha.jr ammoniakal door e N uit te bemesting VervluchKg N/ha bruto bemest rijden (omrekening tigingsdierlijke opper- oppermest(TAN) van N naar percentage bemesting vlak (ha) vlak (ha) (Velthof) NH3) (Velthof)
perceel
bodemtype
derogatie vergunbemesting met rundveemest op: ning
HLO00 E 3107
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
1,823
1,486
48%
134,1
17%
22,8
33,9
HLO00 E 298
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,771
0,740
48%
134,1
17%
22,8
16,9
HLO00 E 298
HLO00 E 2216
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,663
0,625
48%
134,1
17%
22,8
14,3
HLO00 E 2216
HLO00 E 3208
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,686
0,656
48%
134,1
17%
22,8
15,0
HLO00 E 3208
HLO00 E 3206
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,414
0,397
48%
134,1
17%
22,8
9,0
HLO00 E 3206
HLO00 E 3207
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,213
0,204
48%
134,1
17%
22,8
4,7
HLO00 E 3207
HLO00 E 3192
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,060
0,058
48%
134,1
17%
22,8
1,3
HLO00 E 3192
HLO00 E 2139
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,858
0,769
48%
134,1
17%
22,8
17,5
HLO00 E 2139
HLO00 E 3293
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
2,044
1,962
48%
134,1
17%
22,8
44,7
HLO00 E 3293
HLO00 E 1991
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,511
0,239
48%
134,1
17%
22,8
5,5
HLO00 E 1991
HLO00 E 2127
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
2,264
2,173
48%
134,1
17%
22,8
49,5
HLO00 E 2127
HLO00 E 2145
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,798
0,766
48%
134,1
17%
22,8
17,5
HLO00 E 2145
HLO00 E 285
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,043
0,026
48%
134,1
17%
22,8
0,6
HLO00 E 285
HLO00 E 2146
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,298
0,286
48%
134,1
17%
22,8
6,5
HLO00 E 2146
HLO00 E 3407
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,984
0,945
48%
134,1
17%
22,8
21,5
HLO00 E 3407
HLO00 E 3101
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,403
0,320
48%
134,1
17%
22,8
7,3
HLO00 E 3101
HLO00 E 3038
zand
Bloembollengewassen
nvt
155
1,616
1,551
48%
90,3
17%
3,9
6,0
HLO00 E 3038
HLO00 E 3243
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,487
0,468
48%
134,1
17%
22,8
10,7
HLO00 E 3243
HLO00 E 2537
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,415
0,398
48%
134,1
17%
22,8
9,1
HLO00 E 2537
HLO00 E 3284
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,284
0,273
48%
134,1
17%
22,8
6,2
HLO00 E 3284
HLO00 E 2193
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,990
0,950
48%
134,1
17%
22,8
21,7
HLO00 E 2193
HLO00 E 2196
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,161
0,155
48%
134,1
17%
22,8
3,5
HLO00 E 2196
HLO00 E 2197
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,208
0,200
48%
134,1
17%
22,8
4,6
HLO00 E 2197
HLO00 E 2194
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,138
0,132
48%
134,1
17%
22,8
3,0
HLO00 E 2194
HLO00 E 2195
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,216
0,207
48%
134,1
17%
22,8
4,7
HLO00 E 2195
HLO00 E 1989
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,608
0,584
48%
134,1
17%
22,8
13,3
HLO00 E 1989
HLO00 E 2474
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,340
0,326
48%
134,1
17%
22,8
7,4
HLO00 E 2474
HLO00 E 600
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,096
0,092
48%
134,1
17%
22,8
2,1
HLO00 E 601
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
1,806
1,734
48%
134,1
17%
22,8
39,5
HLO00 E 601
HLO00 E 2265
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
1,443
1,385
48%
134,1
17%
22,8
31,6
HLO00 E 2265
HLO00 E 3272
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
1,268
1,217
48%
134,1
17%
22,8
27,7
HLO00 E 3272
HLO00 E 2718
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,486
0,467
48%
134,1
17%
22,8
10,6
HLO00 E 2718
HLO00 E 3275
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,721
0,692
48%
134,1
17%
22,8
15,8
HLO00 E 3275
HLO00 E 3274
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,554
0,532
48%
134,1
17%
22,8
12,1
HLO00 E 3259
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,207
0,199
48%
134,1
17%
22,8
4,5
HLO00 E 3259
HLO00 - E 3205
zand
Bloembollengewassen
nvt
155
5,385
5,170
48%
90,3
17%
15,4
89,3
HLO00 - E 3205
HLO00 - E 1856
zand
Bloembollengewassen
nvt
155
0,201
0,193
48%
90,3
17%
15,4
89,3
HLO00 - E 1856
HLO00 - E 2104
zand
Bloembollengewassen
nvt
155
4,155
3,989
48%
90,3
17%
15,4
89,3
HLO00 - E 2104
HLO00 - E 2073
zand
Bloembollengewassen
nvt
155
0,881
0,846
48%
90,3
17%
15,4
89,3
HLO00 - E 2073
HLO00 - E 3059
zand
Bloembollengewassen
nvt
155
0,145
0,139
48%
90,3
17%
15,4
89,3
HLO00 - E 3059
HLO00 - E 3060
zand
Bloembollengewassen
nvt
155
0,077
0,074
48%
90,3
17%
15,4
89,3
HLO00 - E 3060
HLO00 - E 3061
zand
Bloembollengewassen
nvt
155
0,067
0,064
48%
90,3
17%
15,4
89,3
HLO00 - E 3061
HLO00 - E 3062
zand
Bloembollengewassen
nvt
155
0,273
0,262
48%
90,3
17%
15,4
89,3
HLO00 - E 3062
HLO00 - E 3063
zand
Bloembollengewassen
nvt
155
0,197
0,189
48%
90,3
17%
15,4
89,3
HLO00 - E 3063
HLO00 H 100
klei
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,568
0,409
48%
134,1
17%
22,8
9,3
HLO00 H 100
HLO00 H 104
klei
Grasland met volledig maaien
ja
230
1,970
1,514
48%
134,1
17%
22,8
34,5
HLO00 H 104
HLO00 H 108
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,781
0,675
48%
134,1
17%
22,8
15,4
HLO00 H 108
HLO00 H 112
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,793
0,381
48%
134,1
17%
22,8
8,7
HLO00 H 112
HLO00 H 124
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
2,469
2,370
48%
134,1
17%
22,8
54,0
HLO00 H 124
HLO00 H 46
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
2,820
2,707
48%
134,1
17%
22,8
61,7
HLO00 H 46
HLO00 H 109
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
2,080
1,996
48%
134,1
17%
22,8
45,5
HLO00 H 109
HLO00 H 110
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,608
0,526
48%
134,1
17%
22,8
12,0
HLO00 H 110
HLO00 H 34
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
2,179
2,092
48%
134,1
17%
22,8
47,7
HLO00 H 34
HLO00 H 68
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,012
0,013
48%
134,1
17%
22,8
0,3
HLO00 H 68
HLO00 H 69
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,061
0,059
48%
134,1
17%
22,8
1,3
HLO00 H 69
HLO00 H 28
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
1,116
1,072
48%
134,1
17%
22,8
24,4
HLO00 H 28
HLO00 H 76
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
1,653
1,509
48%
134,1
17%
22,8
34,4
HLO00 H 55
zand
Grasland met volledig maaien
ja
230
0,397
0,362
48%
134,1
17%
22,8
8,2
HLO00 H 55
(HLO00) H 27
zand
Grasland met volledig maaien
nee
170
0,441
0,423
48%
99,1
17%
3,9
1,6
(HLO00) H 27
(HLO00) H 29
zand
Grasland met volledig maaien
nee
170
0,421
0,404
48%
99,1
17%
3,9
1,6
(HLO00) H 92 (voorheen zand 31)
Grasland met volledig maaien
nee
170
0,563
0,540
48%
99,1
17%
3,9
2,1
(HLO00) H 29 (HLO00) H 92 (voorheen 31)
(HLO00) D 5366
Grasland met volledig maaien
nee
170
4,079
3,916
48%
99,1
17%
3,9
15,2
(HLO00) D 5366
zand
NH3 emissie dierlijke mest (kg/ha) (kg/jr)
perceel HLO00 E 3107
HLO00 E 600
HLO00 E 3274
HLO00 H 76
Toegestane kunstmestgift (gebruiksnorm Emissiefactor Stikstofminus bij toepassing N-emissie uit gebruiks- werkzame N uit KASkunstmest in norm RVO dierlijke mest) kunstmest kg N/ha.jr
NH3-emissie uit kunstmest (kg/ha) (kg/jr)
320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 155 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 155 155 155 155 155 155 155 155 155 385 385 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320 320
182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 62 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 62 62 62 62 62 62 62 62 62 247 247 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 182 218 218
0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025 0,025
4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 1,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 1,55 1,55 1,55 1,55 1,55 1,55 1,55 1,55 1,55 6,175 6,175 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 4,55 5,45 5,45
5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 1,9 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 1,9 1,9 1,9 1,9 1,9 1,9 1,9 1,9 1,9 7,5 7,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 5,5 6,6 6,6
8,2 4,1 3,5 3,6 2,2 1,1 0,3 4,3 10,8 1,3 12,0 4,2 0,1 1,6 5,2 1,8 2,9 2,6 2,2 1,5 5,3 0,9 1,1 0,7 1,1 3,2 1,8 0,5 9,6 7,7 6,7 2,6 3,8 2,9 1,1 5,6 5,6 5,6 5,6 5,6 5,6 5,6 5,6 5,6 3,1 11,3 3,7 2,1 13,1 15,0 11,0 2,9 11,6 0,1 0,3 5,9 8,3 2,0 2,8 2,7
320 320
218 218
0,025 0,025
5,45 5,45
6,6 6,6
3,6 25,9
Figuur 12 overzicht berekende ammoniakemissie per landbouwperceel
16
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
DE INZET VAN (LANDBOUW) WERKTUIGEN OP DE PERCELEN (BV. MET EEN TRACTOR) Met behulp van opgaves van de gebruikers van agrarische percelen is de emissie ten gevolge van de inzet van (landbouw-)werktuigen en overige apparaten met een verbrandingsmotor op de agrarische percelen berekend. De NOx en NH3 emissies zijn berekend op basis van de AUB-methode uit TNO rapport R12305 7 conform de meest recente Instructie gegevensinvoer Aerius Calculator 2023 (oktober 2023) van het Expertiseteam Stikstof en Natura 2000 van Bij12 (verder genoemd: de instructie) en het Handboek “Werken met AERIUS Calculator Versie 2023” dat grotendeels de eerder verschenen AERIUS factsheets, leeswijzers en handleidingen waar naar wordt verwezen in deze instructie vervangt. Het dieselverbruik is conform het TNO rapport R12305 bepaald. TNO houdt rekening met de aandrijfconfiguratie (vaste as, transmissie, hydrauliek) , de standbye tijd bij de soort inzet (wisselend en constant) en de verliezen (zie onderstaande tabel).
TNO gaat voor werktuigen met een wisselende inzet uit van een gemiddelde ‘typische motorlast’ van 35%. AdBlue wordt enkel gebruikt in dieselmotoren voorzien van een SCR. Voor het inschatten van het verwachte aantal liter kan uitgegaan worden van het normale AdBlue-gebruik dat door TNO gegeven wordt4. Voor Stage IV en V werktuigen is dit 6% van het dieselverbruik. Voor Stage III is dit 3% van het dieselverbruik. In de AERIUS rapportage is per perceel / groep percelen inzichtelijk welke (landbouw-)werktuigen en overige apparaten met een verbrandingsmotor worden ingezet.
TNO 2021 R12305 AUB (AdBlue verbruik, Uren, en Brandstofverbruik): een robuuste schatting van NOx en NH3 uitstoot van mobiele werktuigen 7
17
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
GASVERBRUIK BIJ TUINDERSBEDRIJVEN EN ANDERE BEDRIJVEN Bij een aantal tuinders, bloembolververkers en andere bedrijven in het plangebied wordt of werd veel gas verstookt. Het gaat om : HBM – Kennemerstraat 431 (HLO00 - E 3205) In de periode september 2022 t/m augustus 2023 is er 39.000 m3 aardgas verstookt. HBM - Kapelaan 130 (HLO00 - E 2072) In de periode september 2022 t/m augustus 2023 is er 20.000 m3 aardgas verstookt. Hageman: Lijnbaan 1 (HLO00 H 112) verwarming van kassen t.b.v. de teelt van groenten. In de periode 2014 -2017 was het gasgebruik gemiddeld 89.757 m3 per jaar. Deze activiteit is nadien gestopt i.v.m. woningbouwplan. Hoogland: Vennewatersweg 12 (HLO00 H 104, 105, 108) verwarming van kassen t.b.v. de teelt van groenten. In de periode 2015 -2017 was het gasgebruik gemiddeld 914.643 m3 per jaar. Deze activiteit is nadien gestopt i.v.m. woningbouwplan. Mooij : Oosterzijweg 57 verwarming van kassen t.b.v. bloemkwekerij In 2017 was het gasgebruik in de periode maart t/m augustus 81.119 m3 per jaar. Deze activiteit is nadien gestopt i.v.m. woningbouwplan. Liefting BV : Ypesteinerlaan 128 verwarming van kantoor en de loodsen tbv groothandel In de periode 2020-2021 was het gasgebruik 1067 m3 per jaar. Een stookinstallatie (CV-ketel) veroorzaakt enige mate van NOx-uitstoot.
Op basis van het Activiteitenbesluit geldt dat het rookgas van een ketelinstallatie met een nominaal vermogen van 1 Megawatt of meer (geen grote stookinstallatie) aan de emissiegrenswaarde van 70 mg/Nm3 moet voldoen bij 3% zuurstof. Op basis van deze eis wordt er van uit gegaan dat de emissie per kubieke meter aardgas dus maximaal deze grenswaarde betreft. 1 m3 aardgas geeft een stoichiometrisch rookgasvolume van 7,7 Nm3 (droog). Bij een zuurstof overmaat van 3% wordt dit getal gecorrigeerd met 21/(21-3) = 1,16667. 1 m3 aardgas levert circa 9,0 Nm3 rookgas. De concentratie NOx bedraagt 70 mg/Nm3 (droog rookgas bij 3% zuurstof). Met bovenstaande gegevens kan de jaaremissie NOx van de CV installaties worden berekend: gasverbruik (in m3) * 9,0 * 70/1.000.000 = emissie NOx kg/jaar.
HBM – Kennemerstraat 431 : 39.000 m3 aardgas per jaar leidt tot een NOx-emissie van 24,6 kg/jaar. HBM - Kapelaan 130 : 20.000 m3 aardgas per jaar leidt tot een NOx-emissie van 12,6 kg/jaar Hageman: Lijnbaan 1: 89.757 m3 aardgas per jaar leidt tot een NOx-emissie van 56,5 kg/jaar Hoogland: Vennewatersweg 12: 914.643 m3 aardgas per jaar leidt tot een NOx-emissie van 576,2 kg/jaar Mooij : Oosterzijweg 57: 81.119 m3 aardgas per jaar leidt tot een NOx-emissie van 51,1 kg/jaar Liefting BV : Ypesteinerlaan 128: 1067 m3 aardgas per jaar leidt tot een NOx-emissie van 0,7 kg/jaar
18
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
PONYSTAL MANEGE JOLAHOEVE Aan de Kennemerstraatweg 652A was Ponymanege Jola Hoeve gevestigd. Deze voormalige manege heeft haar deuren gesloten ten gevolge van de aankomende woningbouwplannnen. De milieuvergunning van het bedrijf is verleend op 10 januari 1997 voor het houden van 14 pony’s. Uit informatie van de houder van de voormalige manege, blijkt dat de manage ruimschoots onderdak bood aan dit aantal dieren. De inrichting bestond uit een ponystal, een mestopslag en een weide. In dit stikstofonderzoek is alleen de stal met 14 pony’s betrokken bij de interne saldering.
Figuur 13 Emissie Jola hoeve
19
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
4
Aerius berekeningen UITGANGSPUNTEN
Met Aerius Calculator zijn de eerder genoemde emissiebronnen gemodelleerd. • Het wegverkeer is gemodelleerd als lijnbron. • De agrarische percelen zijn gemodelleerd als oppervlaktebron. • De uitlaten van de gasketels zijn gemodelleerd als puntbron.
REKENJAAR Uitgangspunt is dat de depositiebijdrage inzichtelijk wordt gemaakt voor het jaar waarvoor de depositie het hoogst is. Door de technologische ontwikkelingen en milieuregelgeving nemen de emissies van o.a. wegverkeer met de jaren af. • De verspreidingsberekeningen voor de eindfase zijn uitgevoerd voor 2030. Dit is het eerste jaar waarin theoretisch het plan volledig in gebruik genomen kan zijn.
20
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
REKENRESULTATEN GEBRUIKSFASE Uit de rekenresultaten met AERIUS Calculator versie 2023.0.1 blijkt dat ten gevolge van het onderhavige plan de depositietoename op stikstofgevoelige habitats of leefgebieden in 9 Natura 2000-gebieden hoger is dan 0,00 mol/ha/jr. De hoogste stikstofdepositie vindt plaats op Natura 2000-gebied “Noordhollands Duinreservaat” en bedraagt 0,32 mol/ha/jr.
Figuur 14 Rekenresultaten AERIUS Calculator gebruiksfase
Voor gedetailleerde informatie over invoer en rekenresultaten wordt verwezen naar de met AERIUS gegenereerde rapportage (PDF) die als separate bijlage bij dit memo is gevoegd.
21
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
4.1. Rekenresultaten referentiesituatie Uit de rekenresultaten met AERIUS Calculator versie 2023.0.1 blijkt dat ten gevolge van de referentiesituatie de depositietoename op stikstofgevoelige habitats of leefgebieden in 9 Natura 2000-gebieden hoger is dan 0,00 mol/ha/jr. De hoogste stikstofdepositie vindt plaats op Natura 2000-gebied “Noordhollands Duinreservaat” en bedraagt 1,25 mol/ha/jr.
Figuur 16 rekenresultaten Aerius Calculator referentiesituatie
Figuur 15 rekenresultaten Aerius Calculator saldoberekening
Voor gedetailleerde informatie over invoer en rekenresultaten wordt verwezen naar de met AERIUS gegenereerde rapportage (PDF) die als separate bijlage bij dit memo is gevoegd. 22
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
5
Conclusies
In opdracht van de gemeente Heiloo heeft Langelaar Milieuadvies onderzoek verricht naar de stikstofdepositie op nabijgelegen kwetsbare natuurgebieden ten gevolge van het bestemmingsplan Zandzoom. Het bestemmingsplan Zandzoom maakt maximaal 1.278 woningen (waarvan 5 sloop/nieuwbouw) mogelijk. Een bestemmingsplanherziening is nodig om de woningen planologisch mogelijk te maken. Ten tijde van vaststelling van het plan kent het plangebied nog een agrarische functie (kassen, bollenteelt, grasland). Het grootste deel hiervan zal haar agrarische functie verliezen als het woningbouwplan wordt gerealiseerd. Voor een deel is het gebruik reeds gestopt vanwege de woningbouwplannen. De beëindiging van deze agrarische functie is het onlosmakelijke (positieve) gevolg van uitvoering van het onderhavige bestemmingsplan. In dit stikstofonderzoek zijn inzet van (landbouw-)werktuigen op, en bemesting van agrarische percelen, gasverbruik bij bedrijven en een voormalige ponystal/manege als interne saldering meegenomen. Dit leidt tot een NOx en NH3 emissies. Bij het gebruik leiden verkeersbewegingen tot NOx en NH3 emissie.
Verschilberekening met AERIUS Calculator 2023.0.1 tussen de vermeden emissies in de referentiesituatie en de emissies in de gebruiksfase maken duidelijk dat per saldo de NOx depositie op kwetsbare habitats en leefgebieden in Natura 2000-gebieden ten gevolge van het plan in de gebruiksfase nergens groter is dan in de referentiesituatie. Significant negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden door stikstof kunnen voor wat betreft de gebruiksfase op voorhand worden uitgesloten. Vanwege recentelijke problemen met het rekenmodel AERIUS Calculator versie 2023 wordt de aanleg- en bouwfase op een later moment toegevoegd aan het onderzoek. Het is vooralsnog de verwachting dat de aanleg- en bouwfase niet zullen leiden tot een negatief beeld ten opzichte van de gebruiksfase. Assen, 23 november 2023
Ing. M.D. Langelaar
23
Stikstofonderzoek Bestemmingsplan Zandzoom, gemeente Heiloo-- 23108.01 versie 02
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Gemeente Heiloo Vennewatersweg e.o., 1851 JL Heiloo Zandzoom gebruiksfase Zandzoom incl. mitigerende verkeersmaatregelen afgezet tegen de autonome situatie wegverkeer en interne saldering met bemesting, inzet laandbouwwerktuigen en gasverbruik
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RPdSNkeApkXf 23 november 2023, 10:47 Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
relevante toename - Beoogd
0,32 mol/ha/j 0,00 ha 4.824,75 ha 0,00 mol/ha/j 0,95 mol/ha/j
6070677
relevante afname - Referentie relevante toename - Beoogd relevante afname - Referentie Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RPdSNkeApkXf (23 november 2023)
2030 2030
1,25 mol/ha/j
2.225,9 kg/j 327,5 kg/j 6070677
6.194,2 kg/j 7.308,1 kg/j Noordhollands Duinreservaat Noordhollands Duinreservaat
2/11
Projectberekening
relevante toename (Beoogd), rekenjaar 2030 Emissiebronnen
Verkeersnetwerk
RPdSNkeApkXf (23 november 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
327,5 kg/j
7.308,1 kg/j
3/11
Projectberekening
RPdSNkeApkXf (23 november 2023)
4/11
Projectberekening
relevante afname (Referentie), rekenjaar 2030 Emissiebronnen
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3107 223 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 298 224 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2216 225 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3208 226 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3206 227 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3207 228 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3192 229 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2139 230 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3293 231 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 1991 232 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2127 233 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2145 234 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 285 235 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2146 236 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3407 237 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3101 238 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3038 (bollen) 239 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3243 240 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2537 241 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3284 242 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2193 243 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2196 244 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2197 245 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2194 246 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2195 247 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 1989 248 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2474
42,1 kg/j 21,0 kg/j 17,8 kg/j 18,6 kg/j 11,2 kg/j 5,8 kg/j 1,6 kg/j 21,8 kg/j 55,5 kg/j 6,8 kg/j 61,5 kg/j 21,7 kg/j 0,7 kg/j 8,1 kg/j 26,7 kg/j 9,1 kg/j 8,9 kg/j 13,3 kg/j 11,3 kg/j 7,7 kg/j 27,0 kg/j 4,4 kg/j 5,7 kg/j 3,7 kg/j 5,8 kg/j 16,5 kg/j 9,2 kg/j
-
222
RPdSNkeApkXf (23 november 2023)
5/11
Projectberekening
Emissiebronnen
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 600 250 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 601 251 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2265 252 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3272 253 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 2718 254 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3275 255 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3274 256 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 E 3259 257 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 - E 3205 258 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 - E 1856 259 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 - E 2104 260 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 - E 2073 261 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 - E 3059 262 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 - E 3060 263 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 - E 3061 264 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 - E 3062 265 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 - E 3063 266 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 100 267 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 104 268 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 108 269 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 112 270 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 124 271 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 46 272 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 109 273 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 110 274 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 34 275 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 68
2,6 kg/j 49,1 kg/j 39,3 kg/j 34,4 kg/j 13,2 kg/j 19,6 kg/j 15,0 kg/j 5,6 kg/j 94,9 kg/j 94,9 kg/j 94,9 kg/j 94,9 kg/j 94,9 kg/j 94,9 kg/j 94,9 kg/j 94,9 kg/j 94,9 kg/j 12,4 kg/j 45,8 kg/j 19,1 kg/j 10,8 kg/j 67,1 kg/j 76,7 kg/j 56,5 kg/j 14,9 kg/j 59,3 kg/j 0,4 kg/j
-
249
RPdSNkeApkXf (23 november 2023)
6/11
Projectberekening
Emissiebronnen
Emissie NH₃
Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 69 277 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 28 278 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 76 279 Landbouw | Landbouwgrond | HLO00 H 55 280 Landbouw | Landbouwgrond | (HLO00) H 27 281 Landbouw | Landbouwgrond | (HLO00) H 29 282 Landbouw | Landbouwgrond | (HLO00) H 92 (voorheen 31) 283 Landbouw | Landbouwgrond | (HLO00) D 5366 284 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | inzet (landbouw)werktuigen HBM 285 Mobiele werktuigen | Landbouw | inzet landbouwwerktuigen 14,46 ha 286 Mobiele werktuigen | Landbouw | inzet landbouwwerktuigen 10,44 ha 287 Mobiele werktuigen | Landbouw | inzet landbouwwerktuigen 7,98 ha 288 Mobiele werktuigen | Landbouw | inzet landbouwwerktuigen 4,11 ha 289 Mobiele werktuigen | Landbouw | inzet landbouwwerktuigen 5,42 ha 290 Mobiele werktuigen | Landbouw | inzet landbouwwerktuigen 291 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | inzet mobiele werktuigen 292 Mobiele werktuigen | Landbouw | inzet landbouwwerktuigen Kennemerstraatweg 652A 293 Mobiele werktuigen | Landbouw | inzet landbouwwerktuigen (HLO00) D 5366 294 Anders... | Anders... | HLO00 - E 3205 (gas HBM) 295 Anders... | Anders... | HLO00 - E 2072 (gas HBM) 296 Anders... | Anders... | HLO00 H 112 (gas Hageman) 297 Anders... | Anders... | HLO00 H 104 (gas Hoogland) 298 Landbouw | Stalemissies | Ponystal Jola Hoeve 299 Anders...
| Anders... | gas H. Liefting BV 300 Anders... | Anders... | Gas Bloemkwekerij Mooij Verkeersnetwerk
1,6 kg/j 30,3 kg/j 42,7 kg/j 10,2 kg/j 4,4 kg/j 4,3 kg/j 5,7 kg/j 41,1 kg/j 2,9 kg/j 610,1 kg/j 0,1 kg/j 11,6 kg/j 0,1 kg/j 9,2 kg/j 87,8 g/j 6,8 kg/j 45,1 g/j 3,8 kg/j 59,7 g/j 4,7 kg/j 0,1 kg/j 31,6 kg/j 20,5 g/j 76,4 kg/j 24,0 g/j 98,6 kg/j 0,1 kg/j 2,8 kg/j - 24,6 kg/j - 12,6 kg/j - 56,5 kg/j - 576,2 kg/j 43,4 kg/j 0,7 kg/j - 51,1 kg/j 199,2 kg/j 4.616,9 kg/j
276
RPdSNkeApkXf (23 november 2023)
Emissie NOₓ
7/11
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
10 km Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RPdSNkeApkXf (23 november 2023)
8/11
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "relevante toename" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
4.824,75
Per gebied
Berekend (ha gekarteerd)
Noordhollands Duinreservaat (87) KennemerlandZuid (88) Schoorlse Duinen (86) Zwanenwater & Pettemerduinen (85) Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld & Twiske (92) Wormer- en Jisperveld & Kalverpolder (90) Polder Westzaan (91) Eilandspolder (89)
2.365,57
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
3.355,22
0,00
0,00
Met afname (ha Grootste afname gekarteerd) (mol N/ha/jr)
4.824,75
0,95
Hoogste totale Met toename Grootste Met afname (ha Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol gekarteerd) afname (mol N/ha/jr) N/ha/jr) N/ha/jr)
3.355,22
0,00
0,00
2.365,57
0,95
1.563,75
2.294,01
0,00
0,00
1.563,75
0,05
618,99
1.802,19
0,00
0,00
618,99
0,21
185,25
1.579,31
0,00
0,00
185,25
0,05
59,71
1.791,57
0,00
0,00
59,71
0,03
15,74
1.723,33
0,00
0,00
15,74
0,06
15,53
1.933,63
0,00
0,00
15,53
0,06
0,21
1.082,98
0,00
0,00
0,21
0,08
Onderstaand is een overzicht opgenomen van alle Natura 2000-gebieden (binnen de maximale rekenafstand van 25 km) waar in de "Beoogde situatie" een bijdrage groter dan 0,00 mol/ha/jaar is berekend, maar waar in de "Projectberekening" (=verschilberekening) geen toe- of afname is berekend. Het effect vanuit de "Projectberekening" op deze gebieden is daarmee 0,00 mol/ha/jaar. Naardermeer
RPdSNkeApkXf (23 november 2023)
9/11
Projectberekening
relevante toename, Rekenjaar 2030
Er zijn meer dan 250 emissiebronnen in deze situatie en deze worden niet in de PDF getoond. Laad de PDF in Calculator in om alle bronnen in te zien (tot een maximum van 5000 bronnen).
RPdSNkeApkXf (23 november 2023)
10/11
Projectberekening
relevante afname, Rekenjaar 2030
Er zijn meer dan 250 emissiebronnen in deze situatie en deze worden niet in de PDF getoond. Laad de PDF in Calculator in om alle bronnen in te zien (tot een maximum van 5000 bronnen). Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2023.0.1_20231106_3125d8b3c1 Database versie 2023.0.1_3125d8b3c1_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RPdSNkeApkXf (23 november 2023)
11/11