Vragen JPH ten aanzien agendapunt Avon 13
Tekst van het document
Vragen JPH ten aanzien agendapunt Avon 13 - accommodatiematrix Vraag 1: 1. Worden in het vervolgonderzoek van het scenario 3 & 4 de volgende mogelijke ( toekomstige) opbrengsten opgenomen o.b.v. het recent vastgestelde grondnota en grondprijzen beleid en afgezet tegen de respectievelijke kosten van de genoemde scenario's. • opbrengsten 80.000 m2 toevoeging aan het bedrijventerrein Emma • Geprognotiseerde opbrengsten woningbouwprogramma op/rondom locatie Varenbeuk als onderdeel van de gecombineerde functie van het terrein. • Geprognotiseerde opbrengsten in scenario 3 & 4 van de locatie sportpark de Dem bij ofwel een gedeeltelijke herstructurering of een volledige verplaatsing van alle sportverenigingen naar locatie de Varenbeuk b) is er in een scenario denkbaar waarin alle verenigingen inclusief voetbal geclusterd worden op de Varenbeuk dat er dan in de buurt de Dem een openbare sportvoorziening als een trapveldje gerealiseerd wordt? Om zodoende deze buurt wel van beweeg en ontmoetruimte te blijven voorzien? c) kan volgens het college geconcludeerd worden dat zowel scenario 1 als 2 te weinig maatschappelijke en operationele impact opleveren dat deze op grond van de in de eerste scenariostudie gedane bevindingen geen vervolg krijgen? d) Mits antwoord c een ja betreft dient hiertoe dan een raadsbesluti genomen te worden? En hoe wordt de voortgang dan met mandaat van de
gemeenteraad verder vormgegeven? Vraag 2: a), hoe lang duurt door de band genomen de vergunning en realisatie van scenario’s 3 & 4 en welke risico's ziet u ten aanzien van netcongestie, bezwaar & beroep, stikstof en natuur? b). Is er een scenario mogelijk waarbij de 2 of wellicht 3 voetbalverenigingen de komende jaren ( gezamenlijk) gebruik blijven maken van het terrein op De Dem om in een later stadium ( na vergunning, financiering en realisatie) gezamenlijk te verhuizen naar locatie Varenbeuk? c) zijn in het scenario 4 wanneer de locatie De Dem de toekomstige locatie voor de voetbalclubs wordt de kosten van de dan noodzakelijke investeringen op die locatie helemaal meegenomen? Vraag 3
1. Hoeveel spelende leden van de 3 verenigingen komen daadwerkelijk uit Heerlen? 2. hoeveel spelende jeugdleden hebben de 3 verenigingen opgeteld? c) Zijn de demografische ontwikkelingen (vergrijzing) versus de impact van de woningbouwambitie meegewogen in de ontwikkelrichting van de scenario's? 3. Vraag 4 1. welk scenario heeft in relatie tot het nationaal programma Heerlen de meeste impact? 2. Is er rekening gehouden met de denkrichting Perspectief Op Noord? 3. welke ontwikkeling past het beste bij de omgevingsvisie? 4. welk scenario biedt het meeste potentieel ten aanzien van het woonfundament? 5. zijn de scenario's ook doorgesproken met de sectie voetbal en wat is hun reactie hierop? f) Heeft het college ook de meest nabijgelegen verengingen ( Groene Ster en FC Hoensbroek) gesproken? vraag 5 1. welk(e) scenario's lenen zich het beste voor het toevoeging van bredere voorzieningen zoals een (sport) BSO,/ peuteropvang ( zoals ook voorzien op de locatie A Gene Bek) 2.
Is er ook ruimte cq zijn er mogelijkheden en/of nagedacht over sportaanbod dat op dit moment nog niet beschikbaar of onvoldoende beschikbaar is? En biedt scenario 3 en 4 hiertoe bewegingsvrijheid? Vraag 6 De a) voetbalclubs vragen om snelle duidelijkheid en een keuze van het college om zich de komende periode ook te kunnen richten op een relevant toekomstbeeld, hoe gaat u hierin de ( begrijpelijke) urgentie van de voetbalclubs wegen tegen het belang van een zorgvuldig vervolgproces? 1. b) Is het wenselijk dat de gemeenteraad deze bestuursperiode nog een concrete uitspraak doet ten aanzien van een definitief voorkeursscenario? c) bestaat er al een gezamenlijke overlegstructuur met belanghebbenden cq potentiele gebruikers van de toekomstige voorziening in scenario 3 en of 4 en hoe voorziet een verdiepend onderzoek ook in duurzaam commitment van de diverse stakeholders ten aanzien van de mogelijke ontwikkelrichting?
Vraag 7 1. Is de accomodatiematrix afgetoetst tegen de geprognotiseerde demografische ontwikkeling in combinatie met de woningbouwambitie
2. En is voor het college de accomodatiematrix een aanleiding om het sportaccomodatiebeleid voor zowel de binnen als buitensport te actualiseren?
3. Op welke wijze kan de matrix en de sportvisie van de gemeente Heerlen een bijdrage leveren aan het verminderen van adhoc besluiten met zware financiële en maatschappelijke impact ?
4. Kan het college aangeven of en hoe de verengingen gereageerd hebben op de accomodatiematrix en of ze hierin ook aanleiding zien om het beleid en de toekomstvisie op het Heerlens sportbeleid te actualiseren?