Voorlopige jaarstukken 2025
Tekst van het document
JAARSTUKKEN 2025 Omgevingsdienst Zuid-Limburg
Februari 2026 Omgevingsdienst Zuid-Limburg Limburglaan 10, 6202 GA Maastricht
JAARSTUKKEN 2025
OMGEVINGSDIENST ZUID-LIMBURG
1.
INHOUDSOPGAVE
2
1.
AANBIEDING
03
2.
JAARVERSLAG 2025
04
2.1 2.2 2.2.1 2.2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.7.1 2.7.2 2.7.3 2.7.4
Inleiding Ontwikkelingen 2025 Robuustheid Maatschappelijke ontwikkelingen Kerncijfers uitvoering VTH-taken Vergunningen Toezicht en Handhaving Advies Verplichte paragrafen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen
05 05 05 06 06 07 09 12 13 13 14 15 19
3.
JAARREKENING 2025
20
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9 3.10
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Balans per 31 december 2025 Toelichting op balans Overzicht Baten en Lasten 2025 Overhead Toelichting op de baten en lasten Gebeurtenissen na balansdatum Ontwikkeling EMU saldo WNT-verantwoording 2025 Rechtmatigheidsverantwoording
21 23 24 26 26 27 28 29 29 32
4.
OVERIGE GEGEVENS
33
4.1
Controleverklaring
33
5.
BIJLAGEN
34
5.1 5.2 5.3 5.4
Voorstel tot resultaatbestemming en resultaatverdeling Risico-inventarisatie SISA SPUK THE (Toezicht en Handhaving Energiebesparingsplicht) Lijst met afkortingen
34 36 44 46
AANBIEDING
De totale baten zijn € 0,3 miljoen lager dan de begroting (-1%). Dit is grotendeels veroorzaakt door: •
met 40% te verlagen (- € 2,0 miljoen); •
en resultaten voor de Omgevingsdienst Zuid-Limburg. De jaarstukken zijn het laatste deel van de planning- en controlcyclus. Ze bestaan uit twee hoofdonderdelen: •
Het jaarverslag 2025 (hoofdstuk 2), met de verantwoording en de verplichte paragrafen.
•
De jaarrekening 2025 (hoofdstuk 3), met de balans, het overzicht van inkomsten en uitgaven en de toelichtingen. Dit is de financiële verantwoording volgens de wettelijke regels.
Bij deze jaarrekening is ook de controleverklaring van de accountant en een rechtmatigheids-verantwoording van het dagelijks bestuur gevoegd. Financieel resultaat 2025 De jaarrekening over 2025 heeft een positief saldo voor resultaatbestemming van € 1.258.565.
Toelichting resultaat Analyse van dit positieve resultaat laat zien dat de kosten in totaal € 1,5 miljoen lager zijn dan de begroting (-7%). Dit is grotendeels veroorzaakt doordat de kosten van salarissen en inhuur personeel € 1,0 miljoen lager zijn dan de begroting (-6%), mede door lagere cao-stijging en tijdelijk openstaande vacatures bij zowel VTH(A) als Bedrijfsvoering.
aanvullende financiering van de provincie Limburg (€ 1,3 miljoen);
In deze jaarstukken kijken we terug op het jaar 2025. We bespreken de belangrijkste trends, ontwikkelingen
het bestuursbesluit om de laatste voorschotnota’s
•
landelijke subsidies (incl. SPUK Energiebesparingsplicht) en aanvullende incidentele opdrachten buiten het werkprogramma (€ 0,6 miljoen).
Gezien de oorzaken van deze verschillen heeft het financiële overschot slechts in beperkte mate gevolgen gehad voor de uitvoering van VTH(A)-taken. Bestemming resultaat Het voorstel is om de bestemmingsreserve “ICT aansluitingen” gedeeltelijk (€ 200.000) in te zetten ter dekking van in dit kader in 2025 gemaakte kosten. Naar aanleiding van de uitgevoerde risico-inventarisatie volgt een noodzakelijke verhoging van het weerstandsvermogen met € 33.107. De reserves (incl. post onvoorzien van € 256.080 in de ontwerpbegroting 2027) komen daarmee op een niveau van 4,8% van de ontwerpbegroting 2027. Na aanwending van de bestemmingsreserve en de verhoging van het weerstandsvermogen is het te verdelen resultaat € 1.425.458. Het positieve resultaat zal worden bestemd conform het bepaalde in artikel 30 van onze Gemeenschappelijke Regeling. Hierbij kan het algemeen bestuur besluiten het resultaat toe te voegen aan een reserve of uit te keren.
3
OMGEVINGSDIENST ZUID-LIMBURG
2.
JAARVERSLAG 2025
JAARVERSLAG 2025
2.1 INLEIDING Veel reeds ingezette ontwikkelingen zijn in het afgelopen jaar verder voortgezet en op diverse punten afgerond. De belangrijkste daarvan is het verder vergroten van de robuustheid van onze organisatie. Hoewel we pas halverwege 2026 formeel uitsluitsel krijgen of we voldoen aan alle robuustheidscriteria, kunnen we op basis van de laatste tussentijdse beoordeling van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, al concluderen dat we op 1 april 2026 aan alle criteria zullen voldoen. Dit blijkt uit de brief van het ministerie behorende bij de laatste tussentijdse beoordeling: •
Oordeel (lichtgroen): Het is de verwachting dat uw omgevingsdienst op 1 april 2026 robuust is.”
•
“Uw dienst voldoet op basis van de tweede voortgangsrapportage inmiddels aan 13 randvoorwaarden/kpi’s.”
•
“Ik wil u complimenteren met de voortgang die u heeft geboekt om tijdig robuust te worden.”
De verantwoordelijkheid voor ons als Sevesoomgevingsdienst is groot vanwege de bijzondere risico’s in onze regio. Van een Seveso-omgevingsdienst mag en wordt meer verwacht bij de uitvoering van onze taken. Vergunningverlening, toezicht, handhaving en advisering zijn de afgelopen jaren steeds beter hierop ingericht, mede dankzij de extra opdracht van de provincie Limburg, die dit proces heeft versneld. Om deze opgave regionaal gezamenlijk op te pakken, is in 2025 bovendien gestart met het ontwikkelen van een uniform uitvoerings- en handhavingsbeleid. We zijn er echter nog niet, zoals ook in de komende jaren zal blijken. Ook na het ‘formele’ robuust worden zullen we in de komende jaren moeten blijven investeren in de kennis en kunde van onze medewerkers en onze organisatie, en in de versterking van de samenwerking met onze deelnemers en ketenpartners. Samen met onze 17 deelnemers, onze ketenpartners en vooral met onze 180 medewerkers hebben we invulling gegeven aan onze belangrijke opgave – een schone, gezonde, veilige en duurzame leefomgeving.
2.2 ONTWIKKELINGEN 2025 2.2.1 ROBUUSTHEID Zoals hiervoor is aangegeven zijn in 2025 belangrijke stappen gezet naar een robuuste organisatie. Een bijzondere mijlpaal is de oprichting van de afdeling
De laatste (drie) randvoorwaarden/kpi’s zijn sinds deze
Bedrijfsvoering, die een solide fundament biedt voor de
beoordeling ingevuld.
ondersteuning van de primaire processen. Deze afdeling draagt bij aan een efficiëntere en effectievere werkwijze.
In de afgelopen jaren zijn diverse ontwikkelingen gestart
Alle functies binnen deze afdeling zijn inmiddels
die samenhangen met de veranderende rol en taken
zorgvuldig gedefinieerd en succesvol ingevuld.
van onze omgevingsdienst, zoals beschreven in het visitatierapport (2023) en het rapport van de Zuidelijke
We hebben net als het ministerie de overtuiging dat we
Rekenkamer (2022). Dit heeft in 2025 geleid tot een
met alle inspanningen op 1 april 2026 robuust zullen zijn.
andere manier van rapporteren, een vernieuwd overleg met deelnemers, een gewijzigde financieringssystematiek en een intensivering van de opdracht namens de provincie Limburg. Hierdoor is zowel de relatie met onze deelnemers versterkt als onze gezamenlijke bijdrage aan maatschappelijke opgaven verbeterd. Tegelijkertijd staan die opgaven steeds nadrukkelijker in de belangstelling. Landelijk en regionaal groeit de aandacht voor een schone, gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. In onze regio betreft dit onder meer de focus op indirecte lozingen, tankcleaningbedrijven en het chemiecluster Chemelot.
4
Naast organisatorische en personele versterking zijn er diverse verbeteringen doorgevoerd die bijdragen aan het versterken van de robuustheid van de organisatie. De volgende studies richten zich op uiteenlopende strategische en operationele onderwerpen: Financieringssystematiek Het onderzoek is afgerond en de resultaten zijn verwerkt in de begroting 2027, welke op korte termijn ter zienswijze zal worden voorgelegd aan gemeenteraden en Provinciale Staten.
5
JAARSTUKKEN 2025
OMGEVINGSDIENST ZUID-LIMBURG
2.4 VERGUNNINGEN
Rapportagetool VTH De nieuwe verantwoordings- en rapportagetool is in
Prestatie indicatoren
oktober beschikbaar gesteld aan onze deelnemers.
Vergunningaanvragen en meldingen dienen binnen de wettelijke termijnen te worden afgehandeld. Deze procedures worden geïntegreerd behandeld in het kader van de geldende wet- en regelgeving, waarbij een nauwe aansluiting vereist
Bedrijfsplan milieugerelateerde plustaken
is met de gemeentelijke loketten en het digitaal stelsel Omgevingswet (DSO). De door bedrijven ingediende documenten
Het bedrijfsplan is gepresenteerd aan het dagelijks
worden getoetst op juistheid en volledigheid. Bij een positieve beoordeling kan dit leiden tot het verlenen van een
bestuur. Een beperkt aantal deelnemers heeft ervoor
omgevingsvergunning of een andere benodigde toestemming door het bevoegd gezag.
gekozen om extra plustaken in te brengen.
In deze rapportage wordt, conform de afspraken in de vastgestelde begroting, inzicht gegeven in de voortgang en
Revitalisering opdrachtgeversoverleg
prestaties op de afgesproken KPI’s.
Onder de nieuwe opzet en naam “Partnerschap Overleg Leefomgeving ODZL” zijn er inmiddels vier overlegmomenten geweest die als positief zijn ervaren. Er zijn gezamenlijke thema’s besproken en er was telkens ruimte voor verbinding. Begin 2026 vindt een evaluatie
Speerpunt
Prestatatie indicator
Realisatie 2025
Tjdige vergunningen (1)
90% van de omgevingsvergunningen,
94% van de vergunningen voorbereid met
voorbereid met de uitgebreide procedure,
de uitgebreide procedure is behandeld
dient binnen de wettelijke termijn
binnen de geldende termijn of heeft
behandeld te zijn, tenzij door de aanvrager
instemming vanwege termijnoverschrijding.
van de nieuwe werkwijze plaats.
2.2.2 MAATSCHAPPELIJKE ONTWIKKELINGEN
wordt ingestemd met termijnoverschrijding.
De maatschappelijke aandacht voor een schone, gezonde, veilige en duurzame leefomgeving blijft onverminderd groot. Inwoners, belangengroepen en besturen verwachten dat de omgevingsdiensten een grote rol spelen in het bewaken en
95% van de omgevingsvergunningen
97% van de vergunningen voorbereid met
voorbereid met de reguliere procedure,
de reguliere procedure is behandeld binnen
dient binnen de wettelijke termijn
de geldende termijn of heeft instemming
behandeld te zijn.
vanwege termijnoverschrijding.
Tijdige advisering over de
95% van de adviezen over de te nemen
100% van de vergunning gerelateerde
te nemen beslissing op
beslissing op een aanvraag dient binnen de
adviezen is binnen de afgesproken termijn
een aanvraag (2)
afgesproken termijn gegeven te zijn, tenzij
verstrekt of heeft instemming van de
wordt ingestemd met termijnverlenging.
aanvrager.
Omgevingsvergunningen c.q. adviezen over
100% van de in 2025 vastgestelde besluiten
de te nemen beslissing op een aanvraag
voldoet aan de meest actuele wet- en
voldoen aan de meest actuele wet- en
regelgeving.
beschermen van deze maatschappelijke opgave. Deze verantwoordelijkheid vraagt om omgevingsdiensten die goed zijn uitgerust om deze taak te vervullen en om intensievere samenwerking met andere omgevingsdiensten, deelnemers en ketenpartners. Samenwerking met onze deelnemers, met andere (Seveso-)omgevingsdiensten en met andere partners zoals de Veiligheidsregio’s Zuid-Limburg en Limburg-Noord en het Waterschap Limburg is noodzakelijk om de gezamenlijke uitdagingen op het gebied van de leefomgeving effectief aan te pakken.
2.3 KERNCIJFERS UITVOERING VTH-TAKEN De Omgevingsdienst Zuid-Limburg heeft in 2025 in totaal 14.561 zaken uitgevoerd of behandeld. Dit is een toename met
Kwaliteit (3)
31% ten opzichte van 2024 (11.076).
regelgeving (normen, BREF’s, richtlijnen etc.)
Het aantal zaken is als volgt te specificeren:
en het beleid van de opdrachtgever. 2025
2024
Verschil
7.175
5.413
1.762
vooroverleggen e.d.
1.523
771
752
Milieu-, bouw- en bodemtoezicht (controles) e.d. inclusief incidentafhandeling
4.222
3.628
594
Incidentmeldingen, informatieplichten e.d. Bouw- en milieuvergunningaanvragen, ontheffingen, taakstellende voorschriften,
Juridische bezwaar- en beroepsprocedures, bestuursrechtelijke handhavingszaken, last onder dwangsom, voorlopige voorzieningen, zienswijzen e.d.
319
244
75
omgevingsplannen e.d.
1.322
1.020
302
Totaal
14.561
11.076
3.485
Van de bezwaar- en beroepschriften moet
94% van de vergunningprocedures
minimaal 85% ongegrond worden verklaard
heeft in 2025 het advies van een
(maximaal 15% gegrond).
Bezwarencommissie, de Rechterlijke toets of Raad van State doorstaan.
Actualiteit (4)
85% van de omgevingsvergunningen wordt
87% van de Seveso – Rie4 vergunningen is
binnen de daarvoor geldende termijnen
actueel en voldoet daarmee aan de BBT-
aangepast aan BBT-conclusies/ BREF’s.
conclusies/ BREF’s.
Adviezen bodem, asbest, bouw, energie, externe veiligheid, geluid, geur, lucht,
Door de “actualisatietoets vergunningen” (476 zaken) is er sprake van een bovengemiddelde toename van het aantal zaken in betreffende categorie.
6
7
JAARSTUKKEN 2025
Projecten en ontwikkelingen Project ‘Van inrichting naar MBA’ In 2025 is het driejarige project ‘Van inrichting naar MBA’ afgerond. Alle gemeentelijke en provinciale basistaak-inrichtingen zijn beoordeeld en omgezet naar het nieuwe systematische kader van de Omgevingswet. Hiermee is een belangrijke stap gezet in de verdere professionalisering en uniformering van het vergunningenproces. Project ‘Actualisatie overige vergunningen’ De beoordeling van de RIE-bedrijven voor zowel provinciaal als gemeentelijk bevoegd gezag is inmiddels afgerond. De volgende stap is het bespreken van deze toetsen met de betreffende vergunningverlener, zodat de daadwerkelijke actualisatie (aanpassing/intrekking) door hen kan worden opgepakt. Bij de daadwerkelijke actualisatie dient rekening gehouden/afstemming plaats te vinden met het project van het CMP (circulair materialen plan). Voor de overige (gemeentelijke) bedrijven zijn inmiddels de meeste vergunningen beoordeeld, en het project verloopt volgens de globale planning. Voor de zomer van 2026 zullen alle toetsen zijn afgerond. Door het ontbreken van beschikbaar ‘oud’ dossiermateriaal en door wijzigingen in wet- en regelgeving is in veel gevallen aanvullend toezicht en extra controle noodzakelijk.
Project ‘Financiële Zekerheid’ De landelijke inzet voor financiële zekerheid in de pilotperiode 2024–2025 was gericht op het opdoen van ervaring met het instrument door bij 18 tot 30 vergunningen voorschriften op te nemen. In Limburg is dit voortvarend opgepakt: een uitvoeringsteam is opgeleid en met een brede en diverse groep “moet-bedrijven” is fysiek overleg gevoerd. Ter voorbereiding zijn relevante milieugegevens uit vergunningen, controlerapporten en Seveso-kennisgevingen geanalyseerd. Aan het einde van de pilotperiode zijn hierdoor 28 omgevingsvergunningen afgerond, circa 50% van het provinciale totaal en het merendeel van wat landelijk is bereikt. Limburg loopt daarmee met ruime voorsprong voorop in financiële zekerheid.
OMGEVINGSDIENST ZUID-LIMBURG
Landelijke maatwerkaanpak (verduurzaming en CO₂reductie) Om de klimaatdoelen te halen zet het kabinet, naast diverse andere instrumenten, in op een maatwerkaanpak voor de grootste industriële CO2-uitstoters. Vanwege de aanhoudende economische onzekerheid blijkt het lastig om bindende afspraken te maken met bedrijven en gaat het project langzamer dan verwacht. Binnen de provincie Limburg wordt nog overleg gevoerd met OCI en AnQore (gelegen op site Chemelot) en met Smurfit Westrock. Met Cosun zijn onlangs bindende afspraken gemaakt. Voor deze bedrijven zijn er binnen de organisatie casusteams actief bezig met vooroverleggen, m.e.r.-procedures en vergunningverlening van (mogelijke) maatwerkprojecten. Bij AnQore en Smurfit Westrock zijn al een aantal vergunningen verleend. Een casusteam bestaat uit een lid van het projectteam maatwerk, de vergunningverlener milieu van de betreffende locatie en een jurist. Waar nodig wordt het team uitgebreid met een vergunningverlener bouw en specialisten geluid, externe veiligheid, lucht etc. Daarnaast zijn in 2025 een aantal landelijke expertpools (o.a. energieopslagsystemen, vergistingsinstallaties, energiebesparing, lucht(emissies), ZZS) opgestart waarin medewerkers van de organisatie participeren voor
2.5 TOEZICHT EN HANDHAVING Planning toezicht Met de invoering van de Omgevingswet is het aantal activiteiten dat als basistaak wordt beschouwd aanzienlijk uitgebreid. Dit heeft geleid tot 1.200 nieuwe locaties die eind 2024 door gemeenten zijn overgedragen aan de omgevingsdienst. Deze overdracht heeft plaatsgevonden buiten de reguliere planningscyclus, waardoor deze locaties niet konden worden opgenomen in de reguliere planning. Om toch adequaat toezicht te houden op deze nieuwe locaties is de beschikbare capaciteit ingezet op branchegerichte projecten. In deze periode zijn inspecties uitgevoerd bij de volgende branches:
Sinds 2025 is meer aandacht gekomen voor ZZS bij zowel vergunningverlening als het houden van toezicht.
het veld noodzakelijk. Alle geplande bedrijventerreinen zijnn geïnventariseerd. Het betreft de bedrijventerreinen De Horsel (Beekdaelen), Beekerhoek (Beek), Weerterveld (Meerssen), Lindelaufer Gewande (Voerendaal), Beatrixhaven (Maastricht) en Businesspark Stein (Stein). In het verslagjaar heeft de overdracht van nieuwe basistaaklocaties geleid tot een informatieachterstand. Dit komt doordat milieudossiers van deze locaties vaak ontbreken of niet volledig zijn. Het verkrijgen van deze gegevens vergt veel extra tijd en leidt bij sommige opdrachtgevers tot vertraging in de uitvoering van milieucontroles. Het lopende project informatie-
•
Garagebedrijven (29x);
•
Tankstations zonder LPG-installatie (9x);
•
(Melk)rundveehouderijen (28x);
gemeenten opnieuw extra basistaaklocaties
•
Metaalrecyclingbedrijven (24x).
niet meer opgenomen in de planning voor 2025, maar
uitwisseling moet hier verbetering in brengen.
Daarnaast is het pilotproject “Vrije veldcontroles”
Daarnaast zijn gedurende het verslagjaar door overgedragen aan de omgevingsdienst. Deze locaties zijn worden meegenomen in de programmering voor 2026.
uitgevoerd. Dit project richtte zich op het actualiseren
Prestatie indicatoren
van het bedrijvenbestand op bedrijventerreinen. Door
In deze rapportage wordt, conform de afspraken in de
het hoge verloop van activiteiten en het ontbreken van
vastgestelde begroting, inzicht gegeven in de voortgang en prestaties op de afgesproken KPI’s.
kennisuitwisseling. Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS)
meldingen of vergunningaanvragen is actieve controle in
Speerpunt
Prestatatie indicator
Realisatie 2025
Kwaliteit (1)
Toezichtrapporten voldoen aan de meest
Doelstelling gehaald.
actuele wet- en regelgeving en het beleid
Toezichthouders hebben onder andere cursussen gevolgd
van de opdrachtgever.
om ZZS te herkennen en het opvragen van vermijdingsen reductieprogramma’s (VRP) is als standaard document opgenomen. Dit heeft ertoe geleid dat bedrijven bewuster worden van hun verantwoordelijkheid inzake
95% van de handhavingsbesluiten worden
100% van de handhavingsbesluiten is
genomen binnen de daarvoor afgesproken
genomen binnen de wettelijk daarvoor
termijn.
vastgestelde termijn (8 weken) of er vindt met instemming van verzoeker opschorting
ZZS en dat meer VRP’s worden ingediend. Middels het organiseren van casusuurtjes wordt informatie en kennis over ZZS gedeeld met vergunningverleners, toezichthouders en specialisten. De bewustwording van ZZS begint steeds meer vorm te krijgen. Een aandachtspunt is dat momenteel financiering enkel van
van de termijn plaats. Tijdigheid (2) Uniformiteit (3)
Uitvoering werkprogramma opdrachtgever
96% van de reguliere planning van het
zoals onderling afgesproken 100%.
werkprogramma is gerealiseerd.
Hanteren van vastgesteld
Is gerealiseerd.
handhavingsbeleid opdrachtgever.
de provincie afkomstig is. ZZS speelt echter niet alleen bij provinciale bedrijven, maar ook bij gemeentelijke bedrijven.
88
9
JAARSTUKKEN 2025
OMGEVINGSDIENST ZUID-LIMBURG
Ad (2) Tijdigheid
provinciale bedrijven” opgesteld. Het plan van aanpak
Naast bestuursrechtelijke handhaving wordt
Energie(besparingsplicht)
In 2025 is 96% van het planmatige milieutoezicht
richt zich op het verbeteren van de waterkwaliteit
actief ingezet op strafrechtelijke instrumenten. De
In het rapport van de Algemene Rekenkamer over de
uitgevoerd. Dit omvat zowel de reguliere planmatige
door de ontwikkeling van een robuuste en uniforme
omgevingsdienst heeft geparticipeerd in de landelijke
energiebesparingsplicht (2019–2023) zijn verschillende
inspecties als de planmatige controles die in projectvorm
VTH-strategie. Hierbij wordt gebruik gemaakt van
pilot ‘bestuurlijke boete’, welke heeft geleid tot een
aanbevelingen gedaan om het toezicht bij bedrijven en
zijn uitgevoerd (onder meer bij garagebedrijven,
landelijk initiatieven zoals de kennisregisseur water van
landelijk werkproces én de eerste opgelegde bestuurlijke
instellingen te intensiveren. Eén daarvan is de oproep
tankstations, veehouderijen en metaalrecycling).
Omgevingsdienst Nederland.
boetes. Basis voor zowel bestuurs- als strafrechtelijke
aan bevoegd gezagen om het gesprek te voeren over
De planning bestond uit 1.037 planmatige controles,
De implementatie van het plan volgt een gefaseerde
handhaving blijft de Landelijke Handhavingsstrategie
het toezicht- en handhavingsscenario dat het beste past
waarvan 43 Seveso inspecties. In totaal zijn 952
aanpak over een periode van drie jaar. Inmiddels is gestart
Seveso-inrichtingen en de LHSO, aangevuld met het nog
binnen de regio.
planmatige milieu inspecties en 43 planmatige Seveso
met uitbreiding van de toezichtcapaciteit, de planning van
inspecties uitgevoerd. Hiermee is het overgrote deel van
de verdere kennisontwikkeling en selectie van bedrijven
De BOA’s hebben in opdracht van het OM zelfstandig
2025 tijdens het partneroverleg een eerste presentatie te
de geplande werkzaamheden gerealiseerd.
in de branches afvalverwerking en chemische industrie.
en gezamenlijk meerdere strafrechtelijke onderzoeken
geven, gevolgd door gesprekken met alle gemeenten voor
De uitvoering van de inspecties bij de geselecteerde
uitgevoerd en proces-verbaal opgemaakt. De
nadere kennismaking en behoeftebepaling. Na de zomer
bedrijven start in 2026.
samenwerking met ketenpartners – waaronder OM/
is samen met de ambtelijke werkgroep de basis gelegd
FP, RMT, politie, Arbeidsinspectie, ILenT en RIEC – is
voor de uitvoering van de energiebesparingsplicht vanaf
verder versterkt via gezamenlijke overlegstructuren,
2027.
Naast deze planmatige inzet zijn in 2025 ook niet geplande controles uitgevoerd. Ongeveer 20% van alle uitgevoerde controles betrof inzet naar
Bodem
aanleiding van incidentmeldingen, ad hoc verzoeken en
Het team bodem heeft inmiddels twee jaar ervaring met
handhavingstrajecten. Daarnaast zijn 293 hercontroles
het uitvoeren van de nieuwe bodemtaken. Daar waar
uitgevoerd om te borgen dat overtredingen daadwerkelijk
in 2024 het aantal meldingen en informatieplichten
zijn beëindigd. Totaal komen we uit op 1.190 uitgevoerde
achterbleef op de verwachte aantallen, is inmiddels
milieucontroles.
sprake van een geheel andere ontwikkeling. In 2025
Projecten en ontwikkelingen Project intensivering provinciaal toezicht 2025-2027 Op 21 maart 2025 is het ‘Plan van Aanpak Intensivering Provinciaal Toezicht’ bestuurlijk vastgesteld. In lijn met het voorbereidingsjaar zijn in 2025 belangrijke stappen gezet. Zo is extra capaciteit geworven en ingehuurd om het toezicht te versterken. Daarnaast is een externe audit uitgevoerd naar de kwaliteit van het milieutoezicht, waaronder de voorbereiding, uitvoering en verslaglegging van controles. De sturing op het provinciaal toezicht heeft in 2025 ook meer vorm gekregen. Er is gestart met de ontwikkeling van een operationeel dashboard, waarmee meer inzicht wordt verkregen in de toezichtlast, toezichtfrequentie en risicoprofielen. Dit dashboard wordt in 2026 verder doorontwikkeld. Ten slotte is de voorbereiding gestart voor de intensivering van het toezicht in 2026, waarin de uitvoering op basis van werkprocessen en risicomodellen centraal staat. Project indirecte lozingen De provincie heeft een meerjarige financiering ingebracht bij de omgevingsdienst om de problematiek rondom de toenemende vervuiling als gevolg van indirecte lozingen van stoffen aan te pakken. Dit is door Provinciale Staten geaccordeerd op 21 maart 2025. De organisatie heeft
op te stellen regionale VTH(A)-beleid.
onderzoeksteams en het aanleveren van procesdossiers. Het Functioneel Parket heeft toegezegd meer inzicht te geven in de afhandeling van door de omgevingsdienst
De organisatie heeft hierop voortgebouwd door begin
Op dit moment hebben 2.465 bedrijven en instellingen zich gemeld. In 2025 zijn vanuit de meldingsplicht 550
aangeleverde PV’s.
bedrijven en instellingen aangeschreven waarvan in 2023
heeft namelijk een significante toename van de aantallen
De verwerking en uitwisseling van strafrechtelijke
instellingen zich in 2019 wel hadden gemeld.
(circa 2.050 stuks) plaatsgevonden ten opzichte
informatie vraagt blijvende aandacht om te voldoen
van de aantallen in 2024 (circa 1.200 stuks). Deze
aan de Wpg en AVG. Dit wordt geborgd via het
toename ziet primair op het hoger aantal ingediende
BOA-registratiesysteem, het inrichten van bijbehorende
informatieplichten.
werkprocessen, een interne audit in 2026 en de opleiding
Daar waar meer meldingen c.q. informatieplichten zijn, zou ook meer toezicht gehouden moeten worden. Met de huidige capaciteit is het houden van meer toezicht
van een BOA tot bevoegd functionaris als bedoeld in artikel 9 van de Wpg.
geen melding was ontvangen, terwijl deze bedrijven en
Een nieuwe basistaak is het toezicht op het Besluit CO₂-reductie werkgebonden personenmobiliteit voor organisaties met meer dan 100 medewerkers. Deze organisaties moeten jaarlijks rapporteren over zakelijke mobiliteit en woon-werkverkeer. De start van toezicht en handhaving is voorlopig uitgesteld, omdat de ondergrens wordt verhoogd van 100+ naar 250+ werknemers.
echter niet mogelijk. Door middel van inhuur alsmede de inzet van trainees wordt gestreefd naar meer toezichtcapaciteit. Meer toezicht leidt op zijn beurt ongetwijfeld ook tot indiening van meer meldingen en informatieplichten. Het is dan ook belangrijk om voldoende capaciteit beschikbaar te stellen en te houden voor de toezichthoudende taken. De eerder berekende extra 4 fte is op basis van de aantallen van 2025 dan ook zeker benodigd voor een goede taakuitvoering en inzet op het houden van het benodigde toezicht. BOA De omgevingsdienst heeft inmiddels vier beëdigde BOA’s in dienst (3 fte). Twee richten zich volledig op strafrechtelijke handhaving bij SEVESO- en RIE-bedrijven; de andere twee op bodem- en asbestdelicten. In 2025 zijn alle BOA’s gestart met de verplichte permanente her- en bijscholing (PHB). De verdere invulling van deze vierjaarlijkse cyclus gebeurt samen met de ODNL-Academie en BOA’s van provinciale en gemeentelijke organisaties en andere omgevingsdiensten.
hiervoor een plan van aanpak “pilot indirecte lozingen
10
11
JAARSTUKKEN 2025
OMGEVINGSDIENST ZUID-LIMBURG
2.6 ADVIES
2.7 VERPLICHTE PARAGRAFEN
Prestatie indicatoren
In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) staat aangegeven dat ten minste de navolgende paragrafen
Speerpunt
Prestatatie indicator
Realisatie 2025
Kwaliteit (1)
De adviezen bevatten heldere conclusies en
Is gerealiseerd. De adviezen voldoen aan de
zijn transparant in de afwegingen.
verwachtingen van onze opdrachtgevers. Interviews met onze opdrachtgevers tonen brede waardering voor de kennis en kunde van onze medewerkers.
Tijdigheid (2)
95% van de adviezen is voor de afgesproken
Is gerealiseerd. Bij zaken waar de termijn
termijn aan de opdrachtgever verzonden.
niet wordt gehaald word actief aan verwachtingenmanagement gedaan.
Projecten en ontwikkelingen Omgevingsveiligheid
evaluatie plaatsvinden ter bepaling van een mogelijke continuering in de volgende jaren.
De discipline externe veiligheid beoordeelt en adviseert
Lucht
over risico’s van gevaarlijke milieubelastende activiteiten
In het afgelopen jaar is uitvoering gegeven aan
en ontwikkelingen. De helft van de adviezen gaat
de aanvullende provinciale opdracht om aan de
naar vergunningverlening, toezicht en handhaving; de
wettelijke taken te voldoen. In augustus is de
andere helft betreft ruimtelijke ontwikkelingen voor
OGI-camera voor lekdetectie in gebruik genomen.
vooral gemeenten. Daarnaast neemt de discipline deel
Daarnaast is het aanbestedingstraject gestart voor
aan vier projecten: Convenant Chemelot, koppeling
drie TD-GCMS-apparaten (Thermo-Desorption Gas
RxMission, actualisatie REV/provinciale inrichtingen en
Chromatography Mass Spectrometry). Het team is
ondersteuning van ODNML.
uitgebreid met drie technische adviseurs lucht, die
In 2025 organiseerde de omgevingsdienst samen met de Veiligheidsregio Zuid-Limburg drie bijeenkomsten om gemeenten te informeren over externe veiligheid in omgevingsplannen. Gemeenten reageerden positief op de voorgestelde regionale aanpak. Deze is in december
zich richten op de controle van emissiemetingen en automatische meetsystemen, de beoordeling van VRP-rapportages en het meten van vluchtige en semi-vluchtige organische stoffen met de nieuwe apparatuur.
opnieuw toegelicht tijdens het partneroverleg, waarna
In 2025 zijn onze roetmetingen voor het eerst
meerdere gemeenten aangaven concreet te willen
geaccrediteerd door de Raad voor Accreditatie. Tevens
starten met de opstelling van omgevingsplannen en
worden met andere omgevingsdiensten oriënterende
hierover verder in gesprek willen gaan.
gesprekken gevoerd over intensievere samenwerking op
opgenomen moeten zijn: 1.
Lokale heffingen
2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
3.
Onderhoud kapitaalgoederen
4.
Financiering
5.
Bedrijfsvoering
6.
Verbonden partijen
7.
Grondbeleid.
nadelig exploitatiesaldo. Het algemeen bestuur bepaalt tevens of en zo ja, tot welk bedrag de deelnemers zullen bijdragen in het nadelig exploitatiesaldo. Het bedoelde plan wordt niet eerder vastgesteld dan nadat de raden en provinciale staten gedurende een termijn van acht
De paragrafen (1) "lokale heffingen", (3) “onderhoud kapitaalgoederen”, (6) "verbonden partijen" en (7) "grondbeleid" zijn niet van toepassing, omdat de dienst niet wordt gefinancierd door heffingen, niet over kapitaalgoederen beschikt, niet participeert in verbonden partijen en geen gronden in bezit heeft. De overige paragrafen zijn hieronder nader toegelicht.
2.7.1 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Inventarisatie en beleid inzake risico’s en weerstandsvermogen Het beleid inzake risico's en weerstandsvermogen is vastgesteld door het algemeen bestuur. Het weerstandsvermogen1 (algemene reserve) komt voor 2025 uit op 4,6% van de omzet. In artikel 31.6 van de gemeenschappelijke regeling is het weerstandsvermogen bepaald op maximaal 10% van de jaaromzet. Voor
het gebied van monstername en analyse.
zover het batig saldo van enig jaar zou leiden tot
De geluidsspecialisten zijn experts die de akoestische
Voor het provinciale meetnet beheert de
jaaromzet, wordt het saldo boven de 10% gerestitueerd,
situatie toetsen, controleren, meten en/of onderzoeken.
omgevingsdienst meerdere luchtmeetstations. Naast
tenzij een meerderheid van de deelnemers gemotiveerd
Zij geven daarmee advies over ruimtelijke ontwikkelingen
het reguliere beheer lag de focus op de opstart en
instemt met een doelreservering van het batig saldo voor
om een veilig en gezond leefmilieu te waarborgen en
ingebruikname van het nieuwe achtergrondstation in
het openbaar lichaam. Het algemeen bestuur stelt een
ervoor te zorgen dat geluidsnormen worden nageleefd.
Gulpen-Wittem.
voorstel van de deelnemers hieromtrent vast.
Met deze uitgebreide dienstverlening zorgen wij ervoor
In Maastricht is extra aandacht besteed aan de
Risicoprofiel
dat geluid en omgeving goed op elkaar zijn afgestemd in
luchtemissies van Mosa. Bij luchtimmissieprojecten
verschillende situaties. In 2025 zijn 396 zaken behandeld.
beheren we onder meer het meetstation aan de
Geluid, trillingen en licht
Acht gemeenten nemen deel aan een pilot waarbij de omgevingsdienst de geluidsmetingen tijdens het evenementenseizoen verricht. In 2026 gaat het derde en laatste jaar van de pilot in. Gedurende 2026 zal een
12
een weerstandsvermogen van meer dan 10% van de
Benodigde omvang weerstandsvermogen
Gemiddeld profiel
<10% van de jaaromzet
Hoge Fronten en begeleiden we de monitoring met diffusiebuisjes en sensoren. Voor de gemeente Stein
Indien enig exploitatiejaar een nadelig saldo oplevert en
stonden de werkzaamheden opnieuw grotendeels
het weerstandsvermogen ontoereikend is om dit nadelige
in het teken van de Asfaltcentrale, waaronder
saldo te dekken, stelt het algemeen bestuur een plan
rechtbankprocedures en uitgevoerde emissiemetingen.
vast dat is gericht op het afbouwen en/of dekken van het 1
weken in de gelegenheid zijn gesteld om hun mening ten aanzien van het plan naar voren te brengen (GR, art. 31.7). Wanneer het algemeen bestuur een besluit heeft genomen omtrent het bijdragen door de deelnemers in het nadelig exploitatiesaldo, wordt het nadelige exploitatiesaldo gedragen op basis van ieders afname (=omzet) in het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft (GR, art. 31.8). Een inventarisatie van risico's wordt jaarlijks uitgevoerd. Deze inventarisatie wordt uitgevoerd tezamen met een afvaardiging van onze deelnemers. In paragraaf 3.8 is de risico-inventarisatie van eind 2025 opgenomen. Hiertoe worden strategische (specifieke) risico’s van reguliere (algemene) risico’s onderscheiden. Reguliere risico's doen zich regelmatig voor en zijn over het algemeen goed meet- en beheersbaar. Voorbeelden van beheersmaatregelen zijn het afsluiten van verzekeringen, het vormen van voorzieningen, het creëren van bestemmingsreserves en het inrichten van de administratieve organisatie en interne controle. Kenmerkend aan strategische risico's is dat er sprake is van niet of nauwelijks beïnvloedbare (externe) risico's. Meestal is de kans dat het risico zich voordoet klein, terwijl de financiële gevolgen groot kunnen zijn. Zowel kans als impact zijn echter moeilijk exact te kwantificeren.
Dergelijke risico's kunnen samenhangen met rijksbrede bezuinigingen, onvoorziene kostenstijgingen, productiviteitsverlies en veranderingen in de vraag. Om te voorkomen dat de dienst bij het voordoen van een niet afgedekt strategisch risico ingrijpende wijzigingen moet doorvoeren, dient de Omgevingsdienst Zuid-Limburg weerstandscapaciteit te bezitten om tegenvallers te kunnen opvangen.
Waar in de GR wordt gesproken van weerstandsvermogen, wordt feitelijk bedoeld weerstandscapaciteit cf. BBV.
13
JAARSTUKKEN 2025
OMGEVINGSDIENST ZUID-LIMBURG
Kengetallen met betrekking tot weerstandsvermogen en risicobeheersing
Rente- en risiconorm
vergelijking: 13,4% bij WSGO leden en 17,5% bij gemeenten
De BBV-kengetallen zijn geënt op begroting en verantwoording van gemeenten en provincies en verplicht (maar beperkt
Aangezien de dienst geen schulden heeft, is er geen
(Personeelsmonitor WSGO 2024).
toepasbaar) voor de dienst. Aangezien grondexploitatie en belastingheffing niet aan de orde zijn, zijn betreffende
sprake van een mogelijk renterisico.
kengetallen niet van toepassing.
Sinds 1 september 2025 maakt de omgevingsdienst
Liquiditeitenplanning
gebruik van de IGOM inhuurdesk van Maandag. Deze desk
De planning van de facturering per kwartaal aan
benadert een groot aantal gecontracteerde leveranciers
de deelnemers voor de in de begroting c.q. het
(inclusief zzp’ers), verzorgt de volledige administratieve
werkprogramma afgesproken dienstverlening, heeft ertoe
afhandeling en borgt de rechtmatigheid van inhuur. Dit
geleid dat er steeds voldoende liquiditeiten aanwezig
levert zowel administratieve ontlasting als een bredere
waren.
kandidatenpool op.
Verslag
Begroting
Verslag
2024
2025
2025
a Netto schuldquote (=netto kaspositie t.o.v. saldo baten)
-0,2
0,0
-0,1
b Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
-0,2
0,0
-0,1
c
50%
38%
43%
d Structurele exploitatieruimte (=structurele baten t.o.v. structurele lasten)
7%
0%
6%
Financieringsrisico's
Door de aangescherpte handhaving van de Wet DBA per
e Grondexploitatie
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Omdat de deelnemers gezamenlijk verantwoordelijk zijn
1 januari 2025 is het zzp gebruik opnieuw beoordeeld en
f
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
voor het financiële beleid van de Gemeenschappelijke
waar nodig aangepast.
Kengetallen
Solvabiliteitsratio (=totaal eigen vermogen t.o.v. totaal passiva)
Belastingcapaciteit
Regeling Omgevingsdienst Zuid-Limburg en zich verplicht a) en b) De (gecorrigeerde) netto schuldquote is negatief, wat betekent dat er meer liquide middelen (cash, direct
hebben de tekorten in zijn geheel gezamenlijk te dragen,
Ziekteverzuim
is er geen sprake van financieringsrisico’s.
Het ziekteverzuim bedroeg in 2025 4,0%, een lichte
Kasgeldlimiet
onder het gemiddelde bij WSGO leden en gemeenten
c) Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid. Een ratio hoger dan 25% wordt toereikend geacht.
Omdat het saldo steeds toereikend was, heeft de
(beide 6,7%). De samenwerking met WVM Bedrijfsartsen
omgevingsdienst geen behoefte gehad aan korte termijn
verloopt goed en er wordt actief ingezet op preventie.
d) Een positieve structurele exploitatieruimte betekent dat de structurele inkomsten voldoende zijn om de structurele
financiering.
opvraagbare middelen) zijn dan de totale financiële schulden. Deze netto kaspositie duidt op een sterke financiële gezondheid, stabiliteit en vermogen om te investeren of tegenslagen op te vangen.
uitgaven te dekken, wat wijst op voldoende financiële weerbaarheid. Alle baten en lasten zijn structureel van aard. In samenhang indiceren deze ratio’s dat de financiële positie van de Omgevingsdienst Zuid-Limburg gezond is.
2.7.3 BEDRIJFSVOERING Per 1 januari 2025 is de afdeling Bedrijfsvoering
bijdragen aan een gezonde en veilige leefomgeving
opgericht. Deze afdeling vormt een stevige basis voor
en op de aantrekkelijke arbeidsvoorwaarden van de
de ondersteuning van de primaire processen en draagt
Omgevingsdienst Zuid-Limburg.
Vergunningen, Milieutoezicht & Veiligheid, Specialistisch & Juridisch Toezicht en Onderzoek & Advies. De vijf afdelingshoofden vormen samen met de directeur en de controller het managementteam. 2.7.3.2 PERSONEEL Formatie In 2025 is het aantal medewerkers gegroeid naar 156, wat overeenkomt met 147,6 fte (2024: 141 medewerkers Algemeen
Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuid-
Gegeven de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet
Limburg vindt plaats met voorschotnota's op basis
FIDO) is elke gemeente, provincie of gemeenschappelijke
van de vastgestelde begroting c.q. het aangepaste
regeling verplicht om een financieringsparagraaf in de
werkprogramma.
begroting en jaarrekening op te nemen. Daarin worden de ontwikkelingen aangegeven over de kasgeldlimiet, de ontwikkelingen wat betreft de rente¬ en risiconorm, de verwachte toe- en/of afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid over treasury. De randvoorwaarden hiervoor zijn geformuleerd in het treasurystatuut. Uiteraard valt dit binnen het wettelijke kader, zoals gesteld door de Wet FIDO.
14
Rentevisie De dienst heeft geen leningen. Koers- en valutarisico De dienst bezit geen derivaten of vreemde valuta en is er dus geen sprake van koersrisico en ook niet van een valutarisico.
In 2025 zijn 24 vacatures opengesteld. Vacatureteksten zijn vernieuwd om meer nadruk te leggen op het
De organisatie bestaat verder uit de afdelingen
De financiering door de deelnemers in de
Vacatures
2.7.3.1 ORGANISATIESTRUCTUUR
bij aan een efficiëntere en effectievere organisatie.
2.7.2 FINANCIERING
stijging ten opzichte van 2024 (3,5%), maar nog altijd ruim
en 132,3 fte). Het aandeel jonge medewerkers is in de afgelopen jaren toegenomen: 13% van het personeelsbestand is 30 jaar of jonger (21 medewerkers). Het aandeel medewerkers in de leeftijdscategorie 60+ bedraagt 19% (30 medewerkers). Inhuur Per 31 december 2025 werkten 29 inhuurkrachten binnen de organisatie, samen goed voor 19,9 fte. Opvallend blijft dat veel inhuurkrachten beperkte uren werken, zeker in vergelijking met vaste medewerkers. Het aandeel kosten voor externe inhuur komt in 2025
Sinds september 2025 is de omgevingsdienst aangesloten bij het Regionaal Mobiliteitscentrum IGOM, waardoor vacatures ook via IGOM.nl worden verspreid. Ondanks de aanhoudende arbeidsmarktkrapte slagen we erin om vacatures tijdig in te vullen, zowel binnen VTH functies als technische en bedrijfsvoeringsfuncties. Door de groei van het personeelsbestand blijft investeren in onboarding essentieel, ook voor trainees die na hun opleiding instromen. Inwerkprogramma’s worden continu verbeterd. Het begeleiden van nieuwe medewerkers vergt steeds meer aandacht. Het werving en selectiebeleid is in 2025 geactualiseerd en bevat nu expliciete aandacht voor interne doorstroom om medewerkers te behouden. Arbeidsmarktcommunicatie en aantrekkelijk werkgeverschap Arbeidsmarktcommunicatie blijft een belangrijk speerpunt. De landelijke campagne “Omdat je staat voor je omgeving”, die eind 2024 succesvol werd afgerond, is in 2025 lokaal voortgezet.
uit op 14% van de totale loonsom inclusief inhuur. Ter
15
JAARSTUKKEN 2025
De Omgevingsdienst Zuid-Limburg werd begin 2025
te voldoen. Daarbij wordt gebruikgemaakt van het
uitgeroepen tot aantrekkelijkste werkgever van
aanbod van de ODNL academie. Nieuwe medewerkers
Zuid Limburg (categorie middelgrote organisaties).
volgden onder meer trainingen in politiek-bestuurlijke
Deze erkenning wordt actief benut in communicatie,
sensitiviteit, samenwerken en de competentie ‘verbinden’.
waaronder vacatureteksten.
2.7.3.3 INFORMATIEMANAGEMENT
Het LinkedIn profiel wordt intensief bijgehouden, met
Informatisering en automatisering
nieuws, interviews en vacatures die laten zien wat ons als
Door toenemende wettelijke eisen en een groeiende
werkgever aantrekkelijk maakt.
behoefte aan toegankelijke informatie is het noodzakelijk
Ook interne communicatie via het intranet blijft belangrijk. Het intranet biedt medewerkers inzicht in organisatorische ontwikkelingen en besluiten van het
om efficiënt en met hoge kwaliteit te werken. Dit vraagt om moderne ICT voorzieningen en een hoge beschikbaarheid van systemen.
managementteam en het algemeen en dagelijks bestuur,
In 2025 is veel geïnvesteerd in de verdere opbouw van
en draagt bij aan betrokkenheid.
de afdeling Bedrijfsvoering, waaronder de uitbreiding
Cao SGO De nieuwe cao leidde tot wijzigingen in het personeelshandboek. Instrumenten voor flexibel belonen zijn aangescherpt en uniform toegepast. De regeling voor woon werkvergoeding heeft een structureel karakter gekregen. Duurzame inzetbaarheid In 2025 bleef duurzame inzetbaarheid een belangrijk thema, in lijn met de cao. De focus lag op loopbaanontwikkeling, versterking van vakmanschap en vitaliteit. De meeste medewerkers volgden functiegerichte opleidingen. Een kleinere groep maakte gebruik van loopbaaninstrumenten, waaronder de TMA analyse, om talenten, drijfveren en ontwikkelmogelijkheden in kaart
met functies op het gebied van informatiemanagement. Dankzij deze nieuwe expertise zijn diverse projecten opgepakt en zijn alle openstaande acties binnen het programma Robuust worden afgerond. We nemen actief deel aan ODNL vakberaden, waardoor we goed aangesloten blijven op landelijke ontwikkelingen. Verantwoordings- en rapportagetool In 2024 is het bestaande VTH verantwoordings- en
De doelstellingen van duurzame inzetbaarheid blijven om: •
uiteenlopende omstandigheden; •
organisatie te versterken.
Governance en eigenaarschap
•
Datavaardige medewerkers en leiderschap
•
Toekomstbestendige technologie
(wekelijks)
•
Samenwerking intern en extern
Afnamerapportage met producten en uren per
Deze strategie vormt de basis voor het doel om in 2030 te functioneren als een
opdrachtgever (wekelijks)
volwassen datagedreven organisatie: efficiënt, transparant en toekomstgericht.
Tussen- en jaarrapportages met financiën
Innovatie
(maandelijks)
De innovatiecapaciteit is in 2025 duidelijk toegenomen. Dit is mede gerealiseerd
Er zijn vier nieuwe rapportages ontwikkeld:
continuïteit, productiviteit en werkplezier binnen de •
Urenrapportage per medewerker, afdeling en product
Zaakrapportages (dagelijks)
Opleidingsplan 2025 - 2026 en Kwaliteitscriteria 3.0.
Deze rapportages zijn 24/7 beschikbaar via
Het opleidingsplan 2025–2026 beschrijft de opleidingen
een dashboard voor opdrachtgevers en het
die nodig zijn voor het behalen van organisatie en
managementteam. Er wordt gewerkt aan een
afdelingsdoelen. In 2025 lag de nadruk op de overgang
gebruiksvriendelijkere toegang en bredere ontsluiting
naar Kwaliteitscriteria VTH 3.0. Daarbij is met name
voor medewerkers.
aandacht besteed aan systeemtechnische inrichting in MyForms en het actualiseren van medewerkersportfolio’s met opleidingen, diploma’s en werkervaring. Deze informatie maakt inzichtelijk welke aanvullende kwalificaties nodig zijn om aan de kwaliteitscriteria
16
verankeren. De strategie richt zich op zes pijlers:
•
geïmplementeerd.
•
robuust worden. De ambitie is om BI structureel te professionaliseren en breed te
Uniformiteit en betrouwbaarheid
sturingsinformatie. De aanbevelingen zijn in 2025
medewerkers vitaal en inzetbaar te houden in
Intelligence (BI) strategie vastgesteld. Dit is een van de vereisten in het kader van
•
nodig was voor meer transparantie en betere
•
datagedreven werken, maar de inzet was nog versnipperd. In 2025 is de Business
Integratie in de organisatie
andere manier van dataverzameling en rapportage
te brengen.
De organisatie heeft de afgelopen jaren eerste stappen gezet richting
•
rapportageproces geëvalueerd. Daaruit bleek dat een
•
Business Intelligence
Daarnaast zijn in 2025 enkele beleidsnota’s opgesteld en vastgesteld. De implementatie hiervan startte in 2025 en krijgt in 2026 vervolg.
door de oprichting van de afdeling Bedrijfsvoering, de aanstelling van een projectleider innovatie, een intern onderzoek naar procesverbetering en een structureel innovatiebudget (1% van de begroting). We werken vanuit de volgende vijf innovatiepijlers: •
persoonlijke ontwikkeling
•
doorontwikkeling van producten, diensten en processen
•
creatief omdenken
•
ontwerpen en toepassen van nieuwe oplossingen
•
samenwerking
17
JAARSTUKKEN 2025
Innovatie wordt mogelijk gemaakt door drie randvoorwaarden: een structureel budget, tijd en ruimte voor medewerkers om te vernieuwen, en een cultuur waarin innovatie wordt gestimuleerd. Het fail fastprincipe wordt gehanteerd: haalbare ideeën worden snel getest en succesvolle initiatieven worden opgeschaald. De innovatiekalender geeft een overzicht van lopende projecten en initiatieven die in de komende jaren starten. De kalender blijft dynamisch en beweegt mee met de organisatie. Projectplan procesverbetering Sinds medio 2023 werkten we met de VTH applicatie Rx.Mission, waarin de processen volgens de Omgevingswet zijn ingericht. Na ruim een jaar werken in de nieuwe wetgeving is behoefte ontstaan aan optimalisatie van de processen en verbetering van datakwaliteit. Er is een uitgebreide procesanalyse uitgevoerd voor alle disciplines. De bevindingen zijn gegroepeerd in onderstaande thema’s: • •
werkafspraken en naleving taakvolwassenheid en digitale vaardigheden
OMGEVINGSDIENST ZUID-LIMBURG
• • • •
wetten en algemeen verbindende voorschriften overige besluiten van algemene strekking organisatie en werkwijze bereikbaarheidsgegevens
De eerste twee categorieën worden automatisch openbaar via correcte publicatie; de laatste twee via het Register van Overheidsorganisaties (ROO) en het GRregister. De organisatie voldoet aan deze verplichtingen. In 2025 zijn daarnaast besluiten(lijsten) van het algemeen en dagelijks bestuur op de website gepubliceerd en wordt in Seveso verband gewerkt aan actieve openbaarmaking van handhavingsbeschikkingen. Passieve openbaarmaking Passieve openbaarmaking betreft Woo verzoeken om toegang tot overheidsinformatie die bij de bestuursorganen aanwezig is. Dit gaat vooral om documenten over de eigen bedrijfsvoering; informatie opgesteld in mandaat voor deelnemers valt hier niet onder. In 2025 zijn geen Woo verzoeken ontvangen. Verbetering informatiehuishouding
•
procesinrichting en LEAN verbeteringen
Een goede informatiehuishouding is een randvoorwaarde
•
uniformering van werkzaamheden
is het informatie- en archiefbeheer van de organisatie
•
inrichting van Rx.Mission
•
datakwaliteit binnen Rx.Mission
Deze thema’s zijn uitgewerkt in een projectplan. De quick wins zijn inmiddels gerealiseerd; overige aanbevelingen worden verder opgepakt in diverse projecten in 2026. 2.7.3.4 WET OPEN OVERHEID De Wet open overheid (Woo) onderscheidt passieve openbaarmaking (op verzoek) en actieve openbaarmaking (op eigen initiatief). De wet is van toepassing op het algemeen bestuur, dagelijks bestuur en de voorzitter van het openbaar lichaam. Bestuursorganen moeten jaarlijks rapporteren over de uitvoering van de Woo, toegelicht aan de hand van drie onderdelen: actieve openbaarmaking, passieve openbaarmaking en verbetering van de informatiehuishouding. Actieve openbaarmaking De Woo verplicht tot het actief openbaar maken van 17 categorieën informatie, waarvan de eerste vier sinds 1 november 2024 van kracht zijn:
18
2.7.3.5 KLACHTENBEHANDELING
beleid bij de Aanbestedingswet 2012. Deze regeling biedt
Klachtrecht
ondernemers een snelle en laagdrempelige mogelijkheid
Klachten worden behandeld volgens titel 9.1 van de
om klachten in te dienen bij een onafhankelijk meldpunt,
Awb. Voor een zorgvuldige procedure is een Verordening
dat deze zorgvuldig en deskundig beoordeelt en snel
klachtenbehandeling vastgesteld, waarin is bepaald
beslist of een klacht (deels) gegrond is. Hierdoor hoeven
dat een klachtbehandelaar – aangewezen door het
ondernemers niet direct naar de rechter voor een
dagelijks bestuur – het klaagschrift behandelt en
kort geding. Jaarlijks wordt over de klachtafhandeling
het bestuursorgaan adviseert. Het bestuursorgaan
gerapporteerd.
informeert de klager schriftelijk over de bevindingen, het oordeel en eventuele conclusies. Deze bevoegdheid is gemandateerd aan de directeur, tenzij de klacht hemzelf betreft. Een klager die ontevreden is over de afhandeling kan terecht bij de Nationale ombudsman. Bestuursorganen zijn verplicht schriftelijke klachten te registreren en hierover te rapporteren in het jaarverslag. Het gaat om klachten op grond van de Awb: klachten van burgers over bejegening of de kwaliteit van informatie, producten en diensten, niet om milieuklachten.
In 2025 zijn bij het onafhankelijke meldpunt geen klachten over inkoop- en aanbestedingsprocedures ingediend.
2.7.4 VERBONDEN PARTIJEN De Omgevingsdienst Zuid-Limburg heeft zelf geen verbonden partijen in de zin dat zij financieel zeggenschap heeft over andere organisaties. Omgekeerd is de organisatie wel middels de gemeenschappelijke regeling verbonden aan de provincie
In 2025 zijn geen formele Awb-klachten ontvangen.
en alle gemeenten in Zuid-Limburg. Onze dienst was in
Klachtenmeldpunt aanbestedingen
Brunssum, Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem, Heerlen,
Naast de Awb-klachtafhandeling beschikt de
Kerkrade, Landgraaf, Maastricht, Meerssen, Simpelveld,
organisatie over een klachtenregeling voor inkoop- en
Sittard-Geleen, Stein, Vaals, Valkenburg aan de Geul,
aanbestedingsprocedures, gebaseerd op het flankerend
Voerendaal en de provincie Limburg.
2025 verbonden aan de gemeenten Beek, Beekdaelen,
om informatie te kunnen vinden en ontsluiten. In 2022 voor de eerste keer getoetst door een archiefinspecteur van het Historisch Centrum Limburg (hierna: HCL). Deze inspectie heeft zich beperkt tot de eigen bedrijfsvoering van de organisatie. Hieruit bleek dat wij op dat moment niet voldeden aan (alle) verplichtingen van de Archiefwet en onderliggende regelgeving. In 2024 is de organisatie gestart met een verbetertraject, met als ambitie om binnen een afzienbare periode in control te zijn op het eigen informatie- en archiefbeheer en, binnen de budgettaire en organisatorische mogelijkheden en beperkingen, compliant te zijn aan de Archiefwet. Daartoe is een verbeterplan opgesteld waarin de planning en activiteiten voor realisatie van deze ambitie zijn opgenomen. Het verbeterplan is akkoord bevonden door HCL. In de begroting zijn vanaf 2025 structureel middelen opgenomen voor een afdeling Bedrijfsvoering en de daaronder ressorterende functies waaronder de adviseur kwaliteitsmanagement en informatievoorziening. Door her prioritering van taken binnen de nog steeds beperkte capaciteit op dit taakveld is in 2025 de uitvoering van het verbeterplan uit 2024 getemporiseerd.
19
OMGEVINGSDIENST ZUID-LIMBURG
3.
JAARREKENING 2025
JAARREKENING 2025
3.1 GRONDSLAGEN VOOR WAARDERING EN RESULTAATBEPALING Algemeen
de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet; •
voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat; •
algemeen bestuur is vastgesteld;
in Maastricht en is ingeschreven bij het Handelsregister Het adres van de Omgevingsdienst Zuid-Limburg is
•
onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal
MA Maastricht).
scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn.
De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van
Voor over- en onderschrijdingen van baten,
het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en de
onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen
Financiële verordening van de Omgevingsdienst Zuid-
van investeringskredieten geldt dat deze als
Limburg. Ten behoeve van het inzichtvereiste wordt in
onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig
het overzicht Baten en Lasten afgeweken van het door
aan het algemeen bestuur zijn gemeld.
de BBV voorgeschreven model programmarekening. Alle het domein Milieubeheer. Dit betreft taakveld 7.4 uit de Overzichtslijst van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Overhead is tevens inbegrepen in dit taakveld. De jaarrekening is vastgesteld door het algemeen bestuur op 1 april 2026. De algemene grondslag voor de waardering van activa en passiva, alsmede voor het bepalen van het resultaat, is de verkrijgingsprijs. Voor zover niet anders vermeld, worden activa en passiva opgenomen voor de nominale waarde. Voor zover van toepassing, zijn ter vergelijking de gerealiseerde cijfers van het voorgaande jaar opgenomen alsmede de begroting over het huidige jaar. Waar van toepassing zijn de vergelijkende cijfers geherrubriceerd voor verbetering van het inzicht. Algemene grondslagen voor de Rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders in de financiële verordening en op basis van de Kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: •
20
Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten
Limburglaan 10, 6229 GA Maastricht (Postbus 5700, 6202
activiteiten van onze dienst bevinden zich volledig in
Voor het voorwaardencriterium de norm bestaat uit het normenkader zoals op 3 december 2025 door het
De Omgevingsdienst Zuid-Limburg is statutair gevestigd Kamer van Koophandel onder nummer: 56942281.
De financiële rechtmatigheid het
•
De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de Kadernota rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening. Dit betekent dat: o
Een verantwoordingsgrens van 2% (€ 383.399)
is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onzekerheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; o
Een rapporteringstolerantie van € 50.000 is
gehanteerd waarboven fouten en onzekerheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen. Continuïteit Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling. De Omgevingsdienst Zuid-Limburg verwacht voor de komende periode geen significante nadelige financiële gevolgen als gevolg van geopolitieke ontwikkelingen. Vaste activa De vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs verminderd met de daarop toegepaste afschrijvingen. Vlottende activa De vorderingen, overlopende activa en liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met de noodzakelijk geachte voorzieningen.
De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op
21
JAARSTUKKEN 2025
OMGEVINGSDIENST ZUID-LIMBURG
Eigen vermogen
Zuid-Limburg. Deze bijdragen worden verantwoord in het
Onder het eigen vermogen zijn opgenomen de algemene
jaar waarin de diensten zijn verricht. Verliezen worden in
reserve, de bestemmingsreserves en het saldo van de
aanmerking genomen in het jaar waarin ze voorzienbaar
rekening baten en lasten.
zijn. Winsten worden slechts genomen wanneer ze zijn
3.2 BALANS PER 31 DECEMBER 2025 31-12-2025
31-12-2024
gerealiseerd.
Activa
de jaarrekening 2024 zijn de mutaties in de reserves
De afschrijvingen worden lineair berekend op basis
Vaste activa
verwerkt.
van de verwachte levensduur. Als startmoment van de
Materiële vaste activa
€
225.849 €
216.096
Totaal vaste activa
€
225.849 €
216.096
Vorderingen op openbare lichamen
€
848.322 €
939.460
Overlopende activa
€
759.705 €
852.084
Uitzettingen in 's Rijks schatkist
€
4.037.241 €
4.042.457
Banksaldi
€
99.769 €
100.301
Totaal vlottende activa
€
5.745.037 €
6.150.398
Totaal activa
€
5.970.886 €
4.545.428
Algemene reserve
€
948.774 €
789.079
Bestemmingsreserve ICT aansluitingen
€
373.098 €
373.098
Bestemmingsreserve juridische ondersteuning
€
- €
10.000
Conform de besluitvorming bij de vaststelling van
Vlottende passiva De vlottende schulden en de overlopende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Baten en lasten Baten worden verantwoord in het jaar dat zij gerealiseerd zijn. Lasten worden verantwoord in het jaar waarin deze voorzienbaar zijn. Alle baten en lasten die betrekking hebben op het boekjaar en ten tijde van het opstellen van de jaarrekening bekend waren, zijn in de betreffende jaarrekening verwerkt. Onder de opbrengsten wordt verstaan: de bijdragen van de afnemers van de diensten van de Omgevingsdienst
afschrijving geldt de datum van in gebruik neming van het actief. Exploitatieresultaat De afrekening met de deelnemers wordt uitgevoerd conform de hierover gemaakte afspraken in de gemeenschappelijke regeling. De systematiek houdt voor de deelnemende gemeenten en provincie in, dat de kosten van dienstverlening vanuit de Omgevingsdienst Zuid-Limburg worden doorbelast op basis van de vastgestelde tarieven in de outputbegroting. Deze tarieven vermenigvuldigd met de uit te voeren taken in het werkprogramma, leiden tot het te factureren bedrag per deelnemer.
Vlottende activa
Liquide middelen
Passiva Vaste passiva Eigen vermogen
Bestemmingsreserve nieuwe bodemtaken ingroeimiddel
€
- €
300.086
Bestemmingsreserve nieuwe MBA basistaken ingroeimodel
€
- €
300.000
Onverdeeld resultaat
€
1.258.565 €
1.307.384
Totaal vaste passiva
€
2.580.437 €
3.079.647
Schulden aan openbare lichamen
€
- €
-
Overige schulden
€
1.569.480 €
1.627.966
Overlopende passiva
€
1.820.969 €
1.442.785
Totaal vlottende passiva
€
3.390.449 €
3.070.751
Totaal passiva
€
5.970.886 €
6.150.398
Vlottende passiva
22
23
JAARSTUKKEN 2025
OMGEVINGSDIENST ZUID-LIMBURG
3.3 TOELICHTING OP DE BALANS
Passiva Vaste passiva
Activa
Eigen Vermogen
Vaste activa
Materiële vaste activa 31-12-2024 Vervoermiddelen, machines, apparaten en installaties
€
216.096
Investeringen Desinvesteringen €
125.518
€
-
Afschrijvingen €
115.765
31-12-2024
31-12-2025 €
Algemene reserve
225.849
Bestemmingsreserve ICT aansluitingen
Het afschrijvingspercentage wordt bepaald conform de geldende Financiële verordening. ICT-hardware en software
Bestemmingsreserve juridische
worden in drie jaar afgeschreven, voor overige kapitaalgoederen bedraagt de afschrijvingsduur tussen de vijf en
ondersteuning
vijfentwintig jaar.
Bestemmingsreserve nieuwe bodemtaken ingroeimodel
Vlottende activa
Bestemmingsreserve nieuwe MBA
Vorderingen op openbare lichamen
Resultaatbestemming 2024
Resultaat 2025
31-12-2025
€
789.097
€
159.695
€
-
€
948.774
€
373.098
€
-
€
-
€
373.098
€
10.000
€
-10.000
€
-
€
-
€
300.086
€
-300.086
€
-
€
-
€
300.000
€
-300.000
€
-
€
-
Dit betreft vorderingen met betrekking tot:
basistaken ingroeimodel Onverdeeld resultaat
€
1.307.384
€
-1.307.384
€
1.258.565
€
1.258.565
•
Werkprogramma en extra opdrachten gemeenten (€ 0,5 miljoen)
Totale reserves
€
3.079.647
€
-1.757.775
€
1.258.565
€
2.580.437
•
Subsidies provincie Limburg (€ 0,3 miljoen)
•
Subsidie ODNL (€ 0,1 miljoen)
De meeste vorderingen op openbare lichamen zijn afgewikkeld in 2026.
Overlopende activa Onder deze post zijn opgenomen:
Vlottende passiva
Overige schulden De overige schulden per 31 december 2025 hebben volledig betrekking op crediteuren. Dit betreft grotendeels de kosten van de DVO provincie Limburg voor ondersteunende diensten 2025 (€ 1,2 miljoen).
Overlopende passiva Onder deze post zijn opgenomen: •
Te betalen btw (€ 0,3 miljoen)
gemeenten (€ 0,3 miljoen) en doorbelasting provincie Limburg kosten meetdienst (€ 0,2 miljoen)