CConstaterende datHeerlen
Koppel je AI →
Document · PDF

Schinkelkwadrant-Zuid 2020_vastgesteld-Bijlage9_toelichting.pdf

Raadsvergadering . (video) 27 januari 2021, gemeente HeerlenBij agendapunt: Bestemmingsplan Schinkelkwadrant Zuid24.285 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

projectnr. gemeente Heerlen

HL091701562.0

HL091701648.0

HL091701648.1

HL091702517.0

HL091702547.0

HL091702548.0

HL091702549.0

HL091702549.1

Vooronderzoek locatie Schinkelkwadrant te Hoensbroek, projectnummer HL091704885

10 van 42

nr.

16

Onderzoekslocatie en omschrijving resultaten onderzoek

projectnr. gemeente Heerlen

De ondergrond bestaat uit sterk zandige leem. Ter plaatse van de motorwerkplaats, de werkplaats en de ontluchting worden geen verhoogde gehalten aan zware metalen, PAK (10 VROM), EOX en minerale olie aangetroffen. Ter plaatse van de ondergrondse HBO-tank ( 6.000 liter), de benzine pomp en de vulput worden geen verhoogde concentraties aan vluchtige aromaten en minerale olie aangetroffen. Het verrichten van een nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. HL091702551.0 Historisch onderzoek Geerstraat 6, opgesteld door Register, rapportnr. 7008, d.d. 15 augustus 2008. Op de locatie zijn 2 verdachte deellocaties: melkinrichting (2 maal). *

17

18

19

20

21

Historisch onderzoek Geerstraat 30 en 32, opgesteld door Register, rapportnr. 6108, d.d. 15 augustus 2006. Op de locatie zijn 3 verdachte deellocaties aanwezig: onderqrondse benzine tank van 6.000 liter en 2 benzinepompen. Oriënterend bodemonderzoek Geerstraat 30 en 32, opgesteld door Royal Haskoning, rapportnr. 9S6701.01_C, d.d. 22 juni 2007. De bodem is opgebouwd uit een tegelverharding met daaronder een matig fijn zand pakket met resten kolen en baksteen. Vanaf 1,6 m-mv wordt een sterk zandig leem pakket aangetroffen. Ter plaatse van de ondergrondse benzine tank (6.000 liter) en de benzinepompen worden geen verhoogde concentraties van vluchtige aromaten en minerale olie aangetroffen. Het verrichten van een nader onderzoek wordt niet noodzakelijk qeacht. Historisch bodemonderzoek Schinkelstraat 2-4, opgesteld door Gemeente Heerlen, rapportnr. HL091700562.0, d.d. 17 juli 1993. De locatie wordt als gedeeltelijk verdacht beschouwd omdat in het verleden een garage met benzinepomp aanwezig was samen met opslag van diesel. Verkennend bodemonderzoek locatie Schinkelstraat 2-4, opgesteld door Geoconsult Milieutechniek, rapportnr. MM-1393, d.d. 12 juli 1993. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn plaatselijk tot 1,5 m-mv sporen mijnsteen aangetroffen. De bodem is opgebouwd uit een verharding van straatstenen/asfalt/grind met daaronder een funderingslaag van stol of wit zand.

Vanaf 0,5 m-mv wordt een matig zandhoudend leem pakket aangetroffen. Bij een boring is op een diepte van 0,5 m-mv een benzine geur waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond , ten opzichte van de streefwaarde, verhoogde concentraties zijn aangetroffen van nikkel, koper, zink, PAK (10 VROM, EOX en minerale olie. Ter plaatse van de benzinegeur, wordt ten opzichte van de streefwaarde, verhoogde concentraties aangetroffen van minerale olie, benzeen, tolueen en xylenen tot een diepte van 1 m-mv Historisch bodemonderzoek rioolrenovatie Honigmannstraat, opgesteld door Gemeente Heerlen, raoportnr. 94106, d.d. 6

HL091702650.0

HL091702650.1

HL091700562.0

HL091700562.1

HL091700706.0

Vooronderzoek locatie Schinkelkwadrant te Hoensbroek, projectnummer HL091704885

11 van 42

nr.

Onderzoekslocatie en omschrijving resultaten onderzoek

projectnr. gemeente Heerlen

oktober 1994. De locatie wordt als verdacht aangemerkt. 22

23

24

25

26

27

28

29

Verkennend bodemonderzoek rioolrenovatie Honigmannstraat/Stationstraat, opgesteld door Intron Bodemtech, rapportnr. B95038, d.d. 7 maart 1995. Onder de asfaltverharding en de funderingslaag is vanaf 0,5 m-mv een zandig leempakket aanwezig met bijmenging van puin en kolen aangetroffen. Uit de analyseresultaten blijkt dat het leempakket plaatselijk, ten opzichte van de streefwaarde, verhoogde concentraties heeft van nikkel, EOX en minerale olie. Uit aanvullende analyses blijkt dat de overschrijdingen van EOX en minerale olie niet reproduceerbaar zijn. Historisch bodemonderzoek rioolrenovatie kantorenboulevard, opgesteld door Gemeente Heerlen, rapportnr. 95010, d.d. 2 februari 1995. De locatie wordt als onverdacht aanqemerkt. Verkennend bodemonderzoek rioolrenovatie kantorenboulevard, opgesteld door Intron Bodemtech, rapportnr. B95089, d.d. 20 april 1995. De bodem onder de funderingslaag is opgebouwd uit zwak zandige leem en is plaatselijk licht verontreinigd met EOX. De tussenwaarde wordt niet overschreden. Historisch bodemonderzoek 4 paviljoens aan de Promenade, opgesteld door Gemeente Heerlen, rapportnr. 96084, d.d. 2 september 1996. De 4 locaties worden als onverdacht aangemerkt. Verkennend bodemonderzoek 2 paviljoens aan de Promenade, opgesteld door Fugro Milieuconsult B.V., rapportnr. K-6255/110, d.d. 18 november 1996.

De bodem ter plaatse is opgebouwd uit een verharding met daaronder een funderingslaag. Vanaf circa 0,6 m-mv wordt een matig zandig leempakket aangetroffen. Uit de analyseresultaten blijkt dat in het leempakket het gehalte nikkel de streefwaarde overschrijdt. Vooronderzoek locatie Honigmannstraat/Van der Maesenstraat, opgesteld door Gemeente Heerlen, rapportnr. 2000-038.0, d.d. 7 juni 2000. Op de locatie zijn een viertal verdachte deellocaties aanwezig (dieseltank in kelder), vulleiding, vulpunt en een aggregaat met diesel- en olie opslag. Historisch onderzoek Honigmannstraat 42, opgesteld door Register, rapportnr. 6197, d.d. 25 april 2007. De locatie wordt als verdacht aangemerkt ivm aanwezigheid van ondergrondse tanks. Verkennend bodemonderzoek KPN Locaties Honigmannstraat 42, opgesteld door Grontmij, rapportnr. 222761_00614, d.d. 15 maart 2007. De bovengrond tot circa 0,5 m-mv bestaat uit matig fijn zand met plaatselijk resten puin. De ondergrond tot de maximale boordiepte

HL091700706.1

HL091700759.0

HL091700759.1

HL091700996.0

HL091700996.1

HL091701456.0

HL091701456.2

HL091701456.3

Vooronderzoek locatie Schinkelkwadrant te Hoensbroek, projectnummer HL091704885

12 van 42

nr.

30

31

32

33

34

Onderzoekslocatie en omschrijving resultaten onderzoek

projectnr. gemeente Heerlen

van 5, 1 bestaat uit klei met plaatselijk resten puin (tot 1, 7 m-mv). Uit de analyseresultaten blijkt dat het gehalte PAK (10 VROM) in de bovengrond de streefwaarde overschrijdt. De tussenwaarde wordt niet overschreden. In de ondergrond worden geen verhoogde concentraties aangetroffen van de onderzochte parameters. Verkennend bodemonderzoek KPN Locaties Honigmannstraat 42, HL091701456.4 opgesteld door Grontmij, rapportnr. 286433, d.d. 18 november 2009. De bovengrond tot circa 0,5 m-mv bestaat uit matig grof zand met plaatselijk bijmenging van puin. De ondergrond tot 3,5 m-mv bestaat uit zeer fijn zand of sterk zandige leem met plaatselijk tot 1,8 m-mv bijmengingen worden aangetroffen van baksteen en puin. Uit de analyseresultaten ter plaatse van de 3 ondergrondse tank blijkt dat geen van de onderzochte parameters de streefwaarde overschrijdt. HL091702244.0 Vooronderzoek reconstructie Geerstraat, opgesteld door Gemeente Heerlen, rapportnr. HL091702244.0, d.d . 12 september 2005. Langs het tracé zijn diverse verdachte deellocaties aanwezig. HL091702244.1 Bodemonderzoek reconstructie Geerstraat e.o., opgesteld door Royal Haskoning, rapportnr. 9R5690.01, d.d. 14 november 2005. De bodem ter plaatse bestaat uit een verhardingslaag van asfalt met daaronder hoogovenslakken en zand. Vanaf circa 0, 7 m-mv wordt sterk zandige leem aangetroffen met resten kolen en puin.

Het funderingsmateriaal bevat een licht verhoogd gehalte van kwik en een matig verhoogd gehalte van minerale olie. Het leempakket is niet verontreiniqd met de onderzochte parameters. HL091700706.5 Verkennend bodem- en asbest onderzoek SchinkelstraatHonigmannstraat, opgesteld Aelmans Eco B.V., rapportnr. E140293.001/HWO, d.d. 10 april 2014. Onder de klinker/baksteenverharding wordt plaatselijk tot circa 0,6 m-mv menggranulaat aangetroffen. Hieronder wordt tot maximaal 1,5 m-mv matig fijn zand aangetroffen welke plaatselijk vermengd is met stenen. Ter plaatse van boring 06 wordt vanaf 1,2 sterk zandige leem aangetroffen. De ondergrond ter plaatse van boring 5 t/m 7 (0,6-1,2 m-mv) is licht verontreinigd met minerale olie, de tussenwaarde wordt niet overschreden. Het menggranulaat is verontreinigd met lood, zink, PAK (10 VROM, PCB's en minerale olie, ook hier wordt de tussenwaarde niet overschreden. HL091702517 Aanvullend onderzoek Promenade 16-26, opgesteld door Anteagroup, rapportnr. 412718-07, d.d. 1 november 2017. Aanleiding van onderzoek is te bepalen of er verspreidingsrisico's aanwezig zijn op de locatie. Hiervoor is op 35 meter afstand benedenstrooms een peilbuis (PB 101) qeplaatst.

Vooronderzoek locatie Schinkelkwadrant te Hoensbroek, projectnummer HL091704885

13 van 42

nr.

Onderzoekslocatie en omschrijving resultaten onderzoek

projectnr. gemeente Heerlen

De bovengrond onder de asfaltverharding bestaat tot 0,4 m-mv uit matig grof zand, welke zwak stenenhoudend is. De ondergrond tot 5,5 m-mv bestaat uit zwak tot sterk zandige leem zonder bodemvreemde bijmengingen. Hieronder wordt tot matig fijn zand (5,5-6 m-mv) en zeer grof grind met stenen (6-7 m-mv) aangetroffen. Vanaf 7 m-mv tot de boordiepte van 9 m-mv wordt dan weer matig fijn zand aangetroffen. In het grondwater zijn geen verhoogde concentraties aan vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen aangetroffen.

*

De locaties genoemd onder 12 en 16 worden conform de historisch onderzoeken aangemerkt als verdacht op verontreiniging met zware metalen en PAK, waarbij tevens is aangegeven dat geen sprake is van een potentieel ernstig of urgent verontreinigde locatie. Het gaat hier om stoffen die in het omliggende gebied ook regelmatig in licht verhoogde gehaltes worden aangetroffen (stedelijke verontreiniging, woonwijken). De verwachting is dan ook dat de bodemkwaliteit op de genoemde deellocaties niet noemenswaardig afwijkt van de bodemkwaliteit in het omliggende gebied. Wij zien dan ook geen aanleiding om deze locaties binnen het huidige onderzoekgebied als afzonderlijke deellocatie te onderzoeken temeer omdat de betreffende stoffen sowieso al worden meegenomen in het standaard analyse pakket NEN 5740.

In bijlage 6 zijn de reeds onderzochte locaties aangegeven.

Vooronderzoek locatie Schinkelkwadrant te Hoensbroek, projectnummer HL091704885

14 van 42

2.4

Terreininspectie Bij een bezoek ter plaatse op 12 maart 2018 bleek dat de locatie in gebru ik was als winkel/voetganger gebied waarbij de Geerstraat en de Schinkelstraat ook fungeren als doorgaande (geasfalteerde) wegen. Op het terrein waren visueel geen verontreinigingen waar te nemen. Op het terrein zijn hoogteverschillen aanwezig. De hoogteligging varieert van 112 m +NAP (hoek Honigmannstraat - Promenade) tot circa 107 m +NAP ter hoogte van de Geerstraat Schinkelstraat. In bijlage 7 is de locatie visueel weergegeven middels foto's.

2.5

Bodemopbouw en geohydrologie Op grond van de bodemkaart van Nederland (kaartbladen Sittard 60 West en Oost en Heerlen 62 West en Oost) en/of de geologische kaart van Zuid-Limburg (oppervlaktekaart) blijkt dat de bodem ter plaatse bestaat uit: Leem. Het maaiveld ter plaatse van de Honigmannstraat - Promenade bevindt zich op circa 112 m +NAP en dit loopt af tot 107 m +NAP ter hoogte van de Geerstaat - Schinkelstraat. Het freatisch grondwater bevindt zich op circa 100 m +NAP, overeenkomend met circa 12 mmv ter hoogte van de Honigmannstraat - Promenade. En ter hoogte van de Geerstraat - Schinkelstraat bevindt het freatisch grondwater zich op circa 7 m-mv. Uit de geplaatste peilbuis uit Aanvullend onderzoek Promenade 16-26, opgesteld door Anteagroup, rapportnr. 412718-07, d.d. 1 november 2017 (HL091702517) blijkt dat het grondwater is aangetroffen op 6,95 m-mv De grondwaterstromingsrichting is globaal noord-westelijk gericht. Gezien de diversiteit in bodemopbouw binnen de gemeente Heerlen (voorkomen van verschillende breuklijnen, zilverzandwinningen, enz.) kan geen uitspraak gedaan worden omtrent de exacte lokale grondwaterstrom ingsrichting. Voor zover bekend vinden er geen geregistreerde grondwateronttrekkingen plaats in de omgeving van de locatie. Uit de uitgevoerde bodemonderzoeken in de omgeving blijkt de navolgende bodemopbouw: - zandhoudende leem, - matig fijn zand .

Vooronderzoek locatie Schinkelkwadrant te Hoensbroek, projectnummer HL091704885

15van51

3

EVALUATIE EN HYPOTHESE VOORONDERZOEK

3.1

Asbest Op grond van het vooronderzoek kan de navolgende hypothese worden gesteld: De onderzoekslocatie kan met betrekking tot asbest als een verdachte locatie met een diffuse bodembelasting, heterogeen verdeeld beschouwd worden. Dit geldt voordeellocatie A i.v.m. de sloop in het verleden en de toekomstige sloop. Voor deellocatie B en C geldt dat hier de funderingslagen onder de verhardingen asbestverdacht zijn.

3.2

Bodem Op grond van het vooronderzoek en inspectie ter plaatse kan de navolgende hypothese worden gesteld: De onderzoekslocatie kan als een onverdacht terrein met een verdachte deellocatie beschouwd worden. Verdachte deellocatie (terreindeel grenzend aan de voormalige chemische wasserij tpv Promenade 16-26): Conform NEN-5740 wordt de volgende hypothese vastgesteld: VEP Onverdachte deel: Conform NEN-5740 wordt de volgende hypothese vastgesteld: ONV-NL Er is geen freatisch grondwater te verwachten binnen 5,0 m-mv. Normaliter kan het plaatsen van een peilbuis dan achterwege blijven. Echter, omdat ter plaatse van deellocatie A eventueel een parkeerkelder wordt gerealiseerd en ter plaatse van deellocatie C eventueel een tunnel, wordt aangeraden om peilbuizen te plaatsen. Als de plannen definitief bekend zijn zal dit opnieuw worden beoordeeld. Ten aanzien van de hypothese asbestverdacht dient een verkennend onderzoek conform de NEN-5707 (inclusief maaiveld-inspectie asbest) verricht te worden.

Vooronderzoek locatie Schinkelkwadrant te Hoensbroek, projectnummer HL091704885

16 van 42

4

ONDERZOEKSVOORSTEL VOOR VERKEN NEND BODEMONDERZOEK

4. 1

Algemeen Het doel van het verkennend bodemonderzoek is het verkrijgen van een indicatie of de grond en/of het ondiepe grondwater ter plaatse zijn verontreinigd. De basis van dit onderzoek is de door het Nederlandse Normalisatie Instituut gepubliceerde NEN-5740 "bodem, onderzoeksstrategie bij verkennend bodemonderzoek" Uanuari 2009). Voor asbestonderzoek van de bodem is de door het Nederlandse Normalisatie Instituut gepubliceerde NEN-5707 "bodem, inspectie en monsterneming van asbest in bodem" (augustus 2016) van toepassing. De NEN-5707 is van toepassing op asbest in de bodem en grond met minder dan 50 gewicht procenten bodemvreemd materiaal. Voor meer dan 50 gewicht procenten bodemvreemd materiaal is de norm ontwerp NEN-5897 "inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat (2016) van toepassing. Door sloop van gebouwen kan de bodem fysisch en chemisch verontreinigd raken, daarom adviseren wij het chemisch bodemonderzoek pas te laten uitvoeren nadat de sloop heeft plaatsgevonden. Als het bodemonderzoek is uitgevoerd voor de sloop, zal na de sloop altijd een aanvullende maaiveldinspectie asbest nodig zijn conform BRL 2000 protocol 2018. De resultaten van deze maaiveldinspectie kunnen er toe leiden dat verder onderzoek naar asbest conform de NEN-5707 / 5897 noodzakelijk is .

4.2

Asbest Tijdens de veldwerkzaamheden dient een maaiveld inspectie_asbest conform BRL 2000 protocol 2018 uitgevoerd te worden. Ook de uitkomende grond dient beoordeeld te worden op de eventuele aanwezigheid van asbest verdachte materialen en bodemvreemde bijmengingen die geassocieerd worden met asbest. Mocht op basis van de zintuiglijke waarnemingen de hypothese onverdacht niet stand houden, en een wijziging van het onderzoeksvoorstel noodzakelijk zijn, dient ten alle tijden contact te worden opgenomen met bureau Bestemmingsplannen en Milieumaatregelen van de afdeling Ru imtelijke en Economische Ontwikkeling . Gezien dat de plannen voor de onderzoekslocatie nog niet definitief zijn zal t.z.t. als de plannen uiteindelijk hun definitieve status behalen een onderzoeksvoorstel worden opgezet en ter goedkeuring worden aangeleverd.

4.3

Bodem Ook voor de bodem geldt dat t.z.t. de plannen hun definitieve status hebben er dan pas een onderzoeksvoorstel ter goedkeuring aangeleverd kan worden.

Vooronderzoek locatie Schinkelkwadrant te Hoensbroek, projectnummer HL091704885

17 van 42

5

TOELICHTING 1. • •

• • •

2. • • • • • • • • •

Voor het opstellen van de monstername- en analysestrategie zijn onderstaande normen c.q. protocollen als richtlijn gehanteerd: NEN-5725 "Bodem - Landbodem, Strategie voor het uitvoeren van milieu hygiënisch vooronderzoek", Nederlands Normalisatie Instituut, oktober 2017. NEN 5740 "Bodem - Landbodem, Strategie voor het uitvoeren van verkennend onderzoek, onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond", Nederlands Normalisatie Instituut, januari 2009 en A1 2016. NEN-5707 'inspectie en monsterneming van asbest in bodem, augustus 2015 en C1 2016. NEN-5897 - Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat augustus 2015 en C1 2016. CROW-publicatie 132 "Werken in of met verontreinigde grond en verontreinigd (grond)water", CROW, december 2008, 4e herziende druk). Het uitvoeren en uitwerken van bodemonderzoeken dient conform Kwalibo te geschieden.

Hieronder volgt een opsomming van de belangrijkste aspecten: monsterneming bij partijkeuringen (exclusief persoonsregistratie) (certificatie op basis van BRL SIKB 1000 of accreditatie op basis van AP04-M); certificering van rechtspersonen; afgeven van kwaliteitsverklaringen voor bouwstoffen, grond en bagger; persoonsregistratie van de individuele monsternemers (BRL SIKB 1000 en 2000); veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek (BRL SIKB 2000); milieukundige begeleiding en evaluatie van bodemsaneringen (inclusief waterbodems; BRL SIKB 6000); uitvoering van bodemsaneringen (inclusief waterbodems; BRL SIKB 7000); analyse voor milieuhygiënisch bodemonderzoek (AS3000); bewerking van verontreinigde grond of baggerspecie (BRL SIKB 7500).

3. De resultaten van het milieuhygiënisch onderzoek dienen te worden getoetst aan de circulaire bodemsanering (1 juli 2013). Daarnaast kan getoetst worden aan de normen zoals gesteld in het bodembeheerplan gemeente Heerlen. 4. Voorafgaand aan de werkzaamheden dient door de opdrachtnemer een KLICmelding te worden verricht. 5. Men dient rekening te houden met de aanwezigheid van verhardingen op delen van de locatie. Deze verhardingen zijn beschreven in hoofdstuk 2 (Terreininspectie) en weergegeven op de locatietekening in bijlage 1. 6. Indien op de locatie verhoogde gehalten aan vluchtige parameters worden verwacht, dienen ten behoeve van de analyse van deze parameters ongeroerde steekbusmonsters genomen te worden. 7. De grondwaterpeilen dienen in meter ten opzichte van NAP te worden vastgelegd. 8. Monstername en analyses t.b.v. Besluit bodemkwaliteit dienen door een geaccrediteerde instelling te worden uitgevoerd. De medewerkers die het veldwerk verrichten en het laboratorium dat de analyses uitvoert dienen te voldoen aan Kwalibo.

Vooronderzoek locatie Schinkelkwadrant te Hoensbroek, projectnummer HL091704885

18 van 42

Voor verdere uitleg en handleiding verwijzen wij u naar de internetsites van Bodem+ en SIKB. 9. Indien uit de resultaten blijkt dat: • de gemeten gehaltes van één of meer componenten in het grondwater de streefwaarde zoals vermeld in de circulaire bodemsanering 2009 overschrijdt, of • de gemeten gehaltes van één of meer componenten in de grond de interventiewaarde zoals vermeld in de circulaire bodemsanering 2009 overschrijdt, of • alle gemeten gehaltes kleiner zijn dan de interventiewaarden zoals vermeld in de circulaire bodemsanering 2009, maar waarbij de som van de quotiënten, samengesteld uit de concentratie van de verschillende stoffen in de grond (in mg/kg) als teller, en de wettelijke grenswaarde of MAG-waarde van die stoffen (in mg/m 3 ) als noemer, groter is dan 20.000, dienen de werkzaamheden met of in de verontreinigde grond of het verontreinigde grondwater beoordeeld te worden op hun gevaareigenschappen en de mogelijkheid van blootstelling eraan (indeling in T- en F-klassen).

10. De startkosten van alle, bij de veldwerkzaamheden, vrijkomende materialen, zijn voor rekening van de opdrachtnemer.

Vooronderzoek locatie Schinkelkwadrant te Hoensbroek, projectnummer HL091704885

19 van 42

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerlen&id=fe6e6f45-cc45-4642-ac4b-ebd1e0193ded