Raadsvoorstel zienswijze raad m.b.t. wijziging GR centrumregeling regionale samenwerking Parkstad opvang en beschermd wonen Wmo 2020
Tekst van het document
Voorstel gemeenteraad Vergadering:
gemeenteraad Heerlen Vergaderdatum:
Registratienummer:
BWV-23002329 Agendapunt:
Heerlen,16 mei 2023
Onderwerp Wijzigen "Centrumregeling regionale samenwerking Parkstad opvang en beschermd wonen Wmo 2020" in "Centrumregeling regionale samenwerking Parkstad opvang en beschermd wonen Wmo 2024". Inleiding/aanleiding Sinds 2015 zijn de gemeenten behalve voor maatschappelijke opvang in het kader van de Wmo 2015 ook verantwoordelijk voor het vorm geven van beschermd wonen. De centrumgemeenten, waaronder Heerlen, ontvingen en ontvangen ook in 2023 de rijksmiddelen om hieraan uitvoering te geven in hun regio’s. In Parkstad is daarvoor een zgn. lichte gemeenschappelijke regeling (centrumregeling) getroffen, waarbij de overige gemeenten het college van Heerlen gemandateerd hebben opvang en beschermd wonen ook voor hun gemeenten vorm te geven. In 2019 is deze met ingang van 2020 voor het laatst aangepast. Er zijn de laatste jaren veel landelijke ontwikkelingen op het terrein van beschermd wonen die noodzaken om met ingang van 2024 de gemeenschappelijke regeling te wijzigen: - Een grote groep cliënten, die aanvankelijk onder de verantwoording van de gemeenten kwamen, is met ingang van 2021 ondergebracht in de Wet langdurige zorg. Het budget voor de centrumgemeenten is daarvoor aangepast (verlaagd). Middelen zijn overgeheveld naar de Wlz.
- De rijksmiddelen zijn vanaf 2015 tussen de centrumgemeenten verdeeld op basis van de verdeling zoals die op dat moment was: de centrumgemeenten ontvingen een historisch budget. Omdat Heerlen c.q. Parkstad op dat moment al over veel voorzieningen voor beschermd wonen beschikte was (en is) het budget navenant groot. Meer dan verreweg de meeste regio’s ter beschikking kregen. Dit wordt het historisch budget genoemd. - Op basis van een advies van de commissie Dannenberg (“beschermd thuis”) werd besloten het beschermd wonen verder door te decentraliseren, naar alle gemeenten. Onderdelen daarvan zijn: de rijksmiddelen anders verdelen, op basis van objectieve criteria (het objectieve budget), en de invoering van een zgn. woonplaatsbeginsel om te bepalen welke gemeente verantwoordelijk is voor het bieden van beschermd wonen aan een cliënt. - De zgn. norm voor opdrachtgeverschap werd overeengekomen binnen de VNG: gemeenten moeten bij het vorm geven aan beschermd wonen samenwerken op basis van solidariteit.
Pagina 2 van 6
De invoering van het nieuwe stelsel is een aantal keren uitgesteld, met als laatste nog een jaar uitstel van 2023 naar 2024. In Parkstad werkten wij al aan de herijking van beschermd wonen in de vorm van een nieuwe gezamenlijke subsidietender. Per 2023 hebben wij deze gerealiseerd. Er is nu een samenwerkingsverband van aanbieders dat wij via een lumpsum-subsidie financieren. Wij hebben u hierover regelmatig via raadsinformatiebrieven geïnformeerd. In verband met de herverdeling van het rijksbudget op basis van objectieve criteria verandert het totale budget voor Parkstad: dit wordt minder. Met een overgangstermijn van 10 jaar. Met eenzelfde overgangstermijn worden de middelen van de centrumgemeenten naar alle gemeenten overgeheveld. Over de manier waarop de verschillende gemeenten van Parkstad bijdragen in de kosten van het beschermd wonen heeft discussie plaats gevonden. Er is inmiddels overeenstemming bereikt over een compromisregeling voor de jaren 2024 t/m 2027. In de regeling is een escape opgenomen voor het geval dat de doordecentralisatie onverhoopt toch nog weer een keer uitgesteld wordt: in artikel 14 is bepaald dat de regeling in werking treedt op 1 januari na bekendmaking ervan in het Gemeenteblad. Die bekendmaking zal pas plaatsvinden als duidelijk is dat en wanneer
Toelichting: Het historische budget dat Heerlen ontvangt wordt eerst gebruikt. Wanneer dit niet meer voldoende is worden de objectieve budgetten van de gemeenten aangesproken. Dit zou kunnen op basis van herkomst van cliënten, maar ook basis van de hoogte van de rijksbijdragen die ontvangen worden. Dit laatste had voor Heerlen de voorkeur, het doet recht aan de invulling van samenwerken op basis van solidariteit. Voor de gemeenten Beekdaelen, Landgraaf, Simpelveld en Voerendaal zijn de consequenties van de laatste optie negatief. Daar staat echter tegenover dat cliënten uit die gemeenten vaak naar stedelijk gebied gaan als zij in problemen beginnen te komen. Huisvesting is daar dan nog te vinden. Uit een analyse van de woongeschiedenis van een groot aantal van de huidige cliënten bleek dat zij eigenlijk allemaal cliënten van Parkstad zijn. Vaak hebben zij in veel gemeenten verbleven. Hierbij zij overigens aangetekend dat het eigenlijk over een verdeling van een overschot gaat: het totale rijksbudget is gedurende de volledige overgangstermijn van 10 jaar naar het zich nu laat aanzien (aanzienlijk) hoger dan de kosten die verwacht worden. Afgesproken is nu dat er een compromisregeling in de gemeenschappelijke regeling opgenomen wordt.
Deze staat nu verwoord in artikel 4 van de regeling: de 4 genoemde gemeenten worden gecompenseerd met 50% van het verschil tussen de bijdrage op basis van herkomst van cliënten en de bijdrage op basis van de hoogte van de rijksbijdragen die ontvangen worden. Brunssum, Heerlen en Kerkrade betalen samen deze compensatie. Ook is opgenomen dat er tijdig een evaluatie plaatsvindt van de afgesproken bijdragenverdeling. De colleges blijven kiezen voor een lichte gemeenschappelijk regeling waarin het college van Heerlen gemandateerd wordt om voor alle gemeenten de taak uit te voeren. In combinatie met opvang, dat wel nog een taak gebleven is van de centrumgemeenten en waarvoor zij ook nog de rijksbijdrage ontvangen.
Versie 2018/10
Pagina 3 van 6
Versie 2018/10
Pagina 4 van 6
Procedure voor gemeenschappelijke regelingen tussen colleges. Wij hebben een principebesluit genomen om de gemeenschappelijke regeling "Centrumregeling regionale samenwerking Parkstad opvang en beschermd wonen Wmo 2020" te wijzigen in "Centrumregeling regionale samenwerking Parkstad opvang en beschermd wonen Wmo 2024". De Wet gemeenschappelijke regelingen bepaalt in artikel 1 dat de gemeenteraden een zienswijze op de ontwerpregeling kunnen geven binnen acht weken na ontvangst van het ontwerp. De volgende stap is dat de gemeenteraden toestemming moeten verlenen voor het aangaan van de gemeenschappelijke regeling. Deze dubbele gang naar de gemeenteraad is het gevolg van de wetswijziging per 1 juli 2022. Tot slot moeten de colleges een besluit nemen om de gemeenschappelijke regeling aan te gaan. Via dit raadsvoorstel leggen wij u ons principebesluit voor om een zienswijze te geven. Kader Wet gemeenschappelijke regelingen Wmo 2015 Kernthema: Volwassenen maatwerkvoorzieningen Bevoegdheid Raad Voorstel 1. Uw zienswijze te geven ten aanzien van de voorgenomen wijziging van de gemeenschappelijke regeling "Centrumregeling regionale samenwerking Parkstad opvang en beschermd wonen Wmo 2020". Argumenten 1.1 In de concept gemeenschappelijke regeling zijn de afspraken vastgelegd met betrekking tot de consequenties van de zgn. doordecentralisatie van het beschermd wonen.
- het college van Heerlen voert de taken mede namens de andere colleges uit; - alle gemeenten van Parkstad dragen bij in kosten, vanaf het moment dat het historische budget dat Heerlen ontvangt niet meer voldoende is; - er is een compromisregeling opgenomen voor de bijdrages van de gemeenten, waarbij de negatieve verschillen tussen bijdragen “naar rato van herkomst van de cliënten” en “naar rato van de middelen op grond van de rijksbijdrage” verzacht worden. Tegenargumenten en risico’s 1.1 Het is nog mogelijk dat er weer een uitstel volgt. In een ambtelijk overleg tussen VWS, VNG en de huidige 43 centrumgemeentes is aangegeven dat invoering per 2024 wellicht niet realistisch is. Op dit moment is de Tweede kamer aan zet. De VNG heeft de Kamerleden benaderd en erop gewezen dat het niet goed is als de onzekerheid weer voortduurt.
Versie 2018/10
Pagina 5 van 6 Kosten en dekking De kosten die met de uitvoering van deze gemeenschappelijke regeling gemoeid zijn worden volledig bestreden door de ontvangsten uit de rijksbijdragen die Heerlen en de andere gemeenten van Parkstad hiervoor ontvangen. Er is zelfs sprake van een positief saldo. Tot nu toe kwam het positieve saldo altijd ten goede van Heerlen. Vanaf 2024 wordt dit (aanzienlijk) minder en delen alle gemeenten hierin. In de meerjarenbegroting, die wij u dit najaar zullen voorleggen, wordt hier rekening mee gehouden. Communicatie De regeling wordt te zijner tijd op de gebruikelijke wijze door de gemeenten gepubliceerd. Evaluatie Vindt regelmatig plaats. Met name als er wijzigingen in het rijksbeleid zijn. Planning, procedure en uitvoering Colleges: uiterlijk begin juni besluitvorming over concept-regeling. Gemeenteraden: uiterlijk binnen 8 weken na ontvangst concept-regeling besluitvorming over zienswijze (dan wel z.s.m. hun colleges melden dat zij afzien van een zienswijze). Colleges: uiterlijk september besluitvorming over regeling en vragen toestemming raden. Gemeenteraden: uiterlijk oktober toestemming voor samenwerking. Colleges: uiterlijk november vaststellen regeling en publiceren. Bijlagen Concept gemeenschappelijke regeling "Centrumregeling regionale samenwerking Parkstad opvang en beschermd wonen Wmo 2024".
Burgemeester en wethouders van Heerlen, de secretaris, drs. V.N. Gosselink-Van Dijk
De burgemeester, drs. R. Wever
Versie 2018/10
Pagina 6 van 6
raadsbesluit
De raad der gemeente Heerlen; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. registratienummer BWV23002329; gezien het advies van de raadscommissie Maatschappij en Welzijn d.d……..; besluit: Met een positieve zienswijze te reageren op de concept gemeenschappelijke regeling "Centrumregeling regionale samenwerking Parkstad opvang en beschermd wonen Wmo 2024".
Aldus besloten tijdens de vergadering van de raad van de gemeente Heerlen van ……….. 2023
de griffier,
de voorzitter,
drs. T.W. Zwemmer
drs. R. Wever
Versie 2018/10