Raadsvoorstel
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Heerlen, 20 mei 2025
Vergadering gemeenteraad Heerlen
Onderwerp Zienswijze (concept)begroting 2026 Veiligheidsregio Zuid-Limburg inclusief uitwerking van een bezuinigingsopdracht
Datum raadsvergadering 25 juni 2025 Documentnummer377855 Agendapunt
Inleiding/aanleiding Het Algemeen Bestuur (AB) van de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Zuid Limburg (VRZL) zal in zijn vergadering van 4 juli 2025 beslissen omtrent de vaststelling van de begroting 2026. Daarbij wordt ook besloten over een uitwerking van de bezuinigingsopdracht om de gevolgen van ravijnjaar 2026 voor de 16 Zuid-Limburgse gemeenten te beperken. Alvorens deze stukken ter besluitvorming aan het AB worden voorgelegd, krijgen raden van deelnemende gemeenten VRZL de mogelijkheid een zienswijze in te dienen. De raad van Heerlen is in een brief d.d. 31 maart 2025 (bijlage 0) verzocht om een zienswijze in te dienen op de genoemde stukken. Als reactie hierop adviseren wij om bij wijze van zienswijze in te stemmen met de begroting 2026 VRZL (bijlage 1). Daarop aanvullend adviseren wij om ten aanzien van de uitwerking van de bezuinigingsopdracht (bijlage 2) positief te reageren en daarbij te vragen om te blijven kijken naar aanvullende bezuinigingsmogelijkheden onder de voorwaarde dat dit geen grote risico’s voor de bedrijfsvoering oplevert. Inhoudelijke toelichting De stukken van de VRZL zijn hieronder afzonderlijk samengevat. Ook is er een toelichting gegeven op de relatie tussen deze financiële stukken en de ‘Toekomstbestendige huisvesting brandweerkazernes’, waartoe tevens een voorstel in de raadsvergadering van 25 juni voorligt.
Een volledig overzicht en inzicht, zowel financieel als beleidsmatig, kunt u vinden in de bijlagen. Begroting 2026 De begroting 2026 voorziet in het uitvoeren en het continueren van de wettelijke taken van de veiligheidsregio, namelijk het versterken van veiligheid, beperken van risico's waar het kan en bestrijden van incidenten wanneer dat nodig is. Hulpverlenen bij rampen en crises is de primaire taak. De VRZL kent daartoe een hybride vorm van financiering. Voor het grootste deel wordt de VRZL gefinancierd uit middelen die de Zuid-Limburgse gemeenten ter beschikking stellen. Daarnaast ontvangt de Veiligheidsregio een BDURbijdrage (Besluit Doeluitkering Rampenbestrijding) van de Rijksoverheid. Deze specifieke uitkering wordt direct aan de VRZL ter beschikking gesteld en is een aanvullende bijdrage voor de uitgaven aan brandweer en rampenbestrijding, inclusief het gemeentelijke en geneeskundige deel.
Pagina 2 van 8 Om dit uit te kunnen voeren bestaat de organisatie van de VRZL uit twee primaire programma’s: Crisisbeheersing & Rampenbestrijding en Brandweerzorg. Ondersteunend daaraan opereert het programma Bedrijfsvoering. De VRZL staat hiermee klaar bij een brand, hulpverlening of ‘flitsramp’. Ook voor langdurige crises zijn we binnen de VRZL voorbereid. Daarnaast hoort het ‘gewone’ werk ook bij deze organisatie. De VRZL blijft zich inzetten om de organisatie meer robuust en toekomstbestendig te maken. De beweging van ‘regelgericht’ naar ‘risicogericht werken’ wordt voortgezet, talent wordt opgeleid en de GHOR (Geneeskundige Hulorganisatie in de Regio) is als onderdeel van de GGD sinds 2025 officieel overgebracht naar de VRZL. Het meerjarenbeleidsplan 2024-2027 is bestuurlijk vastgesteld. Daarmee liggen de ambities voor de periode tot eind 2027 vast en wordt de vertaling naar acties en projecten in 2026 voortgezet. Daarmee wordt aangesloten bij de landelijke ontwikkeling ter versterking van het fundament van de veiligheidsregio’s en thema’s zoals de versterking van de weerbaarheid. Vanzelfsprekend blijft daarbij aandacht voor de bestrijding van incidenten, advisering bij vergunningverlening, risicobeheersing, risicoanalyse en continuïteit van de operationele organisatie.
Uitwerking bezuinigingsopdracht VRZL Landelijk worden gemeenten de komende periode geconfronteerd met een korting op het gemeentefonds waarbij het jaar 2026 een dieptepunt kent. Hierdoor worden gemeentelijke organisaties gedwongen om te zoeken naar noodzakelijke bezuinigingen. Wij hebben bij de gemeenschappelijke regelingen, dus ook de VRZL, hiervoor medio 2025 aandacht gevraagd middels de brief bezuinigingsopgave gemeenschappelijke regelingen. Als vervolg op deze bezuinigingsopdracht heeft het AB VRZL in de vergadering van 6 december 2024 gevraagd om verdere uitwerking van bezuinigingsmogelijkheden. Tijdens deze vergadering zijn de volgende uitgangspunten besproken: 1. Geen takendiscussies (geen kazernes sluiten of aanpassing taken van Crisisbeheersing & Rampenbestrijding en bedrijfsvoering), maar efficiëntie waar mogelijk; 2. Zoeken naar efficiencyvoordelen in de begroting voor 2026 e.v.; 3. Kijk ook naar de inzet van incidentele middelen in 2025-2026; 4. Mogelijke bezuinigingen op BDUR gelden voor VRZL vanaf 2026 mogen geen financiële gevolgen hebben voor de gemeenten. In de uitwerking van de mogelijke bezuinigingsopdracht die nu voorligt wordt eerst aangegeven welke mogelijkheden VRZL heeft bekeken met per benoemde mogelijkheid een specificatie van de omvang.
De VRZL heeft de volgende mogelijkheden bekeken: • Structurele vermindering bijdrage deelnemende gemeenten FLO VRZL vanaf 2026; • Alle bezuinigingsmogelijkheden in de organisatie die kunnen leiden tot een structurele vermindering bijdrage deelnemende gemeenten VRZL vanaf 2026; • Inzet van incidentele middelen 2025 en 2026. Voorstellen hieromtrent zijn in een apart document aangereikt. Wanneer het AB met deze voorstellen instemt zullen deze middels een begrotingswijziging verwerkt worden. In afwachting van besluitvorming door het AB zijn deze uitwerkingen dus nog niet opgenomen in de gepresenteerde Begroting 2026. Immers het DB legt de begroting voor aan deelnemende gemeenten via een separaat zienswijzetraject als voorbereiding op besluitvorming in de vergadering van het AB van 4 juli 2025. Als het financieel effect van
Versie 2018/10
Pagina 3 van 8 de bezuinigingen nu al verwerkt zou zijn in de begroting, wordt formeel het AB gepasseerd in de definitieve besluitvorming. Relatie Begroting en Toekomstbestendige huisvesting brandweerkazernes Uit de in 2021 en 2022 gevoerde bestuurlijke dialoog ‘Verantwoorde brandweerzorg 2024-2030’ is een opdracht voortgekomen voor de uitwerking van toekomstige huisvestingsscenario’s. Het resultaat van deze opdracht is in de vorm van een tweetal uitgewerkte scenario’s (“basis op orde” en “eigendom volledig bij VRZL”) aan het bestuur voorgelegd in april 2024. Uit deze bestuurlijke sondering bleek dat een vervolgopdracht noodzakelijk was. Deze vervolgopdracht is in de periode april t/m oktober 2024 uitgewerkt door een ambtelijke werkgroep die was samengesteld uit specialisten van alle gemeenten, de veiligheidsregio en externe adviesbureaus. Het resultaat met alle bevindingen en adviezen is neergelegd in het ‘Eindrapport Toekomstbestendige huisvesting brandweerkazernes VRZL’. De gemeenteraden van de 16 gemeenten in Zuid-Limburg zijn parallel aan de begroting 2026 ook in de gelegenheid gesteld een zienswijze in te dienen op dit eindrapport en de daarin opgenomen constateringen en adviezen. Een voorstel voor deze zienswijze ligt ook in de raadsvergadering van 25 juni 2025 ter besluitvorming voor in de gemeenteraad.
Na besluitvorming door het AB VRZL (op 4 juli 2025) heeft deze ontwikkeling ook een financiële impact. Voor de transparantie en zuiverheid wordt het dossier en haar impact separaat voorgelegd in het bestuur en aan gemeenteraden (zie het raadsvoorstel ‘Zienswijze Toekomstbestendige huisvesting brandweerkazernes’). Dat betekent dat de financiële impact van het huisvestingsdossier vooralsnog niet opgenomen is in voorliggende ontwerpbegroting 2026, omdat het AB hier nog over dient te besluiten. Er kan immers niet vooruit worden gelopen op de definitieve besluitvorming, waarbij alle ingediende zienswijzen over dit rapport ook nog zullen worden meegewogen. Uiteraard wordt de financiële impact van het huisvestingsdossier na een positief besluit alsnog opgenomen in de begroting en meerjarenraming van de VRZL. Kader Programma Veiligheid Wettelijk kader: Op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr), meer specifiek artikel 34b (betreft de algemene financiële en beleidsmatige kaders en de voorlopige jaarrekening) en artikel 35 (betreft de ontwerpbegroting en wijzigingen van de begroting) heeft de gemeenteraad de mogelijkheid om zienswijzen in te dienen op de ontwerpbegroting en de mogelijke bezuinigingsopdracht VRZL.
Daarnaast is in de artikelen 10.3 en 10.4 van de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio ZuidLimburg ook nog opgenomen dat de raden van de deelnemende gemeenten een zienswijze kunnen indienen over de concept jaarstukken en ontwerpbegroting VRZL. Kernthema Veiligheid Bevoegdheid Raad Voorstel 1. Bij wijze van zienswijze in te stemmen met de Begroting 2026 van de Veiligheidsregio Zuid-Limburg;
Versie 2018/10
Pagina 4 van 8 2. Bij wijze van zienswijze in te stemmen met de ‘Uitwerking van de bezuinigingsopdracht om de gevolgen ravijnjaar voor deelnemende gemeenten te beperken’, en daarbij de boodschap mee te geven dat de uitwerking positief stemt, maar dat het noodzakelijk is dat de VRZL blijft kijken naar aanvullende bezuinigingsmogelijkheden onder de voorwaarde dat dit geen risico’s voor de bedrijfsvoering of de veiligheid oplevert. Argumenten 1.1. Er is sprake van een overzichtelijke begroting o.b.v. bestuurlijke wensen. Conform afspraken heeft de VRZL een duidelijke programmabegroting opgesteld. Aanvullend is door de VRZL inzicht gegeven in de berekening en definitieve cijfers waaruit blijkt hoe de opbouw van de gemeentelijke bijdrage is samengesteld. Deze systematiek zorgt ervoor dat de VRZL en daarmee ook deelnemende gemeenten veel eerder inzicht hebben in de (mogelijke) financiële impact en wordt daarom gezien als een verbeterde systematiek. 1.2. De ontwerpbegroting heeft een koppeling met de gemeentelijke doelstellingen. Veel gemeenten zijn te klein om grote rampen en crisis aan te kunnen. Daarnaast beperkt een ramp of crisis zich niet tot de gemeentegrens. In de veiligheidsregio verenigen gemeenten zich, zodat ze gezamenlijk meer slagkracht hebben. De veiligheidsregio heeft zo een belangrijke verbindende en regiefunctie in de regio.
De VRZL is daarmee ook een belangrijke partner voor Heerlen. Samen met de VRZL werken we aan een robuuste lokale en regionale crisisorganisatie, bereiden we ons voor op mogelijke ramp of incident en werken we aan het verbeteren van de zelfredzaamheid van onze inwoners, ondernemers, scholen en zorginstellingen. 1.3. De begroting gaat uit van ongewijzigd beleid en vastgestelde afspraken. Het uitgangspunt van de begroting 2026 is bestaand beleid voortkomend vanuit het Meerjarenbeleidsplan (MJBP) 2024-2027. Het betreft een begroting die in het teken staat van verdere implementatie van het vastgestelde beleid “een solide basis voor de toekomst”. Bij de opstelling van de Begroting 2026 zijn daarnaast de door het AB VRZL in december 2024 vastgestelde “uitgangspunten begroting 2026” gehanteerd. Daartoe behoort onder andere: lopend beleid wordt voortgezet, de begroting wordt opgebouwd vanuit het bestaande beleid en risico’s worden conform de gemaakte afspraak herijkt.
Inhoudelijk zijn in het MJBP 2024-2027 zijn de overkoepelende beleidsambities vastgelegd, die ook in de begroting 2026 terugkomen: - Opzet van een flexibele, breed inzetbare crisisorganisatie, ook bij langdurige crises; - Versteviging van de netwerkrol tussen VRZL en (vitale) partners; - Doorontwikkeling van de informatiearchitectuur en -veiligheid; - Transformatie van de werk- en denkwijze, van regelgericht naar risicogericht; - Invoeren van een strategische personeelsplanning; - Doorontwikkeling van een professionele, vitale en wendbare brandweerorganisatie waarin de vrijwilligerspositie is verankerd en waarbij we rekening houden met de gevolgen van Europese regelgeving; - Kwaliteitsbehoud van de brandweerzorg zoals die tot uiting komt in het regionale dekkingsplan (effecten van Uitruk op Maat en de geplande nieuwbouw van kazernes); - Doorontwikkeling naar een integraal kwaliteitszorgsysteem. 1.4. De begroting is opgesteld conform de richtlijnen van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV).
Versie 2018/10
Pagina 5 van 8 De begroting is opgesteld conform voorschriften BBV en voldoet aan de wettelijke eisen. 1.5. Er wordt voldoende aandacht besteed aan nieuwe ontwikkelingen en risico's in het veiligheidsdomein, die vragen om een flexibele invulling van de rol van de VRZL. Afgelopen jaar is landelijk wederom beroep gedaan op de veiligheidsregio’s bij langdurige crises en grote maatschappelijke opgaven zoals de organisatie en coördinatie van noodopvang voor Oekraïense vluchtelingen, crisisnoodopvang van asielzoekers en andere voorzieningen. Zaken die het ministerie zal vergoeden, maar die wel moeten worden georganiseerd én voorgefinancierd. Dat levert een risico op, naast de ‘reguliere’ inzet in een maatschappij die onder druk staat op diverse gebieden (o.a. arbeidsmarkt en milieuvraagstukken). Daartoe zijn binnen de VRZL afspraken gemaakt en is in een projectorganisatie uitvoering gegeven aan deze taken. Desondanks: (taken van) veiligheidsregio’s blijven onderhevig aan (o.a. maatschappelijke en technologische) ontwikkeling, waarmee ook de VRZL rekening houdt. NB: Periodiek worden gemeenten geïnformeerd over de realisatie. Daar waar risico’s zich voordoen met een financieel effect, hebben deze altijd een plek en behandeling in de bestuurlijke cyclus VRZL. 1.6. De begroting heeft geen grote afwijkingen.
Daarnaast is het bestuur is continu op de hoogte gehouden van de (mogelijke) impact van (financiële) risico’s op de VRZL. Daardoor kunnen gemeenten vanuit risicosimulatie ook rekening houden met een noodzakelijke verhoging van de bijdragen die inhoudelijk ook goed verklaarbaar is. Zo kunnen wij de financiële impact ook transparant vertalen in onze eigen begroting en jaarstukken. 2.1. Stabilisatie van de structurele bijdrage van gemeenten aan de VRZL is van belang, dus er dient blijvend gekeken te worden naar bezuinigingen mits de bedrijfsvoering en de veiligheid van inwoners niet in gevaar komt. De begroting, de bijdragen van gemeenten en het weerstandsvermogen van de VRZL in lijn met de realiteit houden is van belang in relatie tot de gemeentelijke financiële perspectieven vanaf Ravijnjaar 20026. Door de VRZL is daarom zeer kritisch gekeken naar alle bezuinigingsmogelijkheden, waarmee een ruime 3% structureel wordt behaald. Echter, gezien de waarschuwing over toekomstige ontwikkelingen en onzekerheden (economisch, maatschappelijk en landelijk politiek) met mogelijk negatieve financiële impact, is de oproep om aanvullend te bezuinigen enkel verstandig onder voorwaarden. Desondanks blijven we streven naar de indicatieve taakstelling voor GR’en van 5%. 2.2.
De voorgestelde bezuinigingen leveren vooralsnog geen zeer grote risico’s op, maar het is belangrijk te bewaken dat ook de voorgestelde bezuinigingen niet tot ongewenste effecten leiden. Ten aanzien van de organisatiebrede bezuinigingen wordt in de toelichting van de VRZL aangegeven dat er vanuit de programma’s Brandweerzorg, Crisisbeheer en Rampenbestrijding en Bedrijfsvoering een structurele bezuiniging kan worden geleverd met een maximale omvang van € 756.000. Deze bezuinigingen hebben betrekking op o.a. verduurzaming, compressoren, kleding, personeel meldkamer, inhuur, advieskosten, gebruik externe locaties, software, opleidingen algemeen en centrum voor vakmanschap (CVV). Daarbij wordt aangegeven dat dit op sommige vlakken ‘pijn gaat doen’ binnen de organisatie, maar zal dit nog geen zeer grote risico’s voor de bedrijfsvoering opleveren. Zo heeft de directie besloten het formatieplan 2025 voor 2026 te bevriezen. Dat betekent dat de werkzaamheden in de basis niet met minder personeel worden gedaan maar het betekent ook dat er geen ruimte is voor uitbreiding van de bestaande formatie en dat bij
Versie 2018/10
Pagina 6 van 8 aanvullende taken of projecten keuzes gemaakt dienen te worden over wat wel en wat niet mogelijk is. De impact is met name dat doelstellingen in een later stadium worden bereikt dan nu voorzien, aangezien ook vanuit de landelijke bezuiniging op veiligheidsregio’s de noodzaak bestaat om ontwikkelingen te vertragen vanwege het ontbreken van de benodigde financiële middelen. Het blijft daarom wel belangrijk om te blijven kijken naar de impact van de bezuinigingen en te bewaken dat deze niet tot ongewenste effecten leiden; daarom is dit ook als voorwaarde opgenomen. 2.3. De indicatieve bezuinigingsopgave van 5% is niet volledig behaald, maar met oog op een robuuste crisisorganisatie en kwalitatief goede brandweerzorg is het van belang elke nieuwe bezuinigingsmogelijkheid opnieuw af te wegen tegen risico’s en kwaliteit van diensten van de VRZL en bestuurlijk te bespreken. Te allen tijden is het van belang de kwaliteit van diensten leidend te laten zijn in plaats van financiële (on)mogelijkheden, zeker wanneer het de zorg voor onze inwoners tijdens rampen en crises betreft. Aan de VRZL wordt daarom gevraagd om geen verder risico te lopen met nieuwe mogelijke bezuinigingen en deze goed af te wegen.
Mocht blijken dat er toch nog een bezuiniging kan worden gerealiseerd die geen grote risico’s met zich meebrengt, vragen we deze alsnog bestuurlijk te bespreken en na positief besluit ook door te voeren om de indicatieve minimale 5% aan bezuinigingen uit de oorspronkelijke bezuinigingsopdracht te realiseren. Tegenargumenten en risico’s n.v.t. Kosten en dekking Programma Veiligheid en Kernthema Crisisbeheer Kostenplaats 60110002 Brandweer Zuid-Limburg en 60110003 Bijdrage GHOR Het financiële effect van de begroting incl. bezuiniging van de VRZL wordt meegenomen en verwerkt in de begroting 2026 van de gemeente Heerlen. Begroting 2026 In de ontwerpbegroting GR VRZL is enkel indexering toegepast. Er is slechts rekening gehouden met wijzigingen waarop de VRZL geen invloed of weinig keuze heeft. Uitwerking bezuinigingsopdracht VRZL Deze bezuinigingen zijn nu niet meegenomen in de ontwerpbegroting. Zodra deze bezuinigingen na definitieve besluitvorming worden doorgevoerd resulteert dit in een structurele verlaging van de algehele gemeentelijke bijdrage van 3,02%. Voor Heerlen komt dit neer op een structureel bedrag €255.688. De bijstelling zoals hieronder opgenomen wordt meegenomen in de begroting 2026.
Communicatie
Versie 2018/10
Pagina 7 van 8 Het besluit met betrekking tot de zienswijze wordt schriftelijk aan de VRZL medegedeeld op 25 juni 2025. Evaluatie Niet van toepassing. Planning, procedure en uitvoering De gemeenteraad is in de aanbiedingsbrief (bijlage 1) verzocht om voor 23 juni 2025 een eventuele zienswijze in te dienen*. Na raadsbesluit op 25 juni 2025 wordt de zienswijze van de gemeenteraad van Heerlen direct aan de VRZL medegedeeld. Deze zienswijze is op tijd voor de (voorbereiding van de) definitieve besluitvorming in de vergadering van het Algemeen Bestuur VRZL op 4 juli 2025. In de statuten van de VRZL is bepaald dat in het AB besluiten worden genomen bij meerderheid van stemmen. *Omdat de raadsvergadering twee dagen later plaatsvindt dan de in de brief genoemde reactietermijn, is hiertoe positieve afstemming gevonden met de VRZL.
Bijlagen 0. Aanbiedingsbrief Begroting 2026 VRZL 1. Conceptbegroting 2026 VRZL (voor zienswijze) 2. Uitwerking van een mogelijke bezuinigingsopdracht VRZL om gevolgen ravijnjaar 2026 voor deelnemende gemeenten te beperken (voor zienswijze)
Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Heerlen, de burgemeester,
de secretaris a.i.,
drs. R. Wever
drs. R. van Wuijtswinkel
Versie 2018/10
Pagina 8 van 8
Raadsbesluit
De raad der gemeente Heerlen; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. documentnummer ; gezien het advies van de raadscommissie; besluit:
Aldus besloten tijdens de vergadering van de raad van de gemeente Heerlen van
de voorzitter,
de griffier,
drs. R. wever
drs. T.W. Zwemmer
Versie 2018/10