Nagekomen schriftelijke vragen OPH1
Tekst van het document
Fractie OPH
Vraag
1) Ik vind dat wij als Gemeenteraad steeds minder informatie krijgen mbt de begroting, zodat het steeds moeilijker voor de Raad wordt om een duidelijk beeld te krijgen van wat er gaat gebeuren en gaat veranderen. In een ordentelijke begroting dient er een duidelijk cijferoverzicht te zijn dat laat zien hoeveel waaraan uitgegeven gaat worden en welke inkomsten en investeringen er sprake is. Wel nu, in deze begroting is dat bepaald niet het geval!
Antwoord Wij nemen uw feedback mee met het opstellen van de P&C producten.
Wij krijgen per kernthema een tekstueel verhaal, weliswaar op basis van de 3xW-vragen, maar bijna altijd zonder cijfers, zodat niet duidelijk wordt hoeveel waaraan uitgegeven gaat worden en het overzicht van baten en lasten is wel erg globaal; vaak worden alleen de totalen op kernthema-niveau aangegeven. Bij investeringen is dat wat meer gedetailleerd, maar ook nog globaal. Zo wordt bijvoorbeeld een prachtig verhaal verteld mbt het erfgoed en het feit dat wij in 2925 het jaar van het Heerlens erfgoed gaan vieren. Prima, maar nergens word vermeld wat dat mag kosten en hoeveel wij dus hieraan gaan uitgeven. Maar dit probleem doet zich in bijna alle programma’s en kernthema’s voor. Wellicht het kernthema Centrum uigezonderd. Op deze wijze kan de Raad zich dus niet een duidelijk beeld vormen van de begroting! Wat wel goed is dat de structuur van 3 x W (wat willen bereiken, wat gaan wij daarvoor doen en wat mag dat kosten?) hanteren en dat er beleidsindicatoren genoemd worden, hoewel dit ook niet helemaal consequent gebeurt en zoals gezegd, de teksten moeten wel met cijfers aangevuld worden, zodat ook de vraag wat het gaat kosten, beantwoord wordt. Overigens wel mijn complimenten voor het feit dat nu wel de klimaatbegroting opgenomen is. Vermeld deze echter ook in de inhoudsopgave, net zoals de financiele kengetallen (blz 158)! OPH
2) Dus mijn eerste vraag luidt; hoeveel gaan wij uitgeven aan het Jaar van het Heerlens erfgoed 2025 (blz 72,73)?
Bij de zomernota 2024 hebben wij de gelden van cultuur incidenteel opnieuw gealloceerd. Hierdoor hebben wij een incidenteel bedrag voor het jaar van het erfgoed beschikbaar van € 750.000. In de zomernota is dit bedrag terug te vinden in de posten, jaar van het erfgoed (€ 250.000) en het resterende bedrag van € 500.000,- maakt onderdeel uit van de post herverdeling budgetten
cultuur ( € 560.000). (Toezegging 3310 De commissie ontvangt schriftelijk antwoord op de vraag wat het verschil veroorzaakt in het bedrag m.b.t. het jaar van het erfgoed in het kernthema Cultuur en het kernthema Cultuur en erfgoed (Zomernota 2024).)
OPH
3) Bij het kernthema Jeugdzorg (blz 85-86) mis ik de verwachte tegenvallers en verliezen bij JenS en Xonar, zowel in tekst als in cijfers. Wat heeft ons dat al extra gekost en wat gaat dit nog kosten? Daarbij komen ook nog de structurele extra kosten mbt de ‘vergeten’ jeugdconsulenten. Wat gaat dat structureel kosten?
Het is niet in de begroting van 2025 opgenomen aangezien we de budgetten in 2024 gereserveerd hebben. In 2024 is al budget uitgegeven i.h.k.v. het jaar van erfgoed. Het resterende bedrag wordt meegenomen naar 2025. Op pagina 86 zijn voor Kernthema Jeugdzorg van tabel 1 cijfers opgenomen.
Onze incidentele bijdrage aan XONAR voor een bedrag van € 2.577K is opgenomen in de jaarrekening 2023, en daarmee onderdeel van de lasten rekening 2023. Datzelfde geldt voor de meerkosten JENS over 2023 € 3.676, deze zijn eveneens onderdeel van de € 63.328K lasten 2023. De meerkosten JENS 2024 zijn niet opgenomen in de Bijgestelde begroting 2024. In de forecast van de novembernota die momenteel wordt voorbereid worden deze meerkosten JENS meegenomen. De jeugdconsulenten zijn in 2024 afgedekt uit de begrotingspost Onvoorzien. De autonome ontwikkelingen kunnen wij slechts beperkt beïnvloeden met maatregelen. Zo blijft de situatie rond de (basishulp) jeugd een aandachtspunt, dit is ook landelijk de situatie. We verwijzen u naar de meest recente raadsinformatiebrieven van 8 en 15 oktober 2024 waarin we hebben aangegeven welke acties zijn en worden ingezet. Er wordt aangenomen dat er in 2025 compensatie van het Rijk komt, maar financieel wordt voorzichtigheid betracht in latere jaren. Vanaf 2026 hebben wij vooralsnog (in afwachting op uitkomst acties zie RIB) een bijstelling van € 5.140K meegenomen. (€ 4.140K meerkosten JENS en € 1.000K jeugdconsulenten).
OPH
4) Wat is het meest recente percentage ziekteverzuim bij de
Het verzuimpercentage over januari tot en met
gemeente en hoeveel kost ons dat per jaar ongeveer?
oktober 2024 is 6,58%. Schatting van de doorbetaalde loonkosten in verband met verzuim (op basis van loonpeil 2023): Ziekte is er altijd en wij streven naar een verzuimpercentage van maximaal 5%. Deze kosten verdisconteren wij in ons beleid en onze begroting. Het percentage daarboven sturen wij op. Dat willen en moeten wij. Ten opzichte van het landelijk gemiddelde komen wij tot de volgende conclusie. Het gemiddelde verzuimpercentage in gemeenten 50.000-100.000 in de eerste helft van 2023 (A&O fonds) is 6,2%. De gemeente Heerlen zit hier met 7,27% (voor 2023) een procentpunt hoger. Dit betekent dat de gemeente ongeveer 760.000 euro meerkosten heeft dan de gemiddelde gemeente van dezelfde omvang.
OPH
5) Om welk bedrag Gat het nu bij ouderenbeleid? Om de €672.000 uit het schema van blz 78 of om het bedrag vam € 340.000 op blz 79? Waarin zit het verschil?
In het schema op pagina 78 zijn de lasten 2025 opgenomen, voor kernthema integraal ouderenbeleid bedragen deze € 672.000. Op pagina 79 is het saldo van de baten en lasten opgenomen, voor 2025 kernthema ouderenbeleid bedragen deze € 340.000. Vanuit de specifieke uitkering GALA ontvangen we binnen kernthema ouderenbeleid € 332.000 in 2025.
OPH
6) Nergens wordt meer de ambitie van worden van de Culturele hoofdstad genoemd? Betekent dit dat deze doelstelling inmiddels losgelaten is? Wat heeft ons dit tot nu toe gekost?
De ambitie is onverminderd en er wordt in stad en regio veel draagvlak ervaren maar de financiële omstandigheden zijn door Haagse keuzes wel verslechterd. Een definitief besluit over de kandidatuur voor Culturele Hoofdstad is in voorbereiding. De kosten die tot op heden zijn gemaakt in het kader van culturele hoofdstad zijn de formatiekosten van de kwartiermaker Culturele Hoofdstad die binnen de gemeentelijke organisatie is belegd. De medewerker heeft naast deze taak overigens ook andere werkzaamheden. Daarnaast hebben we vorig jaar advies ingewonnen bij een adviseur die nauw betrokken is bij verschillende trajecten in het kader van Culturele Hoofdstad, ook is hij een paar dagen in Heerlen geweest. De kosten hiervan waren €5000,-
OPH
7) Nergens is te lezen wat ons het programma Heerlennoord gekost heeft en welke bedragen daarvoor begroot
De begroting van de gemeente Heerlen is niet gebiedsgericht opgebouwd. Dat wil zeggen dat
OPH
staan? Hoeveel is dat? De tekst is trouwens hetzelfde als die van vorig jaar. Is er dan niets gebeurd en veranderd?
reguliere budgetten voor de hele stad beschikbaar zijn en daar ingezet worden waar dat – vanuit beleidsoogpunt - het meest noodzakelijk wordt geacht. Voor het Nationaal Programma Heerlen-Noord is gekozen voor een financiële rapportage waarbij per programmalijn duidelijk wordt wat de bijdrage is van de gemeente Heerlen en de overige alliantiepartners. Deze rapportage geeft inzicht in de beschikbare additionele budgetten voor Heerlen Noord (zie bijgaand overzicht Fin. Kader 2024 jaarplan NPHLN".
8) Zijn de verwachte kosten en benodigde investeringen mbt het nieuwe centrumbad bekend? Ook deze ontbreken. Sterker nog, er wordt nauwelijks een woord hieraan gewijd. De enige passage is te vinden op blz 124, daar waar sprake is van ‘voorbereiding van het stadsbad’.
In de begroting zijn thans de bedragen voor 2025 en 2026 opgenomen die gebaseerd zijn op het raadsvoorstel voor het stadsbad uit 2021 (BWV21001190). Samen met de historische kosten tellen deze op tot het bedrag uit het raadsvoorstel uit 2021. In juni 2024 heeft de raad besloten de locatie aan de Laanderstraat met de Franciscus van Assisi-kerk aan te wijzen als dé locatie voor het stadsbad. De verdere uitwerking inclusief de benodigde middelen en de exploitatiekosten worden thans onderzocht. Een voorstel voor het volledige investeringskrediet zal in het voorjaar aan de raad worden voorgelegd.
Tabel 1